22ste Regiment Artillerie

Situatie op 10 mei 1940

Reglementaire benaming 22ste Regiment Artillerie | 22ème Régiment d’Artillerie | 22A
Type Regiment veldartillerie van de tweede reserve
Ontdubbeld van 1ste Artillerieregiment / 7de Artillerieregiment
2de Artillerieregiment / 4de Artilleregiment
Onderdeel van 14de Infanteriedivisie
Bevelhebber Kolonel Frédéric Boels
Adjudant-majoor Kapitein-commandant SBH Louis Legrand
Standplaats Dekkingsstelling – Albertkanaal
Commandopost te Herk de Stad
Samenstelling I Groep (Kapitein-commandant Fernand Amelot) 1ste Batterij van 4 x C75TR kanonnen (Lt Jean Vinck)
2de Batterij van 4 x C75TR kanonnen (Cdt Ferdnand Segers)
3de Batterij van 4 x C75TR kanonnen (Cdt Joseph Merckx)
  II Groep (Majoor Paul Thoreau) 4de Batterij van 4 x C75TR kanonnen (Cdt Charles Van Hoof)
5de Batterij van 4 x C75TR kanonnen (Lt Jean Courtoy)
6de Batterij van 4 x C75TR kanonnen (Cdt Auguste Gonze)
  Stafbatterij (Luitenant Lucien Braem)  

Tijdens de mobilisatie

Staf/22A
Het 22ste Artillerieregiment (22A) werd op 16 januari 1940 als artillerieregiment van tweede reserve samengesteld uit de Vde Groep van het 1ste Regiment Artillerie (1A) en de Vde Groep van het 7de Regiment Artillerie (7A) aangevuld met reservisten van 2A en 4A. Met deze reorganisatie wil de legerleiding de infanteriedivisies van de Tweede Reserve van een eigen artillerieregiment voorzien. Na zijn oprichting wordt het 22A aangeduid als het organieke artillerieregiment van de 14de Infanteriedivisie (14Div). Het regiment beschikt over 24 kanonnen 75mm Tir Rapide (TR) die door paardengespannen getrokken worden.

Aan de vooravond van de oorlog staat de 22A nog steeds onder bevel van de 14Div die het Albertkanaal tussen Beringen en Stokrooie bezet. Rechts van de 14Div bevindt zich  de 1ste Infanteriedivisie (1Div). De 1Div bezet de sector Hasselt tussen Stokrooie en Dorpsheide. Links van de 14Div staat de 6de Infanteriedivisie (6Div) van het IIde Legerkorps (II/LK) opgesteld. De drie infanterieregimenten van de 14Div staan in lijn opgesteld achter het kanaal. Het 35ste Linieregiment (35Li) bezet de linkerondersector en sluit aan op de stellingen van de 6Div, het 38ste Linieregiment (38Li) bezet de middenondersector terwijl het 36ste Linieregiment (36Li) op de rechterflank staat opgesteld en de junctie maakt met de 1Div. Het HK van de divisie is geïnstalleerd te Herk-de-Stad.

Aangezien 22A over te weinig kanonnen beschikt om de drie infanterieregimenten van de 14Div te ondersteunen wordt het regiment van bij zijn aankomst in de sector van de 14Div tijdelijk versterkt met de Iste Groep van het 1ste Regiment Artillerie (I/1A). Vreemd genoeg wordt Majoor Fremaut, groepscommandant van I/1A, ook aangesteld als CADI (oftewel Commandant d’Artillerie de la Division) van de 14Div. Kolonel Boels, de eigenlijke regimentscommandant van het 22A die normaal deze functie zou opnemen, ligt immers in het militair hospitaal van Brussel met een gebroken voet na een val van zijn paard op 1 mei 1940. In Boels’ afwezigheid wordt het 22A geleid door Majoor Thoreau van II/22A.  Deze groep wordt op zijn beurt geleid door Kapitein-commandant Van Hoof.

