32ste Regiment Artillerie

Situatie op 10 mei 1940

Reglementaire benaming 32ste Regiment Artillerie | 32ème Régiment d’Artillerie | 32A
Type Versterkings- en Opleidingsregiment van de artillerie
Ontdubbeld van 1ste Regiment Artillerie
2de Regiment Artillerie
13de Regiment Artillerie
Onderdeel van Versterkings- en Opleidingstroepen (TRI)
Bevelhebber Kolonel Robert Duquesnoy 
Adjudant-majoor Kapitein-commandant Antoine Willemart
Standplaats Karthuizerkazerne te Brugge
Samenstelling I Groep
(Reservisten 1A, Divisieartillerie 1Div)
(Kapitein-commandant A. Terlin)
1ste Batterij Instructie (Lt Arthur Freedman)
2de Batterij Instructie (Lt Bury)
3de Batterij Instructie (Lt De Porre)
4de Batterij Instructie (Lt De Smet)
1ste Batterij Versterking (Lt J. Janssens)
2de Batterij Versterking (Cdt E. De Winter)
1/I/32
2/I/32
3/I/32
4/I/32
1VB/I/32
2VB/I/32
  II Groep
(Reservisten 2A, Divisieartillerie 2Div)
1ste Batterij Instructie
2de Batterij Instructie (Cdt Charles du Trieu de Terdonck)
3de Batterij Instructie (Lt Albert Hanet)
1ste Batterij Versterking
1/II/32
2/II/32
3/II/32
1VB/II/32
  III Groep
(Reservisten 13A, Legerkorpsartillerie II/LK)
(Kapitein-commandant R. De Dekker)
1ste Batterij Instructie 155mm M17 houwitsers (Lt J. Bridoux)
2de Batterij Versterking (Lt Dubois)
1/III/32
2VB/III/32
  Schoolbatterij (Kapitein-commandant Pemen)  
  Batterij Algemene Diensten (Luitenant R. Berard)  

Tijdens de mobilisatie

Staf/32A
In vredestijd stonden de verschillende artillerieregimenten van het actieve leger zelf in voor de opleiding van hun nieuwe dienstplichtigen. Dit gebeurde in de Schoolbatterij van elk regiment afzonderlijk waar de dienstplichtigen werden opgeleid op het type kanon dat in het regiment werd gebruikt. De schoolbatterijen beschikten over eigen kanonnen voor het geven van het onderricht. Elke lichting (oftewel klas – het jaarlijks opgeroepen contingent) dienstplichtigen werd in twee opgedeeld; diegenen geboren in de eerste helft van het jaar werden opgeroepen in februari en moesten in maart hun eenheid vervoegen om er hun opleiding aan te vangen, diegenen geboren in de tweede helft van het jaar werden in augustus opgeroepen om in september hun opleiding te starten. Omdat na afkondiging van Fase A van het mobilisatieplan op 26 augustus 1939 de gemobiliseerde regimenten van het actief leger hun vredesvoet kazerne onmiddellijk moeten verlaten om hun gevechtsstellingen in te nemen, kunnen zij deze opleidingstaak niet langer op zich nemen.  Voor de opleiding van de dienstplichtigen die behoren tot de tweede helft van de klas ’39 moest snel een oplossing worden gevonden.

De Karthuizerkazerne te Brugge, vredestijdkazerne van 13A, mobilisatiekazerne voor 32A.

Er bestonden voor de artillerie en de genie, in tegenstelling tot de andere wapens van het leger, geen plannen voor de oprichting van een eigen versterkings- en opleidingsstructuur. Initieel bleven vanaf september 1939 de schoolbatterijen alleen achter in het vredesvoet garnizoen van de verschillende regimenten om er de opleiding voort te zetten. De schoolbatterijen werden wel per legerkorps ondergebracht in een Aanvullings- en Opleidingsdepot van de Artillerie (AOD/Aoftewel in het Frans: Dépôt de Renfort et d’Instruction de l’Artillerie – DRI/A). Zo ontstaat het AOD/A van het IIde Legerkorps (AOD/A II/LK) die de Schoolbatterijen van het 1ste Regiment Artillerie (1A), het 2de Regiment Artillerie (2A) en het 13de Regiment Artillerie (13A) groepeert om de vorming van nieuwe artilleristen over te nemen van de gemobiliseerde eenheden van het veldleger. Gezien de mobilisatie bleef duren werd een meer gestructureerde oplossing gevonden voor de opleiding van de dienstplichtigen behorende tot de eerste helft van de lichting ’40. In maart 1940, vlak voor de aankomst van deze dienstplichtigen, wordt het AOD/A II/LK [1] omgevormd tot het 32ste Regiment Artillerie (32A) dat onder rechtstreeks bevel komt te staan van de Generale Staf van de Versterkings- en Opleidingstroepen (oftewel Etat-major des Troupes de Renforts et d’Instruction – EM/TRI). Het nieuwe regiment wordt gemobiliseerd in de Karthuizerkazerne (oftewel Kazerne Kolonel Rademaekers) te Brugge, vredesvoet garnizoen van 13A. De bevelhebber van het nieuwe regiment is Kolonel Duquesnoy. 

De schoolbatterijen worden na hun overplaatsing naar Brugge, omgevormd tot instructiebatterijen die op hun beurt worden samengebracht in een groep (benaming voor een bataljon bij de artillerie). Elke groep van 32A zal instaan voor de instructie van de dienstplichtigen bestemd voor een specifiek artillerieregiment van het vooroorlogse IIde Legerkorps (II/LK). Door het feit dat de  instructiebatterijen afkomstig zijn van drie verschillende regimenten werden de batterijen niet doorlopend genummerd maar start de nummering opnieuw voor elke groep. De samenstelling van het 32A is als volgt:

  • Iste Groep (I/32A) van ongeveer 700 man, bestaande uit 6 batterijen gevormd door rekruten en reservisten van het 1A, de divisieartillerie van de 1ste Infanteriedivisie (1Div).
  • IIde Groep (II/32A) bestaande uit 5 batterijen gevormd door rekruten en reservisten van het 2A, divisieartillerie van de 2de Infanteriedivisie (2Div).
  • IIIde Groep (III/32A) bestaande uit 2 batterijen gevormd door rekruten en reservisten van het 13A. Tijdens de mobilisatie van 1939 wordt het 13A als legerkorpsartillerie van het II/LK afgelost door het 16de Regiment Artillerie (16A) en aangeduid als legerkorpsartillerie van het IVde Legerkorps.

Instructiebatterij van II/32A met miliciens van de klas ’40 bestemd voor 2A. Tussen deze groep bevindt zich tevens Soldaat Verbraecken. (foto Reinhilde Olbrechts).

Van bij de oprichting van het regiment worden de miliciens van de klas ’40 aangehecht bij de instructiebatterijen voor het volbrengen van hun opleiding. In elke groep zijn ook een aantal Versterkingsbatterijen voorzien die moeten instaan voor de opvang van oudere reservisten en vrijgestelden. Tot 09 mei 1940 bestaan de Versterkingsbatterijen enkel uit kaderpersoneel en zullen pas aangevuld worden met manschappen na de afkondiging van algemene mobilisatie (oftewel Fase E van het mobilisatieplan) naar aanleiding van de start van de vijandelijkheden. Deze batterijen hebben geen eigen kanonnen en worden in afwachting van de algemene mobilisatie op non-actief geplaatst. Eens op oorlogsvoet gebracht zal het regiment kunnen beschikken over 73 officieren, 177 onderofficieren en 3.785 manschappen.

I/32A
Soldaat Michel Dammekens van de klas ’40 bestemd voor het 1A wordt op 29 februari opgenomen in de getalsterkte van de 3de Batterij. De opleiding wordt nagenoeg onmiddellijk gestart met oefeningen te voet, schietoefeningen met het karabijn en manipulatie van het kanon. De nieuwe dienstplichtigen moeten ook leren paardrijden. Op 31 maart wordt een 300-tal paarden bestemd voor 32A afgehaald in het station van Brugge.

II/32A
Soldaat Jef Verbraecken en zijn makkers van de klas ’40 bestemd voor het 2A werden ingedeeld bij één van de instructiebatterijen van de II/32A. Traditioneel werd hierbij een groepsfoto gemaakt [2].

SchoolBij/32A
32A heeft ook een eigen Schoolbatterij (SchoolBij/32A). In deze Schoolbatterij worden de toekomstige kaders gegroepeerd. Het betreft de Kandidaat Reserve Onderluitenanten (KROLt) en de Kandidaat Reserve Onderofficieren (KROO) bestemd voor 1A, 2A en 13A. De batterij wordt bevolen door Kapitein-commandant Pemen.

Militairen van het 32A te Brugge in het voorjaar van 1940.

Staf/32A
Om 06u00 wordt de algemene mobilisatie afgekondigd naar aanleiding van de Duitse inval in België. Door de afkondiging van de algemene mobilisatie worden de oudere reservisten en vrijgestelden opgeroepen om de batterijen versterking te vervoegen. Het gaat hier om militairen die omwille van een vrijstelling in de loop van de tweede helft van 1939 terug naar huis gestuurd werden, of nog niet onder de wapens waren geroepen. Eveneens om 06u00 geeft de EM/TRI het bevel om, zoals voorzien in het mobilisatieplan, uit te wijken naar oorlogskantonnenmenten die zich in diverse kleinere dorpen en steden van Oost- en West-Vlaanderen bevinden. Het was de bedoeling om hier, verwijderd van het front, de opleiding in relatieve rust te kunnen voortzetten.

De artilleristen van 32A maken zich na de afkondiging van de algemene mobilisatie klaar om hun vooraf verkende oorlogskantonnementen in te nemen. Men vreest immers dat de reguliere kazernes van ons leger gebombardeerd zullen worden door de Duitse luchtmacht. De batterijen instructie van 32A moeten zich bijgevolg door een onmiddellijke verhuis in veiligheid stellen. Terwijl de versterkingsbatterijen zich klaarmaken om de reservisten op te vangen verlaten de batterijen instructie nog tijdens de ochtend de kazerne van Brugge om zich in hun oorlogskantonnementen te Beernem en Oedelem te installeren.

I/32A
Een eerste batterij versterking wordt binnen de Iste Groep opgericht te Oedelem en maakt zich klaar voor de opvang van zijn reservisten.

Staf/32A
De reservisten blijven toekomen te Oedelem en Beernem en worden verdeeld over de verschillende versterkingsbatterijen. Het is de bedoeling dat de pas opgeroepen reservisten, die al een tijd geleden hun legerdienst deden, in de versterkingsbatterijen een heropfrissing krijgen van hun militaire vaardigheden.

Staf/32A
De nodige plannen worden gemaakt om de opleiding terug op te starten in de oorlogskantonnementen.

