Directie voor Aan- en Afvoer van de Achterwaartse Zone

Situatie op 10 mei 1940

Reglementaire benaming Directie voor Aan- en Afvoer van de Achterwaartse Zone
Direction des Ravitaillements et Evacuations de la Zone Intérieure | DREI
Type Logistieke Steuneenheid
Ontdubbeld van n.v.t.
Onderdeel van Algemene Directie van de Dienst der Mobilisatie van de Natie, Ministerie van Landsverdediging
Bevelhebber Luitenant-generaal Emile Theunis
Standplaats Brussel
Samenstelling Algemene Directie Staf (Majoor IMF René de Rest)
Dienst Bevoorradingen (LtKol SBH Raoul Beretzé)
Dienst Koloniale Bevoorradingen (Kol Gaston Heenen)
Dienst Scheikundige Bevoorradingen (Kol SBH Albert Nicaise)
  Dienst Ravitailleringen en Productie van de Intendance (Kolonel Intendant SBH Constant Vermaelen)
  Dienst Geneeskundige en Farmaceutische Bevoorradingen (Kapitein Intendant F. Demoustiez)
  Dienst Bewapening (Kolonel IMF Albert Cotes) Staf
1ste Afdeling (LtKol Jérôme Pottier)
2de Afdeling (1Kapt IMF Alphonse Van Roy)
3de Afdeling (Maj Joseph Dereck)
  Dienst Wagenpark en Brandstoffen (Luitenant-kolonel IMF Victor Tellier) Staf (Cdt Maurice Thiry)
1ste Afdeling – Immatriculatie (Cdt Gustave Kornelis)
2de Afdeling – Studies en Testen (1Kapt IMF Marcel Charloteaux)
3de Afdeling – Aankopen (Maj IMF Ferdinand Daman)
4de Afdeling – Productieplanning (Maj IMF Emile Piehler)
Afdeling Brandstoffen (Cdt Jules Moreau de Melen)
  Dienst Militaire Luchtvaart (Luitenant-kolonel vlieger Yvon Harnould) Staf
1ste Afdeling (Maj Vl Pierre De Zaeytijdt)
2de Afdeling (Maj Vl Joseph “Jo” Vuylsteke)
3de Afdeling (1Kapt BVM Guillaume Goeleven)
  Dienst Materialen en Werktuigen van de Technische Troepen (Majoor Charles Lentacker)
  Dienst Paardenartsenij en Remonte (Dierengeneesheer Kolonel Léon Hué)
  Anti-Gasbeschermingsdienst (Majoor IMF Jean Corthouts)
  Dienst Ontvangsten (Kolonel IMF Emile Huyghe) Staf
Afdeling Gent (Cdt Armand Crispin)
Afdeling Luik (Kapt F. Degueldere)
Afdeling Charleroi (Cdt Georges Delrue)
Afdeling Antwerpen (Cdt Jean Hendrickx)
Afdeling Kortrijk (Cdt Eugène Mosselman)
  Dienst Transportbegeleiding (Kolonel Albert Marchal) Staf (Lt R. Leroy)
1ste Compagnie (Cdt Maurice Lefèbvre)
2de Compagnie (Kapt G. Gilson)
3de Compagnie (Lt F. Anspach)

Tijdens de mobilisatie

Staf/DREI
Wanneer in januari 1940 de Generale Staf van het Leger omgevormd wordt tot het Groot Hoofdkwartier (GHK) komt een duidelijke splitsing van de bevoegdheden tot stand tussen dit nieuwe oppercommando en het Ministerie van Landsverdediging. Het GHK neemt de leiding van het veldleger op zich en controleert zijn operatiegebied dat aangeduid wordt met de term Legerzone (Zone de l’Armée). Het Ministerie van Landsverdediging (MLV) geleid door de Minister van Landsverdediging Luitenant-generaal Denis komt aan het hoofd te staan van alle territoriale troepen en voert de leiding over de zogenaamde ‘Achterwaartse Zone’ (Zone de l’Intérieure) waarbinnen de diverse territoriale steundiensten van de krijgsmacht zullen opereren. De Directie voor Aan- en Afvoer van de Achterwaartse Zone (of in het Frans: “Direction des Ravitaillements et Evacuations de l’Intérieur” – DREI) is een onderdeel van het MLV en is verantwoordelijk voor de planning en organisatie van de ravitaillering en evacuatie buiten het operatiegebied van het veldleger. Deze directie wordt vanaf zijn oprichting ondergebracht bij de Algemene Directie van de Dienst der Mobilisatie van de Natie (DG/SMN) van  Luitenant-generaal Theunis en bestond uit volgende departementen:

Dienst Ravitailleringen en Productie van de Intendance/DREI
De Dienst Ravitailleringen en Productie van de Intendance (of Service de Ravitaillement et Productions d’Intendance – SRPI), onder bevel van Kolonel Intendant SBH Constant Vermaelen, staat in voor de bevoorrading aan levensmiddelen en uitrusting voor het ganse Belgische leger. Hij beheert de algemene reserve van het leger aan levensmiddelen en uitrusting en beschikt hiervoor over de Algemene Magazijnen van de Bevoorradingsbasis (MGBA), het 2de, 3de en 4de Territoriaal Intendancekorps, en de Uitrustingsdienst.

Dienst Geneeskundige en Farmaceutische Bevoorradingen/DREI
Deze dienst, bevolen door Kapitein Intendant F. Demoustiez, staat in voor de bevoorrading aan medisch materieel en geneesmiddelen en beschikt hiervoor over drie organismen: het Algemeen Magazijn van het Hospitaalmaterieel, het Centraal Laboratorium van de Gezondheidsdienst en de Centrale Apotheek van het Leger.

SAm/DREI 
De Dienst Bewapening (oftewel Service de l’Armement – SAm) geleid door Kolonel IMF Albert Cotes is verantwoordelijk voor de productie en bevoorrading van munitie en bewapening en coördineert de werkzaamheden van de Koninklijke Kanongieterij (FRC), de Staatswapenfabriek (MAE) en de Werkplaatsen voor Fabricatie van Munitie (AFM) en van de Technische Dienst der Grondverdediging tegen Luchtvaartuigen.

Dienst Wagenpark en Brandstoffen/DREI
Deze dienst, geleid door Luitenant-kolonel IMF Victor Tellier, zorgt voor de verwerving van brand- en smeerstoffen en voertuigen voor het leger. Deze verwerving kan gebeuren via aankoop in de privésector, eigen productie, opeising in volle eigendom of opeising onder huurcontract. Hiervoor beschikt de dienst over een sectie immatriculatie, een sectie studies en testen, een sectie aankopen en een sectie productieplanning. De dienst coördineert de werkzaamheden van het Arsenaal voor het Wagenpark en het Aankoopmagazijn voor het Wagenpark. Brand- en smeerstoffen worden beheerd door de Controledienst der Brand- en Smeerstoffen die aan elk Provinciecommando aangehecht is. De sectie studies en testen heeft ook een Proefstation voor Motorvoertuigen en Brandstoffen te Etterbeek.

Dienst Militaire Luchtvaart/DREI 
Deze dienst, geleid door Luitenant-kolonel Yvon Harnould, bepaalt de behoefte aan materieel bestemd voor de luchtvaarteenheden en zorgt voor de verwerving ervan. Het materieel wordt ofwel aangekocht in de privésector ofwel geproduceerd door de Etablissementen der Militaire Luchtvaart.

Dienst Materialen en Werktuigen van de Technische Troepen/DREI
De Dienst Materialen en Werktuigen van de Technische Troepen van Majoor C. Lentacker is verantwoordelijk voor het beheer van de aankoopcontracten van de Technische Dienst der Spoorwegtroepen, de Technische Dienst der Pontonniers, de Technische Dienst der Transmissietroepen, het Park van de Genie van het Leger en de Compagnie Houtvesters.

