Groepering Verdediging Neder-Schelde

Situatie op 10 mei 1940

Type Vestingsartillerie
Ontdubbeld van  
Onderdeel van Vde Legerkorps
Bevelhebber Majoor Henri Van Sprang
Standplaats Versterkte Positie Antwerpen (VPA)
Samenstelling  Iste Groep

Tijdens de mobilisatie

Fort IV te Mortsel waar de Gpg VNS mobiliseerde en gekantonneerd bleef tot 30 april 1940 (naoorlogse foto).

Staf/Gpg VNS
De Beneden-Schelde wordt verdedigd door de Groepering Verdediging Neder-Schelde (Gpg VNS), een speciale artilleriegroepering ter grootte van een regiment. De Gpg VNS (ook gekend als Groupement Défense du Bas-Escaut – Gpt DBE) wordt op 1 september 1939 gemobiliseerd in de Oude God, een Antwerpse stadswijk nabij Fort IV van Mortsel. De groepering komt onder bevel van Majoor Henri Van Sprang te staan. De eenheid  is tijdelijk toegevoegd aan het Vde Legerkorps (V/LK) die het bevel voert over de Versterkte Positie Antwerpen (VPA). De formatie  van Majoor Van Sprang moet de toegang tot de Antwerpse haven via de Schelde ontzeggen aan vijandelijke schepen. De eenheid beschikt hiervoor over één groep van twee batterijen C120  kanonnen, één batterij C155L en verder over 4 secties C75TR kanonnen. Ook is er een batterij met negen zoeklichten beschikbaar [6]. Een Batterij Administratie onder bevel van Lt Evrard vult dit geheel aan [3]. Bij goede zichtbaarheid kunnen de 120mm en 155mm-kanonnen indirect vuur afgeven op gelegenheidsdoelen opgemerkt door de voorwaartse waarnemers. Hiervoor worden zeven observatieposten langs de Scheldeoevers ingericht. Bij slechte zichtbaarheid of bij nacht kunnen afsluitingsvuren (oftewel tirs de barrage) worden uitgevoerd op vooraf vastgelegde coördinaten opgenomen in het vuurplan [7]. De C75TR kanonnen vuren met direct vuur op de waterloop.  De Schelde wordt benedenstrooms verlicht door  zoeklichten die zich bij de observatieposten van de artillerie bevinden. De zoeklichten houden vooral de zones met geplande afsluitingsvuren in het oog. De groepering kantonneert tijdens de mobilisatie in Fort IV te Mortsel, vredesvoet garnizoen van het 1ste Regiment Legerartillerie (1LA). Vanaf 30 april worden de middelen verdeeld over de twee rivieroevers. De commandopost van de groepering installeert zich op het Prinsenhof. Voor de beveiliging van de Schelde zelf kan de Groepering ook rekenen op het 3de Smaldeel van het Marinekorps [4].

Opstelling van de Gpg VNS op 10 mei 1940 [5]

Opstelling van de Gpg VNS op 10 mei 1940 [5]

Commandant Linkeroever/Gpg VNS
Op de linkeroever staan  vier schijnwerpers opgesteld namelijk op de dijken van Oude Doel en Doel (molen) en op de aanlegplaatsen van de forten Liefkenshoek en De Perel. In Fort Liefkenshoek bevindt zich één sectie C75TR kanonnen (twee stukken) en in Fort Sint-Marie vinden we de tweede sectie C75TR kanonnen (twee stukken), de C155L batterij met vier stukken en de commandopost van de  Commandant Linkeroever.

Commandant Rechteroever/Gpg VNS
Op de rechteroever staan er vijf schijnwerpers opgesteld, namelijk op de dijk te Oudendijk, op de aanlegplaatsen van Fort Frederik-Hendrik en Fort Lillo, op de dijk te Vliegendedorp en één ten zuiden van de Kruisschans. De eerste sectie C75TR  kanonnen (twee stukken) bevindt zich te Blauwgaren de tweede sectie C75TR kanonnen (twee stukken) op de Kruisschans. Te Vliegendedorp vinden we één 120mm-batterij met vier stukken en de commandopost  van de Commandant Rechteroever. De tweede 120mm-batterij, eveneens met vier stukken staat in de haven, noordoostelijk van General Motors opgesteld.

