12de Linieregiment

Situatie op 10 mei 1940

Type Infanterieregiment van het actieve leger  
Ontdubbeld van n.v.t.  
Taalstelsel Franstalig  
Onderdeel van 3de Infanteriedivisie  
Bevelhebber Kolonel SBH Yvan Gerard  
Standplaats Versterkte Positie Luik
PFLII Lijn
Ondersector Evergnée-Fléron
Commandopost te Queue-du-Bois
 
Samenstelling I Bataljon (Majoor E. Cassart) 1ste Compagnie Fuseliers (Lt G. Dressen)
2de Compagnie Fuseliers (Cdt J. Pierman)
3de Compagnie Fuseliers (Cdt L. Collard)
4de Compagnie Mitrailleurs (Cdt A. Derasse)
  II Bataljon (Majoor A. Gohy) 5de Compagnie Fuseliers (Cdt L. Clossen)
6de Compagnie Fuseliers (Lt F. Schellings)
7de Compagnie Fuseliers (Cdt A. Franchioly)
8ste Compagnie Mitrailleurs (Cdt Legrain)
  III Bataljon (Majoor G. Rigal) 9de Compagnie Fuseliers (Cdt Gascard)
10de Compagnie Fuseliers (Lt Charles Lejeune)
11de Compagnie Fuseliers (Lt Noel)
12de Compagnie Mitrailleurs (Cdt Rucquoy)
  IV Bataljon (Majoor M. Dombard) 13de Compagnie Mitrailleurs (Cdt Liebert)
14de Compagnie C47 (Cdt C. Loriaux)
15de Compagnie M76 (Cdt H. Decortis)
  Stafcompagnie (Onderluitenant F. Herbillon)
Geneeskundige Compagnie (Geneesheer 1ste Kapitein P. Féron)
Peloton Verkenners (Luitenant Léandre De Corte)

Tijdens de mobilisatie

De 3de Infanteriedivisie maakt op 10 mei deel uit van de Versterkte Positie Luik en staat samen met de 2de Infanteriedivisie opgesteld in een grote boog op de oostelijke oever van de Maas. De eenheden bezetten er stellingen tussen de forten rondom de stad ten noorden van de Vesder aan de zogenaamde PFLII lijn. Deze posities werden een laatste keer aangepast op 27 april:

  • De commandopost van het regiment staat opgesteld in het gemeentehuis van Queue-du-Bois.
  • Het IIde bataljon ligt in eerste lijn nabij Retinne.
  • Het IVde bataljon bemant eveneens de eerste linie rondom Evegnée
  • Het Iste bataljon vormt het tweede echelon en heeft zijn commandopost te Moulin-sous-Fléron. Van noord naar zuid liggen de 3de compagnie te Queue-du-Bois, de 1ste compagnie te Moulin-sous-Fléron en de 2de compagnie te La Neuville.
  • Het IIIde bataljon ligt op de linkeroever te Herstal en vormt er de reservemacht van de 3de divisie. De 9de en de 10de compagnie kantonneren op de terreinen van de Fabrique Nationale. De 11de compagnie vindt onderdak in de verlaten Sépulchre fabriek. Bij een alarm moet de 9de compagnie de oever van de Maas tussen de bruggen van Coronmeuse en Wandre bezetten. De overige fuselierscompagnies moeten post vatten op het Ile Monsin. De 12de compagnie verzorgt de luchtafweertaak nabij de staf van het IIIde legerkorps op de Citadel.
  • Het peloton verkenners is afgedeeld bij het 1CyF om de grens te helpen bewaken ten oosten van Luik.

Het regiment wordt om 00u30 gealarmeerd en verwittigt onmiddellijk de bataljons. Vervolgens trekt de staf van het regiment naar naar oorlogsstandplaats in de galerijen van de Quatre-Vents koolmijn.

Kolonel SBH Yvan Gerard.

Het IIIde bataljon wordt uit reserve gehaald en moet de 10de compagnie aangevuld met één peloton mitrailleurs van de 12de compagnie naar het Île Monsin sturen.  Dit eiland op de Maas ligt aan het begin van het Albertkanaal en wordt met de beide oevers verbonden via drie bruggen: de brug van Marexhe, de brug van Milsaucy, en de stuwdam van Monsin.  Verder zijn hier nog twee spoorwegbruggen voor de enkelspoorlijn van Jupille naar Hermalle-sous-Arenteau.

De staf en de twee overgebleven pelotons mitrailleurs van de 12de compagnie worden ontplooid op de citadel als onderdeel van de luchtafweer. De rest van het bataljon gaat naar La Préalle.

Het 12Li mist heel wat verlofgangers, maar is een plaatselijk regiment en moet gelukkig niet lang wachten vooraleer de eerste afwezigen toekomen bij hun eenheid.

Enkele van de de zware mitrailleurs van de 13de compagnie staan opgesteld op de hoogten bij de Chartreuse en worden aldaar eveneens gebruikt om de luchtafweer aan te dikken. Tijdens de ochtend is men daar getuige van het overvliegen van grote aantallen Duitse toestellen en kan men vanop de Luikse hoogten waarnemen hoe de Luftwaffe de forten aanvalt. Het 12Li beweert 4 Duitse toestellen te hebben neergehaald.

De bevoorradingsplaats voor het regiment wordt ingericht te Jupille onder leiding van Onderluitenant Gérard de Coune, Officier Bevoorrader.

De rest van de dag verloopt relatief rustig. Het peloton verkenners keert tijdens de vroege ochtend terug van Eupen naar Verviers en Lambermont. Tijdens de namiddag komen de wielrijders aan bij het regiment te Luik. De eerste gevechtsgroep van het peloton is echter achtergebleven in de kazerne te Eupen en wordt er door de Duitsers gevangen genomen.

Reeds om 20u00 vaardigt het Groot Hoofdkwartier een bevel uit om de Versterkte Positie Luik op te geven. Nu de Duitsers ten noorden van Luik het Albertkanaal overgestoken zijn en er de 7de Infanteriedivisie met het 2Gr, 2C en 18Li uit elkaar geslagen hebben, dreigt de omsingeling van het IIIde Legerkorps te Luik. Te Luik moet de 3de Infanteriedivisie naar de linkeroever van de Maas, terwijl de 2de Infanteriedivisie naar de K.W. Stelling gestuurd wordt.

Dit bevel bereik de regimentsstaf omstreeks 22u15, maar aanvankelijk wordt alleen bevestigd dat het 12Li zich klaar moeten maken voor een verplaatsing, zonder hierbij de bestemming te bevestigen.  De eenheden breken hun stellingen op.  Het IIIde bataljon wordt opnieuw onder het directe bevel van het regiment geplaatst.

Reservisten te Luik, op weg naar hun eenheid.

De nieuwe bestemming voor het regimet wordt kort na 01u30 meegedeeld.  Tijdens de nacht van 11 op 12 mei verlaten de laatste elementen van het Ist en IIde bataljon hun stellingen tussen de fortenlijn en trekken zich terug over de bruggen over de Maas naar de westelijke over. Alvorens te vertrekken worden in de zone van de PFL2 een reeks wegvernielingen uitgevoerd. Een deel van de 8ste compagnie heeft het bevel tot terugtrekken echter niet ontvangen en zal pas tegen de middag ontdekken dat de rest van het regiment uit de PFL2 verdwenen is. Dit detachement gaat er op eigen houtje van door en zal zijn compagnie bijbenen op 12 mei in de omgeving van Marche-les-Dames.

Staf, Iste, IIIde bataljon en IVde bataljon (onder bevel van Comd 12Li)
Het gros van 12Li neemt nieuwe posities is op de linkeroever vanaf de brug vanaf de brug van Wandre in het noorden (exclusief) tot aan de brug van Coronmeuse in het zuiden (inclusief). Het 1Li sluit aan in het noorden, vanaf de brug van Wandre. Het 25Li vervolgt de linie in het zuiden, vanaf de brug van Coronmeuse. De nieuwe opstelling is als volgt:

  • De regimentsstaf, de staf van het IVde bataljon en staf en een peloton mitrailleurs van de 13de compagnie installeren zich in het kasteel van Bouxthay.
  • Het bevoorradingspunt voor het regiment wordt opgesteld in een hoeve te Hareng.
  • het IIIde bataljon heeft zijn commandopost in de fabrieken van F.N. te Herstal en gaat in stelling van de brug van Wandre (exclusief) tot de brug van Marexhe (exclusief):
    • De 11de compagnie (minus één peloton) vormt het eerste echelon en bezet de bunkers op het Île Monsin.
    • Op het tweede echelon komt de 10de compagnie te liggen tussen de brug van Wandre en de noordelijke deuren van de sluis aan het Île Monsin. Het overgebleven peloton van de 11de compagnie bewaakt de sluis. Vanaf de zuidelijke sluisdeuren tot de brug van Marexhe neemt de 9de compagnie plaats.
    • Het bataljon wordt versterkt door een peloton C47 anti-tankkanonnen en een peloton M76 mortieren
  • het Iste bataljon heeft zijn commandopost in het kasteel van Bernalmont en vervolgt de linies van de brug van Marexhe (inclusief) tot de brug van Coronmeuse (inclusief):
    • De 2de compagnie komt rond de brug van Marexhe te liggen.
    • De 1ste compagnie vervolgt de linies langsheen de Quai de Wallonie.
    • De 3de compagnie bewaakt de brug van van Coronmeuse.
    • Het bataljon ontvangt eveneens een peloton C47 anti-tankkanonnen en een peloton M76 mortieren maar krijgt ook twee pelotons mitrailleurs van de 13de compagnie in steun.

