IIIde Legerkorps

Situatie op 10 mei 1940

Reglementaire benaming IIIde Legerkorps | III/LK
IIIème Corps d’Armée | III/CA
Type Infanteriekorps
Bevelhebber Luitenant-generaal Joseph de Krahe
Stafchef Majoor SBH Fernand Colsoulle
Onderstafchef Majoor SBH Dieudonné Dejardin
Verbindingsofficier Groot Hoofdkwartier Kapitein SBH R. Ghysen
Commandant Artillerie Generaal-majoor Albert Jadot
Commandant Genie LK Kolonel Iwan Beaupain
Commandant Genie VPL Kolonel SBH Maurice Oudenne
Commandant Luchtvaart Majoor vlieger Auguste Damblon
Commandant Transportkorps Kolonel Edmond Lefebvre
Commandant Gezondheidsdienst Geneesheer Kolonel Jacques Disclez
Commandant Paardenartsenijdienst Dierengeneesheer Luitenant-kolonel Henri Tihange
Standplaats Versterkte Positie Luik
Commandopost in de Citadel te Luik
Organieke Eenheden Hoofdkwartier
  Compagnie Administratie (Luitenant Constant Leburton)
  2de Infanteriedivisie
  3de Infanteriedivisie
  23ste Bataljon Genie
  23ste Bataljon Transmissietroepen
  15de Regiment Artillerie
  Geneeskundig Korps III/LK Staf (Med LtKol Emile Claes)
    Geneeskundige Versterkingscompagnie (Med 1Kapt Georges Oury)
    1ste Legerkorpsambulance (Med Lt J. Daenen)
    2de Legerkorpsambulance (Med 1Kapt Jacques Biquet)
    Geneeskundige Ambulance (Med Maj Robert Schuermans)
    Lichte Heelkundige Ambulance (Med 1Kapt Georges Cambresier)
    Hygiënetrein (Med 1Kapt Georges Pirson)
  Intendance III/LK Staf 
    Compagnie Intendance (Lt Janssens)
  Transportkorps III/LK Staf (Cdt C. Kosmant)
    1ste Autopeloton voor Artilleriemunitie (1PAMA) (Lt F. Mathot)
    2de Autopeloton voor Artilleriemunitie (2PAMA) (Lt G. Bodeux)
    Autopeloton voor Ravitaillering (PARa) (Kapt G. Gourlez de la Motte)
    Autopeloton voor Materieel (PAMat) (Lt Lucien Barbier)
    Atelier voor Herstelling van het Wagenpark (ARCA) (Lt R. Collin)
    Atelier voor Herstelling van het Materieel (ARM) (Lt N. Van Dantzig)
    Ontsmettingscompagnie (Lt P. Bonjean)
  Compagnie Luchtafweermitrailleurs III/LK (Lt E. Renette)
  Provoost (Majoor Ferdinand Coppenolle)
Tijdelijke Eenheden Regiment Vestingsartillerie Luik
  3de Batterij Artillerie Meetdienst
  1ste Regiment Lansiers
  1ste Regiment Grenswielrijders
  2de Regiment Grenswielrijders
  4de Regiment Karabiniers-Wielrijders
  VIIde Bataljon Speciale Vestingseenheden
  Wielrijderseskadron der 11de Infanteriedivisie
  IIIde Groep 1ste Luchtvaartregiment

IIIde Legerkorps
Het IIIde Legerkorps (III/LK) is een legerkorps van het actief leger wiens hoofdkwartier (HK) zich in vredestijd in de Kazerne Ruiter Fonck te Luik bevond. Voor de mobilisatie had het III/LK het commando over twee actieve infanteriedivisies; de 3de Infanteriedivisie (3Div) die zijn hoofdkwartier in de Chartreusekazerne te Luik had en de 4de Infanteriedivisie (4Div) die zijn hoofdkwartier in de Herkenrodekazerne te Hasselt had. Volgens de oorlogsplannen is het III/LK voorbestemd om de leiding te nemen van de verdediging van de Versterkte Positie Luik (oftewel Position Fortifiée de Liege – PFL). Het III/LK wordt bevolen door Luitenant-generaal Joseph de Krahe die niet alleen bevelhebber van het III/LK is, maar in cumul ook de commandant van de Versterkte Positie Luik (oftewel Position Fortifiée de LiègePFL) en commandant van de 3de Militaire Circonscriptie (3MilCir), een territoriaal commando.

Maak gebruik van onderstaande menubalk om de veldtocht van het hoofdkwartier en de verschillende organieke eenheden van het legerkorps te raadplegen.

LegerkorpsstafGeneeskundig KorpsIntendance, Transportkorps, Cie LuchtafweermitrailleursProvoost

Tijdens de mobilisatie

Het hoofdkwartier van het IIIde Legerkorps stond opgesteld in de citadel van Luik.

HK III/LK
De staf van het IIIde Legerkorps (III/LK) wordt op 26 augustus 1939 gemobiliseerd in de Kazerne Ruiter Fonck te Luik. De staf installeert zich enkele dagen later in de Citadel van Luik op de linker Maasoever. Het III/LK speelt een sleutelrol bij de verdediging van België in het geval van een aanval vanuit Duitsland en staat opgesteld langs de Dekkingsstelling ter hoogte van de stad Luik. De legerkorpsen opgesteld langs de Dekkingsstelling zijn ook verantwoordelijk voor het beveiligen van het gebied tussen de Belgisch-Nederlandse grens, de Belgisch-Duitse grens en de Dekkingsstelling. Hiervoor dienen ze enkele alarmposten langs de grens en een gedeelte van de Vooruitgeschoven Stelling te bemannen. Het III/LK dient bijgevolg een zeer grote korpszone te bezetten. De verdediging van korpszone omvat drie opdrachten:

A. Bezetten van de Alarmstelling langs de Belgische oostgrens tussen Lixhe via Teuven en Gemmenich tot Losheimergraben. Deze taak wordt uitgevoerd door een beperkt aantal detachementen:

  • Langs de oostrand van de korpszone van het III/LK liggen 32 alarmposten (oftewel Poste d’Alerte – PA) bezet door een ploeg bestaande uit één korporaal en drie soldaten.  Elk van deze posten bemant een versterkte schuilplaats en beschikt over een telefoonaansluiting en een noodzender met vier langspeelplaten met vooraf opgenomen alarmmeldingen.
  • Deze alarmposten worden aangevuld met 6 officiersverkenningen (oftewel Reconnaissance Officier – RO) bestaande uit één officier en een twaalftal manschappen.  Deze ploegen hebben een mobiele bewakingstaak langsheen vooraf bepaalde verkeersaders en tussen de alarmposten.
  • De Rijkswacht patrouilleert eveneens langsheen de grens vanuit een tiental vaste posten (oftewel Poste Fixe – PF) en onderzoeksposten (oftewel Poste d’ExamenPE).  Vaste posten laten geen grensverkeer toe, terwijl dit bij onderzoeksposten wel mogelijk is mits controle van de voertuigen.
  • Vervolgens verzekeren talrijke vernielingsploegen de wacht bij ondermijnde spoorwegen, verkeersknooppunten, bruggen en viaducten.
  • Ook bevinden zich in de militaire en gemilitariseerde burgerlijke telefooncentrales detachementen van de transmissietroepen.
  • De lokale brigades van de Territoriale Rijkswacht zijn eveneens actief in het grensgebied.  De Rijkswacht van het kanton Gemmenich staat bovendien in verbinding met de Nederlandse grenstroepen die Zuid-Limburg bewaken zodat het IIIde Legerkorps tot op zekere hoogte een beeld heeft van de grensactiviteit bij onze noorderburen.

De coördinatie van deze surveillance activiteiten verloopt via twee Vooruitgeschoven Inlichtingencentra (oftewel Centre de Renseignements Avancé – CRA) [1]; het CRA Trois-Ponts en het CRA Fléron.  Deze centra worden geleid door een stafofficier van het 2de Bureau (Inlichtingen) van het III/LK.

B. Bezetten van de Voortuitgeschoven Stelling vanaf de Voerstreek in het noorden tot aan Stavelot in het zuiden. Op de Vooruitgeschoven Stelling moet de vijand gedurende minstens 24 uur vertraagd worden zodat de eenheden opgesteld achter de PFL II-Linie de tijd krijgen hun stellingen in te nemen en te organiseren. In de korpszone loopt de Vooruitgeschoven stelling van Buesdael over Hombourg, Henri-Chapelle, Limbourg, Jalhay, Hockai, Francorchamps tot Meiz. In het noorden wordt ze bezet door het 1ste Regiment Grenswielrijders (1CyF) en in het zuiden door het 1ste Regiment Lansiers (1L).

C. Verdediging van de Versterkte Positie Luik (Position Fortifiée de Liège oftewel PFL). De Versterkte Positie Luik is te beschouwen als een soort bruggenhoofd op de oostelijke Maasoever, een uitstulping van de Dekkingsstelling langs de oostrand van de stad Luik. De verdediging van de oevers van Maas dwars door Luik zou enkel betekenen dat de stad in geval van een nieuwe oorlog weerom volledig vernield zou worden. Daarom werd de verdediging van de stad Luik opgeschoven naar het landelijke gebied ten oosten van de stad. De laterale grenzen van deze verdedigingsgordel rondom Luik worden gevormd door Lixhe in het noorden en Comblain-au-Pont en Engis in het zuiden. De Versterkte Positie Luik bestaat uit vier linies:

  • Het verst buiten de stad ligt de PFL I-Linie over een lengte van ongeveer 50Km tussen Visé en Comblain-au-Pont met de drie nieuwe forten van Aubin-Neufchateau, Battice en Tancrémont, aangevuld met 179 betonnen bunkers. Tussen de forten van de PFL I-Linie worden geen gevechtseenheden opgesteld.
  • De PFL II-Linie is ongeveer 28Km lang en loopt van Barchon tot Boncelles. Op deze linie zullen bij een vijandelijke inval de 2de Infanteriedivisie (2Div) en de 3de Infanteriedivisie (3Div) post vatten. De linie omvat de vernieuwde forten van Barchon, Evegnée, Fléron, Chaudfontaine, Embourg en Boncelles aangevuld met 61 betonnen bunkers in twee echelons.
  • De PFL III-Linie bestaat uit drie steunpunten op de rechteroever van de Maas te Visé, Argenteau en Jupille-Renory. Te Visé zijn 19 bunkers gebouwd, waarvan 4 met een C47 anti-tankkanon. Het steunpunt te Argenteau bestaat uit 10 bunkers, waarvan 2 met een C47, en het steunpunt te Jupille telt 13 bunkers, waarvan 8 over een C47 beschikken.
  • De Maas wordt gedekt door de PFL IV-Linie die op de forten van Flémalle en Pontisse kan rekenen en bestaat uit 31 bunkers aan de oever van de Maas tussen Flémalle en Lixhe, 9 bunkers aan het Albertkanaal tussen Coronmeuse en Ternaaien en 10 bunkers tussen het fort van Pontisse en Ternaaien.
Opstelling van het III/LK in en rond de Versterkte Positie Luik.

Opstelling van het III/LK in en rond de Versterkte Positie Luik [2].

Voor de verdediging van de Provincie Luik beschikt het III/LK het korps op 09 mei over het equivalent van 29 gevechtseenheden (infanterie, wielrijders en cavalerie) ter grootte van een bataljon, een aanzienlijke slagkracht. In totaal bevinden 20 bataljons zich ten oosten van de Maas en 9 bataljons ten westen van de stroom. De organisatie voor het gevecht is als volgt:

  • Vooruitgeschoven Stelling (5 bataljons):
  • Dekkingsstelling langs de PFL II-Linie (14 bataljons):
    • Sector Maas-Stroomafwaarts (Meuse-Aval) Lixhe-Pontisse: 4 bataljons samengebracht in de Groepering Gits
      • 2de Regiment Grenswielrijders, minus het Iste Bataljon dat als reserve van het legerkorps dient
      • VIIde Bataljon Speciale Vestingseenheden
      • Iste Bataljon van het 6de Linieregiment
      • 2de Compagnie van het 23ste Bataljon Genie
      • Iste Groep van het 3de Regiment Artillerie, de 8ste Batterij van het 15de Regiment Artillerie, een Ob75 van het fort van Pontisse en de kazemat Visé 2 van het fort van Eben-Emael
    • Sector Chertal-Chaudfontaine: 3de Infanteriedivisie
    • Sector Chaudfontaine-Engis: 2de Infanteriedivisie
    • Sector Maas-Stroomopwaarts (Meuse-Amont): 3 bataljons
      • Iste Bataljon van het 5de Linieregiment
    • Sector Ourthe tussen Tilff en Comblain-au-Pont: 2 bataljons
  • Reserve van het Legerkorps (1 bataljon):
    • Iste Bataljon, 2de Regiment Grenswielrijders (I/2CyF)

HK III/LK
Tijdens de vooravond van 9 mei verwittigt Kapitein SBH Lallemand, chef van het 2de Bureau (inlichtingen) om 18u30 een eerste keer de stafchef, Majoor SBH Colsoulle, dat verschillende detachementen langsheen de oostgrens verontrustende troepenbewegingen op Duits grondgebied melden.  Colsoulle bespreekt dit met LtGen de Krahe, die besluit dat het nog te vroeg is om maatregelen te nemen.  Ook wanneer de alarmposten van Gemmenich en Losheimergraben rond 20u00 verdachte motorgeluiden melden, wordt alleen het Groot Hoofdkwartier (GHK) op de hoogte gebracht.  De berichten blijven echter aanhouden, zodat de legerleiding om 22u45 beveelt dat het IIIde Legerkorps de staven van al zijn eenheden het vooralarm dient te geven.  Een goed half uur later bevestigt Generaal-majoor Derousseaux van het GHK dat alle eenheden van het III/LK tegen de ochtend van 10 mei op hun gevechtsposities moeten geplaatst worden.

Vervolgens wordt de staf van het IIIde Legerkorps om 23u20 als één der eerste grote eenheden van het veldleger in staat van alarm gebracht.  Alle eenheden moeten nu onmiddellijk ontplooid worden, en moeten starten met het uitvoeren van de prioritaire vernielingen op het vernielingsplan.  De forten van het Vestingsregiment van Luik (RFL) dienen hun geschutskoepels en kazematten te bemannen.  De 3de Directie van de Genie en de Versterkingen moet het waterpeil op het oostelijke deel van het Albertkanaal op volle hoogte brengen.

Talrijke alarmposten langsheen de grens maken dan reeds gewag van verontrustende geluid- en lichtwaarnemingen op het Duitse grondgebied.  Om 03u00 bevestigt het GHK dat het Duitse leger het Groot-Hertogdom Luxemburg binnengevallen is.  Tegen 04u15 verneemt het III/LK dat ook het Belgisch territorium aangevallen is nabij Gemmenich.   In het hierop volgende kwartier loopt ook het nieuws binnen dat er een luchtlanding aan de gang is op het Fort van Eben-Emael.  Dit wordt gevolgd door meldingen van luchtlandingen nabij Kanne, Vroenhoven en Veldwezelt.

De vijand valt intussen op meerdere locaties het land binnen.  De alarmposten voeren de voorgeschreven vernielingen uit en trekken zich terug naar de Vooruitgeschoven Stelling waar het 1CyF en het 1L postgevat hebben.   Wanneer alle grensdetachementen binnengelopen zijn, zal de Vooruitgeschoven Stelling verlaten worden. Het 1CyF dient zich vervolgens te Liers te hergroeperen, terwijl 1L te Grâce-Berleur zal samengebracht worden.

Ondertussen wordt het hoofdkwartier van het III/LK in twee echelons gesplitst:

  • Het Eerste Echelon (1ste Ech) omvat LtGen de Krahe en zijn stafchef, het 1ste Bureau (Operaties), 2de Bureau (Inlichtingen), het Commando van de Artillerie, het Commando van de Luchtvaart en het Peloton Verdediging.  Deze groepering werkt in de commandobunker op de Citadel.
  • Het Tweede Echelon (2de Ech) bestaat uit het 3de Bureau (Personeel), 4de Bureau (Bevoorrading), en het Commando van de Gezondheidsdienst.  Deze groepering verhuist naar Awans-Bierset.  De staf verblijft op het kasteel van de familie van baron Delaunoy.  Het Commando van de Gezondheidsdienst krijgt onderdak in de Ecole Saint-Joseph aan de Rue Clément Warrant te Awans.  De keuken wordt ondergebracht aan de Rue des Ecoles 4.
  • Het Commando van de Genie blijft op de kazerne Fort de la Chartreuse.
  • LtGen de Krahe is in cumul ook bevelhebber van de 3de Militraire Circonscriptie het gebied Luik en Limburg omvat.  Het Militair Auditoraat verhuist naar het Chateau de Waroux tussen Alleur en Xhendremael.

Tijdens de ochtend komt er onheilspellend nieuws vanuit de zone van het Iste Legerkorps (I/LK) dat opgesteld staat achter het Albertkanaal ten noorden van het III/LK.  Na de luchtlandingen te bij de 7de Infanteriedivisie (7Div) te Kanne, Vroenhoven en Veldwezelt zijn de Duitsers erin geslaagd om op de twee laatste locaties de bruggen over het Albertkanaal te veroveren.  Ook het fort van Eben-Emael meldt dat verschillende geschutskoepels door parachutisten uitgeschakeld zijn. Tegen de avond zullen de bruggen te Vroenhoven en Veldwezelt overschreden zijn, en zal de vijand de 7Div aangeklampt hebben over de ganse breedte van de divisiesector.  De weg naar Tongeren zal openliggen.

Omdat de Versterkte Positie Luik vanuit het noordwesten dreigt omsingeld te worden besluit het Groot Hoofdkwartier al tijdens de late namiddag van 10 mei dat de posities van de PFL II-Linie ten oosten van de stad niet kunnen behouden worden door het III/LK.

Het oppercommando wil het risico van een omsingeling niet nemen en geeft om 20u00 het bevel om de oostelijke oever van de Maas versneld te ontruimen, met uitzondering van de forten. Om 21u30 worden de divisiecommandanten door het HK het IIIde Legerkorps gebriefd over de nieuwe opstelling die tijdens de nacht van 10 op 11 mei zal worden ingenomen. De 3Div zal verplaatst worden om een nieuwe defensieve positie in te nemen op de linkeroever van de Maas vanaf Lixhe, over de stad Luik heen om vervolgens op de rechter Maasoever aan te sluiten bij de posities van de Groepering Keyaerts langs de Ourthe. Omdat de frontlinie hierdoor dermate ingekort wordt is de 2Div niet langer nodig voor de verdediging van Luik. De 2Div krijgt de opdracht om de PFL II-Linie zo snel mogelijk te ontruimen en zich naar de K.W. Stelling te begeven. De geplande nieuwe opstelling is als volgt:

  • De Groepering Gits blijft toegewezen aan de sector “Meuse-Aval” met een ongewijzigde samenstelling.  Het hoofdkwartier van de groepering blijft te Heure le Romain.
  • De 3de Infanteriedivisie zal zich op twee echelons installeren op de linkeroever van de Maas, tussen de sector Meuse-Aval en de monding van de Ourthe.  De divisiestaf zal zich in het Fort van Lantin opstellen.  De 3Div zal de I/3A bij de Groepering Gits laten, maar zal bijkomende vuursteun ontvangen van:
    • de Ob155 houwitsers van de Iste Groep en IIde Groep van het 15de Regiment Artillerie.
    • een batterij MVD58 loopgraafmortieren
  • Een groepering onder bevel van Generaal-majoor Robert Paret, Commandant Infanterie van de 2Div, wordt opgericht voor de verdediging van de sector Ourthe.  Deze nieuwe sector loopt langsheen deze rivier vanaf de monding tot Comblain-au-Pont.  Paret zal zijn commandopost installeren in het Fort van Boncelles en zal over de volgende eenheden beschikken:
    • 4de Regiment Karabiniers-Wielrijders
    • 1ste Regiment Lansiers minus het 1ste en het 2de Eskadron
    • IIde Bataljon van het 28ste Linieregiment
    • zes pelotons van de Iste Groep van het 2de Regiment Grenswielrijders voor de bewaking van de bruggen over de Maas tussen Frangnée (exclusief) en Engis (inclusief)
    • 11de Bataljon Genie
    • het geschut van de forten van Boncelles en Flémalle
  • Het hoofdkwartier van het III/LK behoudt de volgende eenheden als reservemacht voor het korps:
    • 1ste Regiment Grenswielrijders
    • Iste Bataljon van het 2de Regiment Grenswielrijders
    • 1ste Eskadron van het 1ste Regiment Lansiers
  • De legerkorpsartillerie blijft onder het bevel van commandant 15A
    • VI/15A zal vuursteun geven aan sector Meuse-Aval
    • IV/15A zal sector Meuse steunen
    • III/15A en V/15A zullen aangehecht worden aan sector Ourthe
  • Met uitzondering van de forten van Eben-Emael, Pontisse en Flémalle zullen de overige bolwerken onder het bevel blijven van het Vestingsregiment van Luik.
  • De luchtverdediging zal verzekert worden door de IIde Groep van het 1DTCA dat vanop stellingen te Hermée, Vottem en Grace-Berleur zal vuren.  De Territoriale Wacht voor Luchtafweer moet zijn vier secties inzetten voor de beveiliging van de nog intacte bruggen over de Maas.

De 2de Infanteriedivisie wordt doorgestuurd naar de K.W. Stelling, met uitzondering van het I/6Li dat op de sector Maas-Stroomafwaarts blijft en II/28Li dat aan de nieuwe Groepering Paret wordt toegevoegd.  Ook het 11de Bataljon Genie (11Gn), organiek geniebataljon van de 11de Infanteriedivisie (11Div), blijft voorlopig nog te Luik.