Staf/32A
Door de snelle opmars van de Duitsers wordt het voor het Groot Hoofdkwartier (GHK) snel duidelijk dat de verdere opleiding van de nieuwe rekruten enkel in Frankrijk, ver achter de linies, kan gebeuren. De Staf/32A ontvangt dan ook om 14u00 het schriftelijk bevel van de EM/TRI om zich klaar te maken voor de verplaatsing naar Frankrijk. Dit naar analogie van wat er tijdens de Eerste wereldoorlog gebeurde. De verplaatsing naar Frankrijk is echter totaal niet voorbereid. Er is geen voorafgaandelijke regeling met de Franse militaire noch burgerlijke overheid, er zijn geen voorafgaandelijke verkenningen van kantonnementen uitgevoerd, er is slechts proviand voor twee dagen en er bestaat geen logistieke organisatie voor herbevoorrading in Frankrijk. Daarenboven moet de Staf/32A zelf vervoer per spoor regelen door de Franse treinen van de SNCF te gebruiken die het 7de Franse Leger [7(FRA)Leger] van Generaal Giraud door Vlaanderen vervoerd hebben op weg naar Breda [3]. Het bevel om naar Frankrijk te vertrekken komt echter geen dag te vroeg want de 13de mei steken de Duitsers om 16u00 de Maas over te Sedan en beginnen hun opmars naar de Atlantische kust met als opzet zoveel mogelijk geallieerde troepen te omsingelen. De rest van de dag wordt besteed aan de voorbereiding van de evacuatie van het 32A naar Frankrijk. 

Staf/32A
Tot nu toe bestaat er geen overkoepelende staf die de inspanningen van de Versterkings- en Opleidingsregimenten van de artillerie coördineert. Deze regimenten krijgen bijgevolg hun orders rechtstreeks van de EM/TRI hetgeen met het oog op het nakende vertrek naar Frankrijk een grote belasting betekent voor deze staf. Om dit euvel op te lossen wordt op 14 mei het Versterkings- en Opleidingscentrum Artillerie (VOC/Aie) te Beernem opgericht. De zes Versterkings-en opleidingsregimenten van de artillerie (31A, 32A, 33A, 34A, 6LA en 3DTCA) worden onder bevel geplaatst van het nieuw opgerichte VOC/Aie om enerzijds de heruitrusting van het veldleger en anderzijds de evacuatie naar Frankrijk mogelijk te maken. De regimentscommandant van het 32A, Kolonel Duquesnoy, wordt aangeduid om het bevel te voeren over het VOC/Aie. Het bevel van 32A zal worden overgenomen door Luitenant-kolonel Scohy van het Vestingregiment van Luik [4].

Duquesnoy gaat onmiddellijk over tot een reorganisatie van de artillerie-eenheden onder zijn bevel. De artillerie van het veldleger heeft tijdens de eerste vier dagen van de veldtocht al belangrijke verliezen geleden waardoor er dringend nieuwe schootsbatterijen gevormd moeten worden om de tekorten aan te vullen. Om dit te bereiken zullen een aantal versterkingsbatterijen met oudere reservisten worden samengevoegd in nieuwe batterijen. Deze batterijen worden bewapend met de beschikbare kanonnen van de instructiebatterijen. De rekruten van de instructiebatterijen die nu geen vuurmonden meer hebben, worden gehergroepeerd in een nieuw Regiment Instructie (oftewel het VOC/Aie Detachement Frankrijk) dat onder het bevel komt te staan van Luitenant-Kolonel De Bueger, voormalige korpscommandant van het 3de Regiment Grondverdediging tegen Luchtdoelen (3DTCA).

De reorganisatie verloopt niet erg vlot. Vooreerst heerst er onduidelijkheid over welk type geschut het veldleger precies nodig heeft. Uiteindelijk zal blijken dat er in eerste instantie alleen interesse zal zijn in batterijen die over 105mm L kanonnen en 155mm M17 houwitsers beschikken. Daarnaast zijn niet alle batterijen van het VOC/Aie op volle sterkte en is er een algemeen tekort aan uitrusting en wapens. Tenslotte gebeurt deze reorganisatie te midden van de plannen van het GHK om alle VOC’s naar Frankrijk te evacueren. Kolonel Duquesnoy krijgt bevestiging dat terwijl zijn staf en de herbewapende versterkingsbatterijen in ons land zullen blijven, het Regiment Instructie zich klaar moet maken voor de aftocht naar Zuid-Frankrijk. De schoolbatterij van 32A wordt ontbonden en de Kandidaat Reserve Onderluitenanten worden in overtal bij de overige batterijen geplaatst.

Het 32A wordt nu opgesplitst in twee groeperingen; de Groepering Versterking/32A bestaande uit de Staf/32A en de Versterkingsbatterijen/32A die onder bevel komen te staan het VOC/Aie Detachement Vlaanderen en de Groepering Instructie/32A bestaande uit de Instructiebatterijen/32A die onder bevel komen van het VOC/Aie Detachement Frankrijk.

Groepering Instructie/32A
De instructiebatterijen met de rekruten van de klas ’40 van het 32A worden definitief ontdaan van hun geschut en bewapening. Elke batterij mag slechts 30 geweren en 3.000 patronen behouden. Deze batterijen worden klaargemaakt voor evacuatie naar Frankrijk. De manschappen worden met hun beperkte bewapening en het nodige lesmateriaal op de trein gezet richting zuiden om daar hun opleiding in het departement van de Aude te vervolmaken. De Groepering Instructie/32A bestaat uit de rekruten van 1/I/32A, 2/I/32A, 3/I/32A, 4/I/32A, 1/II/32A, 2/II/32A, 3/II/32A en 1/III/32A, samen goed voor 2.000 manschappen. Zij zullen met twee treinen naar Limoux reizen, de eerste trein heeft de Lt Dubois als treincommandant, de tweede trein wordt bevolen door Lt Freedman.

Groepering Versterking/32A
De Groepering Versterking/32A, nu onder bevel van LtKol Scohy, bestaat uit  1VB/I/32A, 2VB/I/32A, 1VB/II/32A en 2VB/III/32A. Uit deze versterkingsbatterijen zullen manschappen en personeel worden geput om nieuwe schootsbatterijen samen te stellen teneinde de tekorten aan het front terug aan te vullen. Het detachement van 32A dat in ons land zal blijven maakt zich klaar voor de verplaatsing naar Kortemark, de nieuwe  standplaats van 32A. 

  • Detachement Bridoux
    De Lt Res J. Bridoux, batterijcommandant van de 1ste Batterij Instructie van III/32A (1/III/32A), gaat niet mee naar Zuid-Frankrijk. Zijn batterij wordt overgenomen door Luitenant Dubois, batterijcommandant van de 2de Batterij Versterking van III/32 (2VB/III/32A). Hij vervoegt de Groepering Versterking/32A en maakt 2VB/III/32A operationeel met drie 155mm M17 houwitsers van 1/III/32A. De opgeroepen reservisten van 2VB/III/32A hebben hun legerdienst volbracht bij het 13A en zijn vertrouwd met de 155mm M17 Schneider houwitsers. Deze nieuwe operationele batterij zal worden overgedragen aan het 14de Regiment Artillerie (14A) om de verliezen bij I/14A te compenseren.  Het Detachement Bridoux wordt doorgestuurd naar Maldegem waar het 14A zich bevindt om er in de slagorde te worden opgenomen als de 2de Batterij van I/14A. (Het verdere relaas van het Detachement Bridoux, nu 2/I/14A,  wordt vermeld op de pagina van het 14de Regiment  Artillerie).
  • Detachement Janssens/Wynants
    In afwachting van de verplaatsing naar Kortemark, worden twee batterijen operationeel gemaakt met de reservisten van de 1VB/I/32A en de 2VB/I/32A voor de verdediging van het nabij gelegen militaire vliegveld nr 28 (vliegveld van Male nabij Sint-Kruis Brugge) [5]. De eerste batterij wordt uitgerust met C75GP geschut en wordt bevolen door Luitenant J. Janssens. De tweede batterij ontvangt Ob105GP houwitsers en staat onder bevel van Luitenant P. Wynants.

Groepering Instructie/32A

  • Detachement Dubois
    De eerste trein richting Frankrijk vertrekt vanuit Beernem. Dit eerste konvooi met de rekruten bestemd voor 13A en 2A staat onder het bevel van Luitenant Dubois (voormalige batterijcommandant van de 2VB/III/32A) en van Luitenant Albert Hanet (batterijcommandant van 3/II/32A). Het treinstel bestaat met uitzondering van een passagiersrijtuig voor de officieren uitsluitend uit goederenwagons. Het konvooi zal na een treinreis van vier dagen toekomen in Argelès-sur-Mer gelegen aan de Middellandse Zee ten zuiden van Perpignan. Cdt du Trieu de Terdonck, commandant van 2/II/32A gaat niet mee naar Frankrijk.
  • Detachement Freedman
    Het tweede konvooi met de rekruten van I/32A bestemd voor 1A, maakt zich klaar om onder leiding van Luitenant Arthur Freedman (batterijcommandant van 1/I/32A) uit Beernem te vertrekken tijdens de nacht van 15 op 16 mei. De manschappen overnachten in het park van Beernem

Groepering Versterking/32A

  • Detachement Janssens/Wynants
    De groepering Janssens/Wynants installeert zich op het vliegveld van Male. De militairen beschikken slechts over 18 karabijnen en twee FM30 lichte mitrailleurs. Voor de vuurmonden is slechts één van de twee voorziene paardengespannen beschikbaar en de batterijen beschikken niet over de munitiecaissons. De transportcapaciteit voor artilleriemunitie is dan ook beperkt tot de voortreinen van het geschut. Tenslotte zijn er veel te weinig paarden zodat elk kanon getrokken wordt door de in vredestijd voorziene vier paarden, in plaats van het in oorlogstijd gebruikelijke span van zes dieren. De groepering zal tot 17 mei te Male verblijven met als opdracht het vliegveld onder schot te houden teneinde een eventuele vijandelijke luchtlanding op het vliegveld te verhinderen. Op het vliegveld bevindt zich enkel de 16de Compagnie van het IIIde Bataljon Hulptroepen van het Luchtwapen (16/III/HuT Lu) die instaat voor het onderhoud van het vliegveld. Er wordt van de gelegenheid gebruik gemaakt om de reservisten de bediening van de artilleriestukken terug eigen te maken.

Groepering Instructie/32A

  • Detachement Freedman
    Na middernacht kunnen de manschappen, waaronder Sdt René De Vuyst, instijgen in de trein die hen naar het zuiden van Frankrijk zal brengen. Het treinstel bestaat uit passagiersrijtuigen en verlaat het station van Beernem om 03u30. De trein spoort op 16 mei via Brugge, Torhout, Lichtervelde, Roeselare tot Rumbeke

Groepering Instructie/32A in Frankrijk

  • Detachement Freedman
    In de ochtend van 17 mei passeert de trein Ingelmunster waar halt gehouden wordt omwille van vijandelijke luchtaanvallen. Het treinstel van Luitenant Freedman verlaat Ingelmunster en rijdt via Lendelede, Heule, Kortrijk, Marke, Lauwe en Moeskroen richting Franse grens. Na passage te Tourcoing bereiken de militairen Hazebrouck.