Buiten deze verplaatsing, verloopt de tweede oorlogsdag voor het Iste, IIIde en IVde bataljon zonder incidenten. De burgerbevolking van Luik is voor een groot deel vertrokken. Het Île Monsin wordt kort na de middag geëvacueerd door de 11de compagnie ter voorbereiding van de vernieling van de bruggen over de Maas. De compagnie gaat in rust op de wijk La Ruche.

De staf van het regiment ontvangt om 16u30 via Luitenant Materne, verbindingsofficier bij de 3de Infanteriedivisie, de opdracht om tot de evacuatie van Luik over te gaan. De divisiestaf geeft echter een foutief bevel om tijdens de nacht van 11 op 12 mei terug te trekken over een afstand van 40Km in de richting van Hannuit en Tienen. Het IIIde Legerkorps zal enige tijd nadien een correctie aanbrengen, en bevestigen dat de marsrichting naar het zuidwesten dient te lopen om de eenheden in de richting van Namen te laten vertrekken vertrekken, maar de staf van de 3de infanteriedivisie kan door het uitvallen van de telefoonlijnen op het fort van Lantin dit bericht niet overmaken aan het 12Li. Kolonel Gerard heeft bovendien zijn commandopost verlaten om de marsorders in eigen persoon over te maken aan zijn Iste en IIIde bataljon.

Gerard verspreid dan ook een order om zijn regiment te laten vertrekken via de Maas tot in Seraing om vervolgens af te buigen naar Les Awirs, Saint-Georges en Vinalmont tot in Hannuit. De vertrektijd wordt vastgelegd op 18u30 en de kolonel begeeft zich direct naar het vertrekpunt bij de brug van Coronmeuse om de afmars te aanschouwen.

Onderluitenant Herbillon van het peloton verkenners zal om 18u45 op de hoogte gebracht worden van de correcte bestemming. De rest van het regiment ontvangt om 21u30 de juiste marsbevelen. Het startpunt voor de etappe wordt nu bepaald te Glain. De te volgen route loopt over Montegnée, Les Awirs, Stockay, Jehay-Bodegnée, Villers-le-Bouillet, Vinalmont en Moha naar Oteppe op de zuidelijke oever van de Méhaigne rivier. De nieuwe vertrektijd wordt 02u30.

Door deze vergissing is het regiment echter uit elkaar komen te vallen.

Op de regimentsstaf en de staf van het IVde bataljon vertrekt het administratief personeel en het verbindingspersoneel dat over een fiets beschikt vertrekt samen met de overgebleven wielrijdersgroep van het peloton verkenners en een deel van de voertuigen tussen 17u00 en 18u00 in de richting van Hannuit. Dit detachement zal in de loop van de avond nog dit stadje bereiken. Commandant Decortis van de 15de compagnie laat de manschappen inkwartieren.

De Onderluitenanten de Coune, Van Craen en Reuter worden samen met het regimentsvaandel in een personenwagen eveneens naar Hannuit gestuurd. Het drietal bereikt de stad om 20u00 en wordt door een stafofficier van het Iste Legerkorps naar Gembloers bevolen. De officieren zullen hun regiment terugvinden op 15 mei te Poeke.

Op bevel van Kolonel Gérard zal de rest van het 12Li de nieuwe vertrektijd van 02u30 niet afwachten. De kolonel is er zich immers van bewust dat het traject naar Oteppe zo’n 40Km lang is en een vertrek diep in de nacht zou betekenen dat slechts het eerste gedeelte van de mars onder dekking van de nachtelijke duisternis kan verlopen. De regimentscommandant wil het risico van een nieuwe luchtaanval zo veel mogelijk vermijden en laat de colonnes eerder vertrekken. In het kielzog van het 1Li passeert het 12Li aan de brug van Fragnée omstreeks 22u45. Het gros van de colonne gaat hier zoals voorzien rechtsaf naar het station van Luik-Guillemins, maar een detachement onder leiding van Commandant Gascard en bestaande uit de 9de compagnie, een peloton van de 12de compagnie, een peloton van de 13de compagnie en het geneeskundig peloton van het IIIde bataljon volgt het 1Li dat per abuis de oever van de Maas richting Hoei.

IIde bataljon (IIIde Legerkorps)
Het IIde bataljon tenslotte gaat in divisiereserve te Alleur waar het aangehecht wordt bij een tijdelijke groepering van vier infanteriebataljons onder commando van het 1ste Linieregiment. Deze groepering moet het tweede echelon van de nieuwe positie vormen op het plateau dat over de Maas uitkijkt, tussen Grâce-Berleur en Liers. De bataljons staan als volgt opgesteld:

  • het IIde bataljon van het 25ste Linieregiment van Grâce-Berleur tot de baan van Luik naar Sint-Truiden (exclusief)
  • het IIde bataljon van het 12de Linieregiment van de baan van Luik naar Sint-Truiden (inclusief) tot de spoorwegoverweg ten zuid-oosten van de kerk van Rocourt
  • het Iste bataljon van het 1ste Linieregiment van deze spoorwegoverweg tot het centrum van Rocourt
  • het IIIde bataljon van het 1ste Linieregiment van Rocourt tot Liers

De vernielde brug van Wandre.

Het IIIde Legerkorps ziet terecht dat zijn noordelijke flank steeds meer bedreigd wordt. Om de flankdekking te verzekeren, stuurt het IIIde Legerkorps om 10u00 het I/1Li, III/1Li en het III/1CyF onder bevel van Kolonel SBH L. Barthélemy van 1CyF ter versterking naar de noordflank om post te vatten langsheen de Jeker, tussen het dorp Glons en het gehucht Pierreux ten oosten van Bassenge. Het II/12Li wordt om 12u30 toegevoegd aan deze groepering en op pad gestuurd naar Voroux-lez-Liers.

Tussen 13u00 en 15u00 komt het IIde bataljon volledig vast te zitten tussen Lantin en het kerkhof van Voroux door aanhoudende acties van de Luftwaffe. Er vallen twee gewonden en een bestelwagen wordt vernield. Na nog een luchtaanval rondom 16u00 kan het bataljon niet meer vooruit komen. Om 21u00 gaat Majoor Rigal over tot een stellingname wanneer het bericht loopt dat Duitse tanks aanstormen uit de richting van Tongeren:

  • Op het eerste echelon bezet de 7de compagnie de Chaussée de Tongres tussen Lantin en Voroux en de 6de compagnie de noordrand van het dorp Voroux.
  • Op het tweede echelon wordt de 5de compagnie langsheen de Chaussée de Tongres geplaatst, met front naar het westen om een aanval in de flank te blokkeren.
  • Majoor Rigal beveelt deze stelling van uit een woning langsheen die zelfde steenweg.

Omstreeks 22u30 opent de 7de compagnie het vuur op de colonne van het 1ste Regiment Lansiers die uit de richting Tongeren komt aanrijden. In dit blue-on-blue incident vallen bij de lansiers twee doden, een dodelijk gewonde en twee lichtgewonden.

12de Compagnie (minus één peloton) (IIIde Legerkorps)
Het gros van de 12de compagnie blijft nog steeds de luchtafweer verzorgen op de Luikse citadel.

Detachement Decortis (administratief personeel en verbindingspersoneel regiment en IVde bataljon, wielrijdersgroep peloton verkenners)
Dit detachement heeft Hannuit bereikt waar het tijdens de ochtend van 12 mei ingehaald wordt door de vijand en de wapens neerlegt. Kapitein-commandant Decortis, de Onderluitenanten Herbillon, Bastin en Jansen en Aalmoezenier Van Zuylen worden samen met een honderdtal manschappen gevangen gemaakt. Het gros van het transmissiematerieel van het regiment gaat verloren. Van het peloton verkenners blijft nu alleen de gevechtsgroep met de motorfietsen over.

Detachement de Coune (bevoorradingspersoneel regiment)
Onderluitenant de Coune heeft de vrachtwagens met het bevoorradingspersoneel naar Hannuit geleid en is hier om 22u00 tijdens de nacht van 11 op 12 mei aangekomen.  de Coune slaagt er niet in om zijn regiment terug te vinden, maar heeft wel contact met het Peloton Verkenners van het 25Li dat bevestigt naar Namen te zullen doortrekken.  Hij aarzelt om dezelfde route te volgen, en tracht via de telefoon op het stadhuis in verbinding te treden met de staf van het IIIde Legerkorps.  Uiteindelijk besluit hij te 06u30 om zijn detachement te laten vertrekken naar Namen.  Hiermee ontsnappen de militairen aan de gevangenname.

Het detachement bereikt Namen rondom 09u00 waar Onderluitenant de Coune zich aanbiedt op het plaatscommando in de hoop het 12Li terug te kunnen vinden.  De staf van het plaatscommando stuurt de Coune en zijn militairen naar Gembloers.  Een drietal uur later komt de colonne aan in het stadje.  De enige Belgische militair die aangetroffen wordt, is een officier van de Wachters van Verkeerswegen en Inrichtingen. Deze militair meent te weten dat het IIIde Legerkorps zich te Waver verzamelt.  Onderluitenant de Coune laat verder rijden, maar treft te Waver slechts kleine groepjes verdwaalde militairen van het IIIde Legerkorps aan.  Dezen worden aan boord gebracht van de vrachtwagens, en alzo rijdt het detachement op aanraden van het plaatscommando van Waver door naar de stad Nijvel.  De colonne houdt uiteindelijk halt op de binnenkoer van het Sint-Gertrudiscollege op de Grand Place.

Nijvel wordt grotendeels bezet door troepen van het Franse leger.  Onderluitenant de Coune en zijn detachement worden prompt onder Frans gezag geplaatst, en krijgen het bevel om ter plekke nieuwe bevelen af te wachten.