I/22A
De Iste Groep (I/22A) werd opgericht met manschappen en materieel van het 1A versterkt met materieel en manschappen van 2A bij de reorganisatie van de divisieartillerie op 16 januari 1940.

II/22A
De IIde Groep (II/22A) ontstond door overheveling van materieel en militairen van het 7A versterkt met materieel en manschappen van 4A.

 

Staf/22A
Het 22A wordt nog steeds versterkt met I/1A om aan de divisie de mogelijkheid te bieden om elk infanterieregiment door een aparte groep artillerie te laten ondersteunen. De staf verplaatst zich naar de gevechtspositie van het hoofdkwartier van de 14Div te Zwarte Ring, een gehucht op het kruispunt van de steenwegen Beringen-Diest en Lummen-Tessenderlo.

I/22A
De Iste Groep (I/22A) staat ontplooid nabij Kermt en Spalbeek waar het vuursteun levert aan het 36Li. De groep blijft de ganse dag op post en zal meermaals overvlogen worden door vijandelijke vliegtuigen. Wanneer een toestel de stellingen van de 2de batterij spot komen twee vliegtuigbommen neer die geen schade veroorzaken.

II/22A
De IIde Groep is ontplooid ten zuiden van Paal en ondersteunt het 35Li. Tijdens de nacht van 10 op 11 mei zal deze groep met akkoord van de Artilleriecommandant van de 14Div verhuizen naar zijn geplande reserveposities.

I/1A
De Iste Groep van 1A (I/1A) staat ten westen van Lummen op enkele kilometers achter de stellingen van het 38Li aan het Albertkanaal.

Schets van de beschikbare artilleriesteun op de dwarsstelling van Lummen op 11 mei 1940.

Schets van de beschikbare artilleriesteun op de dwarsstelling van Lummen op 11 mei 1940.

Staf/22A
Op het Groot Hoofdkwartier is het intussen duidelijk geworden dat de vijand na de overval op de 7de Infanteriedivisie op 10 mei het Belgische front aan het Albertkanaal heeft weten te breken en oprukt in zuidwestelijke richting tussen Hasselt en Luik. De algehele terugtocht van het oostelijke deel van het Albertkanaal werd bevolen en het veldleger zal post vatten achter de K.W. Stelling tussen Antwerpen en Leuven. Het Cavaleriekorps zal hierbij een dwarsstelling bezetten langsheen de Demer en de Gete. Om de aftocht in goede orde te laten verlopen, krijgt de 14de Infanteriedivisie het bevel om de dwarsstelling van Lummen in te nemen en zich zo ten dele naar het oosten te draaien. De divisiestaf verspreidt omstreeks 19u00 het bevel om het Albertkanaal ten dele te verlaten en om de rechterflank van 38Li en het volledige 36Li nieuwe defensieve posities te laten innemen op de dwarsstelling van Lummen, tussen Genebos in het noorden en Linkhout in het zuiden.

Voor de artillerie van de 14Div betekent dit dat I/22A en I/1A het bevel krijgen om zich te verplaatsen naar alternatieve stellingen die zich bevinden ten westen van de dwarsstelling en die reeds in de mobilisatieperiode verkend werden. De II/22A kan zijn posities behouden en moet niet verplaatst worden.

I/22A
De installatieploeg vertrekt even na 16u00 op bevel van de Artilleriecommandant van de 14Div naar de nieuwe stellingen ten westen van Lummen. De batterijen zullen in de nacht van 11 op 12 mei volgen en moeten om 23u00 Lummen gepasseerd zijn. De commandopost van de groep wordt overgebracht naar de nieuwe commandopost van het 36Li te Mellaar.

