24ste Bataljon Genie

Situatie op 10 mei 1940

Type Geniebataljon
Ontdubbeld van 2de Regiment Genie
Onderdeel van IIde Legerkorps
Bevelhebber Majoor A. De Ridder
Standplaats
Samenstelling 1ste Compagnie (Luitenant SBH J. De Waet) Begijnendijk
2de Compagnie (Luitenant P. Lelubre) Begijnendijk
3de Compagnie (Luitenant W. Brou) Heist-Goor
Compagnie Park (Luitenant P. Baetsle)

Tijdens de mobilisatie

Staf/24Gn
Het bataljon wordt tijdens de mobilisatie te Antwerpen opgericht als ontdubbelingsbataljon van het 2de Regiment Genie. Het 24Gn wordt toegevoegd aan het IIde Legerkorps (II/LK) als organieke genie-eenheid van dit korps. Wanneer dit korps zich eind september opstelt langs de Dekkingsstelling achter het Albertkanaal verhuist het 24Gn mee en neemt kantonnementen in te Begijnendijk en Goor nabij Heist-op-de-Berg. Aan de vooravond van de oorlog bezet het II/LK een Korpszone van Herentals tot Beringen met twee divisies in lijn, in het westen de 9de Infanteriedivisie (9div) en in het oosten de 6de Infanteriedivisie (6Div). Voorts wordt het legerkorps nog ondersteund door het 16de Regiment Artillerie (16A), zijn organieke korpsartillerie en het 22ste Bataljon Transmissietroepen (22TTr). Het hoofdkwartier van het II/LK bevindt zich te Aalst.

Staf/24Gn
Het bataljon levert algemene geniesteun aan het II/LK en is op 10 mei 1940 dan ook verspreid over de volledige operatiezone van dit korps achter het Albertkanaal van Herentals tot Beringen. De Korpszone omvat van west naar oost de spoorbrug van Herentals, de wegbrug van de Lierseweg te Herentals, de brug van de Herenthoutseweg bij nabij de Hannekenshoek, de brug van de Aarschotseweg, het sluizencomplex te Olen, en de bruggen van Neerbruul, Hoogbruul, Punt en Stelen. Al deze bruggen zijn ondermijnd en een technische wacht geleverd door één van de genie-eenheden van het II/LK bewaakt het vernielingsdispositief. Naast 24Gn zijn ook nog het 9de Bataljon Genie (9Gn) en het 7de Bataljon Genie (7Gn), de organieke bataljons genie van respectievelijk de 9Div en van de 6Div, actief in de Korpszone.

1/24Gn
De 1ste Compagnie (1/24Gn), onder bevel van Luitenant SBH De Waet, kantonneert te Begijnendijk en wordt op de eerste oorlogsdag naar Leuven gestuurd voor het uitvoeren van terreininnundaties in de sector van de 10de Infanteriedivisie (10Div) in de zone van het VIde Legerkorps (VI/LK).

3/24Gn
De 3de Compagnie (3/24Gn) verblijft in het gehucht Goor nabij Heist-op-den-Berg. Bij het alarm vertrekt een eerste detachement onder leiding van Luitenant Schodts naar een reeks voorbereide vernielingen op de noordelijke oever van het Albertkanaal rond Geel. Dit detachement wordt even later gevolgd door een tweede peloton onder bevel van Luitenant Boudewijn dat tot taak heeft om de nodige openingen in de aangelegde mijnenvelden te gaan maken voor de operaties van het leger en eveneens een aantal voorbereide vernielingen te gaan bemannen.

Staf/24Gn
Het II/LK beveelt om 20u30 om binnen de Korpszone, alle bruggen over het Albertkanaal, behalve één per divisiesector, te vernielen. In de sector van de 9Div blijft de brug aan de Aarschotseweg intact tot na de terugtocht van het Vooruitgeschoven Inlichtingencentrum van Herentals. Bij de brug van de Lierseweg bevindt zich op dat ogenblik een Franse tankcolonne. De Fransen worden tegengehouden door de Belgen en onder groot protest omgeleid naar de brug te Grobbendonk. Tegen 22u00 zijn de vernielingen van de bruggen uitgevoerd. De bruggen van Stelen en Herentals liggen slechts gedeeltelijk in het water en zullen ’s anderendaags van nieuwe springladingen voorzien worden.

