5de Bataljon Transmissietroepen

Situatie op 10 mei 1940

Reglementaire benaming 5de Bataljon Transmissietroepen | 5ème Bataillon de Troupes de Transmissions | 5TTr
Type Verbindingseenheid
Ontdubbeld van Regiment Transmissietroepen
Onderdeel van 5de Infanteriedivisie
Bevelhebber Kapitein-commandant J. David
Standplaats Schepdaal
Samenstelling Staf
  Compagnie Telegrafisten (Kapitein G. Furnal)
  Compagnie Radiotelegrafisten (Kapitein G. Gueben)

 Tijdens de mobilisatie

Staf/5TTr
Het Bataljon Transmissies van de 5de Infanteriedivisie (5TTr) werd op 1 september 1939, bij afkondiging van Fase C van het mobilisatieplan, gemobiliseerd te Soignies als ontdubbelingsbataljon van het Regiment Transmissietroepen. De 5de Infanteriedivisie (5Div) was in volle vredestijd een actieve divisie die samen met de 6de Infanteriedivisie (6Div) behoorde tot het Iste Legerkorps (I/LK) en gestationeerd was in Bergen. Als organiek transmissiebataljon van deze divisie zal het bataljon instaan voor het realiseren van telefoon- en radioverbindingen tussen het Hoofdkwartier (HK) van de 5Div en de Commandoposten (CP) van de regimenten van de divisie alsook tussen de regimenten onderling. Het bataljon zal tevens verbinding moeten maken met het hoger echelon van de divisie door aan te sluiten op het telefoon- en radionetwerk van het transmissiebataljon van deze grote eenheid.

Kasteel Inkendaal te Vlezenbeek waar het HK van de 5Div zich bevond aan de vooravond van de oorlog.

Kasteel Inkendael te Vlezenbeek waar het HK van de 5Div zich bevond aan de vooravond van de oorlog.

De eerste mobilisatiemaand wordt doorgebracht te Mellet nabij Charleroi. Op 1 oktober 1939 verhuist de eenheid naar Westerlo ter voorbereiding van de nakende overplaatsing van de 5Div naar het Albertkanaal. Op 08 november ’39 neemt de 5Div uiteindelijk stelling langs het Albertkanaal om er de sector Geel van de Dekkingsstelling te bewaken. Bij de start van de winter verblijft 5TTr nog steeds in de streek van Westerlo – Geel maar wordt later in december samen met de rest van de 5Div naar het Kamp van Beverlo gestuurd om er een doorgedreven training uit te voeren. Na de korte kampperiode te Leopoldsburg wordt 5TTr rond het jaareinde naar het Limburgse Millen gestuurd om er de inplaatsstelling van de 5Div voor te bereiden. Het bataljon ontvangt op 20 december 1939 zijn definitieve benaming “5de Bataljon Transmissietroepen“. De 5Div komt begin januari in Zuidoost-Limburg toe waar ze terug onder bevel komen van het I/LK. De 5Div neemt stelling in achter het Albertkanaal van Lixhe tot Eigenbilzen (exclusief) waar ze de 4de Infanteriedivisie (4Div) aflossen.

Op 30 april wordt de 7de Infanteriedivisie (7Div), een divisie van Eerste Reserve naar het Albertkanaal gestuurd om de stelling Eigenbilzen – Lixhe over te nemen van de 5Div. De kantonnementen van 5TTr te Millen worden overgenomen door het 7de Bataljon Transmissietroepen (7TTr). De 5Div neemt op zijn beurt de stellingen van de 7Div ten zuidwesten van Brussel over waar ze ingezet worden als algemene reserve van het leger op de dwarsstelling tussen Halle en Ninove. De 5Div staat nu onder bevel van het VIde Legerkorps (VI/LK) en zijn hoofdkwartier staat opgesteld nabij het kasteel Inkendael (soms ook kasteel Richir genoemd) te Vlezenbeek [1]. Het 5TTr wordt te Schepdaal ingekwartierd.