Dienst Paardenartsenij en Remonte/DREI
De dienst van Dierengeneesheer Kolonel Léon Hué bepaalt voor gans het leger de behoefte aan paarden en materieel voor de verzorging van paarden. De aangekochte dieren worden verzameld in het Remontedepot van het Leger (DRA). De Dienst Paardenartsenij en Remonte is ondergebracht in de Karabinierskazerne op het Daillyplein.

SPG/DREI
De Anti-Gasbeschermingsdienst (oftewel Service de Protection contre le Gaz – SPG), vanaf 17 maart ’39 geleid door Majoor IMF Jean Corthouts [1], becijfert de totale behoefte aan anti-gasbeschermingsmaterieel voor het leger. Deze dienst bepaalt wat dient te worden aangekocht en wat dient te worden geproduceerd door de Inrichtingen van de Anti-Gas Beschermingsdienst (oftewel Etablissements du Service de Protection contre les Gaz – Et SPG). SPG buigt zich ook over de nodige infrastructuurwerken die dienen uitgevoerd in de installaties van de Et SPG om de productie te verhogen. De Anti-Gas beschermingsdienst bevond zich in de Kernstraat 17 (oftewel Rue du Pépin n° 17) te Brussel. Dit gebouw bevindt zich vlakbij het koninklijk paleis naast het gebouw waarin zich ook de Staf van de 1ste Militaire Circonsriptie en het Provinciecommando van Brabant bevonden. SPG werd bijgestaan door de Technische Dienst van de Anti-Gasbeschermingsdienst (Service Technique du Service de Protection contre le Gaz – ST SPG) die de evolutie in het domein van chemische oorlogsvoering opvolgde.

Dienst Ontvangsten/DREI
Deze dienst onder bevel van Kolonel IMF Emile Huyghe is verantwoordelijk voor het in ontvangst nemen van alle bestellingen geplaatst bij de privésector ten behoeve van het Belgische leger. Hiervoor beschikt de dienst over 67 officieren-specialisten en enkele tientallen administratieve krachten die werken van uit regionale kantoren te Brussel, Antwerpen, Luik, Bergen, Namen, Charleroi, Tubize, Kortrijk, Gent en Mol, aangevuld met een kantoor voor de Fabrique Nationale.

SC/DREI
De Dienst Transportbegeleiding (oftewel Service de Convoiement – SC) van Kolonel A. Marchal heeft een dubbele taak. Enerzijds is de dienst verantwoordelijk voor een pool van begeleiders die transporten door de privésector ter behoeve van het leger moeten superviseren. Anderzijds beheert de dienst het technische personeel van het Ministerie van Landsverdediging. De dienst bestaat uit drie compagnies die aan de vooravond van de oorlog een 900-tal manschappen telt.

De militaire post in de Achterwaartse Zone blijft onder het gezag van de Directie van Posterijen van het Ministerie van Verkeerswezen.

Dienst Ravitailleringen en Productie van de Intendance/DREI
In de namiddag beveelt de dienst dat de 1ste en de 2de Provianddienst Luik alle installaties moeten overbrengen naar de linkeroever van de Maas.

SAm/DREI
Wanneer Kolonel IMF Bertrand, directeur van de Staatswapenfabriek (MAE), om 02u30 de Dienst Bewapening van het DREI contacteert, krijgt hij van 1Kapt IMF Alphonse Van Roy de opdracht om de machines van de MAE te ontmantelen en ze, zoals voorzien is in het mobilisatieplan, naar Gent over te brengen. Ook Kolonel IMF Brosius vraagt om de Werkplaatsen voor Fabricatie van Munitie (AFM) naar het westen van het land te evacueren. Dit wordt door de Dienst Bewapening geweigerd, het AFM moet blijven doorwerken in zijn huidige locaties. Kol IMF Brosius krijgt te horen dat de prioriteit nog steeds dient gelegd te worden bij de productie van munitie voor de C40mm kanonnen en bij de revisie van de voorraad slechte munitieloten teruggebracht door de depots.

Dienst Wagenpark en Brandstoffen/DREI
Omdat In de loop van de dag de telefoonverbindingen met het Arsenaal voor het Wagenpark (AC) te Berchem verbroken worden komt Kol IMF Brasseur, directeur van het AC, persoonlijk naar Brussel om zich in verbinding te stellen met de Dienst Wagenpark en Brandstoffen (SCC). Voor zijn vertrek treft hij nog de nodige maatregelen om een snelle verhuis naar de linker Scheldeoever mogelijk te maken. In Brussel verneemt hij echter van Luitenant-kolonel IMF Tellier, hoofd van de SCC, dat de in het mobilisatieplan voorziene verhuis naar een verkend kantonnement op de linker Scheldeoever niet doorgaat.

Kapitein-commandant Léon Velge van de Sectie Brandstoffen bevindt zich te Antwerpen en is er verantwoordelijk voor de brand- en smeerstoffen die opgeslagen liggen op het grote bedrijventerrein van Petroleum-Zuid. Samen met Kapitein-commandant Devalkeneer, (vermoedelijk van het provinciecommando), start hij al op de eerste oorlogsdag met de evacuatie van wagons met brandstof uit het vormingsstation Antwerpen-Kiel. Hij doet beroep op het 3Pl van de 2Cie van het XVIIde Bataljon Wachters van Verkeerswegen en Inrichtingen om begeleiders voor de goederentreinen te leveren.

Dienst Militaire Luchtvaart/DREI
De hoofdbekommernis van deze dienst voor de eerste oorlogsweek wordt de coördinatie van de evacuatie van de diverse ondernemingen die actief zijn in de luchtvaartsector naar het westen van het land.

Dienst Paardenartsenij en Remonte/DREI
Deze dienst heeft zijn standplaats in de Kazerne Prins Boudewijn op het Daillyplein te Schaarbeek.

SPG/DREI
Vanaf de eerste oorlogsdag ondersteunt de dienst de evacuatie van de Inrichtingen der Anti-Gasbeschermingsdienst (Et SPG) die enerzijds bestaan uit de werkplaatsen in het Fort van Steendorp nabij Temse en anderzijds uit een laboratorium te Vilvoorde.

Dienst Ontvangsten/DREI
De evacuatie van diverse fabrieken uit de defensie-industrie wordt geleid van op de regionale kantoren te Brussel, Antwerpen, Luik, Bergen, Namen, Charleroi, Tubize, Kortrijk, Gent en Mol, aangevuld het kantoor op de Fabrique Nationale.

Onderluitenant Leclercq van de Dienst Ontvangsten werkt in de munitiefabriek van Mecar te Marchienne-au-Pont aan de overname van de beschikbare voorraden door het leger. Hij zal de fabriek op 12 mei verlaten om vervolgens te assisteren bij de evacuatie van het regionale kantoor van de Dienst Ontvangsten uit Charleroi.

Dienst Ravitailleringen en Productie van de Intendance/DREI
Wanneer het Groot Hoofdkwartier beslist tot de evacuatie van de Versterkte Positie Luik, worden de 1ste Provianddienst Luik en de 2de Provianddienst Luik naar Roeselare bevolen. De aftocht zou per spoor moeten gebeuren, maar een reeks luchtaanvallen aan de westrand van de stad heeft het spoorverkeer onmogelijk gemaakt. De eenheden zullen zich over de baan terugtrekken.

