![]()
| Type | Infanterieregiment van de eerste reserve | |
| Ontdubbeld van | 14de Liniegregiment | |
| Taalstelsel | Nederlandstalig | |
| Onderdeel van | 11de Infanteriedivisie | |
| Bevelhebber | Kolonel Emile Guillaume | |
| Adjudant-majoor | Kapitein-commandant Joseph Robert | |
| Standplaats | Leopoldsburg, Kamp van Beverlo | |
| Samenstelling | I Bataljon (Majoor Joseph Hosdey) | 1ste Compagnie Fuseliers (Cdt Georges Berger) 2de Compagnie Fuseliers (Cdt Jacques Ruth) 3de Compagnie Fuseliers (Cdt Jean Marres) 4de Compagnie Mitrailleurs (Lt F. Pauwels) |
| II Bataljon (Kapitein-commandant Georges Defrêne) | 5de Compagnie Fuseliers (Cdt J. Lebrun) 6de Compagnie Fuseliers (Lt J. Vreven) 7de Compagnie Fuseliers (Cdt Georges Defrêne) 8ste Compagnie Mitrailleurs (Lt A. Van Lieshout) |
|
| III Bataljon (Majoor Marcel Van Hoecke) | 9de Compagnie Fuseliers (Cdt Henri Duvigneaud) 10de Compagnie Fuseliers (Lt José Defraiteur) 11de Compagnie Fuseliers (Cdt Désiré Rillaers) 12de Compagnie Mitrailleurs (Lt J. Stienlet) |
|
| IV Bataljon (Luitenant-kolonel Armand Pardoen) | 13de Compagnie Mitrailleurs (Cdt Ludovic “Richard” Peeters) 14de Compagnie Anti-Tankkanonnen C47 (Lt M. Vandenameele) 15de Compagnie Mortieren M76 (Lt P. Thys) |
|
| Stafcompagnie (Luitenant H. Kleinkenberg) Geneeskundige Compagnie (Geneesheer Kapitein J. Casier) Peloton Verkenners (Onderluitenant Paul Piraprez) |
||
![]()
Staf/29Li
Het 29ste Linieregiment (29Li), een infanterieregiment van eerste reserve, mobiliseert op 28 augustus 1939 te Ans nabij Luik als ontdubbelingsregiment van het 14Li. Echter door wijzigingen aan het taalregime van de eenheden eind jaren dertig zijn vrijwel alle opgeroepen reservisten voor 29Li oud-miliciens van het 1ste Linieregiment. Het 29Li wordt tezamen met het 14Li en het 20Li onder bevel geplaatst van de 11de Infanteriedivisie (11Div). Tijdens het grootste deel van de mobilisatie bezet de 11Div als onderdeel van het IIIde Legerkorps een divisiesector nabij Luik. Het regiment verblijft tot eind maart 1940 in kantonnementen te Seraing. Vervolgens verhuist het 29Li naar Lexhy ten zuidwesten van Bierset.
Op 29 november 1939 wordt Luitenant Maurits Menschaert te Ougrée neergeschoten in de woning waar hij ingekwartierd was door Soldaat Jean-Louis Porton. Deze laatste was motorwielrijder bij de Stafcompagnie en was eerder op de dag door Menschaert gestraft tot acht dagen zwaar arrest na een laattijdige bestelling van een hem toevertrouwde brief. Nog geen maand later zal Porton in een enkele zittingsdag ter dood veroordeeld worden door de krijgsraad te velde van het IIIde Legerkorps. Deze straf wordt bekrachtigd door het Krijgshof in februari 1940 en door het Hof van Cassatie in april 1940. De advocaat van Jean Porton zal hierop een gratieverzoek indienen bij de Koning. Of het vonnis ook werd uitgevoerd, is niet bekend [1].
De 11Div wordt op 23 april 40 te Luik afgelost door de 2de Infanteriedivisie (2Div) en wordt rechtstreeks onder bevel van het Groot Hoofdkwartier (GHK) geplaatst als algemene reserve van het leger. Op 23 april 1940 verlaat de 11Div met uitzondering van zijn Wielrijderseskadron het IIIde Legerkorps. De divisieartillerie vertrekt naar de K.W. Stelling en het 29Li vervoegt in twee dagmarsen het Kamp van Beverlo te Leopoldsburg om er een oefenperiode af te werken.
Op de vooravond van de oorlog bevindt het 29Li zich bijgevolg samen met de meeste overige formaties van de 11Div op oefening in het Kamp van Beverlo waar gedurende 12 dagen gerepeteerd wordt voor een groot manoeuvre dat zal plaatsvinden op 10 mei 1940 in aanwezigheid van Koning Leopold III.
![]()
Staf/29Li
Omstreeks 00u20 ontvangt het 29Li de algemene alarmmelding van de divisiestaf. In een kort telefoongesprek meldt de divisiestaf dat de geplande oefeningen opgeschort worden en dat het 29Li stand-by moet blijven voor een mogelijk algemeen alarm. Aangezien het Kamp van Beverlo zich ten noorden van het Albertkanaal bevindt, en bijgevolg aan de verkeerde kant van de Dekkingsstelling ligt, voorziet het oorlogsplan dat het kamp in geval van alarm onmiddellijk ontruimd moet worden. De aanwezige troepen, waaronder het 29Li, moeten zich dan ook voorbereiden om zich in de streek van Diest te hergroeperen.
Omstreeks 00u50 laat de divisie weten dat:
- alle verloven ingetrokken zijn
- alle verlofgangers teruggeroepen worden naar hun eenheden
- het regiment onmiddellijk het Kamp van Beverlo dient te verlaten om naar zijn aangeduide hergroeperingszone in de streek van Averbode en Testelt (ten noordwesten van Diest) te marcheren.

Tijdens manoeuvres diende de denkbeeldige ‘vijand’ een witte band rondom de helm aan te brengen.
Om 02u05 vertrekt het Pl Vknr om de marsroute naar de hergroeperingszone te jalonneren. Iets later, omstreeks 02u50, verlaat het installatiepersoneel het kamp en begeeft zich direct naar Averbode om de hergroeperingszone te verkennen. Ondertussen laadt het regiment zo snel mogelijk alle bagage en uitrusting op de paardenkarren en vrachtwagens. De colonnes worden gevormd en om 04u00 meldt de regimentsstaf aan de divisie dat de eenheden klaar voor vertrek zijn. Het IVde Bataljon marcheert op kop, gevolgd door het Iste, IIde en IIIde Bataljon. Omstreeks 07u00, meer dan drie uur nadat de kop van de colonne de mars ingezet heeft, kunnen de laatste elementen van III/29Li vertrekken en het kamp van Beverlo achter zich laten.
Tussen 07u30 en 08u00 vallen vijandelijke Stuka duikbommenwerpers het Kamp van Beverlo aan waarbij heel wat schade wordt aangericht en enkele tientallen militaire en civiele slachtoffers gemaakt worden. Door de gevatte reactie op de afkondiging van het alarm en de daaropvolgende snelle ontruiming van het kamp is erger voorkomen, het merendeel van het 29Li had het kamp van Beverlo reeds verlaten voor de aanvang van het luchtbombardement. Enkel de staart van de colonne gevormd door het IIde en het IIIde Bataljon, die nog maar pas het kamp verlaten hadden, worden eveneens bestookt van uit de lucht. De manschappen van het IIIde Bataljon duiken tussen Heppen en Kwaadmechelen de bossen in wanneer een vijftiental bommen van klein kaliber neerkomen. Er vallen gelukkig geen slachtoffers. De paardenwagens zijn op de baan moeten blijven staan. Een trekdier wordt gewond en een veldkeuken wordt vernield.
Om 07u35 trekken de eerste militairen van IV/29Li over de brug van Kwaadmechelen. De verschillende detachementen marcheren voorbij en het laatste detachement van III/29Li passeert de brug rond 11u00. Enkele soldaten van III/29Li zijn besmeurd met bloed en hebben gescheurde kledingstukken om hun lijf. De militairen van het 1ste Regiment Grenadiers die de wacht optrekken aan de brug zijn bijzonder onder de indruk. De divisiecommandant, Generaal-majoor Lebert, heeft zich opgesteld aan de brug en schouwt er de troepen die voorbijmarcheren. De eenheden stappen verder richting Tessenderlo.
De colonnes komen vanaf 13u00 aan te Averbode en Testelt. Het IIIde Bataljon die de colonne afsluit, bereikt Testelt rond 16u30. Hier wordt eerst het bevel gegeven om in defensieve stelling te gaan. Dit bevel wordt echter geannuleerd en de manschappen blijven gewoon ter plekke om de duisternis van de komende nacht af te wachten. De eenheden te Testelt bevinden zich tussen de kantonnementen van het Iste Bataljon van het 4de Regiment Hulptroepen (I/4HuT).
De 11Div verspreidt dezelfde avond nog een bevel om de hergroeperingszone te verlaten en richting K.W. Stelling te vertrekken. Om 23u00 loopt een marsorder binnen van de divisiestaf om verder te trekken naar Begijnendijk. Het voorziene vertrekuur is 23u30, maar in een half uur kunnen de colonnes onmogelijk gevormd worden en het duurt dan ook tot ongeveer 02u00 eer het regiment weer op weg kan.
15/IV/29Li
Bij het vertrek van de 15Cie uit het Kamp van Beverlo moet de levensmiddelenwagen achtergelaten worden door een tekort aan trekpaarden. Het paardenvoertuig wordt gebruikt om de gebroken dissel van een van de mortierwagens te herstellen. Na de aftocht naar Averbode blijkt dat vier militairen van de achterwacht compagnie niet meer terug te vinden zijn. Het betreft hier Korporaal L’Hoyes en de Soldaten Bancken, Stevens en Vaesen. Daarenboven zijn de verlofgangers Daemen, Lenaerts, Rutten, Schoenmans, Thys en Vangerhuysen ook nog niet aangekomen, zodat reeds 11 personeelsleden op het appel ontbreken.
Pl Vknr/29Li
Het Peloton Verkenners van 29Li (Pl Vknr/29Li), bevolen door OLt Piraprez, vertrekt om 02u05 naar de brug van Kwaadmechelen om de marsroute te verkennen en de terugtocht van het regiment te jalonneren. De marsroute zal via Heppen, Ham, Kwaadmechelen en Tessenderlo naar Averbode lopen. Het regiment wordt op deze route vervoegd door het 20Li. Het Pl Vknr/29Li neemt bij de brug contact op met het 1Pl van het Wielrijderseskadron van de 9de Infanteriedivisie (Esk Cy 9Div) die instaan voor de beveiliging van de brug.
ArW/29Li
Net zoals bij de andere regimenten van de 11Div wordt ook bij het 29Li een achterwacht (ArW/29Li) samengesteld uit detachementen van de verschillende bataljons. De ArW zal in het kamp van Beverlo blijven met de uitrusting van de verlofgangers en ander materieel dat bij de spoedontruiming van het kamp niet kon worden meegenomen. Bij het laden van een trein in het station van het kamp van Beverlo wordt de achterwacht verrast door de Duitse luchtmacht die tussen 07u30 en 08u00 het kamp en het rangeerterrein bombardeert. Korporaal L’Hoyes en de Soldaat Bancken van het 29Li komen om in dit luchtbombardement.