Staf/22A

I/22A
Vanaf de vroege ochtend start de vijand met een aanval op de posities van het 36Li.  Het regiment maakt contact met de aanvallers vanaf 09u30 en al snel zetten de Duitsers voldoende druk op de Belgische linies om een doorbraak te realiseren die uiteindelijk in de vooravond zal resulteren in de gevangenname van een belangrijk deel van het 36Li. De I/22A zal doorheen de dag op vraag van het 36Li ongeveer 2,400 artilleriegranaten afvuren om de opmars proberen af te remmen. Daarbij vallen ook de eigen schootsstellingen regelmatig onder vuur.  De hevigste beschieting vind plaats wanneer rond 18u30 de caissons van de 2de batterij bevoorraad worden door het Transportkorps van de 14Div. Vanaf 19u00 heeft de groep echter geen contact meer met zijn voorwaartse waarnemers. Om 19u45 besluit Kapitein-commandant Fernand Amelot om zijn adjunct uit te sturen naar het hoofdkwartier van de 14Div om toestemming te vragen om te mogen terugtrekken. Drie kwartier later komt de goedkeuring er en die betekent dat het I/22A omstreeks 21u00 start met de aftocht naar het westen. Bij het uit stelling gaan wordt de 3de batterij aangevallen door Duitse vliegtuigen die de voortreinen gespot hebben. De paarden van een van de voortreinen slaan op hol en gaan er zonder hun begeleiders vandoor, wat maakt dat de 3de batterij een vuurmond op de stelling moet laten staan.

II/22A
Ook deze groep blijft de ganse dag op zijn nieuwe stellingen en voert talrijke vuuropdrachten uit ten voordele van het 35Li. Om 19u00 verneemt de groepscommandant dat de schootsstellingen later op de avond zullen verlaten worden. Om 20u45 probeert Kapitein-commandant Van Hoof om te bellen naar de Artilleriecommandant van de divisie voor verdere instructies en naar zijn batterijen die hij niet meer hoort vuren, maar dit lukt niet meer door de schade aan het veldtelefoonnet.  Hij begeeft zich naar de stellingen van de batterijen en stelt vast dat II/22A en I/1A reeds in marscolonne klaar staan om te vertrekken. Er ontstaat onmiddellijk een verhitte discussie tussen Van Hoof en zijn batterijcommandanten wanneer even later de bevestiging binnenloopt van de staf van de 14Div dat de ganse divisie een bevel tot de aftocht gekregen heeft, De colonnes vertrekken onmiddellijk.

Op de baan van Diest naar Veerle komen de colonnes van II/22A en I/1A vast te zitten aan de brug over het Zwartwater die reeds vernield is door de Belgische genie.  Ook de brug over dezelfde waterloop in de dorpskern van Molenstede blijkt reeds vernield. Na wat zoekwerk wordt het nog intacte bruggetje van de Asdonkstraat ontdekt en kunnen de marscolonnes verder. Van hieruit gaat de tocht verder naar Averbode en Aarschot.

Twee luitenanten van 22A vlak na de oprichting van het regiment tijdens de winter van 1940.

Staf/22A
De terugtocht van de artilleriegroepering van de 14Div verloopt in twee grote fracties: enerzijds de I/22A en anderzijds de II/22A en I/1A. De colonnes worden in vooravond samengebracht te Betekom. Te Betekom laat de staf van de 14Div weten dat de ganse divisie naar de westelijke oever van het Kanaal van Willebroek zal teruggetrokken worden. Het 22A zal ingekwartierd worden te Malderen. De marsroute loopt van Betekom over Keerbergen, Mechelen, Londerzeel en Wolvertem.

De I/1A zal echter afgesplitst worden van de groepering door de staf van het Cavaleriekorps. Die wenst het regiment in te zetten bij de Groepering Ninitte. Deze tijdelijke formatie rond het 2G1C en II/19A zal langsheen de Winterbeek een nieuwe dwarsstelling opwerpen om de Duitsers af te remmen.

I/22A
De groep bereikt Houtvenne en trekt van hieruit verder naar het verzamelpunt van het regiment te Betekom.  Hier wacht de groep verdere instructies af. Om 17u00 wordt bevestigd dat de volgende bestemming Malderen wordt. De colonne vertrekt om 21u00.