SAm/DREI
In de vroege voormiddag overleggen Kol IMF Bertrand en de Directeur van de FRC wat met hun personeel dient te gebeuren nadat ze van Luitenant-generaal de Krahe, bevelhebber van het IIIde Legerkorps (III/LK), vernomen hebben dat de stad Luik ontruimd zal worden. Ze nemen rond 10u00 contact op met de Dienst Bewapening die aan beide directeurs de toelating geeft om zelf te beslissen wanneer ze hun personeel willen laten vertrekken. Hierop wordt een passagierstrein aangevraagd aan de NMBS die naar het station Luik-Vivegnis zal worden gestuurd om het personnel tegen 11u00 op te halen. Nadat alle personeel en materieel van de MAE uit Luik vertrokken is vertrekt Kol IMF Bertrand rond 11u30 om zich naar de nieuwe opstelplaats van de MAE Gent te begeven. Kort na de middag brengt hij een bezoek aan de burelen van de Dienst Bewapening om verslag uit te brengen over de ontruiming van de MAE uit Luik. 

In ons land heerst tijdens de eerste oorlogsweek een ware parachutistenkoorts (toen ook al naar verwezen als ‘parachutitis’ ) en het gonst van geruchten over mogelijke luchtlandingen. Wanneer Kol IMF Brosius aan de Dienst Bewapening versterking vraagt om de werkplaatsen van de AFM te beveiligen, worden twee detachementen van 12 man Wachters van Verkeerswegen en Inrichtingen (GVCE) ter beschikking gesteld van de AFM.

Dienst Wagenpark en Brandstoffen/DREI
Aan de Petroleumkade op het Kiel in Antwerpen liggen nog twee binnenvaartuigen geladen met brandstof, waaronder de 66m lange rijnaak Jura van schipper Jules Van De Putte. De Kapitein-commandanten Devalkeneer en Velghe besluiten om de schepen te laten evacueren via de Zeeschelde naar Zeebrugge. Vermoedelijk is dit om de brandstof over te brengen naar de installaties van het Magazijn voor Brandstoffen en Smeerstoffen te Brugge (TBC). 

Dienst Wagenpark en Brandstoffen/DREI
De evacuatie van Petroleum-Zuid loopt verder. Tegen de avond is het 3Pl van de 2Cie van het XVIIde Bataljon Wachters van Verkeerswegen en Inrichtingen al 18 manschappen kwijt aan bewakingsopdrachten van transporten. 

Dienst Paardenartsenij en Remonte/DREI
Deze dienst verlaat Brussel en begeeft zich naar Middelkerke. De Kazerne Prins Boudewijn wordt immers volledig geëvacueerd op 12 mei zodat de dienst de toestemming krijgt om voortijdig af te reizen naar de kust. In Middelkerke installeert de dienst zich in een hotel op de zeedijk. De officieren van de dienst gaan op zoek naar mogelijkheden om in het buitenland paarden aan te kopen voor ons leger. De provinciale aankoopcommissies voor paarden die van de dienst afhangen, houden op te functioneren, met uitzondering van de aankoopcommissie voor West-Vlaanderen die voorlopig wel blijft verder werken en aan het Remontedepot van het Leger zal aangehecht worden.

Dienst Ravitailleringen en Productie van de Intendance/DREI
De Dienst Ravitailleringen en Productie van de Intendance (SRPI) stuurt LtKol Int Kalmes, directeur van het 4de Territoriaal Intendance Korps (4TerIntK) op verkenningsmissie naar Kortrijk, De Panne en Nieuwpoort met het oog op de verhuis  van de twee Brusselse provianddiensten naar Kortrijk en de twee Naamse provianddiensten naar De Panne en Nieuwpoort. Tegen de avond keert LtKol Int Kalmes terug naar Brussel en brengt persoonlijk verslag uit bij de SRPI, die akkoord gaat met de nieuwe kantonnementsplaatsen.

SAm/DREI
Kolonel IMF Bertrand wordt door de Dienst Bewapening/DREI op de hoogte gebracht dat er een principieel akkoord is met het Franse Ministerie van Bewapening om de MAE naar Frankrijk over te brengen. De uitvoeringsbevelen zullen later volgen.

Dienst Militaire Luchtvaart/DREI
Om 16u00 verlaat de dienst Brussel met bestemming Middelkerke. Te Brussel blijft een achterwacht van 3 officieren. 

Staf/DREI
Op de ministerraad van 11u15 op 14 mei wordt beslist om de evacuatie van de regering uit de hoofdstad op te starten. Omdat heel wat ministeries problemen ondervinden om zich in Oostende te installeren wordt beslist om het gros van de diensten van Landsverdediging naar Middelkerke over te brengen. Terwijl de activiteiten van het Kab/MLV te Brussel gewoon verder gezet worden, vertrekken diverse installatieploegen naar de kust.

Dienst Ravitailleringen en Productie van de Intendance/DREI
Ook deze dienst verlaat de hoofdstad. Er worden alleen twee officieren achtergelaten bij het ministerieel kabinet. Deze officieren moeten de evacuatie van de eenheden van de territoriale intendancekorpsen blijven overzien tijdens de verplaatsing van de rest van de dienst.

SAm/DREI
Om 22u50 draagt de Dienst Bewapening aan Kolonel IMF Bertrand op om alle werkzaamheden stil te leggen en de machines die zich te Gent bevinden op treinwagons te laden en naar Adinkerke over te brengen. Ook de AFM krijgt om 23u00 het bevel om het werk neer te leggen en over te gaan tot de evacuatie. Alle productie wordt onmiddellijk gestaakt om de machines te kunnen ontmantelen en op transport te plaatsen. Kolonel IMF Brosius moet zijn diensten initieel per spoor naar Adinkerke overbrengen van waaruit de treinen naar een nog niet gekende bestemming in Frankrijk doorgestuurd zullen worden. De directeurs van de MAE, FRC en de AFM worden tevens verzocht om zich de volgende dag om 09u00 te Middelkerke op de Dienst Bewapening aan te melden om detailorders op te halen voor de verhuis naar Frankrijk. 

SPG/DREI
De Anti-Gasbeschermingsdienst verlaat Brussel om 12u30.

SAm/DREI
Kol IMF Bertrand en Kol IFM Brosius melden zich om 09u00 aan bij de Dienst Bewapening te Middelkerke en krijgen de bevestiging dat de MAE en de AFM naar Frankrijk zullen verhuizen. De definitieve bestemming zal in de loop van de namiddag doorgegeven worden. Kol IFM Bertrand maakt gebruik van zijn bezoek om één 1 miljoen Belgische Frank te vragen om de lonen van zijn personeel te kunnen uitbetalen. Ook Kol IMF Brosius ontvangt ook een postcheque van 2.500.000 Belgische Frank om de lonen van de arbeiders te kunnen uitbetalen. De directeurs keren met weinig nieuwe informatie terug naar Gent en Zwijndrecht. LtGen IMF Jamotte komt in de loop van de namiddag aan uit Parijs en begeeft zich naar Middelkerke waar de Staf/IGMF zich bevindt. Hij laat schriftelijke orders opstellen met de locaties in Frankrijk waar de fabrieken, werkplaatsen en arsenalen zullen worden ondergebracht. Het betreft inrichtingen beheerd door de Franse staat met een gelijkaardige functie als de Belgische inrichtingen. De orders zullen de verschillende inrichtingen voor militaire fabricaten bereiken tussen 17u00 en 18u00. Het AFM ontvangt rond 18u00 een telegram met de toegekende bestemmingen in Frankrijk. De Werkplaatsen voor het vullen van obussen verhuizen naar Saint-Florentin (Yonne) en de rest van de AFM naar Tarbes (Hautes-Pyrénées). Om 19u30 komen aanvullende richtlijnen voor de verhuis naar Frankrijk binnen. De MAE worden initieel niet verwittigd betreffende hun bestemming in Frankrijk omdat heel wat telefoonlijnen tussen Gent en Middelkerke onderbroken zijn. Pas laat in de avond slaagt Kol IMF Bertrand erin om in verbinding te treden met de Dienst Bewapening. Hij verneemt tijdens het gesprek dat Brive-la-Gaillarde (Corrèze), de uiteindelijke eindbestemming voor de MAE in Frankrijk zal worden. 

