Directie van het Vervoer van de Achterwaartse Zone

Situatie op 10 mei 1940

Reglementaire benaming Directie van het Vervoer van de Achterwaartse Zone
Direction des Transports de la Zone Intérieure| DTI
Type Logistieke Steuneenheid
Ontdubbeld van n.v.t.
Onderdeel van Ministerie van Landsverdediging
Bevelhebber Luitenant-kolonel SBH H. Terfve
Standplaats Brussel
Samenstelling  

Tijdens de mobilisatie

Staf/DTI
In volle vredestijd was het transport van het Belgisch Leger georganiseerd op territoriale basis onder directe controle van het Ministerie van Landsverdediging (MLV).  De legerkorpsen, divisies en overige grote eenheden van het veldleger werden bediend door deze territoriale structuur maar hadden geen functionele bevoegdheid over de territoriale logistieke eenheden. Binnen de Generale Staf van het Leger (Etat-major Générale de l’Armée – EMGA) was de 4de Afdeling de schakel tussen de territoriale logistieke diensten enerzijds en de grote eenheden anderzijds. Bij de aanvang van de mobilisatie bleef deze structuur nog bestaan maar bleek weinig efficient te zijn voor de ondersteuning van het Veldleger eens de vijandelijkheden zouden starten. Wanneer in januari 1940 de EMGA omgevormd wordt tot het Groot Hoofdkwartier (GHK) komt een duidelijke splitsing van de bevoegdheden tot stand tussen dit nieuwe oppercommando en het MLV. Het GHK neemt de leiding van het veldleger op zich en controleert zijn operatiegebied dat aangeduid wordt met de term ‘Legerzone’ (Zone de l’Armée). Het MLV geleid door de Minister van Landsverdediging Luitenant-generaal Denis komt aan het hoofd te staan van alle territoriale troepen en voert de leiding over de zogenaamde ‘Achterwaartse Zone’ (Zone de l’Intérieure) waarbinnen de diverse territoriale steundiensten van de krijgsmacht zullen opereren. De Directie van het Vervoer van de Achterwaartse Zone (oftewel Direction de Transport de l’Intérieure – DTI) is een onderdeel van het Ministerie van Landsverdediging en is verantwoordelijk voor de planning en organisatie van militaire transporten buiten het operatiegebied van het veldleger.

Voor de planning van vervoer per spoor maakt de directie gebruik van de Militaire Dienst der Spoorwegen.  De uitvoering van transporten binnen de Achterwaartse Zone gebeurt door de Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen. Voor de planning van het vervoer via de binnenwateren is er de Navigatiecommissie.  De transporten binnen de Achterwaartse Zone worden uitgevoerd door de Nationale Dienst voor Vervoer over de Binnenwateren van het Ministerie van Verkeerswezen. Het verkeer via de weg wordt overzien door de Provinciecommando’s en uitgevoerd door acht Territoriale Transportkorpsen. De taak van de acht transportkorpsen en de twee transportcompagniesdie bij de aanvang van de mobilisatie in september 1939 werden opgericht, bestaat er in om transportopdrachten uit te voeren ten behoeve van de territoriale troepen en etablissementen. Elk Territoriaal Transportkorps beschikt hiervoor over een peloton of een compagnie uitgerust met paardenkarren, een peloton of compagnie met vrachtwagens en een herstellingswerkplaats voor motorvoertuigen (oftewel Atelier de Réparation du Charroi Automobile – ARCA). De beschikbare voertuigen zijn in de meeste gevallen opgeëiste burgervoertuigen. De grootte van de eenheden is variabel, het Territoriaal Vervoerskorps van Brussel is veruit het grootste. 

Het onderhoud van de verkeersinfrastructuur binnen de Achterwaartse Zone wordt geleid door de Administratie van Bruggen en Wegen van het Ministerie van Verkeerswezen.

Staf/DTI
Vanaf 10 mei 1940 worden de territoriale vervoerskorpsen geleidelijk aan teruggetrokken naar Vlaanderen naarmate het front zich westwaarts beweegt. Daarbij worden ook steeds meer opdrachten ten voordele van het veldleger uitgevoerd. Terwijl sommige eenheden van de territoriale vervoerskorpsen tot bij de capitulatie in ons land zullen opereren, worden andere groeperingen naar Frankrijk geëvacueerd

Slachtoffers

Bibliografie en Bronnen

  1. Gilbert, E., 1945, L’armée dans la nation. L’entre-deux-guerres en Belgique, Brussel: Editions Wellens-Pay.
  2. Jamart, J. 1994, L’armée belge de France en 1940, Bastenaken: Schmitz.
  3. Dossier Ministerie van Landsverdediging, Sectie Classified Archives, Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid, Ministerie van Defensie.