![]()
Staf/29Li
Het 29Li vangt omstreeks 02u00 de nieuwe etappe aan naar Begijnendijk. De colonnes marcheren via de Blaubergsesteenweg naar Herselt, volgen dan een eindje de Aarschotsesteenweg en slaan dan de Ramselsesteenweg in tot Begijnendijk. Vier uur later, omstreeks 06u00 komen de troepen aan op hun nieuwe bestemming. De manschappen worden ingekwartierd en opnieuw wordt de ganse dag gerust om te recupereren voor de volgende nachtmars. De manschappen ontvangen het bevel om zich zo weinig mogelijk buitenshuis te vertonen teneinde aan de aandacht van de Duitse luchtmacht te ontsnappen. Ook de paarden worden ondergebracht in schuren en stallingen om ze aan luchtwaarneming te onttrekken.
Er wordt gerust tot ongeveer 20u00 waarna de colonnes weer gevormd om tegen 22u00 bij het invallen van de duisternis opnieuw de baan op te gaan. De regimentsstaf realiseert zich immers dat door het Duitse luchtoverwicht verplaatsingen overdag te veel gevaar opleveren. Tijdens de nachtelijke mars kruist het 29Li een aantal colonnes van de Franse artillerie die naar het noorden oprukken.
III/29Li
Op de eerste oorlogsdag is reeds heel wat materieel verloren gegaan. Zo is de vrachtwagen met de bagage van de verlofgangers van het IIIde Bataljon niet tijdig uit Leopoldsburg kunnen vertrekken en vast komen te zitten voor de reeds vernielde brug over het Albertkanaal. De camion werd het kanaal in geduwd. De verlofgangers van het bataljon die nog niet toegekomen zijn, zullen dan ook niet over hun gevechtsuitrusting en persoonlijk wapen kunnen beschikken.
15/IV/29Li
De 15Cie wordt te Begijnendijk ingekwartierd in enkele schuren en stallen in een zijstraat van de Liersesteenweg. Verlofganger Soldaat Schoenmans vervoegt hier opnieuw de compagnie.
![]()

Luchtfoto van de streek van OLV-Waver met de bunkers bezet door 29Li.
Staf/29Li
Het regiment volgt de hoofdwegen. Via de Liersesteenweg gaat het tot Heist-op-den-Berg om vervolgens de Mechelbaan naar Putte in te slaan. Het gros van 29Li komt tussen 03u30 en 04u00 aan op het eindpunt van de mars tussen Onze-Lieve-Vrouw-Waver en Sint-Katelijne-Waver. De colonnes houden halt langs de Leliestraat en het begin van de Mechelsesteenweg. Na drie achtereenvolgende nachtmarsen is iedereen doodmoe. De manschappen krijgen enkele uren rust. De divisie heeft zijn bevoorrading voor die dag nog niet ontvangen van de Dienst der Dagelijkse Ravitailleringtreinen en de compagnies moeten het dan ook stellen met het weinige voedsel dat hen nog rest. Bij de aanloop naar Onze-Lieve-Vrouw-Waver vergist de colonne van het IVde Bataljon zich van marsroute en stuit op een smalle kasseiweg op het 14de Linieregiment. Het duurt even voor de verkeersknoop ontward kan worden. Het bataljon zal pas om 05u00 op zijn eindbestemming kunnen aankomen. Het 29Li heeft nu de troepen ondergebracht in kantonnementen ten westen van de K.W. Stelling.
De K.W. Stelling bestond uit één of twee rijen gevechtsbunkers en waar mogelijk werden kanalen, spoorwegbermen en overstromingsgebieden geïntegreerd in de stelling. Waar een sterke hindernis voor handen was volstond één rij bunkers, in open terrein waar men geen gebruik kon maken van hindernissen werd een tweede lijn bunkers aangelegd. Belangrijke plaatsen werden met bijkomende gevechtsbunkers beschermd en uitgebouwd tot anti-tankcentra. Een honderdtal meter voor de bunkers werden talrijke hindernissen zoals prikkeldraadversperringen, anti-tankgrachten en Cointet-elementen aangebracht. De constructiewerken op de K.W. Stelling werden voor de oorlog uitgevoerd.
De staf ontvangt in de loop van de ochtend het innamedossier en verspreidt de nodige schriftelijke instructies en schetsen van de in te nemen stellingen onder de bataljons. Die starten vanaf de late namiddag met de inplaatsstelling van de troepen. Er wordt een klassieke defensieve opstelling in de diepte gebruikt met twee bataljons in eerste echelon (I/29Li en III/29Li) en één bataljon in tweede echelon (II/29Li). De commandopost van het regiment wordt opgesteld op zo’n 1.200 meter van de kerk van Onze-Lieve-Vrouw-Waver. Het regiment heeft een observatiepost geplaatst in het Sint-Ursula Instituut aan de Bosstraat. De medische hulppost van het regiment wordt geopend in de Bemortelhoeve even ten noorden van Sint-Katelijne-Waver
De IIde Groep van 9A (II/9A) heeft schootsposities te Sint-Katelijne-Waver toegewezen gekregen en is in directe vuursteun van het 29Li geplaatst. De medische hulppost regiment is geïnstalleerd in Bemortel ten noorden van de dorpskern.

Bunker L15 voor het Sint-Ursula Instituut oost van de Bosstraat (hedendaagse foto).
I/29Li
Het Iste Bataljon bezet het noordelijke kwartier van de ondersector, vanaf de zuidrand van het Fort van Koningshooikt, dwars over Berlaarbaan, tot Onze-Lieve-Vrouw-Waver (exclusief – de linies van I/29Li liepen tot een 400 tal meter ten noorden van de kerk van OLV-Waver). Het bataljon bezet in eerste lijn de bunkers L10 tot en met L15, in diepte worden ook de bunkers P8 tot P12 (TBC) bezet. De commandopost bataljon staat aan de Berlaarbaan, tussen het Gasthuisbos en de Zuurbossen. Hoofdkrachtinspanning voor I/29Li ligt bij het afgrendelen van de Berlaarbaan waar er een afsluitbare doorgang was in de Cointet-hekkens. Ten noorden van het I/29Li zal het 1ste Regiment Grenadiers (1Gr) van de 6Div postvatten.
II/29Li
Het IIde Bataljon dekt de positie in de diepte en bezet het anti-tankcentrum van Gasthuisbos (GH) achter de twee bataljons in lijn. Er dient nog heel wat werk verricht te worden door de eenheden. Daar waar het Iste en IIIde Bataljon vaststellen dat er in de frontlinie voldoende veldwerken voorbereid zijn voor het inrichten van de steunpunten, stelt het IIde Bataljon vast dat op de tweede linie alleen de betonnen bunkers aanwezig zijn. Het bataljon bezet de bunkers GH1 tot GH8 (TBC). Het IIde Bataljon moet nog alle veldwerken zelf uitvoeren.
Bij de 5Cie vindt een incident plaats wanneer omstreeks 05u00 pelotonscommandant Luitenant Bawir spoorloos verdwenen blijkt na een melding van vijandelijke parachutisten. Bawir zal pas aan het eind van de dag terug opduiken en wordt op aangeven van de regimentscommandant gearresteerd door de Provoost van de 11Div. Op 19 mei zal hij door de krijgsraad te velde veroordeeld worden tot verlies van wedde.
III/29Li
Het IIIde Bataljon neemt het zuidelijke kwartier in, vanaf OLV-Waver (inclusief) tot aan de Mechelbaan. De 9de Compagnie bezet het onderkwartier van Onze-Lieve-Vrouw-Waver, met twee pelotons ten oosten van dit dorp langs de beide zijden van de Molenstraat en het derde peloton in de dorpskern. Kapitein-commandant Duvigneaud installeert zijn commandopost aan de voet van de kerk van OLV-Waver. De 10de Compagnie sluit aan ten zuiden van de 9de Compagnie. Het bataljon bezet alzo de bunkers L15 tot L17 in eerste lijn en P12 tot P15 (TBC) in diepte. De observatiepost van het bataljon wordt in de kerktoren van OLV-Waver geplaatst. De hoofdkrachtinspanning voor III/29Li ligt bij het afgrendelen van de Waversesteenweg (Molenstraat) waar er eveneens een afsluitbare doorgang was in de Cointet-elementen.
IV/29Li
Tijdens het laatste deel van de etappe naar Onze-Lieve-Vrouw-Waver laat Luitenant-kolonel Pardoen een verkeerde afslag nemen waarna zijn bataljon even verstrikt raakt in de marscolonnes van het 14Li. Het incidentje resulteert in een oponthoud van ongeveer een uur. Na aankomst worden de zware wapens opnieuw verdeeld. Zo krijgt het Iste Bataljon het 1ste Peloton M76 mortieren van de 15de Compagnie in steun, en het IIIde Bataljon het 2de Peloton.
![]()
Staf/29Li
Het 29Li blijft op positie aan de K.W. Stelling. De installatie van de troepen gaat door. Zo mogen de bataljonsstaven vanaf 10u00 hun zender-ontvangers afhalen bij het transmissiepersoneel van het regiment. De doorgangen in de anti-tankbarrière worden tijdens de voormiddag een eerste keer versperd wanneer de stalen Cointet-hekkens over de wegen gedraaid worden en vergrendeld worden. De meeste inwoners van Onze-Lieve-Vrouw-Waver vluchten het dorp uit en de militairen blijven alleen achter. De veldwerken worden verder gezet. Het regiment ontvangt een grote partij prikkeldraad. De militairen maaien ook alle gewassen neer die het schootsveld van de bunkers en steunpunten zouden kunnen belemmeren.
De ontplooiing van de Belgische troepen op de K.W. Stelling is nu min of meer compleet. Tussen Lier en Rijmenam staat het IIde Legerkorps opgesteld met de 6de Infanteriedivisie en de 11de Infanteriedivisie in eerste lijn en de 9de Infanteriedivisie in reserve. Tussen Rijmenam en Leuven ligt het VIde Legerkorps met de 2de Infanteriedivisie en de 5de Infanteriedivisie in eerste lijn en de 10de Infanteriedivisie in reserve. De grens tussen de beide korpsen loopt langs de noordrand van Hever, door Rijmenam tot aan de anti-tankmuur.
Om 17u40 meldt de divisiestaf dat er contact met de vijand mag verwacht worden vanaf de volgende ochtend. De openingen in de anti-tankmuur moeten vanaf nu gesloten blijven, met uitzondering van de poort op de Mechelbaan te Peulis die onder de verantwoordelijkheid valt van het naburige 14Li.
II/29Li
Om 13u30 loopt een alarmmelding binnen op de regimentsstaf: er zouden parachutisten-wielrijders geland zijn ten noordwesten van het fort van Sint-Katelijne-Waver. II/29Li dat in tweede lijn staat opgesteld moet zijn rangen uitdunnen om twee patrouilles te leveren die elke verdachte persoon op een fiets dienen te onderscheppen
Pl Vkr/29Li
Ook het peloton verkenners wordt om 13u30 uitgestuurd om de zaak van de gelande parachutisten-wielrijders te gaan uitzoeken.
