Regiment Spoorwegtroepen

Situatie op 10 mei 1940

Type Genie-eenheid
Ontdubbeld van Bataljon Spoorwegtroepen van het 3de Regiment Genie
Onderdeel van 3/I (2 pelotons), 8/II (2 pelotons), 10/III, 15/III: 4de Directie van de Genie en de Versterkingen
Staf en alle andere eenheden: Directie van het Vervoer bij het Leger
Bevelhebber Kolonel SBH Edmond Duhuy
Adjudant-Majoor Kapitein-commandant Camille Van Remoortele
Standplaats Staf: Kazerne 5-6, Borgerhout (Antwerpen)
Diverse detachementen op andere locaties
Samenstelling Staf (Majoor Gaston Antoine)
  Iste Bataljon (Majoor E. Flamion) Staf
    1ste Compagnie Werkplaatsen (Lt Daniel Moors)
    2de Compagnie Specialisten (Cdt Jean Hulsmans)
    3de Compagnie Smalspoor 0,6m (Kapt Jules Van De Steen)
    4de Compagnie Buurtspoor (Cdt Marcel Humblé)
  IIde Bataljon (Majoor Désiré Gust) Staf
    5de Compagnie Spoor en Werken (Lt G. Schepers)
    6de Compagnie Spoor en Werken (Cdt G. Delporte)
    7de Compagnie Spoor en Werken (Lt G. Bauduin)
    8ste Compagnie Exploitatie, Tractie en Materieel (Cdt Otto Cleda)
    9de Compagnie Spoorbruggen (Cdt Olivier Desy)
  IIIde Bataljon (Majoor Gilbert Paquet) Staf
    10de Compagnie Tractie en Materieel (Cdt L. Vandeweghe)
    11de Compagnie Exploitatie (Cdt Marcel Coosemans)
    12de Compagnie Exploitatie (Cdt M. Bovijn)
    13de Compagnie Spoor en Werken (Lt Alfred Jacops)
    14de Compagnie Spoor en Werken (Cdt Daniel Lagrange)
    15de Compagnie Kunstwerken (Kapt Arthur Pirard)
    16de Compagnie Veiligheidsapparatuur en Verbinding (Lt J. Van Den Kerkhof)
  Compagie Park (Kapitein-commandant Joseph Regnier)

Tijdens de mobilisatie

Staf/SpT
Sinds de vroege jaren ’20 waren de spoorwegtroepen gevestigd in de Kapitein-commandant Bauwin Kazerne te Hoogboom nabij Kapellen en Kazerne 5-6 van de oude stadswallen te Borgerhout. Met de Cdt Bauwin Kazerne beschikten deze specialisten van onze genie over uitgebreide oefenmogelijkheden op een eigen spoornetwerk dat verbonden was met het burgerspoornet. In vredestijd had de eenheid de grootte van een bataljon. De spoorwegtroepen werden in september 1939 gemobiliseerd op hun vaste standplaatsen te Hoogboom en Borgerhout. Bij de mobilisatie in september 1939 groeide het bataljon spoorwegtroepen uit tot een regiment met drie bataljons.  Tegen 10 mei 1940 zou dit regiment maar liefst 6.500 militairen tellen.  Een vierde bataljon werd in het voorjaar van 1940 aangehecht bij het Versterkings- en Opleidingscentrum van de Genie (VOC Gn).

Naast een groot personeelsbestand heeft het regiment aan de vooravond van de Duitse aanval ook een wagenpark van 71 motorfietsen, 25 personenwagens en bestelwagens, 54 vrachtwagens en 24 trekkers met aanhangwagen.  Niet alle militairen zijn bewapend en er zijn in totaal 1.090 geweren Mauser M1889 en 115 pistolen Browning M1900.

De opdrachten van het regiment zijn erg uiteenlopend en kunnen samengevat worden als opdrachten met betrekking tot de mobiliteit en de contra-mobiliteit voor wat het spoorverkeer betreft.  Het bijzondere aan het Regiment Spoorwegtroepen is dat er tijdens de mobilisatie heel wat kleine detachementen uitgestuurd werden om de technische wacht te verzorgen bij hele reeks vernielingen zowel in het noorden als ook het zuiden van het land.  Deze detachementen beschikten alle over eigen transportmiddelen en waren permanent ingekwartierd nabij hun opdrachten.  Eind maart 1940 had het regiment de volgende ploegen op het terrein:

Locatie Vernielingsgroep Bevelhebber Detachement
Arendonk Groep XV, vernielingen 53 en 54 Luitenant Dubois 37 militairen van 5/II
Ravels en Turnhout Groep XVI, vernielingen 55 en 56 Kapitein-commandant Marcel Humblé 43 militairen van 5/II
Turnhout Groep Tu, vernielingen 57 en Tu/f1 Onderluitenant Prisse 32 militairen van 5/II
Mol Groep ME.A, vernielingen 24bis, 25bis en 27bis Onderluitenant Dries 50 militairen van 1/i
Mol Groep ME.3, vernielingen 22bis en 23bis Onderluitenant Van Horenbeek 32 militairen van 1/I
Geel Groep ME.2, vernielingen 18bis, 19 bis, 20bis en 21bis Onderluitenant Verplancke 29 militairen van 9/II
Olen Groep ME.1, vernielingen 16bis en 17bis Onderluitenant Calluwaert 17 militairen van 9/II
Herentals Groep Hrt, vernieling Hrt/f2 Onderluitenant Calluwaert 5 militairen van 9/II
Herentals Groep Al.5bis, vernielingen 14bis en 15bis Onderluitenant Leveque 17 militairen van 9/II
Herentals en Grobbendonk Groep Hrt, overstromingen Hrt/In Onderluitenant Smoes 70 militairen van 9/II
Turnhout Vernieling spoorlijn 29 Turnhout-Herentals Luitenant Nachtergal 34 militairen van 5/II
Neerpelt Vernieling spoorlijn 18 Neerpelt-Houthalen-Hasselt Onderluitenant Pirson 32 militairen van 5/II
Eigenbilzen Vernieling spoorlijn 20 Eigenbilzen-Hasselt Onderluitenant Raes 33 militairen van 5/II
Battice Vernieling spoorlijn 38 Battice-Chênée Onderluitenant Blanjean 40 militairen van 5/II
Remouchamps Vernieling spoorlijn 42 Remouchamps-Martinrive Onderluitenant Strubbe 36 militairen van 5/II
Bastogne Vernieling spoorlijn 163 Bastogne-Morhet Onderluitenant Preaux 36 militairen van 5/II
Stockem Vernieling spoorlijn 162  Marbehan-Hamipre Onderluitenant Trenteseau 40 militairen van 6/II
Jemelle Vernieling spoorlijn 162 Jemelle-Grupont Onderluitenant Hardries 40 militairen van 6/II
Bertrix Vernieling spoorlijn 165 Saint-Medard-Bertrix Onderluitenant Splingard 41 militairen van 6/II
Jemelle Vernieling spoorlijn 162 Jemelle-Marloie Onderluitenant Demilie 42 militairen van 7/II

I/SpT
Aan de vooravond van de Duitse aanval bevindt de staf van het Iste Bataljon zich in de gebouwen van de Kazerne 5-6 van de Antwerpse omwalling te Borgerhout.  Ook de 1ste Compagnie en 2de Compagnie zijn ingekwartierd in deze kazerne.  De 3de Compagnie heeft twee pelotons die afgedeeld zijn bij de 4de Directie van de Genie en de Versterkingen en vanuit Rixensart meehelpen bij de constructie van het zuidelijke deel van de K.W. Stelling.  Het derde peloton van de 3de Compagnie is in het Kamp van Beverlo verantwoordelijk voor het smalspoornet.  De 4de Compagnie is te Wilrijk ingekwartierd en werkt aan de spooraansluiting van Fort 6.

II/SpT
Bij het IIde Bataljon zijn de staf en de 5de Compagnie ondergebracht in de kazerne van de spoorwegtroepen te Hoogboom.  De 5de Compagnie is verantwoordelijk voor de instandhouding van het baanvak Kapellen-Hoogboom van de militaire spoorlijn.   De 6de Compagnie bevindt zich te Brugge en bouwt aan een spooraansluiting voor het Magazijn voor Brandstoffen en Smeerstoffen aan het Nijverheidsdok.  De 7de Compagnie is te Eeklo en is verantwoordelijk voor de spoorinstallatie van het grote munitiedepot op “Het Leen”.  De 8ste Compagnie behoudt een peloton te Hoogboom, maar is verder eveneens afgedeeld bij de 4de Directie van de Genie en de Versterkingen en is te Perwez ingekwartierd.  De 9de Compagnie tenslotte is te Borgerhout en wordt stand-by gehouden.

III/SpT
Bij de oprichting van het IIIde Bataljon Spoorwegtroepen (III/SpT) in Hoogboom worden 611 soldaten en 12 officieren ingekwartierd bij verschillende particulieren in de Hoogboomsesteenweg, de Jagersdreef en de zusterschool.  Aan de vooravond van de inval bevinden de bataljonstaf, 11de, 12de, 13de, 14de en 16de Compagnie zich alle te Antwerpen.  De 10de Compagnie en 15de Compagnie zijn ook afgedeeld bij de 4de Directie van de Genie en de Versterkingen en kantonneren te Roux-Miroir en Mont-Saint-Guibert.

Compagnie Park
Tenslotte hebben de spoorwegtroepen een Compagnie Park die samen met de Technische Dienst der Spoorwegtroepen te Oostende ingekwartierd is.

Kolonel SBH Edmond Duhuy.

Staf/SpT
De staf van het regiment spoorwegtroepe wordt gealarmeerd door de Provinciestaf van Antwerpen om 00u50.

De staf verneemt van de Directie van het Vervoer bij het Leger dat het regiment 4 treinstellen met voldoende goederenwagons voor het transport van 720m spoorrails en een spoorwissel zal toegewezen krijgen.   Deze treinstellen zullen gebruikt worden om grote herstellingen aan het spoor uit te voeren.  Tevens krijgt de compagnie park een spoorkraan met een draagvermogen van 35 ton van de NMBS, alsook een grote hoeveelheid materialen.

Om 15u00 wordt overleg gepleegd op de staf van de directie over de verdere inzet van het regiment.  Kolonel Dehuy laat zich vergezellen door Majoor Flamion en Adjudant 1ste Klas Van Laer.  In samenspraak met de NMBS wordt besloten om het Iste Bataljon te Borgerhout te laten, het IIde Bataljon tussen Brussel en Mechelen te plaatsen en het IIIde Bataljon tussen Brussel en Gent.  De hoofdtaak van het IIde en het IIIde Bataljon wordt het verzekeren van de inzetbaarheid van deze twee vitale spoorassen.  Te Aalst en te Schaarbeek zullen de treinstellen met materialen en voorraden voor reparaties aan het spoor geplaatst worden.  Kolonel Duhuy vraagt tevens aan de NMBS om 7 schoefmachines voor railschroeven, 1 elektrogeengroep en 32 draisines voor de herstellingsploegen.

Doorheen de eerste oorlogsdag zullen de eerste vernielingsgroepen doorheen het noorden en het zuiden van het land de hun toegewezen vernielingen uitvoeren.  Het gaat hier om de detachementen van de Onderluitenanten Prisse, Preaux, Trenteseau, Splingard en Hardies.  Deze detachementen keren alle terug naar hun compagnies.  Omdat de hen toegewezen vrachtwagens en fietsen niet tot de organieke uitrusting van het regiment behoren, vraagt de 2de Militaire Circonscriptie om de voertuigen weer in te leveren bij de militaire opeisingscommissies. 

I/SpT

  • Staf/I/SpT
    De staf van het Iste Bataljon (I/SpT) bevindt zich in de gebouwen van de Kazerne 5-6 van de Antwerpse omwalling te Borgerhout.
  • 1/I/SpT, 2/I/SpT
    De eerste twee compagnies blijven te Borgerhout, met uitzondering van een detachement van 33 militairen van de 1Cie dat naar het 1ste Legerdepot te Dendermonde uitgestuurd wordt met als opdracht om universele kolomaffuiten voor luchtafweermitrailleurs te installeren in 48 open goederenwagons. 
  • Detachement Kamp van Beverlo, 3/I/SpT
    De 3de Compagnie Smalspoor (3/I/SpT) is opgesplitst in twee detachementen. De eerste twee pelotons worden ingezet als arbeiders voor het aanleggen van anti-tankversperringen aan de K.W. Stelling en is ingekwartierd te Rixensart. Het derde peloton omvat naast enkele miliciens alle wederdienstnemers van de compagnie en heeft zijn standplaats in het Kamp van Beverlo te Leopoldsburg waar de manschappen het Decauville-smalspoornet uitbaten. Dit peloton krijgt om 03u30 het bevel om het kamp te ontruimen. Eigen transportmiddelen zijn er niet en er worden 16 vrachtwagens aangevraagd bij het detachement van het transportkorps om het spoormaterieel op te laden. Het peloton ontvangt slechts één voertuig en dient dan ook heel wat uitrusting achter te laten. Luitenant Jeunehomme blijft achter met een vernielingsploeg om enkele gebouwen en ook het Decauville-smalspoornet van het kamp van Beverlo onbruikbaar te maken. De rest van het peloton trekt rond 08u00 door Beringen, vervoegt de colonne van het 14de Linieregiment en bereikt tegen het middaguur het dorp Linkhout. De manschappen die over een eigen fiets beschikken worden naar Diest gestuurd. De overigen hopen een trein naar Leuven te kunnen nemen, maar blijven ontgoocheld achter wanneer vernomen wordt dat de lijn gebombardeerd is. Kapitein Van De Steen doet auto-stop naar Leuven waar hij te horen krijgt dat de ganse compagnie in Antwerpen moet verzamelen. Onderluitenant Blanjean staat in voor de vernieling van de spoorlijn van Battice naar Chênée.
  • Detachement Luitenant Poullier, 3/I/SpT
    Luitenant Poullier bevindt zich met de twee overige pelotons van de 3de Compagnie te Rixensart.  Samen is dit een 100-tal manschappen.  Op de eerste oorlogsdag worden 331 tetraëders en 1 Cointet-element geschilderd en 267 tetraëders en 157 verticaal geplaatste spoorstaven gecamoufleerd.
  • 4/I/SpT
    De 4Cie werkt verder aan de spooraansluiting van Fort 6.

II/SpT

  • Staf/II/SpT
    De staf van het IIde Bataljon (II/SpT) bevindt zich eveneens in de Kazerne 5-6 te Borgerhout.  In de late namiddag krijgt de staf het bevel om te Weerde en Vilvoorde op zoek te gaan naar nieuwe kantonnementsplaatsen voor het bataljon.
  • 5/II/SpT
    De 5de Compagnie verzamelt in de kazerne te Hoogboom. De compagnie verlaat nog de zelfde dag samen met het IVde Bataljon Spoorwegtroepen van het VOC/Gn de kazerne. Terwijl het IVde Bataljon naar Grembergen zal vertrekken, neemt de 5de Compagnie zijn oorlogskantonnement in Kasteel Oude-Gracht te Hoogboom in.
  • 6/II/SpT
    De 6Cie blijft te Brugge en werkt verder aan het spoor naar het Magazijn voor Brandstoffen en Smeerstoffen in de haven van Brugge.
  • 7/II/SpT
    In het munitiedepot van Eeklo werkt de compagnie de spooraansluiting verder af.  Er worden onder meer betonneringswerken aan de laad- en loskade uitgevoerd.
  • 8/II/SpT
    De staf van de compagnie en twee van de pelotons bevinden aan het zuidelijke uiteinde van de K.W. Stelling Luitenant Debuisson en zijn peloton zijn die ochtend als arbeiders afgedeeld te Perwez waar nog steeds obstakels en Cointet anti-tankhekkens van het verlengde van de K.W. Stelling opgesteld worden. Omstreeks 05u00 wordt hier een vijandelijke luchtlanding gemeld. Een piket van een dertigtal manschappen vertrekt maar kan niemand vinden. Uiteindelijk wordt een aantal aan parachutes uitgeworpen stropoppen ontdekt. Vanaf 13u00 worden alle doorgangspoorten op de K.W. Stelling die niet op door het leger gebruikte wegen liggen, gesloten voor alle verkeer. Het peloton kantonneert te Perwez.
  • Detachement Hoogboom, 8/II/SpT
    Luitenant Stenuit is met een detachement aanwezig in de kazerne van Hoogboom.  Dit detachement verzorgt de exploitatie van de militaire spoorlijn.
  • 9/II/SpT
    De 9Cie is zonder opdracht te Borgerhout.

