13de Bataljon Genie

Situatie op 10 mei 1940

Type Geniebataljon
Ontdubbeld van 2de Regiment Genie
Onderdeel van 14de Infanteriedivisie
Bevelhebber Majoor Camille Jadoul
Adjunct Kapitein-commandant Joseph Janssen
Standplaats Schulen
Samenstelling 1ste Compagnie (Luitenant Raoul Braine)
  2de Compagnie (Luitenant Jean Bolle)

Tijdens de mobilisatie
Staf/13Gn
Het 13de Bataljon Genie (13Gn) werd gemobiliseerd als ontdubbelingsbataljon van het 2de Regiment Genie en vervoegt de 14de Infanteriedivisie (14Div) als het organieke bataljon genie van deze divisie.

Aan de vooravond van de oorlog is de 14Div ontplooid in de Sector Beringen-Stokrooie van de Dekkingsstelling achter het Albertkanaal.

De drie infanterieregimenten van de 14Div worden in lijn opgesteld langs het kanaal. Het 35ste Linieregiment (35Li) bezet de linkerondersector en sluit aan op de stellingen van de 6de Infanteriedivisie (6Div), het 38ste Linieregiment (38Li) bezet de middenondersector terwijl het 36ste Linieregiment (36Li) op de rechterflank staat opgesteld en de junctie maakt met de 1ste Infanteriedivisie (1Div). Het HK van de 14Div is geïnstalleerd te Herk-de-Stad.

De staf van het 13Gn heeft op 9 mei 1940 zijn commandopost opgesteld te Schulen.

Staf/13Gn
De bataljonsstaf wordt om 01u40 gealarmeerd door de 14Div en start onmiddellijk met het verplaatsen van zijn eenheden naar hun alarmkantonnementen en met het uitsturen van alle geplande detachementen volgens het vernielingsplan van de divisie. Tegen 04u30 kan gemeld worden dat deze alle ter plekke zijn.

Om 08u00 krijgt het 13Gn om de geplande loopbruggen over het Albertkanaal te slaan. Hiervoor beschikt het bataljon over twee pelotons Hulptroepen die bijkomende mankracht leveren. Tegen de middag zullen deze werken voltooid zijn. Zo wordt onder meer een loopbrug over het Albertkanaal gabouwd nabij de baan van Zolder naar Kermt in de ondersector van 36Li. Deze loopbrug moet het Peloton Verkenners van 36Li toelaten om de eigen linies te bereiken bij de komende vernieling van de kanaalbruggen. Ook bij het 35Li en het 38Li komt een loopbrug.

Terzelfder tijd dienen ook de vernielingen van de vernielingsreeksen D (Demer), Z (Zwarte Beek) en AR (Herk) met explosieven geladen te worden. Hiervoor heeft het 13Gn onvoldoende springstof, zodat na overleg met de divisiestaf de vernielingen van reeks D prioritair voorbereid worden. De Geniecommandant van de Cavaleriedivisie belooft om bij het depot te Beveren-Waas bijkomende springstof aan te vragen. Het bataljon gaat ook over tot de ontvangst van 800Kg springstof van de koolmijn van Beringen, zoals voorzien in de oorlogsplanning van alle Limburgse koolmijnen.

Ondertussen wordt alle persoonlijke bagage van het personeel op vrachtwagens geladen en overgebracht naar Zelem.

Om 19u00 wordt op bevel van de divisiestaf de telefooncentrale en de ondergrondse telefoonkabels te Beringen met explosieven vernield.

Staf/13Gn
De laatste troepen van de Vooruitgeschoven stelling trekken zich terug over het Albertkanaal en maken daarbij nog steeds gebruik van de brug van Beringen. De brug wordt vervolgens rond 04u00 door de genie vernietigd. Even voordien is ook de brug van Stokrooie opgeblazen. Een uur later wordt gemeld dat ook de brug te Viversel opgeblazen werd, maar dat dit kunstwerk slechts gedeeltelijk in het water ligt. Dit is trouwens ook het geval met de brug van Beringen. Voor de beide bruggen wordt een tweede vernielingspoging bevolen wordt door het Voorwaarts Inlichtingencentrum te Hasselt. Deze poging zal tegen het middaguur gerealiseerd worden door het 13Gn.

