Net zoals andere Europese legers uit die tijd, heeft ook ons veldleger van 1940 een modulaire structuur waarbij divisies en legerkorpsen de bouwstenen vormden van een organisatorische blokkendoos. Een divisie bestaat uit een aantal verschillende eenheden die samen in staat zijn om gedurende enige tijd onafhankelijk op te treden. Elke divisie omvat gevechtstroepen, ondersteund door gevechtsondersteunende eenheden van de artillerie, genie en transmissietroepen. Verschillende divisies worden samengevoegd in legerkorpsen, die op hun beurt dan weer ondersteund werden door extra artillerie en andere korpstroepen.
| ACTIEF LEGER EN EERSTE RESERVE | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| 1ste Infanteriedivisie | 2de Infanteriedivisie | 3de Infanteriedivisie | 4de Infanteriedivisie | |||
| 5de Infanteriedivisie | 6de Infanteriedivisie | 7de Infanteriedivisie | 8ste Infanteriedivisie | |||
| 9de Infanteriedivisie | 10de Infanteriedivisie | 11de Infanteriedivisie | 12de Infanteriedivisie | |||
| 1ste Divisie Ardense Jagers | 2de Divisie Ardense Jagers | |||||
| 1ste Cavaleriedivisie | 2de Cavaleriedivisie | |||||
| TWEEDE RESERVE | ||||||
| 13de Infanteriedivisie | 14de Infanteriedivisie | 15de Infanteriedivisie | 16de Infanteriedivisie | |||
| 17de Infanteriedivisie | 18de Infanteriedivisie |
Het geheel van het veldleger staat onder het bevel van het Groot Hoofdkwartier. Het Groot Hoofdkwartier heeft naast de legerkorpsen en divisies op zijn beurt ook beschikking over een aantal eenheden die rechtstreeks onder zijn gezag staan en volgens de noden in steun geplaatst worden van de lagere formaties.
Het oppercommando voert naast het veldleger ook nog het bevel over de territoriale troepen die de talrijke ondersteunende diensten omvatten en over de diverse eenheden van de recruteringsreserve en de opleidingscentra.