III/SpT

  • Staf/III/SpT
    In de late namiddag krijgt de staf het bevel om te Aalst en Denderleeuw op zoek te gaan naar nieuwe kantonnementsplaatsen voor het bataljon.
  • 10/III3SpT
    De 10Cie voert werken uit aan de K.W. Stelling vanuit Roux-Miroir.
  • 13/III/SpT
    Luitenant Jacops opent zijn velddagboek in de Luchtbalkazerne aan de noordrand van Antwerpen. Zijn compagnie telt die ochtend zes officieren, eenendertig onderofficieren en tweehonderdachtentwintig manschappen.
  • 14/III/SpT, Detachement Luchtbalkazerne
    In de Luchtbal kazerne te Antwerpen worden de militairen van de spoorwegtroepen verzameld zodra de afkondiging van de algemene mobilisatie bevestigd is. De kazerne wordt gebruikt als bijkomende mobilisatieplaats voor de spoorwegtroepen die sinds september 1939 uitgegroeid zijn van één tot drie bataljons. De manschappen blijven de ganse dag ter plekke en krijgen vergunning van 18u00 tot 21u00. Soldaten die in de buurt wonen maken van de gelegenheid gebruik om nog snel even naar huis te gaan. Antwerpen wordt die dag verschillende keren vanuit de lucht aangevallen en op de Luchtbal Kazerne worden er strenge verduisteringsregels op na gehouden. Tijdens de nacht worden de militairen verschillende keren verstoord door luchtalarm (de gebeurtenissen van dit detachement zijn beschreven door Jozef Bruyninckx in zijn oorlogsdagboek. Aangezien er geen vermelding is over welke pelotons het gaat noch over wie de leiding heeft over het detachement zal het derhalve het Detachement Luchtbalkazerne genoemd worden).
  • 15/III/SpT
    Deze compagnie kantonneert in het Waals-Brabantse Mont-Saint-Guibert waar de manschappen ingezet worden voor de uitbouw van het zuidelijke deel van de K.W. Stelling onder leiding van de 4de Directie der Genie en Versterkingen. Een klein detachement van zestig manschappen bevindt zich te Waver. De compagnie moet zich bij algemeen alarm naar Eigenbrakel begeven, maar ontvangt een tegenbevel on te Mont-Saint-Guibert te blijven en de lokale verdediging van deze gemeente te organiseren. De kruispunten, telefooncentrale en andere belangrijke locaties worden bezet door wachtposten. Na de middag ontvangt de compagnie om dringend enkele onderdelen van de metalen Cointet anti-tankhekkens naar Roux-Miroir over te brengen.
  • 16/III/SpT
    De compagnie blijft de Antwerpen.  Een detachement wordt uitgestuurd naar Kazerne 5-6 om een afsluiting rondom een van de caponnières te verplaatsen.

Compagnie Park/SpT
Te Oostende werken een 100-tal manschappen van de compagnie park aan de installatie van de oorlogskantonnementen die zich langsheen de spoorbundel net buiten de stad bevinden.  Er zijn twee houten barakken in opbouw.  Verder wordt een grote hoeveelheid materieel en werktuigen gesorteerd en opgeslagen.  Aan de rand van de terreinen worden loopgraven aangelegd die als schuilplaats moeten dienen bij een mogelijke luchtaanval.

Kazerne Cdt Bauwin te Hoogboom waar het Regiment Spoorwegtroepen was ingekwartierd.

Staf/SpT
De staf ontvangt twee opdrachten op 11 mei.  Ten eerste belt de Directie van het Vervoer bij het Leger om 06u20 met het bericht dat de spoorbrug over de Schelde te Dendermonde bij een luchtaanval zo ernstig geraakt is dat het treinverkeer er stilligt.  De brug moet zo snel mogelijk vrij gemaakt worden.   Kolonel SBH Duhuy geeft de opdracht aan Kapitein-Commandant Desy van de 9Cie Spoorbruggen.  Desy vertrekt onmiddellijk, samen met Kapitein Deysseleer, Luitenant Bureau en Onderluitenant Ludwig.  In de namiddag zullen deze vier officieren een eerste keer verslag uitbrengen.

Daarnaast vraagt de 2de Directie der Genie en Versterkingen om 10u20 om het vernielingsdossier van de Berendrechtbrug over te maken en ook om 3 Cointet-hekkens te installeren nabij de aansluiting van de anti-tankgracht van Antwerpen met het Albertkanaal.

Om 13u00 laat de 4de Directie van de Genie en de Versterkingen weten dat de opdracht van de 3/I (2 pelotons), 8/II (2 pelotons), 10/III en 15/III aan de K.W. Stelling afgelopen is en de vier compagnie terugkeren naar hun regiment.

Ook voltooit de staf het technisch ontwerp van de herstelling en de verbreding van de spooraansluiting van het Park van de Genie van het Leger in de kazerne van Beveren-Waas.  De staf stelt voor om het spoor te verdubbelen en een draaischijf voor wagons met een zijspoor te installeren.  De totale kost wordt op 76.000 Belgische Frank geraamd.

I/SpT

  • Staf/I/SpT, 1/I/SpT, 2/I/SpT
    De staf en twee eerste compagnies zijn nog steeds te Borgerhout.
  • Detachement Luitenant Jeunhomme (Kamp van Beverlo), 3/I/SpT
    Om 07u05 belt Luitenant Jeunhomme naar de staf van het regiment.  Jeunhomme en zijn vernielingsploeg zijn daags voordien gevlucht uit het Kamp van Beverlo en bevinden zich te Westerlo.  De uitvoering van de vernielingen te Beverlo werd onmogelijk gemaakt door de Duitse luchtaanval tijdens de vroege ochtend van 10 mei.  De luitenant vraagt om hem een vrachtwagen met 125Kg nieuwe explosieven te bezorgen of om zijn detachement te laten terugkeren naar de 3Cie.  De regimentsstaf besluit tot het eerste en vraagt aan Luitenant Jeunhomme om de vrachtwagen af te wachten aan de kerk van Westerlo.
  • 3/I/SpT
    De pelotons van de 3de Compagnie begeven zich naar Antwerpen. Terwijl de eerste pelotons toekomen, wordt Kapitein Van De Steen aan het werk gesteld bij het inladen van het materieel in goederenwagons voor de evacuatie naar Vlaanderen. De wielrijders die via Diest wegreden, zijn allen toegekomen.
  • 4/I/SpT
    De 4Cie is te Wilrijk.

II/SpT

  • Staf/II/SpT, 5/II/SpT
    De bataljonsstaf en de 5Cie bevinden zich in de kazerne te Hoogboom.  Aan het eind van de middag start de staf met de voorbereiding voor de verplaatsing naar het nieuwe kantonnement te Weerde en Eppegem.  De regimentsstaf vraagt aan de NMBS om 1 locomotief, 2 bagagerijtuigen en 6 passagiersrijtuigen te leveren.  Het IIde Bataljon zal aan dit treinstel zijn eigen kantoorwagon, 6 gesloten goederenwagons en 2 open goederenwagons aanhaken.  De NMBS moet het treinstel leveren op de militaire aansluiting te Kapellen en het vervolgens naar het station van Weerde dirigeren.
  • 6/II/SpT
    De compagnie blijft te Brugge.  Aan het eind van de dag ontvangt de compagnie een marsbevel voor Londerzeel.
  • 7/II/SpT
    De 7Cie blijft in het munitiedepot van Eeklo.
  • Detachement Luitenant Stenuit (Hoogboom), 8/II/SpT
    Een detachement onder leiding van Luitenant Stenuit verlaat de kazerne te Hoogboom en begeven zich noordoostwaarts om te Kapellen en Brasschaat diverse werken gaan uit te voeren.
  • 8/II/SpT
    Luitenant Debuisson en zijn manschappen zijn nog steeds te Perwez. Na de middag ontslaat de 4de Directie van de Genie en de Versterkingen de manschappen van hun opdracht en stuurt ze terug naar hun regiment. Debuisson moet zijn peloton naar Eppegem overbrengen.
  • 9/II/SpT
    De 9Cie is te Borgerhout.

III/SpT

  • Staf/III/SpT
    Het IIIde Bataljon behoudt zijn commandopost in de Luchbalkazerne.  Aan het eind van de middag worden de nodige transportmiddelen aangevraagd bij de NMBS door de regimentsstaf.  De NMBS moet in het station van Ekeren voldoende passagierswagons leveren voor 25 officieren en 1000 manschappen en ook nog eens 4 gesloten goederenwagons.  Het IIIde Bataljon heeft ook nog een aantal eigen wagons die moeten opgepikt worden door de NMBS.  In het station Antwerpen-Dam staan 2 kantoorwagons en 7 gesloten goederenwagons.  In de stations van Kapellen en Oosterweel staan respectievelijk 3 en 2 gesloten goederenwagons.  Dit alles moet vervoerd worden naar het station Haaltert.
  • 10/III/SpT
    De 10Cie is nog te Roux-Miroir, maar krijgt in de namiddag het bevel om terug te keren naar het regiment.
  • 13/III/SpT
    Drie treinstellen met spoormaterieel vertrekken naar Oostende.
  • 11/III/SpT, 12/III/SpT, 13/III/SpT, 14/III/SpT
    De spoorwegtroepen wachten nog steeds af in de Luchtbal Kazerne. Terwijl het luchtalarm nog regelmatig weerklinkt, valt ook Antwerpen ten prooi aan de in het ganse land heersende spionitis. Overal worden Duitse valschermspringers en spionnen gemeld en het wachtdetachement van de Luchtbal wordt er meermaals met de vrachtwagen op uit gestuurd om vermeende Duitse para’s te gaan onderscheppen. Wie verdacht is, wordt opgepakt en na een kort verblijf in de kazerne doorgestuurd naar de gevangenis aan de Begijnenstraat. Die avond is er weer vergunning van 18u00 tot 21u00.
  • 15/III/SpT
    De 15Cie is nog te Mont-Saint-Guibert, maar krijgt in de namiddag het bevel om terug te keren naar het regiment.
  • 16/III/SpT
    De 16Cie is te Borgerhout.

Het Regiment Spoorwegtroepen bij de exploitatie van het smalspoornet in het Kamp van Elsenborn.

Staf/SpT
Om 08u05 bevestigt de Directie van het Vervoer bij het Leger dat het Regiment Spoorwegtroepen als hoofdopdracht krijgt om er alles aan te doen om de spoorverbindingen Gent-Brussel en Gent-Mechelen operationeel te houden.  Tussen drie steden zijn meerdere routes mogelijk.  Het IIde Bataljon wordt verantwoordelijk voor lijn 53 Mechelen-Londerzeel-Dendermonde, lijn 60 Dendermonde-Opwijk-Brussel en lijn 57 Dendermonde-Aalst.  Het IIIde Bataljon wordt toegewezen aan lijn 50A Brussel-Denderleeuw-Gent, lijn 53 Gent-Schellebelle-Dendermonde en lijn 50 Gent-Schellebelle-Denderleeuw.  De beide bataljons zullen voor deze opdracht kunnen beschikken over 16 treinstellen met elk 720m rails en een spoorwissel die op de terreinen van Schaarbeek gerangeerd staan.  De verdeling van de treinstellen zal later bepaald worden.  De beide bataljons mogen ook de 7 reparatiecentra van de NMBS aansturen die zich in het operatiegebied bevinden.  Deze centra zijn opgesteld te Gent Sint-Pieters, Denderleeuw, Schaarbeek, Mechelen, Dendermonde, Merelbeke en Brussel.  In elk centra is een dagploeg en een nachtploeg aanwezig die herstellingen zal kunnen uitvoeren.  Ook krijgen de bataljons 25 goederenwagons met locomotievenas die als spoorballast kan gebruikt worden.

I/SpT

  • Staf/I/SpT, 1/I/SpT, 2/I/SpT
    De staf en twee eerste compagnies zijn nog steeds te Borgerhout.
  • 3/I/SpT
    De compagnie is nu terug volledig in de kazerne te Antwerpen.
  • 4/I/SpT
    Te Oudegem nabij Dendermonde heeft de NMBS een bouwwerf ter vervanging van de spoorbrug over de Dender.  Deze werken zijn stilgevallen op de eerste oorlogsdag en het Regiment Spoorwegtroepen heeft de opdracht gekregen om de werf opnieuw op te starten.  De 4Cie wordt aangeduid voor te opdracht.  Op de linkeroever van de Dender moet ballast ondergestopt worden over een afstand van 400m, terwijl op de rechteroever nog 200m spoor moet gelegd worden.  Ook moet de brug nog op zijn nieuwe landhoofden laten neergezakt worden, maar dit is voor de technische diensten van het Bestuur van Bruggen en Wegen.  De compagnie krijgt het voorbereidende dossier en moet op 13 mei de gedetailleerde terreinstudie uitvoeren.  Er wordt geschat dat 1 peloton 5 dagen tijd nodig heeft om de werken uit te voeren.  De troep moet uiterlijk op 14 mei vertrekken.

II/SpT

  • Staf/II/SpT
    De bataljonsstaf is nog steeds in kazerne te Hoogboom.
  • 5/II/SpT
    De compagnie vertrekt s’ avonds naar Buggenhout.  Een detachement van de compagnie blijft te Hoogboom en wordt ter beschikking gesteld van de Geniecommandant van het Vde Legerkorps.

    • Detachement Luitenant Deschamps (Spoorwegtroepen V/LK), 5/II/SpT
      Het detachement voor het Vde Legerkorps wordt geleid door Luitenant Deschamps en bestaat uit nog 2 officieren en 120 manschappen.  Het detachement wordt met 6 vrachtwagens vervoerd en komt aan te Antwerpen om 21u30.
  • 6/II/SpT
    De compagnie bevindt zich te Londerzeel.  Luitenant Ackers blijft met het gros van de manschappen ter plekke, terwijl Kapitein-commandant Delporte met een detachement uitgestuurd naar naar Grimde. Grimde bevindt zich ten westen van Tienen net achter de Demer-Gete stelling die door het Cavaleriekorps verdedigd wordt.  Net ten westen van de overweg van Grimde moet het Delporte een ontspoorde goederentrein met artilleriemunitie en materieel weer op gang te krijgen.  De ontspoorde goederentrein werd door vijandelijke vliegtuigen beschoten waarna de bemanning er van door is gegaan. De ontspoorde goederentrein blokkeert de terugtocht van de 7de en 9de Batterij van de IIde Groep spoorwegartillerie van het 5LA.
  • 8/II/SpT
    Tussen het NMBS station van Kapellen en het militaire station van Brasschaat is een drukke verkeersstroom op gang gekomen. Enerzijds wordt het kamp ontruimd en anderzijds blijven reservisten toestromen uit de zuidelijke provincies van ons land. Luitenant Debuisson en zijn peloton zijn inmiddels uit Perwez te Weerde aangekomen. Om 10u00 wordt het detachement naar Eppegem doorgestuurd. Twee uur later reeds nemen de manschappen de gemeenteschool van dit dorp in. De Luitenant wordt vervolgens met het installatiepersoneel van zijn compagnie naar Londerzeel uitgestuurd.

III/SpT

  • 13/III/SpT
    De compagnie komt kort na middernacht aan te Erembodegem.
  • Detachement Luchtbalkazerne, 14/III/SpT
    Jozef Bruyninckx en de manschappen van de 14Cie kijken toe wanneer tijdens de ochtend een Duits toestel wordt neergehaald in het luchtruim boven de Luchtbal. Rond 10u00 volgt het bevel om de kazerne te evacueren. Uitrusting en materieel worden aan boord geladen van een trein en rond 15u00 zet het spoorkonvooi zich in beweging richting Aalter. De tocht verloopt via Brussel en de trein komt slechts met de grootse moeite vooruit. Te Anderlecht wordt gedurende geruime tijd halt gehouden uit angst voor een luchtaanval. De troepen uit de Luchtbal bereiken Aalter rond 23u30.

Terwijl de Type 51 en Type 53 kleinere rangeerlocomotieven zijn, is de grote Type 81 een zware tenderlocomotief.

Terwijl de Type 51 en Type 53 kleinere rangeerlocomotieven zijn, is de grote Type 81 een zware tenderlocomotief.

Staf/SpT
De regimentsstaf bevestigt de verdeling van de aan de spoorwegtroepen toegewezen locomotieven.  Het Iste Bataljon krijgt twee stoomlocomotieven Type 81, het IIde Bataljon een Type 51, vier Type 53 en 2 Type 81, en het IIIde Bataljon vier Type 53 en drie Type 81.  De zware Type 81 locomotieven zullen verdeeld worden van uit het station Antwerpen-Schijnpoort door het Iste Bataljon.  De drie bataljons moeten de nodige machinisten en stokers direct doorsturen naar Borgerhout.  Er moet een bemanningsreserve van 50% bijgevoegd worden.

I/SpT

  • 3/I/SpT
    De compagnie krijgt het bevel om naar Drongen uit te wijken en wordt omgevormd tot een compagnie normaalspoor. Het Decauville 0,6m spoor wordt niet meer nodig geacht. De trein met materieel en manschappen vertrekt om 19u00.
  • 4/I/SpT
    Een peloton van de compagnie vertrekt naar Dendermonde om de werken te starten aan de aansluiting van de spoorbrug te Oudegem.  De rest van de compagnie blijft nog te Wilrijk.  Hier worden de werkzaamheden aan de spooraansluiting van Fort 6 beëindigd.  Er werd 22 m3 ballast aangebracht en 49m2 straattegels gelegd.  De platte goederenwagon die bij de werken gebruikt werd, blijft achter in afwachting van transport naar de 8Cie in het station van Kapellen.

II/SpT

  • Staf/II/SpT, 9/II/SpT en 15/III/SpT
    Voor de verplaatsing naar het westen stelt Majoor Flamion voor om de 44 wagons van de 9Cie en de 15Cie samen te voegen tot een enkel treinstel en dit vervolgens te laten reizen van Antwerpen-Schijnpoort tot Beernem.