Staf 12Li
Met het IIIde bataljon op kop, trekt het 12Li zich uit het dal van de stad Luik. Tijdens de klim uit de vallei van de Maas rekken de colonnes zich verder uit en raken het IIIde en het Iste bataljon mekaar even kwijt. Bovendien worden de compagnies doorkruist door allerhande groepjes burgers en militairen die zo snel mogelijk weg willen. De tocht gaat bijzonder langzaam. Kolonel Gérard wacht te Les Awirs wanhopig zijn troepen op en vreest voor het ergste wanneer de colonne om 05u00 nog 3Km verder naar het noorden zit. Het regiment heeft dan reeds twee en een half uur vertraging op het oorspronkelijke schema en heeft het voordeel van zijn voortijdig vertrek volledig verspeeld. De kolonel haast zich samen met met Commandant Callens en Luitenant Delvaux naar het 13Km meer naar het zuiden gelegen Villers-le-Bouillet en wacht opnieuw enige tijd af. De drie officieren rijden vervolgens naar Oteppe via Longpré, op zoek naar hun regiment. Het stafgroepje komt uiteindelijk omstreeks 11u00 aan te Namen en zal het regiment slechts aan het eind van de dag terugzien. Kolonel Gérard installeert zijn nieuwe hoofdkwartier in Chateau des Balances te Salzinnes.

De colonnes van het 12Li vallen door de chaos op de wegen al snel uit elkaar. De bataljons verliezen hun compagnies en de compagnies raken hun pelotons zoek. Wat een georganiseerde aftocht had moeten worden, verandert al snel in een ellendige en verwarde vlucht uit Luik. Heel wat van de achterblijvers worden door de vijand ingehaald bij hun doortocht door Haspengouw. De ganse dag door blijven groepjes militairen zich overgeven aan de Duitse voorhoeden en gaan heel wat manschappen en materiaal verloren.

Het hoofdkwartier van de 3de infanteriedivisie komt tijdens de namiddag aan te Lavoir en krijgt daar het bevel van het VIIde Legerkorps om de divisie te hergroeperen in de zone tussen Temploux, Franière, Floreffe en Malonne ten westen van Namen. Het Belgische opperbevel beslist om de gehavende 3de infanteriedivisie tot in West-Vlaanderen terug te trekken en toe te voegen aan de reserve. De divisie heeft tijdens de aftocht immers alle samenhang volledig verloren en is aan een dringende reorganisatie toe om ze opnieuw gevechtsklaar te maken. De aftocht zal via Charleroi gebeuren waar de divisie op treintransport zal worden gezet. Het divisiehoofdkwartier reist zo snel mogelijk vooruit en zal zich op 14 mei in het kasteel van Mevrouw De Roo-Jans in Doomkerke te Ruislede gaan vestigen.

De eerste troepen van het 12Li die eveneens het Chateau des Balances te Salzinnes bereiken omvatten een gedeelte van de 12de compagnie en de geneeskundige troepen.

Iste Bataljon
Het Iste bataljon marcheert via Les Awirs en Stockay naar Warfusée en houdt hier omstreeks 09u00 halt in het park van het gelijknamige kasteel. De troepen blijven gedurende een tweetal uur ter plekke en er wordt besloten verder te marcheren na een beschieting door vijandelijke vliegtuigen. Het peloton C47 anti-tankkanonnen heeft dan reeds zijn geschut achtergelaten. Majoor Cassart besluit dat hij te ver naar het noorden zit en laat de oever van de Ampsin volgen tot aan de Maas. Het bataljon komt zo omstreeks 13u00 aan tegenover Hoei. Cassart laat hier opnieuw halt houden terwijl hij uitzoekt hoe zijn bataljon op de beste manier Oteppe kan vervoegen. Wanneer er om 19u00 nog steeds geen nieuwe plannen zijn en het steeds duidelijker wordt dat de Franse genie alle overgebleven bruggen over de Méhaigne gaat vernielen, besluit de majoor om Oteppe te vergeten en naar Namen verder te trekken. Het bataljon steekt de Méhaigne over via de brug van Statte. Met uitzondering van het verloren gegane anti-tankgeschut en achtergebleven individuele militairen is dit bataljon nog min of meer compleet.

Detachement Rigal (IIIde Bataljon)
Wanneer Majoor Rigal bij dageraad te Bierset passeert, rest hem nog de 11de compagnie, een peloton van de 13de compagnie en een sectie van de 14de compagnie. Alle andere eenheden bevinden zich elders. Daarentegen heeft hij onderweg wel enige verdwaalde militairen van de IIde en IVde bataljons kunnen recupereren. De majoor stippelt een route uit via Noville en de heirbaan van Tongeren naar Amay. Bij de doortocht te Voroux-Goreux kan nog een tweede peloton van 13de compagnie aanhaken. De kaarsrechte weg naar Amay wordt echter al snel verlaten om aan het zicht van de vijandelijke luchtmacht te ontkomen en Majoor Rigal raadpleegt zijn stafkaarten opnieuw: het bataljon dient via Haneffe, Verlaine, Fize-Fontaine, Warnant en Fumal naar Oteppe te marcheren.

Aan het bruggetje over de Yerne te Haneffe wordt de colonne ingelopen door vijf Duitse pantserwagens. De vijand laat de Belgen echter begaan en om 08u00 bereikt het detachement Fize-Fontaine. Hier vindt Majoor Rigal het detachement van Commandant Gascard terug. De samengevoegde colonnes willen zo snel mogelijk verder naar Warnant.

Nog geen 15 minuten later wordt het IIIde bataljon echter opnieuw aangevallen door de Luftwaffe en ingelopen door vijandelijke pantsers. Gedurende de volgende drie uur worden de compagnies zowel van uit de lucht als van op de grond beschoten. De marsroute naar Warnant is definitief geblokkeerd en Majoor Rigal stuurt zijn troepen naar het zuiden in de richting van Hoei. De Duitsers hebben geen interesse in de verdere achtervolging en willen alleen de flank van hun opmars naar het zuidwesten doorheen Haspengouw dekken. Het contact kan dan ook probleemloos verbroken worden en het IIIde bataljon ontsnapt aan de gevangenname. Het incident kost het leven aan vijf militairen en een twintigtal gewonden.

De colonne splits zich opnieuw in twee, ditmaal op aangeven van Rigal die koste wat kost een nieuwe aanval van de Luftwaffe wil vermijden.

IIde Bataljon
De aftocht van het IIde bataljon verloopt zo mogelijk nog moeilijker. Het bataljon marcheert slechts rond 08u00 door Les Awir en is het regiment nog steeds niet kunnen bijbenen. De 6de, 7de en 8ste compagnie zijn bovendien volledig uit elkaar geslagen zodat van het bataljon slechts de staf en de 5de compagnie overblijft. De overige manschappen trachtten zich tevergeefs een weg te banen uit de chaos en zullen die dag gevangen genomen worden. De 5de compagnie moet tot overmaat van ramp eveneens afhaken. Rond 14u30 kunnen te overblijvers het IIIde bataljon vervoegen te Halbosart. Rond 16u00 wordt Hoei gepasseerd.

De commandopost van het regiment bevindt zich aan het eind van de dag te Salzinnes nabij Namen. De meeste detachementen van de eenheden die nog samen zijn kunnen blijven zijn te Namêche verzameld kunnen worden. Verschillende compagnies bevinden zich verspreid op de wegen richting Namen.

Manschappen van het 12Li maken een souvenirfoto tijdens de herfst van 1939.

Staf
Tijdens de ochtend verplaatst het regimentscommando zich van Salzinnes naar het gemeentehuis van Malonne ten zuidwesten van Namen. Kolonel Gérard zal er zijn eenheden opwachten en het regiment trachten te verzamelen met het oog op een verdere aftocht.

Iste Bataljon
Majoor Cassart en zijn bataljon marcheren naar Namèche en worden kort voor 04u00 onderschept door Luitenant Willems de Ladersous die het bevel doorgeeft om onmiddellijk Suarlée te vervoegen. Cassart oordeelt echter dat zijn manschappen dringend aan rust toe zijn en laat halt houden te Namèche.

De overgebleven eenheden zetten zich na een korte rustperiode na de middag een na een opnieuw in beweging. De restanten van het IIIde bataljon verlaten Namêche rondom 13u00. Andere eenheden vangen in de komende uren opnieuw de vermoeiende mars naar het zuidwesten aan. De manschappen stappen in twee rijen, links en rechts aan de rand van de weg. Achteraan worden de bagagewagens en caissons met de mitrailleurs getrokken door paarden met een tussenruimte van ongeveer 50 meter. Op enkele cais­sons hebben de mannen een Maxim als luchtafweer geplaatst.

De Duitse vliegtuigen mitrailleren en bombarderen regelmatig de troepen en er vallen enkele bijkomende slachtoffers. Ook een aantal wagens moet vernield worden achtergelaten. Soldaten en paarden tonen tekenen van vermoeidheid. Sommige mannen werpen hinderende ballast zoals schopjes en andere voorwerpen van hun uitrusting van zich af. Anderen gebruiken achtergelaten fietsen, zelfs met lekke banden, om hun uitrusting verder mee te slepen.

Een na een komen de detachementen aan te Malonne. Het Iste bataljon is nog het meest intact en marcheert onder luid applaus van de plaatselijke bevolking en de Franse troepen door Namen. Het bataljon wil Malonne vervoegen maar wordt onderweg afgeleid naar Temploux zodat het 12Li alweer een kans moet laten voorbijgaan om zich te hergroeperen.