II/22A
In de ochtend van 13 mei bereiken II/22A en I/1A het dorp Rillaar. Hier houden de troepen halt in de bossen ten westen van de dorpskern. In de late namiddag trekt de II/22A verder naar het verzamelpunt van het regiment te Betekom. De I/1A verlaat de groepering van de 14Div en zet zich op bevel van het Cavaleriekorps op weg richting Aarschot om de Groepering Ninitte te vervoegen.

Staf/22A
Het 22A zal te Malderen ingekwartierd worden om te rusten en te reorganiseren. De 14Div is immers niet langer strijdvaardig.

I/22A
De groep komt aan te Malderen om 11u00 en zal hier overnachten.

I/22A
Om 16u00 zet de groep zich op weg naar Schoonaarde.  De I/22A arriveert hier omstreeks 21u00.

I/22A, II/22A
De beide groepen rusten uit te Schoonaarde. Majoor Thoreau bepaalt dat het kantonnement van elke batterij moet bewaakt worden door een ploeg van 1 gegradueerde en 3 soldaten die op uitkijk moeten voor parachutisten. Er wordt ook een interventieploeg samengesteld van 1 officier, 1 wachtmeester, 1 korporaal en 6 soldaten met FM30 lichte machinegeweren. Dit piket verblijft in het oude lokaal van de burgerwacht aan de Dendermondesteenweg 128. De sectie luchtafweermitrailleurs moeten in stelling gaan om de luchtverdediging te verzekeren.

Artilleristen op oefening te Elsenborn poseren bij een caisson van een C75TR vuurmond.

Staf/22A
Het 22A heeft de nacht doorgebracht te Schoonaarde. Het Belgische oppercommando beslist dat de 14Div per spoor zal overgebracht worden naar Diksmuide om in de Westhoek ten gronde gereorganiseerd te worden en ook bewakingsopdrachten uit te voeren. Aanvankelijk krijgt het regiment dan ook de opdracht om manschappen, paarden en materieel in te laden om 18u00 in het station van Schellebelle. Het vertrek wordt echter uitgesteld en regiment zal naar dit dorp vertrekken om 19u00. Er zal ook te Schellebelle overnacht worden.

Majoor Paul Thoreau verneemt omstreeks 21u00 echter dat zijn regiment niet zal meereizen, maar naar Gent moet trekken om zich onder het bevel te plaatsen van de 16Div die de sector van het Bruggenhoofd Gent ten noordoosten van de stad zal verdedigen.

I/22A
Wanneer de Iste Groep het tegenbevel ontvangt om naar het Bruggenhoofd Gent te trekken, duurt het een hele tijd eer de colonnes kunnen vertrekken. De 1ste Batterij werd in de vooravond immers op weg gestuurd naar de baan Dendermonde-Gent door een stafofficier van het Groot Hoofdkwartier om hier puin te ruimen, maar werd per ongeluk een doodlopende weg ingezonden. Het keren van de paardengespannen kost heel wat moeite.

II/22A
De IIde Groep wordt om 19u00 aanvankelijk naar Wetteren gedirigeerd en vervolgens doorgestuurd naar Mariakerke nabij Gent.

Staf/22A
Na enkele uren aangehecht te zijn bij de 16Div, wordt opnieuw door het Groot Hoofdkwartier bevestigd dat de definitieve bestemming van het 22A de 18Div wordt. Deze reaffectatie komt er omdat de 16Div nu naar de Scheldeoever ten zuidwesten van Gent gezonden wordt, en het de 18Div zal zijn die de zone ten noordoosten van de stad zal verdediging. Deze sector loopt van het Grootdok in het noorden tot Destelbergen in het zuiden.