    • Detachement Luitenant Deschamps (Spoorwegtroepen V/LK), 5/II/SpT
      Het detachement bij het Vde Legerkorps wordt belast met de vernieling van de brug in gewapend beton aan de Noorderlaan.  Deze cantileverbrug vraagt gespecialiseerde kennis.  De springladingen worden zorgvuldig aangebracht op de betonnen profielen die het wegdek dragen.  Het kunstwerk zal op 17 mei vernield worden en mooi doormidden zakken.
  • 6/II/SpT
    • Deptachement Kapitein-commandant Delporte (Station Grimde), 6/II/SpT
      Het detachement van Kapitein-commandant Delporte wordt met 3 vrachtwagens vervoerd van Londerzeel naar Grimde.  Hier zullen de militairen met man in macht werken om de ontspoorde goederentrein weer vrij krijgen en het spoor te herstellen. Het detachement bestaat naast Delporte uit 60 manschappen van de 6Cie en 4 machinisten met 4 stokers van de 8Cie.  Delporte wordt bijgestaan door ingenieur Sapin van de Leuvense zetel van de NMBS en Onderluitenant Luyten van de regimentsstaf.
      Luyten is eerder op de ochtend al vertrokken naar Leuven en heeft hier vastgesteld dat de Tivolibrug over de spoorlijn 36 naar Tienen vernield is en het spoor blokkeert over een afstand van 6 meter.  Ingenieur Sapin zorgt ervoor dat het personeel van de NMBS het spoor zal vrijmaken.
      De 3 vrachtwagens uit Londerzeel komen aan te Leuven tussen 13u30 en 14u00 en rijden onder begeleiding van Luyten en Sapin tot in Korbeek-Lo.  Hier wordt de spoorlijn tot Lovenjoel verkend.  Van zodra alles in orde blijkt, trekt het detachement verder naar Lovenjoel om van hier uit de sectie tot Tienen de inspecteren.  Hier worden twee beschadigingen aan het spoor vastgesteld die ook door het personeel van de NMBS aangepakt worden.  Ook blijkt er nog een treinstel tot stilstand gekomen te zijn tussen Kumtich en Tienen.  Deze trein zal op het zijspoor van het station van Kumtich geplaatst worden.  Ondertussen wordt de Demer-Gete stelling over de ganse lijn aangeklampt en is het Cavaleriekorps gestart met de voorbereidingen tot de aftocht.  Te Grimde zijn de Duitsers slaags geraakt met troepen van het 4de Regiment Lansiers en het Franse leger en werd de vijand tot op zo’n 1Km oost van het station teruggedrongen.  Delporte en Luyten kunnen uiteindelijk tegen 18u00 het baanvak Tienen-Grimde bekijken en schatten dat er hier een 10-tal uur werk nodig is om het spoor vrij te maken.  Luyten keert terug naar Antwerpen terwijl Delporte en zijn manschappen aan hun missie beginnen.

      Situatie te Tienen op 13 mei. Op positie A bevindt zich de trein met de spoorwegartillerie van de 9de Batterij van het 5de Regiment Legerartillerie. Op positie B staat een trein met artilleriematerieel die in twee gebroken is door een bominslag. Op positie C is het spoor eveneens door een vliegtuigbom beschadigd.

      Situatie te Tienen op 13 mei. Op positie A bevindt zich de trein met de spoorwegartillerie van de 9de Batterij van het 5de Regiment Legerartillerie. Op positie B staat een trein met artilleriematerieel die in twee gebroken is door een bominslag. Op positie C is het spoor eveneens door een vliegtuigbom beschadigd. Projectie op historische kaart.

      De eerste bekommernis van Kapitein-commandant Delporte is het verplaatsen van de materieeltrein nabij de overweg van de Wulversumsesteenweg zodat hij kan starten met het dichten van de bomkrater en de herstelling van het spoor.  Het deel van de trein ten westen van de bomkrater kan weggesleept worden met behulp van een locomotief die teruggevonden wordt in het station van Tienen.  Ook laat hij alvast het puin ruimen dat op het spoor terecht gekomen is aan de Leuvenselaan even ten westen van de stad.  Hij krijgt ook de hulp van een detachement van de 2de Compagnie van het 8ste Bataljon Genie.  Al snel wordt echter ingezien dat er geen tijd meer is om de klus te klaren.  De cavalerietroepen te Tienen staan op het punt om het zuidelijke uiteinde van de Demer/Gete-Stelling te verlaten en ook is de vijand veel te dicht genaderd om nog veilig te kunnen werken.  Delporte besluit om de missie af te breken.  Het detachement trekt zich terug naar Lovenjoel, bereikt vervolgens Leuven en keert tenslotte terug naar het regiment.

  • 8/II/SpT
    Het detachement dat te Kapellen en Brasschaat aanwezig is, werkt aan de evacuatie van het militaire tractiematerieel. Een trein met 32 wagons is reeds om 03u00 vertrokken naar Vlaanderen. Na de middag vertrekt uit Kapellen een trein met het 60cm smalspoormaterieel. De trein wordt aan de antitankgracht van de Versterkte Positie Antwerpen tegengehouden door Luitenant Pleinevaux van de Genie. De luitenant staat op het punt om de spoorwegkruising over de gracht op te blazen. De trein kan niet door. Daarenboven worden even later belangrijke punten van het spoornet van het Kamp van Brasschaat vernield. De compagnie krijgt omstreeks 22u00 het bevel om met de ontruiming van de kazerne te Hoogboom te starten. De laatste materieeltreinen van de 5de en 8ste Compagnie verlaten Hoogboom rond 23u30.

III/SpT

  • 14/II/SpT, Detachement Luchtbalkazerne
    De Luftwaffe voert een luchtaanval uit op Aalter en omgeving tijdens de vroege ochtend van 13 mei. Rond Aalter bevindt zich immers naast een vliegveld van onze militaire luchtvaart eveneens een piste die door het Franse leger wordt gebruikt. Samen met de belangrijke spoorlijn van Brussel naar de Kust maakt dit het gebied een begeerd doelwit. De spoorwegtroepen zijn er eveneens getuige van de talrijke Britse colonnes die door de gemeente trekken. Die dag worden onder meer vrachtwagens en kanonnen van de Britse artillerie gesignaleerd.

Compagnie Park
Te Oostende heeft de compagnie op de eerste oorlogsdag ook een bouwpakket voor een spoorbrug in ontvangst genomen van de firma Société Metallurgique d’Enghien Saint-Eloi.  De volledige controle van deze goederen is nu afgerond, en er is vastgesteld dat er een zak met 142 bouten ontbreekt die noodzakelijk is voor de montage.  De firma wordt gevraagd om de goederen onmiddellijk na te sturen.

Staf/SpT
Op 13 mei om 22u55 heeft de regimentsstaf een dringend bevel ontvangen van de Regelingscommissie Groep Antwerpen om de compagnies die voor de verbinding Gent-Brussel verantwoordelijk worden zo snel mogelijk naar de regio Gent door te sturen.  De hoofdbekommernis van de staf op 14 mei wordt dan ook het organiseren van de diverse verplaatsingen.

I/SpT

  • 3/I/SpT
    De manschappen bereiken Drongen rond 18u00 en vinden onderdak in een klooster nabij het station. De compagnie blijft tot 18 mei zonder opdracht.

II/SpT

  • 6/II/SpT
    Het detachement van Kapitein-commandant Delporte kan de eerste helft van de gestrande vrachttrein van de artillerie te Grimde weer vrij krijgen. Zes manschappen waaronder Sergeant Van Ooteghem worden achtergelaten om de locomotief van de goederentrein weer onder stoom te brengen terwijl de rest van het detachement via Tienen, Leuven, Mechelen en Londerzeel terugkeert naar de compagnie. De Duitsers duiken echter op vooraleer er voldoende druk op de ketel staat. Sergeant Van Ooteghem kan ontkomen, maar de overige vijf militairen worden krijgsgevangen gemaakt. Zelfs al had het detachement de trein op tijd aan de gang kunnen krijgen toch hadden ze niet veel verder kunnen rijden aangezien een vernielingsdetachement van het Cavaleriekorps één van de spoorviaducten tussen Tienen en Leuven heeft vernield. De goederen trein maar ook beide spoorwegkanonnen vallen in de handen van de Duitsers.
  • 8/II/SpT
    De laatste treinen uit Hoogboom bereiken de Antwerpen-Schijnpoort rond 02u00. Het spoor is er vernield in een luchtaanval en moet hersteld worden. Het detachement van de 8ste compagnie uit Hoogboom kan doorrijden om 06u45 en zal uiteindelijk Dendermonde bereiken.

III/SpT

  • 14/III/SpT, Detachement Luchtbalkazerne
    De spoorwegtroepen zullen tot 18 mei te Aalter verblijven. Er wordt opnieuw jacht gemaakt op vermeende vijandelijke parachutisten. De manschappen krijgen af en toe vergunning om de kantonnementen te verlaten. Ook nu weer maken enkelen van die gelegenheid gebruik om naar huis terug te keren.

Staf/SpT
De regimentsstaf heeft Antwerpen verlaten en installeert zich aan de Hoogpoort te Gent.

I/SpT

  • Staf/I/SpT
    De bataljonsstaf verlaat Antwerpen en stelt zijn nieuwe commandopost op in de gebouwen van het conservatorium te Gent.
  • 1/I/SpT en 2/I/SpT
    De 1Cie en 2Cie bereiken Steenbrugge.
  • 3/I/SpT
    De 3Cie  is daags voordien te Drongen aangekomen.
  • 4/I/SpT
    De 4Cie heeft nog steeds een peloton te Dendermonde.  De rest van de compagnie is te Landegem.

II/SpT

  • Staf/II/Spt, 5/IISpT
    De bataljonsstaf en het gros van de 5Cie kantonneren in het van Oudegem kantonneren.
  • 6/II/SpT
    De 6Cie is aangekomen te Gijzegem.
  • 7/II/SpT
    De 7Cie verblijft te Opwijk, met uitzondering van een detachement dat uitgestuurd is naar het 1ste Legerdepot te Dendermonde om de overgebleven universele kolomaffuiten voor luchtafweermitrailleurs op te laden en per spoor naar Oostende te zenden.
  • 8/II/SpT
    De 8ste Compagnie is in Hofstade bij Aalst.
  • 9/II/SpT
    Het gros van de 9Cie is te Beernem aangekomen.  De compagnie heeft nog een peloton in Dendermonde waar samen met het peloton van de 4Cie aan de spoorbrug over de Dender gewerkt wordt.  Tevens heeft de compagnie nog een klein detachement dat in het station van Kortrijk vast is komen te zitten met de spoorwegkraan van 35 ton die naar Oostende moet overgebracht worden.  De spoorwegkraan heeft een heet lopende lager van een van de wielassen en kan niet meer verder reizen.

III/SpT

  • Staf/III/SpT
    De staf van het IIIde Bataljon bevindt zich in het station van Haaltert.
  • 10/III/SpT, 11//III/SpT en 12/III/SpT
    De 10Cie, 11Cie en 12Cie zijn te Erembodegem.
  • 13/III/SpT
    De 13Cie is te Gent en werkt aan de sporen in het station Gent Sint-Pieters.
  • 14/III/SpT
    De 14Cie is aangekomen te Beernem.  Een detachement van de compagnie herstelt het spoor nabij het station van Erembodegem.  Hier is een trein ontspoort in een luchtbombardement.
  • 15/III/SpT
    De 15Cie is eveneens te Beernem.
  • 16/III/SpT
    De 16Cie is te Steenbrugge.

Staf/SpT
De regimentsstaf maakt zich bezorgd over het achterblijven van de op 13 mei toegewezen locomotieven.  Van het Type 81 zijn 7 locs aangekomen, maar de rest is nog niet geleverd.  De ganse namiddag volgt het ene telefoontje na het andere om de zaak proberen uit te klaren.  Kolonel SBH Duhuy boekt geen winst en stuurt uiteindelijk om 21u15 een boos bericht naar de Directie van het Vervoer bij het Leger waarin hij alle verantwoordelijkheid voor het verlies van het materieel afwijst als de beloofde locomotieven niet geleverd worden.

I/SpT

  • Staf/I/SpT
    De bataljonsstaf krijgt om 10u30 het bevel om een lege munitietrein die te Humbeek is blijven staat te gaan recupereren.  Het treinstel moet naar Merelbeke overgebracht worden en aan de 15Cie overgegeven worden.  Luitenant Craco wordt met de missie belast.  Om deze uit te voeren, vertrekt locomotief 8180 om 16u14 uit Oostende-Zeehaven.  Het treinstel zal uiteindelijk naar Steenbrugge kunnen gebracht worden.
  • 1/I/SpT en 2/I/SpT
    De 1Cie en 2Cie zijn te Steenbrugge.
  • 3/I/SpT
    De 3Cie  is te Drongen.
  • 4/I/SpT
    De 4Cie heeft nog steeds een peloton te Dendermonde.  De rest van de compagnie is te Landegem.

II/SpT

  • Staf/II/SpT
    Majoor Gust laat ontvangt een bevel om zijn bataljon naar Oudenaarde doorsturen. De treinstellen zullen via Aalst rijden.
  • 5/IISpT
    De 5Cie kantonneert te Oudegem met uitzondering van het detachement van Luitenant Nicolas dat te Dendermonde is en van het detachement van 3 officieren en 120 manschappen dat voor het Vde Legerkorps werkt.
  • 6/II/SpT
    De 6Cie is te Gijzegem.
  • 7/II/SpT
    De 7Cie verblijft te Opwijk.
  • 8/II/SpT
    De 8Cie krijgt de opdracht om de civiele locomotiefbemanningen van de Dagelijkse Bevoorradingstreinen aan te vullen met militaire ploegen van machinisten en stokers.  Hiervoor moet de compagnie 1 officier, 1 onderofficier en 20 ploegen van machinisten en stokers overbrengen naar Oostakker.  De diensten zullen van uit het station Gent-Zeehaven starten.  Het detachement vertrekt om 20u30 en bereikt Oostakker om 23u30.
  • 9/II/SpT
    De 9Cie is te Beernem.

III/SpT

  • Staf/III/SpT
    De staf van het IIIde Bataljon bevindt zich in het station van Haaltert.
  • 10/III/SpT, 11//III/SpT en 12/III/SpT
    De 10Cie, 11Cie en 12Cie zijn te Erembodegem.
  • 13/III/SpT
    De 13Cie is te Gent.
  • 14/III/SpT
    De 14Cie is te Erembodegem.
  • 15/III/SpT
    De 15Cie blijft te Beernem.  Een detachement van 15 militairen wordt opgeroepen om een laadhelling over te brengen van het station van Etikhove naar het station van Leuze-en-Hainaut.  Dit detachement vertrekt om 20u30.
  • 16/III/SpT
    De 16Cie is te Steenbrugge.

Staf/SpT
De staf heeft op 16 mei om 22u35 een nieuw bevel gekregen om de inzet te focussen op de instandhouding van de drie belangrijkste spoorlijnen in het westen van het land: lijn 50A Gent-Oostende, lijn 73 Gent-Tielt-Adinkerke en lijn 75/69 Gent-Kortrijk-Hazebrouck.  Kolonel SBH Duhuy deelt omstreeks 08u00 de volgende planning met de Directie van het Vervoer bij het Leger:

  1. Het Iste Bataljon met de 3Cie, 4Cie en 8Cie wordt toegewezen aan lijn 50A.
  2. Het IIde Bataljon minus de 8Cie maar met een extra peloton van telkens de 10Cie en 11Cie wordt verantwoordelijk voor lijn 73.
  3. Het IIIde Bataljon minus de beide pelotons van de 10Cie en 11Cie  krijgt lijn 75/69 toegewezen.
  4. De 1Cie, 2Cie en 16Cie zullen te Kortemark opgesteld worden.
  5. De 9Cie en 15Cie worden naar Lichtervelde gestuurd.

Om 09u40 beveelt de Directie van het Vervoer bij het Leger een zending naar het station Antwerpen-Zuid.  Hier moeten 200 munitiewagons opgehaald worden en overgebracht worden naar het station van Merelbeke.  Kolonel SBH Dubuy wordt ontboden op de staf van de directie om verdere instructies.  Bij aankomst verneemt hij dat de NMBS al gestart is met deze opdracht en er 3 locomotieven vertrokken zijn uit de stelplaats van Dendermonde.  Omdat gevreesd wordt dat het burgerpersoneel wel eens zou kunnen gaan lopen, krijgt Duhuy 4 locomotieven toegewezen van de stelplaats te Aalst.  Deze locs zullen opgehaald worden door de 15Cie.  Wanneer Kapitein-commandant Bovijn van de 15Cie echter verneemt dat het gaat om lichte locomotieven Type 15, laat hij zijn detachement 4 zwaardere Type 81 locs ophalen uit de remise van Aalter.  Om 18u35 wordt de missie echter geannuleerd.  De 15Cie verneemt dit nieuws omstreeks 20u00.

Het regiment krijgt om 18u35 ook het bevel om te assisteren bij de evacuatie van de 15de Infanteriedivisie uit de Versterkte Positie Antwerpen.  De opdracht wordt toegewezen aan Luitenant Challe van het Technisch Bureel van de regimentsstaf die 24 machinisten en stokers van de 8Cie moet verzamelen in het station van Merelbeke.  Challe en zijn detachement komen hier aan om 20u35 en vernemen dat de ploegen moeten ingezet worden om treinstellen op te halen te Kontich, Luithagen en Mortsel.  Er zijn echter nog geen locomotieven geleverd.  Terwijl Luitenant Challe aandringt bij de remise van Merelbeke, komt een bijkomend bevel toe om nog eens 2 treinstellen op te halen in Antwerpen-Zuid.  Dit bevel wordt echter al snel weer afgeblazen.  Om 22u10 zijn de drie locomotieven eindelijk vertrekkensklaar.  De locomotief naar Luithagen verlaat de stelplaats om 23u26, gevolgd door de loc naar Kontich om 23u30 en de loc naar Mortsel om 23u35.  Omdat maar drie bemanningen moesten geleverd worden, keren 12 machinisten en stokers terug naar de 8Cie om 00u10.  Ondertussen heeft het Groot Hoofdkwartier beslist dat de 15de Infanteriedivisie niet langer in de Versterkte Positie Antwerpen zal opgehaald worden, maar eerst naar het Waasland verplaatst zal worden om het instijgen verder van de frontlinie te laten gebeuren.

