Speciaal Korps der Spoorwegen, Telegraaf en Telefoon

Situatie op 10 mei 1940

Reglementaire benaming Speciaal Korps der Spoorwegen, Telegraaf en Telefoon
Corps Spécial des Chemins de Fer, Télégraphe et Téléphone | CFT
Type
Ontdubbeld van n.v.t.
Onderdeel van Territoriale Troepen en Etablissementen
Bevelhebber Generaal-majoor Arthur Dony
Standplaats Diverse
Samenstelling Compagnie Antwerpen (Luitenant E. Van Reeth)
Compagnie Brussel (Kapitein-commandant Léon Grégoire)
Compagnie Leuven (Kapitein-commandant M. Hennemanne)
Compagnie Brugge (Kapitein-commandant R. Inghelbrecht)
Compagnie Gent (Luitenant F. Willemsen)
Compagnie Bergen (Luitenant E. Carbonnelle)
Compagnie Charleroi (Kapitein-commandant J. Van Eck)
Compagnie Luik (Luitenant F. Dereymacker)
Compagnie Hasselt (Kapitein-commandant A. Frings)
Compagnie Aarlen (Kapitein-commandant A. D’Hainault)
Compagnie Namen (Kapitein-commandant P. Daussogne)

Tijdens de mobilisatie

Belradio te Ruiselede was het verbindingsstation van het telegraafkantoor van Brussel met de rest van de wereld.

Staf/CFT
Het Speciaal Korps der Spoorwegen, Telegraaf en Telefoon (CFT) ondersteunt het militaire gebruik van het spoornetwerk en de telegraaf- en telefooninfrastructuur. Onderverdeeld in elf regionale compagnies, groepeert het korps een groot aantal vakspecialisten van de spoorwegen, telegraaf en telefoon die in plaats van gemobiliseerd te worden binnen het leger op hun normale plaats van tewerkstelling gemilitariseerd worden en het leger moet bijstaan bij de exploitatie van deze netwerken voor oorlogsdoeleinden.

Elke compagnie heeft een beperkt kader van meestal oudere reserveofficieren van de spoorwegtroepen. Deze officieren beschikken over lijsten van burgerpersoneel dat onder hun rechtstreekse controle zal opereren. Ongeveer 80% van de effectieven wordt geleverd door de Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen (NMBS), de Nationale Maatschappij de Buurtspoorwegen (NMBV) en de Regie voor Telegraaf en Telefoon (RTT). De rest wordt geleverd door een aantal kleine vervoersmaatschappijen. Naast talrijke spoorweginstallaties, telefooncentrales en telegraafkantoren, baatte het Speciaal Korps ook het Belradio grondstation te Ruiselede uit. Hier werden telegrafische verbindingen met Noord-Amerika, Congo en talrijke Europese hoofdsteden onderhouden.

De manschappen zijn herkenbaar aan een armband in de kleuren van de Belgische vlag, met daarop de koperen letters CFT op een groen lapje stof.

De compagnies worden allen gemobiliseerd op 10 mei 1940 en blijven op post in hun respectievelijke standplaatsen naarmate het front nadert en het land overrompeld wordt. De compagnies trekken zich vervolgens terug naar Vlaanderen.

Cie CFT Brussel
Het militaire personeel van deze compagnie werkt van uit de Kazerne Rolin te Brussel.

Cie CFT Leuven
De compagnie wordt gemobiliseerd in enkele lokalen van de Kazerne De Bay aan het huidige Alfons Smetsplein te Leuven. Tijdens de namiddag komen vier gemobiliseerde officieren en een handvol onderofficieren en manschappen aan in de burelen van de compagnie. Eens het administratieve personeel op post is, start de compagnie met de inlijving van de werknemers van de spoorwegen, buurtspoorwegen, telefoon en telegraaf. Dit personeel blijft op zijn normale plaats van tewerkstelling en vervoegt de kazerne niet, maar wordt wel administratief gemobiliseerd door hun respectievelijke werkgevers die hiervoor de nodige mobilisatieformulieren naar de compagnie laten sturen. De personeelsleden ontvangen op hun plek van tewerkstelling de voorziene armband en worden hiermee officieel agenten van het korps.

Cie CFT Brugge
Kapitein-commandant Inghelbrecht en zijn militair personeel zijn ondergebracht in enkele lokalen van de Kazerne Kolonel Rademakers te Brugge.