Staf/5TTr
Het gros van de 5de Infanteriedivisie bevindt zich op 10 mei nog steeds als reserve van het leger ten zuidwesten van Brussel. Om 01u30 belt de staf van het VI/LK naar Vlezenbeek om de divisie in staat van alarm te brengen. In de namiddag krijgt de 5Div de opdracht om een gedeelte van de K.W. Stelling te verdedigen ten noorden van Leuven. De stellingen moeten aansluiten op die van de 10de Infanteriedivisie (10Div) die zich reeds in Leuven bevindt. De verplaatsing van de regimenten van de divisie wordt in het HK voorbereid en uitgevoerd tegen de avond. Het HK van de divisie blijft nog ter plaatse in Vlezenbeek om de verplaatsing van de eenheden te coördineren. 5TTr vat samen met de rest van de divisie de tocht aan en komt tijdens de nacht van 10 op 11 mei toe te Kampenhout waar ze zullen kantonneren.

Staf/5TTr
Wanneer duidelijk wordt dat de Versterkte Positie Luik ontruimd zal worden beslist het Groot Hoofdkwartier (GHK) dat de 2de Infanteriedivisie (2Div), die opgesteld stond ten oosten van de Maas, zich terug moet plooien op de K.W. Stelling om zich ten noorden van de 5Div op te stellen. De 2Div komt onder bevel van het VIde Legerkorps en krijgt een sector toegewezen tussen Rijmenam en Haacht. Hierdoor moet de 5Div zijn dispositief aanpassen en opschuiven naar het zuiden, waardoor ook het netwerk van telefoonlijnen moet worden aangepast. De 5Div staat nu opgesteld tussen de 2Div en de 10Div. Uiteindelijk neemt het 2de Regiment Jagers te Voet (2J) stelling tussen Haacht en Wespelaar op de noordelijke flank van de divisiesector terwijl in het zuiden het 4de Regiment Jagers te Voet (4J) de zuidelijke ondersector tussen Tildonk en Wijgmaal langs het kanaal Leuven – Mechelen voor zijn rekening neemt. Het 1ste Regiment Jagers te Voet (1J) wordt opgesteld in tweede echelon. Het HK van de 5Div verplaatst zich van Vlezenbeek naar Relst ten oosten van Kampenhout, 5TTr kantonneert nog steeds te Kampenhout.

Staf/5TTr
De British Expeditionary Force (BEF) bevond zich vanaf september 1939 in Frankrijk klaar om bij de start van de Duitse aanval de K.W. Stelling te bezetten vanaf Leuven (exclusief) verder zuidwaarts tot Wavre. Zowel tijdens de laatste maanden van de mobilisatie als tijdens de eerste oorlogsdagen bestaat enige onenigheid binnen het geallieerde oppercommando over waar precies de scheidingslijn tussen de Belgische en Britse legerzone dient te lopen. Het Britse leger is op 12 mei bij het aanbreken van de dag volledig ontplooid aan de K.W.-Stelling ten zuiden van Leuven zoals overeengekomen maar in de namiddag van 12 mei komt de Britse 3rd Infantry Division, bevolen door Generaal-majoor Montgommery, toe in de divisiesector van de 10Div. De Britten met de installatie van hun eenheden, zonder zich al te veel te bekommeren over de verbinding en communicatie met de Belgen. De onduidelijkheid over de grens tussen het Belgische en het Britse leger heeft tot gevolg dat ook de zuidelijke limiet van de divisiesector van 5Div ter discussie staat en een nieuwe aanpassing van het dispositief van de 5Div zich opdringt.

Staf/5TTr
Uiteindelijk wordt op 13 mei beslist dat de Britten de Sector Leuven zullen verdedigen en dat de ganse stad evenals de zone ten zuiden van de Brusselsesteenweg wordt toegewezen aan de British Expeditionary Force (BEF). Gedurende de dag wordt de 10Div afgelost door de 3rd UK Infantry Division waardoor de 5Div zich vanaf nu op de uiterste zuidflank van het Belgische dispositief op de K.W. Stelling bevindt en de verbinding moet verzekeren met de BEF.