I/SpT

  • Staf/I/SpT
    De bataljonsstaf blijft voorlopig te Gent
  • 1/I/SpT en 2/I/SpT
    De 1Cie en 2Cie zullen Steenbrugge verlaten en moeten naar Kortemark verhuizen.
  • 3/I/SpT
    De 3Cie  is nog steeds te Drongen.
  • 4/I/SpT
    De 4Cie heeft nog steeds een peloton te Dendermonde.  De rest van de compagnie is te Landegem.

II/SpT

  • Staf/II/SpT
    Bij de doortocht van de treinstellen te Aalst worden de compagnies op de hoogte gebracht dat hun eindbestemming nu de stad Gent zal zijn. Majoor Gust is echter nergens te vinden om de juiste locaties te bevestigen. Het stationspersoneel van Aalst stuurt de treinstellen dan maar verder via Denderleeuw naar Gent Sint-Pieters.  Te Gent wil Luitenant Geubelle, adjunct van Majoor Gust, alle treinen door laten rijden naar Drongen, maar dit lukt niet.  De compagnies worden vervolgens onder de Gentse stations verspreid.  Na de middag wordt de bataljonsstaf naar De Pinte bevolen.
  • 5/IISpT
    De 5Cie verlaat Oudegem en bereikt Gent Sint-Pieters, met uitzondering van het detachement van Luitenant Nicolas dat te Dendermonde is en ook van het detachement van Luitenant Deschamps, 2 officieren en 120 manschappen dat voor het Vde Legerkorps werkt.  Vanuit Gent Sint-Pieters wordt de compagnie naar De Pinte bevolen.

    • Detachement Luitenant Deschamps (Spoorwegtroepen V/LK), 5/II/SpT
      Nu de terugtocht van het veldleger naar de lijn Terneuzen-Gent-Oudenaarde bevolen is, is ook de opdracht van dit detachement bij het Vde Legerkorps afgelopen.  Deschamps en zijn militairen vertrekken uit de Versterkte Positie Antwerpen rond 12u00 en zullen in eerste instantie naar Ertvelde terugtrekken.  Alvorens te vertrekken pakt het detachement ook de vernieling van de brug over het Straatsburgdok aan.  Deze kantelbrug wordt eerst in de open stand geplaatst en vervolgens wordt het mechanisme geblokkeerd.
  • 6/II/SpT
    De 6Cie vertrekt uit Gijzegem en wordt verplaatst naar Gentbrugge-Zuid.  Vervolgens krijgt de compagnie Aarsele als bestemming.
  • 7/II/SpT
    De 7Cie verlaat op Opwijk en vervoegt Gentbrugge-Noord.  Ook de 7Cie wordt vervolgens naar Ardooie bevolen.
  • 8/II/SpT
    De compagnie heeft nog steeds een detachement van Luitenant Prisse met 40 manschappen bij het Magazijnstation te Oostakker.  De rest van de compagnie wordt naar Drongen bevolen en zet zijn materiaaltrein en personeelstrein op weg.  Ondertussen heeft het detachement uit Hoogboom aansluiting weten te vinden bij de 5de Compagnie te Denderleeuw en volgt het deze compagnie naar Gent.  Hun treinstel bereikt Landegem waar ook de materiaaltrein van de 8ste Compagnie teruggevonden wordt zodat het detachement uit Hoogboom opnieuw bij de eigen compagnie kan aansluiten.  De 8Cie krijgt Merelbeke als nieuwe bestemming.  De troepentrein van de 8Cie komt echter vast te zitten te Gent-Oost omwille van een opstopping.   
  • 9/II/SpT
    De 9Cie behoudt nog steeds een detachement aan de spoorbrug te Dendermonde.  De rest van de 9Cie krijgt het bevel om te verhuizen van Beernem naar Lichtervelde.

III/SpT

  • Staf/III/SpT, 10/III/SpT, 12//III/SpT en 14/III/SpT
    De staf van het IIIde Bataljon verlaat Haaltert en trekt naar Waregem.  Ook de 10Cie, 12Cie en 14Cie zullen naar Waregem verhuizen, met uitzondering van een van de beide pelotons van de 10Cie dat naar De Pinte verplaatst wordt.
  • 11/III/SpT
    De 11Cie wordt van Erembodegem naar De Pinte gestuurd.
  • 13/III/SpT
    De 13Cie wordt naar Olsene bevolen.
  • 15/III/SpT
    De 15Cie verlaat Beernem en vervoegt Lichtervelde.  Het detachement van van Etikhove keert terug van zijn opdracht omstreeks 11u30.  De compagnie krijgt ook het bevel om een detachement uit te sturen naar de spoorbrug over de Schelde te Dendermonde.  Dit detachement zal geleid worden door Adjudant Hannecart en moet de vernieling van de brug voorbereiden.  Het plaatsen van de explosieven zal gebeuren door een ploeg onder leiding van Luitenant Stassin die met 100Kg springstrof vertrekt naar dezelfde locatie.
  • 16/III/SpT
    De 16Cie zal uit Steenbrugge vertrekken en moet Kortemark vervoegen.

Staf/SpT
Het Regiment Spoorwegtroepen krijgt van de Directie van de Diensten van het Leger het bevel om de oude grenslijn tussen Adinkerke en Rosendaël nabij Duinkerke van enkelspoor op dubbelspoor te brengen.  Tevens wordt gevraagd om de laad- en loskade te Fintele op de IJzer opnieuw aan te sluiten op de oude militaire spoorlijn tussen Adinkerke en Roesbrugge. Dit om de evacuatie van de Belgische bevoorradingsbasis naar Noord-Frankrijk (Boulogne) mogelijk te maken.

Luitenant Bureau wordt uitgestuurd naar Dendermonde om het personeel van de drie detachementen terug te halen die in deze stad nog zouden aanwezig zijn.  Te Zele worden de detachementen van Luitenant Ludwig van de 9Cie en Adjudant Hannecart van de 1Cie teruggevonden.  Het detachement van Luitenant Verhulst is niet langer te Oudegem en werd in de vroege ochtend teruggestuurd naar Wetteren waar het om 11u30 zal aankomen.  De drie detachement kunnen hun eenheden vervoegen.

De Directie voor Aan- en Afvoer bij het Leger vraagt het regiment om in de munitiedepots van Houthulst en Zedelgem alle aanwezige goederenwagons te sorteren en te rangeren in treinstellen.  De directie wil deze treinstellen vervolgens verdelen over een aantal nieuwe locaties.  Luitenant Challe neemt contact op met de stelplaats van de NMBS te Brugge om telkens 5 locomotieven te bekomen voor iedere opdracht.  De 8Cie zal de bemanningen leveren.  De locomotieven met bestemming Zedelgem vertrekken om 15u30 onder leiding van Onderluitenant Faict.  De locomotieven voor Houthulst worden doorgestuurd naar Westrozebeke waar ze opgewacht zullen worden door Luitenant Stenuit.  De aankomst loopt echter grote vertraging op.  Stenuit zal nog tot ‘s anderendaags wachten.

I/SpT

  • Staf/I/SpT
    De hoofdtaak van het bataljon blijft het vrijhouden van de lijn 50A Gent-Oostende.  Om de communicatie met de regimentsstaf te verzekeren, moeten de 3Cie en de 8Cie elk een officier in permanentie plaatsen in het station van Drongen.  De 4Cie moet hetzelfde doen in het station van Landegem.  Het bataljon blijft hiervoor naast zijn organieke compagnies ook de 8Cie, 9Cie, 15Cie en 16Cie aansturen.
    Om de inzet van de beschikbare middelen te optimaliseren, besluit Majoor Flamion om alle beschikbare locomotieven te poolen.  Het gaat hier om 5 locomotieven van de treinstellen van de 1Cie, 2Cie, 9Cie, 15Cie en 16Cie, 2 locomotieven van de treinstellen van de bataljonsstaf, 1 locomotief van het naar Frankrijk vertrokken IVde Bataljon die nog te Veurne staat, de locomotief van het te Brugge vast geraakte treinstel van de Compagnie Park, 5 locomotieven die Onderluitenant Smoes moet ophalen in de remise van Merelbeke en 3 locomotieven uit Hoogboom.  Hier worden nog een aantal machines aan toegevoegd die op dit ogenblik niet te lokaliseren zijn, zodat het theoretische effectief 21 stoomlocomotieven bedraagt.  De locomotieven moeten door de 8Cie beheerd worden en dienen elk voorzien te worden van twee ploegen van 3 bemanningsleden plus een reservelid.
  • 1/I/SpT en 2/I/SpT
    De 1Cie en 2Cie komen aan te Kortemark.
  • 3/I/SpT
    De compagnie verlaat Drongen per trein om 20u00 en begeeft zich naar Oostkamp met als opdracht de vrije doorgang op het baanvak Brugge-Beernem van lijn 50A te verzekeren en het treinverkeer op de lijn 66 Brugge-Torhout te vrijwaren.
  • 4/I/SpT
    De 4Cie blijft te Landegem.
  • 8/II/SpT
    De compagnie zal Merelbeke verlaten en ook naar Landegem verhuizen.

    • Detachement Luitenant Stenuit (Munitiedepot Houthulst), 8/II/SpT
      Luitenant Stenuit wordt uitgestuurd met 15 manschappen naar het munitiedepot van Houthulst om de IVde Groep Park op Rails van het Groot Park van het Leger te ontruimen. De IVde Groep Park op Rails beheert een reeks mobiele munitiemagazijnen op treinwagons opgesteld in de rangeerbundels van stations of zoals hier in het Munitiedepot van Houthulst.  Stenuit en zijn manschappen moeten 5 locomotieven opwachten in het station van Westrozebeke om de opdracht te kunnen uitvoeren.  Deze locomotieven komen echter niet aan zoals voorzien.
    • Detachement Onderluitenant Faict (Munitiedepot Zedelgem), 8/II/SpT
      Te Zedelgem start de opdracht ook eerder moeizaam.  Luitenant Faict vertrekt naar het munitiedepot om 17u10 en komt hier aan om 20u20.  De locomotieven zijn er nog niet.
  • 9/II/SpT
    De 9Cie blijft te Lichtervelde.
  • 15/III/SpT
    De 15Cie blijft eveneens te Lichtervelde.
  • 16/III/SpT
    De 16Cie komt aan te Kortemark.

II/SpT

  • Staf/II/SpT, 5/II/SpT
    De bataljonsstaf en de 5Cie zijn te De Pinte.  Majoor Gust overlijdt.  Het bevel over het bataljon wordt overgenomen door Kapitein-commandant Delporte.

    • Detachement Luitenant Deschamps (Spoorwegtroepen V/LK), 5/II/SpT
      Het detachement dat tot 17 mei bij het V/LK was, komt aan te Ertvelde.  Van hier uit wordt Luitenant Nicolas met 20 manschappen op zending gestuurd naar Eksaarde om een herstelling aan het spoor uit te voeren aan lijn 77A Lokeren-Moerbeke.  Dit detachement zal op 20 mei aankomen te Brugge.
  • 6/II/SpT
    De 6Cie is aangekomen te Aarsele.
  • 7/II/SpT
    De 7Cie verlaat Ardooie en verhuist naar Pittem.
  • peloton 10/II/SpT
    Het peloton dat gedetacheerd is bij het IIde Bataljon bevindt zich te De Pinte
  • 11/III/SpT
    De 11Cie is te De Pinte.

III/SpT

  • Staf/III/SpT, 10/III/SpT
    De staf en de rest van de 10Cie zijn te Waregem.
  • 12/III/SpT
    De 12Cie komt aan te Waregem.
  • 13/III/SpT
    De 13Cie bereikt Olsene.
  • 14/II/SpT
    De 14Cie wordt verplaatst naar de stad Waregem omwille van het steeds toenemende gevaar van uit de lucht. Er worden nieuwe kantonnementen toegewezen in openbare gebouwen en bij burgers doorheen de stad.

Compagnie Park
De compagnie park heeft een materiaaltrein die in het station van Brugge op een zijspoor staat.  Het station van Brugge begint echter behoorlijk vast te lopen en het treinstel staat in de weg.  De trein wordt bevolen door Sergeant Soetens van de 16Cie en heeft een bemanning van vier militairen.

Een deel van de manschappen van het Regiment Spoorwegtroepen bestond uit machinisten en stokers van stoomlocomotieven.

Een deel van de manschappen van het Regiment Spoorwegtroepen bestond uit machinisten en stokers van stoomlocomotieven.

Staf/SpT
Het veldleger heeft zijn terugtocht naar de lijn Terneuzen-Gent-Oudenaarde zo goed als voltooid.  De legerzone is bijzonder klein geworden voor verplaatsingen per spoor en de opdracht van het Regiment Spoorwegtroepen wordt teruggeschroefd.  De regimentsstaf wordt naar Brugge verplaatst.  De elementen voor exploitatie van het spoornet zullen te Brugge en de Oostende gecentraliseerd worden.  De middelen voor herstellingen en werken zullen in hoofdzaak samengebracht worden op de as Brugge-Lichtervelde.

De regimentsstaf wil zijn treinstel opstellen in het station van Lichtervelde, maar door een planningsfout wordt de trein doorgestuurd richting Moeskroen.  Deze wordt pas omstreeks 18u00 teruggevonden nabij Kortrijk.  Luitenant Lamoral wordt uitgestuurd om het treinstel proberen over te brengen naar Waregem en aan te haken bij het treinstel van de bataljonsstaf van het IIIde Bataljon.

Om 12u15 beveelt de regimensstaf dan ook aan de 8Cie om het gros van de compagnie van Landegem naar Steenbrugge te verplaatsen.  De locomotiefbemanningen die de Oostakker bij het Magazijnstation dienst deden, moeten naar Oostende-Zeehaven.

I/SpT

  • Staf/I/SpT
    De staf van het bataljon wijkt uit naar Sint-Kruis nabij Brugge.
  • 1/I/SpT en 2/I/SpT
    De 1Cie en 2Cie blijven te Kortemark.
  • 3/I/SpT
    De compagnie heeft Drongen verlaten op 18 mei om 20u00 en is aangekomen te Oostkamp op 19 mei om 01u45.  De compagnie krijgt als opdracht de vrije doorgang op het baanvak Brugge-Beernem van lijn 50A te verzekeren en het treinverkeer op de lijn 66 Brugge-Torhout te vrijwaren.
  • 4/I/SpT
    De 4Cie blijft te Landegem.  Kort na middernacht belt de stationschef van Drongen naar Onderuitenant Smidts om te melden dat het spoor tussen Gent-Sint-Pieters en Drongen geblokkeerd is in beide richtingen na een ontsporing.  Adjudant Nagels vertrekt om 02u45 met 25 manschappen.  Tegen 07u35 zijn de sporen weer vrij.
  • 8/II/SpT
    De 8Cie zal Landegem verlaten om naar Steenbrugge uit te wijken.

    • Detachement Luitenant Stenuit (Munitiedepot Houthulst), 8/II/SpT
      Luitenant Stenuit en zijn 15 machinisten en stokers staan nog steeds te wachten op hun locomotieven in het station van Westrozebeke.  Omstreeks 10u00 wordt besloten om niet langer te wachten maar de ontruiming aan te vatten met 2 locomotieven te Westrozebeke afgesteld staan.  De twee eerste treinstellen kunnen Houthulst verlaten om 21u15.
    • Detachement Onderluitenant Faict (Munitiedepot Zedelgem), 8/II/SpT
      Te Zedelgem zijn om 10u30 al 3 van de 5 locs aangekomen en zijn de werkzaamheden gestart.  Ondanks het feit dat de waterbevoorrading van de locomotieven in het depot lastig is door de afwezigheid van een watertoren, zijn alle rangeerbewegingen die het Groot Legerpark in eerste instantie wenst uit te voeren tegen 20u30 afgerond.  De ploegen blijven ter plekke voor verdere opdrachten.
  • 9/II/SpT, 15/III/SpT
    De 9Cie en 15Cie blijven te Lichtervelde.
  • 16/III/SpT
    De 16Cie kantonneert te Kortemark.

II/SpT

  • Staf/II/SpT, 5/II/SpT, 11/III/SpT
    De bataljonsstaf, de 5Cie en de 11Cie worden vanaf 14u30 verplaatst naar Deinze.  De verhuis naar Deinze is een gevolg van de aankomst te De Pinte van het spoorweggeschut van de 4de Batterij van het 5de Regiment Legerartillerie.  Deze batterij zal hier op het hoofdspoor in stelling gaan, wat het verdere verblijf van andere treinstellen ongewenst maakt.

    • Detachement Luitenant Deschamps (Spoorwegtroepen V/LK), 5/II/SpT
      Het detachement dat tot 17 mei bij het V/LK was, verlaat Ertvelde en trekt naar Maldegem.
  • 6/II/SpT
    De 6Cie blijft te Aarsele.
  • 7/II/SpT
    De 7Cie is te Pittem.
  • pelotons 10/II/SpT
    Het peloton van de 10Cie verhuist in de namiddag mee naar Deinze.