Dienst Wagenpark en Brandstoffen/DREI
Op het Kiel te Antwerpen arriveert de 9Cie van het 9de Regiment Hulptroepen van het Leger (9/III/9HuTL). De 9Cie krijgt als opdracht om bij de nakende evacuatie van Antwerpen de benzine en oliereserves die niet meer kunnen geëvacueerd worden op bevel te saboteren. Deze opdracht komt van de Controledienst der Brand- en Smeerstoffen van het Provinciecommando van Antwerpen en wordt nog steeds geleid door Kapitein-commandant Velge van de DREI. De compagnie zal voor de uitvoering opgedeeld in dertien ploegen, die verdeeld worden over drie groepen elk geleid door een pelotonscommandant. De ploegen kunnen beschikken over de nodige producten (colle française et solutions de sucre) die aan de brandstoffen moeten toegevoegd worden.

Dienst Ontvangsten/DREI
De eerste elementen van de Directie Ravitailleringen en Evacuaties van de Achterwaartse Zone komen aan te Middelkerke en starten met de installatie van de administratieve diensten.

Dienst Wagenpark en Brandstoffen/DREI
De 9Cie van het 9de Regiment Hulptroepen op Petroleum-Zuid te Antwerpen nog versterkt met het peloton van Lt Valkenaers van het 10de Regiment Hulptroepen om de gekregen sabotageopdracht uit te voeren. De vernielingsploegen zullen zodra het sabotagebevel zal gegeven worden ook tanks met smeerstoffen moeten aanpakken en ontvangen instructies over hoe ze de afsluitkleppen van de opslagtanks moeten bedienen. 

Dienst Militaire Luchtvaart/DREI
De achterwacht uit Brussel vervoegt Middelkerke.

Dienst Wagenpark en Brandstoffen/DREI
Van uit Petroleum-Zuid te Antwerpen moet de 9Cie van het 9de Regiment Hulptroepen een detachement vijfentwintig man naar Hemiksem sturen waar ze onder toezicht van Cdt De Martelaere ook de opslagtanks van de Antwerp Oil Wharves moeten neutraliseren.

Dienst Paardenartsenij en Remonte/DREI
Met het oog op de evacuatie naar Frankrijk worden de archieven van de dienst in Oostende aan boord van een treinstel gebracht. Omdat de dienst bijzonder weinig vervoermiddelen heeft, wordt een deel van het personeel van de Dienst Paardenartsenij en Remonte onder begeleiding van Luitenant Tyncke en Luitenant Brouhon aan boord gebracht van een zeeschip met bestemming Le Havre. Tijdens de tocht wordt de bestemming gewijzigd naar Southampton. Dit detachement zal in het Verenigd Koninkrijk verblijven en keert niet meer terug naar het leger in Frankrijk.

Dienst Ontvangsten/DREI
De Dienst Ontvangsten stuurt detachementen naar de fabrieken van de Fabrique Nationale te Brugge en de Union Chimique Belge te Zandvoorde. Onderluitenant Leclercq wordt uitgestuurd met 4 onderofficieren naar de UCB te Zandvoorde nabij Oostende. De ploeg moet in eerste instantie de evacuatie regelen van de nog aanwezige grondstoffen waaronder grote hoeveelheden zwavelzuur, glycol en ammoniumnitraat. Voor het transport wordt gekeken naar het spoor en de scheepvaart. Daarnaast zal ook een poging ondernomen worden om de jongste installatie voor de productie van zwavelzuur te ontmantelen en per trein naar Frankrijk over te brengen.

Dienst Ravitailleringen en Productie van de Intendance/DREI
De dienst verlaat Middelkerke en bereikt Marquise.

SAm/DREI in Frankrijk
De dienst verlaat Middelkerke en bereikt Marquise.

Dienst Wagenpark en Brandstoffen/DREI
De 9Cie van het 9HuT bevindt zich nog steeds op Petroleum-Zuid wanneer ze om 03u00 van Cdt Velge de opdracht krijgen om over te gaan tot de sabotage van de brand- en smeerstoffen. Pompen worden in gang gezet om de toegevoegde substanties te mengen met de brandstoffen en om de diverse olieproducten door elkaar te mengen. De compagnie krijgt van Kol SBH Mascart de richtlijn om zich terug te trekken via Kruibeke naar Ertvelde eens de opdracht is uitgevoerd. Wanneer rond 06u00 de pelotonscommandanten melden dat de sabotageactie is uitgevoerd, verzamelt de compagnie en begeeft ze zich naar de militaire pontonbrug van Hoboken. Voor de aftocht wordt nog een bestelwagen van Texaco opgeëist.

Dienst Militaire Luchtvaart/DREI
Ook deze dienst trekt terug van Middelkerke naar Marquise. Er worden aparte colonnes gevormd voor de personenwagens en de vrachtwagens.

Dienst Paardenartsenij en Remonte/DREI
De motorvoertuigen verlaten ons land. Aanvankelijk wordt ook koers gezet naar Marquise maar onderweg krijgt de dienst het bevel om direct door te rijden naar Sainte-Adresse. De voertuigen houden halt te Montreuil-sur-Mer om 21u00.

SPG/DREI in Frankrijk
De Anti-Gasbeschermingsdienst vertrekt richting Marquise om 14u45 en komt hier aan tegen 20u00.

Dienst Ontvangsten/DREI
De dienst verlaat Middelkerke rond 13u00 en besluit dat de aard en staat van het wagenpark niet toelaat om in een enkele colonne te rijden. Er wordt afgesproken om op 19 mei te Brionne te verzamelen. Een deel van het personeel kan door een tekort aan voertuigen niet meereizen en vervoegt de Dienst Transportbegeleidingen. Dit detachement zal het zuiden van Frankrijk nooit bereiken.

SC/DREI
De officieren en de manschappen van de Dienst Transportbegeleiding verlaten Middelkerke. Kolonel Marchal beschikt over het enige voertuig van de eenheid en laat weten dat hij naar het Franse Marquise zal rijden. Zijn personeel moet hem per trein achterna reizen. Het personeel van de SC vervoegt het grensstation van Adinkerke per kusttram of te voet. Elk van de compagnies krijgt één enkele vrachtwagen om de bagage te transporteren. De compagnies bereiken Adinkerke rondom 19u30. Te Adinkerke worden de compagnies van de SC aangevuld met personeel van de andere diensten van de DREI die niet konden worden meegenomen met de voertuigen van hun dienst. De drie compagnies tellen nu samen een 1.200-tal manschappen en worden geleid door de Luitenanten Gonthier, De Coninck en Anspach. Het geheel wordt aangevoerd door Kapitein-commandant Maurice Lefèbvre, voorheen bevelhebber van de 1Cie/SC.In het station van Adinkerke wordt gewacht op een trein die hen naar Marquise moet brengen waar rendez-vous zal gemaakt worden met de colonne met de motorvoertuigen. 

Dienst Ravitailleringen en Productie van de Intendance/DREI
De dienst trekt verder van Marquise naar Sainte-Adresse. Hier zal verbleven worden tot 22 mei.

SAm/DREI in Frankrijk
De dienst trekt verder van Marquise naar Sainte-Adresse. Hier zal verbleven worden tot 22 mei.

Dienst Paardenartsenij en Remonte/DREI
De colonne verlaat te Montreuil-sur-Mer om 05u30 en rijdt naar Abbeville om hier brandstof te tanken. Vervolgens vervoegt de dienst Sainte-Adresse. De voertuigen komen aan rond 17u00.

SPG/DREI in Frankrijk
De eenheid verlaat Marquise om 07u00 en rijdt via Boulogne, Montreuil, Abbeville en Dieppe naar Veules-les-Roses waar overnacht wordt.

Dienst Ontvangsten/DREI
De dienst bereikt Brionne. De militairen worden ingekwartierd te Nassandres sur Risle, Fontaine la Soret, Brettigny, La Riviere – Thibouville en Brionne.