Staf/5TTr
De aflossing van de 10Div door de troepen van Generaal-majoor Montgommery verloopt niet zonder problemen. In de ondersector van het 6de Regiment Jagers te Voet (6J) behorende tot de 10Div loopt de aflossing vertraging op. Hierdoor kan dit regiment niet voor dageraad wegkomen. Na de luchtaanvallen op Leuven van de afgelopen dagen wordt het risico op een verplaatsing overdag onaanvaardbaar geacht. Het 6J krijgt dan ook het bevel om de nacht van 14 op 15 mei af te wachten om zich naar achter te verplaatsen. Hierdoor wordt de situatie op de zuidflank van de 5Div er niet duidelijker op, het 6J dat aansluit op de stellingen van het 4J is nog niet volledig afgelost en het risico op een gat in de defensieve stelling is reëel. De Duitse troepen maken hun eerste contact met de stelling van de 5Div tegen 20u30 nabij de Remy-fabrieken en proberen door te breken op de scheiding tussen het 4J en het 6J maar door nauwkeurig gejusteerd vuur van de Belgische en de Britse artillerie mislukken alle pogingen. Het 6J wordt wel over de ganse ondersector aangeklampt en kan pas ternauwernood gedurende de nacht contact verbreken. Met het verdwijnen van 6J moet het dispositief en de verbindingen van en naar 4J aangepast worden.

Staf/5TTr
Voor de stellingen van de regimenten in lijn wordt nog sporadisch contact gemaakt met de Duitse voorhoede. Vooral voor de linies van het 4J wordt heel wat vijandelijke activiteit opgemerkt in de omgeving van de Remy-fabrieken. Voor 2J blijft het relatief rustig.

Staf/5TTr
Op 16 mei deelt de Staf/5div de onverwachte beslissing van het geallieerd opperbevel mee om naar het westen terug te trekken. Zonder dat de K.W. Stelling ten volle verdedigd werd moet de stelling op bevel van de Franse Generaal Bilotte worden prijsgegeven. In het zuiden wist het Duitse leger immers een doorbraak te forceren over de Maas in de streek van Sedan en in het noorden heeft Nederland zich overgegeven. Het veldleger, dat riskeert langs beide flanken overvleugeld te worden, zal aan het eind van de dag de K.W. Stelling ontruimen en terugtrekken naar de lijn Terneuzen-Gent-Oudenaarde. De aftocht zal in drie nachtelijke etappes afgelegd worden waarbij men aan het Kanaal van Willebroek en aan de Dender en de Schelde telkens een vertragingsmanoeuvre zal uitvoeren zodat de terugtocht kan plaatsvinden op een veilige manier. Het 5TTr trekt zich vervolgens terug naar het Bruggenhoofd Gent waar de 5Div opgesteld wordt in de sector Semmerzake-Munte ten zuidwesten van de stad.

Tijdens de aftocht naar Gent wordt op 17 mei halt gehouden te Wolvertem en op 18 mei te Erpe.

Van 19 tot 23 mei is het 5TTr gestationeerd te Zevergem.

De divisie verlaat het Bruggenhoofd Gent tijdens de nacht van 22 op 23 mei om zich achter het Afleidingskanaal van de Leie terug te trekken.

Op 23 mei wordt Deurle bereikt.

Het bataljon bevindt zich tussen 24 en 27 mei achtereenvolgens te Veldegem, Veldhoek en Hechte.

Staf/5TTr
Administratieofficier Luitenant Weerts wordt nabij Tielt krijgsgevangen gemaakt.

Staf/5TTr
Op de dag van de capitulatie verzamelt het 5TTr aan de Hazelbeekstraat te Ruddervoorde. Het transmissiematerieel wordt ingeleverd aan de vijand te Beernem.

Na de capitulatie

Slachtoffers

Geen gesneuvelden bekend.

Bibliografie en Bronnen

  1. Achtergrondinformatie bij kasteel Inkendael [On Line Beschikbaar]: https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/40677 [Laatst geraadpleegd 13 juni 2020].