Ingang van de Chartreusekazerne op de oostelijke Maasoever te Luik waar zich het Commando Genie van het III/LK bevond

Commando Genie III/LK
Het Commando van de Genie van het III/LK bestaat uit 5 officieren, 2 onderofficieren en 18 manschappen en omvat een commando element en een tekenbureel.  Het wagenpark omvat 2 personenwagens, 1 bestelwagen, 3 motorfietsen en 2 fietsen.  Voorts is er nog Louise, het rijpaard van Kolonel Iwan Beaupain.  Adjudant Georges Wahis komt om 00u30 aan op het Fort de la Chartreuse en zorgt er voor dat de eenheid in staat van alarm gebracht wordt.  Hij stuurt ook een voertuig van de Compagnie Park van het 23ste Bataljon Genie (23Gn) de stad in om Beaupain op te halen.  De kolonel bereikt de Chartreuse tegen 03u30.  Zijn eerste bekommernis is de evacuatie van het zonedepot van het geniematrieel van het III/LK naar Ans.  Voorts wil hij ook contact opnemen met zoveel mogelijk detachementen van het 3Gn en het 23Gn, maar de communicatie verloopt bijzonder stroef en Kolonel Beaupain moet zich tevreden stellen met de hoop dat de detachementen op het terrein aan hun opdrachten bezig zijn.

Tijdens de voormiddag komt een detachement van het Franse leger aan op de Chartreuse.  Dit detachement wordt enige tijd later gevolgd door twee motorwielrijders van het Britse leger.  De bezoekers vertrekken echter kort nadien met onbekende bestemming.  Tegen de middag is de kazerne op de Chartreuse zo goed als volledig leeggelopen.  Ook het personeel van de kazernering vertrekt met het verontrustende bericht dat de Duitsers in Beyne-Heusay gesignaleerd zijn.  Adjudant Wahis vertrekt onmiddellijk per auto naar de korpsstaf op de Citadel, waar hij te horen krijgt dat zijn eenheid al lang in zijn alarmkantonnement in de Rue Walthère Jamar te Ans had moeten zijn.  Om 17u00 vertrekken Adjudant Wahis en de Soldaten Brion en Hipen met de bestelwagen naar Ans om een eerste lading documenten over te brengen.  De beide soldaten worden achtergelaten en Wahis keert met het voertuig terug naar de Chartreuse.

Op de Chartreuse arriveren in de late namiddag de vernielingsdetachementen van de  Sergeanten Pilette en Descamps van het 23Gn.  Dit groepje van een een tiental militairen en twee lichte vrachtwagens zal gedurende het merendeel van de veldtocht bij het commando van de genie blijven.

Commando Genie VPL
Het Commando van de Genie van het III/LK is ondergeschikt aan het Commando van de Genie van de Versterkte Positie Luik (VPL).  Dit laatste stafelement wordt bevolen door Kolonel SBH Oudenne, die eveneens directeur is van de 3de Directie van de Genie en de Versterkingen.  Na het alarm vertrekt Oudenne naar zijn oorlogscommandopost te Vottem.

HK III/LK
Vroeg in de ochtend worden drie bruggen over de Maas vernield.  Om 06u07 vliegt de brug van Ivoz-Ramet de lucht in, gevolgd om 06u25 door de spoorbrug te Val-Saint-Lambert en om 06u40 door de spoorbrug te Renory.  De overige bruggen tussen Argenteau in het noorden en Seraing in het zuiden blijven voorlopig nog intact, om aan de vijand de indruk te laten dat de rechteroever van de Maas nog steeds verdedigd wordt.  Om 09u00 besluit de korpsstaf echter om de helft van alle bruggen te laten vernielen.  De bevelhebber van de 3Div krijgt volmacht om de overige kunstwerken naar eigen inzicht te laten opblazen.  Dit zal tijdens de late voormiddag gebeuren. Op 11 mei moet het III/LK tot driemaal toe zijn dispositief wijzigen om hoofd te bieden aan de vijandelijke acties. Tijdens de dag worden volgende fases doorlopen:

A. Reorganisatie west van de Maas
Tijdens de nacht van 10 op 11 mei ontruimen de eenheden van het IIIde Legerkorps de PFLII linie. Na de reorganisatie is de situatie als volgt:

  • De 2Div verlaat in de vroege ochtend, gedekt door de duisternis van de nacht, zijn stelling op de PFL II-Linie en trekt terug over de bruggen van Wandre en Herstal naar de westelijke oever. Deze bruggen worden omstreeks 11u00 opgeblazen door de technische wachten van het 23ste Geniebataljon. De ganse 2Div, op twee infanteriebataljons na (I/6Li en II/28Li), zal na dit manoeuvre naar de K.W. Stelling geëvacueerd worden. De manschappen worden met autobussen en vrachtwagens van het Iste Bataljon van de Legerautogroepering (LAuGpg) vervoerd. De paardengespannen worden op de trein geplaatst.  De artillerie van de divisie zal in vier etappes langs de baan naar het westen reizen.
  • Met uitzondering van het Fort van Pontisse en het Fort van Flémalle, krijgen de forten de opdracht om de strijd verder te zetten zonder steun van de gevechtseenheden.  Pontisse en Flémalle die beiden op de linker Maasoever liggen staan onder het bevel van de 3Div.  Het Fort van Eben-Emael  bevindt zich in de korpszone van het Iste Legerkorps en staat dan ook onder operationeel commando van dit legerkorps en niet van de Staf van het Vestingsregiment van Luik.
  • De Groepering Gits bezet nog steeds de sector “Meuse-Aval”.
  • De 3Div neemt een nieuwe defensieve stelling in op de linkeroever van de Maas, tussen de sector Meuse-Aval en de monding van de Ourthe. De divisie installeert zich op twee echelons; het eerste echelon loopt van Chertal tot aan de Ourthe, het tweede echelon loopt ten westen van deze linie op het plateau dat over de Maas uitkijkt, tussen Grâce-Berleur en Liers. Het tweede echelon komt onder het bevel van Kolonel SBH Barthélemy, commandant van 1Li te staan. Het 1Li stelt zijn commandopost op te Alleur. De divisiestaf is ondergebracht in het oude Fort van Lantin.
  • De Groepering Paret verlengt de stelling van de 3Div langs de Ourthe tot Comblain-au-pont waar de verbinding wordt gemaakt met de stellingen van de Groepering Keyaerts. Langs de westelijke oever van de Ourthe worden van noord naar zuid het 1L(-), het II/28Li en het 4Cy opgesteld. Het 1ste Regiment Lansiers, dat zich nog op de westelijke Maasoever te Grâce-Berleur bevond zet zich om 02u30 in beweging richting Ourthe. Het regiment bereikt tegen 08u00 zijn nieuwe stelling bij de Groepering Paret.  De Iste Groep van het 2CyF levert zes pelotons ter verdediging van de bruggen over de rivier.
  • De mobiele reserve van het III/LK bestaat uit 1CyF dat zich te Liers bevindt, het I/2CyF in Alleur en het 1/I/1L dat zich klaar houdt te Grâce-Berleur.

B. Versterking van de noordwest flank
Het III/LK ziet terecht dat zijn noordelijke flank steeds meer bedreigd wordt. Om de flankdekking te verzekeren, stuurt het IIIde Legerkorps om 10u00 drie bataljons naar het noordwesten om post te vatten langsheen de Jeker, tussen het dorp Glons en het gehucht Pierreux ten oosten van Bassenge. Hiervoor worden het Iste en IIIde Bataljon van 1Li uit het tweede echelon gehaald om samen met III/1CyF van de korpsreserve over te gaan naar de Goepering Gits:

  • het Iste Bataljon van het 1ste Linieregiment wordt doorgestuurd naar Glons.
  • het IIIde Bataljon van het 1ste Linieregiment wordt naar Boirs bevolen.
  • het IIIde bataljon van het 1ste Regiment Grenswielrijders dient te Bassenge en Pierreux langsheen de spoorlijn stelling te nemen.
  • de formatie zal versterkt worden door de Compagnie Getrokken C47 van de 3de Infanteriedivisie die aan elk bataljon één van zijn drie pelotons zal toewijzen.
  • Kolonel SBH L. Barthélemy, commandant van het 1Li, zal deze formatie bevelen vanop de commandopost van de Groepering Gits te Heure-le–Romain.

De Groepering onder bevel van Kolonel SBH Barthélemy wordt rond het middaguur aangevuld met twee bataljons die westflank moeten verlengen en stelling nemen op de lijn Glons-Sluizen-Vreren. Het betreft twee bataljons uit de korpsreserve namelijk het:

  • Iste Bataljon van het 1ste Regiment Grenswielrijders
  • IIde Bataljon van het 1ste Regiment Grenswielrijders

Dit leidt tot een wijziging in de samenstelling van de korpsreserve die zal nu bestaan uit:

  • 1ste Eskadron van het 1ste Regiment Lansiers te Voroux-les-Liers
  • IIde Bataljon van het 12de Linieregiment te Voroux-les-Liers
  • 4de Compagnie van het 32ste Bataljon Genie te Fexhe-les-Slins

Omwille van de toenemende onrust over een mogelijke doorbraak uit het noordwesten wordt de fractie van het 1ste Regiment Lansiers dat onderdeel uitmaakt van de Groepering Paret om 13u00 teruggeroepen naar Juprelle om de linie langsheen de Jeker aan te vullen. Het 1L passeert voor de derde maal de Maas en begeeft zich naar Juprelle waar ze in reserve van het korps gehouden worden. Onderweg wordt de colonne van 1L zwaar gebombardeerd door de Luftwaffe en er worden zware verliezen geleden. De ontplooiing langsheen de Jeker draait uit op een fiasco. Het Duitse leger neemt geen risico’s en beschermt de flank van de 4de Panzerdivision (4(DEU)PzDiv) met alle mogelijke luchtmiddelen. Verscheidene Belgische formaties krijgen rake klappen door de Luftwaffe. Het directe effect van de luchtaanvallen is een mislukking van de in plaatsstelling van de flankbeveiliging. In plaats van langsheen de Jeker te ontplooien stellen de bataljons zich noodgedwongen op achter de Rue de Tongre tussen Hallembaye, Hautain-Romain en Hautain-Saint-Simeon om vervolgens vanaf Hautain-Saint-Siméon naar het zuiden af te buigen via Fexhe-les-Slins tot Juprelle. Elke poging om deze lijn te overschrijden wordt genadeloos afgestraft door de Duitse luchtmacht. Te Juprelle verliezen de lansiers en grenswielrijders heel wat manschappen en materieel. Ook elders worden verliezen geleden. Met de Duitse grondtroepen wordt enkel kortstondig contact gemaakt te Vreren door het I/1CyF. De Duitse hoofdkrachtinspaning ging vanuit Tongeren richting Hannuit en Gembloers. Naar het oosten toe werd enkel een flankbeveiliging opgesteld langs de Jeker tot Sluizen en vervolgens richting Vreren. Beide flankwachten zijn uit elkaars vaarwater gebleven.

C. Evacuatie van Luik
In de late namiddag beveelt het Groot Hoofdkwartier dat Luik dient verlaten te worden.  Er is dan geen telefoonverbinding meer tussen Breendonk en Luik, zodat de orders persoonlijk overgebracht worden door een stafofficier van het GHK, Kapitein-commandant SBH Buisseret.  Het IIIde legerkorps moet zijn overgebleven troepen over de rivier de Méhaigne sturen om ze aldaar onder dekking van de Franse troepen te brengen. De formaties die toegewezen waren aan de missie langsheen de Jeker worden samengevoegd tot de nieuwe groepering Flankwacht Noord en krijgen de taak om de aftocht uit Luik te dekken.

Tussen 18u00 en 19u00 verspreid de staf van het legerkorps de praktische instructies voor de evacuatie van Luik. Er worden vier marsroutes toegewezen die moeten toelaten om zo snel mogelijk de nodige afstand te scheppen tussen de Belgische en Duitse legers:

  • Flankwacht Noord
    • samenstelling: 1ste Regiment Grenswielrijders, 1ste Regiment Lansiers en 4de compagnie 32ste Bataljon Genie
    • bevelhebber: Kolonel SBH Jacques, 1CyF
    • marsbevel: vertrek vanaf 02u00 op 12 mei via Juprelle tot Braives
  • Groepering Gits (sector Meuse-Aval)
    • samenstelling: Iste en IIIde bataljon 1ste Linieregiment, 2de Regiment Grenswielrijders, Iste bataljon 6de Linieregiment, VIde bataljon Speciale Vestingstroepen
    • bevelhebber: Generaal-majoor Gits, infanteriecommandant 3de Infanteriedivisie
    • marsbevel: vertrek vanaf 22u45 via Liers tot Ville-en-Hesbaye
  • 3de Infanteriedivisie
    • samenstelling: de vijf bataljons van de Maasoever (II/1Li, I/12Li, III/12Li, I/25Li en III/25Li) en de twee resterende bataljons van het tweede echelon op het plateau (II/12Li en II/25Li)
    • bevelhebber: Luitenant-generaal Lozet, commandant 3de Infanteriedivisie
    • marsbevel: vertrek vanaf 20u00 via Oupeye tot Outeppe en Hannêche
  • Groepering Paret (sector Ourthe)
    • samenstelling: IIde bataljon 28ste Linieregiment, 4de Regiment Karabiniers-Wielrijders
    • bevelhebber: Generaal-majoor Paret, infanteriecommandant 2de Infanteriedivisie
    • marsbevel: vertrek vanaf 23u00 via de linkeroever van de Maas tot Hoei

Artsen en steunpersoneel van de Lichte Heelkundige Ambulance van het IIIde Legerkorps.

LtGen de Krahe beveelt dat de eerste verplaatsingen slechts bij valavond mogen starten. Met uitzondering van de VI/15A zullen de negen overgebleven batterijen van de artillerie één enkele colonne vormen die aan de marsroute van de 3de Infanteriedivisie toegevoegd wordt. Ook de drie nog aanwezige geniebataljons (3Gn, 23Gn en 32Gn) krijgen deze route toegewezen.

Door de situatie op het terrein, de gebrekkige communicatie, de paniek op de staf van het legerkorps zelf, en de verspreiding van tegenstrijdige orders over het al dan niet gebruiken van de route naar Hannuit, zal de afmars uit Luik in complete chaos verlopen. Colonnes worden slecht georganiseerd, tijdschema’s lopen door elkaar en eenheden wijken af van hun marsroute.  Een belangrijk aantal detachementen zet koers richting Hannuit en zal zo de Duitse 4(DEU)PzDiv en 269(DEU)ID tegemoet lopen.

De colonnevorming bij Flankwacht Noord loopt volledig in het honderd door de vlucht van Kolonel SBH Jacques van 1CyF. Jacques neemt zijn orders in ontvangst op de Citadel van Luik en keert om 17u35 terug naar zijn commandopost te Voroux-les-Liers. Onderweg verneemt hij het valse gerucht dat de Duitsers genaderd zijn en besluit hij om nieuwe orders te gaan vragen op de Citadel. Als hier blijkt dat de staf van het III/LK op het punt staat te vertrekken, springt ook de kolonel zonder aarzelen in zijn voertuig en rijdt naar het westen. Alleen het 1ste Lansiers zal de correcte orders voor de afmars ontvangen, door de toevallige aanwezigheid van hun verbindingsofficier Luitenant Poswick. Alle overige eenheden worden aan hun lot overgelaten en hebben geen contact meer met hun bevelhebber.

De korpschef van het 12de Linieregiment interpreteert zijn instructies op foutieve wijze en stuurt zijn regiment om 18u30 de baan op. Tot overmaat van ramp duidt hij Hannuit aan als eindpunt van de etappe. Bij het vertrekpunt aan de brug van Coronmeuse kan een deel van de colonnes tegengehouden worden, maar de regimentsstaf, de stafcompagnie, een deel van het IVde Bataljon en het IIde Bataljon van het 1ste Linieregiment zijn dan al vertrokken naar Hannuit. Ook het Wielrijderseskadron van de 3de Infanteriedivisie is onderweg naar deze incorrecte bestemming.

Intussen is ook de Compagnie Radiotelegrafisten van het 23ste Bataljon Transmissietroepen (23TTr) uit Luik vertrokken. Het radionet tussen de diverse staven werd reeds omstreeks 15u00 gesloten en de compagnie is om 19u00 te Viemme. Van op de Citadel is dan ook geen telefoonverbinding met het Groot Hoofdkwartier meer, zodat LtGen de Krahe geheel is afgesneden van zijn hiërarchische meerderen. De hoofdcentrale van het civiel telefoonnet wordt in de namiddag vernield. Het ondergrondse telefoonnet van de Versterkte Positie Luik valt uit omstreeks 19u30. Het ganse korps is vanaf dan aangewezen op estafetten.

Het 2Ech van het HK III/LK dat te Awans-Bierset kantonneert, stuurt om 18u00 een verbindingsofficier naar de Citadel met de melding dat de vijand op het punt staat om Awans binnen te vallen. De 4(DEU)PzDiv is op dat ogenblik echter ten minste nog 2Km verwijderd van het kantonnement. Dit leidt tot het voortijdige vertrekt uit de Citadel van de 12de Compagnie van het 12de Linieregiment (12Li) die het hoofdkwartier moet beveiligen. Wanneer een motorwielrijder van het 1ste Lansiers aankomt op de provoostdienst met het valse bericht dat de vijand te Rocourt is, slaat het hek helemaal van de dam. Paniek breekt uit bij de korpsstaf en iedereen wil zo snel mogelijk weg.

De staf vlucht weg uit de Citadel van Luik omstreeks 21u30 en vertrekt richting Hannêche. De motorvoertuigen komen eveneens vast te zitten in onnoemelijke verkeersopstoppingen te Flémalle (omstreeks 22u00) en Mallieue (omstreeks 23u00).

Commando Genie III/LK
Adjudant Wahis hervat de evacuatie van zijn eenheid uit de Chartreuse om 04u30.  Alvorens te vertrekken, wordt ook nog alle drank en voeding uit de troepenkantine opgeladen.  De barman van de Chartreuse, Soldaat Robert, vervoegt het detachement.  Kolonel Beaupain en zijn officieren vertrekken als laatsten omstreeks 09u45. Terwijl Beaupain en zijn officieren de vernieling van de bruggen over de Maas coördineren, vervoegen de manschappen het kantonnement te Ans.  Tegen 11u00 is iedereen geïnstalleerd in een groot herenhuis aan de Rue Walthère Jamar 170 te Ans. Vervolgens neemt de kolonel contact op met de bataljonscommandanten van het 3Gn, 23Gn en 32Gn.  De eerste twee bataljons zijn eveneens te Ans samengebracht.  Het 32Gn wordt gehergroepeerd te Montegnée.  Voorts zorgt hij er ook voor dat elk van de vernielingsdetachementen aan de Maasbruggen over motortransport beschikt om de kans op achterblijven zo klein mogelijk te maken.

Adjudant Wahis en Sergeant Taelmeester besluiten om de niet-essentiële documenten van de eenheid te verbranden om alzo het transportprobleem te verlichten.  De eenheid groeit aan met nog een aantal verdwaalde militairen zodat aan het eind van de dag de aftocht naar Hannêche aangevat wordt met 5 officieren, 5 onderofficieren en 36 manschappen.  De kleine colonne vertrekt uit Ans omstreeks 21u00.  De tocht verloopt aanvankelijk westwaarts via de steenweg naar Hannuit.  Vanaf deze gemeente wordt dan de Naamsesteenweg gevolgd.

Commando Genie VPL
Om 05u00 ontvangt Kolonel SBH Oudenne van de legerkorpsstaf een lijst met vernielingen die prioritair dienen uitgevoerd te worden bij een mogelijke evacuatie van de VPL.  De kolonel krijgt tevens te horen dat de staf voorziet om zich na evacuatie te Gembloers te installeren.  Het commando blijft nog de ganse dag te Vottem.  In de late namiddag trekken Belgische troepen voorbij die bevestigen dat het bevel tot de evacuatie van Luik gegeven is.  Oudenne stuurt zijn adjunct, Kolonel SBH Goutierre, naar de Citadel om poolshoogte te nemen.  Deze laatste ontdekt dat het hoofdkwartier van het legerkorps verlaten is en keert in paniek onmiddellijk terug naar Vottem.  Oudenne besluit hierop om ervan door te gaan in de richting van Gembloers.

1Ech HK III/LK
LtGen de Krahe en het 1Ech van het HK bereiken Hannêche rondom 04u00.  Hij besluit om zijn hoofdkwartier onder te brengen in het plaatselijke schooltje.  Ook de overige staven zijn weggeraakt uit Luik:

  • Kolonel SBH Jacques is op eigen houtje richting westen gevlucht en heeft de formatie Flankwacht Noord aan zijn lot overgelaten. Jacques rijdt rond 02u30 door Hannuit.
  • De staf van de Groepering Gits (sector Meuse-Aval) heeft Heure-le-Romain verlaten om 22u45 op 11 mei en komt aan te Ville-en-Hesbaye om 05u30 en te Ciplet om 06u30.
  • Het hoofdkwartier van de 3de Infanteriedivisie is uit het fort van Lantin vertrokken en bereikt om 05u00 het dorpje Lavoir.
  • De staf van de Groepering Paret (sector Ourthe) passeert te Engis omstreeks 04u45 en komt enige tijd later aan te Landenne.

Door het niet functioneren van de Flankwacht Noord, dienen zowel het 1CyF als het 1L hun eigen route uit te stippelen. De troepencolonnes van de Groepering Gits en van de 3de Infanteriedivisie zullen dan ook zonder effectieve dekking op hun noordflank dienen te vorderen. De vijandige verkenningstroepen van de 4. Aufklärungsabteilung zullen op een aantal locaties contact maken en slagen er in om het gevoel van paniek onder de Belgen continu aan te wakkeren.