Op vraag van Kolonel IMF Huyghe breekt Onderluitenant Leclercq zijn opdracht te Zandvoorde af. Ook zijn detachement zal vertrekken naar Brionne om vervolgens de rest van de Dienst Ontvangsten achterna te reizen.

Stations in en rond Duinkerke waar een 15-tal Belgische treinen vastliepen.

SC/DREI in Frankrijk

  • Staf/SC in Frankrijk
    Kolonel Marchal is aangekomen te Marquise. Zijn personeel bevindt zich op de trein onder leiding van Cdt Lefèbvre te Petite-Synthe nabij Duinkerke.
  • Detachement Lefèbvre/SC
    Na bijna 24u gewacht te hebben in het station Adinkerke, kan Cdt Lefèbvre de drie compagnies laten inschepen aan boord van een trein rondom 16u00. Deze trein vertrekt naar Duinkerke. Terwijl Lefèbvre aan de Franse militaire autoriteiten de rijpad naar het zuiden aanvraagt, komt zijn trein na een luchtaanval vast te zitten op het rangeerstation Petite-Synthe te Duinkerke. Iedereen zal de nacht van 19 op 20 mei aan boord van de trein doorbrengen.

SPG/DREI in Frankrijk
De tocht naar het zuiden gaat verder via Fécamp tot in Sainte-Adresse. De manschappen vinden een onderkomen in Gonneville-sur-Honfleur.

SC/DREI in Frankrijk

  • Detachement Lefèbvre/SC in Frankrijk
    De trein van dit detachement staat nog steeds uitgerangeerd te Petite-Synthe nabij Duinkerke wanneer de Franse autoriteiten de locomotief loshaken en toewijzen aan een andere opdracht. Na enig overleg besluiten de officieren om te voet verder te trekken. De drie compagnies vertrekken rondom 14u00. Alle bagage wordt achtergelaten in drie wagons onder bewaking van een onderofficier en vijf manschappen. Het betreft de rugzakken en de “blauwe zakken (oftewel sacs bleus – linnen zakken vergelijkbaar met de Britse kitbags)”  waarin de manschappen alle uitrustingsstukken en persoonlijke bezittingen konden wegbergen die niet met de rugzak konden worden meegenomen. Het bewakingsdetachement dat bij de bagage achterblijft krijgt de instructie om de vrachtwagens van de eenheid af te wachten tot 25 mei en op eigen goeddunken te handelen als dit niet zou gebeuren. De tocht naar Marquise wordt in drie etappes verdeeld. Op 20 mei zal tot Gravelines gemarcheerd worden. Daags nadien moet Calais bereikt worden. Op 22 mei tenslotte hoopt men te Marquise te kunnen aansluiten bij de rest van het DREI. Tegen 18u00 wordt de eerste kantonnementsplaats bereikt in de buurt van Gravelines. De compagnies overnachten op en rond de hoeve ‘cochon noir‘.

Dienst Paardenartsenij en Remonte/DREI
De colonne met de motorvoertuigen bereikt Sainte-Adresse.

SPG/DREI in Frankrijk
De Anti-Gasbeschermingsdienst verlaat Gonneville om 14u00 en rijdt via Montvilliers, Quilleboeuf, Caudebec, La Mailleraye en Brionne naar Bernay.

SC/DREI in Frankrijk

  • Detachement Lefèbvre/SC in Frankrijk
    De manschappen van de SC bereiken Calais, bestemming van de tweede marsetappe, rond 15u00. De Franse gendarmerie steekt een handje toe en laadt iedereen die niet kan volgen op een vrachtwagen.

SAm/DREI in Frankrijk in Frankrijk
Na een verblijf van drie dagen te Sainte-Adresse vertrekt de Dienst Bewapening naar Châteaudun.

Dienst Paardenartsenij en Remonte/DREI in Frankrijk
De dienst verlaat Sainte-Adresse en trekt verder naar Poitiers. Aan het eind van de dag wordt te Le Mans halt gehouden. Het 2de echelon met het lagere personel en de bagage overnacht te Gacé.

SPG/DREI in Frankrijk
De eenheid verlaat Bernay om 09u00 en rijdt door Montdoubleau om daarna aan te komen te Montoire.

Dienst Ontvangsten/DREI in Frankrijk
Ook deze dienst trekt verder naar het zuiden. Via Bernay, Laigle, Mortagne, Mamers, Ballon, Bonnetable en Saumur wordt koers gezet naar Poitiers.

SC/DREI in Frankrijk

  • Detachement Lefèbvre/SC in Frankrijk
    Cdt Lefèbvre en zijn manschappen bereiken na drie dagen marcheren uiteindelijk Marquise. Hij treft op dit afgesproken rendez-vous met Kolonel Marchal echter niemand van de SC meer aan. Bij gebrek aan nieuwe orders stelt Cdt Lefèbvre zich dan maar onder het bevel van Kolonel Van Buylaere, bevelhebber van het Opleidingscentrum voor Onderluitenanten van de Infanterie en voormalig bevelhebber van de op 10 mei ontbonden Koninklijke Militaire School. De verdere aftocht naar het zuiden wordt verstoord wanneer in de namiddag de Franse gendarmerie komt melden dat alle Belgische militairen onmiddellijk terug moeten naar het noorden. Daags voordien hebben de Duitse troepen immers Abbeville ingenomen waardoor elke doortocht naar het zuiden onmogelijk gemaakt is. Cdt Lefèbvre stuurt de troepen naar Wissant in de hoop hen daar van voedsel te kunnen voorzien.
  • Detachement Leroy/SC
    In het detachement Lefèbvre bevindt zich Luitenant Leroy, de adjunct van Kolonel Marchal van de Dienst Transportbegeleiding. Leroy verneemt dat zijn kolonel zou doorgereisd zijn naar Le Havre of Sainte-Adresse en de besluit om met een groepje militairen verder te marcheren in die richting. Bij aankomst te Boulogne-sur-Mer is dit detachement aangegroeid tot een 120-tal militairen. Het detachement wordt ondergebracht in een kazerne van het Franse leger waar ondertussen al enkele honderden Belgische militairen verzameld werden. Te Boulogne tracht Luitenant Leroy tevergeefs een plaats te bemachtigen voor zijn militairen aan boord van een schip.

SAm/DREI in Frankrijk
De Dienst Bewapening bereikt Poitiers. Het personeel wordt ingekwartierd te Saint-Julien-Lars.  De dienst zal te Poitiers verblijven tot 17 juni.

Dienst Militaire Luchtvaart/DREI in Frankrijk
Ook deze dienst bereikt Poitiers. De dienst zaak enerzijds op zoek naar de uit ons land geëvacueerde aeronautische fabrieken en goederen, en start anderzijds een zoektocht naar nieuw, gevechtsklaar materiaal voor de eenheden van de Militaire Luchtvaart die naar Frankrijk vertrokken zijn.

Dienst Paardenartsenij en Remonte/DREI in Frankrijk 
De dienst bereikt Poitiers. Het 2de echelon overnacht te Château-Renault.

Anti-Gasbeschermingsdienst/DREI in Frankrijk
De voorlopig laatste etappe leidt over Tours naar Poitiers. Ook de Anti-Gasbeschermingsdienst wordt te Saint-Julien-Lars ingekwartierd.

Dienst Ontvangsten/DREI in Frankrijk
De voertuigen bereiken Poitiers.

