Opleidingscentrum van de Gezondheidsdienst

Situatie op 10 mei 1940

Reglementaire benaming Opleidingscentrum van de Gezondheidsdienst | OCGD
Centre d’Instruction du Service de Santé | CISS
Type Opleidingscentrum
Ontdubbeld van n.v.t.
Onderdeel van Troepen en Etablissementen van de Achterwaartse Gezondheidsdienst
Bevelhebber Geneesheer Kolonel Hector Scheyvaerts
Standplaats Kazerne Kapitein-commandant jonkheer de Hollain te Gent
Samenstelling Staf
  1ste Compagnie Instructie (Kapitein Albert Delheid)
  2de Compagnie Instructie (Kapitein Abel Arnould)
  3de Compagnie Versterking (Luitenant A. Moisse)

Tijdens de mobilisatie

Hector Scheyvaerts als jonge kapitein net na het einde van WO1.

Hector Scheyvaerts als jonge kapitein net na het einde van WO I.

Staf/CISS
In vredestijd werden de rekruten bestemd voor de Gezondheidsdienst opgeleid door het Opleidingscentrum voor Brancardiers en Verplegers (CIBI) gestationeerd te Beverlo. Elke lichting (of klas) dienstplichtigen werd in twee gedeeld; diegenen geboren in de eerste helft van het jaar werden opgeroepen in februari en moesten in maart hun opleiding aanvangen, diegenen geboren in de tweede helft van het jaar werden in augustus opgeroepen om in september hun opleiding te starten. De Gezondheidsdienst beslist om bij de start van de mobilisatie eind augustus 1939 geen Versterkings- en Opleidingscentrum (VOC) op te richten, maar oordeelt dat het reeds bestaande Opleidingscentrum voor Brancardiers en Verplegers volstaat om de rekruten behorende tot de tweede helft van lichting ’39 op te leiden.

Het CIBI wordt op 13 november 1939 overgeplaatst naar Brugge naar aanleiding van de afkondiging van het eerste grote alarm. Het Kamp van Beverlo bevindt zich immers ten noordoosten van de Dekkingsstelling, in een zone die relatief snel zal worden prijsgegeven in geval van een Duitse inval. Het is pas op 15 februari 1940 dat de beslissing genomen wordt om in de kazerne Cdt Jonkheer de Hollain [1] te Gent het Opleidingscentrum van de Gezondheidsdienst (of Centre d’Instruction du Service de Santé – CISS) op te richten om de rekruten behorende tot de eerste helft van de lichting ’40 op te leiden. Het CISS is een buitenbeentje binnen de structuur van de eenheden die de opleiding van rekruten en reservisten dienen te verzorgen. Het CISS staat immers niet onder het bevel van Generale Staf van de Versterkings- en Opleidingstroepen (EM/TRI) maar maakt als enige formatie in zijn soort, deel uit van de Troepen en Etablissementen der Binnenlandse Gezondheidsdienst (TESSI). Op 1 mei komt Geneesheer Kolonel Scheyvaerts aan het hoofd van het CISS te staan. Aan de vooravond van de oorlog bedraagt het totaal effectief van het CISS een 3.500-tal manschappen.

1Cie Instr/CISS en 2Cie Instr/CISS
Op 29 februari vervoegen de eerste rekruten van de klas ’40 het CISS. Ze komen terecht in de 1ste en de 2de Compagnie Instructie die instaan voor de opleiding van nieuwe rekruten. Op 9 mei tellen deze compagnies samen zo’n 1.400 militairen. Begin mei is de opleiding van de jonge rekruten afgelopen, het centrum houdt de militairen aan het werk met herhaling van de theorielessen en oefeningen op het terrein. De 1Cie Instr wordt bevolen door Kapt Delheid, de 2Cie Instr door Kapt Arnould.

3Cie Rft/CISS
De 3de Compagnie Versterking (3Cie Rft) bevat maar liefst een 1.000-tal oudere reservisten, aangevuld met een hele reeks werklozen die bij de gezondheidsdienst ingelijfd werden. De 3Cie Rft moet ook instaan voor de opvang van de nog niet gemobiliseerde reservisten van de Gezondheidsdienst. Zij zullen pas bij afkondiging van de “algemene mobilisatie” (Fase E van het mobilisatieplan) naar aanleiding van de start van de vijandelijkheden, opgenomen worden in de getalsterkte van de compagnie. Het gaat hier om militairen die omwille van een vrijstelling in de loop van de tweede helft van 1939 terug naar huis gestuurd werden, of nog niet onder de wapens geroepen oudere reservisten. De 3Cie Rft wordt bevolen door Luitenant Moisse.