Groepering Versterking/32A

  • Detachement Janssens/Wynants wordt detachement Semal
    De opdracht op het vliegveld van Male wordt beëindigd en de beide batterijen (1VB/I/32A en de 2VB/I/32A) worden samen met de batterij Ob105GP van 1VB/II/32A (batterij van Luitenant De Kriek) ondergebracht in een nieuwe groepering onder bevel van Kapitein-commandant Semal. Het detachement beschikt over een volledig stel van twaalf vuurmonden, waaronder de vier stukken C75GP van 1VB/I/32A en de acht stukken Ob105GP van 2VB/I/32A en 1VB/II/32A. 

Het kamp van Argeles

Camp d’Argelès waar II/32A een zestal dagen verbleef vooraleer naar Limoux te vertrekken

Groepering Instructie/32A in Frankrijk

  • Detachement Dubois
    De eerste trein met rekruten van het 32A onder leiding van de Luitenants Dubois en Hanet bereikt de Franse stad Argelès. Het konvooi zal hier halt houden gedurende zes dagen om uiteindelijk op 24 mei door te reizen naar Limoux. De trein bereikte het zuiden van Frankrijk op het ogenblik dat de EM/TRI nog volop aan het onderhandelen was met de Fransen over de kantonnementsplaatsen die zouden vrij gemaakt worden om de VOC’s op te vangen. In afwachting van een oplossing worden de eerst aangekomen eenheden ondergebracht in kampen die werden gebouwd om Spaanse vluchtelingen op te vangen na het einde van de Spaanse burgeroorlog [6].
  • Detachement Freedman
    Luitenant Freedman en zijn militairen bereiken Boulogne-sur-Mer. Hier volgt een oponthoud dat tot ‘s anderendaags zal duren.

Groepering Versterking/32A
Het Groot Hoofdkwartier wijzigt zijn plannen van 14 mei om de versterkingsbatterijen in ons land te houden en beveelt aan Kolonel Duquesnoy om het VOC/Aie onmiddellijk klaar de maken voor de evacuatie naar Frankrijk. Het Belgisch opperbevel lijkt er zich onvoldoende van bewust dat dit evacuatiebevel veel te laat komt. Na de Duitse doorbraak te Sedan stormen de troepen van Hitler immers razendsnel naar de Atlantische kust richting Abbeville met de bedoeling de geallieerden te omsingelen in Noord-Frankrijk en België.

  • Detachement Semal
    Het Detachement Semal krijgt het bevel om zich tegen 20 mei naar Deurle, ten noordoosten van Deinze, te verplaatsen om van hier uit de artillerie van het VIde Legerkorps (VI/LK) te versterken. Dit legerkorps beveelt de 2de, 4de en 5de Infanteriedivisies en zal worden ingezet voor de verdediging van het Bruggenhoofd Gent. 

Manoeuvre van de trein van Lt Freedman ten zuiden van de Somme op 19 en 20 mei 1940

Manoeuvre van de trein van Lt Freedman ten zuiden van de Somme op 19 en 20 mei 1940

Groepering Instructie/32A in Frankrijk

  • Detachement Freedman
    Het treinstel van Lt Freedman steekt de Somme over te Abbeville. De route naar het zuiden ligt nu helemaal open en het detachement lijkt aan de Duitse omsingeling te zijn ontsnapt. Helaas wordt de trein door Franse verkeersregelaars (per vergissing) langs de zuidelijke oever van de Somme naar het oosten afgeleid richting Amiens [7]. Deze beslissing van de Franse verkeersregelaars leidt het detachement pal in de richting van de Duitse opmars naar de Atlantische kust. Het treinstel komt vast te zitten achter de trein van het Iste Bataljon Instructie van het 52ste Linieregiment (I/52Li) in het station van Pont-Rémy een stadje langs de Somme iets ten zuidoosten van Abbeville. Ook de spoorbundels te Amiens werden aangevallen door de Luftwaffe en moeten hersteld worden eer het treinverkeer weer mogelijk is. 

Groepering Instructie/32A in Frankrijk

  • Detachement Freedman
    De trein kan ter ternauwernood rechtsomkeer maken naar Abbeville en slaagt er in de stad ‘s morgens nog te passeren. Vanaf 09u00 start de Luftwaffe met een onafgebroken bombardement van Abbeville, vanaf 11u00 wordt ook het station gebombardeerd en is er geen doorkomen meer aan. Eens voorbij Abbeville gaat het via Cahon, Quesnoy-le-Montant en Eu richting Dieppe [8]. Tussen Quesnoy-le-Montant en Eu volgt de trein van Lt Freedman het treinstel van II/51Li en worden ze gevolgd door een trein van de wervingsreserve. Net voor Eu worden de treinstellen gebombardeerd hetgeen een oponthoud van drie uur veroorzaakt. Het detachement van Lt Freedman is door het oog van de naald gekropen want tijdens de nacht van 20 op 21 mei bereikt de Duitse voorhoede het stadje Noyelle-sur-Mer aan de Atlantische kust. Hierdoor wordt de terugtochtweg voor heel wat Belgische eenheden die op weg zijn naar het zuiden van Frankrijk definitief afgesloten.

Groepering Versterking/32A
De groepering verlaat Kortemark. De korte verplaatsing loopt via Staden, Langemark en Boezinge tot in Elverdinge.

  • Detachement Semal
    Het Detachement Semal is aangekomen te Deurle en zal op 20 en 21 mei twee formaties naar het 2de Regiment Artillerie uitsturen om verliezen aan te vullen bij de gevechten rond Kwatrecht. Luitenant Janssens moet twee van de vier C75GP vuurmonden laten vertrekken en Luitenant Wynants dient alle vier zijn Ob105GP houwitsers door te sturen naar 2A.

Duitse opmars tussen 16 en 20 mei. In de nacht van 20 op 21 mei wordt de Franse kust bereikt.

Duitse opmars tussen 16 en 20 mei. In de nacht van 20 op 21 mei wordt de Franse kust bereikt.

Groepering Instructie/32A in Frankrijk

  • Detachement Freedman
    Vanuit Dieppe rijdt de trein van Luitenant Freedman via Aufflay, Rouen, St-Etienne du Rouvray, Elboeuf, Orival en Glos-sur-Risle naar Serquigny.

Groepering Versterking/32A
De manschappen worden verplaatst naar het nabijgelegen Vlamertinge. Het regiment moet een C75TR kanon naar het front sturen om het 3de Regiment Artillerie (3A) aan te vullen. Het paardengespan zal onder leiding van de stukscommandant vertrekken. Er wordt geen stuksbemanning meegestuurd. De vuurmond vertrekt richting Izegem en zal te Tielt aansluiting vinden bij het 3A. Het overgebleven C105L materieel van het regiment wordt van Vlamertinge naar De Flesse nabij Tielt gestuurd. Ook het enkele C105L kanon en de twee caissons van het 33A zijn onderweg naar De Flesse. De groepering dient het veldleger te gaan versterken.

Luitenant-kolonel Maurice Scohy verlaat het regiment en wordt overgeplaatst naar de Dienst der Munitiedepots van de Directie voor Aan- en Afvoer bij het Leger. Hij wordt als commandant van 32A afgelost door Kapitein-commandant Sartiaux.

  • Detachement Semal wordt Detachement Pemen
    Na het vertrek van de zes vuurmonden ter versterking van het 2A, is het detachement Semal herleid tot zes stuks geschut. De batterij van Luitenant Janssens is herleid tot een enkele sectie van twee C75GP. De batterij van Luitenant Wynants heeft geen vuurmonden meer. Het bevel over de groepering wordt overgenomen door Cdt Pemen, ex-bevelhebber van de Schoolbatterij.

Groepering Instructie/32A in Frankrijk

  • Detachement Freedman
    Luitenant Freedman en zijn militairen trekken verder en passeren Argentan, Le Mans, Sablé-sur-Sarthe, Tiercé, Ecouflant, Angers, Ingrandes, Oudon, Mauves, Nantes, Vertou, Clisson, La Roche-sur-Yon en Luçon om aan te komen te Saintes.

Groepering Versterking/32A
In ons land laat de staf van het VOC/Aie aan al zijn achtergebleven eenheden weten dat de evacuatie naar Frankrijk niet langer uitvoerbaar is. Alle eenheden van het VOC/Aie die op dat ogenblik nog in Noord-Frankrijk of België aanwezig zijn, zullen ten dienste van de strijd in Vlaanderen ingezet worden.

  • Detachement Pemen
    De manschappen kunnen in hun kantonnement te Deurle de artillerieduels horen die aan de oostrand van het Bruggenhoofd Gent uitgevochten worden. Tijdens de late namiddag krijgt de groepering het bevel om tot een stellingname ter plekke over te gaan. De ontplooiing is nog maar net gestart wanneer een tegenbevel gegeven wordt om terug te trekken naar een nieuwe locatie ongeveer halverwege tussen Lotenhulle en Aalter.

Groepering Instructie/32A in Frankrijk

  • Detachement Freedman
    De voorlaatste etappe leidt het treinstel van Saintes via Bordeaux, Lamothe-Canéjan, Morcenx, Dax, Minbaste, Puyoô, Pau, St-Pé-de-Bigorre, Lourdes, Tarbes en Lannemezan naar Toulouse.

Groepering Versterking/32A

  • Detachement Pemen
    Het detachement Pemen wordt onder het bevel geplaatst van de 4de Infanteriedivisie (4Div) en houdt zich ter beschikking van Kolonel Smedts, bevelhebber van het 8ste Regiment Artillerie (8A). De zes overgebleven vuurmonden worden overgeheveld naar het 8A. De sectie C75GP van Luitenant Janssens wordt aangehecht bij de I/8A. De batterij Ob105GP van Lt De Kriek wordt in versterking gegeven van de IV/8A. Lt Wynants staat aan het hoofd van de drie niet-operationele secties en beschikt naast de Luitenants Van Volden, Henkel, Garain en Taeleman ook nog over een onbekend aantal militairen en paarden en een hoeveelheid divers artilleriematerieel. Het detachement zal aanvankelijk nog nabij Aalter verblijven.
  • Detachement Bastin
    Uit de overgebleven middelen van de Groepering Versterking wordt een nieuw detachement samengesteld ter versterking van 3A. Deze batterij telt vier C75TR vuurmonden en wordt geleid door Kapitein-commandant Bastin. De officier krijgt te horen dat hij de II/3A dient te vervoegen om hier de 5de Batterij opnieuw op te richten. Er is geen schootsbureel of transmissiematerieel beschikbaar. Bastin moet zich tevreden stellen met de vage belofte dat de II/3A het nodige zal doen. De nieuwe batterij moet zich te Moorslede ter beschikking stellen van Majoor Degaye van II/3A.