SC/DREI in Frankrijk

  • Detachement Lefèbvre/SC in Frankrijk
    Cdt Lefèbvre komt enkele uren later in Wissant aan en stelt vast dat in het dorp de grootste chaos heerst. Hij schat dat er zo’n 10.000 gevluchte burgers in het dorp zitten, samen met duizenden militairen van het Britse en Franse leger. Hij ontdekt tevens een Belgisch konvooi met verdachte burgers begeleid door territoriale troepen. Wanneer het avond wordt, besluit Lefèbvre om eveneens via de kustweg noordwaarts te trekken maar moet hij vaststellen dat alle toegangswegen tot het dorp gecontroleerd worden door het Duitse leger. De kapitein-commandant vlucht naar het strand, vindt hier samen met een achttal andere Belgische en Britse militairen een grote roeiboot en besluit om een poging te wagen om over zee te ontkomen. De roeiboot wordt echter weer aan land gedreven door het opkomende tij en het gezelschap besluit enkele uren te wachten. Tijdens de nacht worden de Britse troepen opgepikt door een schip van de Royal Navy. Lefèbvre en de Belgen blijven achter en zullen aan het eind van de nacht van 23 op 24 mei krijgsgevangen gemaakt worden.
  • Detachement Leroy/SC in Frankrijk
    Te Boulogne wordt Luitenant Leroy samen met alle andere Belgische officieren overgebracht naar het Orphelinat des Sabines, een weeshuis in de Rue des Carreaux waar later door 1Kapt Med Vanhoeck directeur van het Militair Reservehospitaal Nr 15 een ad hoc Belgisch militair hospitaal zal worden ingericht voor de verzorging van de talrijke Belgische militairen die in en rond Boulogne gewond raakten.
  • Detachement Gonthier/SC in Frankrijk
    Luitenant Gonthier slaagt er in om met een groot detachement het dorp Wissant te bereiken. Hier wordt omstreeks 06u00 door een officier van het Britse leger gemeld dat de stad Boulogne gevallen is. Lt Gonthier laat zijn detachement zo snel mogelijk vertrekken. Bij een Franse controlepost te Sangatte worden de weinige wapens van het detachement afgenomen. Bovendien mogen de Belgen de stad Calais niet in, maar moeten ze via een grote omweg naar het noorden. De detachement valt vervolgens uit elkaar.
  • Detachement Deward/SC in Frankrijk
    Bij de aftocht naar het noorden heeft een groepje militairen waaronder Luitenant Deward, administratieofficier van de Dienst Transportbegeleiding het dorp Gravelines kunnen bereiken. Hier zal Fernand Deward ernstig gewond raken. Hij wordt afgevoerd naar een veldhospitaal te Zuydcoote van waaruit hij op 30 mei samen met de andere zieken en gewonden zal getransporteerd worden binnen de steeds kleiner wordende perimeter rond Duinkerke. Op 31 mei zal hij geëvacueerd worden naar Margate aan de overzijde van het Nauw van Calais. Tot 31 juli zal hij herstellen in het militaire hospitaal te Orpington. Vervolgens vervoegt hij het verzamelcentrum van Belgische leger in Tenby. 

De SS Henri Jaspar was een vaartuig van de Compagnie Martitime Belge dat op 10 mei onderweg was met enkele honderden voertuigchassis voor de Belgische firma Brossel.

De SS Henri Jaspar was een vaartuig van de Compagnie Martitime Belge dat op 10 mei onderweg was met enkele honderden voertuigchassis voor de Belgische firma Brossel.

Staf/DREI in Frankrijk
De diverse diensten werken nu vanop de volgende kantoren:

  • Dienst Ravitailleringen en Productie van de Intendance, Dienst Geneeskundige en Farmaceutische Bevoorradingen, Dienst Bewapening, Dienst Wagenpark en Brandstoffen: Kamer van Koophandel, rue du Marché 35, Poitiers
  • Dienst Militaire Luchtvaart: Paris
  • Dienst Genie: Jongensschool, rue d’Oléron 6, Poitiers
  • Dienst Bewapening, Dienst Paardenartsenij en Remonte, Anti-Gasbeschermingsdienst: Saint-Julien-Lars
  • Dienst Ontvangsten: Lyceum, Rue du Lycée 1, Poitiers
  • Dienst Transportbegeleiding: Seminarie, Saint-Benoît

Luitenant-kolonel SBH Beretzé en de officieren van de Dienst Bevoorradingen blijven in Frankrijk op zoek naar de diverse voorraden en materialen die door Belgische ondernemingen uit ons land geëvacueerd werden. Zo wordt verder gezocht naar het lot van de SS Westernland, SS Henri Jaspar en SS Emile Francqui die kort na de Duitse inval vertrokken zijn met aan boord onder meer een grote hoeveelheid vrachtwagens en onderdelen van de Brusselse voertuigbouwer Brossel. Hierbij is de DREI vooral begaan met de SS Henri Jaspar die op 10 mei onderweg was naar Antwerpen met aan boord voldoende onderdelen voor enkele honderden chassis, Dit vaartuig zal uiteindelijk teruggevonden worden te La Pallice, de diepwaterhaven van La Rochelle. Ook wordt verder gezocht naar de locaties van de schepen van de Belgische tankervloot. Er worden onder meer verbindingsofficieren uitgestuurd naar de havens van Nantes, Bordeaux en Marseille. Van de Franse intendance blijven ook vragen binnenkomen om leveringen uit te voeren aan hun strijdkrachten. Zo wordt bijvoorbeeld om 10 miljoen geweerpatronen kaliber 7,65mm gevraagd.

Dienst Paardenartsenij en Remonte/DREI in Frankrijk
De dienst is nu weer volledig te Saint-Julien-Lars.

Dienst Paardenartsenij en Remonte/DREI in Engeland
Te Londen wordt Luitenant Tyncke van de Dienst Paardenartsenij en Remonte teruggestuurd naar ons land om onder begeleiding van Wachtmeesters Lambert Oncelin en Louis Vrijs van de Rijkswacht de som van 200 miljoen Belgische Frank over te brengen naar het Groot Hoofdkwartier. De biljetten worden in 15 kisten van elk 60kg verpakt en op 25 mei rond 23u15 aan boord gebracht van een Brits schip met bestemming Duinkerke. Om 05u30 komt het schip aan in de haven van Duinkerke waar Lt Tyncke en zijn escorte opgewacth worden door enkele voertuigen gestuurd door het GHK. Lt Tyncke zal het geld in de loop van de avond van 26 mei overdragen aan een detachement van het Groot Hoofdkwartier dat zich te Snellegem bevindt.

SC/DREI in Frankrijk

  • Detachement De Coninck/SC in Frankrijk
    Terwijl Lt Gonthier op zijn eentje de stad Duinkerke zal bereiken en daar diverse vruchteloze pogingen zal ondernemen om door de Britten per schip geëvacueerd te worden, leidt Lt De Coninck de grootste groep die nog samengebleven is richting Gravelines. Hier komen de Belgen vast te zitten in de zone tussen de Duitse en Britse frontlinies en vallen er diverse slachtoffers. In de daarop volgende dagen worden de meeste militairen krijgsgevangen gemaakt.

SC/DREI in Frankrijk

  • Detachement Leroy/SC in Frankrijk
    Te Boulogne wordt Luitenant Leroy, samen met alle andere Belgische officieren die samengebracht werden in het Orphelinat des Sabines, krijgsgevangen gemaakt door de Duitsers.

SAm/DREI in Frankrijk
Kol IMF Bertrand slaagt erin om in de loop van de voormiddag telefonisch contact op te nemen met de Dienst Bewapening die zich in Saint-Julien-Lars bevindt. Hij kaart het probleem aan dat er aan Franse kant weinig begrip is voor het verzoek van de Directeur MAE om te Brive een autonome wapenfabriek op te richten ten dienste van het Belgische leger, hetgeen initieel de bedoeling was. De Belgische arbeiders worden ingeschakeld in de verschillende Franse fabrieken om aan de behoefte van het Franse leger te voldoen. De directeurs van de andere inrichtingen ondervinden gelijkaardige problemen, zij hebben geen vrijheid van handelen meer en kunnen hun personeel niet meer aansturen. Naar aanleiding van de vraag van Kol IMF Bertrand worden de directeurs van de MAE, FRC en de AFM verzocht om zich naar Parijs te begeven om er te overleggen met LtGen IMF Jamotte.