Tijdens de loop van de dag bereiken de eenheden van de Groepering Gits en de 3de Infanteriedivisie de Méhaigne. Wapens en materieel worden in belangrijke hoeveelheden achtergelaten. De 8ste batterij van het 15de Regiment Artillerie bereikt de rivier met één enkele van zijn vier vuurmonden. Bij de 16de batterij van dit regiment gaan de voerders er met de paarden van door en blijven alle stukken achter. De Compagnie Getrokken C47 van de 3de Infanteriedivisie laat tien van zijn twaalf anti-tankkanonnen achter. De 5de compagnie van het 2de Regiment Grenswielrijders geeft zijn fietsen op na een botsing met de vijand te Bierset. De meest onwaarschijnlijke hoeveelheid persoonlijke uitrusting wordt weggeworpen om toch maar sneller vooruit te komen.

De Groepering Paret (sector Ourthe) zou in principe zonder problemen moeten weg kunnen komen. De Duitse troepen hebben de zuidoost rand van de Versterkte Positie Luik immers nog niet bereikt, en als de overige drie formaties van het IIIde Legerkorps zich aan hun marsroutes houden, is ook de weg naar Namen vrij. Helaas verloopt het zo niet. De motorvoertuigen van het IIde bataljon van het 28Li rijden op eigen houtje richting Hannuit en vallen in handen van de vijand. Het voetvolk en de wielrijders van het 4Cy komen wel goed weg, maar lopen door de chaos op de wegen uren vertraging op en zullen pas in de loop van de namiddag de zuidelijke oever van de Méhaigne bereiken.

Duitse documenten maken gewag van ongeveer 3,500 krijgsgevangenen te Luik, waarvan allicht ook een deel afkomstig is van het Iste Legerkorps en het 2de Regiment Jagers te Paard.

Met de zware bewapening van het korps is het bijzonder erg gesteld. Het 3A telt nog 23 vuurmonden op een totaal van 48. Bij het 15A blijven nog 20 van de 64 stukken over. De batterij MVD-70 loopgraafmortieren die bij de 3de Infanteriedivisie was aangehecht, is in zijn geheel te Luik blijven staan. Van de 48 C47 anti-tankkanonnen op de slagorde worden er op 12 mei nog 20 geteld. En van de 30 T13 pantserwagens hebben er slechts 4 voertuigen de zuidelijke oever van de Méhaigne kunnen bereiken.

Vanuit de school te Hannêche heeft de legerkorpsstaf geen rechtstreekse verbinding met het Groot Hoofdkwartier.  De Compagnie Radiotelegrafisten van het 23TTr is spoorloos verdwenen en de staf heeft geen zender-ontvanger ter beschikking.  Een ploeg telegrafisten van het 23TTr kan wel een telefoonlijn tot stand brengen met een observatiepost van de Versterkte Positie Namen, zodat LtGen de Krahe in gesprek kan treden met de staf van het VIIde Legerkorps in deze stad.  Rondom 10u00 stuurt het hoofdkwartier de stafofficier Kapitein-commandant Palmaers naar Breendonk.  Zo kan de Krahe uiteindelijk laat op de middag vernemen dat het GHK de 3Div in de richting van Flawinne nabij Namen bevolen heeft, en de rest van het III/LK de Belgische legerzone dient te vervoegen via een grote omtrekkende beweging doorheen Waals-Brabant en ten westen van Brussel.  In een poging om enige orde te scheppen, verspreid de korpsstaf de volgende orders voor de verplaatsingen tijdens de nacht van 12 op 13 mei:

Het III/LK krijgt het exclusieve gebruik over twee marsroutes naar Waals-Brabant.

  • Route noord leidt van Burdinne naar Wasseiges, Noville-sur-Méhaigne, Waver, Overijse en Eigenbrakel naar Halle.  Deze route wordt toegewezen aan het 1CyF, 2CyF, VII SVE, 23Gn, 32Gn, 3HuT en alle lichte eenheden van het legerkorps.
  • Route zuid loopt van Héron naar Forville, Eghezée, Beuzet-St-Denis, Mazy, Sombreffe, Nijvel en Haut-Ittre naar Virginal-Samme.  Dit wordt de route voor alle overige eenheden.

De eenheden moeten de volgende bestemmingen bereiken tegen de ochtend van 13 mei:

  • Hoofdkwartier en Commando Artillerie: Trou-du-Bois tussen Promelles en Lillois-Witterzée
  • Commando Genie en 23Gn: Genval
  • Cie TTr VPL: Neuve-Cour nabij Lillois-Witterzée
  • 23TTr: Loncée
  • II/1DTCA: Glabais
  • 1CyF en 2CyF: Céroux-Mousty
  • 4Cy: Sart Dame Aveline
  • 1L: Baisy-Thy
  • VII SVE: Lasne-Chapelle-Saint-Lambert
  • 32Gn: Ohain
  • Batterij MVD58: Bourgeois
  • 3HuT: Hannonsart
  • Transportkorps III/LK: Plancenoit

De eigenlijke verplaatsingen van de eenheden zullen in de praktijk meestal anders verlopen.  Zo zal II/1DTCA na een luchtaanval op de colonne verder trekken naar Flawinne bij Namen.  De belangrijkste fractie van het 1CyF zal te Gembloers aankomen.  Het 2CyF raakt verspreid over Namen en Charleroi.  Ook het 4Cy zal richting Namen vorderen.  De legerkorpsstaf heeft slechts in zeer beperkte mate vat op de situatie bij zijn eenheden.

Institut Agronomique de l'Etat te Gembloers waar het 2Ech van het HK zich bevond op 12 mei.

Institut Agronomique de l’Etat te Gembloers waar het 2Ech van het HK zich bevond op 12 mei.

2Ech HK III/LK
Het 2de Echelon van het HK (2Ech HK III/LK) is tijdens de avond van 11 op 12 mei vertrokken naar Hannêche en bereikt dit dorp kort na middernacht op 12 mei.  Het 1Ech van het HK valt nergens te bespeuren.  Na vergeefs nachtelijke zoekwerk naar het 1Ech verneemt het 2Ech verkeerdelijk dat zij zich naar Gembloers dienen te begeven.  Het 2Ech verplaatst zich naar Gembloers en installeert zich in de lokalen van het “Institut Agronomique de l’Etat [3].  Van hier uit wordt Kapitein-commandant SBH Adam, chef van het 3de Bureau, rondom 08u00 terug gestuurd naar Hannêche en slaagt erin het 1Ech van het HK terug te vinden.  LtGen de Krahe bepaalt dat het zinloos is om het 2Ech in zijn geheel terug te brengen naar Hannêche en laat dit deel van zijn hoofdkwartier te Gembloers.

Commando Genie III/LK
Het commando bereikt Hannêche omstreeks 04u30 en installeert zich in de hoeve Elias.  De officieren worden gelogeerd in de woning, terwijl de manschappen in de schuur en in de vrachtwagens ondergebracht worden.  De boerin bezorgt de nodige ingrediënten voor een warme maaltijd.  De kolonel installeert zich samen met de Kapitein-commandanten De Troyer, Mercier, Tinant en Oudenne in een café tegenover deze hoeve. Kolonel Beaupain neemt contact op met zijn eenheden.  Het 3Gn bevindt zich te Waret-l-Eveque, en het 32Gn en de Compagnie Park van het 23Gn te Hemptinne.  De rest van het 23Gn is op eigen houtje vertrokken in de richting van Hannuit en is voorlopig spoorloos.  De troepen te Hemptinne voelen zich echter bedreigd te Hemptinne zodat ook deze detachementen zonder het bevel hiertoe ontvangen te hebben dit dorp verlaten om richting Namen verder te trekken. Omdat de voertuigen nog steeds te zwaar beladen zijn, wordt opnieuw een triage van de administratie en het materieel uitgevoerd en wordt opnieuw heel wat papierwerk in brand gestoken.  Adjudant Wahis dient te voertuigen tegen 23u00 vertrekkensklaar te maken.  De colonne vertrekt rond middernacht zonder de precieze bestemming te kennen.  Soldaat Terwagne, ordonnans van Kolonel Beaupain, trekt alleen verder met het rijpaard van zijn officier.

Commando Genie VPL
Kolonel SBH Oudenne en zijn staf bereiken omstreeks 10u00 het dorpje Bothey en houden hier halt.  De kolonel tracht te Gembloers de legerkorpsstaf terug te vinden, maar die blijkt niet op deze locatie te zijn.  Hij besluit de komende nacht af te wachten en vervolgens naar het noordwesten te trekken.

Compagnie Administratie III/3LK
Deze compagnie zou te Gembloux aangekomen zijn.  In alle geval wordt bevestigd dat de eenheid zich niet te Hannêche bevindt en er dan ook geen bevoorrading is voor de diverse echelons van de staf.

Groepering Paret
De staf van de Groepering Paret staat niet langer in verbinding met de legerkorpsstaf, en ontvangt dan ook niet de marsorders voor de verplaatsingen tijdens de nacht van 13 op 14 mei.  Tijdens de voormiddag van 12 mei verneemt Paret via een stafofficier van het Franse leger dat de Duitsers te Moha en Bas-Oha de Méhaigne zouden overgestoken hebben.  Wanneer de Belgische generaal hierop besluit om zijn groepering onmiddellijk op weg te zetten, bereikt hem ook een bevel van het VIIde Legerkorps aan alle eenheden ten zuiden de Méhaigne om de Versterkte Positie Namen te vervoegen.  Paret twijfelt of zijn groepering nu naar Waals-Brabant of Namen moet terugtrekken, en besluit navraag te doen bij LtGen de Krahe te Hannêche.  Het dorp is dan reeds geheel verlaten, zodat de beslissing valt om koers te zetten naar Namen.  Van hier uit zal het voetvolk doorgestuurd worden naar Franière, en alle overige troepen naar Sart-Saint-Laurent.  Vanaf dat punt ontvangt de groepering zijn verdere orders van het GHK.

Het HK van III/LK hield zich op in het stadhuis van Vilvoorde vanaf 13 mei in de namiddag.

HK III/LK
Het hoofdkwartier van het III/LK komt aan te Trou-du-Bois tussen Promelles en Lillois-Witterzée omstreeks 05u00.  Tijdens de voormiddag heeft LtGen de Krahe een onderhoud met de Franse Luitenant-generaal Benoît-Léon de Fornel de la Laurencie, bevelhebber van het 3ème Corps d’Armée.  Het gesprek verloopt stroef.  De Franse generaal is ervan overtuigd dat hij volmacht heeft om alle Belgische troepen in zijn operatiegebied onder zijn bevel te plaatsen.  Op het terrein heeft dit zich reeds vertaald in allerlei directieven voor diverse detachementen van het III/LK die tegenstrijdig zijn met de opdracht van het GHK om in Waals-Brabant te hergroeperen.  Bovendien is het 23ste Bataljon Genie aan het werk gezet door de Fransen om op de bovenloop van de Dijle de bruggen te ondermijnen.

Rondom het middaguur valt het doek over het IIIde Legerkorps in zijn huidige gedaante.  Het GHK stuurt de kern van de legerkorpsstaf naar Vilvoorde met als opdracht de opvang en reorganisatie van de duizenden militairen die in de eerste vier oorlogsdagen op de dool geraakt zijn.  Deze opdracht werd op 12 mei toegewezen aan Luitenant-generaal Van Strydonck de Burckel van de 1ste Militaire Cironscriptie, maar wordt nu doorgeschoven naar LtGen de Krahe.

De Krahe en zijn staf verliezen hiermee het bevel over al hun eenheden.  De gevechtsformaties worden alle overgeheveld naar andere commando’s.  De legerkorpstroepen worden onder het bevel geplaatst van Generaal-majoor Albert Jadot, Commandant Artillerie.  Hij moet de verdere aftocht van deze formaties organiseren en moet deze na een dag rust op 14 mei doorsturen naar Dendermonde.  LtGen de Krahe, zijn onderstafchef Maj SBH Dejardin en een handvol stafofficieren vertrekken om 13u00 richting stadhuis te Vilvoorde.

Commando Genie III/LK
Het commando trekt door de nacht via Branchon en Perwez naar Waver.  Na een rustpauze wordt doorgereden naar Overijse om van hier uit La Hulpe te bereiken.  De colonne kruist diverse detachementen van het Britse leger die oprukken naar de K.W. Stelling.  Bij aankomst te La Hulpe wordt een deel van de 2de Compagnie van het 23Gn teruggevonden.  Kolonel Beaupain vraagt aan Adjudant Wahis om deze eenheid en de stafgroep te Genval in te kwartieren.  Samen met Soldaat Bloemen vertrekt hij te voet naar het naburige dorp.  Tegen het middaguur is iedereen ondergebracht in een grote woning in het midden van Genval.  In de buurt zijn talrijke Britse militairen ingekwartierd.

Een groter detachement van het 23Gn wordt teruggevonden te Plancenoit,  Hier wordt vernomen dat de Compagnie Park te Nijvel zou zijn.

Commando Genie VPL
Tijdens de nacht van 12 op 13 mei trekt deze stafgroep zich terug naar Tubize.  Van hieruit wordt Kolonel SBH Goutierre doorgestuurd naar Brussel om contact op te nemen met de Technische Diensten van de Genie.  Oudenne beschikt immers over een instructie om zich na de evacuatie uit Luik ten dienste te stellen van dit organisme.  Goutierre kan also per telefoon in contact treden met Luitenant-generaal Michelet van het Commando van de Genie op het Groot Hoofdkwartier.  Michelet bepaalt dat Kolonel SBH Goutierre op 14 mei het Park van de Genie van het Leger dient te vervoegen, terwijl Kolonel SBH Oudenne naar de 5de Directie van de Genie en de Versterkingen zal overgaan.  Het stafelement verdwijnt hiermee van de slagorde van het III/LK.

Opstelling van de strategische reserve van het veldleger, bevolen door het III/LK, achter het Kanaal van Willebroek

Opstelling van de strategische reserve van het veldleger, bevolen door het III/LK, achter het Kanaal van Willebroek

HK III/LK
In de namiddag wordt stafchef Majoor SBH Colsoul uitgestuurd naar het het Groot Hoofdkwartier te Breendonk om nieuwe orders in ontvangst te nemen.  De majoor keert terug naar Vilvoorde omstreeks 16u00 en deelt mee dat de legerleiding besloten heeft om de opstelling van het veldleger langsheen de K.W. Stelling te dekken met een strategische reserve van drie divisies, onder het bevel van het IIIde Legerkorps.  Hiervoor dient een defensieve linie langsheen de westelijke oever van het Kanaal van Willebroek uitgewerkt te worden.  In afwachting van hun ontplooiing zullen deze drie divisies als volgt ingekwartierd blijven:

Van deze drie formaties is de 1ste Infanteriedivisie er relatief het best aan toe. De 4de Infanteriedivisie is na de vlucht van het Albertkanaal geheel uitgeput. De 14de Infanteriedivisie is niet strijdvaardig.  Om 17u00 vertrekken Luitenant-generaal de Krahe en Kolonel Beaupain het terrein op om de kanaalzone te verkennen.

Tegelijkertijd werkt de rest van de staf aan de opvangregeling voor militairen die bij de aftocht naar de K.W. Stelling van hun eenheid afgezonderd zijn.  De korpsstaf bevestigt de op 14 mei door het GHK aangeduide locaties voor de verzameling van deze militairen:

  • 1ste Infanteriedivisie: Nieuwenrode
  • 2de Infanteriedivisie: Weerde
  • 3de Infanteriedivisie: Groot-Bijgaarden
  • 4de Infanteriedivisie: Vilvoorde en Grimbergen
  • 6de Infanteriedivisie: Wolvertem
  • 7de Infanteriedivisie: Vilvoorde en Grimbergen
  • Grenswielrijders: Wemmel
  • 1ste Regiment Karabiniers-Wielrijders, 2de Regiment Gidsen, 1ste Regiment Jagers-te-Paard: Meisse
  • 3de Regiment Karabiniers-Wielrijders, 1ste Regiment Gidsen, 2de Regiment Jagers-te-Paard, 2de Regiment Lansiers: Brussegem
  • Korpstroepen Iste Legerkorps: Strombeek-Bever
  • Korpstroepen IIIde Legerkorps: Relegem
  • Alle elementen van het transportkorps: Merchtem

De korpsstaf duidt een kantonnementscommandant aan voor elk van deze locaties.  Dezen kunnen elk beschikken over een secretaris, een aantal estafetten per fiets of motorfiets, en een ordedetachement bestaande uit een keuronderofficier van de Rijkswacht, zes Rijkswachters per fiets en een minimum van veertien gewapende militairen.  Taak van deze opvangcentra bestaat er in om verdwaalde militairen op te vangen, en dezen na een maaltijd en verzorging onder begeleiding in groepjes terug te sturen naar hun grote eenheid.  Het 4de Territoriaal Intendancekorps wordt verantwoordelijk voor de levering aan voeding en materieel.  In alle kantonnementen moeten de cafés gesloten blijven met uitzondering van een korte periode tussen 18u00 en 21u30.  De provoostdienst van het III/LK zal de algemene ordehandhaving verzekeren.

Commando Genie III/LK
Het commando brengt de nacht door te Genval.  Omstreeks 02u00 wordt de nachtrust verstoort wanneer het Britse leger een aanvang maakt met de evacuatie van de plaatselijke bevolking.  Hierop vertrekken ook de Britten uit het dorp, zodat de eenheid alleen achterblijft. Net na dageraad verneemt Kolonel Beaupain dat het 23Gn niet zoals voorzien vertrokken is naar Fleurus, maar toegevoegd is aan het Franse IIIde Legerkorps.

In de vroege ochtend arriveert de Franse 92ème Groupe de Reconnaissance de Division d’Infanterie, de verkenningseenheid van de 2ème Division d’Infanterie Nord-Africaine.   De Franse verkenners zijn net teruggekeerd van hun dekkingsopdracht ten voordele van de 3ème Division Légère Méchanique in het oosten van Waals-Brabant.  De Fransen gaan aan het plunderen en halen een bakkerij en kruidenier leeg.  Adjudant Wahis maakt zich zorgen dat er voor zijn eigen militairen niets zal overblijven, en laat zijn manschappen meewerken.  Een hele hoop levensmiddelen wordt aan boord geladen van een van de vrachtwagens.  Bij de fabriek van de Papeteries de Genval wordt benzine opgeëist.  Bij de familie Verwee aan de Rue des Combattants 28 wordt eveneens een Saroléa 350cc motorfiets opgeëist.

Het commando verlaat Genval bij valavond en zet koers naar Dendermonde via Waterloo, Lot en Asse.

HK III/LK
De legerkorpsstaf verblijft nog steeds te Vilvoorde. Tijdens de vroege voormiddag vertrekken LtGen de Krahe en Kapitein-commandant SBH Palmaers naar het Groot Hoofdkwartier om verslag uit te brengen over de opvang van de verdwaalde militairen.  Het GHK is tevreden met de vooruitgang en geeft deze taak door aan Generaal-majoor Clément, bevelhebber van de 16de Infanteriedivisie die het Bruggenhoofd Gent bewaakt.  Clément zal hiervoor de staffofficieren van de 3de Militaire Circonscriptie in steun ontvangen en bezoekt Vilvoorde later op de dag om de opdracht over te nemen.

Het III/LK dient zich nu ten volle toe te leggen op de verdediging van het Kanaal van Willebroek.  De bevelhebbers van de 1Div, 4Div en 14Div worden dan ook nog voor de middag ontboden op het stadhuis om de komende opstelling langsheen het Kanaal van Willebroek te bespreken.  Ondertussen wordt Kapitein-commandant SBH Adam op zending gestuurd naar Lippelo om een nieuwe locatie voor het hoofdkwartier uit te zoeken.  Adam meldt dat het dorp niet geschikt is. Het GHK besluit echter kort na de middag om de nieuwe slagorde van het III/LK grondig te wijzigen. Omwille van hun gebrek aan inzetbaarheid, zullen zowel de 4de Infanteriedivisie als de 14de Infanteriedivisie doorgestuurd naar het achtergebied. De 4de Infanteriedivisie zal het Bruggenhoofd Gent bezetten tussen Kwatrecht en Semmerzake. De 14de Infanteriedivisie zal  naar Dendermonde marcheren en zal hier op de trein gezet worden om aan de kust te reorganiseren.

Ter bevestiging ontvangt de Krahe om 18u00 het order 136/37 van het GHK.  Dit order legt zijn operatiezone vast vanaf de monding van de Rupel in het noorden tot Buda (exclusief) in het zuiden.  Het document bepaalt  eveneens dat het III/LK de steun zal ontvangen van het IIde Bataljon van het 3de Regiment Jagers te Voet en van de 9de Compagnie van het 4de Regiment Jagers te Voet.  De generaal is bijzonder verbaasd om te vernemen dat er geen artillerie op niveau korps toegewezen wordt, en alleen de 1ste Infanteriedivisie over artilleriesteun zal beschikken (in de vorm van zijn 1ste Regiment Artillerie).  Een telefoongesprek met het GHK brengt geen soelaas. Aan het zuidelijke uiteinde van het Kanaal van Willebroek moet de Krahe tegen 06u00 op 16 mei de detachementen van het Britse leger aflossen die postgevat hebben bij de bruggen van Vilvoorde en Verbrande Brug.  Deze opdracht wordt toegewezen aan het II/3J dat Vilvoorde zal bezetten, en de 9/III/4J die Verbrande Brug zal overnemen. Tot slot stipuleert 136/37 dat alle eenheden op niveau korps overgebracht moeten worden ten westen van de lijn Dendermonde-Aalst.  De staf pleegt overleg met zowel het Iste Legerkorps als ook het 16de (FR) Legerkorps, en duidt vervolgens nieuwe kantonnementen aan voor zijn korpstroepen.