III/SpT

  • Staf/III/SpT, 10/III/SpT, 12/III/SpT, 14/III/SpT
    De staf, de rest van de 10Cie, de 12Cie en de 14Cie blijven te Waregem.
  • 13/III/SpT
    De 13Cie staat opgesteld te Bissegem.
  • 14/III/SpT, Detachement Luchtbalkazerne
    Vanuit Waregem wordt een treinstel van acht locomotieven richting Antwerpen gestuurd om er een 200-tal goederenwagons met materieel en munitie gaan op te pikken. Wat de spoorwegsoldaten op dat ogenblik nog niet weten, is dat de laatste Belgische troepen Antwerpen tijdens de ochtend van 18 mei verlaten hebben. De trein wordt onderweg dan ook tot stilstand gebracht met het bericht dat er geen treinverkeer naar de Sinjorenstad meer mogelijk is. Het detachement van Waregem voert tijdens de komende dagen ettelijke transportopdrachten uit ten behoeve van het veldleger bij de uitvoering van de terugtocht naar het westen.

Staf/SpT
Onderluitenant Smoes van de 8Cie meldt op het middaguur dat de stationchef van Steenbrugge heeft laten weten dat lijn 58 Brugge-Eeklo onderbroken is door een inslag van een vliegtuigbom.  De Directie van het Vervoer bij het Leger vraagt om 12u30 om lijn 58 opnieuw bedrijfsklaar te maken.  Na een verkenning stelt het regiment vast dat de lijn is tussen Sijsele en Eeklo op maar liefst 20 verschillende locaties beschadigd.  Het bevel wordt doorgegeven aan het Iste Bataljon dat de 4Cie aanduidt.
Een goed uur later vraagt de directie om tevens een detachement uit te sturen naar het station Gent-Zeehaven om te assisteren bij de evacuatie van de strategische voorraden aan voedsel en brandstof die zich nog te Gent bevinden.  Deze opdracht is dringend en komt direct van de 1ste Afdeling van het Groot Hoofdkwartier.  De missie wordt voor het IIIde Bataljon.  Majoor Paquet zal zelf deze opdracht leiden.
Even voor 15u00 tenslotte komt een bevel toe om de spoorbrug te Beveren-Ijzer op lijn 76 Ieper-Adinkerke te herstellen.  De herstellingen moeten aanvangen op 21 mei en moeten binnen de 3 dagen afgerond zijn.  De 9Cie zal de verkenning uitvoeren.
Met het oog op een mogelijke verplaatsing van de Directie van het Vervoer bij het Leger en het Regiment Spoorwegtroepen naar de linkeroever van de Ijzer, wordt een mogelijk nieuw kantonnement verkend voor de staf van het regiment en van het Iste Bataljon te Veurne.  Voor Kolonel SBH Duhuy, Majoor Antoine en Majoor Flamion wordt de statige woning van tandarts Georges Vandevelde aan de brug over het Kanaal Veurne-Duinkerke aan de Zuidstraat uitgekozen.  De overige officieren kunnen wat verderop terecht in enkele woningen aan de Iepersesteenweg.  Ook de manschappen en het wagenpark kan hier in de gebouwen van brouwerij De Beerst, café Chez Cornille en garage-café La Viola ondergebracht worden.  Voor de burelen wordt de meisjesschool aan de Daniel De Haenelaan aangeduid.  De verhuis zal evenwel niet doorgaan.

I/SpT

  • Staf/I/SpT
    De staf blijft te Sint-Kruis nabij Brugge.
  • 1/I/SpT en 2/I/SpT
    De 1Cie en 2Cie blijven te Kortemark.
  • 3/I/SpT
    De compagnie blijft te Oostkamp.
  • 4/I/SpT
    De 4Cie wordt verplaatst van Landegem naar Beernem.  De compagnie krijgt de taak om spoorlijn 58 te herstellen tussen Sijsele en Eeklo.  De herstellingsploegen zullen met vrachtwagens ter plekke gebracht worden.
  • 8/II/SpT
    De 8Cie blijft te Steenbrugge.  Het treinstel van de compagnie wordt ten westen van het kanaal Gent-Brugge opgesteld.

    • Detachement Luitenant Stenuit (Munitiedepot Houthulst), 8/II/SpT
      Na aankomst van nog drie bijkomende locomotieven in de nacht van 19 op 20 mei kan de rest van het Park op Rails afgevoerd worden. Het vertrek verloopt echter moeizaam omdat de machines eerst nog water en steenkool dienen bij te vullen in het 7Km verder gelegen station van Kortemark. Houthulst is daarenboven met Kortemark verbonden via één enkel spoor zodat de hele operatie vijf uur in beslag neemt. Tenslotte is de laadkaai van het munitiedepot veel te kort zodat het inladen van de goederenwagons van het Park op Rails veel te lang duurt.
    • Detachement Onderluitenant Faict (Munitiedepot Zedelgem), 8/II/SpT
      De ploegen van Onderluitenant Faict blijven wagons sorteren op de terreinen van het depot.  Aan het eind van de dag vraagt Faict om nog twee bijkomende personeelsleden.  Hij meldt tevens dat een van de locs teruggestuurd is naar Brugge voor herstelling.
  • 9/II/SpT, 15/III/SpT
    De 9Cie en 15Cie blijven te Lichtervelde.  Bij de 9Cie krijgt Onderluitenant Bafcop de opdracht om de verkenning uit te voeren naar de spoorbrug van Beveren-Ijzer.  Deze spoorbrug is in onbruik geraakt toen de lijn 76 Ieper-Adinkerke in 1934 gedeeltelijk gesloten werd en het spoor gedeeltelijk werd opgebroken.  De 9Cie moet adviseren wat er nodig is om het opgebroken deel van de lijn terug te plaatsen zodat het ganse traject weer kan gebruikt worden bij een mogelijke terugtocht van het veldleger naar de Ijzer.  De studie zal klaar zijn op 21 mei.
  • 16/III/SpT
    De 16Cie kantonneert te Kortemark.

II/SpT

  • Staf/II/SpT, 5/II/SpT, peloton 10/III/SpT, 11/III/SpT
    Deze elementen blijven te Deinze.

    • Detachement Luitenant Deschamps (Spoorwegtroepen V/LK), 5/II/SpT
      Het detachement dat tot 17 mei bij het V/LK was, bevindt zich te Maldegem en wordt hier opgehaald door vrachtwagens van de regimentsstaf om te Deinze de rest van de compagnie te vervoegen.
  • 6/II/SpT
    De 6Cie blijft te Aarsele.
  • 7/II/SpT
    De 7Cie is te Pittem.

III/SpT

  • Staf/III/SpT, 10/III/SpT, 12/III/SpT, 14/III/SpT
    De staf, de rest van de 10Cie, de 12Cie en de 14Cie blijven te Waregem.
    Om 03u50 stuurt Luitenant Van Hauwaert een dringend bevel naar de regimentsstaf.  Een detachement Britse pantserwagens is aangekomen nabij de commandopost en meldt dat de vijand de stad Oudenaarde zou genaderd zijn.  Majoor Paquet wil zijn staf verplaatsen en vraagt om instructies.  Kolonel SBH Duhuy stuurt het verzoek door naar de Directie van het Vervoer bij het Leger.  Een antwoord komt er pas om 08u00: het bataljon mag nog niet vertrekken.

    • Detachement Majoor Paquet (Gent-Zeehaven), III/SpT
      Majoor Paquet ontvangt een bevel om te assisteren bij de evacuatie van de depots van het leger in de Gentse haven.  Majoor Paquet leidt zelf deze operatie en vertrekt om 13u30.
    • Detachement Luitenant Dubois (Gent-Zeehaven), 10/III/SpT
      Luitenant Dubois vertrekt om 15u45 met een vrachtwagen naar Gent-Zeehaven.  Aan boord bevinden zich 2 onderofficieren en 5 locomotiefbemanningen van de 10Cie en ook 5 sjouwers en 5 treinchefs van de 12Cie.  Dit detachement bereikt Gent-Zeehaven tegen 17u30.   Hij overlegt met Kapitein-commandant Claeys van het Territoriaal Transportkorps Brugge die daags voordien is aangekomen om de evacuatie van de stocks te helpen organiseren.  Dubois verneemt dat hij dezelfde avond nog 2 baanlocomotieven en 1 rangeerlocomotief zal ontvangen, en morgen over nog 3 bijkomende locs zal kunnen beschikken.  Het doel van de missie wordt drieërlei: het diepvriesvlees uit de militaire depots moet overgebracht worden naar de koelinstallaties van Oostende en Zeebrugge.  De kleine levensmiddelen moeten naar het station Brugge-Zeehaven getransporteerd worden, en de bloemvoorraad moet naar de veldbakkerij te Gistel.  Dubois wijst een voorlopig kantonnement aan in een schooltje nabij de koelinstallaties en trekt dan op verkenningstocht.  Luitenant Bayard van het Magazijn Diepsvriesvlees maakt hem duidelijk dat het burgerpersoneel van de militaire stapelhuizen gevlucht is en de rangeerlocomotief van het leger niet onder stoom staat.  Bovendien is er de watertoren in Gent-Zeehaven om de locs bij te vullen onklaar gemaakt door het personeel van de NMBS.  Bij de stapelhuizen staat ook een treinstel klaar met kleine levensmiddelen, maar deze is door de burgerbevolking geplunderd.  Om 22u15 wordt bevestigd dat de eerste drie locomotieven het station van Eeklo verlaten hebben en onderweg zijn.
  • 13/III/SpT
    De 13Cie staat opgesteld te Bissegem.

Staf/SpT
Na de Duitse doorstoot tot Abbeville aan de Atlantische kust zijn de geallieerde legers in Noord-Frankrijk en Vlaanderen geheel omsingeld. Het geallieerde oppercommando heeft op 21 mei tijdens de Conferentie van Ieper besloten om de Schelde-linie op te geven. Hierop bepaalt de Belgische legerleiding tijdens de ochtend van 22 mei dat onze strijdkrachten niet zoals afgesproken zullen terugtrekken naar de Ijzer, maar stand zullen houden langsheen de Leie en het Afleidingskanaal van de Leie. Het Groot Hoofdkwartier laat deze terugtocht in twee fases uitvoeren en bepaalt dat de troepen opgesteld tussen het Bruggenhoofd Gent en Oudenaarde zich tijdens de nacht van 22 op 23 mei moet terugtrekken naar de Leie. In deze eerste fase zullen tevens een aantal troepen teruggetrokken worden uit het Bruggenhoofd Gent, de stad Gent en het Kanaal Gent-Terneuzen. Deze zones zullen dan definitief ontruimd worden tijdens de nacht van 23 op 24 mei.
Op 21 mei krijgt het regiment vijf nieuwe opdrachten die allen verband houden met deze strategische beslissing:

  1. Om 09u20 wordt gevraagd om de nodige treinbemanningen te leveren om een aantal locomotieven over te brengen van Brugge naar Gent-Zeehaven om het tempo van evacuatie van de stocks aan voedsel en brandstoffen op te drijven.
  2. Even voor het middaguur ontvangt Kolonel SBH Duhuy een bevel om locomotiefbemanningen te leveren voor het ontruimen van het munitiedepot van Eeklo.  Er moet voldoende personeel geleverd worden om een cadans van 100 wagons per dag te kunnen aanhouden.  Deze opdracht wordt voor de 8Cie.
  3. Om 14u55 wordt gevraagd om nog drie bijkomende locomotiefbemanningen door te sturen naar Gent-Zeehaven.
  4. Dit bevel wordt vrijwel onmiddellijk gevolgd door een opdracht om 1 officier en 6 manschappen te sturen naar de elektriciteitscentrale van Zwevegem.
  5. Tenslotte wordt om 22u30 een bevel gegeven om 1 officier en twee ploegen van 16 manschappen te detacheren bij de IIde Groep van het 5de Regiment Legerartillerie om verstevigingswerken uit te voeren aan de sporen waarop het geschut van de spoorwegartillerie zal komen te staan.

De regimentsstaf heeft ook de technische studie klaar over te mogelijke heropening van lijn 76 Ieper-Adinkerke.  In deze studie bevestigt Kolonel SBH Dehuy dat er 4,6Km spoor opnieuw moet gelegd worden en dat er over de Ijzer te Beveren een brug van 27 meter moet geslagen worden.  De kolonel schat dat er 10 werkdagen nodig zijn om dit project uit te voeren.  Hij laat tevens weten dat de werken alleen uitgevoerd kunnen worden indien de Directie voor aan- en afvoer bij het Leger in staat is om 22 houten brugpeilers van 10m lengte te leveren en de NMBS 1.600 kubieke meter ballast kan aanvoeren.  Ook wil hij maar liefst 2.000 arbeiders om de spoorbedding aan te leggen.  Deze arbeiders zullen in eerste instantie gezocht worden bij de Dienst voor Onderhoud der Straat- en Waterwegen, maar die zal maar de helft van het contingent kunnen aanbieden.

I/SpT

  • Staf/I/SpT
    De staf van het Iste Bataljon behoudt zijn standplaats te Sint-Kruis.
  • 1/I/SpT en 2/I/SpT
    De 1Cie en 2Cie blijven te Kortemark.
  • 3/I/SpT
    De 3Cie is te Oostkamp.
  • 4/I/SpT
    De 4Cie blijft te Beernem.

    • Detachement Luitenant Leeman (Adegem, 5LA), 4/II/SpT
      De compagnie krijgt om 23u55 de opdracht om 1 officier en twee ploegen van 16 manschappen naar Adegem te sturen om de spoorbedding te verstevigen die door het spoorweggeschut van de IIde Groep van het 5de Regiment Legerartillerie zal gebruikt worden.  Luitenant Leeman vertrekt.
  • 8/II/SpT
    De 8Cie is nog steeds te Steenbrugge.

    • Detachement Onderluitenant Smoes (Gent-Zeehaven), 8/II/SpT
      Onderluitenant Smoes krijgt om 10u55 de opdracht om naar het station Gent-Zeehaven te vertrekken met een 7 locomotieven met bijbehorende bemanningen.  Smoes vertrekt naar het station van Brugge en laat de 7 locs aan elkaar koppelen.  Het gaat hier om de locomotieven 4107, 6467, 6480, 6614, 8448, 9015 en 9089.  De 7 locomotieven komen aan te Gent Sint-Pieters waar Onderluitenant Smoes overlegt met Inspecteur Van Es van de NMBS.  Er wordt besloten om 4 locs naar Gent-Zeehaven te sturen, 2 naar Merelbeke en 1 loc in Gent-Sint-Pieters te behouden.  In het station Gent-Zeehaven worden 4 treinstellen van elk een 70-tal goederenwagons gevormd onder leiding van Onderstationchef Van Nuffel.   Er worden ook nog 3 bedrijfsklare locs teruggevonden met personeel van de NMBS dat bereid is om te helpen.  Zo kunnen alle ploegen samen maar liefst 10 treinstellen uit Gent terugbrengen.  Uit de rangeerterreinen van Merelbeke kunnen ook nog eens 7 locomotieven gered worden die niet onder stoom staan, maar aan een van de goederentreinen toegevoegd worden.
    • Detachement Luitenant Stenuit (Munitiedepot Houthulst), 8/II/SpT
      Dit detachement zal tot 24 mei in het munitiedepot blijven.
    • Detachement Onderluitenant Faict (Munitiedepot Zedelgem), 8/II/SpT
      Dit detachement zal tot 24 mei in het munitiedepot blijven.
    • Detachement Sergeant Van Goetem (Munitiedepot Eeklo), 8/II/SpT
      Dit detachement verlaat Steenbrugge om 12u45 en bereikt het depot van Eeklo om 16u40.  De bevelhebber van het munitiedepot is echter niet op de hoogte van de komst van de locomotiefbemanningen en heeft eigenlijk geen opdracht voor hen.  Er wordt om verduidelijking gezocht bij de Directie van het Vervoer bij het Leger.
  • 9/II/SpT, 15/III/SpT
    De 9cie en 15Cie blijven te Lichtervelde.
  • Het personeel van het Regiment Spoorwegtroepen werd ook gebruikt om de elektriciteitscentrale van Zwevegem in bedrijf te houden.

    Het personeel van het Regiment Spoorwegtroepen werd ook gebruikt om de elektriciteitscentrale van Zwevegem in bedrijf te houden.

    16/III/SpT
    Om 18u15 ontvangt de 16Cie het bevel om 1 officier en 6 manschappen naar de elektriciteitscentrale te Zwevegem te sturen.  Het doel van de missie is om de kolengestookte centrale ondanks de aftocht naar de Leie zo lang mogelijk draaiende te houden.  Onderluitenant Henskens zal het detachement leiden.  De militairen vertrekken om 22u15 en komen een half uur later aan.

II/SpT

  • Staf/II/SpT, 5/II/SpT, peloton 10/III/SpT, 11/III/SpT
    De staf van het IIde Bataljon meldt om 01u35 dat de watertoren van de remise niet meer werkt.  De pomp om het water bij te vullen is stuk.  Dit genoodzaakt de verplaatsing van alle eenheden te Deinze naar nieuwe locaties.  De drie eenheden verlaten Deinze in de namiddag.  De bataljonsstaf, het peloton van de 10Cie en de 11Cie verplaatsen zich naar Tielt.  De 5Cie verplaatst zich naar Kortekeer.
  • 6/II/SpT
    De 6Cie blijft te Aarsele.
  • 7/II/SpT
    De 7Cie is te Pittem.