SAm/DREI in Frankrijk
Om 08u00 vindt op het Franse Ministère de l’Armement een vergadering plaats tussen LtGen IMF Jamotte, Kolonel IMF Cotes en de directeurs van de MAE, FRC en de AFM. Tijdens de vergadering komt het nieuws binnen van de Belgische capitulatie waardoor de vergadering wordt opgeschort in afwachting van concrete richtlijnen. Na enkele uren wachten vernemen de directeurs dat de Belgische regering in ballingschap beslist heeft dat de Belgische eenheden, die zich niet in de zone van ons veldleger in Vlaanderen bevonden op 28 mei, buiten de capitulatie blijven. Ze zullen onder bevel van de Minister van Landsverdediging, Luitenant-generaal Denis, de strijd voortzetten aan de zijde van de geallieerden. Hierop worden de directeurs van de verschillende EFM teruggestuurd naar hun eenheid met de opdracht om hun personeel zo snel als mogelijk te integreren in de Franse werkplaatsen.

Dienst Militaire Luchtvaart/DREI in Frankrijk
De Dienst Militaire Luchtvaart wordt naar Parijs bevolen om zich ter beschikking te stellen van het Ministère de l’Air. De beide colonnes zullen Parijs bereiken op 29 mei. De dienst zal hier verblijven tot 9 juni. De voornaamste taken van de officieren worden de coördinatie van de inzet van de Etablissementen der Militaire Luchtvaart bij het ARA, de Franse vliegtuigherstelplaats van Bordeaux-Mérignac, het voeren van onderhandelingen voor de versnelde levering van de in de Verenigde Staten bestelde Brewster Buffalo gevechtsvliegtuigen, het regelen van de installatie van alle Belgische firma’s van de luchtvaartsector die zich in Frankrijk bevinden, en het opsporen en overdragen van alle goederen en voorraden die nuttig zouden kunnen zijn voor de Franse luchtmacht.

Dienst Paardenartsenij en Remonte/DREI in Frankrijk
Het eerste echelon van de dienst verplaatst zich naar Fontaine-le-Compte.

Staf/DREI in Frankrijk
Op aangeven van Luitenant-kolonel SBH Beretzé gaat de Ministerraad akkoord met de oprichting van een Dienst voor Identificatie en Liquidatie van de Belgische Goederen. Deze dienst zal aangestuurd worden door enkele officieren van Beretzés Dienst Bevoorradingen en wordt gelast met het opsporen van de talrijke voorraden en materialen die uit ons land geëvacueerd werden en op Franse of Britse bodem aanbeland zijn. Deze goederen moeten niet alleen geïnventariseerd worden, maar vaak moet ook nog de betaling aan de eigenaars volgen.

9 juni 1940

Dienst Militaire Luchtvaart/DREI in Frankrijk 
De Dienst Militaire Luchtvaart wordt teruggeroepen naar het zuiden van Frankrijk en zal tegen 22u00 het stadje Amboise bereiken.

Staf/DREI in Frankrijk
LtGen Theunis en zijn staf verlaten Parijs en zullen zich te Saint-Gaultier installeren.

SAm/DREI in Frankrijk
Volgens een rapport van de Dienst Bewapening beschikt het Belgische leger in Frankrijk nog over een reserve van 12 kanonnen C75 TRA, 2 houwitsers Ob155, 1 kanon C105L, 3 anti-tankkanonnen C47 en 2 luchtafweerkanonnen C75 DTCA M36. De Dienst Bewapening vraagt aan de Koninklijke Kanongieterij of deze vuurmonden eventueel terug operationeel kunnen gemaakt worden in het Franse militaire arsenaal van Roanne. Ook vraagt de dienst om de vier C47 anti-tankkanonnen waarover de Versterkings- en Opleidingstroepen nog beschikken door te sturen naar het arsenaal. Tevens moet de Koninklijke Kanongieterij met alle nog beschikbare onderdelen zoveel mogelijk C47 kanonnen assembleren en ook de productie opstarten van 5.000 brisantgranaten voor hetzelfde type geschut.

Staf/DREI in Frankrijk
De Algemene Directie installeert zich te Saint-Gaultier

Dienst Militaire Luchtvaart/DREI in Frankrijk
De Dienst Militaire Luchtvaart zoekt een nieuw kantonnement op te Saint-Jacques-Buxeuil.

13 juni 1940

C75 DTCA M36 FRC kanonnen in aanbouw op de productielijn van de Cockerill fabrieken in april 1940.

SAm/DREI in Frankrijk
De Dienst Bewapening vraagt aan de Technische Dienst der Grondverdediging tegen Luchtvaartuigen te Roanne om volop in te zetten op de productie van C75mm DTCA Mod 36 kanonnen. De ST/DTCA rapporteert dat er voldoende onderdelen zijn voor de assemblage van maar liefst 9 batterijen van telkens 4 vuurmonden. Deze kunnen geproduceerd worden a rato van een batterij per veertien dagen. Een eerste batterij is op 13 juni gebruiksklaar en zal bevolen worden door Kapitein-commandant Grey, Luitenant Thiry en Onderluitenant Van Acker van de ST/DTCA. De dienst zal ook een deel van het bedieningspersoneel leveren, maar vraagt via de Dienst Bewapening/DREI aan het Versterkings- en Opleidingscentrum Artillerie om de nodige effectieven aan te duiden. De ST/DTCA meldt dat er nog vijf officieren beschikbaar zijn voor het leiden van schootsbatterijen; Kapitein Algrain en de Luitenanten Denis, Garot, Van Cauwenberghe en Dorlet.

Staf/DREI in Frankrijk
Het Ministerie van Landsverdediging verwittigt de directie dat alle elementen zich klaar moeten maken voor een verdere verplaatsing naar het zuiden.

17 juni 1940

Staf/DREI in Frankrijk
Op 17 juni om 13u30 richt Maréchal Pétain zich in een radiotoespraak tot de Franse bevolking om de nakende capitulatie van Frankrijk aan te kondigen. Het DREI dat zich noch steeds te Poitiers bevindt dient op bevel van de Fransen, Poitiers uiterlijk te verlaten voor 24u00. Er wordt in eerste instantie uitgeweken naar Sauveterre-de-Guyenne, een dorp met een 700-tal inwoners. De overrompeling is dermate groot dat de eenheden die afhangen van het DREI niet op de hoogte gebracht worden van de verhuis. LtGen Theunis en zijn staf vinden een nieuw onderkomen in Le Sauvetat.

Dienst Ravitailleringen en Productie van de Intendance/DREI in Frankrijk 
De dienst verlaat Poitiers en zal in twee etappes terugtrekken naar Matres. Er zal onderweg overnacht worden te Ruffac.

SAm/DREI in Frankrijk
De Dienst Bewapening verlaat Saint-Julien-Lars en verplaatst zich naar Bellefroid in de Gironde. De tocht zal twee dagen duren. Er wordt overnacht te Angoulême. Ondertussen is alle verbinding met de MAE, FRC en de AFM verbroken. Nochthans heerst er door de snelle Duitse opmars richting zuiden enige bezorgdheid bij de verschillende inrichtingen. Moeten zij zich zuidwaarts verplaatsen of kunnen ze nog blijven op de huidige locatie. De verschillende directeurs richten zich dan maar naar andere instanties waardoor de Dienst Bewapening de controle over de situatie niet meer beheerst.

Dienst Militaire Luchtvaart/DREI in Frankrijk
De Dienst Militaire Luchtvaart wordt verplaatst naar achtereenvolgens Chalais, Sauveterre-de-Guyenne en Saint-Leger-de-Vignague. Hier komt de dienst vanaf 18 juni zonder opdracht te zitten.