Groepering Instructie/32A in Frankrijk
De groepen komen aan te Limoux en worden toegewezen aan hun kantonnementen. De eenheden liggen verspreid over een zone van zo’n 10 kilometer. Omdat de bevelhebber van 32A Luitenant-kolonel Scohy niet in Frankrijk is geraakt wordt Kapitein-commandant Willy Tollenaere als korpschef ad interim van de Groepering Instructie/32A aangewezen. De toestand van de manschappen is vrij benard en vooral de ravitaillering van de troepen is een ernstig probleem.

  • Detachement Freedman
    Het treinstel van Luitenant Freedman passeert Carcassonne in de vroege ochtend en komt na een treinreis van 193 uur te Limoux aan rond 05u00. De manschappen stappen uit in Limoux en marcheren te voet naar Cépie waar ze zullen kantonneren.

Groepering Versterking/32A

  • Detachement Pemen
    Kolonel Smedts zal nog meerdere keren beroep doen op de middelen van het detachement Pemen om tekorten aan manschappen en materieel bij zijn 8A aan te vullen. Tijdens een verplaatsing langs de baan van Vinkt naar Poeke valt de 2de Sectie van de 1ste Batterij Versterking van II/32A onder artillerievuur. Bij het incident raken de Soldaten Sylvain Reyskens en Peter Werelds zwaar gewond en worden overgebracht naar een veldlazaret te Lichtervelde. Soldaat Reyskens overlijdt er op 25 mei aan zijn verwondingen, Soldaat Werelds enkele dagen later op 27 mei.
  • Detachement Bastin
    Cdt Bastin verlaat Vlamertinge omstreeks 04u00 en zet koers naar Moorslede. Zijn detachement komt hier omstreeks het middaguur aan, maar kan geen rendez-vous maken met de II/3A. Bastin stuurt een van zijn sectiechefs uit om Majoor Degaye te zoeken. De II/3A is samen met IV/3A ontplooid ten voordele van het 12de Linieregiment (12Li) dat tijdens de namiddag van 24 mei af te rekenen krijgt met een succesvolle Duitse oversteek van de Leie te Kuurne. Majoor Degaye is dan ook niet bij machte om zich om het detachement Bastin te bekommeren. De batterij overnacht te Moorslede.
  • Detachement du Trieu
    Kapitein-commandant du Trieu wordt met twee batterijen C75TR naar Diksmuide gestuurd ter versterking van de 14de Infanteriedivisie (14Div) die de kanonnen zal gebruiken als geïmproviseerd anti-tankgeschut. De kanonnen zijn afkomstig van de II/32A, terwijl de paardengespannen aangeduid worden uit de overgebleven middelen van de I/32A. De eerste batterij wordt aangehecht bij het 38ste Linieregiment (38Li) om aan de verdediging van de stad deel te nemen en komt aan te Esen rondom 16u30. De tweede batterij wordt doorgestuurd naar het 35ste Linieregiment (35Li) om ingezet te worden bij de bruggen over de IJzer en de Lovaart nabij Fort Knokke (twee kanonnen), Pollinkhove en Fortem (telkens een kanon). De beide batterijen bevoorraden zich in het munitiedepot te Houthulst. Dit detachement zal niet in actie komen en beëindigt de veldtocht op 28 mei zonder verdere incidenten.

Groepering Instructie/32A in Frankrijk
De militairen van het I/32A worden verspreid over de dorpen Cépie, Alaigne, Preixan en Cambieure. Luitenant Freedman verblijft bij baron de la Tour te Cépie. Eens de eenheden van het regiment geïnstalleerd zijn, tracht men de dagelijkse routine van karweien en lessen te hervatten in de hoop op die manier ooit weer eens een volwaardig artillerieregiment te vormen.

Groepering Versterking/32A
Het 32A stelt een batterij fuseliers samen. De batterij omvat 4 gevechtsgroepen van elk 50 manschappen en wordt bewapend met FN Mausers Model 1889 geweren. Deze batterij wordt ‘s avonds vervoerd naar Langenhoek op zo’n 5 kilometer ten zuiden van Torhout. Ook het 33A levert een batterij fuseliers. De beide batterijen worden bevolen door Majoor Scouvemont van het 33A. 

  • Detachement Pemen
    De overgebleven manschappen van het detachement Pemen worden onder leiding van Luitenant Wynants doorgestuurd naar Lichtervelde. Van hier uit zullen de militairen de rest van de groepering te Leke vervoegen. 
  • Detachement Bastin
    De batterij van Cdt Bastin heeft de nacht doorgebracht te Moorslede. De officier begeeft zich tijdens de ochtend naar het hoofdkwartier van de 3Div dat zich eveneens te Moorslede bevindt en kan zo in contact komen met Majoor Degaye, commandant van II/3A. De majoor stuurt zijn nieuwe 5de Batterij naar Lichtervelde, allicht om deze te vrijwaren van de nakende nederlaag aan de Leie. De commandopost van de II/3A bevindt zich net ten noorden van Ingelmunster.

Groepering Versterking/32A
De rest van de groepering verhuist naar Leke.

  • Detachement Bastin
    De vier kanonnen zijn aangekomen te Lichtervelde waar de ganse dag gewacht wordt op nieuwe orders van Majoor Degaye. De batterij zal hier zonder opdracht tot het einde van de veldtocht verblijven.

Groepering Versterking/32A
De nog aanwezige detachementen worden naar Slijpe verplaatst.

Kantonnementsplaatsen van 32A ten noorden van Limoux

Groepering Instructie/32A in Frankrijk
Het Belgische leger capituleert in Vlaanderen. De Belgische regering in ballingschap in Frankrijk beslist dat de Belgische eenheden, die zich niet in de zone van ons veldleger in Vlaanderen bevonden op 28 mei, buiten het capitulatieakkoord blijven. Ze zullen onder bevel van de Minister van Landsverdediging, Luitenant-generaal Denis, de strijd voortzetten aan de zijde van de geallieerden. De Groepering Instructie 32A in Frankrijk bestaat nog steeds uit volgende batterijen: 1/I/32A, 2/I/32A, 3/I/32A, 4/I/32A, 1/II/32A, 2/II/32A, 3/II/32A en 1/III/32A die gestationeerd zullen worden te Alaigne, Cépie, Cambieure en Lauraguel (Aude), vier dorpen ten noorden van Limoux.

Groepering Versterking/32A
De militairen van het in ons land achtergebleven deel van het 32A capituleren te Slijpe.

4 juni 1940

Groepering Instructie/32A in Frankrijk
De EM/TRI onder bevel van Luitenant-generaal Wibier, is ingegaan op een Frans verzoek om 10.000 militairen te leveren voor het uitvoeren van veldwerken ten voordele van de Franse divisies opgesteld in tweede echelon langs de Seine, in Parijs en langs de Marne. In eerste instantie worden de Bataljons Versterking aangeduid voor deze opdracht teneinde de opleiding van de jonge rekruten niet te onderbreken. Aangezien de Groepering Instructie/32A niet over Batterijen Versterking beschikt moet het 32A initieel geen werkbataljons leveren.

6 juni 1940.

Groepering Instructie/32A in Frankrijk
Op 6 juni bevestigen de Fransen hun vraag om nog eens 20.000 militairen extra te leveren om veldwerken uit te voeren, 16.000 aan te duiden door de EM/TRI die zich nu genoodzaakt ziet om ook de Bataljons Instructie met deze opdracht te gelasten. Het VOC/Aie krijgt nu wel de opdracht om werkbataljons op te richten die naar de Franse frontlinie gestuurd zullen worden. De Groepering Instructie/32A moet twee werkbataljons, I/32A en II/32A, van ongeveer 840 man oprichten. Deze werkbataljons bestaan uit vier compagnies van elk ongeveer 200 man en zullen vanuit Limoux naar het Frans-Duitse front in het noorden gestuurd worden, waar ze opdrachten zullen uitvoeren ten behoeve van het Franse leger. De compagnies zullen een beperkte bewapening meekrijgen en hebben elk slechts één peloton dat met geweren en 60 patronen per militair uitgerust wordt.

7 juni 1940

I/32A in Frankrijk
Het werkbataljon samengesteld door I/32A staat onder bevel van Kapitein-commandant Roze, tijdens de oorlog nog overgekomen van het 14A. De manschappen voor dit bataljon worden geput uit de vier batterijen instructie van de Iste Groep en de 1ste Batterij Instructie van de IIIde Groep die omgevormd worden tot vier compagnies. De uiteindelijke slagorde van het werkbataljon samengesteld door I/32A (1BnTA) ziet er als volgt uit:

  • Staf/I/32A: Cdt Roze (bataljonscommandant)
  • 1Cie/I/32A: Lt Res Gaston Cools (compagniecommandant)
  • 2Cie/I/32A: Lt Res De Porre (compagniecommandant)
  • 3Cie/I/32A: Lt Res Hoornaert (compagniecommandant)

De initiële bestemming van I/32A is Troyes in het Departement van de Aude. De compagnies stappen op 7 juni in het station van Cépie op de trein en vertrekken tijdens de nacht van 7 op 8 juni naar het noorden De reis verloopt in goederenwagons zonder enig comfort voor de militairen.

8 juni 1940

I/32A in Frankrijk
De treinreis van I/32A verloopt op 8 juni van Cépie over Carcassonne, Castelnaudary en Toulouse naar Cahors.

9 juni 1940

I/32A in Frankrijk
Het bataljon van Cdt Roze reist verder langs Brive-la-Gaillarde, Limoge, Châteauroux, Vierzon, Orléans, Etampes, Parijs en Meaux tot Château-Thierry langs de Marne. In Château-Thierry moeten de manschappen wachten in de trein op een opdracht. Het Franse leger lijkt de Belgen te willen inzetten voor het aanleggen van veldversterkingen op de Marne. Op 9 juni zullen de Duitsers echter het Franse front in de Champagne-streek doorbreken zodat een nieuwe terugtocht zich opdringt. De Belgen brengen de nacht van 9 op 10 juni door te Château-Thierry maar houden zich klaar voor een nieuwe verplaatsing per trein.

II/32A in Frankrijk
Het werkbataljon II/32A wordt samengesteld uit de batterijen instructie van de IIde Groep en de 2de Batterij van de IIIde Groep. Het geheel staat onder bevel van Kapitein-commandant Deweerdt en vertrekt op 9 juni vanuit Belvèze-du-Razès richting Châlons-sur-Marne (gekend onder zijn huidige benaming als Châlons-en-Champagne). De uiteindelijke slagorde van het werkbataljon samengesteld door II/32A (2BnTA) ziet er als volgt uit:

  • Staf/II/32A: Cdt Res Deweerdt komende van 6LA (Bataljonscommandant)
  • 1Cie/II/32A: Lt Res Marcel Verbrugghen (Compagniecommandant), Lt Tasson (Pelotonscommandant)
  • 2Cie/II/32A: TBC
  • 3Cie/II/32A: TBC
  • 4Cie/II/32A: Lt Res Jonet van het 11A (Compagniecommandant) bijgestaan door OLt Journée eveneens van 11A (Pelotonscommandant).