Om 18u45 krijgt het bataljon het bevel om zich te verplaatsen naar Zelem. Op het Groot Hoofdkwartier is het intussen duidelijk geworden dat de vijand na de overval op de 7de Infanteriedivisie op 10 mei het Belgische front aan het Albertkanaal heeft weten te breken en oprukt in zuidwestelijke richting tussen Hasselt en Luik. De algehele terugtocht van het oostelijke deel van het Albertkanaal werd bevolen en het veldleger zal post vatten achter de K.W. Stelling tussen Antwerpen en Leuven. Het Cavaleriekorps zal hierbij een tussenstelling bezetten langsheen de Demer en de Gete. Om de aftocht in goede orde te laten verlopen, krijgt de 14de Infanteriedivisie het bevel om de dwarsstelling van Lummen in te nemen en zich zo ten dele naar het oosten te draaien.

Het bataljon komt aan te Zelem omstreeks middernacht in de nacht van 11 op 12 mei. In het zonedepot te Zelem zijn dan nog maar net de bijkomende explosieven uit Beveren-Waas gearriveerd.

Staf/13Gn
Nog tijdens de tweede helft van de nacht van 11 op 12 mei beveelt de divisiestaf om de twee geplande vernielingen uit te voeren van de bruggen van de spoorlijn Leuven-Hasselt over de Zwartebeek nabij Zelem en de Demer nabij Schulen. Majoor Jadoul moet antwoorden dat deze vernielingen nog niet geladen zijn bij gebrek aan springstof. Bovendien is er ook nog geen akkoord van de Directie van het Vervoer bij het Leger. In de tweede helft van de nacht worden wel een zestal vernielingen uitgevoerd in het kielzog van het 36Li dat zich naar de dwarsstelling van Lummen begeven heeft.

Om 13u00 neemt het bataljon de voorbereide vernieling over aan de brug op de weg van Zelem naar Zelk van een detachement van de 3Cie van het 32Gn. Verder worden nog een viertal geplande vernielingen geladen met springstof.

Om 18u45 wordt het bataljon op preadvies geplaatst voor de aftocht naar het westen. Rond dat tijdstip wordt ook de brug van de spoorlijn Leuven-Hasselt vernield over de Mangelbeek tussen Linkhout en Schulen. Deze vernieling was niet voorbereid en wordt dan ook ter plekke gepland.

Majoor Jadoul geeft om 21u10 opdracht om de brug over de Zwarte Beek tussen Meldert en Mellaar te vernielen (vernieling Z3) waardoor de bevelhebber van het 36Li van zijn regiment afgesneden wordt. Kort hierop verlaat het 13Gn het dorp Zelem met bestemming Assent. De brug van de weg van Zelem naar Gennep over de Zwarte Beek wordt als allerlaatste vernieling aangezet door Luitenant Wijnants om 22u30.

Staf/13Gn
Het bataljon komt aan te Assent omstreeks 00u30 en vindt hier de colonne van de Lichte Ambulance terug die hem de weg wijst naar het hoofdkwartier van het Cavaleriekorps. Van hieruit worden Majoor Jadoul en zijn troepen doorgestuurd naar Gelrode. Het bataljon vertrekt om 04u30 en bereikt Gelrode omstreeks 11u30 waar terug contact is met de staf van de 14Div.

Kort na de middag stuurt de 14Div het 13Gn en de 14 Cie TTr naar de gehuchten Kwadenplas en Pijpelheide op de Liersesteenweg. Onderweg naar deze locatie krijgt het bataljon de nieuwe instructie om hier geen halt te houden maar door te laten marcheren naar Breendonk.

Staf/13Gn
Het bataljon bereikt Breendonk. Om 01u00 komen de vrachtwagens aan, gevolgd om 03u00 door de wielrijders en om 07u00 door de paardenwagens en het voetvolk. Na een kort oponthoud wordt om 14u30 een nieuw kantonnement toegewezen te Ramsdonk. Uiteindelijk is iedereen hier tegen 20u30 geïnstalleerd.