Dienst Paardenartsenij en Remonte/DREI in Frankrijk
De dienst verlaat Poitiers met bestemming Sauveterre-de-Guyenne en overnacht te Brantôme-en-Périgord.

Anti-Gasbeschermingsdienst/DREI in Frankrijk
De Anti-Gasbeschermingsdienst verlaat Saint-Julien-Lars en rijdt via Ruffec en Angoulême naar Montmoreau.

Dienst Ontvangsten/DREI in Frankrijk
In de namiddag vertrekt de dienst om via Gençay, Civray, Ruffec, Angoulême, Chalays, Libourne en Castillon naar Cesac te rijden. De eenheid zal hier op 19 juni aankomen.

18 juni 1940

Dienst Paardenartsenij en Remonte/DREI in Frankrijk
De dienst komt aan te Sauveterre-de-Guyenne en wordt geïnstalleerd te Falleyras.

Staf/DREI in Frankrijk
LtGen Theunis en zijn staf verlaten Le Sauvetat en vinden een nieuw onderkomen in Boulogne-sur-Gesse.

22 juni 1940

Staf/DREI in Frankrijk
De Algemene Directie werkt nu vanuit Boulogne-sur-Gesse. Het Franse opperbevel ondertekent een capitulatieovereenkomst met het Nazi regime. Luitenant-kolonel SBH Beretzé en een hele reeks andere officieren menen dat nu ook het Belgische leger snel huiswaarts zal gestuurd worden en zijn bezorgd om hun baan. Beretzé en zijn entourage vraagt aan het MLV om formeel over te gaan naar de Dienst voor Identificatie en Liquidatie van de Belgische Goederen in de hoop om zo aan de slag te kunnen blijven. Op 15 juni wordt Beretzé aangeduid als administrateur voor het niet-bezette deel van Frankrijk. De kolonel zal tot 1942 nog verschillende pogingen wagen om tot in het Verenigd Koninkrijk te komen, maar wordt door de regering te Londen opzij geschoven en in Frankrijk achtergelaten.

Staf/DREI in Frankrijk
Het Ministerie van Landsverdediging haalt al de eenheden die zich in het deel van Frankrijk bevinden dat door de Duitsers bezet zal worden naar het onbezette deel van het land. De meeste eenheden die zich moeten verplaatsen, zullen op 29 juni vertrekken.

Dienst Ravitailleringen en Productie van de Intendance/DREI in Frankrijk
De dienst verlaat Martres en vindt een nieuw onderkomen te Port Sainte-Marie.

SAm/DREI in Frankrijk
Op 29 juni tenslotte verlaat de Dienst Bewapening het stadje Bellefroid om zich aan het eind van de dag te Sainte-Livrade te vestigen.

Dienst Ontvangsten/DREI in Frankrijk
De dienst verplaatst zich naar Lafitte en Clairac.

Na de capitulatie

Dienst Ravitailleringen en Productie van de Intendance/DREI in Frankrijk
Op 11 augustus wordt de repatriëring van deze dienst bevolen. Het personeel wordt in twee echelons verdeeld. Het eerste echelon omvat het gros van de militairen en verlaat Port Sainte-Marie op 14 augustus om na een lange wegrit over Bordeaux, Poitiers, Tours, Beauvais en Cambrai op 18 augustus te Halle aan te komen. Hier wordt de colonne doorgestuurd naar de Feldgendarmerie in de Valleistraat te Elsene. De dienstplichtige officieren en manschappen krijgen hun demobilisatiebevel. Het beroepspersoneel wordt twee dagen later in het Jubelpark samengebracht. De vrijwilligers en onderofficieren zullen vervolgens tot eind oktober in het krijgsgevangenkamp te Beverlo opgesloten worden. De drie beroepsofficieren die nog overblijven krijgen drie achtereenvolgende vergunningen van 8 dagen en worden dan met rust gelaten door de bezetter. Het tweede echelon omvat Intendant Kolonel SBH Vermaelen, Intendant Majoor Guerin en Luitenant Jacobs. Zij verlaten Villeneuve-sur-Lot op 25 augustus en moeten via Vichy passeren om ervoor te zorgen dat alle achtergebleven voorraden aan de Franse autoriteiten overgedragen worden. Bij hun aankomst op de demarcatielijn te Moulins krijgen ze geen toestemming om naar ons land door te reizen. Guerin en Jacobs zullen op 28 augustus te Langon zonder problemen de bezette zone van Frankrijk kunnen betreden en komen aan te Halle in de namiddag van 29 augustus. Uiteindelijk worden ook zij vrijgelaten te Brussel. Kol SBH Vermaelen zal nog langer in Frankrijk verblijven.

SAm/DREI in Frankrijk
Vanaf 10 augustus maakt deze dienst zich klaar voor de terugkeer naar ons land. Er wordt bepaald dat er een achterwacht zal nablijven bestaande uit Majoor Dereck, Kapitein-commandant Neve, 1ste Kapitein IMF Van Roy, de Adjudanten Chevalier, Gerday en Vandenbulcke en de Soldaten Melotte en Verrecht. Dit detachement krijgt een personenwagen en een bestelwagen te beschikking. De rest van het personeel vertrekt op 17 augustus en bereikt Quiévrain op 21 augustus. Van hier uit wordt verder gereden naar Brussel. Ook deze dienst moet zich eerst bij de Feldgendarmerie te Halle aanmelden. De Feldgendarmen nemen de archieven en voertuigen in beslag en zorgen voor de verdere afhandeling van het personeel.

Slachtoffers

Geen gesneuvelden bekend.

Bibliografie en Bronnen

  1. Jean Corthouts, geboren op 28 september 1895 te Hasselt, was oorlogsvrijwilliger tijdens de Eerste Wereldoorlog. Hij raakte gewond als hulp-onderluitenant bij de infanterie en verwierf vijf frontstrepen. Na WOI studeerde hij aan de Koninklijk Militaire School en vervoegde de artillerie. Hij wordt op 17 december ’30 Ingenieur der Militaire Fabricaten. Kapitein IMF Corthouts neemt op 19 december ’30 de functie op van directeur van de Werkplaatsen Anti-gas Materieel in het Fort van Steendorp. Op 17 maart ’39 neemt hij als majoor de leiding van de SPG. 
  2. Getypte “Note Explicative” opgesteld in het Frans door Majoor Marcel Brabant, tewerkgesteld bij de Algemene Directie/DREI. Het betreft uitleg bij een bijzondere opdracht die hij kreeg van Kol SBH Gilbert om transport over zee te regelen voor de evacuatie van vier in België achtergebleven ministers. bij de Sectie Classified Archives, Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid (ADIV), Ministerie van Defensie.
  3. Gilbert, E., 1945, L’armée dans la nation. L’entre-deux-guerres en Belgique, Brussel: Editions Wellens-Pay.
  4. Jamart, J. (1994) L’armée belge de France en 1940, Bastenaken: Schmitz.
  5. Summier getypt verslag, opgesteld in het Frans door Majoor IMF de Rest, hoofd van de Staf van de Algemene Directie/DREI. Het verslag bevindt zich in het dossier DREI bij de Sectie Classified Archives, Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid (ADIV), Ministerie van Defensie.
  6. Summier getypt verslag, opgesteld in het Frans door Maj Brabant. Het verslag bevindt zich in het dossier DREI bij de Sectie Classified Archives, Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid (ADIV), Ministerie van Defensie.
  7. Officiële lijst der Zeeschepen en der Belgische Visschersvaartuigen en hunne Seinletters, uitgave 1939. PDF-document [On Line beschikbaar]: https://www.vliz.be/nl/imis?module=ref&refid=200388 [Laatst geraadpleegd 19 december 2025].
  8. Slagorde officieren SPG en Et SPG bij de Sectie Classified Archives, Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid, Ministerie van Defensie.