![]()
Staf/29Li
De allerlaatste Belgische troepen komende van het Albertkanaal trekken doorheen de K.W. Stelling en het 29Li opent vanaf 02u30 de Cointet-hekkens op de Berlaarbaan en de Waversesteenweg om de colonnes van het 16Li door te laten. De Cointet-hekkens worden na de middag alweer gesloten, met uitzondering van een smalle doorgang voor de buurtspoorlijn van Mechelen naar Heist-op-den-Berg. De provoost van de 11de Infanteriedivisie heeft een detachement voor de opvang van verdwaalde militairen geïnstalleerd in de Mechelse Dossinkazerne. Ook aan het 29Li wordt gevraagd om alle dergelijke militairen die zich in hun ondersector aandienen van munitie te ontdoen en door te sturen naar Mechelen. Hierbij wordt nadrukkelijk bevolen dat elke vluchtende militair van de 14Div ontdaan moet worden van munitie en bewapening. Verder loopt een melding binnen om uit te kijken naar het voertuig met nummerplaat 259440 met aan boord vier Duitse spionnen verkleed in Belgisch officierstenue. Verder vermeldt het velddagboek van 29Li de doortocht van elementen van het 8Li, 1C, EskCy 6Div en EskCy 9Div.
Tussen 18u00 en 19u00 ontvangen de bataljons op het eerste echelon versterking van telkens één sectie van twee T13 tankjagers. De voertuigen vatten post nabij de Berlaarbaan en de Waversesteenweg (Molenstraat).
Rondom 21u30 dient zich een konvooi van vijf tramstellen aan, met aan boord vluchtende militairen en burgers. Deze treinen worden na controle doorgelaten. De poort over de buurtspoorlijn blijft voorlopig nog open.
I/29Li
Eenheden van de 9Div die tijdens de nacht 13 op 14 mei het Albertkanaal verlaten hebben, komen in de vroege ochtend toe te Peulis en Onze-Lieve-Vrouw-Waver waar ze rustkantonnementen zoeken net achter de voorste echelons van het 29Li. Omdat de voorbereidingen aan de K.W. Stelling volop bezig zijn komt het tot enkele belangrijke incidenten tussen de enerzijds het 8Li en het 16Li en anderzijds het 29Li. Zo wordt het 8Li dat zich had geïnstalleerd in het kasteelpark van Koningshooikt, op bevel van de 11Div rond 13u00 al weer doorgestuurd .
II/29Li
Het Iste Bataljon van het 16Li houdt halt in een bebost terrein ten westen van Sint-Katelijne-Waver (Gasthuisbos), waar zich ook troepen van het 29Li schuil houden. Een officier van II/29Li is helemaal niet tevreden met de aankomst van deze ongewenste gasten en vreest dat het bos veel te vol komt te zitten en dat Duitse vliegtuigen de troepenconcentratie zullen ontdekken. Een woordenwisseling loopt uit de hand en Kapitein Crabbe van het 16Li wordt met een revolver bedreigd door de officier van het 29Li. De korpscommandant van het 16Li moet tussenbeide komen om de beide mannen tot bedaren te brengen.
III/29Li
Talrijke burgers die uit Peulis gevlucht zijn trekken eveneens door de stellingen van het 29Li. Majoor Van Hoecke van het IIIde Bataljon gaat zelf op verkenning en laat zich met zijn side-car tot in Peulis rijden. Het dorp is zo goed als leeg. Van de vijand is er geen spoor.
15/IV/29Li
Bij de munitiebevoorrading van 14 mei meldt de 15Cie 52 kisten met mortierbommen en 3 kisten met bijbehorende ontstekers ontvangen te hebben.
![]()
Staf/29Li
Talrijke vluchtelingen blijven toestromen aan de nu volledig gesloten Cointet-versperring. Om de druk te verlichten wordt in de eerste helft van de nacht de barrière meermaals geopend. De hekkens gaan op bevel van de divisiestaf om 06u30 definitief dicht. Burgers die zich nog aandienen, moeten weggestuurd worden. De troepen wordt de uiterste waakzaamheid gevraagd en de legerleiding verwacht dat het contact met de vijand niet lang meer zal uitblijven. Enkele burgers melden dat reeds omstreeks 08u00 een viertal pantserwagens te Putte gesignaleerd werden en deze Duitse verkenners een kort onderhoud met de burgemeester hadden.
Kort nadien meldt de sectie motorwielrijders van het Peloton Verkenners van 8Li zich aan bij de poort in de anti-tankbarrière aan de Berlaarbaan. De verkenners worden na controle doorgelaten, maar zullen niet verder vorderen dan Koningshooikt en zijn dan ook snel weer terug.
Om 18u30 ontvangt het 29Li de opdracht om zijn bagagetros over te brengen naar het gehucht Kleempoel net ten westen van Zemst.
I/29Li
Om 10u20 wordt de sector van de divisie enigszins verkort. In plaats van tot aan de zuidrand van het Fort van Koningshooikt te lopen, reikt de ondersector van het 29Li nu tot aan het nabijgelegen gehucht Bosmolen. Het Iste Bataljon geeft zijn meest noordelijke steunpunten over aan het 1Gr. De bunkers P8 en P9 worden ontruimd en aan de grenadiers overgegeven. Het Iste Bataljon meldt omstreeks 19u00 een eerste contact met de vijand. Een C47 anti-tankkanon neemt enkele motorwielrijders onder vuur.
III/29Li
Bij het IIIde Bataljon meldt een burger (een ‘oudstrijder met het vuurkruis’) kort voor 13u00 dat 2 vijandelijke pantserwagens en 1 motorwielrijder aangekomen zijn op de Waversesteenweg, op anderhalve kilometer van de anti-tankbarrière. Er zou ook een Duitse verkenner in een boom gekropen zijn. Het duurt dan ook niet lang eer de eerste vijandelijke troepen opduiken aan de Cointet hekkens ter hoogte van Onze-Lieve-Vrouw-Waver. De 9de Compagnie wordt door een drietal automatische wapens even onder vuur genomen. De mortieren van het peloton van Onderluitenant Beaufils openen samen met de artillerie het vuur en verjagen de vijand. De Duitse troepen kunnen riposteren en er vallen enkele gewonden bij het 29Li.
Omstreeks 19u00 wordt een infiltratiepoging gerapporteerd wanneer Duitse verkenners een woning binnendringen in de nabijheid van de anti-tankmuur. Het huis wordt met het C47 geschut in brand geschoten en de woning wordt onder vuur gehouden om de vijand te beletten te vluchten.
![]()

Café “In den Tinnen pot” langs de Molenstraat, op 16 mei door de Duitsers ingenomen.
Staf/29Li
Tijdens de nacht van 15 op 16 mei wordt aanhoudend melding gemaakt van lichtsignalen, motorgeluid en andere tekens die de aanwezigheid van de vijand lijken te bevestigen. Het komt evenwel niet tot gevechten. De sporadische contacten met de vijand houden dan weer wel aan. Het regiment vraagt enkele vuuropdrachten aan bij de artillerie.
In de loop van de namidag komt van de divisiestaf onverwachts het bericht binnen dat moet worden teruggetrokken naar het westen. Zonder dat men de K.W. Stelling ten volle verdedigd heeft moet op bevel van het geallieerd oppercommando, de stelling worden prijsgegeven. In het zuiden wist het Duitse leger immers een doorbraak te forceren over de Maas in de streek van Sedan en in het noorden heeft Nederland zich overgegeven. Het veldleger zal om aan een zekere omsingeling te ontsnappen aan het eind van de dag de K.W. Stelling ontruimen en terugtrekken naar de lijn Terneuzen-Gent-Oudenaarde. De Belgen dienen in drie etappes een nieuwe verdedigingslinie te bereiken die van Terneuzen over Gent naar Oudenaarde zal lopen.
Het regiment geeft het bevel om een maximum aan munitie uit te delen aan de manschappen en zich klaar te houden voor de mars. De regimentsstaf weet dat dit de aftocht naar Londerzeel betreft, de compagniecommandanten zijn er echter van overtuigd dat het regiment een tegenaanval naar het oosten zal uitvoeren. Om 16u00 vernemen deze laatsten met grote verbazing dat de mars de andere richting zal uitgaan en dat de K.W. Stelling opgegeven wordt nog voor er strijd geleverd is. Vanaf 22u30, na het invallen van de duisternis, zet het regiment zich op weg richting Mechelen onder dekking van Belgisch artillerievuur.
I/29Li
Het Iste Bataljon meldt in de vroege ochtend dat de Duitsers enkele woningen op de Boterhoek (tussen de Berlaarbaan en de Waversesteenweg) bezet hebben. Ook in het café “In Den Tinnen Pot” langs de Molenstraat wordt de vijand gemeld. Tussen 11u00 en 14u00 wordt vaak over-en-weer geschoten. De Duitsers nemen het Iste Bataljon met mitrailleurs onder vuur. De Belgen riposteren met vuur van hun C47 anti-tankkanonnen en DBT granaatwerpers. Een vijandelijke pantserwagen krijgt een voltreffer. Vervolgens blijft de Duitse toestroom op de Boterhoek toenemen, maar blijven de vuurgevechten beperkt.
III/29Li
Ook het IIIde Bataljon meldt de vijand nabij café “In Den Tinnen Pot” en raakt betrokken bij de schermutselingen voor de linies. Hier ontglippen de Duitsers echter al snel aan het zicht van de Belgische troepen. De Belgische linies blijven echter onder vuur vallen vanuit Putte. Er wordt teruggeschoten met de M76 mortieren. Bij de terugtocht van het III/29Li wordt de vaste achterhoede gevormd door de 9Cie.
IV/29Li
De achterhoede komt onder bevel van Luitenant-kolonel Pardoen te staan en wordt verzekerd door detachementen van de pelotons in eerste lijn, aangevuld met twee C47 anti-tankkanonnen en twee T13 tankjagers. De achterhoede moet er voor zorgen dat de rest van het regiment het contact met de vijand kan afbreken zonder aangeklampt te worden. Als laatste verlaten zij de stelling er zorg voor dragend dat er voldoende afstand blijft tussen de oprukkende Duitsers en het terugtrekkend regiment. Hierbij maken ze gebruik van goed verdedigbare stellingen om terrein om te ruilen tegen tijd. Door te vuren op maximum dracht vanaf goede schootsstellingen wordt de vijand verplicht zich te ontplooien om de stelling te bestormen. Net voor de vijandelijke aanval wordt ingezet trekt de achterwacht zich terug om een nieuwe stelling in te nemen en hetzelfde procedé te herhalen.
![]()
Staf/29Li
Het regiment moet zich op 19 mei aan het Kanaal Gent-Terneuzen melden. De verplaatsing zal te voet gebeuren in drie etappes. De eerste nacht van 16 op 17 mei moet het Kanaal van Willebroek overgestoken worden. Tijdens de nacht van 17 op 18 mei mei moet men over de Dender en de Schelde. De laatste nacht is voorzien voor het laatste stuk van de tocht naar de nieuwe eindbestemming te Doornzele.
Het regiment wordt omstreeks 02u00 bij het binnen marcheren van Mechelen gedurende een tweetal uren opgehouden door de drukte aan de Dijlebrug. De colonnes steken onder het waakzaam oog van Kolonel Gillaume de Dijle over en richten zich naar Kapelle-op-den-Bos waar het Kanaal van Willebroek overschreden wordt. Bij de oversteek wordt zowel van de brug als van de sasdeuren gebruik gemaakt. Om 06u00 komen de eerste elementen van het regiment aan te Ramsdonk. Zodra iedereen ter plekke is, gaat het nog even verder naar Londerzeel waar om 11u00 halt gehouden wordt voor de rest van de dag. De troepen verblijven in open lucht in en om het dorp. Het voetbalplein, weiden en tuinen worden gebruikt om de manschappen te laten rusten.