Cie CFT Leuven
Kapitein-commandant Hennemanne gaat verder met de registratie en inlijving van de manschappen naar mate de mobilisatiebevelen aankomen bij de eenheid. De geëvacueerde compagnie CFT van Hasselt komt aan te Leuven en vestigt zich eveneens in de lokalen van de Kazerne De Bay. De nodige voorbereidingen worden getroffen voor een mogelijke aftocht uit Leuven.

Cie CFT Leuven
Nog tijdens de nacht van 11 op 12 mei gaat Cdt Hennemanne op zoek naar een bestelwagen voor het afvoeren van de administratie en het militaire personeel van zijn compagnie. Leuven lijkt volledig verlaten en er is geen enkel voertuig nog te vinden. Hennemanne ontdekt rond 02u00 op de hoek van de Vlamingenstraat en de Tiensestraat een lichte vrachtwagen die uit Luik gevlucht is. De eigenaar wordt prompt ontdaan van zijn voertuig en met een opeisingsbon wandelen gestuurd. De commandant rijdt de Tiensestraat af en start onmiddellijk met het inladen van zijn personeel en archief. Om 02u30 reeds is het voertuig op weg naar Brussel. Het kleine detachement bereikt de Kazerne Prins Albert te Brussel rondom 04u30.

Op bevel van Generaal Dony rijden de manschappen om 09u30 door naar het Kazerne Oud Sint-Janshospitaal aan de Pachecolaan. De compagnie komt een half uur later aan en installeert zich in zijn nieuwe kantonnement.

Staf/CFT
De eenheden van Leuven, Gent en Namen worden naar Frankrijk geëvacueerd en zullen daar samengevoegd worden met het Versterkings- en Opleidingscentrum van de Genie.

Cie CFT Leuven
Om 12u00 wordt de compagnie doorgestuurd naar Poperinge. Hennemanne krijgt de opdracht om de uit het binnenland gevluchte agenten van het Speciaal Korps te verzamelen. De compagnie verlaat Brussel omstreeks 14u15 en komt aan te Kortrijk rondom 21u00. Hier houden de manschappen halt voor de komende nacht.

Cie CFT Luik
Te Maldegem vangt het 33ste Regiment Artillerie (33A) zo’n 1.600 (TBC) spoorwegarbeiders van de Compagnie CFT Luik op, die uit de streek van Luik en Verviers naar Vlaanderen werden doorgestuurd. Het 33A krijgt het bevel om de manschappen door te sturen naar het Versterkings- en Opleidingscentrum van de Genie (VOC/Gn) te Oostende. Het VOC/Gn beschikt over een Bataljon Transmissietroepen en een Bataljon Spoorwegtroepen.

Cie CFT Leuven
De compagnie verlaat Kortrijk om 07u00 en rijdt naar de Brandhoek te Vlamertinge, op de baan van Ieper naar Poperinge. Omstreeks 10u00 wordt hier een onderkomen voor de manschappen aangeduid. De aanwezige officieren worden vervolgens aangeduid om in de wijde omgeving alle agenten van het speciale korps aan te spreken en naar Poperinge door te sturen. Tegen 19 mei zal Hennemanne zo’n 250 personeelsleden verzameld hebben te Poperinge.

Cie CFT Leuven
De compagnie werkt verder van uit zijn kantonnementen te Vlamertinge.

Cie CFT Leuven
De compagnie werkt verder van uit zijn kantonnementen te Vlamertinge.

Cie CFT Leuven
De compagnie werkt verder van uit zijn kantonnementen te Vlamertinge.

Cie CFT Leuven
De compagnie werkt verder van uit zijn kantonnementen te Vlamertinge.

Cie CFT Leuven
De compagnie werkt verder van uit zijn kantonnementen te Vlamertinge.

Cie CFT Namen in Frankrijk
Cdt Daussogne ontvangt een waarschuwingsbevel van Generaal-majoor Dony met betrekking tot de mogelijke evacuatie van zijn compagnie naar Frankrijk. Na ontvangst van het waarschuwingsbevel verliest de compagniecommandant alle verbinding met de Staf/CFT. Cdt Daussogne verzamelt op eigen initiatief alle personeel dat niet meer geschikt is om de wapens nog op te nemen en stuurt ze met hun persoonlijke auto’s richting Hazebroek in Frankrijk. Wanneer de colonne aankomt in Hazebroek is de stad overrompeld door vluchtelingen en is er geen mogelijkheid meer om nog een kantonnement te vinden. De compagniecommandant beslist dan maar om het detachement door te sturen naar St-Omer. Ook in St-Omer wordt niet gestopt omdat het Plaatscommando gewag maakt van de nakende aankomst van de Duitse voorhoede. Er wordt doorgereden tot Fauquemberghes waar overnacht wordt.

