Genie

Eind jaren dertig bestond de genie uit drie grote regimenten (2de, 3de en 4de Regiment Genie) en een Bataljon Genie Cyclisten. Uit deze vier eenheden ontstaan bij de mobilisatie een ganse reeks formaties die aan de verschillende echelons van het veldleger aangehecht worden. Op 11 september 1939, na de oprichting van de ontdubbelingsbataljons verdwijnen de Genieregimenten van de slagorde.

  • Zo wordt tijdens de mobilisatie het 4de Regiment Genie in de Kazerne Majoor Deltenre te Namen ontdubbeld tot negen nieuwe onafhankelijke bataljons, namelijk het 5Gn, 6Gn, 7Gn, 10Gn, 14Gn, 16Gn, 19Gn, 21Gn en het 33Gn.
  • Het 2de Regiment Genie, dat gekazerneerd was in de Kazerne 8 – 9 te Berchem, staat in voor de oprichting van 1Gn, 2Gn, 9Gn, 13Gn, 15Gn, 22Gn, 24Gn en het 31Gn.
  • Het 3de Regiment Gn wordt ontdubbeld tot het 3Gn, 4Gn, 8Gn, 11Gn, 12Gn, 17Gn, 18Gn, 23Gn en het 32Gn.
  • Het Bataljon Genie Cyclisten gekazerneerd in de Leeuwenkazerne te Tervuren geeft aanleiding tot het ontstaan van het 20Gn, 25Gn en 26Gn.