Intussen gaat het meer naar het oosten goed fout bij het Iste Legerkorps (I/LK). Aan het einde van de dag moet de 7de Infanteriedivisie (7Div) zijn stellingen ontruimen onder vijandelijke druk. Het Groot Hoofdkwartier vreest dat na de vijandelijke doorbraak bij de 7Div en de Duitse inname van Tongeren een omsingeling van de stellingen aan het Albertkanaal nabij is. Alle formaties ten oosten van de K.W. Stelling krijgen de opdracht om de mars naar het westen voor te bereiden. De 6Div beschouwt het waarschuwingsorder als een uitvoeringsbevel en begint in de loop van de nacht van 11 op 12 mei zijn stellingen aan het kanaal al te ontruimen.

1/24Gn
De compagnie is aangekomen te Leuven. Er wordt gewerkt aan het blokkeren van duikers en sluizen op de Dijle en zijn bijriviertjes om zo bepaalde terreingedeelten te laten overstromen.

3/24Gn
Het peloton van Lt Boudewijn werd teruggeroepen naar Rillaar en uitgestuurd naar Aarschot voor het aanleggen van vernielingen.

Staf/24Gn
Om de rest van het veldleger toe te laten de K.W. Stelling op een veilige manier te vervoegen, zal een troepenscherm ontplooid worden langs de Demer en de Gete (de zogenaamde Demer/Gete-Stelling) om het marsgebied te beveiligen. De aangeduide troepen voor deze opdracht moeten op stelling blijven tot de nacht van 13 op 14 mei. Het II/LK moet de nodige eenheden terug naar hun stellingen langs het Albertkanaal sturen om dit troepenscherm te bemannen.

1/24Gn
De compagnie blijft aan het werk rond Leuven in versterking van het VI/LK.

Staf/24Gn
Op het middaguur start het IIde Legerkorps met de voorbereidingen tot de evacuatie van het Albertkanaal. De Staf/24Gn wordt samen met de divisiestaven kort na de middag op de hoogte gesteld van de gebeurtenissen langsheen de Demer/Gete-Stelling. Het hoofdkwartier zet de grote lijnen uit voor de verdediging van de K.W. Stelling en geeft de troepen die nog niet ter plekke zijn twee nachtelijke etappes naar de nieuwe weerstandslinie terug te trekken. De 11de Infanteriedivisie die zich reeds op de K.W. Stelling bevindt komt onder bevel te staan van het II/LK.

1/24Gn
De compagnie blijft aan het werk rond Leuven. De sector Leuven bezet door de 10Div wordt overgedragen aan de Britse 3rd Division en de Belgische genie staakt zijn werkzaamheden.

3/24Gn
Het peloton van Luitenant Boudewijn keert terug naar Heist-Goor.

Staf/24Gn
De ontplooiing van de Belgische troepen op de K.W. Stelling is nu min of meer compleet. Het IIde Legerkorps staat nu opgesteld tussen Lier en Rijmenam met de 6Div en de 11Div in lijn en de 9Div in reserve. Tussen Rijmenam en Leuven ligt het VIde Legerkorps.

1/24Gn
De compagnie blijft in zijn kantonnementen te Leuven en wacht verdere instructies af. Die komen er niet.

3/24Gn
De compagnie voert een hele reeks aangelegde vernielingen uit. Het peloton Boudewijn is actief bij het opblazen van talrijke springladingen in de streek van Westerlo.

1/24Gn
Lt SBH De Waet krijgt het bevel om zijn manschappen naar Kapelle-op-den-Bos over te brengen. De eerste etappe te voet brengt de compagnie tot in Vilvoorde waar de militairen overnachten.

3/24Gn
De compagnie verlaat Heist-Goor en marcheert via Mechelen naar Kapelle-op-den-Bos.

Staf/24Gn
Op 16 mei komt onverwachts het bevel van het geallieerd opperbevel (via de Franse generaal Bilotte) om naar het westen terug te trekken. Zonder dat men de K.W. Stelling ten volle verdedigd heeft moet de stelling worden prijsgegeven. In het zuiden wist het Duitse leger immers een doorbraak te forceren over de Maas in de streek van Sedan en in het noorden heeft Nederland zich overgegeven. De Belgische legerleiding besluit om het veldleger terug te trekken op een nieuwe defensieve lijn langs de as Terneuzen-Gent-Oudenaarde. De terugtocht van de K.W. Stelling tot het kanaal Gent-Terneuzen zal in drie marsetappes gebeuren.

1/24Gn
De compagnie bereikt Kapelle-op-den-Bos. Luitenant SBH De Waet wordt aangeduid voor een nieuw commando en wordt vervangen door Luitenant Marot, commandant van het 1ste Peloton.