III/SpT

  • Staf/III/SpT, 10/III/SpT, 12/III/SpT, 14/III/SpT
    Het Belgisch leger zal vanaf de avond van 21 mei overgegaan tot de terugtocht naar de Leie en het Afleidingskanaal van de Leie. Waregem zal dan ook in de frontlinie komen te liggen en alle troepen van de ondersteunende wapens moeten er weggehaald worden. De spoorwegsoldaten verhuizen van Waregem naar Ingelmunster. De verplaatsing verloopt per trein. De troepen vertrekken om 15u00 en komen rond 21u00 aan op hun bestemming. Er worden nieuwe kantonnementen toegewezen.
  • Detachement Majoor Paquet (Gent-Zeehaven), III/SpT
    Majoor Paquet en de eerste treinbemanningen zijn in de avond van 20 mei aangekomen in het station van Gent-Zeehaven.  Om 00u10 brengt de majoor een eerste keer verslag uit.  Het personeel van de NMBS is gevlucht en heeft een deel van de installaties gesaboteerd.  De watertoren voor de stoomlocomotieven is leeg.  De locomotieven die beloofd werden voor de evacuatie van de goederenwagons zijn nog niet aangekomen en worden pas tussen 03u00 en 05u00 verwacht.  De majoor krijgt om 09u00 de toestemming van de regimentsstaf om NMBS personeelsleden aan te houden die nog aanwezig zouden zijn, maar willen vluchten.  Majoor Paquet zal later op de dag terugkeren naar de bataljonsstaf.  Kapitein-commandant Bovijn van de 12Cie zal de missie in Gent-Zeehaven leiden.

    • Detachement Luitenant Leys (Gent-Zeehaven), 10/III/SpT
      Luitenant Leys wordt toegevoegd aan de opdracht in Gent-Zeehaven met 12 machinisten en stokers. Dit detachement rijdt per vrachtwagen naar Gent, en komt aan omstreeks het middaguur.
    • Detachement Luitenant Dubois (Gent-Zeehaven), 10/III/SpT
      Luitenant Dubois heeft om 09u00 een eerste keer contact met de net aangekomen Kapitein-commandant Bovijn.
    • Detachement Kapitein-commandant Bovijn (Gent-Zeehaven), 12/III/SpT
      Commandant Bovijn vertrekt per auto uit Waregem om 07u30 en komt reeds een uur later aan in Gent-Zeehaven om de leiding van de operatie over te nemen.  Hij neemt onmiddellijk contact op met Stationchef De Looman die nog over een heel klein deel van zijn personeel blijkt te beschikken en blijkbaar op enkele locomotieven uit Brugge wacht.  In de herstelloods van het station vindt Bovijn 3 Type 53 rangeerlocomotieven die echter alle ontspoord blijken.  Samen met Luitenant Dubois  besluit hij dat er prioriteit moet gegeven worden aan het verplaatsen van de treinstellen met voorraden van het leger in de Voorhaven en de Nieuwe Dokken naar de koelinstallaties van het leger om te voorkomen dat deze helemaal zouden leeggeplunderd worden.  Bovijn gaat over tot de opeising van een privé-locomotief van een havenbedrijf en laat de machine onder stoom brengen.  Ondertussen wordt ook gewerkt aan de waterbevoorrading.  Er is vanuit Gent-Zeehaven geen telefoonverbinding meer naar de nabijgelegen stations wat de evacuatie erg zal bemoeilijken.
      Om 11u30 heeft de opgeëiste locomotief genoeg druk op de ketel en kan het rangeren beginnen.  Even later komen de eerste 4 locs aan uit Brugge.  Tegen 12u30 kan een eerste trein uitgestuurd worden met 7 diepvrieswagons met vlees en 8 gesloten goederenwagons, waarvan 2 met kleine levensmiddelen, 5 met bloem en 1 met haver.  Er komen om 13u15 nog 4 machines toe uit Brugge zodat in de loop van de middag en avond in totaal 7 treinstellen kunnen vertrekken naar het westen.

Staf/SpT
Om 11u00 vertrekken de Onderluitenanten De Geest en Blanjean op onderzoek naar de toestand van lijn 73 tussen Adinkerke en Duinkerke.  De Directie van het Vervoer bij het Leger heeft immers gemeld dat het spoor op Frans grondgebied onderbroken zou zijn.  Dit blijkt niet correct.  Het treinverkeer verloopt normaal.

Kolonel SBH Duhuy verneemt om 12u00 van de Directie van het Vervoer bij het Leger dat de werken aan lijn 76 definitief zullen doorgaan.  De kolonel stelt het order op voor de uitvoering van het project.  Majoor Paquet wordt verantwoordelijk voor de uitvoering.  

I/SpT

  • Staf/I/SpT
    De staf van het Iste Bataljon behoudt zijn standplaats te Sint-Kruis.
  • 1/I/SpT en 2/I/SpT
    De 1Cie en 2Cie blijven te Kortemark.
  • 3/I/SpT
    De 3Cie is te Oostkamp. Het spoor ten westen van Oostkamp wordt gebombardeerd en de compagnie stuurt een detachement op pad om de schade te herstellen. De lijn is terug open om 22u00.
  • 4/I/SpT
    De 4Cie blijft te Beernem.

    • Detachement Luitenant Leeman (Adegem, 5LA), 4/II/SpT
      Om 15u50 worden de werken aan de spoorbedding te Adegem ten behoeve van het 5de Regiment Legerartillerie opgeheven.  Het detachement keert terug.
  • 8/II/SpT
    De 8Cie is nog steeds te Steenbrugge.

    • Detachement Onderluitenant Smoes (Gent-Zeehaven, dan Merelbeke), 8/II/SpT
      Onderluitenant Smoes komt omstreeks 13u00 aan te Brugge met 5 treinstellen uit Gent.  De vijf andere treinstellen zullen in de daarop volgende uren nog aankomen.  Omstreeks 20u00 krijgt hij een nieuwe missie.  Deze keer moeten een onbepaald aantal treinstellen weggesleept worden uit de rangeerterreinen van Merelbeke.  Smoes kan beschikken over 6 locomotieven die deze keer met een civiele bemanning van de NMBS zullen rijden.  Hij kan vertrekken om 22u05.
    • Detachement Luitenant Stenuit (Munitiedepot Houthulst), 8/II/SpT
      Dit detachement zal tot 24 mei in het munitiedepot blijven. Onder meer omwille van de slechte beschikbaarheid van locomotieven, besluit het Park op Rails treinstellen van 50 goederenwagons te vormen. Die avond kunnen twee bijkomende treinstellen vertrekken.
    • Detachement Onderluitenant Faict (Munitiedepot Zedelgem), 8/II/SpT
      Dit detachement zal tot 23 mei in het munitiedepot blijven.
    • Detachement Sergeant Van Goetem (Munitiedepot Eeklo), 8/II/SpT
      Het detachement van het munitiedepot te Eeklo blijft ter plekke.
  • 9/II/SpT
    De 9Cie verhuist naar Poperinge, met uitzondering van het peloton dat toegevoegd wordt aan het detachement van Majoor Paquet en naar Roesbrugge zal vertrekken.
  • 15/III/SpT
    De 15Cie blijft te Lichtervelde.
  • 16/III/SpT
    De 16Cie is te Kortemark.

    • Detachement Onderluitenant Heskens (Elektriciteitscentrale Zwevegem), 16/III/SpT
      Alhoewel de centrale op de rechteroever van de Leie ligt en dit gebied weldra zal worden ingenomen door de Duitsers, wil het Groot Hoofdkwartier de installatie zo lang mogelijk laten draaien.  Dit in tegenstelling tot de Britse troepen in de buurt die de centrale willen opblazen.  Om 12u00 nog vraagt Heskens om 20 bijkomende manschappen.  Deze zullen nooit aankomen want even na 14u00 krijgt het detachement de opdracht om zich samen met de Britse achterhoede terug te trekken naar de bevriende linies, zonder hierbij de centrale te vernielen.

II/SpT

  • Staf/II/SpT, peloton 10/III/SpT, 11/III/SpT
    Deze eenheden zijn te Tielt.
  • 6/II/SpT
    De 6Cie blijft te Aarsele.
  • 7/II/SpT
    De 7Cie is te Pittem.

III/SpT

  • Staf/III
    Majoor Paquet wordt aan het hoofd geplaatst van een detachement dat de heropening van spoorlijn 76 tussen Roesbrugge en Beveren-Ijzer.  Het bevel over het bataljon wordt overgenomen door Kapitein-commandant Lagrange van de 14de Compagnie.  Deze compagnie wordt nu bevolen door Luitenant Havaux.
  • Detachement Majoor Paquet (Spoorlijn 76, Roesbrugge-Beveren), 5/II/SpT, peloton 9/II/SpT en 13/III/SpT
    Majoor Paquet ontvangt om 17u30 zijn orders voor de werken aan lijn 76.  De majoor kan beschikken over de 5Cie, de 13Cie en een peloton van de 9Cie.  Daarnaast ontvangt hij ook een groep arbeiders van de NMBS en een detachement van 6 compagnies kantonniers van de Dienst voor Onderhoud der Straat- en Waterwegen. Het detachement krijgt tevens 6 treinstellen met telkens 720m kant-en-klare railelementen eb 4 spoorschroefmachines.  Hiervan zijn 4 treinstellen voor de 5Cie die vanuit Beveren-aan-de-Leie zal werken en 2 treinstellen voor de 13Cie die samen met het peloton van de 9Cie vanuit Roesbrugge het spoor zal bouwen.  De 9Cie moet zijn personeelstrein verplaatsen naar Poperinge en zijn materieelwagons zo dicht mogelijk bij Roesbrugge brengen.  De kantonniers zullen in hoofdzaak vanuit Roesbrugge ingezet worden.  Alle detachementen zullen nog dezelfde avond vertrekken.  Luitenant Bureau en Adjudant Van Laet zijn intussen al op het terrein om het tracé uit te zetten.
  • 5/II/SpT
    Aan het eind van de dag start de 5Cie met de verplaatsing van Kortekeer naar Beveren-Ijzer.
  • peloton 9/II/SpT
    Het peloton dat toegevoegd is aan de werken aan lijn 76 verlaat Poperinge en vervoegt Roesbrugge.
  • 13/III/SpT
    De 13Cie verlaat Bissegem en begeeft zich eveneens naar Roesbrugge.
  • 10/III/SpT
    De 10Cie heeft een peloton te Ingelmunster, een peloton te Tielt en nog het detachement van Luitenant Leys in Gent-Zeehaven.
  • 12/III/SpT en 14/III/SpT
    Deze compagnies blijven te Ingelmunster,  Hier zijn de spoorwegtroepen getuige van de beschietingen op onder meer Izegem en Kortrijk. Tijdens de nacht wordt een detachement van een 50-tal militairen met onder meer Soldaat Bruynickx uitgestuurd om negen wagons te gaan laden met dwarsliggers. Eens het werk voltooid, keert iedereen terug naar zijn kantonnementen.

    • Detachement Kapitein-commandant Bovijn (Gent-Zeehaven), 12/III/SpT
      Commandant Bovijn staat nog steeds aan het hoofd van de missie in Gent-Zeehaven.  In de nacht van 21 op 22 mei heeft zijn detachement nog maar eens 2 kleine locomotieven weten te bekomen bij privé-firma’s om wagons te rangeren.  Ondertussen worden zoveel mogelijk wagons volgeladen door het aanwezige personeel.  De grote uitdaging hierbij is het kleine aantal aan militairen dat de diverse eenheden van het Magazijnstation nog in de Gentse haven hebben.  De intendance deed immers voor een belangrijk deel beroep op civiele krachten en daarvan zijn er velen niet meer aan het werk.  Gelukkig kan een groot deel van de voorraden ook met vrachtwagens geëvacueerd worden.   Het diepvriesvlees kan echter alleen vervoerd worden in de gespecialiseerde koelwagens van de NMBS.  Ook de meeste bloem gaat de trein op.  Gelukkig kunnen Bovijns troepen 7 locomotieven recupereren op het rangeerterrein van Merelbeke en worden er nog eens 8 locs uit Brugge verwacht.  Dit konvooi uit Brugge zal geleid worden door Onderluitenant Orfinger.  Hij zal tijdens zijn missie echter geconfronteerd worden met de onwil van Inspecteur Van Es in het station van Gent Sint-Pieters om slechts 3 locomotieven door te laten naar Gent-Zeehaven.
      Tegen het eind van de dag is vrijwel alle diepgevroren vlees van het leger onderweg naar Oostende en Zeebrugge.  Ook de meeste brandstof is afgevoerd kunnen worden.  Tijdens de nacht van 22 op 23 mei zal de focus gelegd worden op de evacuatie van de kleine levensmiddelen en de rest van de bloemvoorraad.

Compagnie Park
De compagnie park meldt dat de wijksporen van het station Oostende-Stad alle beschadigd zijn door een toevalstreffer van vier vliegtuigbommen van licht kaliber die haaks op de sporen neergekomen zijn.  Gelukkig valt de schade mee en kan het personeel van de NMBS de wijksporen snel weer toegankelijk maken.  Er is ook een bom neergekomen op de telefoonkabels tussen het station en de stelplaats voor de locomotieven.   Een deel van het interne stationsnet is hiermee uitgevallen.  Daarnaast is ook lijn 62 Oostende-Torhout geraakt tussen Stene en Snaaskerke en zijn zowel de sporen als ook de telefoon- en telegraaflijn onderbroken.  Tenslotte is het civiele telfoonnet te Oostende buiten dienst en moet Kapitein-commandant Regnier beroep doen op estafette-rijders.  Hij zal twee maal daags een motorwielrijders naar de staf in Brugge sturen.

Staf/SpT
De staf ontvangt om 14u30 een nieuw verzoek van het 5de Regiment Legerartillerie.  Deze keer moet het spoor te Ingelmunster verstevigd worden zodat een nieuwe stelling voor de spoorwegartillerie kan ingericht worden.

I/Spt

  • Staf/I/SpT
    De staf van het Iste Bataljon behoudt zijn standplaats te Sint-Kruis.
  • 1/I/SpT en 2/I/SpT
    De 1Cie en 2Cie blijven te Kortemark.
  • 3/I/SpT
    De materieeltrein van de compagnie die op een zijspoor van het station te Oostkamp staat, wordt gebombardeerd. Drie bommen van klein kaliber vallen nabij de trein. Soldaat Weygaerts laat hierbij het leven terwijl er nog zeven gewonden te betreuren vallen.  Kaptein Van De Steen krijgt een uitbrander van formaat van Kolonel SBH Duhuy wanneer hij meldt dat er slechts vijf gewonden vielen en niet op de hoogte blijkt te zijn van de namen van de acht slachtoffers en ook niet kan bevestigen waar het stoffelijk overschot van Soldaat Weygaerts zich bevindt.
  • 4/I/SpT
    De 4Cie blijft te Beernem.
  • 8/II/SpT
    De 8Cie is nog steeds te Steenbrugge.

    • Detachement Onderluitenant Smoes (Merelbeke), 8/II/SpT
      Onderluitenant Smoes komt aan te Gentbrugge omstreeks 00u15.  Hier moet hij rendez-vous maken aan de brug over de Hundelgemsesteenweg met een verbindingsofficier van de 16de Infanteriedivisie die echter niet is komen opdagen.  Smoes gaat op onderzoek naar het rangeerterrein van Merelbeke en ontdekt dat hier inderdaad nog een groot aantal goederentreinen met voorraden van het leger staan.  Hij belt naar de regimentsstaf en krijgt de instructie om deze treinstellen te evacueren.  Na heel wat rangeerwerk slaagt het detachement er in om twee treinstellen met brand- en smeerstoffen, levensmiddelen en handgranaten af te voeren.  De wagons worden naar het goederenstation Oostende-Zeehaven gebracht.
    • Detachement Luitenant Stenuit (Munitiedepot Houthulst), 8/II/SpT
      Dit detachement zal tot 24 mei in het munitiedepot blijven.
    • Detachement Onderluitenant Faict (Munitiedepot Zedelgem), 8/II/SpT
      Een laatste trein van 50 goederenwagons vertrekt uit Zedelgem.  De ploegen keren terug naar de 8Cie.
    • Detachement Sergeant Van Goetem (Munitiedepot Eeklo), 8/II/SpT
      Majoor SBH Calle van de Directie van het Vervoer bij het Leger bevestigt dat de evacuatie van het munitiedepot zal aflopen aan het eind van de nacht van 23 op 24 mei.  De ploegen van Sergeant Van Goetem moeten ter plekke blijven tot dit voltooid is.  De stationscommandant van Eeklo wordt hiervan verwittigd.  Het detachement zal zoals gepland terugkeren.
  • 9/II/SpT
    De compagnie, minus een peloton, is te Poperinge.
  • 15/III/SpT
    De 15Cie blijft te Lichtervelde.
  • 16/III/SpT
    De 16Cie is te Kortemark.

II/SpT

  • Staf/II/SpT, peloton 10/III/SpT, 11/III/SpT
    Deze eenheden zijn te Tielt.
  • 6/II/SpT
    De 6Cie wordt verplaatst van Aarsele naar Ardooie.
  • 7/II/SpT
    De 7Cie wordt verplaatst van Pittem naar Zarren.