I/22A
Om 07u00 gaat de groep een eerste keer in stelling tussen Drongen en Mariakerke en wacht af. Om 16u00 wordt de opdracht gewijzigd. De I/22A neemt een nieuwe stelling in op het Braemkasteel te Gentbrugge en zal vuursteun leveren aan het 3C dat de ondersector Destelbergen van de 18Div bezet heeft.  De stellingname is voltooid tegen 20u00.

II/22A
De groep gaat om 08u00 in stelling te Mariakerke en blijft hier tot 16u00. De batterijen verhuizen vervolgens naar een nieuwe positie in het park van Kasteel de Pélichy ten noordoosten van Ledeberg. Van hieruit zal de groep vuren ten voordele van het 39Li dat de ondersector Oostakker van de 18Div bezet. Eventueel kan ook gevuurd worden voor het II/3Gr dat aan het Gentse Grootdok is ontplooid.

I/22A
De groep wacht af op het Braemkasteel te Gentbrugge. Er wordt een tweede telefoonlijn getrokken naar de voorwaartse waarnemers bij het 3C. De eerste lijn kruist immers de Schelde en zou dan ook bij een beschadiging maar lastig kunnen hersteld worden.

II/22A
Ook de 2de groep wacht af op zijn nieuwe stellingen.

I/22A
De 1ste Batterij wordt beschoten door de Duitse artillerie die nu de noordoostrand van het Bruggenhoofd Gent kan bereiken. Er wordt een paard gedood.

I/22A
De 3de Batterij voert een eerste vuuropdracht uit voor het 3C wanneer er Duitse verkenners gespot worden te Destelbergen.

Staf/22A
Op de Conferentie van Ieper tussen de Belgen, Fransen en Britten is beslist dat het front achteruit moet. Het Belgische leger zal de aftocht naar de Leie aanvatten en rondom Gent worden de Belgische posities herschikt en wordt het Bruggenhoofd Gent opgegeven. De 16de en de 18de Infanteriedivisies zullen de stad verdedigen. De 1ste infanteriedivisie zal de stad verlaten en naar de streek van Kortrijk verhuizen. De 2de en de 4de infanteriedivisie zullen het Bruggenhoofd Gent verlaten, terwijl ten zuiden van de stad de 1ste Divisie Ardeense Jagers en de 5de infanteriedivisie nog achter de Schelde moeten blijven tot de nacht van 23 op 24 mei en zich vervolgens ook achter de Leie moeten terugtrekken.

De beide groepen van het 22A worden samen met de Iste en IIde groep van het 12A aangehecht bij de 18de Divisie voor de verdediging van de Gentse binnenstad. Dit betekent dat nieuwe schootsstellingen zullen opgezocht worden.

I/22A
De groep krijgt om 20u00 de opdracht om een nieuwe stelling te verkennen in Drongen. De I/22A zal zich na valavond verplaatsen.

II/22A
De 2de groep moet een nieuwe stelling verkennen te Mariakerke en zal de oude positie tussen Ledeberg en Gentbrugge omstreeks 22u00 verlaten. Officier-oriënteerder Luitenant Cools blijft nog een tijdje achter met een ploeg wielrijders om het Autopeloton voor Artilleriemunitie te assisteren bij het opladen van de overtollige munitie die niet met de eigen caissons kan vervoerd worden.

Te Gent bereiken de Duitse troepen de binnenstad. Deels door een list van Luitenant Paul Schönenberger van het verkenningsbataljon Aufklaerungsabteiling 25 maar ook door het lage moreel worden het 41Li van de 16Div en het 3C van de 18Div al snel geconfronteerd met massale overgaven die leiden tot de val van de stad. In de late namiddag wordt duidelijk dat de Belgische troepen uit Gent zullen wegtrekken.