Commando Genie III/LK
De geniestaf bereikt Dendermonde en zoekt vervolgens een nieuw kantonnement op te Denderbelle.  De Compagnie Park van het 23Gn is reeds ingekwartierd in deze gemeente, samen met een groot detachement van het 4de Regiment Hulptroepen en enkele eenheden van het Franse leger.  Er is zo goed als geen plaats meer te Denderbelle.  De officieren worden ondergebracht in een woning die reeds ten dele door de Fransen in bezet.  De rest van het personeel zal in de vrachtwagens en onder een groot afdak aan een hoeve verblijven.  Er is geen bevoorrading ter plekke, zodat de levensmiddelen meegenomen uit Genval aangesproken worden. Kolonel Beaupain vertrekt naar de legerkorpsstaf te Vilvoorde en wordt belast met een terreinverkenning langsheen het Kanaal van Willebroek tussen Vilvoorde en Willebroek, samen met LtGen de Krahe en Majoor SBH Colsoulle.  Beaupain verneemt dat hij zal kunnen beschikken over het 1Gn van de 1ste Infanteriedivisie en het 13Gn van de 14de Infanteriedivisie.

HK III/LK
Om 06u00 meldt LtGen de Krahe dat de overname van de Britse posities in zijn operatiezone voltooid is.  De Britten behouden nog wel hun vernielingsdetachementen bij de bruggen van Vilvoorde en Verbrande Brug.  De zone van de 4th Infantry Division start vanaf de brug van Buda.  Het III/LK ontvangt hierop het bevel om zijn hoofdkwartier naar Steenhuffel over te brengen. LtGen de Krahe bezoekt de troepen in het bruggenhoofd Vilvoorde tussen 08u00 en 09u00, en houdt vervolgens vergadering met de bevelhebbers van de 1ste Infanteriedivisie en de Brigade Grenswielrijders op het gemeentehuis te Londerzeel. Ondertussen wordt het hoofdkwartier overgebracht naar het gemeentehuis te Steenhuffel.  Het gebouw is echter veel te klein voor de staf, zodat uitgeweken wordt naar enkele hoeves in de buurt.  De nieuwe commandopost is operationeel vanaf 09u30.  Door het tekort aan materieel zijn de communicatiemiddelen van de korpsstaf uiterst beperkt.  Er zijn slechts een enkele telefoonlijn en een enkele zender-ontvanger.  Bovendien is Kapitein SBH Ghysen, verbindingsofficier van het III/LK bij het GHK, al sinds de doortocht te Namêche vermist.

Het korps blijft achter het Kanaal van Willebroek, maar zijn opdracht wordt drastisch gewijzigd wanneer het geallieerde oppercommando tijdens de voormiddag van 16 mei beslist om de lijn Antwerpen-Waver-Namen op te geven. Voor het Belgische leger betekent dit dat de K.W. Stelling tijdens de nacht van 16 op 17 mei zal verlaten worden. De troepen van deze stelling zullen zich in een eerste nachtelijke etappe ten westen van het Kanaal van Willebroek moeten begeven en zullen tot en met de nacht van 17 op 18 mei gedekt worden door een verdedigingslinie langsheen het kanaal die onder bevel van het IIIde Legerkorps zal staan. De opstelling langsheen het kanaal wordt als volgt bepaald:

  • De 1ste Infanteriedivisie blijft toegewezen aan sector noord, van de monding van de Rupel in het noorden tot en met Willebroek (inclusief) in het zuiden.
    • Het 4de Linieregiment bezet ondersector noord van de monding van de Rupel tot Ruisbroek.
    • Het 24ste Linieregiment krijgt ondersector centrum tussen Ruisbroek en Klein-Willebroek toegewezen.
    • Het 3de Linieregiment zal ondersector zuid van de brug van Klein-Willebroek tot Willebroek verdedigen.
    • De commandopost van de divisie is te Puurs.
  • Het beide regimenten van de grenswielrijders verdedigen sector zuid, van Tisselt in het noorden tot Vilvoorde in het zuiden.  Sector zuid zal geleid worden door Kolonel SBH Paul Jacques, bevelhebber van het 1ste Regiment Grenswielrijders, die zijn commandopost onderbrengt in het gemeentehuis van Londerzeel.
    • Luitenant-kolonel De Clerck van het VIIde Bataljon Speciale Vestingseenheden wordt verantwoordelijk voor ondersector noord die loopt van Tisselt (inclusief) tot Humbeek-Sas (inclusief).  Hij heeft zijn commandopost op het kasteel van Ramsdonk.  Deze ondersector zal verdedigd worden door zijn eigen bataljon, aangevuld met drie compagnies van het 1ste Regiment Grenswielrijders.
    • Luitenant-kolonel Tilot wordt bevelhebber van ondersector zuid tussen Verbrande Brug  (inclusief) en Vilvoorde (inclusief), met commandopost te Grimbergen.  Voor deze ondersector zal het 2de Regiment Grenswielrijders drie compagnies aanwijzen.
      • Kapitein-commandant Demal van het Iste Bataljon van het 2de Regiment Grenswielrijders wordt verantwoordelijk voor de verdediging van Verbrande Brug en de kanaaloever tot Borcht.
      • Majoor L’Hoir van het IIIde Bataljon zal het bevel overnemen over het bruggenhoofd te Vilvoorde.
  • De rest van het 1ste en 2de Regiment Grenswielrijders zal gereorganiseerd worden tot een reeks detachementen die het achtergebied van sector zuid zullen beveiligen tegen luchtlandingen.
  • Het 4de Regiment Karabiniers-Wielrijders zal de reservemacht van het IIIde Legerkorps vormen en is onderweg van Binche naar de operatiezone van het legerkorps.  De aankomst van dit regiment wordt verwacht in de ochtend van 17 mei.
  • Het 1ste Licht Regiment, de IIde Groep van het 2de Licht Regiment en het Eskadron Pantserwagens van het Cavaleriekorps worden om 14u30 eveneens toegewezen aan het IIIde Legerkorps.  LtGen de Krahe duidt het 1ste Licht Regiment en een gedeelte van het Eskadron Pantserwagens aan om de bezetting van sector zuid te versterken, en voegt de IIde Groep van het 2de Licht Regiment toe aan zijn reservemacht.
  • Vanaf Buda (exclusief) ten zuiden van Vilvoorde start de Britse legerzone.

Omstreeks 15u00 geeft de Krahe een briefing aan zijn ondergeschikten voor de bezetting van de kanaalzone.  De inplaatsstelling moet zo snel mogelijk starten.  De beide sectoren moeten bezet blijven tot 23u00 op 17 mei.  Hierbij is voor sector noord de doortocht van de 15Div als laatste grote eenheid van belang.  Voor sector zuid wordt bevestigd dat de 5Div als laatste zal passeren. De staf van de Krahe heeft omstreeks 20u00 contact met het commando van het 4Cy bij de doortocht van dit regiment te Edingen.  Het 4Cy plant de aankomst in de zone van het III/LK voor 03u00 tijdens de nacht van 16 op 17 mei. Om 21u10 komt order 137/17 aan van het Groot Hoofdkwartier.  Het IIIde Legerkorps moet de detachementen van het 3J en het 4J terugsturen naar hun regimenten en aan de kanaaloever vervangen door het II/2RL.  De aflossing moet plaatsvinden tijdens de ochtend van 17 mei. De ganse nacht lang is er druk verkeer op alle wegen naar het westen.  De troepen van het IIde en VIde Legerkorps voeren de eerste etappe uit van de terugtocht naar de lijn Terneuzen-Gent-Oudenaarde.

Commando Genie III/LK
De eenheid heeft de nacht doorgebracht te Denderbelle.  In de loop van de ochtend komt tot ieders verbazing Soldaat Terwagne aan.  Hij heeft een lange omweg gemaakt via Namen waar hij het rijpaard van de kolonel achterliet.

HK III/LK
Het hoofdkwartier blijft te Steenhuffel. Tijdens de voormiddag vertrekt Majoor SBH Dejardin naar het Groot Hoofdkwartier om de bezorgdheid van het IIIde Legerkorps te uiten over de inkwartiering van 2Div, 5Div en 11Div ten westen van het Kanaal van Willebroek.  In afwachting van de hervatting van de aftocht tijdens de nacht van 17 op 18 mei, brengen de eenheden van deze divisies de dag door in rustkantonnementen. Deze rustkantonnementen liggen echter op korte afstand van het kanaal.  Het III/LK vreest dat bij een eventuele vijandelijke doorbraak deze divisies de streek niet snel genoeg zullen kunnen ontruimen.

Rond de middag bezoekt Generaal-majoor Paret de korpsstaf.  Paret voert nog steeds de eenheden aan van de groepering die hem op 11 mei toegewezen werd, en vraagt om nieuwe instructies.  Het commando van het III/LK deelt mee dat het 4Cy zal overgaan naar het legerkorps, het II/28Li doorgestuurd zal worden naar zijn regiment en de 1ste Compagnie van het 2CyF moet terugkeren naar zijn eenheid aan het kanaal.

De situatie bij het legerkorps is dan als volgt:

  • De bezetting van Sector Noord tussen Wintam en Willebroek (inclusief) door de 1ste Infanteriedivisie blijft ongewijzigd.
  • De noordelijke ondersector van Sector Zuid wordt nog steeds geleid door Luitenant-kolonel De Clerck.  De brug van Tistelt wordt bewaakt door de 4Cie van 1CyF aangevuld met een C47 anti-tankkanon.  De brug van Kapelle-op-den-Bos is gedekt door de 5/1CyF die over twee ACG1 tanks van het Eskadron Pantserwagens van het Cavaleriekorps beschikt.  De 2/1CyF aangevuld met een ACG1 voertuig tenslotte verdedigt de brug van Humbeek-Sas.  Het VIIde Bataljon Speciale Vestingstroepen vult het dispositief aan door vier sterk uitgedunde compagnies op te stellen tussen het gehucht Oksdonk en de brug van Humbeek-Sas.
  • De zuidelijke ondersector blijft onder het bevel van Luitenant-kolonel Tilot.  De 2Cie en 6Cie van 2CyF verdedigen de zone tussen Verbrande Brug en Borcht.  De 5Cie van het 2CyF en het 5Esk van het 1RL staan opgesteld bij de brug van Vilvoorde.
  • De reservemacht van Sector Zuid omvat de I/1RL ten zuiden van Nieuwenrode, de II/2RL in Nieuwenrode en ten noorden van dit dorp, en de rest van het Eskadron Pantserwagens van het Cavaleriekorps.

Tussen 10u00 en 17u00 worden alle bruggen in de zone van het IIIde Legerkorps vernield:

  • 10u12 – Wegbrug van Vilvoorde
  • 11u23 – Wegbrug van Humbeek-Sas
  • 12u10 – De EAP geniebrug te Oksdonk tussen Kapelle-op-den-Bos en Humbeek-Sas
  • 12u23 – Wegbrug en Spoorbrug te Kapelle-op-den-Bos
  • 12u50 – Wegbrug te Verbrande Brug 
  • 14u00 – Spoorbrug van Willebroek
  • 14u00 – Wegbrug te Tisselt
  • 14u40 – Spoorbrug van Willebroek
  • 16u30 tot 17u00 – Bruggen over de Rupel, met uitzondering van de snelweg Brussel-Antwerpen

Wanneer om 18u30 de Duitsers het kanaal van Willebroek oversteken wordt beslist om het HK III/LK onmiddellijk na het invallen van de duisternis te verplaatsen naar Dendermonde om daar de Schelde over te steken. Op het Groot Hoofdkwartier wordt ondertussen het order 138/5 opgesteld om het tijdstip van de aftocht uit Sector Zuid te verschuiven van 23u00 op 17 mei tot ten vroegste 08u00 op 18 mei.  Dit bevel wordt opgesteld door Majoor Raoul Defraiteur van het GHK en om 20u00 overhandigd aan Majoor Dejardin, onderstafchef van het III/LK.  Dejardin vertrekt onmiddellijk naar Steenhuffel, maar is niet op de hoogte van het vertrek van de korpsstaf uit deze locatie.  Het order zal LtGen de Krahe slechts bereiken op 18 mei.  Ten gevolge van dit incident start Kolonel SBH Jacques met de evacuatie van zijn sector rond het voorziene tijdstip van 23u00.  De laatste troepen zullen de kanaalzone verlaten omstreeks 01u00 op 18 mei.  Hiermee komt de linkerflank van de Britse 4th Infantry Division volledig open te liggen. Het voortijdige vertrek zal het voor de Duitsers mogelijk maken om tijdens de ochtend van 18 mei bijzonder snel door te stoten in de richting van Asse waar het Britse lichte tankbataljon 15/19 King’s Hussars ingehaald wordt.

Commando Genie III/LK
In de vroege ochtend verlaten de troepen van het Franse leger het dorp Denderbelle.  Vermoedelijk trekken ze terug naar het zuidwesten.  Het commando van de genie verlaat Denderbelle omstreeks 09u00 en verplaatst zich via Merchtem, Opwijk en Buggenhout naar Linde nabij Londerzeel.  Adjudant Wahis kiest opnieuw een grote woning uit voor de eenheid, en zet drie soldaten aan het werk om het middagmaal te bereiden.  Wahis heeft ook enkele keren contact met de Compagnie Administratie te Steenhuffel en kan onder meer levensmiddelen en benzine bekomen.  De rest van de dag wordt gewacht op bevelen.

Kolonel Beaupain en zijn stafofficieren maken in de voormiddag een inspectieronde doorheen de zuidelijke sector van de zone van het III/LK.  Ze starten aan de Vilvoordsesteenweg nabij de Budabrug en eindigen aan de bruggen van Kapelle-op-den-Bos.  De bruggen ten zuiden van Humbeek-Sas worden door vernielingsploegen van het Britse leger bewaakt. De brug van Humbeek-Sas en de wegbrug van Kapelle-op-den-Bos zijn voor rekening van de Belgische genie.  De spoorbrug van Kapelle-op-den-Bos is door de Fransen ondermijnd.  Tijdens de namiddag bezoekt de kolonel de commandoposten van Sector Noord te Puurs en Sector Zuid te Londerzeel.  Het 13Gn is inmiddels samen met de 14de Infanteriedivisie naar het westen gestuurd, zodat Sector Zuid geen geniemiddelen heeft buiten de pelotons van de Lichte Regimenten.   Wanneer de kolonel na het avondmaal een motorwielrijder uitstuurt naar Steenhuffel blijkt dat de legerkorpsstaf hier op het punt staat te vertrekken zonder het Commando van de Genie te hebben verwittigd.  Beaupain zet zijn militairen onmiddellijk op weg naar Steenhuffel en kan nog net aansluiten bij de vertrekkende colonne van de legerkorpsstaf.  De colonne houdt halt te Puurs terwijl LtGen de Krahe overleg pleegt op de staf van de 1ste Infanteriedivisie.

Compagnie Administratie III/LK
De compagnie brengt de dag door te Steenhuffel.  Bij het onverwachte vertrek van de legerkorpsstaf uit deze gemeente, breekt paniek uit in de rangen van de eenheid.  Ongeveer de helft der voertuigen en manschappen vlucht in diverse kleine detachementen.  De rest trekt zich als een min of meer georganiseerd geheel samen met de staf terug.

HK III/LK
Het hoofdkwartier heeft Steenhuffel verlaten en verplaatst zich na een oponthoud van enkele uren te Puurs naar Naastveld nabij Lokeren tijdens de tweede helft van de nacht van 17 op 18 mei.  Net voor dageraad steekt de colonne de brug van Temse over.

De 1ste Infanteriedivisie dient op post te blijven langsheen het Kanaal van Willebroek tot de aftocht van de 15de Infanteriedivisie (15Div) uit de zuidelijke zone van de Versterkte Positie Antwerpen voltooid is. De zuidelijke sector is tijdens de nacht van 17 op 18 mei ontruimd en de grenswielrijders en de Rijkswacht trekken zich terug en verlaten het commando van het IIIde Legerkorps.

Van uit diverse hoeken komt kritiek op de verdediging van het Kanaal van Willebroek. Luitenant-generaal Verstraete, bevelhebber van het VIde Legerkorps, laat zich bijzonder negatief uit over het gebrek aan standvastigheid bij het 1ste Licht Regiment. Het Groot Hoofdkwartier is niet te spreken over de nervositeit die heerst op het hoofdkwartier van LtGen de Krahe. Na de aftocht van het Kanaal van Willebroek zal de Krahe een tweederangsrol toegespeeld krijgen. De staf van het IIIde Legerkorps zal pas op 22 mei een nieuwe opdracht krijgen in het achtergebied.

Commando Genie III/LK
Het commando bereikt eveneens Naastveld en zoekt onderdak in een door de bewoners verlaten hoeve langsheen de Naastveldstraat.  Sergeant Taelmeester en Soldaat Belin worden uitgestuurd om levensmiddelen op te halen bij de Compagnie Intendance te De Pinte. De eenheid verlaat Naastveld omstreeks 20u00 en rijdt via Gent en Deinze naar Roeselare.  Het commando wordt rond middernacht ondergebracht in de hoeve van de broers Dutoy aan de Oostnieuwkerkesteenweg.

Geneeskundig Korps III/LK
De medische eenheden van het III/LK verplaatsen zich naar Passendale.

HK III/LK
De legerkorpsstaf komt aan te Roeselare en installeert zich nabij de Koortskapel op de Oostnieuwkerkesteenweg.

Commando Genie III/LK
Het commando verblijft in de hoeve Dutoy aan de Oostnieuwkerkesteenweg.  Een deel van de manschappen logeren in de ondergrondse aardappelkelder.  Er kan de ganse dag uitgerust worden.

IntK III/LK
De Compagnie Intendance is aanvankelijk gestationeerd te Meulebeke, maar verhuist rond het middaguur naar Roeselare.

Kasteel van Rumbeke nabij Vijfwegen waar het TptK op 19 mei werd gereorganiseerd.

Kasteel van Rumbeke nabij Vijfwegen waar het TptK op 19 mei werd gereorganiseerd.

TptK III/LK

  • Staf/TptK
    De Staf/TptK komt aan te Vijfwegen om 00u30 in de vroege ochtend van 19 mei. De voertuigen worden opgesteld in het park van het Kasteel van Rumbeke (oftewel Kaasterkasteel). Om 08u00 wordt het bevel gegeven om voertuigen en materieel te inspecteren en verslag uit te brengen bij de staf tegen 11u00. Het materieel is in goede staat, het moreel van de troepen is goed en alleen het ARCA mist enkele voertuigen. De nacht van 19 op 20 mei wordt te Rumbeke doorgebracht.
  • PARa/TptK
    Het PARa arriveert om 02u10 in Vijfwegen.  De intendance en de legerkorpsstaf weten niet welke eenheden het peloton nu moet bevoorraden waardoor de eenheid dan ook zonder opdracht ter plekke blijft .
  • ARCA/TptK
    Het detachement van Lt Degeer haalt onderweg naar Duinkerke het bewuste transportkorps in maar het blijkt om het Territoriaal Transportkorps van Brussel te gaan. Hij sluit zich aan bij de eenheid van Kapitein-commandant de Jamblinne de Meux en trekt verder richting zuiden van Frankrijk.
  • CieDes/TptK
    De compagnie komt om 02u00 toe te Rumbeke en zoekt er kantonnementen op. De compagnie zal er tot 23 mei verblijven en gaat over tot de inbeslagname van een aantal vrachtwagens om de eenheid verder uit te rusten zodat de aantallen voorzien op de organisatietabellen ingevuld worden.

Cie MiCA III/LK
Om 08u00 wordt de verplaatsing ingezet richting Lendelede ten zuidoosten van Roeselare. De compagnie installeert zich om 10u00 te Lendelede en sluit zo weer aan met de rest van het III/LK. De nacht van 19 op 20 mei wordt te Lendelede doorgebracht.

HK III/LK
De legerkorpsstaf blijft te Roeselare, nabij de Koortskapel op de Oostnieuwkerkesteenweg.

Commando Genie III/LK
Het commando verblijft nog steeds in de hoeve Dutoy aan de Oostnieuwkerkesteenweg.  Kolonel Beaupain besluit eindelijk om het detachement van Sergeant Pilette terug te sturen naar het 23Gn.  Het eigenlijke vertrek van de militairen zal pas op 22 mei plaatsvinden.  De eenheid bereikt hiermee terug zijn organieke slagorde.

HK III/LK
De legerkorpsstaf blijft te Roeselare, nabij de Koortskapel op de Oostnieuwkerkesteenweg.

Commando Genie III/LK
De standplaats van het commando blijft ongewijzigd.  Kolonel Beaupain en zijn stafofficieren worden om 07u00 uitgestuurd naar de samenloop van de Leie en het Afleidingskanaal van de Leie tussen Nevele en Deinze om na te kijken wat de mogelijkheden zijn tot het onderwaterzetten van de oostelijke oever, en om een vernielingsplan voor het tweede echelon van een mogelijke stelling te bepalen.

HK III/LK
De legerkorpsstaf blijft te Roeselare, nabij de Koortskapel op de Oostnieuwkerkesteenweg. Na de Duitse doorstoot tot Abbeville aan de Atlantische kust zijn de geallieerde legers in Noord-Frankrijk en Vlaanderen geheel omsingeld. Het geallieerde oppercommando heeft op 21 mei tijdens de Conferentie van Ieper besloten om de Schelde-linie op te geven. Hierop bepaalt de Belgische legerleiding tijdens de ochtend van 22 mei dat onze strijdkrachten niet zoals afgesproken zullen terugtrekken naar de Ijzer, maar stand zullen houden langsheen de Leie en het Afleidingskanaal van de Leie. Het Groot Hoofdkwartier laat deze terugtocht in twee fases uitvoeren en bepaalt dat de troepen opgesteld tussen het Bruggenhoofd Gent en Oudenaarde zich tijdens de nacht van 22 op 23 mei moet terugtrekken naar de Leie. In deze eerste fase zullen tevens een aantal troepen teruggetrokken worden uit het Bruggenhoofd Gent, de stad Gent en het Kanaal Gent-Terneuzen. Deze zones zullen dan definitief ontruimd worden tijdens de nacht van 23 op 24 mei. Om de Britten toe te laten meer troepen vrij te maken voor de geplande tegenaanval rond Arras, geeft onze legerleiding zijn akkoord om de 44th Infantry Division aan de Schelde af te lossen en de Belgische linies aan de Leie tot aan de rand van Menen te verlengen. De aflossing aan de Schelde wordt afgelast door de snelle ontwikkeling van de Duitse opmars.