III/SpT

  • Staf/III, peloton 10/III/SpT
    Kapitein-commandant Lagrange beveelt het bataljon van uit Ingelmunster.  De bataljonsstaf zorgt onder meer voor de levering van twee waterpompen met de nodige brandstof voor het bijtanken van locomotieven op lijn 76 te Stavele en Leisele.
  • Detachement Majoor Paquet (Spoorlijn 76, Roesbrugge-Beveren), 5/II/SpT, peloton 9/II/SpT en 13/III/SpT
    De laatste troepen die Majoor Paquet nodig heeft voor de heraanleg van het spoor tussen Roesbrugge en Beveren-aan-de-Leie komen in de voormiddag aan.  Op het middaguur worden de werken gestart.  De manschappen zullen arbeiden tussen 05u00 en 21u30.  In eerste instantie wordt de spoorbedding op de rechteroever in orde gebracht, tussen de te bouwen brug van Beveren-aan-de-Leie en het station van Roesbrugge.  Ondertussen komen de diverse treinstellen met het materieel toe.  Op elk van de oevers worden telkens 3 Type 53 rangeerlocomotieven stand-by gehouden voor het verplaatsen van de wagons naarmate de werf zal vorderen.  Majoor Paquet hoopt om tegen de avond van 24 mei de spoorbedding klaar te hebben voor het plaatsen van de rails.  Aan het eind van de dag ontbreken nog 2 treinstellen met rails.  Een van deze treinstellen staat in het station van Veurne vast en wacht op een reeks rangeerbewegingen om verder te kunnen reizen.  Het andere treinstel zit tussen Veurne en Kortemark.
  • De evacuatie door het leger van de Gentse zeehaven zou doorlopen tot in de nacht van 23 mei 1940. De Duitsers stonden dan al in de Gentse binnenstad.

    De evacuatie door het leger van de Gentse zeehaven zou doorlopen tot in ochtend van 23 mei 1940. De Duitsers stonden dan al aan de rand van de Gentse binnenstad.

    10/III/SpT
    De 10Cie heeft een peloton te Ingelmunster, een peloton te Tielt en het detachement van Luitenant Leys in Gent-Zeehaven.

    • Detachement Luitenant Leys (Gent-Zeehaven), 10/III/SpT
      Het detachement verlaat het havengebied per vrachtwagen tijdens de nacht van 22 op 23 mei.
  • 12/III/SpT
    Deze compagnie is te Ingelmunster.

    • Detachement Kapitein-commandant Bovijn (Gent-Zeehaven), 12/III/SpT
      De missie van Kapitein-Commandant Bovijn nadert het einde.  In de tweede helft van de nacht worden een aantal bruggen in de haven met explosieven vernield.  De Commandant heeft even voordien de manschappen die nog bij hem zijn verzamelen in het station Gent-Rabot.  Het detachement van Luitenant Dubois wordt per vrachtwagen teruggestuurd naar Ingelmunster.  Bovijn keert nog even terug om zich ervan te verzekeren dat de spoorverbindingen over het Kanaal Gent-Terneuzen in de haven wel degelijk vernield zijn en verlaat dan de stad om naar Wingene terug te keren.  Van hieruit vervoegt hij zijn compagnie.  Tijdens de opdracht in Gent-Zeehaven werden maar liefst 30 treinstellen met broodnodige voorraden tijdig weggehaald. 
  • 14/III/SpT
    De 14Cie is nog steeds de Ingelmunster en krijgt om 18u20 een bevel om op spoorlijn 66 Kortrijk-Brugge 400 dwarsliggers gaan uit te breken tussen Heule en Lendelede.  De dwarsliggers zijn nodig om te Ingelmunster de schootsstelling van de spoorwegartillerie te verstevigen.
    Omdat de Duitse druk op het Leie-front toeneemt, wordt het achtergebied ontruimd. De spoorwegtroepen verlaten Ingelmunster rond 22u00 richting Roeselare. De troepen worden te voet vooruitgestuurd om de mars van zo’n 8Km af te leggen, terwijl de trein een flinke 35Km moet omrijden om zijn bestemming te bereiken.

Staf/SpT
De regimentsstaf blijft te Sint-Kruis.

I/Spt

  • Staf/I/SpT
    De staf van het Iste Bataljon behoudt zijn standplaats te Sint-Kruis.
  • 1/I/SpT, 2/I/SpT, 16/III/SpT
    De 1Cie, 2Cie en 16Cie blijven te Kortemark.  De drie compagnies worden er aan herinnerd dat materieelaanvragen door de werf van Majoor Paquet op lijn 76 als prioritair dienen behandeld te worden.
  • 3/I/SpT
    De 3Cie is te Oostkamp
  • 4/I/SpT
    De 4Cie blijft te Beernem.
  • 8/II/SpT
    De 8Cie is nog steeds te Steenbrugge.  De compagnie ontvangt in het station van Brugge 3 goederenwagons met dwarsliggers.

    • Detachement Luitenant Stenuit (Munitiedepot Houthulst), 8/II/SpT
      Het detachement van Luitenant Stenuit rondt zijn opdracht af.  Op 21 mei werden 5 treinstellen van 6 tot 15 goederenwagons geëvacueerd.  Op 22 mei waren dit 2 treinstellen van 50 wagons en op 23 mei nog 1 treinstel van dezelfde lengte.  Op de terreinen van het depot werden ook een hele reeks wagons opgesteld om van hieruit rechtstreeks munitie te kunnen overladen in de vrachtwagens van de munitiepelotons die zich nu rechtstreeks in de depots komen bevoorraden.  Ook werd op het terrein van het munitiedepot een treinstel geplaatst van 29 wagons met materieel van het Park van de Genie van het Leger.  Op 24 mei staan er nog twee munitietreinen in het station van Westrozebeke die niet kunnen afgevoerd worden omwille van de opstopping in het station van Kortemark.  De 10 ploegen zullen ter plekke blijven.
  • 9/II/SpT
    De compagnie, minus een peloton, is te Poperinge.
  • 15/III/SpT
    De 15Cie blijft te Lichtervelde.

II/SpT

  • Staf/II/SpT, peloton 10/III/SpT, 11/III/SpT
    Deze eenheden zijn te Tielt.
  • 6/II/SpT
    De 6Cie is te Ardooie.
  • 7/II/SpT
    De 7Cie is te Zarren.  De Militaire Dienst der Spoorwegen vraagt om de compagnietrein uit dit station te verplaatsen, maar Kolonel SBH Duhuy weigert en laat alleen de lege wagons weghalen.

III/SpT

  • Staf/III, peloton 10/III/SpT, 12/III/SpT, 14/III/SpT
    Kapitein-commandant Lagrange krijgt om 04u05 het bevel om alle eenheden uit Ingelmunster weg te halen en over te brengen naar Beveren nabij Roeselare.  De compagnies verplaatsen zich in de voormiddag.  Bij de 14Cie zijn de spoorwegtroepen te Roeselare weer verenigd met hun trein en raken de stad niet uit. De seinen blijven op rood staan en het spoorverkeer zit muurvast.
    De 14Cie behoudt een detachement te Ingelmunster dat aan de versteviging van het spoor werkt ten behoeve van de spoorwegartillerie.  Tegen de avond zijn over een afstand van 780m bijkomende dwarsliggers onder de sporen geplaatst die de terugslag van het zware spoorweggeschut moeten opvangen.
  • Detachement Majoor Paquet (Spoorlijn 76, Roesbrugge-Beveren), 5/II/SpT, peloton 9/II/SpT en 13/III/SpT
    De laatste twee treinstellen die Majoor Paquet nodig heeft komen aan in de tweede helft van de nacht van 23 op 24 mei.  Op 24 mei wordt een aanvang gemaakt met het inheien van de palen voor de spoorbrug over de Ijzer.  Aan het eind van de dag is ook de spoorwegbedding zo goed als klaar.  Majoor Paquet verwacht om ‘s anderendaags te kunnen starten met het plaatsen van de eerste railelementen.
Met behulp van platte spoorwagons en een glijbaan hadden de spoorwegtroepen een eigen systeem voor de snelle aanleg van nieuwe lijnen.

Met behulp van platte spoorwagons en een glijbaan hadden de spoorwegtroepen een eigen systeem voor de snelle aanleg van nieuwe lijnen.

Staf/SpT
De regimentsstaf blijft te Sint-Kruis.  Aan het eind van de dag vraagt de Directie van het Vervoer bij het Leger of het regiment in staat zou zijn om de exploitatie van de stations van Ieper en Roeselare over te nemen.  Deze stations worden nog in bedrijf gehouden door het gemilitariseerde personeel van de NMBS onder de banier van het Speciaal Korps der Spoorwegen, Telegraaf en Telefoon, maar er wordt gevreesd dat dit bij een verdere Duitse opmars geen betrouwbare aanpak zal blijven.

I/Spt

  • Staf/I/SpT
    De staf van het Iste Bataljon behoudt zijn standplaats te Sint-Kruis.
  • 1/I/SpT, 2/I/SpT, 16/III/SpT
    De 1Cie, 2Cie en 16Cie blijven te Kortemark.
  • 3/I/SpT
    De 3Cie is te Oostkamp
  • 4/I/SpT
    De 4Cie blijft te Beernem.
  • 8/II/SpT
    De 8Cie is nog steeds te Steenbrugge. 

    • Detachement Luitenant Stenuit (Munitiedepot Houthulst), 8/II/SpT
      Het detachement met 10 locomotiefbemanningen blijft in het depot van Houthulst.
  • 9/II/SpT
    De compagnie, minus een peloton, is te Poperinge.
  • 15/III/SpT
    De 15Cie blijft te Lichtervelde.

II/SpT

  • Staf/II/SpT, peloton 10/III/SpT, 11/III/SpT
    Deze eenheden zijn te Tielt, maar krijgen het bevel om eveneens naar het station Ardooie-Koolskamp uit te wijken.  Deze verplaatsing wordt gedeeltelijk verklaard door de komst van de spoorwegartillerie tussen Aarsele en Tielt (8ste Batterij 5LA) en tussen Pittem en Tielt (10de Batterij 5LA).
  • 6/II/SpT
    De 6Cie is te Ardooie.
  • 7/II/SpT
    De 7Cie is te Zarren.

III/SpT

  • Staf/III, peloton 10/III/SpT, 12/III/SpT, 14/III/SpT
    Deze eenheden zijn te Beveren nabij Roeselare.
    Rond 03u00 is de trein van de 14Cie aangekomen te Beveren op de spoorlijn 66 van Roeselare naar Torhout. De militairen van de 14Cie worden onder meer in de kerk ondergebracht. Kapitein-commandant Lagrange laat weten aan de regimentsstaf dat het dorp Beveren binnen het bereik van de Duitse artillerie ligt en regelmatig beschoten wordt.  Hij dient ter plekke te blijven.
    Rond 20u00 kijken de manschappen toe hoe de stad Roeselare in brand geschoten wordt door de Duitsers.  De treinstellen worden in de loop van de avond ook vanuit de lucht gemitrailleerd.
  • Detachement Majoor Paquet (Spoorlijn 76, Roesbrugge-Beveren), 5/II/SpT, peloton 9/II/SpT en 13/III/SpT
    Op het traject tussen Beveren-Ijzer en Roesbrugge wordt op de rechteroever van de rivier het spoor geplaatst.  De installatie van de bouwelementen loopt vlot zodat tegen het eind van de dag de brug bereikt wordt en het spoor klaar is voor het aanbrengen van het ballast.
    Majoor Paquet is bijzonder bezorgd om de luchtveiligheid van zijn werf en wil per se dat er luchtdoelartillerie zou ontplooid worden.  Dit verzoek wordt meermaals herhaald doorheen de dag, maar kan niet ingewilligd worden.

Compagnie Park
De compagnie werkt samen met de NMBS aan de herstelling van de toegang tot de wijksporen in het station Oostende-Stad.  De herstellingen worden tegen het middaguur afgerond.

Staf/SpT
De regimentsstaf blijft te Sint-Kruis.

I/Spt

  • Staf/I/SpT
    De staf van het Iste Bataljon behoudt zijn standplaats te Sint-Kruis.
  • 1/I/SpT, 2/I/SpT, 16/III/SpT
    De 1Cie, 2Cie en 16Cie blijven te Kortemark.
  • 3/I/SpT
    Het dorp en de stationsomgeving van Oostkamp wordt opnieuw aangevallen door de Luftwaffe. Heel wat kleine vliegtuigbommen raken vast te zitten in het ballast van de spoorlijn zonder te ontploffen. De manschappen trachten de tuigen te verwijderen om het treinverkeer niet te belemmeren.
  • 4/I/SpT
    De 4Cie verlaat Beernem en verhuist naar Jabbeke.  De compagnie komt hier aan om 17u30.
  • 8/II/SpT
    De 8Cie is nog steeds te Steenbrugge.

    • Detachement Luitenant Stenuit (Munitiedepot Houthulst), 8/II/SpT
      Het detachement met 10 locomotiefbemanningen blijft in het depot van Houthulst.
  • 9/II/SpT
    De compagnie, minus een peloton, is te Poperinge.
  • 15/III/SpT
    De 15Cie blijft te Lichtervelde.

II/SpT

  • Staf/II/SpT, 6/II/SpT, peloton 10/III/SpT, 11/III/SpT
    Deze eenheden zijn alle in het station Ardooie-Koolskamp.
    De bataljonsstaf wordt om 11u40 verwittigd door de regimentsstaf dat de sporen in het station van Torhout zouden beschadigd zijn en moet een verkenningsploeg uitsturen.  De taak wordt toegewezen aan de 6Cie.
    Om 14u15 beveelt de regimentsstaf dat de bataljonsstaf, de 6Cie en het peloton van de 10Cie die alle te Ardooie-Koolskamp zijn, moeten terugtrekken naar het station Ichtegem op lijn 62 Oostende-Torhout.  De 11Cie moet verhuizen naar het station van Wijnendale op dezelfde spoorlijn.

    • Detachement Luitenant V. Dehon (Station Torhout), 6/II/SpT
      De tweede commandant van de 6Cie vertrekt om 15u15 met een ploeg van 30 militairen.  Er moeten slechts vier rails vervangen worden.  De ploeg kan de herstellingen nog dezelfde dag afronden.
  • 7/II/SpT
    De 7Cie is te Zarren.

III/SpT

  • Staf/III, peloton 10/III/SpT, 12/III/SpT, 14/III/SpT
    Deze eenheden zijn te Beveren nabij Roeselare en krijgen om 09u45 een bevel om naar Westrozebeke uit te wijken.  Ook nu weer wordt de troepenbeweging snel gespot door de Duitse Luftwaffe en worden de Belgische militairen meermaals gemitrailleerd vanuit de lucht. Via spoorlijn 63 wordt uiteindelijk doorgereden naar Westrozebeke waar zich op dat ogenblik nog de belangrijke munitiedump van ons leger bevindt.
    De 14Cie krijgt de opdracht om te onderzoeken hoeveel spoornagels er beschikbaar zijn.  De compagnie schat zo’n 10- to 12.000 nagels te kunnen leveren, waarvan er 7.000 moeten gerecupereerd worden uit de wijkbundel en het goederenterrein van het station van Roeselare.  In tegenstelling tot spoorschroeven laten spoornagels een snellere en eenvoudigere installatie van spoorrails toe. De 14Cie wordt vervolgens doorgestuurd om 12m beschadigd spoor te gaan herstellen in het station van Gits en moet daarna te op lijn 63 Kortemark-Ieper te Staden gaan kantonneren.

    • Schets van de schade aan de sporen te Gits opgemaakt door Onderluitenant Ruelens.

      Schets van de schade aan de sporen te Gits opgemaakt door Onderluitenant Ruelens.

      Detachement Onderluitenant Ruelens (Station Gits), 14/III/SpT
      Terwijl de rest van de compagnie verder trekt naar Staden, wordt Onderluitenant Ruelens achtergelaten te Gits om de sporen te herstellen.  Op het hoofdspoor moet 12m rails vervangen worden.  Net voor de wissel van de locomotievenloods is een sectie van 6m beschadigd.  Ruelens vindt alle materieel ter plekke.  Er wordt ook nog een bomkrater vlak naast de sporen gedicht.

    • Detachement Luitenant R. Dehon (Station Roeselare), 14/III/SpT
      Bij de doortocht te Gits geeft de regimentsstaf om 14u20 de opdracht geeft om onmiddellijk een detachement terug te sturen naar Roeselare. Het stationsterrein is gebombardeerd door de Luftwaffe en er staat een geneeskundige evacuatietrein vol gewonden geblokkeerd.  Het spoor naar Lichtervelde moet zo snel mogelijk hersteld worden om de trein in deze richting te kunnen afvoeren.  De schade te Roeselare lijkt al bij al nog mee te vallen.  Van de vier hoofdsporen is spoor 1 nog intact en spoor 2 al snel weer hersteld.  Op spoor 3 staat een locomotief met een lege ketel.  Alleen op spoor 4 is een bom direct op een wagon gekomen die vernield is en het spoor blokkeert.  Voor deze wagon is een hijskraan nodig zodat dit spoor buiten dienst gesteld wordt.  Er wordt geen geneeskundige evacuatietrein in het station van Roeselare teruggevonden.  Luitenant Dehon rond deze opdracht af en blijft vervolgens ter plekke om de spoornagels van de wijksporen te recupereren.  De manschappen lichten 2.000 nagels tussen 16u00 en 19u00 en vervoegen vervolgens de compagnie die alsnog te Staden is aangekomen.
    • Detachement Station Proven, 10/III/SpT
      Het IIIde Bataljon stuurt ook een detachement naar het station van Proven op het deel Adinkerke-Beveren van lijn 76 waar een zware locomotief ontspoort is.  Dit detachement kan alleen maar vaststellen dat dit inderdaad ook gebeurd is en er een grote spoorkraan nodig is om de machine te lichten.  Het spoor is buiten gebruik.
  • Detachement Majoor Paquet (Spoorlijn 76, Roesbrugge-Beveren), 5/II/SpT, peloton 9/II/SpT en 13/III/SpT
    De werken aan lijn 76 gaan verder.  Majoor Paquet wordt op de hoogte gebracht van de ontsporing van 4 munitiewagons op het gedeelte van de lijn tussen Houtem en Leisele.  Hij stuurt een ploeg van de 5Cie uit om de wagons te bergen.  Ondertussen zijn alle palen van de brug over de Ijzer ingeheid en kan de constructie van het brugdek starten.  Op de noordelijke oever wordt 2.200 kubieke grond afgegraven voor de spoorbedding.  Op de noordelijke oever werd tijdens de nacht van 25 op 26 mei al 760m spoor gelegd.  De laatste 550m zijn gepland voor de nacht van 26 op 27 mei.  Wanneer hier alle ballast ondergestopt is, is de verbinding tussen de spoorbrug over de Ijzer en het station van Roesbrugge opnieuw gerealiseerd.