Aan het eind van de dag is de situatie als volgt:

  • de regimentsstaf bevindt zich te Malonne
  • het Iste bataljon en het medisch peloton van het IIIde bataljon zijn naar Temploux afgeleid
  • het IIde bataljon is herleid tot een fractie van de staf en de 7de compagnie en is te Malonne
  • het IIIde bataljon heeft onderweg een deel van de 13de en de 15de compagnie teruggevonden en is zelf verscheidene pelotons van de 10de en 12 compagnie verloren en is eveneens te Malonne

De dag wordt afgesloten met nieuwe marsbevelen voor 14 mei: het regiment moet naar Fleurus via Buzet, Fosses en Tamines.

Detachement de Coune (bevoorradingspersoneel regiment)
De vrachtwagens onder leiding van Onderluitenant de Coune bevinden zich nog steeds te Nijvel.  de Coune heeft enkele discussies met officieren van het Franse leger omtrent het lot van zijn detachement, maar dit leidt niet tot een nieuwe inzet.  De Franse militairen menen dat de Belgen schuldig zijn aan postverlating en laten de binnenplaats van het Sint-Gertrudiscollege bewaken.  De manschappen brengen een tweede nacht door te Nijvel.

Staf
De aftocht van de detachementen zet zich die nacht verder richting Charleroi. Bevoorrading is er niet en de enige maaltijd voor de ganse dag is vaak brood en corned beef en soms soep of koffie. Waar mogelijk wordt getracht een onderkomen voor de nacht te vinden in een hoeve, kasteel of een ander verlaten gebouw. De jacht op eten en drinken is de bijzonderste activiteit van vele manschappen. Telkens er alcoholische dranken ontdekt worden, zijn er steeds mannen die zich een stuk in de kraag drinken om de ellende te vergeten. Het 12Li verliest alweer belangrijke groepen achterblijvers.

Het detachement met het Iste bataljon en het medisch personeel van het IIIde bataljon komt aan te Fleurus om 04u30 en gaat onmiddellijk aan boord van een klaarstaande trein. Om 08u00 wordt het vertreksein gegeven

De rest van de detachementen uit Namen komen aan te Tamines rondom 10u00 en worden ook hier op transport gezet. Deze groep omvat de regimentsstaf, ongeveer 300 manschappen van het 2de bataljon en de overgebleven eenheden van het IIIde bataljon. Hun trein vertrekt even na 16u00.

Een laatste georganiseerde groep rond Commandant Marechal met manschappen van de 5de, 6de, 7de en 8ste compagnies bereikt die ochtend Lambusart ten noordoosten van Charleroi. ’s Morgens vroeg trekken de colonnes de gemeente binnen richting station om daar de trein te nemen. Te Lambusart zijn er zopas Franse soldaten aangekomen en hun trein met materieel en munitie moet nog gelost worden. De Belgen duiken zo snel mogelijk huizen en kelders in wanneer er vijandelijke vliegtuigen opdagen. In een zeer korte tijd worden spoorwagens met hun lading ondersteboven gekeerd. Huizen en straten in de onmiddellijke omgeving krijgen het hard te verduren. Het detachement vertrekt onmiddellijk uit het dorp omdat een tweede aanval verwacht wordt. De manschappen verstoppen zich in de omgeving en wachten af.

Detachement de Coune (bevoorradingspersoneel regiment)
Onderluitenant de Coune en de bevoorraders van het 12Li bevinden zich nog steeds te Nijvel en staan onder bewaking van het Franse leger.  Er komt geen beweging in het lot van het detachement.

Het detachement rond het Iste bataljon komt om 08u00 aan te Beernem. De manschappen blijven de ganse dag ter plekke en overnachten in de omgeving.

De groep rond de regimentsstaf en het IIde en IIIde bataljon is tijdens de nacht van 15 op 16 mei vast te komen zitten in een treinongeval tussen Denderleeuw en Erembodegem. De trein is er ingereden op een tankwagen met brandstof en de brand heeft de locomotief vernield. De trein kan enkele uren later gered worden door een nieuwe stoomloc en rijdt rondom 18u00 Aalter binnen. De manschappen marcheren naar Ruiselede en zoeken hier kantonnementen op voor de nacht.

Het detachement van Commandant Marechal slaagt er in te vertrekken uit Lambusart en spoort richting Brussel.

Detachement de Coune (bevoorradingspersoneel regiment)
De Franse troepen maken zich klaar om de stad Nijvel te verlaten.  Onderluitenant de Coune en zijn militairen worden omstreeks 13u30 gegrepen in een Duits luchtbombardement op de stad.  De aanval zal een goed uur aanhouden, maar er is gelukkig geen schade.  Zodra de Luftwaffe verdwenen is, blijkt het merendeel van de Franse eenheden uit de stad vertrokken te zijn.  Het detachement de Coune kan weer over zijn eigen lot beschikken.  Ook de Belgische Rijkswacht heeft de stad verlaten.  Een ploeg van een viertal brandweerlieden tracht de talrijke brandhaarden in de binnenstad aan te pakken.  de Coune besluit om zijn manschappen enkele uren te laten helpen, en laat zijn colonne uiteindelijk in de vooravond vertrekken naar Grimbergen waar de 3de Infanteriedivisie ingekwartierd zou zijn.  Deze informatie blijkt niet correct.  de Coune verneemt dat de divisie onderweg zou zijn naar Aalter en laat onmiddellijk naar het westen doorrijden.

De tocht per trein van Commandant Marechal en zijn manschappen verloopt erg langzaam doorheen de nacht. Tijdens de ochtend rijdt de trein door Brabant. In de gehuchten langs de spoorlijn waar de trein voorbij rijdt staan burgers die de infanteristen toewuiven. De trein vervoegt via Groot-Bijgaarden het spoor naar Gent en Brugge en komt tijdens de ochtend aan te Beernem. Van hieruit wordt te voet Ruiselede opgezocht.

De staf vindt onderdak in het Kasteel van Poeke. De manschappen worden verdeeld over Ruiselede en Poeke en rusten uit:

  • het Iste bataljon krijgt de zone tussen Ruiselede en Poeke toegewezen
  • het IIde en IIIde bataljon nemen kantonnementen in te Ruiselede
  • het divisiehoofdkwartier stelt zich op in Bellem

Detachement de Coune (bevoorradingspersoneel regiment)
Het detachement kan uiteindelijk het 12Li terugvinden te Aalter.

Te Poeke komt een grote groep achterblijvers aan onder leiding van Luitenant Collette. De manschappen hadden in Fleurus de trein gemist en zijn op eigen houtje naar Vlaanderen getrokken met opgeëiste fietsen.

Er ontbreken nog steeds heel wat mannen op het appel. Pelotons, secties en groepen worden herschikt en samengesteld. Het regiment wordt herschikt tot drie bataljons van telkens vier kleine compagnies. Elke nieuwe compagnie krijgt twee pelotons fuseliers, een peloton mitrailleurs, een antitankkanon c47 en een mortier m76 toegewezen. Het IVde bataljon wordt ontbonden.

Het regiment wordt herschikt tot twee bataljons infanterie en een derde bataljon zware wapens.

Het 12Li blijft in Ruiselede en Poeke. De ganse dag wordt doorgebracht met het hergroeperen van de manschappen en het verwerven van nieuwe uitrusting. Nog steeds blijven er groepjes militairen toekomen: een groep rond de 6de compagnie fietst tijdens de namiddag Poeke binnen na een lange tocht over Bergen, Oudenaarde en Deinze.

Het regiment verblijft nog steeds te Ruiselede en Poeke. Een laatste herschikking maakt van het regiment opnieuw een korps met drie bataljons infanterie en een bataljon zware wapens, maar de eenheden zijn wel een pak kleiner dan op 10 mei. Er wordt ook besloten om met de talrijke opgeëiste fietsen het peloton verkenners uit te bouwen tot een compagnie verkenners. Het regiment telt ongeveer 2,000 militairen (3,570 voorzien) en heeft slechts 24 zware mitrailleurs (48 voorzien), 7 anti-tankkanonnen (12 voorzien) en 7 mortieren (8 voorzien). Het voor het vertrekt die dag worden in extremis nog een klein aantal bijkomende Maxim mitrailleurs ontvangen.

In samenspraak met de Britten zal een positiewissel aan de Bovenschelde uitgevoerd worden. Ten zuiden van de Oudenaarde zal de Britse 44ste infanteriedivisie afgelost worden door de Belgische 3de infanteriedivisie tussen Eine en Melden. De regimenten van de divisie zijn echter nog in volle reorganisatie en zijn niet niet marsvaardig. De verplaatsing zal daarom tot 22 mei uitgesteld worden. Het 12Li en het 1Li zullen vooruitgestuurd worden en moeten die avond vanaf 21u00 de mars van Wakken en Dentergem aanvatten om de tocht naar de Bovenschelde in te korten. Ook het divisiehoofdkwartier verhuist tijdens de nacht naar Wakken.

De Maxim MG08 zware mitrailleur werd op een door paarden getrokken affuit vervoerd.

De infanteristen belanden rond 01u00 in de regio Wakken – Markegem waar de rest van de nacht zal doorgebracht worden. Aanvankelijk wordt gepland dat de eenheden de komende nacht de Leie zullen overschrijden en naar Wortegem zullen marcheren. Tijdens de halte in Wakken komen geheel onverwacht nog zo’n dertigtal te Namen achtergebleven militairen toe bij het 12Li.