De reis gaat van Belvèze naar Carcassonne en Castelnaudary ten westen van Carcassonne. Te Castelnaudary wordt tijdens een kort oponthoud het werkbataljon van II/33A, onder bevel van Kapitein-commandant Staelens, aangekoppeld aan de trein van het II/32A. Beide bataljons reizen samen verder richting Châlons-sur-Marne via Toulouse, Montauban, Cahors en Brive-la-Gaillarde.

I/32A in Frankrijk
Het I/32A verlaat in de ochtend Château-Thierry en spoort een veertigtal kilometer naar het zuiden via Longueville tot aan de vallei van de Seine waar ze te Romilly-sur-Seine uitstappen. De manschappen krijgen welgeteld twee uur de tijd om naar voedsel op zoek te gaan aangezien de Franse overheden het bataljon niet kunnen ravitailleren. Er wordt opnieuw gewacht in de trein.

II/32A in Frankrijk
De treinreis gaat verder van Brive-la-Gaillarde naar Limoge, Orléans, Etampes en Juvisy-sur-Orge ten zuiden van Parijs.

Treinreis van I/32A op 09, 10 en 11 juni (projectie op recente kaart).

I/32A in Frankrijk
Het treinstel van Cdt Roze verlaat Romilly-sur-Seine en volgt de vallei van de Seine tot Troyes maar wordt dan tot ieders verbazing weer naar de Marne gedirigeerd. De manschappen bereiken Vitry-le-François en stijgen hier eindelijk uit. De hongerige en dorstige militairen behelpen zich aan voedsel, geld en gebruiksvoorwerpen in een treinstel op een aanpalend spoor, wat tot een incident leidt met de Franse gendarmerie. Een Belgische soldaat met een achtergelaten portefeuille in de hand wordt opgepakt en afgevoerd. Het lot van de man is onbekend. Om 21u00 vertrekt de trein uit Vitry om nu koers te zetten naar de vallei van de Aube. De compagnies zullen tijdens de nacht van 11 op 12 juni, na een treinreis van 102 uur, afstappen te Creney-près-Troyes en worden gelegerd te Villechétif ten westen van Troyes. Het bataljon heeft eindelijk zijn initiële bestemming bereikt en wordt ingedeeld bij het Franse 4de Leger. De Belgen moeten er ten behoeve van de Franse troepen loopgrachten en steunpunten gaan aanleggen in de buurt van Troyes. Cdt Roze ontvangt echter geen gereedschap.

II/32A in Frankrijk
Na de nacht doorgebracht te hebben te Juvisy-sur-Orge wordt verder doorgereisd via de oude spoorlijn van Parijs naar Straatsburg via Gretz-Armainvilliers, Coulommiers, La Ferté-Gaucher en Sézanne [9]. Te Sézanne zien ze het werkbataljon van het 5de Regiment Karabiniers-Wielrijders (5Cy) aan het werk. Om 13u30 komt de trein, met aan boord het II/32A en het II/33A, toe in het station van Châlons-sur-Marne de geplande eindbestemming van het bataljon. Cdt Deweerdt neemt samen met Cdt Staelens, bataljonscommandant van II/33A, contact met de Franse Plaatscommandant van Châlons maar die is niet op de hoogte van de komst van de Belgen en kan geen opdracht toekennen aan de twee werkbataljons. Daarenboven zijn er geen kantonnementen meer beschikbaar in Châlons-sur-Marne waardoor beslist wordt de trein voorlopig te parkeren op het rangeerterrein van het station. Om 19u00 beslist de Franse Plaatscommandant om de Belgen, die niet beschikken over wapens, gasmaskers, bevoorrading noch geneeskundige verzorging, door te sturen naar een Frans logistiek centrum in Saint-Dizier. Saint-Dizier bevindt zich een 60 tal kilometer meer naar het zuiden. Intussen worden een aantal zieke militairen van de trein gehaald maar de Fransen weigeren om ze te verzorgen. Wanneer de trein om 21u00 plots vertrekt naar St-Dizier is er geen tijd meer om de zieken terug aan boord te nemen, ze blijven alleen achter in het station van Châlons-sur-Marne.

12 juni 1940

I/32A in Frankrijk
Het bataljon brengt de dag werkloos door en blijft wachten in Villechétif op concrete orders. Uiteindelijk wordt de nacht van 12 op 13 mei nog in deze stad doorgebracht.

II/32A in Frankrijk
De trein passeert Vitry-le-François en komt rond 02u30 toe in Saint-Dizier maar ook hier weet men niet wat met de Belgen aan te vangen. Na enig rondvragen wordt om 14u00 de beslissing meegedeeld dat de trein door moet rijden tot Romilly-sur-Seine. De trein verlaat het station van Saint-Dizier om 16u30 en zal in de loop van de nacht van 12 op 13 juni toekomen in Romilly-sur-Seine.

13 juni 1940

Reisweg gevolgd door de 1Cie van I/32A van 13 mei 21u00 tot 15 mei 22u00.

I/32A in Frankrijk
De Fransen kunnen de Duitse opmars niet meer stuiten en de werkbataljons moeten zich terugtrekken. Het I/32A nabij Troyes krijgt ‘s avonds het bevel om in kleine groepjes te voet of per fiets te vluchten richting Avallon en daar opnieuw te verzamelen bij het station. Tijdens de nacht van 13 op 14 mei wordt Troyes zwaar gebombardeerd. Zo’n 350 manschappen slagen erin om op 15 mei samen te komen aan het station van Avallon waar Cdt Roze op hen wacht. Om het uur vertrekt een trein uit Avallon richting zuiden. Het detachement wacht nog tot 19u30 op achterblijvers en stapt dan op een trein naar het zuiden. Sommigen slagen er niet in het station van Avallon te bereiken en worden door de Duitsers gevangen genomen en naar België afgevoerd. Anderen duiken onder en slagen er in om op eigen kracht ons land te bereiken door zich in de chaos te mengen met terugkerende gevluchte Belgische burgers. Anderen vluchten dan weer in kleine groepjes naar het zuiden door op voertuigen te springen van burgers of zelfs per fiets doorheen het Centraal Massief te trekken. De meesten komen onderweg terecht in Montpellier waar de EM/TRI een opvangcentrum heeft ingericht in een boomkwekerij ‘Les pépinières Richter’. Enkel indien ze via dit opvangcentrum passeerden konden ze gratis gebruik maken van de Franse treinen.

  • 1/I/32A
    Lt Cools besluit met zijn compagnie te voet terug te keren en vertrekt nog dezelfde nacht uit Villechétif. De compagnie marcheert gedurende de ganse nacht en de daaropvolgende dag via Chaource tot Tonnerre waar na een mars van 58 km de nacht van 14 op 15 mei wordt doorgebracht. Op 15 mei wordt de mars voortgezet van Tonnerre naar Nitry, Joux-la-Ville en Lucy-le-Bois waar ze nog het pad kruisen van Cdt Roze die een stafvoertuig van het Franse leger wist te bemachtigen. Het detachement van Lt Cools bereikt na een nieuwe mars van 48 km de stad Avallon maar mist daar het vertrek van de laatste trein. Hij beslist dan maar met zijn compagnie een kantonnement op te zoeken in een bos nabij Menades ten zuidwesten van Avallon om er de nacht van 15 op 16 mei door te brengen. Hier wordt hij op 17 mei samen met zijn compagnie gevangen genomen door de Duitsers.
  • 3/I/32A
    De compagnie onder leiding van Luitenant Hoornaert, bijgestaan door zijn adjunct Onderluitenant Dombrecht en Adjudant Martens, volgt een gelijkaardig traject en bereikt na een tweedaagse voetmars via Tonnerre, Nitry en Lucy-le-Bois het station van Avallon in de late namiddag van 15 mei.
Station Saint-Just-Sauvage waar 32A toekwam

Station Saint-Just-Sauvage waar II/32A op 13 juni toekwam

II/32A in Frankrijk
Het II/32A komt rond 02u00 toe in Romilly-sur-Seine maar ook hier heeft men geen opdracht voor de twee werkbataljon. Er wordt afgewacht in de trein tot uiteindelijk om 08u00 twee kapiteins van de Franse genie in het station toekomen met de opdracht de werkbataljons op te vangen. Hier wordt vernomen dat de twee werkbataljons te Anglure, zo’n 12-tal kilometer meer naar het noorden, een Frans Geniebataljon moeten helpen met het aanbrengen van een 6 kilometer lange prikkeldraadversperring langs de zuidelijke oever van de Aube. Om de voetmars tot Anglure in te korten wordt de trein om 10u30 nog doorgestuurd naar Saint-Just-Sauvage (Departement van de Marne) in de vallei van de Seine waar de manschappen van II/32A om 11u45 uitstappen [10]. II/32A krijgt opdracht te kantonneren in Saint-Just-Sauvage, II/33A wordt te voet doorgestuurd naar Etrelles-sur-Aube. Rond het middaguur ondergaat Saint-Just een zwaar luchtbombardement waarbij meerdere burgerslachtoffers vallen. II/32A komt ongehavend uit het bombardement. Cdt Deweerdt stuurt zijn compagniecommandanten onmiddellijk op verkenning uit naar Anglure. Hier vernemen de compagniecommandanten dat in het slijk van de oever de begroeiing moet worden weggekapt, dat de stammen van de weggekapte struiken moeten worden aangescherpt en in de grond geklopt en dat daar de prikkeldraad moet worden aan vastgemaakt. De compagnies zouden alleen bijlen ter beschikking krijgen, geen laarzen en geen beschermende handschoenen.

Nog tijdens de uitvoering van de verkenningen laat het Frans Geniebataljon weten dat de Duitsers te dicht genaderd zijn en dat ze de werken zullen staken om de terugtocht naar het zuiden aan te vatten. De diensten van het II/32A zijn niet meer vereist. Hierop verzamelt Cdt Deweerdt zijn compagniecommandanten en laat ze weten dat het bataljon vanaf 21u00 de terugtocht naar het zuiden zal starten. De opgelegde marsorde van de bataljonscolonne is eenvoudig; de 1Cie marcheert voorop en de andere compagnies volgen in numerieke volgorde.

  • Reisweg afgelegd door de 1Cie van II/32A van 13 mei 21u00 en 14 mei 19u00.

    Reisweg afgelegd door de 1Cie van II/32A van 13 mei 21u00 en 14 mei 19u00.

    1/II/32A
    De 1Cie vertrekt om 21u00 op kop van de bataljonscolonne te voet vanuit St-Just-Sauvage richting Romilly-sur-Seine. Iets voorbij Sauvage krijgen ze te horen dat de brug over de Seine tussen Sauvage en Romilly-sur-Seine reeds gesprongen is en dat de rivier nog enkel kan worden overschreden te Mazière-la-Grande-Paroisse. Ze keren op hun stappen terug en houden halt in Mazière om de nacht van 13 op 14 mei door te brengen.