Compagnie Park
Opnieuw ten gevolge van een luchtbombardement is het spoor over de brug naar de voorhaven beschadigd.  De compagnie voert de nodige herstellingen uit zodat een aantal tankwagons uit de voorhaven kunnen gehaald worden.

Staf/SpT
Net voor het middaguur verneemt de kolonel dat de ganse Directie van het Vervoer bij het Leger zinnens is om Brugge te verlaten en naar het dorp Gistel terug te trekken.  Het eerste echelon van de staf van de directie zal al vertrekken om 13u00.  Dit betekent dat ook de staf van dit regiment naar dit dorp moet vertrekken.  Deze verplaatsing zal evenwel niet meer plaatsvinden.
Aan het eind van de dag verneemt Kolonel SBH Duhuy van de Directie van het Vervoer bij het Leger dat de capitulatie nabij is.  Alle werkzaamheden van het regiment worden met onmiddellijke ingang gestaakt.  Om 20u30 verspreid de kolonel de orders voor de hergroepering van het regiment.  Het Iste Bataljon zal samen met de 16de Compagnie samengebracht worden te Westkerke, Zerkegem, Snellegem en Varsenare.  Het IIde Bataljon moet verzamelen te Koekelare en Ichtegem.  Het IIIde Bataljon moet zich naar Ruddervoorde en Waardamme begeven.  Al het spoorwegmaterieel zal achtergaten worden.  Alle treinstellen mogen gewoon blijven staan.  De troepen zullen zich per vrachtwagen of te voer verplaatsen.  Bij aankomst moet zo ver mogelijk van de spoorweginfrastructuur gekantonneerd worden, om te vermijden dat de Duitsers te troepen zouden opvorderen.  Alle documenten moeten bij aankomst verbrand worden.

I/SpT

  • Staf/I/SpT
    De bataljonsstaf verhuist een laatste keer naar Gistel.  Om 19u40 wordt de nieuwe locatie bevestigd aan de regimentsstaf.  Majoor Flamion heeft een woonhuis in het centrum van het dorp uitgekozen dat zowel voor het logement als voor de commandopost zal gebruikt worden.  In een vijandelijke luchtaanval kort na aankomst zijn 4 militairen gewond geraakt.  In het dorp is geen telefoonverbinding naar Oostende of Brugge meer.  Majoor Flamion stuurt nog een handgeschreven bericht naar Kolonel SBH Duhuy waarin hij aan de regimentsstaf adviseert om te Sint-Kruis te blijven.
  • 1/I/SpT, 2/I/SpT, 16/III/SpT
    De 1Cie, 2Cie en 16Cie blijven te Kortemark.
  • 3/I/SpT
    De compagnie krijgt om 21u00 het bevel om alles achter te laten te Oostkamp en onmiddellijk naar Westkerke uit te wijken. De korte etappe duurt ettelijke uren en de manschappen zullen pas de volgende ochtend aankomen.
  • 4/I/SpT
    De 4Cie is te Jabbeke.
  • 8/II/SpT
    De 8Cie is nog steeds te Steenbrugge.

    • Detachement Luitenant Stenuit (Munitiedepot Houthulst), 8/II/SpT
      Het detachement met 10 locomotiefbemanningen blijft in het depot van Houthulst.
  • 9/II/SpT
    De compagnie, minus een peloton, is te Poperinge.
  • 15/III/SpT
    De 15Cie blijft te Lichtervelde.

II/SpT

  • Staf/II/SpT, peloton 10/III/SpT
    Deze eenheden zijn te Ichtegem.  Langsheen spoorlijn 62 Oostende-Torhout zijn de telefoon- en telegraafverbindingen uitgevallen.
  • 6/II/SpT
    De 6Cie is ook te Ichtegem en telt nog 5 officieren, 18 onderofficieren, 24 korporaals en 229 manschappen.  Er zijn ook nog 8 manschappen van de 8Cie in onderhoud.  Van uit Ichtegem stuurt de compagnie verkenningsdetachementen naar Wijnendale, Gistel en Moere om de staat van de sporen na te kijken.  Te Wijnendale en Gistel moet schade van luchtaanvallen hersteld worden.

    • Detachement Luitenant Somers (Station Wijnendale), 6/II/SpT
      De schade te Wijnendale wordt hersteld door een groep van 55 manschappen geleid door Luitenant Somers. Dit detachement vertrekt om 15u00 te voert naar Wijnendale beschikt over een tractor en een bestelwagen.
    • Detachement Luitenant Dehon (Station Gistel), 6/II/SpT
      De herstellingen te Gistel zijn voor rekening van een tweede detachement met 30 militairen onder Luitenant Dehon.  Dit detachement wordt om 14u00 vervoerd in 2 vrachtwagens.
    • Detachement Sergeant Tubbax (Station Wijnendale), 6/II/SpT
      Tubbax en zijn manschappen worden belast met het terughalen per vrachtwagen van het personeel van de 11Cie van Wijnendale naar Ichtegem.
  • 7/II/SpT
    De 7Cie is te Zarren.  Om 09u15 wordt de compagnie gemitrailleerd door Duitse vliegtuigen.  Deze toestellen geven klaarblijkelijk het doel door, want om 10u30 volgt een luchtbombardement.  Het spoor wordt op een locatie vernield, en op twee andere locaties verschoven.  De trein van de 7Cie zit dan ook vast, samen met een geneeskundige evacuatietrein die werk ten voordele van het MCC Klerken/Zarren van de Groepering der Eenheden van de Gezondheidsdienst van het Leger.  Tijdens de luchtaanval raakt 1ste Sergeant Croonen gewond aan de hand.
  • 11/III/SpT
    Bij een luchtaanval op het station van Wijnendale worden ook enkele munitiewagons geraakt.  Door de ontploffing ontstaan meerdere branden op het stationsterrein.  Ook het treinstel van de 11Cie vat vuur.  Een groot deel van het materieel van de compagnie waaronder de veldkeuken is vernield.  De manschappen zijn in alle richtingen gevlucht en kunnen door de officieren slechts met veel moeite weer min of meer samengebracht worden.  De compagnie moet dringend weg uit het dorp en zal per vrachtwagen overgebracht worden naar Ichtegem.  De 11Cie is niet langer inzetbaar.

III/SpT

  • Staf/III, peloton 10/III/SpT, 12/III/SpT
    Deze eenheden zijn te Westrozebeke.  De treinstellen van verschillende eenheden staan in het station opgesteld.  De manschappen zijn in diverse gebouwen van het dorp ingekwartierd.
    De 12Cie wordt in de loop van de dag om veiligheidsredenen verhuisd naar de noordwestrand van Westrozebeke na de aankomst van elementen van het 23A die betrokken zijn bij de strijd rond Passendale.
    Kapitein-commandant Lagrange maakt zich ongerust over de nabijheid van het front en wil wel uit het dorp Westrozebeke.  Om 15u00 belt hij vruchteloos naar de regimentsstaf om nieuwe orders.  Vervolgens stuurt hij een estafetterijder per motorfiets naar Sint-Kruis.  Wanneer die om 21u00 nog steeds niet teruggekeerd is, laat Lagrange zijn eenheden vertrekken naar Werken.
  • 14/III/SpT
    De 14Cie komt aan op een hoeve te Staden. De militairen worden er in huizen en hoeves ondergebracht en blijven de ganse dag binnen om aan het zicht van de Duitse vliegtuigen onttrokken te blijven. Wanneer de Duitse troepen tot op een 3-tal Km van Staden naderen, wordt besloten om de eenheid onmiddellijk te voet te laten vertrekken naar het noorden. Via een mars over Zarren wordt het dorp Werken bereikt. De wegen zitten vol Belgische militaire voertuigen. De manschappen worden aan het eind van de dag onderbracht in de gemeenteschool van het dorp.
  • Detachement Majoor Paquet (Spoorlijn 76, Roesbrugge-Beveren), 5/II/SpT, peloton 9/II/SpT en 13/III/SpT
    Deze eenheden zijn verdeeld onder Beveren-Ijzer en Roesbrugge.

Compagnie Park
Ook de Compagnie Park blijft niet gespaard in de zware luchtaanvallen op de stad Oostende.  Bij een aanval slaan een 20-tal bommen in op het spoorterrein waar de compagnie is ondergebracht.  De wagon met de reservevoorraad aan steenkool die achter de tender van de locomotief van de troepentrein gekoppeld is, krijgt een voltreffer.  Ook worden de sporen op diverse punten vernield.  De compagnie heeft wel nog een intacte aansluiting met het spoornet.  Er is geen telefoonverbinding meer.

Staf/SpT
Op de dag van de capitulatie zullen de drie bataljons elk trachten om hun organieke compagnies samen te brengen op de door de regimentsstaf aangeduide locaties.  Door de vele tijdelijke reaffectaties wil dit niet altijd even vlot lukken. 

I/SpT

  • 3/I/SpT
    De compagnie verneemt het nieuws van de capitulatie te Westkerke.

II/SpT

  • Staf/II/SpT, peloton 10/III/SpT, 6/II/SpT
    Kapitein-commandant Delporte is nog steeds te Ichtegem wanneer hij omstreeks 06u00 een officier van de transmissietroepen ontmoet die hem een schriftelijk bericht laat zien dat de capitulatie bevestigt.  Delporte stuurt een motorwielrijders naar Sint-Kruis met een verzoek om bevestiging.

III/SpT

  • Staf/III/SpT
    Te Werken verneemt het IIIde Bataljon van de spoorwegtroepen het nieuws van de overgave. Nog tijdens de voormiddag komen de eerste Duitse militairen aan in het dorp.

Staf/SpT
Het regiment heeft getracht om zich zo goed mogelijk te hergroeperen.  De situatie van de eenheden is als volgt:

  • De regimentsstaf heeft nog een 100-tal militairen in de Mariawendeschool te Sint-Kruis
  • De 1Cie, 2Cie en 16Cie hebben samen een 140-tal militairen in de hoeve van het Kasteel Ter Loo te Loppem
  • De 3Cie, 4Cie en 8Cie hebben ongeveer 250 militairen aan de Moerkerksesteenweg 433 te Sint-Kruis
  • De staf van het IIde Bataljon en de 5Cie hebben een handjevol militairen in Sint-Kruis
  • De 6Cie en 7Cie zijn ingekwartierd tussen Knesselare en Oedelem
  • De 10Cie, 11Cie, 12Cie en 14Cie bevinden zich nabij Werken met samen ongeveer 500 militairen
  • Van de 9Cie en 13Cie heeft de regimentsstaf geen nieuws
  • De 15Cie was te Beernem en is onderweg naar Vivenkapelle met nog een 20-tal militairen
  • De Compagnie Park heeft Oostende verlaten en is eveneens aangekomen in Sint-Kruis met nog een 25-tal militairen

Staf/SpT
Op een nieuwe stafvergadering wordt bepaald dat het IIIde Bataljon niet zal terugkeren naar het regiment, maar binnen het operatiegebied van het IVde Legerkorps zal blijven.  Er wordt verwacht dat het IV/LK op 2 juni met de mars naar het oosten zal starten en zich in eerste instantie in het gebied tussen de Leie en de Schelde zal begeven tussen de baan van Oudenaarde naar Olsene in het zuiden en de zuidrand van het Bruggenhoofd Gent in het noorden.  Het bataljon zal per compagnie een vrachtwagen voor de bagage en een vrachtwagen voor de veldkeuken behouden.  De bataljonssstaf zal nog over een vrachtwagen, een personenwagen en een motorfiets beschikken.  De rest van het wagenpark van het IIIde Bataljon wordt overgeleverd aan de bezetter.

De rest van het regiment blijft in het verzamelgebied van het Vde Legerkorps.  De staf moet op 31 mei tegen 08u00 een motorfiets naar de staf van het V/LK Varsenare sturen om de marsorders voor de aftocht naar het oosten in ontvangst te nemen.  Het regiment zal herschikt worden in drie marscompagnies.  De 1ste marscompagnie zal bevolen worden door Kapitein-commandant Wauthier en omvat de regimentsstaf, de staf van het Iste Bataljon, de 1Cie en de 2Cie.  De 2de marscompagnie omvat de militairen van de 3Cie.  De 3de marscompagnie zal bevolen worden door Kapitein-commandant Roegiers en omvat alle overige elementen van het regiment.  Het regiment hoopt om 14 vrachtwagens, 2 personenwagens en 1 motorfiets mee te kunnen nemen.  Dit deel van de colonne zal bevolen worden door Luitenant Hardies.

31 mei 1940

Staf/SpT
Kolonel SBH Duhuy wordt door de staf van het V/LK aan het hoofd geplaatst van een marsgroepering die zal bestaan uit het Regiment Spoorwegtroepen (minus het IIIde Bataljons), het IIIde Bataljon van het 9de Regiment Hulptroepen (400 militairen), het IIIde Bataljon van het 2de Regiment Hulptroepen (170 militairen), de 25ste Compagnie Transmissietroepen (40 militairen), de 1ste Directie der Genie en Fortificaties (20 militairen), de Gezondheidsdienst van de Directie voor aan- en afvoer bij het Leger en de Dienst Posterijen (samen 300 militairen).  Deze eenheden dienen alle ten noordoosten van Brugge verzameld te worden.

Staf/SpT
Aan de groepering van Kolonel SBH Dehuy wordt ook het Iste Bataljon van de Wachters van Verkeerswegen en Inrichtingen (ongeveer 700 militairen) en het Depot van de Gezondheidsdienst van het Leger (150 militairen) toegevoegd.  De groepering verplaatst zich naar Strobrugge en het Belgische en Nederlandse deel van Eede. De manschappen worden niet bewaakt en kunnen vrij beschikken maar moeten om 21u00 in hun kantonnementen zijn.

Na de capitulatie

Op 3 juni zal de groepering van Kolonel SBH Duhuy naar Sluis gestuurd worden, waar Duhuy ook kantonnementscommandant van alle Belgische troepen in het stadje zal worden.  De groepering telt dan 170 officieren, 334 onderofficieren en 2.957 manschappen.  Er zijn ook nog 42 vrachtwagens, 5 personenwagens, 2 motorfietsen en 90 fietsen.

De Duitsers starten het proces van de gevangenname op 9 juni.  Op die datum vaardigt de Duitse plaatscommandant van Sluis een bevel uit om tegen 14u00 alle militairen te verzamelen die naar Duitsland zullen overgebracht worden.  Deze groep omvat alle actieve militairen, alle Waalse militairen met uitzondering van diegenen met een knelpuntberoep (artsen, ingenieurs, enz), en alle Walen zonder uitzondering van bepaalde beroepsgroepen uit de arrondissementen Arlon, Virton en Neufchateau.  Al deze militairen moeten voedsel voor 48u meebrengen.  De overige militairen zullen ter plekke gedemobiliseerd worden.

Slachtoffers

EenheidNaamVoornaamFotoGraadStandKlas° op° te+ op+ teNota
StafCARLIERFransSdtMil1525.12.1895Londerzeel24.05.1940Gravelines (F)
5/IIDE FILETTEPierre, A.SdtMil2417.07.1904Heverlee12.05.1940LeuvenTrambestuurder detachement NMVB
4/IDUPONTAlbertSdtMil2017.02.1900Hornu27.05.1940Adinkerke
IIGUSTDésiré, Auguste EvaristeMaj22.10.1892Charleroi18.05.1940Gent
StafLANDRAINMarcel, L.E.SdtMil2531.05.1904Mons25.05.1940Ieper
OnbekendMATHIEUFransSdtMil2710.03.1907Namur19.07.1940Lingen (D)Krijsgevangene
StafMONNIERAuguste, J.SdtMil2106.02.1901Thulin20.05.1940Strazeele (F)
StafRANDOURPaul, O.SdtMil2325.02.1903Wasmuel20.05.1940Saint-GhislainVerwond 17.05
1/ISWANNETJoseph, L.SdtMil2813.12.1908Antwerpen27.05.1940GitsAfgedeeld als machinist bij II/5LA. Sneuvelde tijdens luchtbombardement op een van de spoorwegkanonnen
8/IITHYSHenriKplMil2019.09.1900Givry24.05.1940Oostende
12/IIIVAN VLIERBERGHEEduardSdtMil3325.03.1913Ekeren27.05.1940GitsAfgedeeld als machinist bij II/5LA. Sneuvelde tijdens luchtbombardement op een van de spoorwegkanonnen
1/IVENCENCIUSArthur, G.SdtMil2011.06.1900Rèves22.05.1940Aubigny (F)
3/IWEYGAERTSJoseph, A.SdtMil3717.02.1917Leefdaal23.05.1940Brugge

Bibliografie en Bronnen

  1. Oorlogsdagboek Jozef Bruyninckx, 14de Compagnie Spoorwegtroepen gedetacheerd in de Luchtbalkazerne (met dank aan Werner Bruynickx).
  2. Dossier Spoorwegtroepen, Sectie Classified Archives, Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid, Ministerie van Defensie.
  3. Dossier Kolonel SBH Duhuy, Archief Personalia, Documentatiecentrum Koninklijk Legermuseum, War Heritage Institute.