Voor het III/LK betekent deze terugtocht dat de Ijzer en het Kanaal Ieper-IJzer niet naar het oosten, maar naar het westen zullen verdedigd worden om een eventuele Duitse doorstoot naar de Belgische legerzone langsheen de Kanaalkust te blokkeren. Vanaf Nieuwpoort tot en met Kilometerpaal 15 van de IJzer zal de 15de Infanteriedivisie (15Div) onder bevel van de Maritieme Basis post vatten. Vanaf Kilometerpaal 15 tot Kilometerpaal 25, het Kanaal Ieper-Ijzer tot en met Ieper zal het IIIde Legerkorps verantwoordelijk zijn voor de verdediging. LtGen de Krahe krijgt hiervoor de beschikking over:

  • De 14de Infanteriedivisie,
  • Het 2de Licht Regiment,
  • Het Bataljon Motorwielrijders Ardeense Jagers,
  • De formaties van de Hulptroepen (HuTL) en de Wachters der Verkeerswegen en Inrichtingen (GVCE) die in deze zone onder bevel van de 2de Groepering Hulptroepen van het Leger (2HuTL) werkzaam zijn,
  • De gevechtsklare elementen van de in Vlaanderen achtergebleven Versterkings- en Opleidingstroepen onder bevel van Kolonel Bruyère.

Het initiële plan bestaat er in om de 14de Infanteriedivisie op de IJzer te ontplooien, gevolgd door het 2de Licht Regiment langsheen het Kanaal Ieper-Ijzer en het Bataljon Motorwielrijders Ardeense Jagers rondom Ieper. De legerkorpsstaf verhuist naar Veurne en kiest een nieuwe locatie uit aan de Bulskampstraat.

Commando Genie III/LK
Het commando verblijft nog steeds in de hoeve Dutoy aan de Oostnieuwkerkesteenweg.  Op vraag van de legerkorpsstaf doet Kolonel Beaupain een voorstel om de beide regimenten van de Grenwielrijders te versterken met elk een geniepeloton.  Dit plan wordt echter niet uitgewerkt.  

Het detachement van Sergeant Pilette vertrekt naar het 23Gn.  De beide lichte vrachtwagens worden echter overgegeven aan het Commando van de Genie.  Vanaf 11u30 maken de manschappen zich klaar voor de aftocht naar het westen.  De colonne vertrekt om 15u00 en rijdt via Diksmuide, Langemark en Avekapelle naar Veurne.  De stad zit propvol vluchtelingen en militairen, en duurt dan ook lang eer een geschikt kantonnement gevonden wordt.  Uiteindelijk wordt een hoeve ingenomen aan de zuidwest rand van Veurne langsheen de baan naar Bulskamp.  De manschappen verblijven op de zolderverdieping.  Op het erf wordt een geïmproviseerde veldkeuken gebouwd.

HK III/LK
Te Ieper is het Bataljon Motorwielrijders Ardeense Jagers gestart met het inrichten van de steunpunten.  De legerkorpsstaf vraagt om de wegbarricades als chicanes aan te leggen zodat het eigen militaire verkeer nog kan passeren.  Het 2de Licht Regiment komt aan op het Kanaal Ieper-Ijzer vanaf 19u00 en start de ontplooiing.  De scheidingslijn tussen de posities van het Bn Moto ChA en het 2RL komt tegenover het station van Boezinge te liggen.

De legerkorpsstaf vertrekt naar Luikhoek nabij Staden.

Commando Genie III/LK
Kolonel Beaupain neemt contact op met het 23Gn te Voormzele.  Het bataljon moet zich verplaatsen naar de westrand van Ieper en moet om de stad een naar het oosten gericht hindernissenplan voorbereiden.  Het bataljon zal door een tegenstrijdig bevel van het Groot Hoofdkwartier deze opdracht echter niet aanvatten.  De kolonel vertrekt hierop met Kapitein-commandant Mercier naar Veurne om de vernieling van de bruggen te plannen. Het commando verlaat Veurne rond 17u00 en rijdt naar Diksmuide.  In deze stad heeft het Britse leger de wegbrug en de spoorbrug over de Ijzer gebarricadeerd.  Er moet heel lang gediscussieerd worden alvorens de Britten bereid zijn om de obstakels te verwijderen.  In de stad zelf zit het verkeer helemaal vast.  Kolonel Beaupain stijgt uit om persoonlijk orde op zake te stellen.  Uiteindelijk bereikt ook deze eenheid de gemeente Staden.  Hier worden twee boerderijen uitgekozen te Luikhoek en tegen 22u30 is iedereen ingekwartierd.

Compagnie Administratie III/3LK
Deze compagnie verhuist eveneens naar Staden.

HK III/LK
De legerkorpsstaf werkt vanuit Luikhoek nabij Staden.  In het dorp bevinden zich nog talrijke elementen van het Britse leger.  Omstreeks 18u30 wordt het Bataljon Motorwielrijders Ardeense Jagers weggeroepen uit de zone van het IIIde Legerkorps door het Groot Hoofdkwartier.  Het bataljon moet onmiddellijk terugkeren naar het IVde Legerkorps om het front tussen Menen en Moorsele te gaan versterken.

Commando Genie III/LK
Om 09u30 vertrekt Kolonel Beaupain naar Klerken om contact te zoeken met het 13Gn, het geniebataljon van de 14de Infanteriedivisie.  Beaupain kan nu beschikken over het 13Gn en het 23Gn voor de ondersteuning van het IIIde Legerkorps.  Daarnaast zijn er ook detachementen van het 32Gn en het 33Gn actief binnen de zone van het korps. Kolonel Beaupain inspecteert later op de dag de voorbereide vernielingen op de Handzamevaart (13Gn), te Diksmuide (33Gn), Fortem (32Gn), Lo (32Gn), Pollinkhove (32Gn), Elzendamme (32Gn) en Driegrachten (33Gn). De legerkorpsstaf laat eveneens weten dat Beaupain indien nodig beroep kan doen op de officieren van de 2de Directie van de Genie en de Versterkingen en op ongeveer 5.000 werkkrachten van de Hulptroepen die te Torhout verblijven.

HK III/LK
De legerkorpsstaf heeft zich verplaatst naar Stadenreken, ten oosten van de bossen en het munitiedepot van Houthulst. Ook het 2de Licht Regiment verlaat het IIIde Legerkorps. De Rijkswachters vertrekken naar het gebied tussen Roeselare en Menen om de Duitse doorbraak aan het zuidelijke Leie-front te helpen keren. De verdediging van het Kanaal Ieper-Ijzer wordt doorgeschoven naar het 36ste Linieregiment. De 14de Infanteriedivisie wordt op die manier uitgespreid over een bijzonder grote sector. De weinige artilleriesteun wordt geleverd door de in Vlaanderen gebleven elementen van het 31ste Regiment Artillerie. De Britse 5th Infantry Division moet post vatten tussen Ieper en Komen om een opening in de frontlinie te voorkomen.

Op zijn linkerflank is zo een zone van een 10-tal Kilometer ontstaan die niet bezet is door troepen. Langsheen de Ijzer en het Kanaal Ieper-Ijzer is een vreemde situatie ontstaan. Het Belgische leger verdedigt de beide waterlopen richting westen om een Duitse doorbraak uit Noord-Frankrijk te kunnen blokkeren, terwijl de Fransen en Britten op de linkeroever post gevat hebben met front naar het oosten, precies om een vijandelijke opmars naar de perimeter van Duinkerke af te dekken. Alleen bij de spoorbrug te Boezinge hebben de Belgen samen met de Fransen post gevat richting oosten.

Commando Genie III/LK
In samenspraak met LtGen de Krahe wordt besloten om voorlopig geen beroep te doen op de werkkrachten van de Hulptroepen uit Torhout.  Beaupain vreest immers niet in het onderhoud van deze militairen te kunnen voorzien.  De kolonel vertrekt na de middag op een nieuwe inspectieronde langsheen Sleihage, Oostnieuwkerke, Westrozebeke, Poelkapelle, Langemark, Pilkem, Boesinge en Houthulst.

HK III/LK
De legerkorpsstaf werkt vanuit Stadenreken nabij Staden. LtGen de Krahe meldt aan het Groot Hoofdkwartier dat de bezetting van Ieper niet gerealiseerd is en ook de verbinding met de 5th Infantry Division niet tot stand is gekomen.  Het zijn de Britten die het initiatief nemen om alle kunstwerken op het Kanaal Ieper-Ijzer te vernielen, met uitzondering van de beide bruggen te Boezinge en de brug te Steenstrate.

Het legerkorps beschikt over de volgende troepen:

  • De 14de Infanteriedivisie
  • De 2de Groepering Hulptroepen van het Leger
  • Het equivalent van zes batterijen van het 15de Regiment Artillerie die als fuseliers ingezet worden
  • De nog aanwezige eenheden van de Versterkings- en Opleidingscentra in België
  • Artilleriesteun van 26 vuurmonden afkomstig van het 22ste Regiment Artillerie en het 31ste Regiment Artillerie

Met deze elementen worden de volgende zones verdedigd:

  • Tussen Kilometerpaal 15 en 25 van de Ijzer en langsheen het Kanaal Ieper-Ijzer wordt de oostelijke oever verdedigd tegen een aanval uit het westen.
  • Tussen Kilometerpaal 19 van de Ijzer en Kilometerpaal 18 van de baan van Diksmuide naar Woumen en de zuidrand van Klerken wordt front gemaakt naar het zuiden.
  • De bruggen over het Lo-kanaal worden verdedigd als afzonderlijke steunpunten.
  • De 2de Groepering Hulptroepen van het Leger wordt ingezet om de Belgisch-Franse grens onder surveillance te houden.

In de namiddag wordt het hoofdkwartier verplaatst.  Aanvankelijk wordt Bovenkerke aangeduid als de nieuwe standplaats, maar dit wordt kort voor het vertrek gewijzigd tot het gehucht Eindsdijk even ten zuiden van Vladslo.

Ten oosten van de operatiezone van het IIIde Legerkorps ligt de zone van het Iste Legerkorps waar in de voormiddag 26 mei de 2de Cavaleriedivisie zich teruggetrokken heeft van de lijn Dadizele-Geluwe naar de spoorlijn Ieper-Roeselare. Deze terugtocht betekent dat de dreiging uit het oosten nu groter wordt en dat een volledig naar het westen gericht dispositief tussen Diksmuide en Ieper geen zin meer heeft. Het Kanaal Ieper-Ijzer wordt op dat ogenblik trouwens tussen Boezinge en Ieper al in die richting verdedigd door de 2e Division Légère Mécanique van het Franse leger.

Commando Genie III/LK
Het commando verlaat Staden omstreeks 14u00 en vervoegt de legerkorpsstaf te Vladslo.   Kolonel Beaupain kiest twee kleine boerderijen uit ten noordoosten van de dorpskern.

HK III/LK
In de tweede helft van de nacht beveelt de staf aan het 14Div om tussen Boezinge en Ieper een aanpassing aan het dispositief uit te voeren.  De bruggen van Boezinge moet nu bezet worden met front naar het oosten.  De oever van het Kanaal Ieper-Ijzer tussen Boezinge en Ieper blijft bezet door de Franse 2e Division Légère Mécanique die al in die richting opgesteld staat.  Ieper moet bezet blijven als anti-tankcentrum, maar de meest dringende dreiging moet nu uit het noordoosten verwacht worden.  Ten noorden van Boezinge moet nog steeds front gemaakt worden naar het westen, maar moeten alternatieve posities richting oosten voorbereid worden.

De Franse en Britse troepen langsheen het Kanaal Ieper-Ijzer maken geen aanstalten om naar het noorden te vorderen en wachten de vijand af. Rond Ieper wordt de continuïteit van de frontlinie zo goed en zo kwaad mogelijk verzekerd door detachementen van het Franse leger en het III/36Li van de 14Div, en het Bataljon Motorwielrijders Ardeense Jagers dat samen met het Wielrijderseskadron van de 1ste Infanteriedivisie het gat tussen Langemark en Zonnebeke tracht te dekken. Wanneer het Groot Hoofdkwartier zich neergelegd heeft bij het nakende einde van de strijd, krijgt het IIIde Legerkorps om 15u15 het bevel om tot het tijdstip van de Belgische overgave een bijdrage te leveren aan de verdediging van Duinkerke. Tussen Steenstrate en de Belgische Kust moet nu front gemaakt worden naar het oosten langsheen het Kanaal Ieper-IJzer en de IJzer. Klerken moet bezet worden met één bataljon dat front naar het zuidwesten dient in te nemen. De 14de Infanteriedivisie brengt zijn steunelementen over naar de linkeroever en start met het verplaatsen van zijn troepen. Een compagnie van het 35ste Linieregiment wordt toegewezen aan de verdediging van Lo. Een compagnie van het 38ste Linieregiment wordt verdeeld over de brug van Schoorbakke en de brug van Sint-Joris. De overige troepen die nog te Veurne zijn, worden doorgestuurd naar het sluizencomplex van Nieuwpoort.

LtGen de Krahe laat om 18u35 weten dat de vijand contact gemaakt heeft met zijn troepen te Pilkem. Het gaat slechts om schermutselingen en de Duitsers lijken niet uit te zijn op een belangrijke aanval. De generaal zit veel meer verveeld met de Franse troepen die in hun ongeduld de bruggen van Boezinge en Steenstrate opgeblazen hebben en hiermee het IIIde Legerkorps van zijn laatste overgangspunten over het Kanaal Ieper-IJzer ontdaan hebben.

Commando Genie III/LK
Het commando werkt verder te Vladslo,  Kolonel Beaupain verblijft de ganse dag op zijn commandopost en laat onder meer de springinrichtingen van de bruggen tussen Diksmuide en Ieper aanpassen zodat deze zowel van op de westelijke als op de oostelijke oever kunnen aangezet worden.  In de vooravond gaat Beaupain op zoek naar de nieuwe kantonnementsplaats van het 32Gn tussen Woumen en Moere, maar het bataljon wordt niet teruggevonden.

HK III/LK
Het hoofdkwartier beëindigt de veldtocht te Vladslo.

Na de capitulatie

Tijdens de mobilisatie

Geneeskundig Korps III/LK
Op niveau korps is sinds oktober 1939 een Medisch-Chirurgisch Centrum (MCC) ingericht te Juprelle. Dit centrum gebruikt het Militair Hospitaal van Luik als evacuatiebestemming. Het Geneeskundig Korps van III/LK wordt bevolen door Geneesheer Kolonel Jacques Disclez tevens medisch raadgever van de legerkorpscommandant. Hij wordt bijgestaan door Geneesheer Luitenant-kolonel Claes.

Geneeskundig Korps III/LK
Op 10 mei meldt Geneesheer Luitenant-kolonel Claes om 04u30 dat zijn MCC volledig operationeel is. Rond het middaguur wordt met personeel in overtal een tweede, geïmproviseerde Medische Versterkingscompagnie samengesteld die in zijn geheel gedetacheerd wordt naar het 4de Regiment Karabiniers-Wielrijders in een poging om alle gevechtseenheden van een min of meer gelijkwaardige medische steun te voorzien. De compagnie bereikt de staf van het 4Cy om 17u00.

Geneeskundig Korps III/LK
De medische eenheden ontvangen het evacuatiebevel om 11u30. Het MCC te Juprelle wordt gesloten. De niet-vervoerbare gewonden worden aan het Rode Kruis overgedragen en achtergelaten. De colonnes zetten zich op weg naar Borgworm en lopen hiermee recht op de vijandelijke marsrichting af. Het duurt dan ook niet lang eer de eerste incidenten plaats vinden. De Hygiënetrein wordt kort na het vertrek door een luchtaanval gegrepen nabij het kruispunt van de baan naar Xhendremael en de steenweg op Tongeren. Van de 13 vrachtwagens die de eenheid bezit, worden er 10 vernield in het bombardement. De overige eenheden bereiken Borgworm en kunnen enkele uren voor de komst van de vijand doorheen Hannuit trekken. Vervolgens wordt via Geldenaken koers gezet naar Waver.

Geneeskundig Korps III/LK
De staf van het geneeskundig korps bereikt Waver rondom 03u00 en wacht de komst van zijn eenheden af. Na een pauze van enkele uren wordt besloten om verder te trekken. Omstreeks 08u00 wordt te Genappe halt gehouden. Te Borgworm wordt de apotheek van de Geneeskundige Ambulance door de vijand ingehaald.  Apotheker Luitenant Pierard en oftalmoloog Geneesheer Luitenant George worden samen met het personeel krijgsgevangen gemaakt.\

Geneeskundig Korps III/LK
Het korps bereikt Nijvel omstreeks 08u30 en zal hier de ganse dag uitrusten. Te 19u30 wordt de mars hervat. De medische eenheden worden doorgezonden naar het achtergebied en zullen in de komende dagen te Aalter en Waardamme gehergroepeerd worden.

Geneeskundig Korps III/LK
Het geneeskundig korps vestigt zich te Waardamme en blijft er tot 18 mei.

Geneeskundig Korps III/LK
De medische eenheden van het III/LK verplaatsen zich naar Passendale.

Geneeskundig Korps III/LK
De medische eenheden van het III/LK verhuizen naar Gits. De Paardenartsenijdienst van het IIIde Legerkorps verdwijnt uit de slagorde en zal zich te Koekelare aansluiten bij de Ziekenstal van het Leger.

Na de capitulatie

Tijdens de mobilisatie

Het hoofdkwartier van het IIIde Legerkorps stond opgesteld in de citadel van Luik.

Militaire bakkerij in Bressoux waar het Intendancekorps zijn magazijnen had aangelegd (vooroorlogse foto)

Militaire bakkerij en slagerij van het 3TerIntK in Bressoux waar het IntK zijn magazijnen had aangelegd (vooroorlogse foto)

IntK III/LK
Het Intendancekorps van het IIIde Legerkorps (IntK III/LK) is een eenheid ter grootte van een compagnie die de voorraadmagazijnen van het III/LK beheert. Deze magazijnen bevinden zich tijdens de mobilisatie in de gebouwen van de 1ste Provianddienst van het 3de Territoriale Intendancekorps (3TerIntK) gelegen te Bressoux (buitenwijk van Luik op de rechter Maasoever) in de Rue du Moulin Nr 228. In de onmiddellijke omgeving van de magazijnen bevindt zich ook het spoorwegstation van Bressoux, het bevoorradingsstation (oftewel Gare de Ravitaillement – GRa) van het III/LK waar de Dagelijkse Bevoorradingstreinen met levensmiddelen bestemd voor de legerkorpstroepen van het III/LK toekomen. Dit zijn de organieke legerkorpseenheden van het III/LK (zoals 15A, 23Gn en 23TTr), het HK met zijn logistieke eenheden (TptK, Cie MiCA, Geneeskundig Korps) en de versterkingen die op niveau legerkorps aan het III/LK werden toegevoegd (zoals 1L, 4Cy, 1CyF en 2CyF). Deze eenheden worden geravitailleerd in levensmiddelen, munitie en materieel door de verschillende Autopelotons van het Transportkorps die de bevoorrading vanuit de magazijnen van het IntK naar de eenheden brengt. De Compagnie Intendance wordt bevolen door Lt Janssens.

TptK III/LK
Het Transportkorps van het III/LK (TptK III/LK) wordt bevolen door Kolonel Lefebvre en beschikt over een staf, enkele pelotons (1PAMA en 2PAMA) die moeten instaan voor de bevoorrading van artilleriemunitie van het legerkorps, een autopeloton bevoorrading levensmiddelen (PARa) en een autopeloton bevoorrading materieel (PAMat). Naast de bevoorradingspelotons beschikt het korps ook over een atelier voor de herstelling van het voertuigenpark (ARCA), een atelier voor de herstelling van het materieel (ARM) en een Ontsmettingscompagnie (oftewel Compagnie de Désinfection – CieDes). Aan de vooravond van de oorlog bevindt de commandopost van het TptK zich te Bressoux op de rechter Maasoever. 

Cie MiCA III/LK
De Compagnie Luchtafweermitrailleurs van het IIIde Legerkorps (oftewel Compagnie Mitrailleurs Contre-Avions – Cie MiCA III/LK) werd samengesteld uit reservisten komende van een infanterieregiment. De compagnie beschikt over zes pelotons die samen 24 lichte Maxim mitrailleurs bezitten, waarvan er 18 op vrachtwagens kunnen geïnstalleerd worden om de mobiele luchtverdediging van het HK en de korpstroepen te verzekeren. Tot 10 april 1940 was de Cie MiCA III/LK een onderdeel van het transportkorps, na 10 april werd de eenheid een onafhankelijke compagnie. Toch wordt de compagnie hoofdzakelijk ingezet voor de luchtverdediging van logistieke eenheden van het III/LK. De commandopost van de Cie MiCA III/LK bevond zich tijdens de mobilisatie te Momalle, een gehucht van Fexhe-le-Haut-Clocher. Momalle is niet alleen de voorziene opstelplaats voor de Staf/TptK III/LK in geval van alarm, het is tijdens de mobilisatie ook de opstelplaats van de vier Autopelotons munitie (1PAMA, 2PAMA, 1PAMI en 2PAMI) van de 3de Infanteriedivisie (3Div). De Cie MiCA III/LK wordt bevolen door Lt Res Renette die wordt bijgestaan door de Luitenanten van de reserve Chavagne, Faway, Michenaud, Duchesne, Jacob en Cox die de functie van pelotonscommandant uitoefenen. Aan de vooravond van de oorlog bevindt de CP Cie MiCA III/LK zich nog steeds te Momalle alsook het 2Pl, het 3Pl, het 4Pl en het 6Pl. Deze pelotons voerden begin maart nog schietoefeningen uit te Lombardsijde. Het 1Pl en het 5Pl bevinden zich te Odeur nabij Xendremael waar ze de luchtverdediging verzekeren het 1PAMA en het 2PAMA van het TptK III/LK. Eén van de twee pelotons wordt bevolen door Lt Duchesne. 