  • 4/II/32A
    Lt Jonet die zich, samen met zijn adjunct OLt Journée, reeds in Romilly-sur-Seine bevindt (vermoedelijk meegereisd met I/32A, op 10 mei uitgestapt om kantonnementen te zoeken en hierbij verrast door het vroegtijdig vertrek van de trein van I/32A – TBC), wacht op de aankomst van de trein van II/32A en II/33A. Hij wordt om 10u00 aangeduid als commandant van de 4Cie en heeft intussen al een kantonnement voor zijn compagnie gevonden te Saint-Just Sauvage in een grote slagerij. De manschappen kunnen er van een warme maaltijd genieten terwijl de officieren op verkenning gaan voor de uitvoering van hun opdracht. Wanneer de compagniecommandanten tegen de avond bij de bataljonscommandant verslag uitbrengen over hun verkenning, krijgen ze te horen dat om 21u00 zal worden afgemarcheerd naar het zuiden. Wanneer de 4Cie om 20u00 toekomt op het vertrekpunt voor de mars is enkel de 1Cie van Lt Verbrugghe op het rendez-vous aanwezig. Van de 2Cie en de 3Cie geen spoor. De 4Cie volgt de compagnie van Lt Verbrugghe en houdt eveneens halt in Mazière om een korte rustpauze in te lassen. Tijdens de rustpauze ziet Lt Jonet de 2de en de 3de Cie voorbij passeren. De 4Cie marcheert die nacht nog door tot Origny-le-Sec waar ze om 01u45 toekomen en er halt houden om de nacht door te brengen.

Reisweg afgelegd door de 4Cie van II/32A van 13 juni 21u00 tot 15 juni 18u30.

II/32A in Frankrijk

  • 1/II/32A
    Na een korte rustpauze wordt de volgende dag in alle vroegte doorgestapt. Via Origny-le-Sec, Ossey-les-Trois-Maisons, Marigny-Châtel, St-Lupien, Marcilly-le-Hayer, Planty en Vulaines wordt na een voetmars van 40 kilometer Rigny-le-Feron bereikt rond 18u00. Hier wordt opnieuw halt gehouden voor een korte rustpauze. Er wordt appel gehouden en Lt Verbrugghe stelt vast dat nog slechts 133 van de 200 manschappen de compagnie hebben kunnen bijbenen. Om 19u00 wordt in Rigny contact gemaakt met de Duitse kopelementen. Er breekt een vuurgevecht uit tussen de Duitse voorhoede en een Franse Intendance eenheid. Tijdens dit vuurgevecht komt Sdt Lommez om het leven. De 1Cie wordt krijgsgevangen genomen en marcheert de volgende dag terug naar Planty waar ze drie dagen zullen verblijven in een met prikkeldraad afgezette weide. Op 19 juni worden ze doorgestuurd naar het “Durchgangslager” van Nogent-sur-Seine.
  • 4/II/32A
    Wanneer de 4Cie zich de volgende ochtend om 04u00 klaar maakt om zijn tocht verder te zetten blijkt de hoofdcolonne reeds vertrokken te zijn. De 4Cie wijkt af van de reisweg gevolgd door de rest van het bataljon en begeeft zich naar Fontaine-les-Grès waar ze om 07u30 toekomen. Intussen is de Duitse voorhoede reeds tot op 15 km genaderd. Ze zetten door en bereiken Troyes om 13u30. De stad wordt zwaar aangevallen door de Duitse luchtmacht en het detachement moet in enkele kelders schuilen voor het aanhoudend bombardement. Om 15u00 bereiken ze het station waar enkele treinen klaar staan om te vertrekken. Het stationsplein ligt vol fietsen die werden achtergelaten door Franse vluchtelingen. De stationschef laat echter weten dat geen enkele trein meer zal vertrekken omdat anderhalve kilometer buiten de stad de spoorlijn onder vuur gehouden wordt door de Duitsers. De compagnie kan een 35-tal bruikbare fietsen recupereren waarop Lt Jonet een 35 tal manschappen onder leiding van een wachtmeester per fiets laat vertrekken richting Châtillon. De rest van de compagnie brengt de nacht van 14 op 15 mei door in de buurt van het station van Troyes.

I/32A in Frankrijk

  • 3/I/32A
    Na een tweedaagse voetmars bereikt de compagnie van Lt Hoornaert het station van Avallon. Om 19u30 kunnen ze te Avallon instijgen in een boemeltrein. Via Liernais en Manlay gaat het richting Autun.

II/32A in Frankrijk

  • 4/II/32A
    De compagnie verlaat Troyes op 15 mei en zet zijn voettocht verder richting Châtillon-sur-Seine. Om 18u30 komen ze toe in Bar-sur-Seine waar eventjes halt gehouden wordt. De stad is reeds ontruimd en er bevinden zich geen treinen meer in het station. Om 21u00 marcheert de compagnie verder om tegen 04u15 Châtillon te bereiken en er de nacht door te brengen. De compagnie heeft 70 kilometer gemarcheerd van het station van Troyes tot Châtillon zonder nachtrust.

I/32A in Frankrijk

  • 1/I/32A
    De 1Cie weet te ontsnappen aan de vijand maar heeft een lastige treinreis voor de boeg. Uiteindelijk komen ze, na een treinreis van 215 uur, op 24 juni toe in Limoux. Op 16 juni wordt het traject Autun, Le Creusot, Montceau-les-Mines en Paray le Monial afgelegd. Op 17 juni gaat het tot Roanne om op 18 juni terug naar het noorden te gaan om via Saint-Germain-des-Fossés en Vichy naar Clermont-Ferrand te sporen waar ze op 19 juni toekomen. De volgende dag gaat het verder via Brioude, Châpeauroux, Lagogne, Alès en Quissac om op 22 juni in Montpellier toe te komen. Van Montpellier doen ze er nog twee dagen over om naar Limoux te gaan.

II/32A in Frankrijk

  • 4/II/32A
    In Châtillon-sur-Seine wordt uitgerust tot 08u00. Ook hier is het station leeg maar Lt Jonet kan een machinist overhalen een trein op te stoken en naar het zuiden te vertrekken richting Is-sur-Tille. Na 20 km komt de trein vast te zitten achter een reeks geblokkeerde treinstellen. De compagnie stijgt uit en marcheert tot Voulaine-les-Templiers waar ze door de Duitsers ingehaald worden. De compagnie is herleidt tot een veertigtal manschappen die pas twee dagen nadat ze door Duitse kopelementen te Voulaine-les-Templiers zijn voorbijgestoken, gevangen genomen worden.

II/32A in Frankrijk

  • 4/II/32A
    Een groep militairen van de 4Cie (vermoedelijk de groep van 35 man die te Troyes per fiets is doorgereden – TBC) is nog weggeraakt via Châtillon naar Auxerre richting Bonny-sur-Loire. Ter hoogte van Saint-Sauveur-en-Puisaye worden ze door de Duitsers ingehaald. Bij een vuurgevecht wordt Soldaat Alfons Van Schil door een Duitse kogel gedood [11].

20 juni 1940

Groepering Instructie/32A in Frankrijk
Het uitsturen van de werkbataljons was slecht voorbereid en de uitvoering van de opdracht liep volledig in het honderd. Het Franse leger was niet in staat de Duitse stormloop te stuiten en al snel moesten de werkbataljons teruggestuurd worden. Daarenboven wordt op 17 juni de Franse capitulatie aangekondigd. De terugkeer van de werkbataljons van 32A naar Limoux verloopt niet van een leien dakje. Een groot gedeelte van de manschappen wordt gevangen genomen en de rest keert in kleine groepjes terug. Cdt Deweerdt slaagt erin met de helft van de manschappen van het werkbataljon van II/32A terug te keren naar Limoux.

22 juni 1940

Groepering Instructie/32A in Frankrijk
Met de ondertekening van de Franse capitulatie in Compiègne op 22 juni wordt het duidelijk dat de rol van de VOC’s in Frankrijk is uitgespeeld. Het VOC/Aie bevindt zich in het niet bezet stuk van Frankrijk en valt onder de Vichy regering. Er zijn niet direct plannen om Frankrijk te verlaten en uit te wijken naar een uitvalsbasis van waaruit de strijd kan worden verdergezet. De Vichy regering zal dit zeker niet aanmoedigen en eerder beslag leggen op het aanwezige militair materieel zoals dit met de Duitsers was overeengekomen.

Door het groot aantal verliezen bij de werkbataljons dringt een reorganisatie van de VOC’s zich op. Op 22 juni wordt door de Generale Staf van de Versterkings- en Opleidingstroepen (EM/TRI) het bevel uitgevaardigd om nieuwe regimenten samen te stellen met de rekruten van de Instructieregimenten, de wederopgeroepenen van de Versterkingseenheden aangevuld met elementen van het veldleger die aan Duitse gevangenschap wisten te ontsnappen. Het VOC/Aie beslist om de groeperingen instructie van alle regimenten te laten opgaan in het nieuw opgerichte Versterkings- en Opleidingsregiment Artillerie onder leiding van Majoor Hardenne van 6LA. Dit nieuwe regiment omvat twee groepen, een instructiegroep en een versterkingsgroep. Alle nog overblijvende batterijen veldartillerie en stafelementen van 31A, 32A, 33A, 34A en 6LA worden in dit regiment ondergebracht en de regimentsstaf installeert zich in Pomas (Aude).

24 juni 1940

Groepering Instructie/32A wordt Versterkings- en Opleidingsregiment Artillerie in Frankrijk
Met grote vreugde wordt het detachement van Lt Hoornaert onthaald in Cépie. Men had er niet meer op gerekend om de 350 manschappen die in Avallon op de trein zijn gestapt nog terug te zien. Prompt mag het detachement door de straten van Cépie defileren. Lt Hoornaert, OLt Dombrecht en Adjt Martens krijgen een eervolle vermelding op het dagorder van het 32A. De Groepering Instructie 32A kan nu de finale balans opmaken van het uitsturen van zijn twee werkbataljons naar het noorden. Uiteindelijk bereikte slechts 750 van de uitgestuurde 1.680 manschappen Limoux en er werden ook verliezen geleden.