Staf/13Gn
De 14de Infanteriedivisie is gehergroepeerd te Londerzeel, Breendonk, Ramsdonk en Malderen. De divisie is niet langer strijdvaardig. Het Groot Hoofdkwartier wil de 14Div zo snel mogelijk weg uit het achtergebied van de K.W. Stelling. Kort na het middaguur laat het GHK weten dat de 4Div en de 14Div weggehaald worden het commando van het IIIde Legerkorps. Dit bericht bereikt het hoofdkwartier van de 14Div via verbindingsofficier Kapitein-commandant SBH Dungelhoeff. Om 13u50 geeft de divisiestaf de opdracht aan zijn eenheden om tegen 16u00 marsklaar te zijn. Alle bagagevrachtwagens moeten onmiddellijk geladen worden en zullen te Malderen verzamelen. De divisie zal zich naar Dendermonde verplaatsen. Daarbij dient het hoofdkwartier van de 14Div zich te Oudegem op te stellen.

Het bataljon zal deze aftocht niet vervoegen. maar wordt nu aangestuurd door het Commando van de Genie van het Groot Hoofdkwartier en krijgt de taak om in het achtergebied van de K.W. Stelling een reeks bruggen te ondermijnen. Het betreft de bruggen van Heffen, Leest en Holbeek over de Zenne, de beide bruggen over de Rupel te Boom en de bruggen over het Kanaal van Willebroek te Klein-Willebroek, Willebroek, Tisselt en Kapelle-op-den-Bos. Er kan springstof opgehaald worden in het zonedepot te Buggenhout. De spoorbruggen in dit gebied zullen ondermijnd worden door het 5e Régiment du Génie van het Franse leger. Dit regiment is gespecialiseerd in spoorwerken.

Staf/13Gn
Het ondermijnen van de toegewezen bruggen over de Zenne en de Rupel wordt voltooid in de namiddag van 16 mei.

Op 16 mei komt onverwachts het bevel van het geallieerd opperbevel (Franse generaal Bilotte) om verder westwaarts te trekken. Zonder dat men de K.W. Stelling ten volle verdedigd heeft moet de stelling worden prijsgegeven. In het zuiden wist het Duitse leger immers een doorbraak te forceren over de Maas in de streek van Sedan en in het noorden heeft Nederland zich overgegeven. Het veldleger zal aan het eind van de dag de K.W. Stelling ontruimen en in drie nachtelijke etappes terugtrekken naar de lijn Terneuzen-Gent-Oudenaarde.

Staf/13Gn
Tegen 03u00 in de nacht van 16 op 17 mei is het 13Gn ook klaar met het voorbereiden van de vernielingen van de bruggen over het Kanaal van Willebroek. 

Als eerste wordt de brug van Kapelle-op-den-Bos opgeblazen om 10u15, gevolgd door de brug van Heffen om 12u00, de brug van Leest om 12u40 en de brug van Willebroek om 16u00. Ook de bruggen te Hombeek en Tisselt worden vernield. Rond 18u00 worden de oude tolbrug te Boom en de brug te Klein-Willebroek opgeblazen.

Intussen is het gros van het bataljon om 09u00 vertrokken uit Ramsdonk om tegen 17u00 het dorp Gijzegem te bereiken, Hier worden de manschappen ingekwartierd in afwachting van de terugkeer van de vernielingsdetachementen die achtergebleven zijn. Onderweg heeft de 1Cie omstreeks 10u00 de opdracht gekregen om Luitenant Gilbert Joly per side-car over te brengen naar de divisiestaf te Oudegem als technisch adviseur.  Joly wordt als pelotonscommandant vervangen door Onderluitenant Edouard Van Osta.

In de late voormiddag heeft het oppercommando besloten dat de 14Div per spoor zal overgebracht worden naar Diksmuide om in de Westhoek ten gronde gereorganiseerd te worden en ook bewakingsopdrachten uit te voeren. Na aankomst te Gijzegem verneemt het bataljon dat het om 21u30 aan boord moet gaan van een trein die hen naar Veurne zal brengen..