1/24Gn
De compagnie begeeft zich naar Ruisbroek op bevel van Luitenant-generaal Michelet, Algemene Inspecteur van de Genie en de Versterkingen bij het Commando van de Genie op het Groot Hoofdkwartier (GHK). De compagnie dient er de 2de Compagnie van het Bataljon Pontonniers (2/BonPont) bij de staan bij het afwerken van de noodbrug over de Rupel. De nieuw aan te leggen brug moet de capaciteit van de bestaande rivierovergangen gevoelig verhogen en is van belang voor het doen slagen van de terugtocht van de K. W. Stelling naar de nieuwe verdedigende linie Terneuzen-Gent-Oudenaarde.

3/24Gn
De compagnie wordt aangeduid voor het vernielen van de bruggen over de Dijle rond Battel en Mechelen bij de terugtocht van het veldleger van de K.W. Stelling naar het westen. De opdracht is niet zonder risico omdat de eerste Duitse troepen zich reeds in de omgeving bevinden.

1/24Gn
1/24Gn en 2/BonPont werken nu in allerijl aan de toegang tot de militaire noodbrug over de Rupel te Niel. Er moet haast gemaakt worden om de brug op de rechteroever af te werken. Wanneer blijkt dat de brug tussen Ruisbroek en Niel niet op tijd kan worden afgewerkt wordt 1/14Gn teruggetrokken uit Ruisbroek en naar Dendermonde gestuurde om er de Schelde over te steken. De Scheldebrug te Dendermonde is echter al vernield door de genie en de manschappen van 1/24Gn moeten een omweg maken via de nog intacte brug van Temse. Luitenant Marot heeft geen enkele idee over de nieuwe standplaats van zijn bataljon en zal in de komende dagen samen met zijn manschappen doelloos rondtrekken in Oost- en West-Vlaanderen op zoek naar de rest van het 24Gn. De compagnie belandt uiteindelijk in Poperinge en wordt van hier uit doorgestuurd naar Cassel in Noord-Frankrijk. De tocht loopt dan verder naar Saint-Omer en Abbeville

Kazerne Tallandier, verzamelpunt voor naar Frankrijk gevluchte Belgische militairen.

1/24Gn in Frankrijk
De compagnie bereikt Abbeville waar ze de Somme nog kunnen oversteken voor de Duitsers deze stad bereiken. Van Abbeville gaat het naar de Tallandierkazerne [1] in Le Petit-Quevilly. Deze Franse kazerne gelegen ten zuiden van Rouen, in een bocht van de Seine, doet dienst als verzamelpunt voor alle geïsoleerde Belgische eenheden en militairen die erin geslaagd zijn de Somme over te steken. Ze worden vanuit Rouen doorgestuurd naar Conches-en-Ouche de verzamelzone van de 7de Infanteriedivisie (7Div) ten zuiden van de Seine (dit was de standaard hergroeperingszone voor eenheden van het veldleger).

1/24Gn in Frankrijk
In de nacht van 20 op 21 mei bereiken de Duitsers Noyelle-sur-Mer aan de monding van de Somme. Hierdoor raken heel wat Belgische en geallieerde eenheden ingesloten door de Duitsers. 1/24Gn zet zijn weg via Evrreux voort naar Conches-en-Ouche en krijgen hier door de 7Div een kantonnement toegewezen. 

1/24Gn
De 1ste compagnie bevindt zich nog steeds te Conches nabij Rouen. Op de dag van de overgave worden de ongeveer 300 manschappen doorgestuurd naar Bouchemaine nabij Angers.

Na de capitulatie

Slachtoffers

EenhNaamVoornaamFotoGraadStandKlas* op* te+ op+ teNota
OnbekendDAVIDAchiel, K.SdtMil2919.12.1909Beveren27.05.1940Torhout
3HOUBENJean, A.SdtMil3317.03.1913Genk14.05.1940Mechelen
OnbekendVAN RAEMDONCKRené, François, A.SdtMil3209.06.1912Sint-Niklaas28.05.1940Klemskerke

Bibliografie en Bronnen

  1. De Tallandierkazerne was een voormalige katoenspinnerij in 1938 opgekocht door het Franse leger om er l’Etablissement Régional de Matériel (ERM) van de Service de matériel de l’Armée de Terre” in onder te brengen. De Tallandierkazerne bestaat nog maar werd gerenoveerd en geïntegreerd in een wooncomplex in de Avenue Jean Jaurès Nr 76 in Petit-Quevilly nabij Rouen. [On line beschikbaar] https://www.google.be/maps/@49.4273702,1.0653597,3a,75y,344.33h,83.88t/data=!3m6!1e1!3m4!1suX3grspRJpHXGHzLMhTvgg!2e0!7i13312!8i6656 [Laatst geraadpleegd 7 april 2020].