I/22A
Tijdens de nacht van 22 op 23 mei komt de I/22A aan ten oosten van Drongen op de Drongense Steenweg. De batterijen gaan vanaf 05u00 in de aanpalende velden in stelling. De bevoorradingscolonne wordt ontplooid te Kapellenhoek. De groep ondersteunt nog steeds het 3C. Omstreeks 11u00 worden de 1ste Batterij en de Sectie Luchtafweermitrailleurs gebombardeerd door Duitse vliegtuigen. Er is geen noemenswaardige schade. Omstreeks 17u00 krijgt de groep het bevel om een vuurmond in stelling te brengen op de baan Drongen-Gent ter hoogte van de blekerij Alsberghe en van Oost.  Dit stuk moet bij een mogelijks snelle vijandelijke opmars met vlakbaanvuur de uitvalsweg uit Gent blokkeren.

Om 19u00 komt nog een bevel toe om ten westen van Drongen een nieuwe positie te gaan bezetten, maar tegen 21u00 wordt dit gevolgd door een tegenbevel om naar Oostkamp terug te trekken.

II/22A
De II/22A en II/12A gaan in stelling gegaan ten zuiden van Mariakerke. De kanonnen van II/22A staan nabij Hoeve Valkenhuis. Het munitie-echelon van de groep is doorgestuurd naar Vinderhoute. Beide groepen vallen onder het bevel van de commandant van de II/12A en leveren vuursteun aan het 39Li. Ook het II/3Gr kan nog steeds beroep doen op deze artilleristen. In de stad worden een 30-tal observatieposten ingericht ten behoeve van de vuurleiding.

De II/22A verlaat Mariakerke om 22u00 en vervoegt zijn munitiecolonne te Vinderhoute.

I/22A
De 1ste Groep bereikt Oostkamp en wordt ingekwartierd in het gehucht Meuwe.

II/22A
De groep bereikt Vinderhoute om 02u00 in de nacht van 23 op 24 mei en kan hier uitrusten tot 07u00. Vervolgens rijdt de groep naar Oostkamp dat om 16u00 bereikt wordt. Hier worden de troepen ingekwartierd.

Staf/22A
Aan het eind van de dag wordt 22A opgetrommeld om de 1ste Divisie Ardeense Jagers te gaan ondersteunen bij de gevechten rond Vinkt. Na de inname van de oostrand van dit dorp door de Duisters, wordt Kolonel Robert van het 3ChA verantwoordelijk voor waarbij het I/3ChA, III/3ChA, 10/1ChA en 10/3ChA zullen ingezet worden, ondersteund door de II/19A.  Aan deze formatie zullen nog eens twee groepen van 12A en het 22A toegevoegd worden. 

I/22A
Om 19u00 komt een bevel toe om nieuwe stellingen te gaan verkennen tussen Kanegem en Aarsele. De stellingname moet na valavond starten. Tegen 20u00 is een geschikte positie uitgekozen voor de batterijen en start de aanleg van het veldtelefoonnet. Om 23u30 komt een tegenbevel aan dat de groep naar Lotenhulle stuurt. Hier moeten de batterijen klaar tot vuren zijn tegen de ochtend van 26 mei.

II/22A
De groep rust uit en reorganiseert zich. De II/22A verlaat Oostkamp om 20u00 en begeeft zich naar het gehucht Oosthoek te Ruiselede. Ten gevolge van de succesvolle aanval op de 4de Infanteriedivisie nabij Nevele en de snelle Duitse opmars richting Vinkt is het enige tijd onduidelijk wat er nu precies moet gebeuren met de groep. Uiteindelijk gaat het geschut in stelling op het gehucht Oosthoek. Even voor middernacht wordt de installatie afgebroken en wordt de groep naar Veldhoek nabij Lotenhulle gezonden.

Staf/22A
Het regiment start in de tweede helft van de nacht van 25 op 26 mei met de ontplooiing van zijn batterijen rond Lotenhulle, maar zal reeds om 11u00 het bevel krijgen van de Artilleriecommandant van de 1DivChA om terug te keren naar de positie tussen Kanegem en Aarsele. Het installatiepersoneel zal bij aankomst aldaar echter melden dat de daags voordien verkende stellingen onder hevig artillerievuur liggen. Dit maakt dat omstreeks 14u30 de staf van de 1DivChA de verplaatsing annuleert en het 22A alsnog te Lotenhulle laat blijven.