3e Smaldeel/Marinekorps (Police de la Rade III)
Op 3 november 1939 wordt te Antwerpen onder leiding van Kapitein-commandant Jacques Delstanche het 3de Smaldeel samengeroepen. Dit smaldeel behoort officieel tot het Marinekorps maar heeft als opdracht de toegang tot de Antwerpse haven via de Schelde te ontzeggen aan vijandelijke schepen. Cdt Delstanche wordt bijgestaan door Luitenant August D’Hauwer en 35 manschappen. Dit smaldeel krijgt voorlopig slechts één enkel vaartuig toegewezen. De  in 1909 gebouwde patrouilleboot Police de la Rade III wordt op 5 december 1939 door het Bestuur van het Zeewezen overgedragen aan het 3e Smaldeel. Het toen 31 jaar oude vaartuig bleek echter niet meer te kunnen varen.  In februari 1940 wordt het vaartuig grondig gereviseerd en voorzien van twee mitrailleurs. Vanaf dan wordt de Police de la Rade III ingezet als opleidingsschip op de Schelde.

Het smaldeel is ingekwartierd in de Falconkazerne aan het Falconplein te Antwerpen waar ook een gedeelte van het 58ste Linieregiment (58Li) gelegerd is. Deze kazerne ligt in het Schipperskwartier, vlakbij het Willemsdok dat met de Schelde verbonden is. Cdt Delstanche meldt te beschikken over 45 persoonlijke wapens, vier mitrailleurs en één C47 anti-tankkanon dat evenwel niet op zijn vaartuig gemonteerd wordt.


Staf/Gpg VNS
Bij de afkondiging van het alarm in de vroege ochtend van 10 mei,  installeert de Staf van de Gpg VNS zich in de Kruisschans (voormalig Spaans fort Santa Cruz dat in 1962 verdween bij de uitbreiding van de haven) op de rechteroever. De linkerflank van de Versterkte Positie Antwerpen wordt gevormd door de Schelde. Er is echter geen aansluiting met het Nederlands verdedigingsdispositief. De Nederlanders hebben zich opgesteld ten noorden van de Rijn waardoor er een gapende opening bestaat tussen de Belgische en Nederlandse verdedigingslinies. Dit werd reeds in november opgemerkt door de Franse Generaal Gamelin die een plan liet uitwerken om het 7de Franse Leger in te zetten tussen de stellingen van de Belgen en de Nederlanders.  Generaal Giraud, commandant van het 7de Franse Leger beschikt hiervoor over twee legerkorpsen en een “Division Légère Mécanique”, alles tesamen het equivalent van 8 divisies.

3e Smaldeel/Marinekorps (Police de la Rade III)
Ondanks de afkondiging van het algemeen alarm naar aanleiding van de Duitse aanval op België mag het Marinekorps nog niet overgaan tot de opeising van bijkomende vaartuigen bij gebrek aan duidelijke richtlijnen. Het smaldeel wordt wel uitgebreid tot zijn volledige slagorde van 5 officieren, 17 onderofficieren en 73 manschappen. Een detachement van het 3de Smaldeel vertrekt naar de ligplaatsen van de Deense vaartuigen Svava en Gorm. De manschappen van het smaldeel dienen op bevel van het Vde Legerkorps (V/LK) de Deense bemanning te arresteren in het kader van de geplande aanhouding van alle onderdanen van vijandige naties op ons grondgebied. De Deense bemanningsleden zullen op 12 mei overgebracht worden naar een interneringskamp in de Citadel van Doornik.

Staf/Gpg VNS
De organisatie van de bijdrage van het Marinekorps aan verdediging van de Beneden-Zeeschelde komt slechts met grote moeite op gang. Niet in het minst omdat het Marinekorps nog steeds niet gemachtigd is om over te gaan tot de geplande opeising van vaartuigen.

3e Smaldeel/Marinekorps (Police de la Rade III)
Het smaldeel blijft voorlopig zonder opdracht in zijn kwartier. Kapitein-commandant Delstanche meldt dat zijn manschappen worden ingezet bij de bewaking van het kwartier en de omgeving tegen “subversieve elementen”.