Na de Duitse doorstoot tot Abbeville aan de Atlantische kust zijn de geallieerde legers in Noord-Frankrijk en Vlaanderen geheel omsingeld. Het geallieerde oppercommando heeft op 21 mei tijdens de Conferentie van Ieper besloten om de Schelde-linie op te geven. Hierop zal de Belgische legerleiding tijdens de ochtend van 22 mei bepalen dat onze strijdkrachten niet zoals afgesproken zullen terugtrekken naar de Ijzer, maar stand zullen houden langsheen de Leie en het Afleidingskanaal van de Leie.

Rond 02u00 ontvangt het regiment het bevelen om koers te zetten naar Kuurne aan de Leie.  De 3de Infanteriedivisie heeft de opdracht gekregen om zijn drie infanterieregimenten, het 1Li, 25Li en 12Li van noord naar zuid op te stellen langsheen de rivier tussen Ooigem (inclusief) en Kortrijk (exclusief).   De colonnes met het voetvolk en de paardenwagens vertrekken een uur later en marcheren van Wakken over Wielsbeke, Ooigem en Bavikhove naar Kuurne.  Het Peloton Verkenners opent de mars, gevolgd voor het Iste, IIIde en IIde Bataljon.  De motorvoertuigen zullen Wakken verlaten omstreeks 06u00 en rijden naar Stokerijhoek.

Na een mars van 12 Km start het regiment vanaf 08u00 met de installatie van zijn troepen op de nieuwe posities langsheen de Leie.  Het regiment telt dan nog zo’n 2.000 manschappen. De volledige 3de Infanteriedivisie heeft een effectief dat herleid is tot 6.000 van de oorspronkelijk 11.000 militairen.

De ondersector van het 12Li strekt zich uit over een afstand van ongeveer 3,1Km langsheen de oever van de Leie, en 2,8Km in rechte lijn. Ten noorden van het regiment wordt het 25Li ontplooid.  Ten zuiden van de ondersector start de Britse legerzone en bevindt zich buiten enkele vernielingsdetachementen nog geen noemenswaardige troepenmacht.  Het noordelijke uiteinde van de Britse legerzone zal echter na overleg tussen de beide legertoppen naar het zuiden verschoven worden.  Het Belgische leger zal de 1ste Infanteriedivisie uit Gent weghalen om deze tussen Kortrijk en Menen op te stellen, zodat de BEF zal aansluiten vanaf de brug over de Leie in deze laatste stad.

Het 12Li wordt verantwoordelijk voor vier overgangen over de rivier:

  • De brug aan de Overleiestaart die naar het stadhuis en het station van Harelbeke leidt.
  • De sluis van Harelbeke nabij het schiereilandje gevormd door de gekanaliseerde Leie en de oude Leie
  • Een militaire loopbrug op zo’n 250m ten zuiden van de sluis.
  • De brug aan de Vlasstraat.

Soldaten van het 2de Regiment Grenswielrijders (2CyF) hebben al post gevat langs de Leie van Harelbeke tot aan de wijk de Leiehoek te Kuurne. De militairen van het 12Li zullen zich aansluitend ingraven langs de oever van de Leie, tot aan de grens met Kortrijk. Koortsachtig beginnen de soldaten schuttersputten en verschansingen te delven. De elementen van het 2CyF verlaten vervolgens de Kanaaloever om zich op het derde echelon op te stellen en er de reservemacht van de 3de divisie te vormen.

Het I/12 bevindt zich aan de oever bij Kuurne op links, terwijl het II/12 de rechtervleugel voor zijn rekening neemt. Het III/12 gaat in tweede lijn in Kuurne zelf. Ten noorden van het 12Li ligt het 25Li en ten zuiden neemt het 24Li over. Net tegenover de infanteristen van het 12Li situeert zich op de rechteroever van de Leie de stad Harelbeke. De agglomeratie strekt zich uit tot aan de rivieroever en biedt een uitstekende dekking aan de aanvaller.

Twee batterijen van 3A moeten vuursteun aan het 12Li verlenen met hun twaalf 75mm kanonnen.

Tijdens de nacht van 22 op 23 mei steken de laatste Britten het kanaal over en vernietigen de bruggen in de sector nabij Kuurne. De vernietigingen zijn niet compleet en tijdens de ochtend moet de Belgische genie het werk afmaken.

De Belgische posities langsheen de Leie hebben hun definitieve vorm aangenomen. In het noorden bemant het VIIde legerkorps de oever van de rivier tussen Deinze en Wielsbeke. Dit legerkorps bestaat uit de 2de divisie Ardeense Jagers die met het 4ChA, 5ChA en 6ChA de sector Deinze-Oeselgem. De sector Oeselgem-Wielsbeke wordt beveiligd door de 8ste infanteriedivisie. Vanaf Wielsbeke wordt de verdediging overgenomen door het IVde legerkorps die met de 3de infanteriedivisie bestaande uit het 1Li, 12Li en 25Li de sector Wielsbeke – Kuurne inneemt. Het 3Li, 4Li en 24Li van de 1ste infanteriedivisie bemannen de laatste sector tussen Kortrijk en Menen. Ten zuiden van Menen liggen de Britse linies. De 1ste divisie Ardeense Jagers en de 10de infanteriedivisie van de Jagers te Voet leveren de reservestrijdkrachten.

Het dorp Kuurne met zijn bijna 8.000 inwoners wordt bijna geheel geëvacueerd aangezien de dorpskern op slechts 400m van de oever van Leie gesitueerd is en de ganse bevolking midden in de vuurline zou vastzitten

Net na de middag duiken Duitse verkenners op te Harelbeke en kort daarna worden de Belgen onder vuur genomen. De vijand installeert zich met zijn automatische wapens op de zolders van de huizen langs de Leie. Tegen 19u30 ’s avonds is het ganse II/12 in contact met de vijand. De vuurgevechten duren de ganse nacht voort.

Belgische krijgsgevangenen steken onder toezicht van de vijand de Leie over.

De vijand tracht op verschillende locaties de Leie over te steken. Die dag wordt een bruggenhoofd uitgebouwd tussen Kortrijk en Menen, ten koste van ons 3Li. Ook te Harelbeke wil de vijand een poging wagen. Tegen de ochtend zijn de Duitsers er aanwezig met vier infanterieregimenten: het 101ste, 11de, 30ste en 51ste; oftewel acht bataljons tegenover de overblijvers van het 12Li en het naburige 25Li. Deze regimenten worden ondersteund door een belangrijke artilleriegroep bestaande uit ongeveer 300 stukken veldgeschut.

Om 14u40 onderneemt de vijand ook te Kuurne een poging om de rivier over te steken. Het 12Li kan de aanval niet afslaan en moet omstreeks 16u00 de Duitsers de eerste straten van Kuurne laten binnentrekken. Rondom 18u30 overrompelen de invallers de eerste linie van de Belgen en een half uur later moeten de batterijen van 3A noodgedwongen het vuren staken omdat ze door hun munitievoorraad heen zitten. Het III/12 staat er nu alleen voor. Kolonel Gerard drukt de hoop uit dat het derde bataljon kan standhouden tot het vallen van de duisternis en zal uiteindelijk de terugtocht bevelen omstreeks 22u30.

De Belgische infanteristen slagen er in het contact te verbreken en trekken zich terug. De 9de compagnie levert de achterhoede en verlaat net voor middernacht als laatste het dorp Kuurne om een nachtmars van zo’n 20Km aan te vatten.

Het 12Li is de afgelopen 33 uur continu in actie geweest, en moet heel wat doden en krijgsgevangen achterlaten aan de Leie. Van de ongeveer 2.000 manschappen die twee dagen eerder in stelling gingen, blijven er na de terugtocht nog slechts zo’n 600 over. Er zijn 130 gesneuvelden en de rest werdt krijgsgevangen gemaakt of onderweg achtergelaten.

Na het vallen van de nacht druipen de ongeveer 600 overblijvers via de velden af in kleine groepjes tot ze over de Mandelbeek raken. Van enige organisatie is er dan geen sprake meer. De manschappen bedelen om voedsel en drinken bij de plaatselijke bevolking.

De restanten van 3de infanteriedivisie trekken die nacht terug achter het kanaal van Roeselare.

Tijdens de nacht trekken heel wat overblijvers via de oever van de Mandel tot in Roeselare in de hoop daar rust te vinden. Het commando van het regiment bereikt Lichtervelde en besluit daar een hergroepering uit te voeren. Vanuit de ganse streek bereiken detachementen van het 12Li het nieuwe verzamelpunt. De manschappen worden samengebracht op koer van het klooster de Lichtervelde.  Van hier uit worden de overgebleven elementen doorgestuurd naar Ruddervoorde.

De overgebleven elementen van het 12Li brengen de nacht door te Ruddervoorde.  Rond het middaguur deelt Kolonel SBH Gerard mee dat het regiment zich naar Hertsberge dient te verplaatsen en het aldaar zal gereorganiseerd worden.  Het vertrekt voor de korte tocht is voorzien om 17u00.   Goed vier uur later is iedereen ingekwartierd op de nieuwe locatie.

Nog tijdens de nacht van 26 op 27 mei wordt de reorganisatie doorgevoerd.  Het 12Li zal nu twee bataljons omvatten.

Vooreerst zal Majoor Rigal van het III/12Li alle overgebleven inzetbare militairen groeperen in een enkel bataljon dat uit vier compagnies fuseliers zal bestaan, aangevuld met het enige C47 anti-tankkanon dat nog overgebleven is.  De compagnies krijgen de nummers 1ste, 5de, 9de en 10de compagnie.  De 1Cie bestaat uit manschappen van het oude Iste Bataljon.  De 5Cie uit manschappen van het IIde Bataljon en de 9de en 10de compagnie uit het IIIde Bataljon.  De 12de compagnie wordt ontbonden en verdeeld over twee nieuwe secties lichte Maxim mitrailleurs de aan de 9Cie en 10Cie toegevoegd worden, en twee secties met lichte FN30 machinegeweren voor de 9Cie.