Om 18u10 worden de regimentscommandanten ontboden op de divisiestaf op het gemeentehuis van Londerzeel. Het 29Li krijgt een bevel om vanaf 22u00 verder westwaarts te trekken naar Wetteren. Het regiment krijgt hiervoor een marsroute via Malderen, Buggenhout en Lebbeke. De mars zal geopend worden door het Peloton Verkenners, gevolgd door de manschappen per fiets en de paardenwagens van alle eenheden.
Detachement Luitenant Dantinne (Installatiepersoneel 29Li)
Administratieofficier Luitenant Dantinne wordt even na 19u00 voorop gestuurd met het installatiepersoneel. Dit detachement rijdt per fiets naar Wetteren.
III/29Li
Bij het vertrek van de 9Cie in de tweede helft van de nacht van 16 op 17 mei laat Kapitein-commandant Duvigneaud zijn troepen om 02u50 verzamelen aan de kerk van OLV-Waver. Wanneer omstreeks 03u10 het tweede peloton nog niet is komen opdagen, besluit de compagniecommandant om samen met Sergeant Reydams deze te gaan zoeken op zijn stellingen, Het tweetal valt echter onder vijandelijk vuur, waarop teruggekeerd wordt naar de kerk en Duvigneaud onmiddellijk laat vertrekken. Hij vreest dat het tweede peloton in handen van de Duitsers gevallen is en beseft niet dat deze eenheid op eigen initiatief samen met het gros van het regiment vertrokken was.
15/IV/29Li
Bij aankomst te Londerzeel wordt de compagnie in enkele weilanden ondergebracht. In de loop van de namiddag wordt de fiets van Luitenant Thys gestolen door een voorbijtrekkende militair zodat de compagniecommandant nu ook te voet verder moet.
![]()
Staf/29Li
Het regiment verlaat Londerzeel op 17 mei om 22u00 en marcheert tijdens de nacht van 17 op 18 mei richting Lebbeke. Het Peloton Verkenners rijdt op kop, gevolgd door de manschappen per fiets en de paardenwagens. De regimentscommandanten en de divisiestaf houden omstreeks 02u30 kort overleg in het gemeentehuis van Lebbeke: de verdere marsroute van het 29Li zal lopen via Denderbelle, Schoonaarde, Wichelen, Uitbergen, Overmere, Lochristi en Oostakker tot in Kluizen. Deze informatie wordt niet doorgegeven aan het installatiepersoneel van het regiment dat daags voordien naar Wetteren vertrokken was.
De kop van het 29Li bereikt Lebbeke omstreeks 04u30 en houdt hier halte van een goed uur om het voetvolk de kans te geven om opnieuw bij te benen. Van zodra de uitgeputte troepen te voet binnenlopen, wordt de mars verder gezet. Het gros van het regiment steekt tussen 08u00 en 09u00 de Dender over via de militaire bootbrug tegenover Oudegem en kruist de stellingen van de Ardense Jagers op de linkeroever. Enkele verloren gelopen detachementen vinden op eigen houtje hun weg naar de stad Dendermonde en bereiken alzo de linkeroever.
Vervolgens zet het 29Li koers richting Wichelen. Op het gehucht Boterhoek wordt een grote halte van een uur ingelast, die verlengd wordt wanneer Kolonel Guillaume verneemt heeft dat zijn regiment te Overmeire zal opgepikt wordt door een colonne autobussen van de Legerautogroepering (LAuGpg) die het regiment in één ruk naar het Kanaal Gent-Terneuzen zouden moeten brengen. Dit plan wordt echter niet gerealiseerd en tussen 13u30 en 14u00 worden de bataljons een na een doorgestuurd naar het Kanaal Gent-Terneuzen. De manschappen zitten aan het eind van hun krachten. De verdere route loopt over de heirweg naar Destelbergen en van hier uit naar de kanaalbrug te Langerbrugge.
Detachement Luitenant Dantinne (Installatiepersoneel 29Li)
Het installatiepersoneel bereikt Wetteren omstreeks 05u00, niet wetende dat de eindbestemming van het regiment inmiddels gewijzigd is. Gelukkig staat er een stafofficier van het Groot Hoofdkwartier op de markt van Wetteren die bevestigt dat het 29Li nu naar Oostakker onderweg is. Het detachement van Luitenant Dantinne zet zich op weg en bereikt dit dorp rond het middaguur. Wanneer er om 15u00 nog geen spoor is van het regiment, wordt Luitenant Guillaume van het II/29Li uitgestuurd om inlichtingen. Guillaume verneemt te Evergem dat alle Belgische troepen het bevel zouden gekregen hebben om zo snel mogelijk de linkeroever van het Kanaal Gent-Terneuzen te vervoegen. Het detachement vertrekt onmiddellijk en zal uiteindelijk Eeklo bereiken.
III/29Li
Het IIIde Bataljon moet door de complete uitputting van het personeel halt houden wanneer kort voor middernacht de Antwerpsesteenweg bereikt wordt. Majoor Van Hoecke laat de regimentscommandant weten dat hij niet meer vooruit kan en de mars pas tegen de ochtend zal hervatten.
IV/29Li
Het IVde Bataljon geraakt niet zover en zal rondom 22u00 een grote halte inlassen bij de doortocht van Vissershoek nabij Destelbergen. Luitenant Thys van de 15Cie meldt dat er op 18 mei geen bevoorrading is aangekomen en hij onderweg een partij brood en sardienen in blik heeft aangekocht voor zijn militairen.
![]()
Staf/29Li
De regimentsstaf bereikt Kluizen omstreeks 02u00 en installeert zich voorlopig te Wippelgem. Bij de brug van Langerbrugge is personeel geplaatst dat de aankomende eenheden moet opvangen en doorsturen. Het zal nog een hele tijd duren eer de laatste elementen rond 09u00 aankomen.
De Belgische verdedigingslinie aan het Kanaal Gent-Terneuzen neemt zijn definitieve vorm aan. In het noorden bewaakt de 1ste Cavaleriedivisie de sector rond Terneuzen. In het centrum ligt het Vde legerkorps met de 17de en 6de Infanteriedivisies. Het zuidelijke deel van het kanaal is voor rekening van het IIde legerkorps met de 13de en 11de Infanteriedivisies.

De brug van Terdonk over het kanaal Gent-Terneuzen wordt bewaakt door de 3Cie van I/29Li.
Het regiment heeft sinds de eerste oorlogsdag zo’n 175 Km te voet afgelegd, waarvan het leeuwenaandeel in nachtelijke etappes. De troepen zijn niet onmiddellijk inzetbaar en hebben dringend rust nodig. De inplaatsstelling aan het kanaal zal dan ook op pas in de vooravond starten. Het regiment krijgt de ondersector van Terdonk toegewezen die een breedte heeft van ongeveer 3,8 Km en als zwaartepunt de brug van Terdonk zal hebben. De commandopost van het regiment blijft te Wippelgem. Ten noorden van de ondersector van het 29Li bevindt zich het 32ste Linieregiment (32Li) behorende tot de 13Div en in het zuiden worden de linies verder gezet door het 20Li. Na een dag verbleven te hebben in rustkantonnementen te Kluizen en Doornzele trekt het regiment op naar de kanaaloever ter hoogte van Terdonk. De verplaatsing gebeurt tijdens de nacht van 19 op 20 mei waarbij de tijdens de dag verkende stellingen onder dekking van de duisternis worden ingenomen.
I/29Li
Het Iste Bataljon neemt de noordflank van het eerste echelon in, versterkt met twee pelotons mitrailleurs van de 13de Compagnie, de mortieren van de 15de Compagnie en vijf C47 anti-tankkanonnen van de 14de Compagnie. De bataljonsstaf installeert zich te Doornzele Dries Nr 80 in het gelijknamige dorp en plaatst van noord naar zuid de 3de, 1ste en 2de Compagnie in lijn. De overgebleven mortieren van de 15de Compagnie worden in het park van kasteel Ten Dries opgesteld. De moeilijkste zone voor de verdediging vormen de reusachtige olietanks van de firma’s Belgo-Petroleum en Sinclair die bezet worden door een steunpunt van de 1ste en 2de Compagnies. Deze stellingen zijn niet alleen gevaarlijk maar ook bijzonder onoverzichtelijk. Verder verdedigt het bataljon ook nog de brug van Terdonk.

Initiële opstelling voor de verdediging van de lijn Terneuzen-Gent-Oudenaarde.
III/29Li
Het IIIde Bataljon bezet de zuidflank, aangevuld met drie C47 anti-tankkanonnen en één peloton mitrailleurs. De commandopost komt op de weg van Kerkbrugge naar Hoeksken te staan. De 11de Compagnie ligt op de linkerflank, vanaf de reeds eerder vermelde olietanks. De 9de en 10de Compagnie bezetten het centrale en het zuidelijke onderkwartier van de eerste linie in een nog niet bebouwd gedeelte van de kanaaloever. De steunpunten zijn hier in de zandduinen ingegraven en relatief goed beschut.
II/29Li
Het IIde Bataljon wordt ontplooid op het tweede echelon. Dit echelon wordt in twee tactische commando’s verdeeld: een noordelijke groepering van één compagnie en drie C47 kanonnen onder Luitenant-kolonel Pardoen en een zuidelijke groepering van twee compagnies en één C47 onder Commandant Defrène. De beide officieren hebben hun samengevoegde commandopost te Wippelgem.
IV/29Li
De colonne van het IVde Bataljon heeft door de extra halte te Vissershoek vertraging opgelopen en vertrekt pas naar Wippelgem tussen 02u00 en 02u30 in de nacht van 18 op 19 mei. Onderweg moeten opnieuw een twintigtal militairen afhaken door vermoeidheid. Luitenant Thys van de 15Cie moet deze manschappen terugbrengen naar het bataljon.
De zware wapens van het IVde Bataljon worden opnieuw verdeeld onder de eenheden en vanaf 19u00 start ook het IV/29Li met de stellingname. Het anti-tankgeschut wordt op het eerste echelon geconcentreerd op de verdediging van de oostelijke toegangsweg tot de brug van Terdonk en de oostelijke parallelweg aan het kanaal. Op het tweede echelon worden de kanonnen gebruikt om de oost-west wegen van Terdonk naar Wippelgem en naar Kerkbrugge af te sluiten.
De schootstellingen voor de mortieren van de 15Cie worden uitgekozen op de terreinen van het Goed ten Oudenvoorde even ten noorden van de dorpskern van Doornzele.
Echelons/29Li
De bevoorradingsplaats voor munitie wordt ingericht op het gehuchtje Diksmeire even ten zuidwesten van Wippelgem. De levensmiddelenwagens worden te Wippelgem verzameld.
Peloton Verkenners/29Li
Het Peloton Verkenners wordt uitgestuurd naar de oostelijke oever van het kanaal en zal Sint-Kruis-Winkel bezetten. Luitenant Piraprez moet zijn commandopost plaatsen nabij de kapel van Sint-Kruis-Winkeldorp.