3e Smaldeel/Marinekorps (Police de la Rade III, Brabo 1, Brabo 2, Brabo 3, Tolwacht, Restless, La Prairie)
De nodige richtlijnen voor het opeisen van extra schepen worden gegeven en het Marinekorps kan eindelijk in actie komen. In Antwerpen start het 3de Smaldeel onmiddellijk met de opeising van de loodstender Brabo en het douanevaartuig Tolwacht van het Bestuur der Zeewezen. Van het dienstenbedrijf Brabo Havenloodsen en Bootslieden worden de Brabo 2 en Brabo 3 overgenomen. Ook worden nog twee pleziervaartuigen opgeëist: de Restless en de La Prairie.


3e Smaldeel/Marinekorps (Police de la Rade III, Brabo 1, Brabo 2, Brabo 3, Tolwacht, Restless, La Prairie)
Het smaldeel maakt zijn nieuwe vaartuigen operationeel. De mitrailleurs worden verdeeld over de schepen, maar dienen door gebrek aan gepaste affuiten gewoon op het dek geplaatst te worden.


Staf/Gpg VNS
Het Nederlandse leger wordt volledig ingedrukt en ook het 7de Franse leger kan het tij niet keren. De Fransen doen nog een verwoede poging om het schiereiland Zuid-Beveland te verdedigen maar het gros van het Franse leger heeft de terugtocht over de Schelde reeds ingezet.

De Brabo 1 van het 3e Smaldeel wordt op 14 mei op patrouille gestuurd naar de Beneden Schelde.

3e Smaldeel/Marinekorps (Police de la Rade III, Brabo1, Brabo2, Brabo3, Tolwacht, Restless, La Prairie)
Om na te gaan  hoe ver de Duitsers reeds opgerukt zijn langs de noordelijke oever van de Zeeschelde krijgt het 3e Smaldeel opdracht om een verkenning uit te voeren langs de kust van Zuid-BevelandOm 18u00 stuurt het 3de Smaldeel de Brabo 1 en de Tolwacht naar de haven van Doel om van daaruit de kust van Zuid-Beveland te verkennen.  Beide vaartuigen wachten in Doel tot 22u00 vergeefs op de Restless vooraleer te starten met de patrouille. Luitenant D’Hauwer is intussen over land vertrokken om de Fransen, die de zuidoever van de Beneden-Zeeschelde bezetten, in te lichten over de missie teneinde de veiligheid van de beide schepen te waarborgen. Tijdens de patrouille wordt niks verdachts opgemerkt maar bij de terugkeer naar Doel worden de Brabo 1 en de Tolwacht beschoten door een Franse eenheid die net stelling had genomen op de linkeroever. Gealarmeerd door de schoten vuren de Belgische troepen gelegerd in het Fort Frederik te Berendrecht een vuurpijl af waarna ze eveneens het vuur openen op de onfortuinlijke vaartuigen. Beide detachementen waren niet op de hoogte van de opdracht van het 3de Smaldeel en dachten dat het om Duitsers ging. Op de Brabo 1 raken de matrozen Bordale en Grijsperdt gewond  waarna de rivierboot zo snel mogelijk de haven van Doel binnenloopt. Bordale en Grijsperdt worden uiteindelijk overgebracht naar het Antwerpse Sint-Elizabethziekenhuis. De tijdelijk stuurloze Tolwacht drijft af en loopt even voorbij Doel vast op de linkeroever. De Restless die ook moest deelnemen aan deze verkenning vaart omstreeks 21u00 uit. In de duisternis vaart de Restless de haven van Doel voorbij en loopt vast op de Saaftinge zandbank waar het vaartuig hoogtij moet afwachten om weer vlot te raken. Terwijl het jacht  op hoogtij wacht merken de Duitsers het vaartuig op en beschieten het met een PAK 37mm.  Hiermee is meteen duidelijk dat ze de Schelde reeds bereikt hebben. Na dit incident verbiedt het Vde Legerkorps alle activiteit op de Beneden-Zeeschelde, er mogen geen patrouilles meer ondernomen worden buiten de haven.