Daarnaast zal Majoor Cassart van het I/12Li een nieuw bataljon aanvoeren dat zal bestaan uit rekruten van het 56ste Linieregiment. 

Een onbekende luitenant van het 12Li in een Duits krijgsgevangenenkamp.

Detachement Majoor Rigal (IIIde Bataljon)
De verdediging van de stad Tielt is toevertrouwd aan de 16de Infanteriedivisie die op dat ogenblik een onderdeel vormt van het VIIde Legerkorps.  De divisie heeft tijdens de ochtend van 27 mei de volgende opstelling:

  • De eerste groepering op de linkerflank tussen kilometerpaal 13 en 10 van de spoorlijn omvat het het I/41Li, de restanten van het III/41Li en de 1ste en 3de compagnie van het 18de bataljon Genie, onder het bevel van commandant 41Li, Majoor Van Steelandt.
  • een tweede groepering neemt de rechterflank in tussen kilometerpaal 10 en 7 met een formatie rond de 6Cie en 7Cie van het II/21Li, I/3Gr en de 2Cie van het 18Gn, onder het bevel van Kolonel Vreux, regimentscommandant van het 25Li.

Ten gevolge van de snelle vijandelijke opmars naar de stad, wordt het 12Li om 04u00 gealarmeerd met het bevel om zijn III/12Li over te geven aan de 16de Infanteriedivisie.  Het bataljon zal per vrachtwagen overgebracht worden van Hertsberge via Schare, Wingene en Egem naar Tielt, en moet rendez-vous maken met Luitenant-generaal Nuyten van het Groot Hoofdkwartier aan kilometerpaal 2,5 van de baan van de Meulebeeksesteenweg aan de zuidwest rand van de stad.

Om 06u30 arriveren de vrachtwagens voor het transport.  In plaats van de beloofde 30 voertuigen, zijn er slechts 14 present.  Bovendien gaat het op opgeëiste voertuigen waaronder ook enkele kipwagens en bestelauto’s.  De 9Cie en 10Cie worden opgeladen, terwijl de staf, 1Cie en 5Cie te voet vertrekken met de belofte zal de vrachtauto’s zo snel mogelijk zullen terugkeren.

De vrachtwagens met de 9Cie en 10Cie rijden Tielt binnen via de Egemsesteenweg rond 09u15.  De commandopost van Kapitein-commandant Garnez wordt voorlopig geïnstalleerd in de Lonckesmolen (ook: molen Warnez).  Luitenant-generaak Nuyten blijkt nergens te bespeuren.  Wel daagt Majoor Debeur van het I/42Li op.  De majoor doet het relaas van de precaire toestand van zijn bataljon tussen kilometerpaal 10 en 13 van de spoorlijn naar Deinze.

Het III/12Li gaat in actie aan de zuidrand van de stad Tielt.  Na overleg op de staf van de 16de Infanteriedivisie wordt het bataljon in drie fracties verdeeld:

  • De 9Cie en de 10Cie  wordt  uitgestuurd naar de zone tussen de rechterflank van de I/18Gn en de linkerflank van het I/42Li nabij de  Meulebeeksesteenweg en de Abelestraat.  De inplaatsstelling van het Iste Bataljon van het 42Li is hier ten dele mislukt, en er is een opening gevallen in de Belgische linies die dit detachement van het 12Li in alle haasten moet bezetten.
  • De 1Cie en de 5Cie worden in versterking gegeven van ondersector zuid onder bevel van Kolonel Vreux.  Kapitein-commandant Libert zal dit detachement bevelen.  Deze compagnies zijn nog onderweg uit Hertsberge
  • Majoor Rigal en de bataljonsstaf blijven ter beschikking van het hoofdkwartier van de 16de Infanteriedivisie.  De majoor blijft op de Lonckesmolen en krijgt de opdracht om de beloofde versterkingen van de 3de Infanteriedivisie te ontvangen en door te sturen naar de ondersector van Kolonel Vreux aan het front.

Detachement Kapitein-commandant Gascard (9Cie en 10Cie)
De beide compagnies vertrekken omstreeks 10u40 via de aardenweg die van de Lonckesmolen naar Huffesele leidt.  Na een flinke kilometer ontmoeten de militairen enkele terugtrekkende militairen van het I/3Gr die prompt opgenomen worden in de colonne.  Kort daarop valt het detachement onder vuur.  De manschappen gaan in dekking.

Het detachement komt slechts moeizaam vooruit.  Op de linkerflank van de opmars kan het peloton van Onderluitenant Renson de overweg aan de Abeelstraat bereiken, en hier contact maken met de troepen van het 41Li.  Op de rechterflank maakt de 10Cie nabij het Kasteel van Berghoek contact met het I/42Li.

De compagnies kunnen de bereikte posities aanvankelijk behouden, maar raken geheel verstrikt in de Duitse opmars wanneer de vijand rond 14u00 aankomt na de eerdere doorbraak ten koste van het 41Li.  Een goed half uur later duikt de aanvaller ook op rond het Kasteel van Berghoek en dreigen de compagnies overvleugeld te worden.  In de loop van de namiddag worden de meeste militairen gevangen gemaakt.  Kapitein-commandant Gascard en Luitenant Lejeune kunnen ontkomen en bereiken uiteindelijk Majoor Rigal te Egem.

Detachement Kapitein-commandant Libert (1Cie en 5Cie)
De eerste vrachtwagens met de manschappen van beide compagnies bereiken de Lonckesmolen rond het middaguur.  De colonne is onderweg uit elkaar gevallen door acties van de Duitse luchtmacht.  De overige voertuigen volgen een tijdje later.  In afwachting worden Luitenant Driesen en Luitenant Dupont uitgestuurd naar kilometerpaal 1,3 op de Egemstraat even ten noorden van Pittem om hier een terreinverkenning uit te sturen.  De beide officieren stellen vast dat dit terrein niet bezet is door Belgische troepen.

Wanneer rond 13u00 de vrachtwagens van het detachement aankomen op deze locatie, wordt duidelijk dat de vijand het dorp Pittem heeft ingenomen.  De beide compagnies worden onmiddellijk ontplooid langs weerszijden van de Egemstraat met front naar het zuiden.

Detachement Majoor Rigal
Tegen 10u45 komen twee vrachtwagens aan bij de Lonckesmolen.  De voertuigen brengen twee gevechtsgroepen van van het 25Li en vier gevechtsgroepen van het 1Li.  Rigal stuurt de militairen door naar ondersector zuid en begeeft zich naar het hoofdkwartier van de 16de Infanteriedivisie om de commandopost van Kolonel Vreux per telefoon te verwittigen.

De majoor krijgt om 12u30 van de divisiestaf het bevel om zoveel mogelijk militairen van het I/3Gr te verzamelen, samen met alle gevluchte of achtergebleven militairen die hij in de streek kan terugvinden.  Hij dienst alzo een bataljon te vormen, en in stelling te gaan achter de spoorlijn Tielt-Lichtervelde tussen kilometerpaal 11,5 en 12,5.  Dit deel van de spoorlijn ligt net ten zuiden van de dorpskern van Pittem.  De formatie zal onder het bevel staan van Kolonel Vreux.

Majoor Rigal begeeft zich naar de Egemstraat waar hij Kolonel Vreux ontmoet.  Deze laatste verklaart dat hij zijn commandopost heeft opgegeven onder vijandelijke druk.  De kolonel is ook bereid om een nota op te stellen voor de staf van de 16de Infanteriedivisie waarin hij bevestigt dat Majoor Rigal niet in staat is om zijn opdracht uit te voeren.  Rigal en Vreux blijven vervolgens samen en maken contact met het detachement van Kapitein-commandant Libert.  Dit detachement wordt een goede halve kilometer naar het zuiden bevolen om dichter bij Pittem post te vatten.

Rigals adjunct Luitenant Ducarme komt aan rond 15u30 met een twintigtal teruggevonden militairen van het 21Li.  Ook een dertigtal manschappen van het 3Gr vervoegt deze formatie.  Dit detachement wordt opgesteld ten westen van de Egemstraat, en sluit aan bij de rechter flank van de 1Cie van het 12Li.

Tegen 16u30 richten Majoor Rigal en Kolonel Vreux een voorlopige commandopost in op de Kasteeldreef ten westen van Egem.  De commandopost wordt verdedigd door het stafpeloton van het IIIde Bataljon.  Even later duiken Kapitein-commandant Gascard van de 9Cie en Luitenant Lejeune van de 10Cie op om te bevestigen dat hun troepen verloren gegaan zijn en de vijand uitbreekt in de richting van Egem.  Majoor Rigal laat zijn C47 anti-tankkanon post vatten nabij café De Peerdekens op de Turkeijensteenweg, en stuurt Gascard en Lejeune terug naar hun eenheden.

Om 18u30 laat Kolonel Vreux alle overgebleven troepen terugtrekken en post vatten rond het dorp Egem.  Het dorp wordt echter onverdedigbaar geacht en om 20u30, en een betere positie achter de Ringbeek op de Wingensesteenweg wordt uitgekozen.  Tegen 21u00 hebben de eenheden een front bezet langsheen deze beek over een lengte van zo’n 800m, met de 1Cie ten westen van de baan, en de 5Cie ten oosten.  Nabij deze positie wordt ook de 1ste Batterij van het 5de Regiment Artillerie teruggevonden.