Staf/13Gn
Rond 09u00 neemt een ploeg van het bataljon aan de beide bruggen over de Rupel van de autosnelweg Brussel-Antwerpen de werf over die opgestart is door het Franse 5e Régiment du Génie. De sprininrichting is hier reeds geplaatst door de Fransen, met uitzondering van de explosievenkamers die nog niet helemaal volgeladen zijn met springstof. De militairen van het 13Gn ronden dit werk af en omstreeks 11u00 beveelt de staf van de 15Div de vernieling van de beide bruggen. Daarmee is de opdracht van het 13Gn in de zone van het Kanaal van Willebroek afgerond.

Het 13Gn wordt pas vanaf 10u30 ingeladen te Lede samen met het 14TTr en de Lichte Ambulance. Dit wordt voltooid tegen 13u30 en het treinstel zal uiteindelijk om 14u15 kunnen vertrekken.

Staf/13Gn
Rond 05u00 bereiken de motorvoertuigen van het bataljon het nieuwe kantonnement te Oostkerke. De trein met de rest van het bataljon is ondertussen nog onderweg en zal pas rond 16u00 aankomen te Esen. Hier stijgen de manschappen te voet uit, terwijl de paarden en paardenwagens aan boord blijven tot ze in het station van Diksmuide via de laadkaai zullen kunnen afgeladen worden.

Staf/13Gn
De paarden en paardenwagens kunnen uiteindelijk pas in de de tweede helft van de nacht van 19 op 20 mei afgeladen worden en vervoegen het kantonnement.

Om 21u15 neemt het Commando van de Genie van het Groot Hoofdkwartier opnieuw de aansturing van het bataljon over. Stafofficier Kapitein-commandant Grandfils laat weten dat het 13Gn ingezet zal worden bij het ondermijnen van de bruggen over de Handzamevaart, het Kanaal Ieper-Ijzer en het Kanaal van Roeselare naar de Leie. Deze vernielingen zijn reeds gepland en de ploegen van het 13Gn moeten de springinrichtingen installeren om vervolgens bij elke ondermijnde brug een technische wacht te plaatsen.

Er vertrekt een vrachtwagen onder leiding van 1ste Sergeant Achten om in het munitiedepot van Houthulst de nodige springstof en uitrusting gaan af te halen. De 2Cie wordt uitgestuurd naar 16 bruggen over Handzamevaart en het Kanaal Ieper-Ijzer.  De 1Cie zal het Kanaal van Roeselare naar de Leie aanpakken en verdeelt de bruggen onder zijn drie pelotons:

  • 1ste peloton (Onderluitenant Edouard Van Osta): Bruggen 10, 9 (Kachtem) en 8
  • 2de peloton (Luitenant Rene Hannevart): Bruggen 7, 6, 5 (‘Lysbrug’), 4, en 3
  • 3de peloton (Onderluitenant Joseph Van Dingenen): Bruggen 2 en 1 (Ooigem)

De 1Cie werkt eerst de belangrijkste bruggen af over het Kanaal van Roeselare naar de Leie.  Dit zijn bruggen 10, 9, 8, 6 en 1.  Vervolgens worden de overige bruggen van de secundaire wegen ondermijnd.

De 1Cie krijgt de opdracht om de sprininrichtingen van de bruggen over het Kanaal van Roelselare naar de Leie zo aan te passen dat de bruggen vanop elke oever kunnen vernield worden.

Staf/13Gn
Om 15u15 ontvangt het bataljon de opdracht om een nieuw kantonnement in te nemen te Klerken. De laatste troepen komen om 19u00 aan in het dorp.

Het bataljon kantonneert te Klerken, en wordt tijdens de voormiddag bezocht door Kolonel Beaupain, Commandant Genie van het III/LK. Majoor Jadot geeft een update over de inzet van zijn compagnies aan de Handzamevaart, het Kanaal Ieper-Ijzer en het Kanaal van Roeselare naar de Leie.

Het bataljon ontvangt de opdracht om te Abele een lading landmijnen te gaan ophalen ten voordele van de 14Div.

Omstreeks 20u30 krijgt Onderluitenant Joseph Van Dingenen een bevel om de bruggen over het Kanaal van Roeselare naar de Leie ten oosten van Ingelmunster te laten springen.  Van Dingenen zal deze taak afronden tegen de ochtend van 25 mei en zal dan terug aankomen te Klerken. Majoor Jadot verneemt tevens dat alle ploegen van de 1Cie afgelost zullen worden tegen 12u00 op 25 mei.