Detachement Luitenant Dantinne (Installatiepersoneel 29Li)
Het installatiepersoneel onder leiding van Luitenant Dantinne zal er niet meer in slagen om het 29Li terug te vinden. Vanuit Eeklo zullen de militairen verder trekken naar Brugge, Gistel, Lichtervelde, Ingelmunster en Izegem om tenslotte richting Frankrijk gedirigeerd te worden. Het detachement belandt uiteindelijk in Saint-Omer.
![]()
Staf/29Li
Het regiment versterkt zijn posities achter de westelijke kanaaloever. Voor de inrichting van de stellingen kan het 29Li beroep doen op de steun van de 2de Compagnie van het 11Gn. De linies worden regelmatig overvlogen door Duitse observatievliegtuigen. De brug van Terdonk wordt omstreeks 14u15 opgeblazen door het wachtdetachement van het 11Gn.
I/29Li
Voor het onderkwartier van het Iste Bataljon duiken rond 18u15 enkele Duitse verkenners op. De waarnemers van het bataljon openen het vuur en kunnen de vijand zonder problemen verdrijven. De Duitsers wachten op de aankomst van het gros van hun troepenmacht en zijn nog bijlange niet bereid een aanvalspoging te wagen. Buiten dit incident blijft het dan ook rustig.
![]()

Zicht op de westkant van de Purfina (latere Petrofina) raffinaderij te Rieme.
Staf/29Li
Tijdens de nacht van 20 op 21 mei start de vijandelijke artillerie met het inschieten van zijn kanonnen. Regelmatig valt een artilleriegranaat neer binnen de Belgische linies. De Duitsers ondernemen in de sector van de naburige 13de Infanteriedivisie een eerste poging om het Kanaal Gent-Terneuzen over te steken. Omstreeks 05u30 zijn de eerste Duitse mortierinslagen te horen. De aanval uit de opmars wordt echter door de 13Div afgeslagen en de vijand besluit om op versterking te wachten teneinde later een methodische aanval uit te voeren. Een nieuwe aanval moet niet verwacht worden voor 23 mei. Tijdens de vooravond zal de 3de Compagnie wel melden dat er bij het 32ste Linieregiment heel wat militairen uit de stellingen vluchten.
I/29Li
Het Iste Bataljon van het 29Li meldt vroeg in de ochtend dat op de stellingen van de 3de Compagnie gevuurd wordt met mortieren. De mortieren van 15de Compagnie geven tegenvuur en dan wordt het weer rustig. Bij het vuren met een van stukken ontploft een granaat bij het verlaten van de loop. Van de vier gewonde bedienaars moeten de soldaten Van Brabant en Van Swijgenhoven afgevoerd worden naar de medische hulppost.
Ook elders bij het 29Li wordt sporadisch over en weer geschoten maar blijven grote incidenten uit. De Belgische en Duitse artillerie start een relatief intens duel vanaf 11u30. De Belgen zijn danig onder de indruk en hier en daar vluchten kleine groepjes militairen weg uit de stellingen. De beschietingen houden de ganse dag aan.
Rondom 20u30 neemt het artillerievuur verder toe en een half uur later worden enkele brandstoftanks van Belgo-Petroleum en Sinclair in lichterlaaie gezet. De kanaaloever zal de komende nacht fel verlicht worden door de hevig brandende olie. De nabijgelegen troepen van het meest zuidelijk gelegen peloton van de 1ste Compagnie, de beide pelotons aan de kanaaloever van de 2de Compagnie en het meest noordelijk gelegen peloton van de 11de Compagnie moeten zich door de intense hitte verwijderen van de brandende petroleumtanks. Er heerst ook hier enige paniek binnen de rangen en een twintigtal weggevluchte militairen zonder wapens wordt al snel onderschept op het tweede echelon. Het artillerievuur houdt enkele uren aan. De steunpunten van de 2de Compagnie worden verschoven en opnieuw bemand. Talrijke veldtelefoonlijnen worden beschadigd en de telefonisten-seingevers zullen de ganse nacht in de weer zijn met het herstellen van de kabels. Aan het noordelijke uiteinde van het onderkwartier van het Iste Bataljon wordt vanaf 21u45 hevig geschoten rondom de brug van Terdonk.
III/29Li
Bij het IIIde Bataljon blijft het de ganse dag relatief rustig.
IV/29Li
De 7de Compagnie van het 14de Linieregiment wordt om 03u00 toegevoegd aan de groepering van Luitenant-kolonel Pardoen op het tweede echelon. De versterkingen zijn meer dan welkom.
![]()
Staf/29Li
De geallieerden besluiten om de lijn Terneuzen – Gent – Bovenschelde op te geven, maar de Belgische legerleiding dringt er op aan om nog één extra dag aan het Kanaal Gent-Terneuzen stand te houden. De laatste elementen zullen pas terugtrekken tijdens de nacht van 23 op 24 mei om eerst nog het legerdepot te Eeklo te kunnen leegmaken. Het 29Li blijft die dag dan ook op post. Het Duitse artillerievuur neemt tegen de ochtend af, maar de Luftwaffe blijft de ganse dag door actief boven de stellingen van het 29Li. Om een herhaling van de vorige dag te vermijden op de terreinen van Belgo-Petroleum en Sinclair, krijgt het 11de Geniebataljon de opdracht om tijdens de voormiddag de vernieling van de overgebleven olietanks voor te bereiden. Elke petroleumtank krijgt een springlading aan de basis die zal aangezet worden bij de evacuatie van de Belgische linies. Met uitzondering van de omgeving van de brug van Terdonk, lijkt de vijand de oostelijke kanaaloever te hebben verlaten. Een patrouille zal worden uitgestuurd naar de oostelijke kanaaloever om poolshoogte te nemen.
I/29Li
Tijdens de nacht van 22 op 23 mei vuurt Sergeant Remience van de 3de Compagnie op een groepje van drie burgers die nabij de windmolen van Doornzele enkele veldtelefoonlijnen willen doorsnijden. De burgers vluchten en worden niet teruggevonden.
Pl Vknr/29Li
Even na 17u00 vertrekt een patrouille naar de vijandelijke oever. Onderluitenant Piraprez van het Peloton Verkenners en Luitenant Rochus van de 9de Compagnie zullen de ploeg van een twaalftal militairen leiden. De patrouille steekt het kanaal over op een ponton en dringt op de vijandelijke oever door over een afstand van ongeveer 1Km. Wanneer het dorp Desteldonk bereikt wordt keert de patrouille op zijn stappen terug en bevestigt bij hun terugkeer rond 21u00 dat de Duitsers zich ongezien houden. Waarschijnlijk heeft de vijand zich iets teruggetrokken om de methodische aanval voor te bereiden en is de ogenschijnlijke rust slechts de stilte voor de storm.
Detachement Luitenant Dantinne (Installatiepersoneel 29Li)
Het installatiepersoneel onder leiding van Luitenant Dantinne verlaat Saint-Omer in een poging om naar ons land terug te keren. De snelle opmars van de Duitse pantsertroepen maakt dit echter onmogelijk, zodat het detachement uiteindelijk aan de Atlantische kust aankomt in het stadje Étaples. Hier worden Dantinne en zijn militairen op 30 mei krijgsgevangen gemaakt.
![]()
Staf/29Li
Bij het 29Li wordt reeds vanaf 02u30 melding gemaakt van storingsvuur van de Duitse artillerie. De vuurkadans is laag en er wordt doorheen zowat de ganse ondersector gevuurd. De beschieting houdt aan tot ongeveer 04u30. Vanaf de vroege ochtend wordt opnieuw over en weer geschoten. Hoewel het duidelijk wordt dat het die dag bijzonder gevaarlijk gaat worden, laat het regiment al om 08u45 alle veldtelefoonlijnen oprollen met het oog op de evacuatie van de kanaaloever tijdens de komende nacht. Die beslissing zal de Belgen nadeel berokkenen bij het verloop van de gevechten.
Na de mislukte aanval uit de opmars van 21 mei hebben de Duitsers een nieuwe aanval op het Kanaal Gent-Terneuzen voorbereid, dit keer ondersteund door artillerie en vliegtuigen. Vanaf 09u45 hernemen de beschietingen op het 29Li en nemen deze in intensiteit toe doorheen de loop van de ochtend. Om 13u15 wordt de aanval ingezet in de ondersector van het 29Li. De vijandelijke infanterie poogt op meerdere plaatsen het kanaal met rubberbootjes over te steken. In het kwartier van I/29Li veroveren de Duitsers een klein bruggenhoofd ter hoogte van de brandende petroleumtanks.
Het 29Li wil er alles aan doen om een verdere uitdieping van dit bruggenhoofd tegen te gaan. Er wordt artillerievuur bevolen op de terreinstrook die door de vijand bezet wordt. Ten noorden en ten zuiden van de vijandelijke penetratie worden dwarsstellingen georganiseerd om een verdere Duitse opmars te blokkeren. Een honderdtal vijandelijke soldaten kunnen het kanaal oversteken en het bruggenhoofd versterken, maar tot een verdere Duitse doorbraak komt het hier niet. Dit in tegenstelling tot de sector van de 13Div ten noorden van het 29Li waar het wel tot een doorbraak komt. Het 37Li wordt er overrompeld en ook het 32Li en 2G krijgen het moeilijk. Na een tussenkomst van het 14Li wordt het front hersteld en tegen de late avond zijn de Belgen voorlopig in staat om de aanvaller tegen te houden.
Het veldleger is intussen echter begonnen met de geplande aftocht van het kanaal. Ook het 29Li maakt zich klaar om zijn stellingen te verlaten.
De vuurvoorbereiding voor de Duitse aanval wordt uitgevoerd tussen 02u30 en 11u00. Vooral het kwartier van het Iste Bataljon wordt hevig bestookt. Rond 12u30 vervoegt de Luftwaffe de strijd. De steunpunten van het Iste Bataljon worden nu ook gebombardeerd en gemitrailleerd van uit de lucht. Duitse mortieren en artillerie laten om 13u00 een een hevig spervuur neerkomen op de posities van het bataljon. Onder dekking van hun kanonnen onderneemt de vijandelijke infanterie verschillende oversteekpogingen.
Bij de brug van Terdonk wordt om 13u15 een eerste poging afgeslagen door de 3de Compagnie. Meer naar het zuiden slaagt de vijand er in om het kanaal over te steken en een klein bruggenhoofd uit te bouwen ter hoogte van de scheidingslijn tussen de 1ste en de 2de Compagnie. In een eerste aanvalsgolf raken een twintigtal vijandelijke militairen in rubberbootjes tot op de Belgische oever. De vijand heeft duidelijk een voordeel gezien in de brand van de olietanks en heeft correct afgeleid dat de Belgische positie hier het zwakst is. Kapitein-commandant Ruth, compagniecommandant van de 2de Compagnie en twee van zijn pelotonscommandanten raken gewond waardoor de compagnie aan cohesie en leiding verliest. Het meest zuidelijke steunpunt van de 1ste Compagnie en de noordelijke steunpunten van de 2de Compagnie worden door de Belgen opgegeven. Even na 14u00 bevestigt de verbindingsofficier van de regimentsstaf dat de de vijand vaste voet heeft gekregen op de linkeroever.
