Peloton Telegrafisten van het Groot Hoofdkwartier

Situatie op 10 mei 1940

Reglementaire benaming Peloton Telegrafisten van het Groot Hoofdkwartier
Peloton de Télégraphistes du Grand Quartier Géneral
Type Verbindingseenheid
Ontdubbeld van Regiment Transmissietroepen
Onderdeel van Groot Hoofdkwartier
Bevelhebber Luitenant Antoine
Standplaats Pasbrug
Samenstelling  

Tijdens de mobilisatie

Het Bataljon Telegrafisten van het Regiment Transmissietroepen van het Leger beschikt over een peloton dat permanent bij het Groot Hoofdkwartier (GHK) afgedeeld is.  Het peloton is administratief aangehecht bij de 1ste Compagnie maar wordt geheel onafhankelijk ingezet.

Dit peloton wordt pas op 30 september 1939 samengesteld in het gehucht De Mot te Eppegem.  Twee officieren leiden een tachtigtal manschappen die verdeeld zijn over drie ploegen lijnleggers en verschillende equipes centralisten, telegrafisten, telefonisten en chauffeurs.  Op datum van de mobilisatie zijn Luitenant Tijtgat en Sergeant Denys de enige twee actieve militairen.  De overige kaderleden zijn de Sergeanten Duprez, Ghesquire, De Guide, Menue, Moyen, Ruttens en Roggeman en de Korporaals Bochet, De Cat, De Douder, Geniesse, Malengre, Vervangen, Vienne en Vlassenroot.  De eenheid is tweetalig.

Op 19 oktober is de mobilisatie afgerond en verhuist het peloton naar Vilvoorde waar het ingekwartierd wordt in de oude kapel van het tuchthuis (in de volksmond “de korrektie”).  De meeste tijd wordt besteed aan de opleiding van de reservisten.  Op 18 november vertrekt Sergeant De Guide en komt Sergeant Askani aan.  Korte tijd later wordt Sergeant Menue aangesteld tot 1ste Sergeant.

Op 18 december 1939 wordt het peloton overgeplaatst naar Pasbrug nabij Mechelen om te gaan helpen bij de uitbouw van het militaire telefoonnetwerk van de K.W. Stelling.  Het peloton wordt ingezet in kleine groepjes langsheen de volle lengte van de K.W. Stelling.  Te Vilvoorde blijft een achterwacht.  Op 26 december wordt Korporaal Bouchet bevorderd tot Sergeant.

Bij het algemeen legeralarm van 14 januari wordt het peloton opgetrommeld om de telefooncentrale van het Groot Hoofdkwartier te installeren in Kortenberg.  Tot een ontplooiing van het GHK zal het evenwel niet komen.  De installatiewerken worden stopgezet op 15 januari om 13u00.  Het peloton keert terug naar Pasbrug.

Luitenant Tijtgat verlaat de eenheid op 16 januari en het peloton blijft een tijdje zonder commandant.  Op 23 januari arriveert Luitenant Antoine die tot dan toe instructeur was bij de Transmissietroepen te Vilvoorde.

Eveneens vanaf 23 januari 1940 start het peloton met het aanleggen van de interne telefoonlijnen op de geplande oorlogslocaties van het Groot Hoofdkwartier: de forten van Breendonk, Liezele en Bornem, de schansen van Letterheide en Puurs en ook de kazerne te Dendermonde. Deze zes locaties moeten onderling verbonden worden door een militaire telefoonkabel voor 40 lijnen.  Dit alles wordt gezamenlijk op het burgernet aangesloten met een hoofdkabel voor 96 lijnen en diverse verbindingen naar lokale civiele centrales in de buurt als back-up. De militaire telefoonkabels dienen ondergronds aangelegd te worden. Hiervoor wordt het peloton versterkt met een compagnie van het 4de Bataljon Genie (4Gn), de 9Cie en de 10Cie compagnies van de 2de Groepering Hulptroepen van het Leger en een benzinecompressor met bijhorende drilboor en personeel van het 24Gn.  Door een tekort aan materieel kan de installatie slechts voltooid worden door het gebruik van de volledige dotatie reservematerieel van het peloton.  Bovendien heeft het peloton ook twee detachementen moeten afstaan om in het fort van Liezele en het fort van Bornem aan de verlichting te gaan werken en twee stroomgeneratoren te installeren.  Vanaf midden februari komt Kapitein-commandant Ducq tijdelijk over van het 23ste Bataljon Transmissietroepen om de werkzaamheden te coördineren.  De harde winter van 1940 bezorgt de manschappen heel wat problemen.  Zo moet er vanaf de Dendermondsesteenweg tot aan het Fort van Breendonk een greppel van 1m diepte gegraven worden door de bevroren ondergrond voor de hoofdkabel.