Een goed uur later, om 22u15, besluiten Majoor Rigal en Kolonel Vreux om de aftocht te blazen naar Wingene en Oostkamp.  De 1Bij van het 5A zal voorop rijden, gevolgd door de groepering Rigal.  Kapitein-commandant Libert zal een achterhoede bevelen bestaande uit twee gevechtsgroepen en het C47 anti-tankkanon.

De resterende manschappen van het 12Li wordt na de capitulatie te Ichtegem ontwapend. Die ochtend zijn nog slechts 250 lignards aanwezig op het appel. Begin juni mogen de miliciens en reservisten naar huis. Het beroepskader wordt naar Duitsland afgevoerd om er aan een vijf jaar lange gevangenschap te beginnen.

Na de capitulatie

Slachtoffers

EenheidNaamVoornaamFotoGraadStandKlas° op° te+ op+ teNota
9/IIIBANEUXJoseph, F.J.SdtMil03.09.1919Ciney24.05.1940Kuurne
OnbekendBAPTISTAlphonse, L.SdtMil04.04.1915Liège24.05.1940Bavikhove
OnbekendBARTIERJosSdtMil09.01.1912Ploegsteert24.05.1940Bavikhove
14/IVBAYELouis, Lucien JosephOLtRes3507.12.1912Merdorp12.05.1940Fize-Fontaine
OnbekendBERXPieter, A.SdtMil20.04.1916Bilzen23.05.1940Ertvelde
5/IIBITTREMIEUXCharlesSdtMil01.08.1916Anderlecht29.05.1940Zarren
4/IBOMBAERTSJean, E.SdtMil18.01.1917Etterbeek24.05.1940Bavikhove
7/IIBORLEZJoseph, L.F.SdtMil27.12.1919Liège28.05.1940Brugge
1/IBORREMANSVictor, F.J.SgtMil3818.02.1919Soignies21.05.1940Ronse
OnbekendBYLOOSRobert, A.H.SdtMil15.06.1918Seraing24.05.1940Kuurne
4/ICAESFélix, F.SdtMil3804.04.1913Ougrée24.05.1940Kuurne
6/IICARMEAUMarcel, H.T.SdtMil19.12.1919Saint-Nicolas (Liège)24.05.1940Harelbeke
10/IIICHABOTEAUDésiré, J.H.SdtMil18.05.1916Wépion07.06.1940Leuven
6/IICLOSSETLouis, A.L.SgtMil3905.03.1916Liège24.05.1940Kuurne
14/IVCOLLEWilliam, A.SdtMil12.05.1914Gent06.06.1940Hazebrouck (F)
3/ICRABBEMaurice, H.SdtMil3912.03.1920Moeskroen24.05.1940Kuurne
6/IIDASSYJules, V.J.SdtMil15.01.1918Lincent24.05.1940Harelbeke
StafDE VOSPhilippe, L.SdtMil3611.12.1916Sint-Stevens-Woluwe24.05.1940Lendelede
OnbekendDECKERSRoger, F.L.SdtMil02.09.1919Seraing24.05.1940Bavikhove
3/IDEFRAINELambert, F.J.SdtMil3922.02.1920Liège24.05.1940Kuurne
OnbekendDEJAINEErnest, H.SdtMil14.02.1914Huy12.05.1940Marche-les-Dames
3/IDEKANGeorges, R.J.SgtMil3908.06.1917Jumet24.05.1940Kuurne
1/IDELABYEmile, J.C.SgtMil3723.01.1917Bierges24.05.1940Kuurne
3/IDELBOUILLEDieudonné, H.SdtMil3816.12.1918Milmort24.05.1940Kuurne
OnbekendDELEUMedard, G.B.SdtMil10.06.1919Menen21.05.1940Bavikhove
OnbekendDELHASSEAlbert, P.J.SdtMil14.10.1918Noville24.05.1940Kuurne
11/IIIDELISSEAndré, M.F.SgtMil3815.01.1919Namur12.05.1940Fize-Fontaine
7/IIDELNOYAlfred, H.J.SdtMil23.11.1917Montzen12.05.1940Thisnes
3/IDELVENNEArmand, G.SdtMil3814.11.1918La Gleize29.05.1940Brussel
OnbekendDEMEYHenry, E.SdtMil24.05.1920Hollebeke24.05.1940Kuurne
OnbekendDEMOLCamilleSdtMil17.05.1919Soignies24.05.1940Kuurne
10/IIIDERMULLEAugustSdtMil19.03.1920Moeskroen12.05.1940Remicourt
7/IIDERYCKEMarcel, O.SdtMil06.11.1919Aalbeke29.05.1940Oudenaarde
4/IDESMEYTERERogerSdtMil3903.12.1919Kruishoutem24.05.1940Kuurne
6/IIDESSERRANNOHenri, S.KplMil3825.09.1919Ivoz-Ramet24.05.1940Harelbeke
2/IDEZOTEUXGeorgesSdtMil3613.07.1915La Louvière24.05.1940Kuurne
OnbekendDONNEUXMarcel, A.J.OLtRes17.05.1913Angleur24.05.1940Kuurne
14/IVDONYPierre, J.SdtMil08.01.1920Montegnée22.05.1940Wierre-au-Bois (F)/Of Sarnois (F)
OnbekendDOURETFerdinandSdtMil28.04.1920Liège24.05.1940Kuurne
OnbekendDREEZENJean, L.E.Kpl22.09.1919Ougrée24.05.1940Kuurne
7/IIDUBOISLouis, E.N.SdtMil09.12.1917Comblain-au-Pont16.05.1940Thisnes
OnbekendDUMALINDésiré, F.Kpl13/12/1896Liège12.05.1940Bovenistier
OnbekendDUMONTAuguste, F.J.Sgt18.10.1904Liège13.05.1940Grand-Leez
6/IIELOYJoseph, C.M.SdtMil3915.09.1919Boirs24.05.1940Roeselare
14/IVENGELBERTMauriceSdtMil05.05.1919Melle24.05.1940Bavikhove
10/IIIFALISEAdelsonSdtMil03.05.1919Jumet12.05.1940Haneffe
6/IIFEYJules, F.H.SdtMil11.06.1919Liège06.06.1940Ronse
OnbekendFRYNSAndré, D.G.SdtMil05.06.1918Liège24.05.1940Bavikhove
OnbekendGENICOTArmandSdtMil26.07.1912Ukkel20.05.1940Abbeville (F)
OnbekendGIETJoseph, V.L.SdtMil13.08.1918Ernonheid12.05.1940Leuze
6/IIGIMINNEEmileKplMil3819.12.1918Couthuin07.09.1940Sint-AmandsbergOverleden aan verwondingen
9/IIIGOESSENSAlbert, J.J.1SgtBV3124.03.1911Liège24.05.1940Kuurne
OnbekendGRUSONOmerKpl21.04.1919Waasten20.05.1940Amiens (F)
OnbekendGUILLOTPierre, Y.A.Sgt10.08.1916Liège24.05.1940Kuurne
1/IHAMELSJoseph, G.F.SdtMil3707.05.1917Odeur24.05.1940Kuurne
3/IHANSSENSGaston, E.J.KplMil3621.03.1916Fayt-lez-Manage24.05.1940Kuurne
7/IIHECARTPierre, H.J.SdtMil31.01.1920Juvisy-sur- Orge (F)24.05.1940Kuurne
13/IVHELLERMaurice, P.SdtMil24.09.1907Liège24.05.1940Kuurne
OnbekendHELSENRaymond, A.SdtMil11.04.1919Antwerpen24.05.1940Bavikhove
2/IHEUSEKarel, V.D.SdtMil3824.02.1919Comblain-Fairon24.05.1940Kuurne
OnbekendIDELANTSHenriSdtMil22.01.1906Lantin11.05.1940Belsele
OnbekendINDEHERBERGJacques, J.SdtMil26.12.1917Montegnée24.05.1940Kuurne
2/IJACOBSJulien, J.KplMil3724.02.1918Thys24.05.1940Kuurne
2/IJACQUEMARTOdon, H.G.KplMil3725.12.1917Rochefort24.05.1940Harelbeke
3/IJADOUILLEGuy, A.A.SgtMil3901.09.1916Perwez24.05.1940Kuurne
13/IVJANSENFernandKpl16.04.1917Engis12.05.1940Moha
3/IJENARTPaul, G.E.SdtMil02.10.1917Pâturages26.05.1940Ronse
OnbekendKIMPENAIREPierre, J.SdtMil21.02.1920Awans24.05.1940Kuurne
OnbekendLAIRESSEJean, L.J.Kpl17.10.1920Liège24.05.1940Kuurne
OnbekendLARIVIEREJulesSdtMil20.07.1907Héron16.05.1940Beugnies
11/IIILECOMTEHenri, Th.SdtMil26.04.1918Jadotville (COD)24.05.1940Kuurne
OnbekendLEMAIREAlphonse, F.SdtMil27.08.1917Namur25.05.1940Aachen (D)
1/ILENAERSOlivier, A.P.KplMil3727.07.1917Othée24.05.1940Kuurne
Gen CieLEYMaurice, L.A.SdtMil2009.11.1900Aiseau12.05.1940Thisnes
OnbekendLHOESTGeorges, P.J.SdtMil01.04.1917Celles24.05.1940Bavikhove
5/IILIARDArmand, GuillaumeSdtMil3606.02.1916Andrimont01.01.1941ElseneOverleden in militair hospitaal
9/IIILIGOTAlbert, M.J.SdtMil01.03.1916Perwez24.05.1940Bavikhove