Een eerste tegenreactie komt er vanuit het kwartier zuid van het 2de echelon waar Kapitein-commandant Defrêne besluit om het peloton van Onderluitenant Van Mossevelde van de 6Cie uit te sturen naar het kwartier van de 2de Compagnie. Ongeveer ter zelfde tijd ontvangt Luitenant-kolonel Pardoen de opdracht om met de twee overige pelotons van de 6Cie een tegenaanval voor te bereiden. Dit detachement zal het nog stand houdende noordelijke steunpunt van 1/I/29Li verbinden met het tweede echelon van het 32ste Linieregiment. Dit initiatief moet een uitbraak naar het noorden tegenhouden.
Even na 15u00 beveelt de regimentsstaf om ook een peloton van de 8Cie naar het bataljonsvak van I/29Li te sturen. Wanneer duidelijk wordt dat de 2Cie een stuk terrein heeft prijsgegeven, wordt de tegenactie verder aangevuld met een peloton van de 7Cie en het Peloton Verkenners. Rond 17u00 rapporteert het I/29Li het volgende aan de regimentsstaf: de 1Cie bezet nog steeds zijn steunpunten; de 2Cie wordt nu aangevoerd door Luitenant Pauwels van de 4Cie en beschikt over het aangekomen peloton van de 6Cie en twee bijkomende gevechtsgroepen waarmee het zuidelijke steunpunt opnieuw bezet wordt.; de 3Cie houdt ook nog stand, maar heeft het noordelijk opgeven en tracht dit opnieuw te bezetten door een deel van de aangekomen versterkingen. Om de verdediging te versterken, heeft Majoor Hosdey ook het peloton mortieren van Onderluitenant Timbal laten inzetten als fuseliers.
De Duitsers hebben inmiddels bijkomende troepen aangevoerd naar de Belgische oever en het I/29Li schat in dat het nu om een honderdtal vijandelijke troepen gaat. Wanneer een handvol aanvallers de omgeving van de commandopost van het bataljon bereikt, slagen de Sergeanten Eelke en Chenot erin om drie gevangenen te nemen. De Duitsers lijken te behoren tot het Infanterieregiment 338, een onderdeel van de 208(DE) Infanteriedivisie.
Rond 19u00 bereiken de Duitsers de noordrand van de halte van Doornzele. Enkele petroleumtanks nabij het steunpunt van Adjudant Frère hebben inmiddels vuur gevat en ook deze brand maakt de verdediging er niet makkelijker op.
III/29Li
Bij het aanbreken van de dag bezet het III/29Li nog steeds het kwartier zuid van de ondersector, met van noord naar zuide de 11Cie, 9Cie en 10Cie. Alleen de 11Cie zal een rol spelen bij de gevechten rond Doornzele. Deze compagnie is versterkt door het peloton mitrailleurs van Onderluitenant Stouten en een C47 anti-tankkanon dat sinds 22 mei niet langer over een werkende richtkijker beschikt. De 11Cie bezet aanvankelijk een terreinstrook met een breedte van ongeveer 600m langs de kanaaloever. Hierbij bemannen de pelotons van Onderluitenant Behen en Onderluitenant De Brabandère respectievelijk steunpunt noord en steunpunt zuid ter hoogte van de halte van Doornzele, gedekt door het peloton van Adjudant KROLt Frère dat opgesteld staat tussen de brandstoftanks even ten westen van de spoorlijn.

Situatie op de scheidingslijn tussen het I/29Li en III/29Li op 23 mei. (bron: CHD, Evere).
Vanaf het middaguur vallen ook de posities van de 11Cie onder aanhoudend vijandelijk vuur. Bij het peloton van Adjudant KROLt Frère vatten enkele opslagtanks vuur, wat het bijzonder lastig maakt om dit steunpunt verder te bezetten. Wanneer omstreeks 14u30 duidelijk wordt dat de posities van de naburige 2Cie deels verlaten zijn, wordt besloten om een dwarsstelling te organiseren om een eventuele Duitse doorbraak naar het eigen onderkwartier te kunnen stoppen.Het peloton van Onderluitenant Behen wordt weggehaald van de kanaaloever en verplaatst naar de spoorhalte van Doornzele. Het peloton van Onderluitenant De Brabandère verlaat het terrein rond de brandstoftanks en roteert in tegenwijzerzin om zich op te stellen langs de verbindingsweg tussen het station en het dorp van Doornzele, Hierbij wordt omstreeks 14u50 een van de twee mitrailleurssecties uitgeschakeld door de Duitse artillerie.
Vanop deze aangepaste posities openen de beide pelotons rondom 15u45 het vuur op nieuwe Duitse troepen die het kanaal oversteken. Op aangeven van de Adjudant-majoor van 29Li wordt het peloton van Onderluitenant Behen omstreeks 16u30 opnieuw naar de kanaaloever bevolen, om in een tegenaanval het steunpunt van de 2Cie te gaan veroveren. Deze tegenactie draait op niets uit en het peloton wordt afgeblokt door gericht vijandelijk vuur. Behen en zijn manschappen kunnen zich alleen gedeisd houden en hopen dat hun aanwezigheid een verdere Duitse opmars kan afremmen. De Duitsers maken rondom 17u00 contact met de overgebleven mitrailleursectie van Onderluitenant Stouten die al snel krijgsgevangen wordt gemaakt. Stouten raakt zwaargewond bij de overrompeling en zal vijf dagen later komen te overlijden. Ook een tweede poging tot een tegenaanval geleid door Onderluitenant De Brabandère en Adjudant KROLt Frère heeft geen resultaat. Kapitein-commandant Georges Defrêne laat een nieuwe mitrailleursectie van de 13Cie onder leiding van Luitenant Coenen aanrukken om de linkerflank van het peloton Frère te dekken.
Tegen 19u00 zijn de Duitsers genaderd tot op een honderdtal meter van de spoorhalte van Doornzele waar de pelotons van Onderluitenant De Brabandère en Adjudant KROLt Frère nog steeds proberen om een verdere opmars te blokkeren. Defrêne laat het peloton van Onderluitenant Malcorps van de 10Cie aanrukken om de linies te versterken. Om 20u20 besluit Defrêne ook om het steunpeloton van de 9Cie weg te halen en toe te voegen aan deze stelling.
Uiteindelijk dringen de Duitsers niet verder aan en is het op deze posities dat het III/29Li om 21u30 de voorbereiding van de aftocht start met het uit stelling halen van de C47 anti-tankkanonnen. Het bataljon zal in relatief goede orde wegkomen van het Kanaal Gent-Terneuzen, met uitzondering van het verloren gegane peloton mitrailleurs van Onderluitenant Stouten.
Staf/29Li
Om 20u15 communiceert de regimentsstaf aan het I/29Li en III/29Li dat er tussen 21u00 en 22u00 een tegenaanval mag verwacht worden van twee compagnies van het III/14Li met als algemene opmarsrichting de scheidingslijn tussen de beide bataljons. De opdracht van het detachement van III/14Li bestaat erin om de westelijke kanaaloever terug volledig te herroveren. De tegenaanval zal ondersteund worden door de artillerie.
Nog geen half uur later wordt de tegenaanval op aangeven van de divisiestaf afgeblazen. De 11Div bevestigt dat de kanaaloever tijdens de nacht van 23 op 24 mei zal opgegeven worden. Hierbij zal het 29Li pas tijdens de tweede helft van de nacht weggehaald worden van zijn posities.
Vanaf 22u30 wordt gestart met de voorbereidingen voor de afmars. Zo worden de M76 mortieren en C47 anti-tankkanonnen uit stelling genomen. De mortieren worden met de borstriemen tot in Wippelgem verplaatst en in dit dorp op de caissons geladen. De munitie die niet kan vervoerd worden, wordt in de vijvers van Goed ten Oudenvoorde geworpen.
![]()
Staf/29Li
Om 01u00 vertrekt het wagenpark van het 29Li naar het Afleidingskanaal van de Leie, gevolgd door de rest van de bataljons die tussen 03u00 en 04u00 afmarcheren. Het 29Li trekt richting Zomergem en Ursel met het IVde bataljon op kop, gevolgd door het IIde bataljon, de stafcompagnie, het Iste bataljon en het IIIde bataljon.
Het regiment komt vanaf 08u10 aan op het Afleidingskanaal van de Leie en bevindt zich nog steeds binnen de zone van ons IIde Legerkorps dat verantwoordelijk wordt voor de verdediging van het gedeelte van het kanaal dat zich uitstrekt van de omgeving van Langestraat in het noorden tot het Kanaal Gent-Brugge in het zuiden. Deze zone is verdeeld in twee sectoren: de 12de Infanteriedivisie verdedigt de noordelijke sector en de 11de Infanteriedivisie de zuidelijke sector. Bij de 11de divisie worden het 14Li en het 20Li langs de kanaaloever geplaatst en krijgt het 29Li het tweede echelon toegewezen.
Het regiment zal nieuwe posities moeten innemen ten zuidoosten van Ursel en zal alzo het tweede echelon van de 11de infanteriedivisie vormen. Van noord naar zuid zullen het III/29Li, I/29Li en het II/29Li in één lijn opgesteld worden. De commandopost van het II/29Li wordt te Pauwelsbos opgesteld. De overige bataljons bevinden zich in de omgeving. Ook hier weer valt de Luftwaffe aan met de regelmaat van de klok.
De Duitsers volgen de Belgische troepen echter op de hielen en rukken bijzonder snel op naar het Afleidingskanaal. Rond 17u00 steken te Ronsele soldaten van de Duitse 208ste Infanteriedivisie de waterloop over in de sector van de 12Div.
15/IV/29Li
In afwachting van de nieuwe ontplooiing aan het Afleidingskanaal wordt de 15Cie enige tijd ingekwartierd in een fabrieksgebouwtje te Bellem.
![]()

Cdt G. Defrène, bevelhebber van het IIde Bataljon.
Staf/29Li
De posities binnen de zone van het IIde Legerkorps blijven ongewijzigd. Om 03u30 beveelt de divisiestaf aan het 14Li, 20Li en 29Li om hun verkennerspelotons door te sturen naar Vrekkem waar ze samengevoegd zullen worden tot reservemacht van de 11Div. De drie pelotonscommandanten dienen zich tegen 09u00 aan te bieden op de divisiestaf.
In de noordelijke sector van de zone van het IIde legerkorps slagen het I/22Li en het Wielrijderseskadron van de 12de divisie er in om de vijand van de westelijke kanaaloever te verjagen. Aan het eind van de dag heeft de 12Div de volledige controle over de zijn toegewezen sector herwonnen.
Het 29Li werkt verder aan zijn nieuwe stellingen op het tweede echelon van de 11de divisie. Buiten enkele korte luchtbombardementen en artillerieduels valt er weinig noemenswaardigs te melden. De regimentsstaf vermeldt dat de Belgische artillerie vanaf 20u00 regelmatig in actie komt, en dat de vuren de ganse nacht aanhouden.