Als hoofdstandplaats van het Groot Hoofdkwartier vormt het fort van Breendonk het knooppunt met een telefooncentrale die 210 abonnees kan verwerken. De forten van Liezele en Bornem krijgen een telefooncentrale voor 100 gebruikers, terwijl Letterheide, Puurs en Dendermonde elk een centrale voor 60 gebruikers krijgen. Dit geheel wordt samen aangeduid met de codenaam “Centrale X1″. Aan de vooravond van de oorlog beschikt het Groot Hoofdkwartier alzo over een uitgebreid telefoonnet dat echter geen enkele flexibiliteit biedt en geheel statisch is. 

Begin april vertrekt Kapitein-commandant Ducq opnieuw.  Het peloton wordt ook omgevormd naar een volledig Franstalige eenheid, maar toch kiezen heel wat Vlamingen ervoor om niet overgeplaatst te worden.  Er wordt ook een plan opgemaakt om het peloton uit te bouwen tot een volledige compagnie die ook de elektriciteitsvoorziening van de forten moet verzorgen, maar dit plan zal niet uitgevoerd worden.

Het peloton wordt rondom middernacht gealarmeerd en vertrekt onmiddellijk naar het Fort van Breendonk en zijn satellietlocaties.  Tegen 06u00 is de volledige Centrale X1 operationeel en draait het telefoonnet van het GHK op volle capaciteit.

Luitenant Antoine vertrekt samen met twee stafofficieren van de 1ste Afdeling (Operaties) en van het Commando van de Overseiningstroepen naar Wetteren en Gent om mogelijke locaties voor het Groot Hoofdkwartier te gaan verkennen.  Uiteindelijk wordt het tehuis Sint-Camillus te Sint-Denijs-Westrem uitgekozen als hoofdstandplaats.

Om het peloton niet zonder leider achter te laten, wordt Luitenant Tijtgat teruggeroepen.  Tevens worden een vijftiental manschappen overgeplaatst van het Bataljon Telegrafisten van het Regiment Transmissietroepen van het Leger.  De ploegen worden herschikt om toe te talen het peloton in twee echelons te splitsen.

Het Hughes telegraafsysteem liet toe om zonder kennis van morsecode telegraafberichten te versturen en te ontvangen.

Het Hughes telegraafsysteem liet toe om zonder kennis van morsecode telegraafberichten te versturen en te ontvangen.

Op het Fort van Breendonk installeert het peloton twee Hughes telegraafsystemen.  Deze toestellen laten toe om telegraafberichten te versturen zonder bijzondere kennis van morsecode, met een combinatie van een toetsenbord en een printer.

De installatieploeg vertrekt naar Sint-Denijs-Westrem terwijl het tweede echelon van het peloton de Centrale X1 verder blijft bedienen.

De nieuwe centrale voor het Groot Hoofdkwartier zal aangeduid worden met de benaming Centrale X2.  Het peloton heeft echter al zijn materiaal nog steeds in gebruik voor Centrale X1 zodat er geïmproviseerd dient te worden.  Tijdens de nacht van 15 op 16 mei zal dan ook de telefooncentrale van de Leeuwenkazerne in Tervuren uitgebouwd worden.  Deze centrale heeft aansluitingen voor 200 abonnees en is dan wel groot genoeg, maar moet toch aangepast worden alvorens ze te Sint-Denijs-Westrem kan gebruikt worden.

Op 16 mei komt onverwachts het bevel van het geallieerd opperbevel (Franse generaal Bilotte) om verder westwaarts te trekken. Zonder dat men de K.W. Stelling ten volle verdedigd heeft, moet deze worden prijsgegeven. Het Duitse leger wist immers in het zuiden een doorbraak te forceren in de streek van Sedan, terwijl in het noorden Nederland zich heeft overgegeven. Het veldleger zal aan het eind van de dag de K.W. Stelling ontruimen en zich terugplooien op de lijn Terneuzen-Gent-Oudenaarde. De aftocht zal in drie nachtelijke etappes afgelegd worden waarbij men aan het Kanaal van Willebroek en aan de Dender en de Schelde telkens een vertragingsmanoeuvre zal uitvoeren zodat de terugtocht kan plaatsvinden op een zo veilig mogelijke manier.

Het Groot Hoofdkwartier start met de terugtocht naar Sint-Denijs-Westrem, maar zal ook operationeel blijven in het Fort van Breendonk tot de ochtend van 17 mei en zal daarna een achterwacht behouden tot 18 mei.  Het peloton start met de demontage van de grote telefooncentrales en vervangt deze door een hele reeks kleinere veldcentrales om het telefoonnet operationeel te houden.  Alles wat niet transporteerbaar is, zal ter plekke vernield worden.