3e Smaldeel/Marinekorps (Police de la Rade III, Brabo1, Brabo2, Brabo3, Tolwacht, La Prairie)
De terugtocht van het 7de Franse Leger over de Schelde verloopt moeizaam. De Franse troepen verlaten Antwerpen via de Scheldetunnels maar maken ook gebruik van de Flandriaschepen om de stroom over te steken. Het 3e Smaldeel krijgt het bevel om de bemanningen van de Flandriaschepen te versterken zodat de evacuatie van Franse troepen uit Antwerpen vlot kan verlopen. Het Antwerpse havenbestuur stelt vijf spitsen en vijf sleepboten ter beschikking om de operatie te ondersteunen en eveneens zoveel mogelijk materieel uit de haven over te brengen naar de linkeroever. Meer stroomafwaarts gaat het goed fout bij de ferry van Borsele naar Terneuzen die door de Fransen gebruikt wordt tijdens hun aftocht uit Zeeland. Wanneer de HMS Valentine, een Britse V-class destroyer, en de HMS Whitley de Schelde opvaren om de ferry te beschermen wordt de HMS Valentine tot zinken gebracht door een Duitse Ju-88. 31 Britse matrozen verliezen hierbij het leven. De Duitse vliegtuigen aangetrokken door de drukke activiteit op de Zeeschelde merken ook de Restless op. Het jacht dat was vastgelopen op de Saaftinge zandbank raakte bij zonsopgang weer los, maar wordt op de weg terug nabij Doel zwaar beschadigd door de Luftwaffe. De Restless moet worden afgesleept naar de scheepswerven van Hoboken om hersteld te worden.


Staf/VNS
Op 16 mei komt onverwachts het bevel van het geallieerd oppercommando (via de Franse generaal Bilotte) om naar het westen terug te trekken. Zonder dat de K.W. Stelling en de VPA ten volle verdedigd werden moeten de stellingen worden prijsgegeven. In het zuiden wist het Duitse leger immers een doorbraak te forceren over de Maas in de streek van Sedan en in het noorden heeft Nederland zich overgegeven. Deze beslissing zal ook gevolgen hebben voor de verdedigers van de VPA. De Belgische legerleiding besluit om het veldleger terug te trekken op een nieuwe defensieve lijn langs de as Terneuzen-Gent-Oudenaarde. Het V/LK opgesteld in de VPA moet voorlopig ter plaatse blijven om de terugtocht te dekken.

3e Smaldeel/Marinekorps (Police de la Rade III, Brabo1, Brabo2, Brabo3, Tolwacht, La Prairie)
Het 3e Smaldeel zet zijn steun verder aan de overtocht van Franse en Belgische eenheden met de Flandriaschepen en voert ook enkele vernielingen uit in de haven van Antwerpen.


Staf/Gpg VNS
Mede door de succesvolle ontruiming van de K.W. Stelling en het vlot verloop van de algemene terugtocht naar het westen besluit de Belgische legerleiding in de late namiddag om Antwerpen niet langer te verdedigen en de troepen te laten terugtrekken tot de lijn Terneuzen-Gent-Oudenaarde. Om 17u00 wordt het bevel tot terugtrekken gegeven, Antwerpen wordt ontruimd en de Versterkte Positie Antwerpen wordt opgeheven.

3e Smaldeel/Marinekorps (Police de la Rade III, Brabo1, Brabo2, Brabo3, Tolwacht, La Prairie)
Het 3de Smaldeel verleent assistentie bij de terugtocht  van het Franse en het Belgische leger over de Schelde ter hoogte van de Antwerpse haven. De Police de la Rade III wordt uitgestuurd naar de aanlegkades van de Flandria veerboten aan het Noordkasteel en te Sint-Anneke. Twee schepen worden overgebracht naar de haven en de aanlegsteigers worden vernield. Onder leiding van 1ste Meester Celis worden de motoren van vijf binnenschepen gesaboteerd om te beletten dat de Duitsers de vaartuigen zouden gebruiken om de Schelde over te steken. Het betreft de binnenschepen Amstel, Stad Amsterstam, Watergeus, Purfina I en Catherine II. Ook de Flandria VI, Flandria XII en Flandria XIII worden gesaboteerd, evenals de veerpont Durme. De bemanning van de Restless wordt uitgestuurd om bij zoveel mogelijk onder stoom staande schepen de ketels open te zetten zodat de vijand tijd zou verliezen om de schepen weer klaar tot varen te maken. Ondertussen worden ook de overzetpunten aan de Kruisschans, te Burcht en te Hemiksem versterkt om de capaciteit te vergroten door de Flandria II, Flandria III, Flandria X, de stadssleepboot 25 en de slepers Namur en Oostende.