![]()
Staf/29Li
De Duitsers vallen de Belgische linies langs het Afleidingskanaal van de Leie opnieuw en op meerdere punten aan. Zowel ten noorden als ten zuiden van Balgerhoeke vinden in de zone van ons Vde legerkorps twee oversteken plaats. Ook in de zone van ons IIde Legerkorps komt het tot een nieuwe aanval over het kanaal. In de sector van de 12de Infanteriedivisie wordt rond 17u00 het 23Li de vaarweg overgestoken tegenover Oostwinkel. Wat later volgt ook nabij Ronsele een oversteek bij het 2Li. De Wehrmacht slaagt er in een bruggenhoofd uit te bouwen. Het II/22Li en het III/22Li worden als eerste naar voren gestuurd om een tegenactie uit te voeren. Het 29Li blijft intussen onder artillerievuur vallen. Het regiment heeft voorlopig geen contact met de vijand maar moet toekijken hoe de vijandelijke granaten regelmatig slachtoffers maken.
Omstreeks 13u00 beveelt de divisiestaf dat het 29Li tijdens de nacht van 26 op 27 mei de troepen in de ondersector van het 14Li zal aflossen. Het betreft hier het I/14Li, III/14Li en het II/20Li. Na aflossing van het II/20Li moet dit bataljon dan terugkeren naar de ondersector van zijn eigen regiment om er het II/14Li. Dit moet toelaten dat het 14Li gehergroepeerd kan worden op het tweede echelon van de divisiesector. Bij de overname van de ondersector van het 14Li door het 29Li moet het III/29Li opgesteld worden in kwartier noord, het II/29Li in kwartier zuid en het I/29Li op het tweede echelon van de ondersector.
Omstreeks 16u45 wordt dit bevel ingetrokken als gevolg van de evolutie van de gevechten in de sector van de 12Div. De Duitsers maken hier zo snel vooruitgang, dat de legerkorpsstaf beveelt aan de 11Div om twee bataljons vrij te maken voor een tegenaanval. De divisiestaf duidt hiervoor het III/29Li en I/29Li aan. Het III/29Li moet zo snel mogelijk vertrekken naar de bossen ten westen van het dorpje Ronsele om van hieruit een tegenactie voor te bereiden richting Leischoot. Majoor Van Hoecke moet zich hiervoor in verbinding stellen met de staf van het 2Li. Het I/29Li wordt uitgestuurd naar de bossen ten noorden van Ursel en de divisiestaf vraagt dat Kolonel Guillaume zelf deze operatie leidt. De rest van het regiment blijft dan op het tweede echelon van de divisiesector onder leiding van Luitenant-kolonel Pardoen.
Even voor 18u00 wordt de opdracht echter gewijzigd en legt de divisiestaf op om het III/29Li front te laten maken naar het noorden tussen de Ursel en Rijvels om alzo de flank van de divisiesector te beveiligen tegen een verdere doorbraak. Alleen het I/29Li blijft over voor de tegenaanval. Dit bataljon zal versterkt worden door een peloton van de Compagnie C47 op T13 van de 9de Infanteriedivisie.
Een nieuwe wijziging wordt doorgevoerd om 20u15 nog opnieuw een ander bevel van de 11Div. Het III/29Li krijgt nu de opdracht om te Ursel samen te komen om van hieruit alsnog de tegenaanval te vervoegen door een opmars parallel met de baan van Ursel naar Eeklo tot aan de commandopost van het 22Li. Het III/29Li vertrekt om 20u45 naar Ursel.
![]()
Staf/29Li
Kolonel Guillaume maakt contact met de staf van het 22Li in een bosrand ten noorden van Ursel. De officieren van de staf van het 22Li zijn op post, maar hun manschappen hebben het hazenpad gekozen. De troepen van het Iste en het IIIde Bataljon arriveren eveneens te Ursel en verspreiden zich over het bos en de omliggende velden. De ganse streek is echter verzadigd met Duitse eenheden en de Belgen die het 22Li ter hulp moeten schieten, vallen zelf onder hevig vuur van automatische wapens. De opdracht van het I/29Li en het III/29Li om Leischoot en Oostwinkel te ontzetten, lijkt gedoemd te mislukken. Bovendien zijn bij de verplaatsing van het IIIde Bataljon twee compagnies verloren gelopen.
Om 07u30 zijn beide bataljons volop betrokken in vuurgevechten met de vijand. De vijand maakt handig gebruik van de hoge graangewassen om de bataljons van het 29Li te omsingelen en in de rug en de flank aan te vallen. De compagnies van het Iste en IIIde Bataljon moeten terrein prijs geven en trekken zich al snel terug van Ursel. Bij de chaotische terugtocht worden talrijke Belgen gevangen genomen. De regimentsstaf met Kolonel Guillaume dreigt alleen achter te blijven. Rond het middaguur besluit Guillaume de aftocht te blazen, maar de toepen van de regimentsstaf vallen ten prooi aan een luchtaanval.
I/29Li
De ontplooiing van het I/29Li tijdens de nacht van 26 op 27 mei verloopt bijzonder moeizaam nu het bataljon is herleid tot vijf fuselierspelotons en drie mitrailleurspelotons. Majoor Hosdey heeft niet meer voldoende middelen om de baan van Ursel naar Eeklo op afdoende wijze te verdedigen en heeft geen contact met de nabijgelegen troepen. Rondom 08u00 worden de steunpunten overrompeld door de oprukkende vijand en plooit het bataljon terug richting Ursel. Alleen het meest noordelijke steunpunt onder leiding van Kapitein-commandant Marres kan op post blijven, maar wordt voorbijgestoken. De commandopost van het bataljon wordt eveneens aangevallen, waarbij Kapitein-commandant Peeters en secretaris Sergeant Eelke gedood worden. Majoor Hosdey kan nog net ontkomen en vervoegt het steunpunt van Kapitein-commandant Marres van waar een uitbraak naar de bevriende linies kan gerealiseerd worden.
II/29Li
Het IIde Bataljon wordt eveneens naar het noorden gestuurd om het bos ten even ten westen van Rijvers te gaan bezetten. De 11Div wil met deze actie de linies van het 14Li en het 20Li afdekken. Ook dit bataljon maakt al snel contact met de vijand. Vooral de 5de Compagnie is zwaar aangeslagen en verliest een belangrijk aantal manschappen die krijgsgevangen gemaakt worden.
Het Iste en IIIde bataljon trekken zich terug via de zuidrand van Knesselare, waar aansluiting gezocht wordt met het IIde en IVde bataljon. Ook de overige eenheden van de 11Div plooien terug in de richting van Knesselare. Via Sint-Joris en de zuidrand van Beernem gaat het vervolgens naar Nachtegaal waar het regiment toekomt vanaf 18u00. De Duitsers achtervolgen voorlopig niet en Guillaume maakt van de adempauze gebruik om zijn troepen te herschikken. De 5de Compagnie wordt toegevoegd aan de 1ste Compagnie, die eveneens zware verliezen heeft geleden voor Ursel.
In de loop van de avond krijgt Kolonel Guillaume te horen dat het regimentsvaandel moet ingeleverd worden op het Groot Hoofdkwartier aan de abdij van Sint-Andries.
III/29Li
Het IIIde Bataljon komt aan nabij de commandopost van het 22Li omstreeks 23u45 in de nacht van 26 op 27 mei. Van hieruit worden de eenheden begeleid door verbindingsofficieren van 22Li.
De 9Cie wordt geleid naar de bossen even ten oosten van het gehucht Konijn en volgt de bosweg in de richting van Ronselestraat. Na enige verwarring over de in te nemen posities, laat Kapitein-commandant Duvignaud zijn eenheid halt houden om de zaak te gaan uitklaren met behulp van Majoor Hosdey. Inmiddels is wel gebleken dat het Peloton Verkenners van Onderluitenant PIraprez in de buurt is om de opstelling van het III/29Li te helpen dekken. Wanneer enige tijd later de pelotons naar voor kunnen geroepen worden, stuit 9Cie vrijwel onmiddellijk op vijandelijk vuur. De 9Cie kan zijn posities dan ook niet naar behoren innemen en wordt in de richting van Konijn weggedrukt door de oprukkende Duitsers. Duvignaud verliest het contact met zijn troepen en heeft nog alleen het peloton van Onderluitenant Breughelmans en het Peloton Verkenners bij zich. Aan de zuidrand van het gehucht Konijn ontmoet Duvignaud opnieuw Kolonel Guillaume. Enige tijd nadien vlucht dit detachement weg via de baan naar Knesselare.
De 11Cie wordt begeleid door Luitenant Martens, officier-bevorrader van het II/22Li. Deze compagnie vordert vervolgens via het gehucht Konijn in de richting van Veldhoek met een kleine patrouille op kop, gevolgd door de pelotons van Onderluitenant de Brabandère, Adjudant KROLt Frère en Onderluitenant Behen. Na een mars van een goed uur, blijkt dat het peloton Behen niet meer achterop loopt. Tegen 03u00 wordt de bosrand op zo’n 500m ten zuiden van Veldhoek bereikt. De compagniecommandant stelt zijn troepen op met van noord naar zuid het peloton de Brabandère, de sectie mitrailleurs, het stafpeloton en het peloton Frère, en wacht vervolgens op de voor 03u45 geplande artilleriebarrage om de opmars verder te zetten. De beschieting start echter niet en de 11Cie bevindt zich rondom 06u00 nog steeds op dezelfde plek. Even na 06u15 vallen de troepen onder vuur en kort nadien wordt duidelijk dat de nabijgelegen bevriende eenheden niet op de afgesproken posities blijven. Onderluitenant de Brabandère wordt met zijn peloton en de sectie mitrailleurs teruggestuurd richting Ursel, gevolgd door een tweede detachement dat het stafpeloton en het peloton Frère omvat. Tegen 08u15 wordt contact gemaakt met Majoor Hosdey en zal de 11Cie de aftocht van het bataljon vervoegen.
![]()
De troepen vernemen het nieuws de capitulatie en blijven ter plekke.
![]()
Op 29 mei worden de soldaten van het 29Li te Nachtegaal ontwapend. Daags nadien wordt het regiment ook ontdaan van zijn paarden, fietsen en motorvoertuigen, met uitzondering van wat nodig is om de veldkeukens te verplaatsen. Op 1 juni start het 29Li aan de mars naar de krijgsgevangenschap. Omstreeks 10u00 zetten de eenheden zich op weg voor een bijzonder lange voetmars die hen naar Sleidinge zal brengen.
Op 2 juni 1940 rapporteert Kolonel Guillaume dat zijn regiment nog bestaat uit 4 hoofdofficieren, 52 lagere officieren, 164 onderofficieren en 971 manschappen.
Op 10 juni worden de manschappen, onderofficieren en reserveofficieren gedemobiliseerd. De beroepsofficieren worden afgevoerd naar de Duitse krijgsgevangenkampen.