Tegen 08u00 is het telefoonnet van het Fort van Breendonk herleid tot een enkele militaire telefooncentrale.  Deze wordt losgekoppeld om 12u00 door de ploeg van Sergeant Moyen.  De rest van het peloton bevindt zich ondertussen te Sint-Denijs-Westrem.  In de vroege namiddag is de eenheid alweer volledig.

Het 1ste echelon van het peloton vertrekt naar Sint-Andries nabij Brugge om de volgende locatie voor het GHK voor te bereiden.  Het kasteel Kervyn de Lettenhove te Sint-Andries wordt hierbij de hoofdlocatie.  De verschillende echelons van het GHK zullen in de loop van de namiddag en avond verhuizen.  Het Commando van de Transmissietroepen wordt geïnstalleerd in een woning aan de Gistelsesteenweg.  Eveneens aan deze steenweg, maar dan in het kasteel Steentien van de familie Dauticourt, wordt de officiersmess van het GHK ingericht.  Het Commando van de Artillerie en het Commando van de Genie vinden onderdak in het klooster van de Witte Paters in het naburige Varsenare.  Het Commando van de Luchtverdediging van het Grondgebied verblijft eveneens te Varsenare, in een woning aan de Zeeweg.  Koning Leopold III zal overnachten in het kasteel Wit Huis van de familie van baron Carl van Caloen te Loppem.

De nieuwe telefooninstallatie krijgt de benaming Centrale X3.  Deze zal uitgebouwd worden met behulp van de nog draaiende automatische telefooncentrale van Brugge, zodat slechts een enkele militaire centrale met 60 abonnees zal volstaan.  De rest van het zware materiaal van het peloton kan dan ook gespaard worden voor een broodnodige onderhoudsbeurt.  Daarnaast gaat het peloton ook op zoek naar civiel telefoonmateriaal dat kan opgeëist worden.

Het GHK is nu volledig operationeel op het kasteel Kervyn de Lettenhove te Sint-Andries nabij Brugge.

Het peloton wordt omgevormd tot een volledige compagnie met behulp van de militairen van de Compagnie Transmissietroepen van de Versterkte Positie Luik.  Kapitein Gerard die deze eenheid leidt, wordt ook de nieuwe bevelhebber van de Compagnie Telegrafisten van het Groot Hoofdkwartier.  Dit betekent dat de eenheid niet alleen in aantal groeit, maar ook heel wat materiaal en voertuigen rijker wordt en bovendien nu ook over een eigen veldkeuken kan beschikken.  De nieuwe compagnie kan nu geheel zelfstandig opereren.

Stafchef luitenant-generaal Michiels spreekt nog steeds van een mogelijke overplaatsing van het GHK. Hij wenst nu dat de legertop naar Diksmuide zou vertrekken en de koning zich te De Panne zou installeren.  De compagnie stuurt een detachement naar Diksmuide om hier een eerste telefooncentrale te installeren.  Deze werken zijn tegen 18u00 voltooid.

Het plan om te verhuizen naar Diksmuide wordt echter afgeblazen, te meer door de onterechte melding van Duitse pantsertroepen in De Moeren.

Vanaf 24 mei overnacht Koning Leopold III op het kasteel van Wijnendale zodat ook deze locatie aangesloten wordt op Centrale X3.

Het GHK overweegt nog een allerlaatste verhuis naar Middelkerke.  De compagnie stuurt een ploeg uit om de installatie van Centrale X4 te starten.  Deze werken worden echter afgeblazen in de nacht van 27 op 28 mei, wanneer duidelijk wordt dat het Belgische leger ‘s anderendaags de strijd zal staken.

Na de bevestiging van de capitulatie verzamelen de ploegen die op het terrein waren aan het casino van Middelkerke.  In de namiddag keert iedereen terug naar Sint-Andries.

Na de capitulatie

Samen met een eerste grote groep personeel van het GHK vertrekt de compagnie naar Deurle aan de Leie.  Hier zullen de militairen verblijven tot 5 juni.

Op 5 juni trekt dezelfde groep verder naar het Sint-Michielscollege te Brasschaat waar de officieren van de troep gescheiden worden.  Deze laatsten worden in het Fort van Merksem gedemobiliseerd.

Slachtoffers

Geen slachtoffers gekend.

Bibliografie en Bronnen

  1. Dossier Groot Hoofdkwartier, Sectie Classified Archives, Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid, Ministerie van Defensie.