5/IILIMMERené, F.SdtMil28.03.1920Avernas-le-Bauduin10.06.1940Geraardsbergen
StafMANBOURLéopold, L.L.KplMil3827.07.1918Ivoz-Ramet28.05.1940Klerken
7/IIMARECHALJean, N.J.Sgt13.08.1916Grâce-Berleur24.05.1940Harelbeke
10/IIIMARTENSJulien, R.SdtMil24.05.1920Trazegnies02.06.1940Liège
11/IIIMARTINAlphonse, B.G.SdtMil23.04.1916Barvaux12.05.1940Chapon-Seraing
OnbekendMATHYSJosephSdtMil03.02.1920Montegnée24.05.1940Kuurne
3/IMAZUREGerard, C.KplMil3913.03.1920Moeskroen24.05.1940Kuurne
5/IIMEERTJean, B.SdtMil17.03.1916Ukkel30.05.1940Diksmuide
5/IIMICHELAlbertSgt01.01.1914Liège01.06.1940Westende
3/IMICHOTTEJean, M.SdtMil3617.12.1916Elsene24.05.1940Kuurne
5/IIMOEYSLodewijkSgt18.09.1920Vossem24.05.1940Kuurne
6/IIMONETPaul, H.G.SdtMil05.03.1920Liège24.05.1940Harelbeke
4/IMONNETHenri, E.L.SdtMil3724.06.1917Liège24.05.1940Kuurne
4/IMONSAERTValère, A.SdtMil3809.09.1919Herzele24.05.1940Kuurne
OnbekendMONSEURGeorges, R.KplMil3826.01.1920Liège26.06.1940Brussel
2/IMONTRIEUXAlphonse, P.G.KplMil3805.07.1918Stockwell (GB)24.05.1940Kuurne
2/IMORIAUAlexandre, J.J.KplMil3909.08.1919Liège24.05.1940Kuurne
OnbekendNAHOELVictor, L.SdtMil16.11.1918Amsterdam (NL)25.05.1940Bavikhove
1/INAUDTSGilbert, R.J.SdtMil3911.04.1920Ledeberg24.05.1940Kuurne
3/INIFFLEJulien, E.AdjtMil3614.02.1913Ougrée24.05.1940Kuurne
12/IIINOTTEBAEREHenri, C.SdtMil27.10.1919Moeskroen25.05.1940Torhout
Gen CieNOTTEBAEREHenri, C.SdtMil3927.10.1919Moeskroen25.05.1940Torhout
1/IOLIVIERMarcel, A.G.SdtMil3705.02.1918Huccorgne24.05.1940Kuurne
7/IIOTELouis, J.Sgt07.06.1919Heure-le-Romain24.05.1940Kuurne
3/IPAQUOTRené, N.KplMil3923.07.1919Jemeppe-sur-Sambre24.05.1940Kuurne
10/IIIPATERNOTTEClémentSdtMil09.11.1916Sint-Gillis27.05.1940Meulebeke
15/IVPEETERSAdrien, G.SdtMil15.06.1919Sint-Jans-Molenbeek24.05.1940Bavikhove
OnbekendPENASSEAlbertSdtMil15.09.1917Aywaille24.05.1940Kuurne
8/IIPETITJacques, B.P.Sgt02.06.1918Bon-Secours24.05.1940Kuurne
8/IIPIREArmand, J.Sdt29.12.1917Flémalle-Haute24.05.1940Kuurne
OnbekendPIROTTEAlbert, G.R.AdjtKROLt3711.01.1915Tihange24.05.1940Bavikhove
7/IIPIROTTEFernand, F.L.Kpl01.04.1916Hamoir24.05.1940Kuurne
8/IIPOLARDLucien, V.G.SdtMil12.08.1919Saint-Séverin24.05.1940Bavikhove
3/IPUDZEISJoseph, N.R.SdtMil3805.03.1919Ivoz-Ramet24.05.1940Kuurne
3/IREDOTTEHubert, F.P.SdtMil3825.02.1919Voroux25.05.1940Harelbeke
2/IREMUSAlbert, A.SdtMil3620.11.1916Schaarbeek24.05.1940Kuurne
5/IIRENARDRaymond, L.SdtMil08.09.1919Remicourt24.05.1940Roeselare
8/IIREYNDERSAndré, J.SdtMil24.12.1919Nerem24.05.1940Kuurne
6/IIROCOUXMarcel, J.SdtMil24.05.1920Ougrée24.05.1940Kuurne
6/IIROUFFAAlbert, H.Kpl23.12.1918Milmort24.05.1940Harelbeke
8/IIROUFOSSENicolas, E.J.SdtMil26.08.1919Seraing12.05.1940Moha
OnbekendSCHARFFHAUSENEmile, J.SdtMil19.06.1918Liège24.05.1940Harelbeke
7/IISCHOUFFLERLéon, F.H.SdtMil11.05.1920Thisnes24.05.1940Kuurne
6/IISEYNHAEVENorbert, A.A.SdtMil28.10.1919Moeskroen23.05.1940Harelbeke
OnbekendSIMONETJules, M.SdtMil24.04.1920Saint-Georges-sur-Meuse27.05.1940Kuurne
2/ISLUSELaurent, H.SgtMil3810.02.1919Liège24.05.1940Kuurne
11/IIISNELLINXVictor, J.L.SdtMil25.03.1920Hozémont12.05.1940Fize-Fontaine
8/IISPIERTZFerdinand, E.Kpl04.12.1919Liège24.05.1940Kuurne
4/ISTASHubert, M.M.SdtMil3704.06.1917Liège26.05.1940Ronse
OnbekendSTEINJulien, ClementSdtMil3920.02.1920Schaarbeek22.01.1941Isenbüttel (D)Omgekomen in treinramp
OnbekendSTIMARTGeorges, J.SdtMil27.09.1919Antwerpen24.05.1940ZwevegemVerwond te Kuurne
OnbekendSTRAUWENPaul, J.SdtMil29.01.1917Les Waleffes24.05.1940Kuurne
OnbekendTANGHEGeorgesSdtMil21.11.1915Harelbeke24.05.1940Kuurne
3/ITHESIASThéophile, J.KplMil3926.03.1920Liège24.05.1940Kuurne
3/ITHIELENLucien, J.E.OLtRes03.10.1914Ivoz-Ramet24.05.1940Kuurne
6/IITHIRYFrançois, L.J.SdtMil04.02.1919Liège24.05.1940Harelbeke
OnbekendTHONUSAlbert, H.SdtMil19.07.1918Heerlen (NL)24.05.1940Kuurne
OnbekendTHYSJulien, C.J.SdtMil15.08.1917Liège24.05.1940Kuurne
8/IITRERaymond, J.B.Sgt19.09.1918Sint-Jans-Molenbeek24.05.1940Kuurne
4/ITRIVIERRichardSgtMil3909.12.1918Quaregnon24.05.1940Kuurne
OnbekendVALEPINJosephSdtMil18.11.1919Moeskroen24.05.1940Kuurne
5/IIVAN DER SCHUERENJean, H.KplMil3924.04.1920Schaarbeek23.05.1940DesselgemVerdronken in de Leie bij ongeval met vlot.
OnbekendVAN DUYSEJeanSdtMil25.07.1914Sint-Jans-Molenbeek26.05.1940Oostrozebeke
OnbekendVAN EESFlorent, A.SdtMil09.02.1920Machelen28.05.1940Kuurne
OnbekendVAN GEYTEPierreSdtMil02.11.1919La Louvière24.05.1940Kuurne
OnbekendVAN HEIEJulesSdtMil13.08.1918Seraing24.05.1940Kuurne
OnbekendVAN HEUKELOMAlfonsSdtMil24.02.1919Tienen24.05.1940Kuurne
OnbekendVAN MALDERENEdmond, V.SdtMil21.03.1920Sint-Jans-Molenbeek24.05.1940Bavikhove
OnbekendVAN PARIJSMaurice, O.SdtMil19.12.1919Tielt22.05.1940Liège
11/IIIVAN WEDDINGENAlbert, J.SdtMil29.09.1919Nieuwkerken30.05.1940NamurLichaam dan gevonden
OnbekendVANDEN DRIESSCHEPaul, P.A.SdtMil27.12.1915Sint-Joost-ten-Node24.05.1940Kuurne
OnbekendVELKENEERSHendrik, A.SdtMil17.06.1917Mechelen-Bovelingen12.05.1940Bovenistier
OnbekendVERHAEGHEJoseph, G.SdtMil08.12.1919Ingelmunster24.05.1940Kuurne
OnbekendVERHOEVENAndré, R.SdtMil05.09.1919Tienen27.05.1940Kuurne
OnbekendVERHULSTJosephSdtMil31.03.1920Berendrecht24.05.1940Kuurne
7/IIVERREESJoseph, D.SdtMil26.01.1920Liège24.05.1940Kuurne
3/IVROENENJoseph, A.SdtMil3913.02.1920Liège12.05.1940ViemmeGedood bij aanval Duitse tanks.
OnbekendWAHALTEREPierreSdtMil17.10.1918Liège24.05.1940Kuurne
OnbekendWEUSTENGilles, H.M.SdtMil05.03.1918Retinne13.05.1940Hingeon
OnbekendWILLAUMEZJean, B.A.AdjtBV29.09.1913Rumillies24.05.1940Kuurne
11/IIIWYSEUREmileKpl05.10.1919Moeskroen12.05.1940Fize-Fontaine

Bibliografie en Bronnen

  1. Massart, A., 1977, Historique du 12e Régiment de Ligne: Tome III(A), Brussel: Sectie Classified Archives, Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid, Ministerie van Defensie van de Belgische Strijdkrachten.
  2. Velddagboek Onderluitenant Gérard de Coune, Officier Bevoorrader.