11 juli 1940

Versterkings- en Opleidingsregiment Artillerie in Frankrijk
De troepen worden ongeduldig en willen zo snel als mogelijk terugkeren naar België. Onder impuls van Geneesheer Luitenant Torrekens en Aalmoezenier Vergaelen eist een deel van het regiment de onmiddellijke demobilisatie van alle miliciens en de terugkeer naar ons land. Luitenant Torrekens bedreigt de officieren die niet akkoord gaan met zijn plannen en laat hen weten dat hij ze bij hun terugkeer in België ‘wel zal weten te vinden’. De ontevredenheid wordt nog aangewakkerd door:

  • de frustratie over de mislukte opdracht van de werkbataljons en de onzekerheid over het lot van diegenen die niet zijn teruggekeerd naar de kantonnementen in het zuiden;
  • de onzekerheid over de optie om de nog in Frankrijk verblijvende eenheden naar Noord-Afrika over te brengen om de strijd voort te zetten aan de zijde van Groot-Brittannië;
  • de slechte levensomstandigheden in de kantonnementen, vooral dan het gebrek aan voldoende en kwalitatief voedsel [12];
  • het gebrek aan een degelijk opleidingsprogramma dat zich beperkt tot marsoefeningen en de wacht aan de kantonnementen, echter zonder in het bezit te zijn van munitie;
  • het verscherpt toezicht van de Franse Gendarmerie die kost wat kost wil beletten dat militairen de kampen verlaten om naar Engeland of Spanje te vertrekken.

Dit alles resulteerde in een uit de hand gelopen 11 juli viering te Cambieure (II/32A) waar Lt Hanet tijdelijk de controle over de manschappen verliest.

15 juli 1940

Versterkings- en Opleidingsregiment Artillerie in Frankrijk
De Minister van Landsverdediging, Luitenant-generaal Denis, geeft op 3 juli de EM/TRI de toelating om te starten met de repatriëring van dienstplichtigen jonger dan 32 jaar. De maatregel gaat van kracht op 15 juli. Meerder gemeentebesturen in België nemen het initiatief om hun jongeren op te halen in Zuid-Frankrijk.

18 juli 1940

Versterkings- en Opleidingsregiment Artillerie in Frankrijk
De gemeenten Eeklo en Maldegem sturen op 18 juli bussen naar Limoux om hun militairen te repatriëren. Het commando beperkt zijn pogingen om de massale uittocht tegen te gaan door te eisen dat streng toegekeken wordt dat enkel jongens uit de desbetreffende gemeente gebruik maken van de georganiseerde transporten. Torrekens, die zich aan zijn plichten als geneesheer onttrekt, vertrekt eind juli op eigen initiatief en zal tijdens de oorlog actief zijn in de collaboratie. Lt Dubois maakt een dossier op wegens desertie. Ook Aalmoezenier Vergaelen trekt er van onder en verlaat het leger zonder toestemming. De frustraties van de achterblijvers wordt nog groter.

6 augustus 1940

Versterkings- en Opleidingsregiment Artillerie in Frankrijk
Een 200-tal militairen van 32A beslist om gezamenlijk vanuit de verschillende kantonnementen naar Limoux te marcheren om duidelijkheid te eisen omtrent hun lot. Ze worden onderweg onderschept door de Franse Gendarmerie die enkele waarschuwingsschoten afvuurt boven de hoofden van de betogers. Gebruik makend van de verwarring die ontstaat worden de militairen door de gendarmerie uiteen geranseld. Vier militairen, waaronder Sdt van Belle worden aangehouden en moeten enkele weken later voor de Krijgsraad verschijnen in Carcassonne. Ze worden allen vrijgesproken.

11 augustus 1940

Versterkings- en Opleidingsregiment Artillerie in Frankrijk
Lt Res Cools, die na zijn gevangenname (zie supra) terug vrij kwam en demobiliseerde, organiseert op 11 augustus een groot burgerkonvooi om alle Bruggelingen uit Limoux weg te halen. Het opmerkelijk konvooi vertrekt op 15 augustus uit de streek van Limoux met 108 militairen.

21 augustus 1940

Versterkings- en Opleidingsregiment Artillerie in Frankrijk
In de Midi bevonden er zich heel wat door het Belgische leger in beslag genomen vrachtwagens of vrachtwagens die daar eerder met gevluchte burgers waren toegekomen. De enige manier om deze vrachtwagens voorbij de demarcatielijn te krijgen was dat zij ingezet worden om Belgische militairen naar België te laten terugkeren. Zo vertrekt op 19 augustus een kipwagen met 20 man van 3/I/32A in de laadbak richting België. Het groepje stond onder bevel van Lt Res Geunis. Twee dagen na vertrek tuimelde de vrachtwagen in een ravijn te Bourg-Saint-Andéol. Bij het ongeval komt Soldaat Seymons om het leven, 14 anderen worden naar het ziekenhuis van Montélimar gebracht voor verzorging [13]. In het ziekenhuis van Montélimar overlijden op 21 augustus ook nog Luitenant Geunis en Soldaat Lodewijk Belles (32A), op 22 augustus Sdt Frans Bertels en op 27 augustus Sdt René Bogaerts, allen van 32A

31 augustus 1940

Versterkings- en Opleidingsregiment Artillerie in Frankrijk
Eind augustus wordt het VOC/Aie gerepatrieerd naar ons land bij de ontbinding van de Belgische strijdkrachten in Frankrijk. Van de 2.000 militairen van 32A die naar het zuiden zijn overgebracht schieten er eind augustus nog 330 manschappen over. De laatste militairen halen de uiterste door de Duitsers opgelegde repatriëringsdatum van 23 augustus niet en zullen bijgevolg onherroepelijk krijgsgevangen worden genomen bij het passeren van de demarcatielijn. Lt Hanet is één van de laatst overgebleven officieren.

Slachtoffers

EenheidNaamVoornaamFotoGraadStandKlas° op° te+ op+ teNota
OnbekendBELLESLodewijk, F.SdtMil4008.07.1920Berlaar21.08.1940Montélimar (F)Verwond 21.08 bij verkeersongeval.
Overleden in hospitaal.
OnbekendBERTELSFrans, J.M.SdtMil4029.07.1920Geel22.08.1940Montélimar (F)Verwond 21.08 bij verkeersongeval.
Overleden in hospitaal.
OnbekendBOGAERTSRenéSdtMil4004.08.1920Kapellen27.08.1940Montélimar (F)Verwond 21.08 bij verkeersongeval.
Overleden in hospitaal.
1/IBRUSSELMANFlorent, J.SdtMil4006.02.1920Tongeren02.06.1940Alaigne (F)
3/IDAMMEKENSMichel, B, LSdtMil4013.03.1921Hemelveerdegem02.08.1940Limoux (F)Overleden in militair hospitaal van Limoux. Herbegraven op militaire begraafplaats van De Panne
OnbekendGEUNISMarcelLtRes01.03.1905Sint-Jans-Molenbeek21.08.1940Montélimar (F)Verwond 21.08 bij verkeersongeval.
Overleden in hospitaal.
3/IGOETSCHALCKXAlbertSdtMil4013.08.1920Meer05.07.1940Romilly-sur-Seine (F)
3/ILOMMEZHendrik, L.J.SdtMil4015.12.1920Heist-op-den-Berg14.06.1940Rigny-le-Ferron (F)Omgekomen tijdens een vuurgevecht tussen Fransen en Duitsers
1/IREYSKENSSylvain, L.SdtMil3706.05.1917Genk25.05.1940LichterveldeGedood door artillerievuur
3/ISEYMONSCharlesSdtMil04.07.1920Sint-Katelijne-Waver21.08.1940Bourg-Saint-Andéol (F)Omgekomen bij een verkeersongeval.
4/IIVAN SCHILAlfons, AugusteSdtMil4013.02.1921Itegem08.06.1940Saint-Sauveur (F)
OnbekendVANDENHENDENMarcel, PierreSdtMil4001.07.1920Peissant06.07.1940ElseneOverleden aan verwondingen in militair hospitaal
School BijVANGEELGommaar, J.SdtMil11.02.1896Deurne26.05.1940IeperVerwond op 24.05 te Ieper
4/IIWERELDSPeter, L.A.F.SdtMil3314.04.1913Balen27.05.1940LichterveldeVerwond 25.05 te Lichtervelde. Overleden in lazaret.