![]()
| Eenheid | Naam | Voornaam | Foto | Graad | Stand | Klas | ° op | ° te | + op | + te | Nota |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 4/I | ABEELS | Ferdinand, Joseph | Sdt | Mil | 33 | 27.10.1913 | Mechelen-Bovelingen | 27.05.1940 | Ursel | ||
| 2/I | ALLAERTS | Felix | Sdt | Mil | 34 | 13.01.1914 | Leuven | 28.05.1940 | Evergem | ||
| 1/I | ARENS | Jules, L. | Sdt | Mil | 33 | 16.05.1912 | Anderlecht | 21.05.1940 | Montreuil-sur-Mer (F) | ||
| 15/IV | BANCKEN | Albert, Joseph Martin | Sdt | Mil | 35 | 07.09.1915 | Bree | 10.05.1940 | Leopoldsburg | Gesneuveld tijdens luchtbombardement kamp Beverlo | |
| 11/III | BENAETS | Ernest, Antoine | ![]() | Sdt | Mil | 33 | 09.12.1913 | Voort | 08.06.1940 | Gent | Overleden in hospitaal. Verwond 23.05 te Doornzele |
| 3/I | BOELEN | Nicolas, Lambert | ![]() | Sdt | Mil | 34 | 18.02.1913 | Rijkhoven | 20.05.1940 | De Panne | Overleden aan zijn verwondingen in hospitaal |
| 2/I | BOOGMANS | Frans, Constant | ![]() | Sdt | Mil | 29 | 31.01.1909 | Merchtem | 06.06.1940 | Gent | Overleden in hospitaal. Verwond op 23.05 te Terdonk |
| 4/I | COOLMAN | René, Arthur | Sgt | Mil | 32 | 17.09.1912 | Jette | 27.05.1940 | Knesselare | ||
| Staf | DE BREUCKER | Constant, Albert | Sdt | Mil | 35 | 16.03.1915 | Anderlecht | 27.05.1940 | Ursel | ||
| 3/I | DE COSTER | Jozef | Sdt | Mil | 34 | 29.10.1914 | Haacht | 07.06.1940 | Gent | Overleden in hospitaal. Verwond op 23/05 te Terdonk | |
| 12/III | DEBASSE | Felicien, Hyppolite Alphonse | Sdt | Mil | 33 | 30.11.1913 | Tongeren | 26.05.1940 | Ursel | ||
| 4/I | DELIEF | Joseph, Lambert | Sdt | Mil | 34 | 19.04.1914 | Mechelen-Bovelingen | 24.05.1940 | Doornzele | ||
| 10/III | DESAEGER | Frans | Sdt | Mil | 33 | 15.01.1913 | Machelen | 25.05.1940 | Ursel | ||
| Staf/I | EELKE | Emile, Octave Emmanuel | Sgt | Mil | 35 | 27.10.1914 | Sint-Jans-Molenbeek | 27.05.1940 | Ursel | ||
| 12/III | GOYENS | Lambert, Maria Jozef | Sdt | Mil | 34 | 27.04.1913 | Veulen | 27.05.1940 | Nieuwkerken-Waas | Gevangen genomen op 23/05 te Doornzele | |
| 2/I | GROOTAERS | Pieter | Sdt | Mil | 34 | 01.12.1914 | Tongeren | 02.06.1940 | Sint-Niklaas | ||
| 1/I | GYSBREGHTS | Jean, Pierre Philémon | OLt | Res | 34 | 16.03.1910 | Liège | 26.05.1940 | Oostwinkel | ||
| 10/III | HENDRICKX | Karel, Hendrik | Kpl | Mil | 34 | 13.11.1914 | Heverlee | 26.05.1940 | Oostwinkel | ||
| 4/I | HOFMANS | Felix, Albert | OLt | Res | 36 | 16.12.1917 | Sint-Pieters-Leeuw | 23.05.1940 | Eeklo | Overleden in veldlazaret. Verwond op 23.05 te Terdonk | |
| 7/II | HOUSEN | Alfons, Marie Victor | OLt | Res | 34 | 29.09.1913 | Welkenraedt | 08.06.1940 | Gent | ||
| Staf/III | HUQUE | Raymond, Louis Ghislain | Lt | Res | 32 | 16.06.1910 | Landenne-sur-Meuse | 27.05.1940 | Zomergem | ||
| 12/III | JACQUES | Charles, Joseph | Kpl | Mil | 34 | 21.05.1914 | Veulen | 26.05.1940 | Aalter | ||
| 8/II | JANSSENS | Lodewijk | ![]() | Sgt | Mil | 17.01.1913 | Humbeek | 27.05.1940 | Zomergem | ||
| Onbekend | JARRETIERE | Gaston, F. | Sdt | Mil | 14.07.1914 | Terbank-Heverlee | 26.05.1940 | Cassel (F) | Vermist | ||
| 4/I | JORISSEN | Lodewijk, Jozef | Sdt | Mil | 33 | 01.02.1913 | Vliermaalroot | 26.05.1940 | Ursel | ||
| 15/IV | L'HOYES | Joannes | Kpl | Mil | 31 | 10.04.1911 | Hasselt | 10.05.1940 | Leopoldsburg | Gesneuveld tijdens luchtbombardement kamp Beverlo | |
| Onbekend | LEMOINE | Emile, J. | Sdt | Mil | 31 | 23.11.1911 | Brussel | 26.05.1940 | Ursel | ||
| 2/I | LOYEN | Jean, Philippe | Sdt | Mil | 34 | 08.10.1914 | Tongeren | 11.05.1940 | Borgloon | Overleden in veldlazaret I/LK | |
| Onbekend | MASSONET | Albert, Jozef | ![]() | Sdt | Mil | 35 | 06.07.1915 | Borgloon | 08.06.1940 | Evergem | |
| 3/I | MELSENS | Eliscus, Jozef | Sdt | Mil | 39 | 13.09.1919 | Kortrijk | 23.05.1940 | Gent | ||
| Staf | MENSCHAERT | Maurits, Frans | Lt | Res | 20.01.1908 | Woubrechtegem | 29.11.1939 | Ougrée | Neergeschoten door Soldaat Jean Porton | ||
| Staf/III | MINGUET | René, Joseph François | Lt | Res | 28 | 19.12.1908 | Sint-Martens-Voeren | 27.05.1940 | Ursel | ||
| 3/I | MOERS | Louis, Joseph | Sdt | Mil | 39 | 15.12.1919 | Landen | 23.05.1940 | Terdonk | Gedood door artillerievuur nabij brug Terdonk | |
| 9/III | MOLDENAERS | Gustaaf, Geprges | Sdt | Mil | 33 | 19.07.1913 | Zaventem | 27.05.1940 | Ursel | ||
| Onbekend | NOBEN | Emiel, Ferdinand | ![]() | Sdt | Mil | 16.06.1913 | Hoelbeek | 07.06.1940 | Willemstad (NL) | Krijgsgevangene op Rhenus 127 op 30.05 | |
| 12/III | OYEN | Frans, Albert | Sdt | Mil | 35 | 19.02.1915 | Eksel | 27.05.1940 | Torhout | Overleden in militair hospitaal | |
| 13/IV | PEETERS | Louis, Alphonse Richard | ![]() | Cdt | Act | 24/11/1895 | Schaffen | 27.05.1940 | Ursel | ||
| Onbekend | PLATTEBORZE | Célestin, Julien | Sdt | Mil | 34 | 23.08.1914 | Sterrebeek | 28.05.1940 | Evergem | ||
| Onbekend | POLLENUS | Emiel, Justin Sébastien | Sdt | Mil | 34 | 07.06.1914 | Niel-bij-Sint-Truiden | 06.06.1940 | Gent | ||
| Onbekend | PURNELLE | Louis, Nestor Ghislain | Kpl | Mil | 29 | 19.02.1909 | Zétrud-Lumay | 08.06.1940 | Pont-Sainte-Maxence (F) | ||
| 2/I | ROELANTS | Jozef, Theodoor | Sgt | Mil | 34 | 27.06.1914 | Lier | 23.05.1940 | Gent | ||
| 2/I | SCHREVENS | Julien, Ferdinand J. | Kpl | Mil | 33 | 11.08.1913 | Sint-Gillis | 08.06.1940 | Evergem | ||
| Onbekend | SEGERS | Jerome | Sdt | Mil | 27 | 05.01.1907 | Denderwindeke | 26.05.1940 | Bellem | ||
| 3/I | SIEBENS | Albert, Jozef | Sdt | Mil | 35 | 20.06.1915 | Londerzeel | 11.05.1940 | Gent | ||
| Staf/Cie Med | SMOLDER | Pierre, Joseph Casimir | Sdt | Mil | 39 | 04.10.1919 | Paal | 27.05.1940 | Sint-Andries | Overleden in hospitaal Adbij Zevenkerken | |
| Onbekend | SOMERS | Michel, Adrien | Sdt | Mil | 33 | 31.07.1913 | Etterbeek | 13.07.1940 | Wien (A) | ||
| 12/III | STOUTEN | Joseph, Libert | OLt | Res | 26.01.1912 | Ieper | 28.05.1940 | Gent | Gevangen genomen op 23/5 te Doornzele | ||
| Onbekend | STROOBANTS | Frans | Sdt | Mil | 39 | 23.01.1920 | Herent | 23.05.1940 | Gent | ||
| 2/I | VAN CASTEREN | Pierre, Joseph | 1Sgt | WDieN | 07.11.1911 | Antwerpen | 08.06.1940 | Evergem | |||
| 14/IV | VAN DER EECKEN | Gustaaf, Etienne | Sgt | Mil | 40 | 04.11.1920 | Gent | 06.06.1940 | Brugge | ||
| 11/III | VAN GEEL | Leopold | ![]() | Sdt | Mil | 35 | 23.02.1914 | Sint-Truiden | 09.06.1940 | Willemstad (NL) | Krijgsgevangene op Rhenus 127 op 30.05 |
| Onbekend | VAN RATINGEN | Leonard, Albert | Sdt | Mil | 35 | 03.04.1915 | Neeroeteren | 26.05.1940 | Sleidinge | ||
| 1/I | VANDER RASIEREN | Maurits, J. | Sdt | Mil | 13.09.1914 | Eine | 24.05.1940 | Gent | |||
| 4/I | VANSCHOENWINKEL | Urbain | Sdt | Mil | 35 | 25.10.1915 | Wellen | 08.06.1940 | Gent | ||
| 11/III | VANWIJNGAERDEN | Nicolas | ![]() | Kpl | Mil | 34 | 07.10.1914 | Leuven | 27.05.1940 | Ursel | |
| 1/I | VRANCKX | Désiré, Léopold Maurice | Kpl | Mil | 33 | 22.12.1913 | Kanne | 23.05.1940 | Gent | ||
| 10/III | WITTEMANS | Michaël, Isidoor | Sdt | Mil | 34 | 09.06.1914 | Holsbeek | 26.05.1940 | Oostwinkel |
![]()
- Beschrijving moord op Luitenant Maurits Menschaert en processen van Soldaat Jean Porton: http://www.belgicapress.be [Laatst geraadpleegd: 22 februari 2023].
- Dossier 29ste Linieregiment, Sectie Classified Archives, Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid, Ministerie van Defensie.
- Van Opstal W., 2012, De Duitse Luchtaanval op het Kamp van Beverlo op 10 mei 1940, Tijdschrift van het museum van het Kamp van Beverlo.
- Detailbeschrijving van de K.W. Stelling [on line beschikbaar]: https://www.rld.be/projecten/kw-linie [Laatst geraadpleegd: 24 september 2016].
- Persoonlijk dossier Soldaat milicien Louis Moers, stamnummer 114/44872, fuselier bij de 3Cie van I/29Li. Hij kwam om op 23 mei 1940 bij een artilleriebeschieting nabij de brug van Terdonk over het Kanaal Gent – Terneuzen. Zijn lichaam werd pas gevonden langs het kanaal op 18 juni 1940. Verklaring betreffende de omstandigheden van zijn overlijden afgelegd door OLt Vloebergh.
- Dagboek Kapitein-commandant Henri Duvigneaud.