 

Kazerne Cdt jonkheer Cdt de Hollain aan de Brusselsestraat te Gent waar het CISS werd in ondergebracht.

Staf/CISS
Op 10 mei wordt het CISS op oorlogsvoet gebracht en wordt heel wat bijkomend personeel ingelijfd en uitgerust. Vooreerst zullen tot 13 mei een 200-tal aalmoezeniers toekomen die tot dan toe vrijgesteld waren van mobilisatie. Daarnaast zal het centrum een gelijkaardig aantal apothekers van het onderofficierenkader ontvangen. Onder de gemobiliseerden OLt Pha Res Leplat die onmiddellijk na zijn aankomst wordt doorgestuurd naar de apotheek van het Militair Hospitaal  van Gent (HM Gent). Tot slot worden tijdens de vier eerste oorlogsdagen zo’n 1.300 studenten van uit de diverse geneeskundige, farmaceutische en tandheelkundige faculteiten van de universiteiten naar het centrum gestuurd. De aangekomen militairen worden zo snel mogelijk van een uniform voorzien en ontvangen ook hun persoonlijke uitrusting. Het opleidingscentrum verdeelt de manschappen onder de kazerne zelf en onder zijn alarmkantonnementen te Gent om toch maar iedereen een slaapplaats te kunnen geven.

Staf/CISS
De reservisten blijven toekomen. Op vraag van het Hospitaalcentrum Gent (HC Gent) worden alle gediplomeerde artsen uit de rangen gehaald en doorgestuurd naar Militaire Reservehospitalen. Tevens worden ook de eerste versterkingen uitgezonden naar de medische keten van het veldleger volgens de bevelen van Luitenant-generaal Geneesheer Luyssen, bevelhebber van het TESSI en Inspecteur-Generaal van de Gezondheidsdienst (of Inspecteur Générale du Service Sanitaire – IGSS).

Staf/CISS
Het opleidingscentrum bevindt zich nog steeds te Gent. Ondertussen begint de toestand in de veldhospitalen van het leger dramatisch te worden door de grote toestroom van gewonden die vielen bij de gevechten van de eerste oorlogsdagen. De maximum capaciteit van de meeste veldhospitalen is al snel bereikt en een groot aantal gewonden moet zo snel mogelijk geëvacueerd worden naar de verschillende reservehospitalen. Al gauw wordt het duidelijk voor LtGen Med Luyssen dat overbezetting van de Belgische hospitalen onvermijdelijk is en dat de optie om gewonden naar Frankrijk te evacueren onderzocht moet worden.

Duizenden jonge paters en priesters werden als brancardiers gemobiliseerd.

Staf/CISS
Niet alleen de Gezondheidsdienst denkt aan de evacuatie van TESSI naar Fankrijk, ook de EM/TRI plant de evacuatie van de rekruten van de klas ’40 naar Frankrijk om er hun opleiding te vervolledigen. Door de snelle opmars van de Duitsers was het voor het GHK snel duidelijk dat de verdere opleiding enkel in Frankrijk, ver achter de linies, kon gebeuren. Alle eenheden van de Versterking- en Opleidingscentra (VOC’s) die instonden voor de opleiding van de rekruten van de klas 40 van het veldleger, maar ook het CISS, ontvangen de 13 mei om 14u00 het schriftelijk bevel om zich klaar te maken voor de verplaatsing naar Frankrijk. Dit naar analogie van wat er tijdens de Eerste wereldoorlog gebeurde. De verplaatsing naar Frankrijk was echter totaal niet voorbereid.

Er was geen voorafgaandelijke regeling met de Franse militaire noch burgerlijke overheid, er waren geen voorafgaandelijke verkenningen van kantonnementen, er was slechts proviand voor twee dagen en er bestond geen logistieke organisatie voor herbevoorrading in Frankrijk. Daarenboven moesten de commandanten van de respectievelijke VOC’s zelf vervoer per spoor regelen door de treinen te gebruiken die het 7de Franse leger van generaal Giraud naar Zeeland hadden gebracht. Het bevel om het CISS naar Frankrijk te evacueren kwam echter geen dag te vroeg want de 13de mei om 16u00 steken de Duitsers de Maas over te Sedan en begint hun opmars naar de Atlantische kust met als opzet zoveel mogelijk geallieerde troepen te omsingelen. Dokter Scheyvaerts ontvangt bijgevolg ook het bevel om zijn opleidingscentrum klaar te maken voor een mogelijke evacuatie. De werkzaamheden zullen twee dagen in beslag nemen.