I/22A
Vanaf middernacht start de aanleg van het veldtelefoonnet op de nieuwe stellingen te Lotenhulle. Om 04u00 komen de paardengespannen aan en worden de kanonnen ontplooid. Tegen 07u00 meldt de groep klaar tot vuren te zijn. Nog geen vier uur later, omstreeks 11u00, wordt I/22 alsnog teruggestuurd naar de eerder verkende positie tussen Kanegem en Aarsele. Kapitein-commandant Amelot kan zelf het tijdstip van vertrekt uitkiezen en laat om 14u00 starten met het uit stelling halen van de stukken. Een half uur later komt een nieuw tegenbevel aan om de groep ter plekke opnieuw klaar tot vuren te maken.

II/22A
De groep verlaat zijn schootsstellingen te Oosthoek vanaf 00u30 en neemt nieuwe posities in op het gehucht Veldhoek te Lotenhulle. Ook hier krijgt de groep het bevel om naar Kanegem-Aarsele te trekken en vervolgens alsnog te Veldhoek te blijven.

I/22A
De groep blijft op zijn stellingen tot wanneer om 16u30 de onmiddellijke aftocht bevolen wordt naar het gehucht Hekke tussen Sint-Jan en Klaphulle. Het eerste deel van de mars loopt door bebost gebied. Wanneer de colonne een grotere weg vervoegt, wordt iedereen opgehouden door een hele reeks voertuigen van een eenheid van het Transportkorps waarvan de chauffeurs in paniek zijn door enkele Duitse vliegtuigen die in scheervlucht de Belgische troepen mitrailleren. De weg kan maar met de grootste moeite vrijgemaakt worden. Bij aankomst op het gehucht Hekke krijgt I/22A onmiddellijk het bevel om door te trekken naar het gehucht Bergen nabij Ruddervoorde.

II/22A
Om 17u00 vertrekt het installatiepersoneel naar Schuifferskapelle om hier nieuwe schootsstellingen voor de batterijen te gaan verkennen, gevolgd door de rest van de groep. Drie uur later, rond 20u00, komt dan het bevel aan dat het ganse 22A laat hergroeperen in het gehucht Bergen nabij Ruddervoorde.

I/22A
De groep arriveert rond 05u30 te Bergen nabij Ruddervoorde en krijgt hier enkele uren later het bericht van de capitulatie.

II/22A
De II/22A bereikt Bergen rond 02u00.

Staf/22A
Het regiment is nog steeds te Bergen. Het geschut wordt verzameld en de richtkijkers van de kanonnen worden onklaar gemaakt. Ook de meeste documenten en het belangrijkste materieel van de schootsburelen wordt verbrand of vernield. De paarden worden in een weide verzameld. 

Na de capitulatie

Het 22A zal te Bergen blijven tot 1 juni wanneer het regiment op bevel van het VIde Legerkorps naar de wijk Noordhout te Drongen gestuurd wordt. De militairen leggen deze etappe te voet af en zullen deze bestemming bereiken rond 07u00 op 2 juni. Aan het eind van diezelfde dag gaat de tocht verder naar Wetteren waar het regiment zal blijven tot aan de demobilisatie.

Op 10 juni zal het voltallige personeel gedemobiliseerd worden, met inbegrip van de ongeveer 15% Franstaligen die de eenheid telt. De beroepsofficieren vervoegen het de verzamelplaats voor krijgsgevangenen te Lokeren.

Slachtoffers

EenheidNaamVoornaamFotoGraadStandKlas° op° te+ op+ teNota
OnbekendBULCAENRichardSdtMil2903.02.1909Dentergem26.05.1940Aarsele
OnbekendVAN STEENBERGERobert, A.SdtMil2923.12.1909Velzeke-Ruddershove19.05.1940Moortsele

Bibliografie en Bronnen