Aan het Kanaal van Roeselare naar de Leie sneuvelen bij Brug 1 ten noorden van Ooigem Soldaat Vingerhoets en Korporaal Vogels wanneer hun bestelwagen met mondvoorraad voor het vernielingsdetachement geraakt wordt in een artilleriebombardement.  De vernieling van Brug 8 wordt uitgevoerd omstreeks 22u00.

Omstreeks 02u10 vindt een tweede incident plaats langsheen het Kanaal van Roeselare naar de Leie wanneer Brug 9 te Kachtem voortijdig de lucht invliegt.  De ploeg van de 1Cie vermoedt dat een granaatinslag de springlading heeft aangezet en komt er met de schrik vanaf. Brug 5 (de ‘Lysbrug’) ten zuidoosten van Ingelmunster wordt om 11u20 vernield door de ploeg van Sergeant Beirs.

Het 13Gn heeft intussen om 08u45 de toestemming gekregen van de 14Div om zijn kantonnement te verleggen naar Werken. Het bataljon meldt aan de divisiestaf dat de 1Cie de bruggen over het Kanaal van Roeselare naar de Leie vernield heeft tussen Ingelmunster en de Leie, samen met de draaibrug en de loopbrug te Izegem. De manschappen van de compagnie hebben het bevel gekregen om terug te keren naar het bataljon, maar op een tiental militairen na is dit nog niet gelukt.

Staf/13Gn
Het bataljon kantonneert nog steeds te Werken. Het kantonnement wordt meermaals overvlogen door vijandelijke toestellen en hierbij ook gemitrailleerd.  Heel wat voertuigen worden beschadigd..

Majoor Jadoul ontvangt om 16u30 instructies van de staf van het III/LK om de springinrichtingen van de bruggen tussen Diksmuide en Ieper aanpassen zodat deze zowel van op de westelijke als op de oostelijke oever kunnen aangezet worden. Tevens vraagt Kolonel Beaupain om de vernieling van de spoorbrug van Boezinge over te doen aangezien het kunstwerk nog kan gebruikt worden door troepen te voet.

Even voor middernacht wordt het 13Gn naar Lampernisse bevolen.

Staf/13Gn
Kapitein-commandant SBH Dungelhoeff van de 14Div bevestigt dat het Belgische leger in Vlaanderen de strijd gestaakt heeft en laat weten dat het bataljon tegen 11u00 de linkeroever van de Ijzer moet verlaten hebben.  Het 13Gn wordt hierbij naar Beerst gestuurd.

Staf/13Gn
Het bataljon kantonneert te Beerst.  Bij de verdere strijd tussen de Duitse, Britse en Franse legers wordt het dorp nog meermaals geraakt door artilleriegranaten.  Hierbij raakt nog een onderofficier van het 13Gn.  Aan het eind van de dag wordt het bataljon naar Bovekerke gezonden.

Na de capitulatie

Op 31 mei zal het 13Gn zijn materieel inleveren in het een depot dat door de 14Div aangelegd wordt. Op 1 juni sturen de Duitsers een deel van de troepen terug naar de Handzamevaart om hier de bruggen te gaan ontmijnen.  Deze opdracht wordt daags nadien afgerond.  Ook op 2 juni vertrekt de rest van het bataljon samen met de overige colonnes van de 14Div naar Derlijk om vervolgens twee dagen later, op 4 juni, Ronse te bereiken.  Tussen 4 juni en 10 juni wordt het bataljon gedemobiliseerd, met uitzondering van 8 officieren en 3 Franstalige dienstplichtigen.  De bezetter laat ook hen gaan op 10 juni.  Alleen beroepsofficier Raoul Braine zal in krijgsgevangenschap vertrekken.

Slachtoffers

EenheidNaamVoornaamFotoGraadStandKlas° op° te+ op+ teNota
1VINGERHOETSJozef, L.SdtMil3012.08.1910Duffel24.05.1940Ooigem
1VOGELSGerard, L.KplMil3018.01.1910Menen24.05.1940Ooigem

Bibliografie en Bronnen