Staf/CISS
Terwijl te Gent druk verder gewerkt wordt aan de evacuatieplannen naar Frankrijk stemt het Franse Ministerie van Oorlog in Parijs stemt ermee in dat de Belgische gewonden mogen afgevoerd worden naar het hospitaalcomplex van Le Touquet nabij de stad Etaples. De concrete uitvoering van deze beslissing moet echter wel nog gecoördineerd worden met de plaatselijke Franse medische autoriteiten. Na de beslissing van de Fransen ontvangt verspreidt de Staf/TESSI een waarschuwingsorder met de eerste richtlijnen voor de evacuatie van gewonden naar Frankrijk. 

Staf/CISS
Het wordt nu duidelijk dat het CISS naar Frankrijk zal vertrekken. Kol Med Scheyvaerts krijgt een eerste treinstel toegewezen voor het transport van zijn manschappen en materieel.

Staf/CISS
Het opleidingscentrum krijgt het bevel van de Staf/TESSI om onmiddellijk naar Poperinge vertrekken. Indien er geen nieuwe orders gegeven worden te Poperinge moeten ze doorreizen naar Le Touquet, het verzamelpunt van die eenheden van de Gezondheidsdient die naar Frankrijk overgeplaatst worden. Op de laatste dag te Gent komt eveneens het voltallige personeel van het Militair Hospitaal van Brussel aan. Hun bevelhebber, Majoor Fontana, beschikt over instructies om Le Touquet aan de Franse noordkust te vervoegen. In het station van Gent worden twee treinstellen samengesteld. De eerste trein zal de 1ste Compagnie en een deel van de 2de Compagnie vervoeren. De tweede trein zal instaan voor het transport van de overige manschappen. Met heel veel moeite kunnen ook een aantal vrachtwagens opgevorderd worden die gebruikt zullen worden om de overtollige uitrusting naar Frankrijk over te brengen. De compagnies stijgen vanaf 22u00 in en de beide treinstellen vertrekken kort voor middernacht. OLt Pha Leplat wordt teruggeroepen uit het HM Gent en vertrekt samen met de eerste trein van het CISS per spoor naar Poperinge.

Staf/CISS
Om 02u30 rijden de laatste vrachtwagens de kazerne te Gent buiten. Kol Med Scheyvaerts vertrekt samen met zijn adjuncten per auto naar Poperinge en komt hier omstreeks 04u00 aan. Scheyvaerts kan zich echter niet in verbinding stellen met het commando van de Gezondheidsdienst en besluit na enkele uren wachten zijn eenheid op eigen initiatief verder te sturen naar Le Touquet. Het eerste treinstel kan echter slechts omstreeks 16u00 het station van Poperinge bereiken zodat heel wat tijd verloren gaat. De vrachtwagens worden daarom reeds om 16u30 verder gestuurd naar Frankrijk, terwijl de manschappen die per trein reizen bevoorraad worden. Om 19u00 krijgt Kol Med Scheyvaerts dan toch een bericht van Inspecteur-Generaal van de Gezondheidsdienst. Er dient te Poperinge gekantonneerd te worden. De korpscommandant is de wanhoop nabij daar er in de stad zoveel vluchtelingen en jongeren van de CRAB toegestroomd zijn dat er geen slaapgelegenheid meer te vinden is voor zijn manschappen. Anderhalf uur later krijgt hij alsnog de toestemming om zijn eerste treinstel naar Le Touquet nabij Etaples in Frankrijk door te sturen. Op het ogenblik van het vertrek uit Poperinge is echter nog geen enkele spoor van het tweede treinstel dat uit Gent vertrokken is. De Luitenanten Geneesheren Goossens en Collet van het Militair aanvullingshospitaal van Gent (HMC Gent) vervoegen op 17 mei het CISS dat zich op dat ogenblik te Poperinge bevindt. Ze krijgen opdracht de rekruten van het CISS te begeleiden die onderweg zijn met het tweede treinstel. Ze stijgen aan boord van het tweede treinstel wanneer deze in Poperinge toekomt.