IntK III/LK
Om 05u25 meldt de Sectie Levensmiddelen van het PARa zich aan bij het Intendancekorps in de Rue du Moulin te Bressoux voor het afhalen van de dagelijkse bevoorrading levensmiddelen voor het IIde Bataljon van 4Cy (II/4Cy). Om 06u00 komt de Sectie Levensmiddelen opnieuw langs om de levensmiddelen op te halen voor de verschillende korpstroepen. De bevoorradingsronde wordt zonder problemen uitgevoerd, om 13u30 zijn alle vrachtwagens teruggekeerd naar de Rue du Moulin behalve de camions uitgestuurd naar I/4Cy en I/2L. Om 17u30 wordt het RV meegedeeld aan het PARa voor de bevoorradingsronde van de volgende dag. De Sectie Levensmiddelen van het PARa dient zich op 11 mei om 02u00 aan te melden in de Rue du Moulin voor het laden van de levensmiddelen voor de volgende bevoorradingsronde.

TptK III/LK

  • Staf/TptK 
    Lt Dehoux, officier van wacht in de commandopost van het TptK te Bressoux, wordt om 00u30 door het HK van het III/LK op de hoogte gebracht van de afkondiging van het werkelijk alarm en geeft dit order onmiddellijk door aan de verschillende ondereenheden van het TptK. Even later verwittigd het HK van het III/LK dat er parachutisten geland zijn nabij Luik waarop Kolonel Lebevre met Luitenant Heine om 06u00 op inspectieronde vertrekt langs de verschillende kantonnementen van het TptK. De toestand is overal onder controle, de landing van parachutisten blijkt om een afleidingsmanoeuvre te gaan met geuniformeerde poppen. Om 08u45 krijgt de Staf/TptK het bevel om zijn CP naar Momalle ten westen van de Maas over te plaatsen. Kol Lefebvre en Lt Heine vertrekken als eersten om 09u00, de colonne van de Staf wordt aangevoerd Kapitein-commandant Riga, de Adjudant-majoor van het TptK. Vanaf 10u30 is de CP van het TptK operationeel te Momalle. Het TptK wordt vanaf nu aangestuurd door het 2de Ech van het HK III/LK dat zich te Awans bevindt.
  • 1PAMA en 2PAMA/TptK
    De twee Autopelotons Munitie Artillerie vormen samen een groepering die staat opgesteld te Odeur nabij Xhendremael. Deze groepering wordt vermoedelijk bevolen door Cdt Rosmant (TBC).
  • PARa/TptK 
    Het Autopeloton Bevoorrading (PARa) wordt bevolen door Kapitein Gourlez de la Motte die wordt bijgestaan door Lt Res Pecheur. Het PARa kantonneert in de Ferme des Boues aan de Rue de Jupille te Bressoux (huidige Rue Winston Churchill) en wordt er door Lt Dehoux van de Staf/TptK om 02u15 op de hoogte gebracht van het algemeen alarm. De manschappen worden onmiddellijk uit hun bed gelicht om een eventuele verplaatsing van het PARa voor te bereiden. Om 04u30 laat Lt Heine weten dat de pelotonsstaf en de Sectie Materieel zich naar het alarmkantonnement van het PARa te Celles-lez-Waremme (huidige gemeente Faimes, ten zuiden van Waremme) moeten verplaatsen. Na einde verplaatsing moet verbinding gemaakt worden met het CP van het TptK. De Sectie Levensmiddelen van Luitenant Pecheur moet op bevel te Bressoux blijven.  Een eerste opdracht komt binnen, de Sectie Levensmiddelen moet om 05u25 het IIde Bataljon van 4Cy (II/4Cy) met levensmiddelen bevoorraden. Om 06u00 vertrekt de Sectie Levensmiddelen opnieuw naar het Intendancekorps voor de bevoorrading van de rest van de eenheden. De pelotonsstaf en de Sectie Materieel vertrekken even na 06u00 naar Celles-lez-Waremme waar ze om 08u00 toekomen en zich installeren in de Ferme Cadoul gelegen langs de baan naar Moxhe in het gehucht Saives. Omdat er geen telefonisch contact met de Staf/TptK meer mogelijk is wordt om 09u30 een estafette per moto naar  Bressoux gestuurd om de Staf/TptK de aankomst van het PARa te Celles te melden. Op dat ogenblik heeft de Staf Bressoux echter al verlaten.
  • ARCA/TptK 
    Het Atelier voor Herstelling van het Wagenpark (oftewel ARCA) bevindt zich te Waremme (oftewel Borgworm).
  • CieDes/TptK 
    De Ontsmettingscompagnie (CieDes) werd initieel gemobiliseerd te Velm op 1 september 1939 maar terug gedemobiliseerd op 31 januari 1940 tot de afkondiging van de algemene mobilisatie. Op 10 mei, na de start van de vijandelijkheden wordt de compagnie terug gemobiliseerd te Velm. De CieDes staat onder bevel van Lt Res Bonjean die wordt bijgestaan door de Luitenanten van de reserve Danloy en Burton.

Cie MiCA III/LK 
De compagnie wordt om 02u25 te Momalle gealarmeerd. Het 3Pl en het 4Pl nemen de voorziene alarmposities in nabij Momalle. Het peloton van Lt Michenaud wordt als eerste van de vier pelotons die zich te Momalle bevinden uitgestuurd. Het Peloton Michenaud krijgt de opdracht om zich naar Celles-lez-Waremme te verplaatsen teneinde de luchtverdediging te verzekeren van de standplaats van het PARa/TptK. Om 21u00 arriveert een schriftelijk bevel van de Staf/TptK III/LK om een peloton uit te sturen naar het bevoorradingsstation munitie van het III/LK te Borgworm.

IntK III/LK
Volgend op de beslissing om de 2Div en de 3Div terug te trekken naar de linker Maasoever heeft het Intendancekorps eveneens het bevel gekregen om Bressoux te verlaten. Ook de 1ste Provianddienst van het 3TerIntK moet zijn magazijnen ontruimen. Lt Janssens brengt de Sectie Levensmiddelen van het PARa om 00u40 op de hoogte dat de voorraden opgeslagen te Bressoux onmiddellijk moeten worden opgeladen. De sectie komt toe om 01u25 en begit onmiddellijk met het opladen van de aanwezige voorraad. Om 01u40 wordt gestopt met het laden van de opgeslagen goederen waarna het IntK zich naar de linker Maasoever begeeft. Een grote hoeveelheid levensmiddelen blijft achter te Bressoux.

TptK III/LK

  • Staf/TptK 
    Om 05u00 voert Kolonel Lefebvre vanuit Momalle een nieuwe inspectieronde uit langs de verschillende kantonnementen van het TptK en stelt vast de het moreel van de manschappen uitstekend is. Lt Heine wordt om 09u30 belast met de verkenning van een gedeelte van de baan van Sint-Truiden naar Luik (N3) en moet op zijn terugweg langs het 2Ech van het HK van het III/LK te Awans passeren. Hij stelt vast dat de vijandelijk luchtmacht bijzonder actief is en zelfs individuele voertuigen mitrailleert. Van vluchtelingen uit Kanne verneemt hij dat het Fort van Eben-Emael gevallen is. Het 2Ech van het HK heeft geen nieuwe orders voor het TptK. In een poging om nieuwe orders te bekomen wordt Lt Hechtermans van het 1PAMA om 15u30 naar het 2Ech van het HK te Awans gestuurd. Hij geraakt niet ver, zijn voertuig wordt gebombardeerd en zijn chauffeur raakt ernstig gewond. Lt Dehoux wordt dan maar met dezelfde opdracht belast maar wanneer hij om 17u30 terugkomt blijken er nog steeds geen nieuwe orders te zijn. Om 18u00 brengt de commandant van de groepering PAMA de staf telefonisch op de hoogte van de aanwezigheid van Duitse pantservoertuigen in Nerem, ten zuidoosten van Tongeren. Een half uur later komt Lt Dumont de Chassart van het 2PAMA op de CP toe met dezelfde boodschap, hij wordt doorgestuurd naar het 2de Ech van het HK te Awans om de Commandant Artillerie (CA Corps) van het legerkorps hiervan op de hoogte te brengen. Om 19u00 komt Lt Dumont de Chassart terug op de CP te Momalle met de boodschap dat het 2Ech van het HK Awans al verlaten heeft naar een voor hem onbekende bestemming. Op dat ogenblik valt elke verbinding met de groepering PAMA uit. Bewust van de ernst van de situatie, Odeur ligt nauwelijks vijf kilometer verwijderd van Momalle, beveelt Kolonel Lefebvre om 19u30 de afmars uit Momalle. De eenheden moeten zich via Hannuit naar Wasseige terugtrekken.  De staf verlaat Momalle omstreeks 20u00.
  • 1PAMA en 2PAMA
    Om 18u00 meldt de commandant van de groepering PAMA telefonisch vanuit Odeur aan de Staf/TptK dat hij door officieren van de Iste Groep van het 2de Regiment Lansiers (I/2L), die langs Odeur terugtrekken richting Borgworm, op de hoogte werd gebracht van de aanwezigheid van Duitse pantservoertuigen in Nerem (ten zuidoosten van Tongeren) en te Widooie (ten zuidwesten van Tongeren). Beide locaties bevinden zich op minder dan 10 kilometer van Odeur. Ook Tongeren zou al door de vijand zijn ingenomen. Hij stuurt bij hoogdringendheid Lt Dumont de Chassart een van de officieren van 1PAMA met dezelfde boodschap richting Momalle terwijl de rest van de groepering zich klaarmaakt om te vertrekken. Slechts een gedeelte van de groepering PAMA raakt tijdig weg uit Odeur. Cdt Rosmant en Lt Bodeux, bevelhebber van 2PAMA wordt omstreeks 19u00 krijgsgevangen genomen te Odeur.
  • PARa/TptK 
    Om 00u40 ontvangt de Sectie Levensmiddelen van het PARa de opdracht om voorraden van de intendance aan de Rue du Moulin te Bressoux op te laden en naar Celles te brengen. De manschappen worden opgetrommeld en naar hun voertuigen gestuurd. De colonne komt aan om 01u25 en de sectie wordt onmiddellijk aan het werk gezet.  Nog geen kwartier later volgt een tegenbevel.  Het detachement moet het laden onmiddellijk stopzetten om vervolgens de Maas over te steken en de rest van het peloton PARa te Saives nabij Celles te vervoegen.  De voertuigen bereiken Saives omstreeks 04u00.  Van hieruit wordt de Sectie Levensmiddelen om 04u30 uitgestuurd naar de beenhouwerij van de intendance die zich te Bovenistier bevindt om een voorraad vlees op te laden. De colonne keert vervolgens om 07u00 terug naar Celles en moet er wachten op orders voor de distrubutie van de opgehaalde levensmiddelen. Lt Heine geeft om 09u30 het bevel beducht te zijn voor parachutisten en om het Pl MiCA van Lt Michenaud in verhoogde staat van paraatheid te houden. Het PARa wacht de ganse dag verdere bevelen af. Om 18u00 meldt een Britse liaisonofficier (behorende tot de Staf van de 1ste Cavaleriedivisie  – TBC) dat de vijandekijke voorhoede Borgworm bereikt heeft en het peloton onmiddellijk de aftocht moet blazen. Om 19u25 neemt Cdt Gourlez contact op met de Staf/TptK en vraagt om orders. Hierop wordt het peloton wordt via Hannuit naar Geldenaken en Waver bevolen. De terugtocht verloopt doorheen de nacht. Onderweg wordt de colonne door een misverstand van een verkeersregelaar in twee gesplitst. Terwijl Kapitein Gourlez zich met het gros van de voertuigen richting Genappe begeeft rijdt de Sectie Levensmiddelen verder naar Waver. 
  • CieDes/TptK
    Lt Bonjean neemt om 16u00 contact op met de Staf/TptK te Momalle en krijgt het bevel zijn compagnie te Velm klaar te houden voor een verplaatsing tijdens de nacht van 10 op 11 mei. Omdat het uitvoeringsbevel voor de afmars uitblijft stuurt Lt Bonjean een estafette naar Momalle om nieuwe orders te bekomen. De estafette komt om 23u30 terug met de boodschap dat de CP van het TptK Momalle reeds verlaten heeft en dat alle wegen overvol terugtrekkende troepen zitten. Hierop neemt Lt Bonjean het initiatief om zijn compagnie via Wezeren en Hannuit naar Geldenaken (oftewel Jodoigne) te verplaatsen.

Cie MiCA III/LK
Kort na 08u00 wordt het station van Borgworm en de standplaats van het ARCA/TptK III/LK gemitrailleerd door enkele Duitse vliegtuigen.  De luchtafweermitrailleus komen in actie, maar kunnen de vijand geen schade toebrengen. Omstreeks 10u30 volgt een tweede luchtaanval op de bevoorradingsplaats.  Vanaf 13u00 volgen verdere vijandelijke acties met grote regelmaat. Om 17u00 wordt Lt Renette geconvoceerd op de CP van het TptK III/LK om nieuwe orders in ontvangst te nemen. Hij draagt het commando van de compagnie over aan Lt Chavagne en wordt door een moto met zijspan naar de CP van het TptK gebracht. Ondertussen wordt de colonne gevormd; klaar om te vertrekken op bevel. In de colonne bevinden zich de voertuigen van de compagniestaf en de voertuigen van het 3Pl en het 4Pl. Ondertussen wordt het Peloton Duchesne samen met het 2PAMA te Odeur overrompeld door de Duitse voorhoede en krijgsgevangen genomen. Om 19u30 vertrekt de colonne van de Cie MiCA onder leiding van Lt Chavagne richting Hannuit. De colonne passeert Celles waar het PARa en het Peloton Michenaud nog steeds staan opgesteld. Het voertuig van Lt Chavagne rijdt echter te snel en bij het buitenrijden van Hannuit is de luitenant al uit het zicht verdwenen. Sergeant van de Aministratie Delmotte, die echter niet over een kaart beschikt, neemt nu de colonne op sleeptouw richting Tienen en vervolgens richting Leuven. Net voorbij Tienen wordt een voertuig van de Staf/3Div opgepikt en iets later een peloton van het Geneeskundig Korps van het III/LK. De colonne bereikt Leuven maar mag de stad niet doortrekken, er moet worden omgereden langs Korbeek-Lo en Bierbeek. De colonne houdt om 24u00 halt te Bierbeek om te hergroeperen.

IntK III/LK
De Compagnie Intendance wordt in de vroege ochtend verplaatst naar Gembloers en komt er omstreeks 05u00 toe.

TptK III/LK

  • Staf/TptK
    De eerste elementen van het TptK bereiken Wasseiges omstreeks middernacht en worden door een stafofficier van het III/LK doorgestuurd naar Gembloers.  De colonne houdt om 03u00 halt te Sauvenière, net voor het binnenrijden van Gembloers. Stafofficieren gaan op zoek naar het hoofdkwartier van het III/LK te Gembloers en te Waver echter zonder resultaat.  In Waver wordt wel een detachement van het Geneeskundig Korps van het III/LK teruggevonden dat eveneens geen contact meer heeft met de legerkorpsstaf. De staf van het Geneeskundig Korps laat weten dat ze besloten hebben om naar Genappe door te rijden. Uiteindelijk wordt om 05u30 contact gemaakt met de Compagnie Intendance te Gembloers die weet te zeggen dat het 2de Ech van het HK zich in het “Institut Agronomique de l’Etat” van Gembloers bevindt. Kolonel Lefebvre neemt om 06u00 contact op met het 2Ech van het HK en krijgt er te horen dat alle elementen van het TptK in Gembloers moeten worden samengebracht.  Dit lukt slechts ten dele. Vanaf 08u30 begint de vijandelijke luchtmacht Gembloers te bombarderen, vooral het station wordt geviseerd. Het bombardement blijft duren tot 12u00. Onder druk van de aanhoudende bombardementen krijgt het TptK van het 2de Ech van het HK de toelating om zich in kleine groepjes naar Genappe te begeven. Kapitein-commandant Spinetto wordt belast met deze opdracht. Om 20u00 is nagenoeg het volledige TptK in Genappe aangekomen met uitzondering van het PARa en een gedeelte van het ARCA die zich te Rixensart bevinden en de groepering PAMA die in Odeur door de vijand overvallen werd en in alle richtingen uiteenstoof, voor zover ze niet krijgsgevangen werden genomen.
  • PARa/TptK 
    De Sectie Levensmiddelen van het PARa bereikt zoals opgelegd in de orders Waver omstreeks 04u15 en houdt halt op de Place de la Gare, de rest van het PARa onder leiding van Kapt Gourlez komt aan te Genappe. Te Wavre bevindt zich ook Lt Vanderlinden met een gedeelte van het ARCA. De colonne van de Sectie Levensmiddelen wordt samengevoegd met de colonne van het ARCA en vertrekt om 05u00 onder leiding van Luitenant Vanderlinden naar Rixensart.  Vanderlinden stelt zijn colonne op in de bossen nabij het Château de l’Etoile van de familie de Mérode [4]. Hier vindt het detachement van Kapitein Gourlez, bestaande uit ongeveer 75 manschappen en 24 vrachtwagens, om 12u40 opnieuw aansluiting met de Sectie Levensmiddelen. Later op de dag wordt contact opgenomen met de Staf/TptK die zich te Genappe bevindt en om orders gevraagd teneinde de ravitailleringsopdracht voort te zetten. De staf heeft echter geen enkel idee waar de rest van de eenheden van het III/LK zich ergens bevinden. Om 16u30 komt een Britse luchtafweerbatterij toe op de stelling van het PARa waarop aan de Staf/TptK gevraagd wordt om van stelling te mogen wisselen. Hierop komt om 19u00 het antwoord dat het PARa zich de volgende dag om 03u30 naar Kasteelbrakel (oftwel Braine-le-Château) moet verplaatsen.
  • ARM/TptK 
    Bij het Atelier voor Herstelling van het Materieel is de Sectie Vuurmonden onderweg eveneens verloren gereden.  De sectie zal uiteindelijk rond 15u00 te Genappe toekomen en zich bij de rest van het TptK voegen.
  • CieDes/TptK
    De colonne van de CieDes passeert Geldenaken omstreeks 04u00 en zoekt kantonnementen op in het gehucht Saint-Marie nabij Geldenaken. Om 10u00 slaagt Lt Bonjean erin de Staf/TptK te contacteren te Gembloers. Hij krijgt het bevel om zich tijdens de nacht van 12 op 13 mei naar Haute-Genval te begeven.

Cie MiCA III/LK
Sgt Delmotte beslist om via Bevekom naar Waver te rijden. De colonne zet zich terug in gang en bereikt Bevekom zonder problemen om 03u30. Hier wordt halt gehouden om de voertuigen te tanken maar wanneer er parachutistenalarm wordt ontketend vertrekt de colonne onmiddellijk zonder bevoorrading naar Waver waar ze tegen 05u30 toekomen. Hier wordt opnieuw halt gehouden om te hergroeperen en op zoek te gaan naar de hergroeperingszone van het TptK III/LK. Terwijl gewacht wordt op nieuwe orders komt het peloton van Lt Faway aan te Waver. Lt Faway neemt het commando van de compagniecolonne over van Sgt Delmotte en zet na te zijn bevoorraad met brandstof door het PARa III/LK de terugtocht verder richting Genappe. Er moet regelmatig omgereden worden omdat Franse colonnes de hoofdweg gebruiken. Genappe wordt om 12u00 bereikt. Er worden kantonnementen opgezocht te Genappe om de manschappen de nodige rust te gunnen. Later op de dag komt de Staf/TptK vanuit Gembloers toe te Genappe waarna Lt Faway zich onder bevel stelt van deze staf.

TptK III/LK

  • Staf/TptK
    De meeste eenheden van het TptK, met uitzondering van de groepering PAMA en het PARa zijn nu te Genappe samengebracht en kunnen hier uitrusten en reorganiseren. Met uitzondering van twee valse parachutistenalarmen verloopt de dag zonder incidenten. De nacht van 13 op 14 mei wordt te Genappe doorgebracht.
  • PARa en ARCA/TptK 
    Het het PARa en het detachement Vanderlinden van het ARCA verlaten Rixensart zoals bevolen om 03u30 om plaats te maken voor de toegekomen eenheden van de British Expeditionary Force (BEF). De colonne rijdt naar Kasteelbrakel in de hoop zo uit de Britse legerzone te blijven en komt er toe tegen 06u00. Hier wordt opnieuw contact opgenomen met de Staf/TptK en het IntK III/LK met het oog op het voortzetten van de bevoorradingsopdracht ten voordele van de korpstroepen maar niemand kan de locatie doorgeven van de te bevoorraden eenheden. De nacht van 13 op 14 mei wordt dan maar doorgebracht te Kasteelbrakel.
  • CieDes/TptK
    De CieDes installeert zich te Haute-Genval om 01u00. In de late namiddag, tegen 16u00, slaagt de compagniestaf erin contact te nemen met de Staf/TptK in Genappe. Hij krijgt nu het bevel zich te verplaatsen naar Basse-Genval hetgeen ook uitgevoerd wordt. Hier zal de compagnie verblijven tot 15mei.