Bibliografie en Bronnen

  1. 32A wordt in veel bronnen ook het Dépôt de Renfort et d’Instruction de l’Artillerie du IIe Corps d’Armée – DRI/A II/CA (oftewel Aanvullings- en Opleidingsdepot van de Artillerie van het IIde Legerkorps – OAD/A II/LK) genoemd omdat het de nieuwe dienstplichtigen en nog niet opgeroepen reservisten van 1A, 2A en 13A zal groeperen. Al deze artillerieregimenten behoorden in volle vredestijd tot het IIde Legerkorps; 13A als legerkorpsartillerie, 1A als divisieartillerie van de 1Div en 2A als divisieartillerie van de 2Div.
  2. De groepsfoto werd genomen in de Kazerne Kolonel Rademakers langs de Kazernevest te Brugge, voor het monument ter nagedachtenis aan de tijdens WOI gesneuvelde militairen van het 4Li en 24Li, herkenbaar door het opschrift “Bello occisis Patriae Servientes”. De oude benaming van deze kazerne is de Karthuizerkazerne. De kazerne had ook een ingang in de Langestraat. Het 13A deelde dit kwartier met het 4Li. [On Line beschikbaar]: https://belgiummilitary.wordpress.com/lijst-van-militair-vastgoed-met-specifiek-militair-gebruik-na-1830-alfabetisch-per-gemeente/brugge/ [Laatst geraadpleegd 20 februari 2022, vanaf 20 februari 2022 is de informatie verstrekt door deze site enkel nog beschikbaar tegen betaling en niet langer zichtbaar voor het grote publiek].
  3. Ten noorden van de Belgisch-Nederlandse grens was er geen aansluiting met het Nederlands verdedigingsdispositief. De Nederlanders hadden zich opgesteld ten noorden van de Rijn waardoor er een gapende opening ontstond tussen de Belgische en Nederlandse verdedigingslinies. Dit werd reeds in november opgemerkt door de Franse Generaal Gamelin die een plan liet uitwerken om het 7(FRA)Leger in te zetten tussen de stellingen van de Belgen en de Nederlanders. In zijn order N° 5 van 20 maart 1940 bevestigt Generaal Giraud, commandant van het 7(FRA)Leger, dat zijn eenheid in staat moet zijn om “tout en conservant ses anciennes missions, qui passent à l’arrière plan, a reçu une mission nouvelle d’une importance capitale qui consiste à assurer la liaison entre les armées belge et hollandaise dans la région Nord-Est d’Anvers“. Generaal Giraud beschikt hiervoor over twee legerkorpsen en een “Division Légère Mécanique“, alles tesamen het equivalent van 8 divisies. “L’Armée Giraud en Hollande (1939-1940)”, door Lerecouvreux, Nouveaux Editions Latines, Paris, 1956. [Partieel On Line beschikbaar][Laatst geraadpleegd 22 juli 2019]. Zowel de manschappen als de voertuigen van de Franse eenheden werden per spoor gebracht tot Oost-Vlaanderen. Van hieruit zetten ze hun opmars naar Breda langs de weg verder. De lege treinen van de Société Nationale des Chemins de fer Français (SNCF) bleven achter in de stations van Oost-Vlaanderen en moesten hoe dan ook terugkeren naar Frankrijk. Van die treinen maakten de eenheden van de Versterkings- en Opleidingstroepen gebruik om zich naar Zuid-Frankrijk te verplaatsen.
  4. Luitenant-kolonel Scohy is op 14 mei nog detachementscommandant van een groep militairen van het RFL (bestaande uit de reservegarnizoenen, de Schoolbatterij en de Batterij Depot en Versterkingen). Dit detachement bevond zich te Mechelen en voert op 14 mei de verplaatsing uit naar Moerkerke waar ze zullen kantonneren. Op het ogenblik dat LtKol Scohy effectief het commando overneemt van 32A (ten vroegste op 15 mei) is de eerste trein met rekruten reeds vertrokken. LtKol Scohy die achterbleef bij de Groepering Versterking/32A heeft het zuiden van Frankrijk nooit bereikt. Hij verlaat het regiment op 22 mei en wordt overgeplaatst naar de Dienst der Munitiedepots van de Directie voor Aan- en Afvoer bij het Leger. De Groepering Instructie/32A wordt in Frankrijk bevolen door Kapitein-commandant Willy Tollenaere. Wel is geweten dat LtKol Scohy na de oorlog werd aangeduid als eerste naoorlogse korpscommandant van het 2de Regiment Artillerie (2A).
  5. Deels op het grondgebied van het gehucht Male behorende tot Sint-Kruis nabij Brugge en deels op het grondgebied van Sijsele wordt door de Hulptroepen van het luchtwapen (HuT Lu) een graspiste aangelegd waar zich tijdens WOI ook een vliegveld bevond. Het vliegveld van Sint-Kruis is  gekend als vliegveld oorlogstijd Nr 28.
  6. In Argelès-sur-Mer, een stadje op de Frans-Spaanse grens langs de Middellandse Zee, bevond zich een oud interneringskamp voor vluchtelingen van de Spaanse burgeroorlog. Meerdere Belgische regimenten werden door de Fransen tijdelijk ondergebracht in dit kamp gekend om zijn slechte levensomstandigheden. Achtergrondinformatie bij het interneringskamp van Argelès-sur-Mer [On Line Beschikbaar]: http://cider-argeles.blogspot.be/ [Laatst geraadpleegd 1 oktober 2023].
  7. Het station van Abbeville bevindt zich ten zuiden van de Somme en beschikt over een groot rangeerterrein (la Gare anglaise). Vanuit het station van Abbeville vertrekken twee sporen; één die de Somme stroomopwaarts volgt naar het zuidoosten richting Amiens en een tweede die initieel de Somme stroomafwaarts volgt naar het noordwesten om vervolgens ter hoogte van Cahon af te buigen naar het zuidwesten richting Le Tréport. Het I/32A wordt helaas richting Amiens gestuurd dat op dat ogenblik al in handen van de Duitsers is. Het valt niet uit te sluiten dat dit niet per vergissing gebeurde. Het station van Abbeville moest zoveel treinkonvooien verwerken dat de lijn richting Le Tréport (de enig bruikbare ontsnappingsroute per spoor) vol zat met treinen met (vooral) Franse militairen aan boord. Het is bijgevolg mogelijk dat de treinen met Belgische militairen richting Amiens gestuurd werden om het station van Abbeville te ontlasten. Ook de trein van het Iste Bataljon Instructie van het 52ste Linieregiment (I/52Li) werd op 19 mei initieel richting Amiens gestuurd en komt net voor de trein van I/32A vast te zitten voor het station van Saint-Rémy. Daarnaast werd al een Belgische munitietrein en een trein met jongeren van de Rekruteringsreserve letterlijk uitgerangeerd op de spoorbundel van ‘la Gare anglaise’.
  8. Gelard, J., 1988, La campagne des 18 jours des 7A, I/22A et I/32A (issus du 1A), Louvain-la-Neuve: Academia.
  9. Sézanne lag op de oude spoorlijn van Parijs naar Straatsburg. Het is de enige lijn die Parijs met Châlon-sur-Marne verbindt via Sézanne. Achtergrondinformatie bij deze spoorlijn [On Line beschikbaar]: https://fr.wikipedia.org/wiki/Ligne_de_Gretz-Armainvilliers_%C3%A0_S%C3%A9zanne [Laatst geraadpleegd 1 oktober 2023].
  10. Wanneer de manschappen van II/32A op 13 juni uit de trein stappen te Saint-Just-Sauvage bevindt het werkbataljon van 5Cy zich reeds in deze stad. Zij hadden zich net teruggetrokken uit Anglure omdat de vijand zich voor Sézanne, op enkele km ten noorden van Anglure, bevond. Kort na de middag wordt Saint-Just-Sauvage hevig gebombardeerd door de Duitse luchtmacht.
  11. Soldaat Alfons Van Schil is effectief om het leven gekomen op 18 juni 1940 (en niet op 8 juni zoals vermeld in bepaalde bronnen) door een Duitse kogel. Hij overleed te Saint-Saveur-en-Puisaye. Achtergrondinformatie bij het sneuvelen van Sdt Van Schil [On Line Beschikbaar] https://wardeadregister.be/nl/soldier/60340  [Laatst geraadpleegd 1 oktober 2023].
  12. Sdt Juliaan van Belle vermeldt in zijn boek dat een soldaat van 32A in een ‘naburig kantonnement’ van Limoux werd neergeschoten door een boer toen hij probeerde pluimvee te ‘stelen’ om de karige maaltijden van de militaire veldkeuken aan te vullen. Hij vermeldt geen naam maar is formeel dat de militair aan zijn verwondingen is overleden. Het gebeurde wel meer dat de jonge militairen loslopende eenden of kippen probeerden te vangen om hun maaltijden te verbeteren. Ze waren dan ook steeds op hun hoede voor de reactie van boze boeren. Uit het persoonlijk dossier van Sdt Brusselman (1ste Batterij Instructie/IIde Groep/32A) blijkt dat hij stierf te Alaigne op 2 juni 1940 ten gevolge van een schotwonde. Alaigne is een buurgemeente van Lauraguel waar Sdt van Belle gekantonneerd was.  Sdt Brusselman staat vermeld op het oorlogsmonument van het kerkhof van Tongeren. Zijn lichaam werd gerepatrieerd op 11 juni 1963 en herbegraven op het militair kerkhof van De Panne. [On Line Beschikbaar] https://wardeadregister.be/nl/soldier/55592 [Laatst geraadpleegd 1 oktober 2023].
  13. Getuigenis van Sdt Horemans (I/32A) die bij het verkeersongeval gewond raakte en naar het ziekenhuis van Montélimar werd overgebracht. Hij getuigt van het overlijden van nog vier andere Belgische militairen in het ziekenhuis van Montélimar. Onder hen bevond zich ook  Lt Marcel Geunis (Lt Geunis staat vermeld op de lijst der gesneuvelden van het 2de Legerdepot). De soldaten Belles en Bertels liggen begraven op de militaire begraafplaats “Nécropole Nationale de la Doua” te Lyon. Achtergrondinformatie bij deze begraafplaats [On Line Beschikbaar]: https://bel-memorial.org/names_on_memorials/display_names_on_mon.php?MON_ID=2653  [Laatst geraadpleegd 1 oktober 2023].
  14. Achtergrond bij Soldaat milicien Michel Dammekens [On Line beschikbaar]: http://www.dammekens.org/Familiealbum/FamilieD/Michel/Michel%20in%20het%20leger.html [Laatst geraadpleegd op 1 oktober 2023]. Soldaat Dammekens werd opgenomen in het militair hospitaal (Hôpital Militaire Complémentaire oftewel HMC) van Limoux op 27 juni 40 en overleed er ten gevolge van een aanslepende ziekte op 02 augustus 1940. Hij staat echter niet vermeld op de officiële lijst der gesneuvelden van 32A. Het militair hospitaal in kwestie was gevestigd in de “Ecole supérieure de jeunes filles” van Limoux en er werkten Belgische artsen en verzorgend personeel.
  15. Verslag Luitenant Arthur Freedman, batterijcommandant I/32A, Evere, archief Sectie Classified Archives, ADIV, Ministerie van Defensie.
  16. Verslag Luitenant Gaston Cools, batterijcommandant I/32A, Evere, archief Sectie Classified Archives, ADIV, Ministerie van Defensie.
  17. Getypt verslag opgesteld in het Frans door Cdt Deweerdt met een kort relaas van de gebeurtenissen bij het werkbataljon van II/32A waarvan hij de leiding had. Het verslag bevindt zich in het dossier van 6LA bij het archief Sectie Classified Archives, ADIV, Ministerie van Defensie.
  18. Verslag Luitenant Albert Hanet, batterijcommandant II/23A, Evere, archief Sectie Classified Archives, ADIV, Ministerie van Defensie.
  19. Verslag Luitenant Marcel Verbrugghe, batterijcommandant II/32A, Evere, archief Sectie Classified Archives, ADIV, Ministerie van Defensie.
  20. Lt Hoornaert, die eerder met 350 man uit de Champagnestreek terugkeerde en hiervoor een eervolle vermelding kreeg, werd aangeklaagd voor insubordinatie toen hij net als Lt Geunis naar België wilde terugkeren. Hij werd hiervoor door Cdt Tollenaere vrijgesproken tijdens een tuchtprocedure in Limoux maar moest zich na de oorlog nog voor de Onderzoekscommissie verantwoorden. Ook hier werd de aanklacht geseponeerd.
  21. Verslag Kapitein-commandant Roze, groepscommandant III/14A later commandant I/32A, Evere, archief CHD.
  22. Getuigenissen van de Soldaten René De Vuyst, Maurice De Schoenmaeker en Van Hoof. Ook schrijver Johan Daisne verbleef nabij Limoux. Hij was officier bij 6LA en bevond zich te Pomas waar hij met de rest van de Staf/6LA verbleef op het kasteel. Johan Daisne is een pseudoniem voor Herman Thiery die zijn officiersopleiding kreeg in Fort 3 bij het 2LA. De vele treinreizen die de manschappen van onder meer 32A door Frankrijk hebben afgelegd zou de inspiratie geweest zijn voor zijn novelle “De trein der traagheid”. 
  23. van Belle Juliaan, 1992, 1940: Die lange hete zomer – Delen I, II, III, IV en V, Zedelgem, uitgeverij Nostra Flandria. De schrijver, geschiedkundige en Bruggeling, maakte deel uit van de II/32A en heeft enkele getuigenissen van lotgenoten gebundeld in zijn werken.
  24. Jamart, J. (1994) L’armée belge de France en 1940, Bastenaken: Schmitz.
  25. Persoonlijk dossier van Soldaat milicien Sylvain Reyskens, stamnummer 152/21444. Hij overleed in het veldlazeret van Lichtervelde een dag na verwond te zijn bij een artilleriebeschieting. In het dossier bevindt zich een verklaring van Luitenant De Kriek, batterijcommandant van 1VB/II/32A.