Staf/CISS in Frankrijk
De vrachtwagencolonne en het eerste treinstel bereiken Etaples in de loop van de ochtend. Kol Med Scheyvaerts krijgt van de Franse autoriteiten negen locaties, verspreid over een bijzonder ruim gebied, toegewezen voor de kantonnementen van zijn eenheid. De 3.500 aanwezige manschappen kunnen hier niet ondergebracht worden. Er wordt een telegram verstuurd naar de Inspecteur-Generaal van de Gezondheidsdienst te Westende en Kol Med Scheyvaerts besluit de ganse dag te wachten op een antwoord dat maar niet komt. Intussen verneemt de korpscommandant via Luitenant Praet dat de Belgische territoriale gezondheidsdienst aangekomen is in het nabije Berck-Plage om hier een nieuw hospitaalcentrum te installeren. Enkele officieren van het opleidingscentrum worden uitgestuurd om hun diensten aan te bieden. Intussen wordt vernomen dat het opleidingscentrum op 19 mei kantonnementen dient op te zoeken in het 40Km verder zuidwaarts gelegen stadje Rue om vervolgens op 20 mei naar Nantes door te reizen.

Staf/CISS in Frankrijk
Kol Med Scheyvaerts begeeft zich per auto naar Rue en wacht hier de ganse dag tevergeefs op de treinstellen van zijn eenheid. Wanneer om 20u30 dan toch het eerste treinstel onder bevel van Kapitein Delheid het station binnenloopt, beveelt de kolonel om geen halt te houden maar onmiddellijk naar Nantes door te rijden. Het treinstel zet zijn tocht naar het zuiden verder. De vrachtwagencolonne houdt wel halt te Rue wegens tekort aan brandstof. Van de tweede trein is nog steeds geen spoor. Het treinstel heeft nog niet eens Etaples kunnen bereiken en is vastgelopen te Fretun bij Calais.

Duitse opmars tussen 16 en 20 mei. In de nacht van 20 op 21 mei wordt de Franse kust bereikt.

Duitse opmars van 16 mei tot 20 mei wanneer Noyelle aan de kust bereikt wordt

Staf/CISS in Frankrijk
Een vrachtwagen wordt uitgestuurd naar Boulogne op zoek naar benzine. Het uitgestuurde detachement kan slechts rond 15u00 terugkeren om de voertuigcolonne uiteindelijk bij te tanken. De vrachtwagens worden eerst nog teruggestuurd naar Berck-Plage om de colonne te reorganiseren voor de verdere tocht naar het zuiden, kostbare tijd gaat verloren. De vrachtwagens vertrekken en raken rond 18u00 vast te zitten in de buitenwijken van Abbeville.

In de nacht van 20 op 21 mei bereiken de Duitsers Noyelle-sur-Mer aan de monding van de Somme. Hierdoor raken heel wat Belgische eenheden waaronder ook de vrachtwagencolonne van het CISS ingesloten door de Duitsers. Door vertragingen onderweg naar het zuiden van Frankrijk wordt uiteindelijk hun terugtochtweg afgesneden. De colonne rijdt nog westwaarts en wordt onderschept door vijandelijke troepen nabij de brug over de Somme te Saint-Valery-sur-Somme. De vrachtwagens worden kortstondig beschoten. Chauffeurs en manschappen stuiven uit elkaar en vluchten in alle richtingen weg. Kol Med Scheyvaerts kan uiteindelijk toch nog per auto naar Berck-Plage terugkeren. De vrachtwagens worden allen achtergelaten en geplunderd door de plaatselijke bevolking.

Staf/CISS in Frankrijk
Kol Med Scheyvaerts zoekt te Berck tevergeefs naar een schip om via de kust de zuidelijke oever van de Somme te vervoegen. Hij geeft zijn vluchtpoging op en vervoegt het Belgische hospitaal te Lannelongue.

Staf/CISS in Frankrijk
Het Belgische hospitaal te Lannelongue wordt gegrepen door de nu naar het noorden oprukkende Duitse troepen. De Duitsers laten de Belgen ongemoeid en willen dat het hospitaal verder blijft werken.

1Cie en een stuk van 2Cie/CISS in Frankrijk
De trein van Kapt Delheid die in Rue onmiddellijk werd doorgestuurd naar Nantes kwam op 20 mei vast te zitten aan de Somme. De manschappen moesten uitstappen en hun tocht initieel te voet naar het zuiden verderzetten. Via Rouen bereiken ze op 23 mei Nantes van waaruit ze verder doorgestuurd worden naar Les Sables-d’Olonne in de Vendée waar ze de 29 mei toekomen.