Staf/CFT
In de vroege ochtend van 20 mei, kort na middernacht, geeft Generaal-majoor Dony opdracht aan de verschillende compagnies om alle treinmachinisten en chauffeurs van de NMBS door te sturen naar Ieper. De rest van het personeel dient onmiddellijk naar Frankrijk geëvacueerd te worden. Abbeville wordt als verzamelpunt opgegeven. Hij geeft nog mee dat eens aangekomen in Frankrijk het personeel verdeeld zal worden over de verschillende VOC’s. Generaal-majoor Dony lijkt er zich onvoldoende van bewust dat dit evacuatiebevel veel te laat komt. Na de Duitse doorbraak te Sedan stormen de Duitse troepen immers razendsnel naar de Atlantische kust richting Abbeville met de bedoeling een maximaal aantal geallieerde eenheden af te snijden in Noord-Frankrijk en België. De compagnies van Leuven, Gent en Namen geven gehoor aan het bevel en worden naar Frankrijk geëvacueerd.

Cie CFT Leuven in Frankrijk
Rond 03u00 ontvangt Cdt Hennemanne in het kantonnement van de Cie te Vlamertinge een  telegram van de stationschef van Poperinge met de orders van generaal Dony. De compagniecommandant verzamelt zijn personeel en geeft opdracht om naar Abbeville te vertrekken. In Abbeville moet contact worden opgenomen met de Belgische militaire overheden om verdere instructies voor de evacuatie naar Zuid-Frankrijk in ontvangst te nemen. De compagnie wordt in twee detachementen opgesplitst, één gedeelte zal per fiets vertrekken naar Abbeville, terwijl diegenen die niet meer in staat zijn om de tocht per fiets te maken, per camion zullen worden geëvacueerd. Cdt Hennemanne laat een vrachtwagen opeisen voor het vervoer van de archieven en van alle agenten die niet per fiets naar Abbeville kunnen. Hij neemt plaats in het voertuig en vertrekt om 05u15 richting Fruges op zo’n 18 kilometer ten noorden van Hesdin. Twee officieren worden aangeduid om de colonne wielrijders te begeleiden. Omstreeks 15u50 komen de manschappen van het detachement wielrijders in Fruges aan.

Cie CFT Namen in Frankrijk
Vanuit Fauquemberghes wordt de volgende dag wordt doorgereden naar Abbeville waar de colonne nog net de Somme kan oversteken voor de aankomst van de Duitsers. Eens voorbij de Somme wordt de tocht voortgezet tot Rouen, het verzamelpunt voor alle Belgen op weg naar Zuid-Frankrijk. De compagnie brengt de nacht van 20 op 21 mei door in Rouen.

 

Duitse opmars tussen 16 en 20 mei. In de nacht van 20 op 21 mei wordt de Franse kust bereikt.

Duitse opmars tussen 16 en 20 mei. In de nacht van 20 op 21 mei wordt de Franse kust bereikt.

Cie CFT Leuven in Frankrijk
De tweede etappe vangt aan rond 03u00 ‘s nachts en leidt de manschappen richting Abbeville. De wegen zitten propvol en de colonne komt slechts moeizaam vooruit. Hesdin wordt pas om 08u00 bereikt maar de wegen zitten overvol en er is geen doorkomen aan. Het detachement houdt halt nabij het Château Marconne ten oosten van Hesdin. Hier duiken rond 11u00 Duitse motorwielfietsen en pantserwagens op waarna het dorp wordt ingenomen. Tegen het middaguur zijn alle manschappen van de Cie CFT Leuven krijgsgevangen gemaakt.

Cie CFT Namen in Frankrijk
Vanuit Rouen zet de Cie zijn tocht verder naar het zuiden via Bordeaux, Montpellier en Ganges.

Cie CFT Namen in Frankrijk
De compagnie komt op 28 mei toe te Ganges. Hier wordt de Cie, of wat er nog van overschiet, toegevoegd aan het IVde Bataljon Spoorwegtroepen van het VOC/Gn.

Na de capitulatie

Slachtoffers

 

Bibliografie en Bronnen

  1. Jamart, J. 1994, L’armée belge de France en 1940, Bastenaken: Schmitz.
  2. Verslag Luitenant De Meersman, officier bij de Compagnie CFT Namen, CHD Evere.