Staf/Gpg VNS
De Gpg VNS wordt ontbonden, Maj Van Sprang, Lt Evrard en OLt Ghysbrecht worden doorgestuurd naar de staf van het V/LK.

3e Smaldeel/Marinekorps (Brabo1, Brabo2, Brabo3, Tolwacht, La Prairie)
Het 3de Smaldeel verlaat Antwerpen om de rest van het Marinekorps te vervoegen. Gezien de Duitsers de noordelijke oever van de Zeeschelde controleren, moet het smaldeel via de binnenwateren richting Belgische Kust geëvacueerd worden. Het smaldeel moet de Police de la Rade III achterlaten omdat haar diepgang en de opbouw te groot zijn voor de tocht langs de kanalen. De Police de la Rade III wordt in de Antwerpse haven tot zinken gebracht door de bemanning. Kapitein-commandant Delstanche vertrekt over land om zijn smaldeel te Temse af te wachten.

Slachtoffers

Bibliografie en Bronnen

  1. Gils, R., 1999, Vesting Antwerpen deel III: Schelde en Redeverdediging 1838-1944, België onder de Wapens deel 13, Erpe-Mere: De Krijger.
  2. Slagorde der Officieren voor de Achttienddaagse Veldtocht, Centrum voor Historische Documentatie, Evere
  3. Over de juiste samenstelling van deze eenheid bestaat echter enige onduidelijkheid. De slagorde der officieren opgesteld door de Historische Dienst van de Krijgsmacht laat vermoeden dat de eenheid veel kleiner is dan diegene beschreven door Roger Gils.
  4. De commandoverhouding tussen de Groepering VNS en het 3de Smaldeel van het Marinekorps is duidelijk, het 3de Smaldeel wordt volledig bevolen door de Groepering VNS voor de opdrachten die uitgevoerd moeten worden op de Schelde. Het V/LK evenals het Marinekorps richten zich tot de Staf/VNS indien opdrachten uit te voeren zijn, Cdt Delstanche wordt door de Staf/VNS aangestuurd. 
  5. Opstelling van de Gpg VNS [On Line beschikbaar]: http://www.niehorster.org/021_belgium/forts/_forts-part_02.htm [Laatst geraadpleegd 7 maart 2019]. De vermelde schematische voorstelling is vermoedelijk gebaseerd op een schets van Maj Van Sprang. Tot hier toe hebben we de originele schets nog niet kunnen opsporen.
  6. De enige andere eenheden in het toenmalige Belgisch leger die over zoeklichten beschiken zijn het 2DTCA en de GTA. Of de zoeklichten van de Gpg VNS door 2DTCA of de GTA  werden gedetacheerd dient nog te worden achterhaald. Een batterij zoeklichten van 2DTCA telde zeven grote en vijf kleinere zoeklichten. Wel is geweten dat de batterij zoeklichten van het Regionaal Commando Brussel van de Territoriale Wacht voor Luchtafweer (RCB/GTA) op 11 mei werden overgebracht naar het Regionaal Commando Antwerpen (RCA/GTA).
  7. Artillerietechnisch probeert men met een afsluitingsvuur een bepaalde terreintoegang (zeer dikwijls een verplichte doorgang) tijdelijk af te sluiten voor de vijand door aan hoge cadans een relatief kleine terreinstrook te bevuren.  Een afsluitingsvuur kan onmiddellijk worden ontketend omdat de artilleriestukken tussen twee andere vuren in steeds gericht worden op de plaats waar het afsluitingsvuur moet vallen. In het geval van de Gpg VNS die over drie batterijen met grote dracht beschikt kunnen drie afsluitingsvuren in het vuurplan opgenomen worden.
  8. Velddagboek van Majoor Henri Van Sprang (van mobilisatie tot einde achttiendaagse veldtocht) in dossier V/LK van het  Centrum Historische Documentatie te Evere.