3Cie en een stuk van de 2Cie/CISS in Frankrijk
Ondanks het feit dat deze trein niet door Kol Med Scheyvaerts werd opgemerkt heeft de trein via een andere route het zuiden kunnen bereiken. Een 800 manschappen komt op 30 mei toe in Grabels nabij Montpellier in de Hérault. Ze worden doorgestuurd naar Aniane waar ze worden aangehecht aan het 2de Versterkings- en Opleidingscentrum (2VOC).

CISS in Frankrijk
Het Belgische leger capituleert in Vlaanderen. De Belgische regering in ballingschap in Frankrijk beslist dat de Belgische eenheden, die zich niet in de zone van ons veldleger in Vlaanderen bevonden op 28 mei, buiten het capitulatieakkoord blijven. Ze zullen onder bevel van de Minister van Landsverdediging, Luitenant-generaal Denis, de strijd voortzetten aan de zijde van de geallieerden. 

Woensdag 29 mei 1940

1Cie en een stuk van 2Cie/CISS in Frankrijk
Het detachement van Kapt Delheid komt toe in Les Sables d’Olonne waar ze onder bevel komen te staan van het pas opgericht Hospitaalcentrum van Nantes. In Les Sables d’Olonne worden kantonnementen opgezocht.

13 juni 1940

3Cie en een stuk van de 2Cie/CISS in Frankrijk
Luitenant-generaal Wibier, hoofd van de Versterkings- en Opleidingstroepen (TRI), wijst er in een nota op dat er te Aniane nog steeds een detachement van het CISS gekantonneerd is en dat deze militairen er zonder opdracht zitten.

23 juni 1940

1Cie en een stuk van 2Cie/CISS in Frankrijk
Het detachement van Kapt Delheid, dat zich nog steeds in Les Sables d’Olonne bevindt, wordt ingehaald door de Duitse opmars en krijgsgevangen genomen. Ook OLt Pha Leplat bevindt zich bij de krijgevangenen. Ze worden naar Chateaubriand overgebracht waar ze op 26 juni worden vrijgelaten. Tegen 1 juli komen ze terug in België aan.

26 juni 1940

3Cie en een stuk van de 2Cie/CISS in Frankrijk
Geneesheer Majoor Jonas, voormalig directeur van het Militair Reservehospitaal Nr 27 (HMR 27) neemt het bevel over van Geneesheer 1ste Kapitein Fauconnier. Fauconnier zal de technische directie van de Belgische territoriale gezondheidsdienst van de XVIde militaire regio gaan leiden.

Slachtoffers

EenheidNaamVoornaamFotoGraadStandKlas° op° te+ op+ teNota
OnbekendDE RIDDEREdwardSdtMil02.09.1919Ekeren21.06.1940La Roche sur Yon (F)
OnbekendLIETARDRogerSdtMil07.03.1916Brussel21.05.1940Etaples (F)Apotheker
OnbekendVAN ERMENGEMAlexandreSdtMil28.07.1921Brussel19.05.1940Les Essarts-Varimpré (F)

Bibliografie en Bronnen

  1. Achtergrondinformatie bij de kazerne Cdt Jonkheer de Hollain, tot aan de start van de mobilisatie het vredesvoetgarnizoen van het 1ste Regiment Artillerie (1A). Wanneer het 1A in januari 1940 samen met de 1ste Infanteriedivisie ontplooid werd kwam de kazerne leeg te staan. [On Line beschikbaar]: https://www.ablhistoryforum.be/viewtopic.php?t=1894 [Laatst geraadpleegd 4 juli 2025].
  2. Dossier Gezondheidsdienst, Sectie Classified Archives, Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid, Ministerie van Defensie, Evere.
  3. Summier handgeschreven verslag opgesteld in het Nederlands door OLt Pha Leplat, als apotheker gemobiliseerd door het CISS en naar Frankrijk overgebracht. Het verslag bevindt zich in het dossier van het TESSI bij de Sectie Classified Archives, Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid, Ministerie van Defensie, Evere.
  4. L’armée belge de France en 1940, door Jean Jamart Col BEM Hre, 1994, uitgeverij Schmitz, Bastogne