Cie MiCA III/LK
De compagnie hervat zijn luchtverdedigingsopdracht en vanaf 04u00 ‘s morgens nemen de overgebleven mitrailleursposten stellingen in. Om 10u30 wordt een parachutistenalarm afgkondigd. De manschappen van de compagnie die zich niet op stelling bevinden gaan op zoek naar parachutisten.

TptK III/LK

  • Staf/TptK
    De meeste eenheden van het TptK bevinden zich nog steeds te Genappe waar werk gemaakt wordt van het onderhoud van het materieel. In de loop van de dag komt een telefonisch bericht binnen dat de Staf/TptK tegen 05u00 de volgende dag een verbindingsofficier moet sturen naar het 2Ech van de het HK dat zich in de locatie “Pont d’Amour (TBC)” nabij Fleurus bevindt om er nieuwe orders in ontvangst te nemen. Lt Heine wordt voor deze opdracht aangeduid. De nacht van 14 op 15 mei wordt eveneens in kantonnementen te Genappe doorgebracht. 
  • PARa/TptK
    Het PARa en een deel van het ARCA bevinden zich bij het aanbreken van de dag nog steeds te Kasteelbrakel.  Omstreeks 08u30 komen nog enkele verloren gereden vrachtwagens van de PAMat onder leiding van Lt Barbier aan op deze locatie. In de namiddag komen enkele gevechtstreinen van Franse eenheden toe te Kasteelbrakel met de bedoeling de kantonnementen bezet door het PARa in te nemen. Het peloton vraagt aan de Staf/TptK om verder naar het westen terug te trekken. Om 14u30 worden de vrachtwagens van de Sectie Levensmiddellen op bevel van de Intendant van het III/LK, 1ste Kapitein Van Duysen, naar Sart-Dame-Avelines gestuurd om er 18 ton noodrantsoenen bestemd voor het III/LK op te laden.  Ondertussen ontvangt Kapt Gourlez om 15u40 het bevel om zich naar Opwijk nabij Merchtem te verplaatsen.  De colonne vertrekt omstreeks 17u00, en komt aan om 20u30.  Tegen 22u00 zijn alle manschappen te Opwijk ingekwartierd, een afgevaardigde wordt naar het gemeentehuis van Merchtem gestuurd in afwachting van de aankomst van de rest van het TptK. Wanneer de Sectie Levensmiddelen om 17u45 te Sart-Dame-Avelines toekwam bleken de gevechtsrantsoenen reeds opgehaald te zijn door de intendance. De sectie keert onverrichter zake terug naar Kasteelbrakel waar ze om 18u10 vernemen dat de rest van het PARa reeds naar Opwijk vertrokken is. De Sectie Levensmiddelen bereidt zich voor om in tijdens de nacht van 14 op 15 mei de rest van het peloton in Opwijk te vervoegen. 

Cie MiCA III/LK
Om 15u00 wordt de opmars naar Opwijk ingezet en tegen 21u00 komt de compagnie in Opwijk aan waar zich het PARa reeds bevindt. De nacht van 14 op 15 mei wordt te Opwijk doorgebracht.

IntK III/LK
De intendance heeft zich van Gembloers naar Lebbeke verplaatst waar ze kantonnementen hebben opgezocht.

TptK III/LK

  • Staf/TptK
    Lt Heine vertrekt om 04u00 naar Fleurus. Hier ontvangt hij de nieuwe orders voor het TptK van GenMaj Jadot, Commandant Artillerie van het III/LK, die nu belast is met de reorganisatie van de korpstroepen van het III/LK. Om 11u00 beveelt de legerkorpsstaf om de elementen van het TptK die zich te Genappe bevinden over te brengen naar Merchtem, de geplande reorganisatiezone voor het TptK.  De eerste colonne verlaat Genappe om 13u00. De colonnes van het TptK komen helemaal vast te zitten ter hoogte van Asse waar de wegen overvol zitten met terugtrekkende Britse eenheden van de BEF en gevluchte burgers. De officieren van het TptK helpen om de verkeerssituatie te deblokkeren. Tegen 19u00 vervoegt Lt Heine de colonne van het TptK te Asse. Nadat de verkeersproblemen nabij Asse min of meer opgelost zijn kan het TptK zijn reisweg voortzetten. De rest van de mars verloopt nog moeizaam waardoor de staf Merchtem pas bereikt  bij valavond. Kolonel Lefebvre installeert zijn commandopost om 22u00 op de markt van Merchtem nabij de Onze-Lieve-Vrouw-ter-Nood kerk.
  • PARa/TptK
    Om 0u45 komt Lt Pecheur met zijn sectie toe te Merchtem van waaruit hij contact kan opnemen met Lt Heine. Die stuurt hem door naar Opwijk waar de rest van het PARa zich bevindt. Het autopeloton is nu opnieuw volledig. Om 07u30 wordt met drie vrachtwagens een bevoorradingsronde levensmiddelen uitgevoerd naar de eenheden van het III/LK die zich in de buurt van Merchtem bevinden. Om 18u00 ontvangt het PARa het bevel om zich voor te bereiden voor een verplaatsting naar Brugge. Een uur later wordt dit order herroepen.
  • ARCA/TptK
    Het magazijn wisselstukken van het ARCA bevolen door Lt Degeer bestaat nog uit 39 militairen en 8 motorvoertuigen, waarvan een zware vrachtwagen die als rijdend magazijn dienst doet.
  • CieDes/TptK
    Om 14u30 start ook de CieDes zijn verplaatsing richting Opwijk waar tegen de avond kantonnementen worden opgezocht. De compagnie blijft enkele dagen gekantonneerd in Opwijk.

Cie MiCA III/LK
De compagnie laat zijn mitrailleurs stelling nemen rond Opwijk vanaf dageraad. Er zijn die dag meerdere overvluchten.

IntK III/LK
Om 06u00 worden komen vier vrachtwagens van de Sectie Levensmiddelen van het PARa toe om eten op te laden voor de bevoorradingsronde van 16 mei. De intendance krijgt in de late namiddag het bevel om Lebbeke te verlaten en naar Lede te verhuizen.  De eenheid zal voor de verhuis naar zijn nieuwe opstelplaats worden bijgestaan door de Sectie Levensmiddelen.

TptK III/LK

  • Staf/TptK
    Om 10u00 wordt Kolonel Lefebvre op de hoogte gebracht dat hij met zijn Adjudant-majoor Cdt Riga, om 15u00 aanwezig moet zijn op de ordergroep voor de verdediging van het Kanaal van Willebroek.  Lt Dehoux krijgt om 12u00 opdracht om zich als verbindingsofficier van het TptK aan te melden op het 2Ech van het HK. Tijdens de ordergroep van 15u00 verneemt Kol Lefebvre dat het transportkorps de bevoorrading aan levensmiddelen, materieel en brandstof van de eenheden op niveau legerkorps dient te hervatten. De Staf/TptK verlaat Merchtem en verhuist naar het nabijgelegen Baardegem. Te Opwijk arriveren nog eens zeven vrachtwagens die na de aftocht uit Luik verloren gewaand waren. 
  • PARa/TptK
    De dagelijkse bevoorradingsronde start om 06u00 wanneer levensmiddelen bij het IntK worden opgehaald. Cdt Gourlez krijgt opdracht om vrachtwagens en materieel op te eisen zodat hij zijn opdracht ten volle kan uitvoeren. Hij stuurt ook twee gegradueerden uit naar Borgworm en Genappe om achtergebleven voertuigen op te sporen. Beide gezanten komen ten 16u30 overrichter zake terug. Lt Barbier wordt naar Brussel gestuurd om camions op te eisen. Om 19u00 moet de Sectie Levensmiddelen vertrekken naar Lebbeke om er de Intendance te assisteren bij de verhuis van de installaties naar Lede.  De colonne vertrekt om 21u15 en bereikt Lebbeke om 22u20. Ondertussen ontvangt Cdt Goulez het bevel om zich klaar te houden voor een verplaatsing naar Vogelzang nabij Zulte.

Cie MiCA III/LK
De luchtverdedigingsopdracht wordt voortgezet. In de loop van de dag wordt parachutistenalarm gegeven. Het betreft de bemanning van twee Duitse vliegtuigen die door de DTCA en geallieerde jachtvliegtuigen zijn neergehaald en die zich met hun parachute proberen te redden. De nacht van 16 op 17 mei wordt te Opwijk doorgebracht.

IntK III/LK
Het IntK vertrekt samen met de Sectie Levensmiddelen het PARa van het Transportkorps uit Lebbeke om 00u45, en komt aan de Lede omstreeks 04u00.  De vrachtwagens van het PARa worden gelost en rijden tegen 05u00 door naar Wichelen waar de rest van het PARa ingekwartierd is. Tijdens de nacht van 17 op 18 mei verplaatst het IntK zich naar De Pinte ten zuiden van Gent.

TptK III/LK

  • Staf/TptK
    Het TptK krijgt om 10u30 van het HK III/LK een nieuwe opdracht per telefoon. Ter voorbereiding van de aftocht van het Kanaal van Willebroek naar de Dender moet het TptK tegen uiterlijk 15u30 de terugtochtwegen 7 en 8 voorzien van bewijzering. De routemarkeringen moeten ze zelf fabriceren met gelegenheidsmiddelen. Om 11u00 komt Lt Dehoux terug van het 2Ech van het HK met de geschreven versie van de orders voor deze opdracht. Lt Hechtermans en Lt Dallons worden nu als verbindingsofficier naar het HK van het III/LK gestuurd ter vervanging van Lt Dehoux. Lt Bonjean van de Ontsmettingscompagnie krijgt de opdracht om de terugtochtwegen af te pijlen. De ploeg van Lt Bonjean krijgt ook de opdracht om na de doortocht van het laatste voertuig de bewegwijzering te  verwijderen. Wanneer Lt Bonjean voor de uitvoering van deze laatste opdracht om 18u30 in de buurt van het Kanaal van Willebroek komt wordt hij door de vijand onder vuur genomen, de Duitsers zijn er met zekerheid in geslaagd het Kanaal van Willebroek over te steken. Het HK III/LK wordt hiervan op de hoogte gebracht maar geeft als antwoord dat Lt Bonjean zijn opdracht gewoon moet voortzetten. Ondertussen passeren colonnes van alle soorten eenheden het kantonnement van het TptK, de aftocht van het Kanaal van Willebroek naar de Dender is volop aan de gang. Wanneer om 20u30 een ondereenheid van het 4Cy het kantonnement van het TptK in georganiseerde slagorde passeert wordt aan de bevelhebbende officier gevraagd wat de toestand is. Hij antwoordt dat zijn eenheid zich heeft moeten terugtrekken omdat ze bijna omsingeld werden door vijandelijke tanks die het Kanaal van Willebroek zijn overgestoken. Om 21u00 wordt het 2Ech van het HK gecontacteerd om uitleg te vragen maar de oproep wordt niet meer beantwoord. Hierop beslist Kol Lefebvre op eigen initiatief te vertrekken en het TptK ten westen van de Schelde te laten hergroeperen. De opgelegde reisweg verloopt van Merchtem via Baardegem, Aalst, Erpe, Borsbeke, Nederzwalm en Kruishoutem naar Zulte ten noorden van Waregem. Ondertussen heeft Lt Dallons samen met het HK III/LK Dendermonde bereikt. Te Dendermonde steekt hij de Schelde over om zich vervolgens richting Gent te begeven.
  • PARa/TptK
    De Sectie Levensmiddelen assisteert bij de verhuis van de installaties van de intendance van Lebbeke naar Lede. De colonne vertrekt om 00u45 te Lebbeke en komt om 04u10 toe te Lede waar onmiddellijk begonnen wordt met het ontladen van de voertuigen. De rest van het PARa rijdt rechtstreeks naar Wichelen. De Sectie Levensmiddelen beëindigt zijn opdracht te Lede om 04u55 en komt om 07u45 toe in het kantonnement van het PARa te Wichelen. Een uur later wordt nog een bevoorradingsronde uitgevoerd. Om 09u45 wordt het ganse PARa vanuit Wichelen doorgestuurd naar Vogelzang nabij Zulte.  De etappe wordt zonder incidenten afgelegd.  Wanneer tijdens de late namiddag omstreeks 18u00 een colonne van de IIde Groep van het 17de Regiment Artillerie (II/17A) te Vogelzang aankomt, krijgt het PARa het bevel zich te verplaatsen naar het drie kilometer verder gelegen Olsene. De verplaatsing wordt ingezet om 20u15.
  • ARCA/TptK
    De Sectie Magazijnen van het ARCA verlaat Opwijk omstreeks 19u00 en rijdt naar Aalst via Baardegem waar ook de Staf van het TptK op het punt staat de aftocht naar het westen aan te vatten.  Kolonel Lefebvre blijkt niet op de hoogte van de juiste bestemming voor het atelier, waarop Luitenant Degeer hem voorstelt om terug te vallen op een order van 15 mei waarin Waardamme bepaald wordt als einddoel van een mogelijke terugtocht.  De kolonel stemt toe en de colonne vertrekt. Waardamme ligt geenszins in de buurt van de bestemming waar de rest van het TptK zich naartoe begeeft. De Sectie Magazijnen beschikt over 39 manschappen en acht motorvoertuigen waarvan twee zware opleggers.
  • CieDes/TptK
    Lt Bonjean wordt op de hoogte gebracht van de opdracht om de marsroutes te bewijzeren en start om 13u00 met de uitvoering van deze opdracht. Hij moet ook de bewijzering wegnemen na doortocht van het laatste voertuig. Wanneer hij zich naar het vertrekpunt van de reisweg begeeft worden zijn ploegen onder vuur genomen door de vijand. Hij brengt de Staf/TptK hiervan op de hoogte. Om 19u00 krijgt hij bevel om zich naar Hulste te begeven (kreeg hij bevel om zich naar Hulste of Zulte te begeven en naar welke locatie is de compagnie effectief verhuisd? – TBC).

Cie MiCA III/LK
De compagnie begint de dag te Opwijk maar krijgt in de loop van de dag bevel zich klaar te maken voor een nachtelijke verplaatsing naar Nazareth ten oosten van Zulte. Om 20u00 wordt de verplaatsing ingezet die het grootste gedeelte van de nacht zal voortduren.

IntK III/LK
Het IntK bevindt zich nu nabij het station van De Pinte dat als nieuw bevoorradingstation van het III/LK is aangeduid. Het IntK geeft de Sectie Levensmiddelen van het PARa rendez-vous om 11u00 aan het station van De Pinte omdat de aankomst van de Dagelijkse Bevoorradingstrein (DRT) voor het III/LK er verwacht wordt. De DRT komt echter niet opdagen. Het IntK is blijkbaar niet op de hoogte dat het Magazijnstation dat verantwoordelijk is voor de organisatie van de DRT’s, volop aan het verhuizen is naar Brugge. Daarenboven werd de Dienst der Dagerlijkse Ravitailleringstreinen van het Magazijnstation opgeheven omdat de bevoorrading met Dagelijkse Ravitailleringstreinen te onveilig is geworden door de acties van de vijandelijke luchtmacht. Tijdens de nacht van 19 op 20 mei verplaatst het IntK zich naar Meulebeke.

TptK III/LK

  • Staf/TptK
    Om 00u30 wordt de Dender in Aalst overschreden. De bruggen over de rivier worden bewaakt door de Britten. Om 02u00 komt de colonne van het TptK aan te Zulte. Alle ondereenheden worden in de buurt gekantonneerd, alleen de Sectie Magazijnen van het ARCA ontbreekt. De Staf slaagt erin verbinding te maken met GenMaj Jadot en om 07u00 vertrekt Lt Heine naar het 2Ech van het HK om nieuwe orders in ontvangst te nemen. Twee uur later komt Lt Heine terug met een geschreven order. Het TptK moet na het invallen van de duisternis een verplaatsing uitvoeren naar het gehucht Vijfwegen nabij Roeselare. Het ganse transportkorps zal hier samengebracht worden. Om 11u00 worden de orders verspreid voor de verplaatsing van komende nacht. De Staf vertrekt als eerste uit Zulte om 21u00. Lt Dallons, nog steeds op zoek naar het TptK, vraagt in Gent  naar de opstelplaats van de Staf en wordt doorgestuurd naar Waardamme waar zich echter alleen een gedeelte van het ARCA bevindt. 
  • PARa/TptK
    Het PARa komt aan te Olsene omstreeks 04u00 en wordt er ingekwartierd. Om 09u00 bezoekt LtGen Deffontaine, commandant van het VII/LK de stellingen van het PARa en adviseert Cdt Gourlez om zijn peloton te verplaatsen naar de linkeroever van de Leie omdat zal worden overgegaan tot de verdediging deze rivier. Het advies wordt doorgegeven aan de Staf/TptK. De Sectie Levensmiddelen moet om 11u00 rendez-vous maken met de Dagelijkse Bevoorradingstrein (oftewel Train Journalier de Ravitaillement – TJR) van het III/LK in het station van De Pinte, maar dit treinstel zal niet komen opdagen.  De sectie wacht af tot 16u15 en mag vervolgens terugkeren naar Olsene.  Om 20u05 laat de Staf/TptK weten dat het PARa zich dient klaar te houden om op bevel te vertrekken. Twee uur later wordt dan ook het bevel gegeven om het PARa naar Vijfwegen te verplaatsen. De beweging wordt onmiddellijk aangevat.
  • ARCA/TptK
    De Sectie Magazijnen van het ARCA bereikt Waardamme omstreeks 01u30.  Dit dorp is op dat ogenblik reeds bezet door eenheden van het Franse 7de Leger, zodat Luitenant Degeer beslist om uit te wijken naar Kasteel De Herten te Oostkamp. Het atelier blijft zonder opdracht ter plekke is heeft geen verbinding meer met de Staf/TptK. Lt Degeer rijdt naar Brugge in de hoop daar nieuwe bevelen in ontvangst te kunnen nemen, maar de militaire autoriteiten in de stad weten geen raad met de eenheid. Hij ontmoet in Brugge Lt Res Dallons van de Staf/TptK die voorheen verbindingsofficier was bij het HK III/LK maar die alle contact met het HK III/LK verloren heeft tijdens de verplaatsing naar het westen. Lt Dallons meent te weten dat de Staf/TptK zich te Middelkerke bevindt en laat weten dat hij van plan is naar Middelkerke door te rijden. Lt Degeer die op geen enkele manier in contact kan komen met de rest van het TptK beslist om 16u30 dan maar Lt Dallons te volgen naar Middelkerke waar hij met zijn detachement tegen 18u30 toekomt. De Plaatscommandant van Middelkerke weet te melden dat een transportkorps de stad net verlaten heeft richting Duinkerke.
  • CieDes/TptK
    De CieDes komt om 04u00 aan te Hulste en neemt er kantonnementen in. Tegen 12u00 ontvangt de compagnie het bevel om zich tijdens de nacht van 18 op 19 mei naar Vijfwegen (Rumbeke) nabij Roeselare te begeven en er nieuwe kantonnementen op te zoeken.

Cie MiCA III/LK
De compagnie komt om 07u00 aan te Nazareth en gaat er onmiddellijk in stelling. Om 15u00 wordt een nieuwe verplaatsing ingezet, dit keer gaat het richting Aarsele bij Tielt. De colone komt om 17u00 toe te Aarsele waar kantonnementen voor de nacht worden opgezocht.

IntK III/LK
De Compagnie Intendance is aanvankelijk gestationeerd te Meulebeke, maar verhuist rond het middaguur naar Roeselare.

Kasteel van Rumbeke nabij Vijfwegen waar het TptK op 19 mei werd gereorganiseerd.

Kasteel van Rumbeke nabij Vijfwegen waar het TptK op 19 mei werd gereorganiseerd.

TptK III/LK

  • Staf/TptK
    De Staf/TptK komt aan te Vijfwegen om 00u30 in de vroege ochtend van 19 mei. De voertuigen worden opgesteld in het park van het Kasteel van Rumbeke (oftewel Kaasterkasteel). Om 08u00 wordt het bevel gegeven om voertuigen en materieel te inspecteren en verslag uit te brengen bij de staf tegen 11u00. Het materieel is in goede staat, het moreel van de troepen is goed en alleen het ARCA mist enkele voertuigen. De nacht van 19 op 20 mei wordt te Rumbeke doorgebracht.
  • PARa/TptK
    Het PARa arriveert om 02u10 in Vijfwegen.  De intendance en de legerkorpsstaf weten niet welke eenheden het peloton nu moet bevoorraden waardoor de eenheid dan ook zonder opdracht ter plekke blijft .
  • ARCA/TptK
    Het detachement van Lt Degeer haalt onderweg naar Duinkerke het bewuste transportkorps in maar het blijkt om het Territoriaal Transportkorps van Brussel te gaan. Hij sluit zich aan bij de eenheid van Kapitein-commandant de Jamblinne de Meux en trekt verder richting zuiden van Frankrijk.
  • CieDes/TptK
    De compagnie komt om 02u00 toe te Rumbeke en zoekt er kantonnementen op. De compagnie zal er tot 23 mei verblijven en gaat over tot de inbeslagname van een aantal vrachtwagens om de eenheid verder uit te rusten zodat de aantallen voorzien op de organisatietabellen ingevuld worden.

Cie MiCA III/LK
Om 08u00 wordt de verplaatsing ingezet richting Lendelede ten zuidoosten van Roeselare. De compagnie installeert zich om 10u00 te Lendelede en sluit zo weer aan met de rest van het III/LK. De nacht van 19 op 20 mei wordt te Lendelede doorgebracht.

IntK III/LK
De intendance wordt doorgestuurd van Roeselare naar Ardooie.

TptK III/LK

  • Staf/TptK
    Na de middag laat de legerkorpsstaf weten dat de Staf/TptK, het PAMat en wat overblijft van de PAMA  overgaan naar het VIde Legerkorps (VI/LK) met het oog op de komende slag aan de Leie.  Het ARCA, het ARM en het PARa blijven alsnog bij het III/LK en zullen worden bevolen door Cdt Spinetto. Het detachement bestemd voor het VI/LK verlaat Vijfwegen om 18u00 en zet koers naar Zeveren waar ze rond 20u00 toekomen en zich installeren.
  • PARa/TptK
    Op eigen initiatief stuurt het PARa om 09u40 vier vrachtwagens vanuit Vijfwegen uit naar Moorslede om er levensmiddelen op te halen. Er wordt een bevoorradingsronde uitgevoerd om de pelotons van het TptK en de in Roeselare ingekwartierde elementen van het III/LK te bevoorraden. 

Cie MiCA III/LK
De compagnie wordt om 06u30 doorgestuurd naar het kantonnement van het TptK III/LK te Vijfwegen. Een uur later installeert de compagnie zich in het park nabij het kasteel van Rumbeke en komt weer onder bevel van het TptK te staan. De nacht van 20 op 21 mei wordt te Rumbeke doorgebracht. 

TptK III/LK

  • Detachement TptK III/LK in versterking van VI/LK
    De Staf ontvangt te Zeveren om 09u00 zijn nieuwe orders, het detachement zal worden ingezet voor de bevoorrading van artilleriemunitie van het VI/LK. Hiertoe moet het detachement zich verplaatsten naar Vinkt ten noorden van Deinze. Nadat de installatie te Vinkt rond 13u00 is afgerond wordt gestart met de munitiebevoorrading. Hiervoor wordt het PAMat gefusioneerd met de restanten van de PAMA. Om 19u00 komt het bevel binnen om het detachement te verplaatsen naar Zwevezele. De verplaatsing is beëindigd tegen 23u00 waarna het detachement zich te Zwevezele installeert. 
  • PARa/TptK
    Het PARa bevindt zich nog steeds te Vijfwegen en organiseert opnieuw een bevoorradingsronde met in Moorslede afgehaalde levensmiddelen. Om 13u00 komt een bevel binnen van Lt Heine dat het PARa zich naar Vinkt moet begeven voor de bevoorrading van het VI/LK. Er ontstaat enige verwarring aangezien het PARa niet werd aangeduid voor deze opdracht. Om 18u15 meldt Kapt Severin van de Staf III/LK dat het PARa geen orders meer dient op te volgen van de Staf III/LK in versterking van het VI/LK.

Cie MiCA III/LK
Compagnie blijft te Rumbeke en voert zijn luchtbeveiligingsopdracht uit ten voordele van het PARa. De nacht van 21 op 22 mei wordt te Rumbeke doorgebracht.

TptK III/LK

  • Detachement III/LK in versterking van het VI/LK
    Vanuit Zwevezele wordt de ganse dag de bevoorrading met artilleriemunitie bestemd voor het VI/LK uitgevoerd. Het detachement wordt tegen de avond versterkt met het ARCA van het Territoriaal Transportkorps van het kamp van Beverlo. Dit ARCA installeert zich te Torhout.
  • PARa/TptK
    Om 08u30 wordt opnieuw een bevoorradingsronde uitgevoerd, ditmaal met zeven vrachtwagens. Tegen 12u15 is de opdracht uitgevoerd en zijn de vrachtwagens terug in het kantonnement te Vijfwegen. Het PARa ontvangt om 22u55 een bevel om bij dageraad naar Gijverinkhove, halfweg Veurne en Poperinge, te vertrekken.
  • ARCA en ARM/TptK
    Het ARCA en het ARM worden opgesteld te Rumbeke en zullen moeten werken voor het IVde Legerkorps en het VIIIde Legerkorps die samen het Leie-front zullen verdedigen. 

Cie MiCA III/LK
Om 20u00 krijgt de compagnie de opdracht om zich naar Veurne te verplaatsen waar ze de volgende ochtend de luchtverdediging van het HK van het III/LK moeten verzekeren.

IntK III/LK
De intendance verlaat Aardooi en verhuist naar Handzame hierbij geholpen door enkele vrachtwagens van het PARa.

TptK III/LK

  • Detachement III/LK in versterking van het VI/LK
    De ganse dag wordt de bevoorrading met artilleriemunitie bestemd voor het VI/LK uitgevoerd vanuit Zwevezele. Tijdens de nacht van 23 op 24 mei verhuist het detachement van Zwevezele naar Zerkegem.
  • PARa/TptK
    Het PARa vertrekt om 04u35 naar Gijverinkhove.  Bij de aanvang van de mars worden ook vijf vrachtwagens gedetacheerd naar Aardooie om de helpen bij de verhuis van de Compagnie Intendance.  Het peloton bereikt Gijverinkhove om 07u30.  De Sectie Levensmiddelen voert de eerste leveringen uit aan de eenheden van het III/LK in de loop van de voormiddag. Er wordt contact opgenomen met Cdt Spinetto die zich te Lo bevindt. Even ontstaat paniek wanneer het gerucht verspreid wordt dat Duitse panserwagens vanuit Frankrijk infiltreren in Belgë. Iedereen wordt ingezet voor de onmiddellijke beveiliging van het kantonnement.
  • CieDes/TptK
    De compagnie vertrekt om 08u00 naar Balgerhoeke om er onder bevel van de 17de Infanteriedivisie (17Div) gesteld te worden. Hier aangekomen om 17u00 wordt de compagnie doorgestuurd naar Oostkamp.

Cie MiCA III/LK
De compagnie komt om 01u00 aan te Veurne en neemt er stelling. Om 16u15 volgt een nieuwe verplaatsing, dit keer naar Sint-Pieters-Kapelle dat om 18u00 bereikt wordt. Lang wordt er niet verbleven want om 21u15 wordt de compagnie doorgestuurd naar Staden.

TptK III/LK

  • Detachement III/LK in versterking van het VI/LK
    Het detachement installeert zich om 00u45 te Zerkegem. De ganse dag wordt van hier uit de bevoorrading met artilleriemunitie bestemd voor het VI/LK uitgevoerd.
  • PARa/TptK
    De ganse voormiddag wordt te Gijverinkhove gewacht op orders maar die komen niet. Om 12u25 wordt het PARa bij hoogdringendeheid naar Edewalle, ten noorden van Kortemark, bevolen.  De eenheid vertrekt om 13u15 en bereikt Edewalle tegen 16u00 waarna kantonnementen worden opgezocht. Het PARa zal zich niet meer verplaatsen tot het einde van de veldtocht. Vanaf de volgende dag worden  telkens om 08u00 zes vrachtwagens ter beschikking gesteld van het IntK voor het uitvoeren van bevoorradingsrondes. De bevoorradingsrondes worden gecoördineerd met Kapt Severin van de Staf III/LK.
  • CieDes/TptK in versterking van de 17Div
    Vanuit Oostkamp zal de compagnie verschillende opdrachten uitvoeren voor de 17Div waaronder een munitiebevoorrading en een troepentransport.

Cie MiCA III/LK
De compagnie komt om 01u00 toe te Staden en zoekt er kantonnementen op. Vanuit Staden wordt de luchtverdediging van het HK van het III/LK verzekerd tot 26 mei.

Cie MiCA III/LK
Om 09u30 verlaat de compagnie Staden om zich naar Vladslo te begeven waar ze een uur later toekomen en onmiddellijk starten met hun luchtverdedigingsopdracht van het HK dat zich in het Eindsdijk bevindt. 

TptK III/LK

  • Detachement III/LK in versterking van het VI/LK
    Het detachement moet zich om 23u00 in allerijl verplaatsen naar Gistel.
  • CieDes/TptK in versterking van de 17Div
    De compagnie wordt om 17u00 doorgestuurd naar Sint-Andries Brugge.

TptK III/LK

  • Detachement III/LK in versterking van het VI/LK
    Het detachement installeert zich te Gistel. Om 03u00 circuleren de eerste geruchten betreffende een mogelijke capitulatie. Deze geruchten worden mondeling bevestigd om 05u00 waarna tegen 12u00 een schriftelijk bevel binnenkomt met richtlijnen met betrekking tot de capitulatie. Het detachement moet samen blijven en mag Gistel niet verlaten.
  • PARa/TptK
    Om 07u30 vraagt Kapt Severin om een officier naar het HK III/LK te sturen om orders in ontvangst te nemen. Lt Barbier wordt uitgestuurd en keert om 08u00 terug met het nieuws van de capitulatie. Cdt Spinetto ontvangt om 09u00 de verklaring van de koning die om 11u35 aan de troepen wordt voorgelezen. Tegen 18u00 komen de orders binnen met betrekking tot de overgave. De troepen moeten ter plaatse blijven in hun kantonnementen die gemarkeerd moeten worden met witte panelen. De officieren moeten bij hun manschappen blijven om ze te encadreren tot de plaats waar de eenheid ontbonden zal worden.
  • CieDes/TptK in versterking van de 17Div
    De compagnie wordt in de vroege ochtend rond 02u00 doorgestuurd naar Klemskerke. Lt Bonjean wordt om 04u00 geconvoceerd in de CP van het TptK 17Div te Stalhille waar hij het nieuws van de capitulatie verneemt.

Cie MiCA III/LK
De Cie bevindt zich nog steeds te Vladslo wanneer ze om 07u00 door de Staf van het III/LK op de hoogte gesteld worden van de capitulatie.

Na de capitulatie

TptK III/LK

  • Detachement III/LK in versterking van het VI/LK
    Na de capitulatie wordt het detachement naar Destelbergen afgeleid waar het op 10 juni wordt ontbonden. Alle manschappen alsook de dienstplichtige officieren worden gedemobiliseerd en met onbepaald verlof gestuurd.
  • PARa/TptK
    Het PARa blijft aanvankelijk zijn bevoorradingsopdrachten voortzetten tot 30 mei. Op 30 mei wordt het TptK verzameld te Bescheewege, op 2 km ten zuiden van Edewalle. Hier wordt het order gegeven dat op 1 juni om 03u00 alle vrachtwagens zullen worden overgebracht naar het kasteel van Wijnendale om er overgegeven te worden aan de vijand. Op 01 juni voert Lt Pecheur van de Sectie Levensmiddelen een laatste bevoorradingsronde uit. Nadien wordt de sectie doorgestuurd naar Meulebeke, Ingelmunster, Kuurne en Harelbeke tot Deerlijk waar de nacht van 2 op 3 juni. De volgende dag gaat het naar Ronse waar de sectie wordt opgesloten in de textielfabriek Lagache in afwachting van hun demobilisatie op 9 mei. 

Tijdens de mobilisatie

Provoostdienst III/LK
Voor de handhaving van de orde en tucht binnen de eenheden van het Belgisch leger wordt aan elk legerkorps een Provoostdienst toegevoegd die de taken uitvoert van algemene militaire politie. De Provoostdienst wordt samengesteld uit Rijkswachters die naast verkeersregeling de bevoegdheid hebben misdrijven te onderzoeken en militairen die de militaire strafwet overtreden aan te houden en op te sluiten. Ze worden aangestuurd door militaire auditeurs en treden op bij onder meer desertie, muiterij, insubordinatie, vechtpartijen en diefstallen. De provoostdienst zal pas gemobiliseerd worden bij de start van de vijandelijkheden na afkondiging van Fase E van het mobilisatieplan (oftewel de algemene mobilisatie) en zal vanaf dan geleid worden door Majoor Ferdinand Coppenolle, bevelhebber van de Groep Hasselt van de Territoriale Rijkswacht.

Provoostdienst III/LK
Majoor Coppenolle wordt bij de afkondiging van Fase E van het mobilisatieplan gemobiliseerd als provoost van het III/LK.  Hij wordt per telegram verwittigd omstreeks 05u30 en vertrekt naar Luik tijdens de vroege ochtend van 10 mei.  Hij bereikt het hoofdkwartier op de Citadel tegen 10u55 en vervoegt vervolgens zijn commandopost in de woning van de heer Dethier aan de Rue du Glacis 7.  Hier lost hij Kapitein Leveaux af die tot dan het kleine detachement Rijkswachters bij het III/LK beval. Net zoals bij de andere provoostdiensten op niveau legerkorps zal ook Majoor Coppenolle kunnen beschikken over een detachement van 1 hoger officier, 2 lagere officieren, 21 ruiters en 71 rijkswachters te voet.  De ruiterij en ongeveer de helft van het voetvolk zijn afkomstig van de Compagnie Luik.  De overige gendarmen moeten van de Compagnies Brugge, Gent, en Hasselt toekomen.  Maj Coppenolle is dan ook niet verbaast dat een deel van zijn effectieven ontbreekt. De provoostdienst ontvangt drie opgeëiste vrachtwagens en een bestelwagen.  De rest van de dag wordt besteed aan het op punt stellen van de slagorde naarmate de opgeroepen Rijkswachters arriveren.

Provoostdienst III/LK
Kapitein-commandant Frayman komt toe uit Tongeren en neemt zijn taak op als adjunct van Majoor Coppenolle.  De beide luitenanten zijn nog niet toegekomen,  Ook de boekhouder ontbreekt nog.  Tegen de vroege namiddag is het lagere kader min of meer compleet.

Na bevestiging van de evacuatie van het III/LK start de provoostdienst om 21u00 met het laden van de bestelwagen met de persoonlijke bagage van de Rijkswachters te voet.  Tijdens het uitvoeren van de taak komt in paniek een motorwielrijder van het 1Li aangereden die roept dat de Duitsers op nog geen 500m volgen.  De gendarmen die de bestelwagen aan het inladen zijn, gaan er onmiddellijk vandoor.  Coppenolle slaagt er niet in om zijn manschappen tegen te houden, en blijft alleen achter met de Wachtmeesters Godart en Dambly.  Kort hierop ziet hij het 1ste echelon van de legerkorpsstaf vertrekken uit de Citadel.  Majoor SBH Colsoulle beveelt de provoostdienst naar Hannêche.  Majoor Coppenolle besluit dat er geen tijd meer is om zijn detachementen op het terrein te verwittigen, en vertrekt samen met Kapitein-commandant Frayman in zijn Citroën personenauto, gevolgd door de bestelwagen met Wachtmeester Warsée als chauffeur en Godart en Dambly als passagiers.  Bij doortocht aan het stadhuis van Luik op de Place du Marchée wordt nog wel een sectie van het Peloton Cavalerie snel op de hoogte gebracht van het eindpunt van de verplaatsing.

Ook de aftocht van de Rijkswachters raakt verzeild in de onnoemelijke  chaos ten zuidwesten van Luik.  Rond 23u00 komt de kleine colonne vast te zitten te Awirs.  Maj Coppenolle en Frayman stijgen uit en blijven een goed uur ter plekke om het verkeer te regelen.

Provoostdienst III/LK
De colonne van de provoostdienst zet zijn weg verder richting Hannêche.  De tocht verloopt erg langzaam.  Bovendien maken de Rijkswachters zich zorgen over het gebrek aan verduisteringsmaatregelen onder de talrijke militairen die uit Luik wegtrekken.  Gelukkig wordt de colonne met rust gelaten door de Duitse luchtmacht.  Tegen 05u00 bereikt de provoostdienst de Méhaigne, om eveneens voor het probleem komen te staan dat het Franse leger al talrijke bruggen geblokkeerd heeft.  Uiteindelijk buigt de colonne naar het noorden af om te Moxhe de rivier over te steken.  Kort voor 11u00 wordt Hannêche bereikt.

De Rijkswachters blijven ter plekke en worden in de loop van de vooravond ingezet om verschillende verkeersknopen te ontwarren rondom Hoei en op de baan van Hoei naar Namen.  Kort voor middernacht vertrekt de provoostdienst opnieuw.

Provoostdienst III/LK
De provoostdienst passeert omstreeks 03u00 te Petit-Rosière en moet hier halt houden om een colonne van het Franse leger te laten passeren.  Daarna verloopt de mars vlotter en even na 05u00 komen de Rijkswachters aan te Genval.

Provoostdienst III/LK
De provoostdienst bereikt Vilvoorde tussen 09u00 en 09u30 en wordt onmiddellijk aan het werk gezet door de legerkorpsstaf bij de organisatie van de opvangcentra voor verdwaalde militairen.

Na de capitulatie

Slachtoffers

EenheidNaamVoornaamFotoGraadStandKlas° op° te+ op+ teNota
Hyg PlgELIASLéopold, E.BrigMil1716.02.1897Boncelles27.05.1940Lichtervelde
PARA/TptKJAKOBYAloïs, D.SdtMil3301.07.1913Reuland12.05.1940Gembloux
PARA/TptKROBINLéon, J.A.KplMil3216.07.1910Nafraiture17.05.1940Péronnes (F)
PARA/TptKSCHMITZNicolas, E.KplMil3311.01.1913Recht12.05.1940Gembloux

Bibliografie en Bronnen

  1. De Vooruitgeschoven Inlichtingencentra van Troispont en Flémalle (CRA Troispont en CRA Flémalle) maken deel uit van een gans netwerk van inlichtingencentra langs onze grenzen opgezet door de “Dienst der Bewaking en Inlichtingen aan de Grenzen” (Service de Surveillance et de Renseignements aux Frontières) van het Groot Hoofdkwartier (GHK). Beide CRA’s staan in verbinding met de alarmposten opgesteld langs de Belgisch-Nederlandse en Belgisch-Duitse grens alsook met de vernielingsposten bij bruggen, tunnels en wegenknooppunten in de Provincie Luik. “Le Service de Surveillance et de Renseignements aux Frontières (SSRF) de l’entre-deux-guerres à la campagne des 18 jours”, Pascal Pirot, mémoire de fin d’études défendu en janvier 2010 à l’Université de Liège en vue de l’obtention du grade de Master en Histoire. “En effet, un projet théorique de remise sur pied du S.S.R.F. reprend vigueur dans les années 1930. Relativement mieux préparé et organisé dès le temps de paix (retrait des douaniers du service, meilleure coordination avec le réseau de surveillance de l’armée), il fonctionne plusieurs mois à partir de la mobilisation de l’armée belge en septembre 1939. Dans le contexte de la « neutralité choisie », le périmètre sur lequel le S.S.R.F. est effectivement en place est considérablement étendu : frontière française, allemande, luxembourgeoise, moins rigoureusement la frontière des Pays-Bas, sont concernées.
  2. Kaart van 1956 met de reconstructie van de opstelling van de Belgische troepen op 10 mei 1940 die zich in het Rijksarchief bevindt. Deze kaart is [On Line Beschikbaar]: https://search.arch.be/imageserver/topview.php?FIF=510/510_1531_000/510_1531_000_00862_000/510_1531_000_00862_000_0_0001.jp2 [Laatst geraadpleegd 30 januari 2023]. 
  3. Achtergrondinformatie bij het Institut Agronomique de l’Etat [On Line beschikbaar]: https://www.gembloux.uliege.be/cms/c_4183858/fr/gembloux-historique  [Laatst geraadpleegd 30 januari 2023]. 
  4. Achtergrondinformatie bij het Kasteel de Mérode te Rixensart [On Line beschikbaar]: https://retrorixensart.wordpress.com/2021/05/18/bois-du-calvaire-vu-sur-le-chateau/ [Laatst geraadpleegd 30 januari 2023]. 
  5. Dossier III/LK, Sectie Classified Archives, Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid, Ministerie van Defensie.
  6. Slagorde officieren HK III/LK bij de Sectie Classified Archives, Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid, Ministerie van Defensie.
  7. Slagorde officieren Transportkorps III/LK (inclusief officieren Cie MiCA III/LK) bij de Sectie Classified Archives, Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid, Ministerie van Defensie.
  8. Gedetailleerd handgeschreven velddagboek van de Staf/TptK opgesteld in het Frans. Het velddagboek bevindt zich bij Sectie Classified Archives, Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid, Ministerie van Defensie.
  9. Velddagboek van de Cie MiCA III/LK. De gebeurtenissen bij de Cie MiCA III/LK werd met de hand bijgehouden en opgetekend in het Frans. Het velddagboek bevindt zich bij Sectie Classified Archives, Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid, Ministerie van Defensie.
  10. Velddagboek van het Peloton Auto Ravitaillering (PARa) III/LK, met de hand aangevuld in het Frans. Het velddagboek bevindt zich bij Sectie Classified Archives, Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid, Ministerie van Defensie.
  11. Gedetailleerd getypt verslag, opgesteld in het Frans door Lt Pecheur, bevelhebber van de Sectie Levensmiddelen van het PARa III/LK. Het verslag bevindt zich bij Sectie Classified Archives, Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid, Ministerie van Defensie.
  12. Getypt verslag opgesteld in het Frans door Lt Res Degeer van het ARCA/TptK III/LK. Het verslag bevindt zich in het dossier van het TptK III/LK bij de Sectie Classified Archives, Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid, Ministerie van Defensie.
  13. Beknopt handgeschreven verslag, opgesteld in het Frans op 21 maart 1945 door Lt Res Bonjean, compagniecommandant van de Ontsmettingscompagnie van het TptK III/LK. Het verslag bevindt zich bij de Sectie Classified Archives, Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid, Ministerie van Defensie. 
  14. Zeer beknopt handgeschreven verslag opgesteld in het Frans door Lt Res Dallons betreffende de gebeurtenissen tussen 17 mei 1940 en eind augustus. Lt Dallons was Adjunct Officier bij de Staf/TptK. Het verslag bevindt zich bij de Sectie Classified Archives, Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid, Ministerie van Defensie. 
  15. Getypte nota Nr 6257/6563 van het 1ste Bureau van de Staf III/LK, opgesteld in het Frans op 8 mei 1940 met de opdrachten voor de pelotons MiCa van de Cie MiCA III/LK, Cie MiCA 2Div en Cie MiCA 3Div. De nota bevindt zich in het dossier van de staf III/LK bij de Sectie Classified Archives, Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid, Ministerie van Defensie. 
  16. Dossier 185-14-55 Orders van Belgische Hoofdkwartieren, Moskou-archief, Documentatiecentrum Koninklijk Legermuseum, War Heritage Institute.