Remontedepot van het Leger

Situatie op 10 mei 1940

Type Versterkings- en Opleidingscentrum
Ontdubbeld van n.v.t.
Onderdeel van Versterkings- en Opleidingstroepen
Bevelhebber Luitenant-kolonel Marcel Cuvelier
Adjudant-Majoor Kapitein-commandant P. de Rossius d’Humain
Standplaats Brasschaat
Samenstelling 1ste Eskadron (Kapitein-commandant E. Helderweirt)
2de Eskadron (Kapitein-commandant O. Verhaegen)
3de Eskadron (Kapitein-commandant L. de Marneffe)
4de Eskadron (Luitenant T. Wintmolders)

Tijdens de mobilisatie

De in 1925 gebouwde kazerne van het DRA te Maria-ter-Heide (Polygoon Brasschaat).

Het Remotedepot van het Leger (DRA) is verantwoordelijk voor de aankoop en opleiding van rij- en trekpaarden voor de talrijke eenheden die in mei 1940 nog gebruik maken van deze dieren. Hoewel de cavalerie in 1937 zijn laatste paarden zag vertrekken en de omschakeling op motorvoertuigen voltooide, werd bij de artillerie, de compagnies mitrailleurs van de infanterie en het transportkorps nog op tienduizenden trekpaarden beroep gedaan voor het trekken van geschut, munitiewagens, bagagewagens, veldkeukens en paardenrijtuigen. Bij de artillerie waren ook nog talrijke rijpaarden in gebruik.

Het Remontedepot is sinds 1913 gevestigd te Brasschaat en betrekt er een eigen kwartier ten noorden van het artilleriekamp. De installaties omvatten stallingen, maneges, magazijnen voor materieel en voeder, een smidse en een dierenkliniek.

Luitenant-kolonel Marcel Cuvelier (naoorlogse foto).

De manschappen van het depot zijn veelal afkomstig van de cavalerie en de ondereenheden van het Remontedepot worden dan ook volgens de cavalerietraditie aangeduid met de benaming “eskadron”. Het DRA wordt onder het bevel geplaatst van de Generale Staf van de Versterkings- en Opleidingstroepen (HK/TRI)

Ook de korpscommandant, de 49-jarige Luitenant-kolonel Marcel Cuvelier, was cavalerist en diende tot kort voor de mobilisatie bij het 2de Regiment Jagers te Paard.

De vier eskadrons van het depot beschikken op 9 mei 1940 over ongeveer 1.600 reservepaarden. De eenheid telt bijna 850 militairen.

Staf/DRA
Tijdens de tweede helft van de nacht van 9 op 10 mei 1940 wordt ook het Remontedepot gealarmeerd. Wanneer om 06u00 de algemene mobilisatie wordt afgekondigd wacht LtKol Cuvelier met een dubbele taak, hij moet enerzijds een gedeelte van het depot ontruimen naar West-Vlaanderen en anderzijds moet hij de achterwacht leveren voor het kamp van Brasschaat.

1Esk/DRA, 2Esk/DRA, 3Esk/DRA
LtKol Cuvelier krijgt om 06u00 het bevel om, zoals voorzien in het mobilisatieplan, met het 1ste, 2de en 3de Eskadron uit te wijken zijn oorlogskantonnenment in Brugge. Het mobilisatieplan voorzag dat elke eenheid van de Versterkings- en Opleidingstroepen bij een vijandelijke inval zou uitwijken naar een oorlogskantonnement in Oost- of West-Vlaanderen, om er zijn activiteiten ver verwijderd van de vijandelijkheden te kunnen voortzetten. Gedurende de rest van de dag maken het 1ste, 2de en 3de Esk zich onmiddellijk klaar voor een verhuis per trein naar hun oorlogskantonnement. Manschappen, paarden en materieel worden op het militaire aansluitspoor van Brasschaat naar Kapellen ingeladen en rijden vervolgens vanaf het eind van de dag per trein naar West-Vlaanderen.

4Esk/DRA
Het 4de Eskadron (4Esk) wordt aangeduid om de achterwacht te Brasschaat te vormen. Deze eenheid staat onder het tijdelijk bevel van Luitenant Wintmolders, die Kapitein-commandant Picard vervangt. De belangrijkste taak van de achterwacht bestaat er in om de laatste bijkomende manschappen en paarden in te lijven. Zo worden onder meer de te Antwerpen overgebleven paarden van de Rijkswacht in ontvangst genomen en toegevoegd aan het bestand van het depot.

Staf/DRA
De eerste eenheden van het depot bereiken Brugge. De administratie wordt in de stad geïnstalleerd. De paarden worden in weilanden aan de noordrand van de stad ondergebracht.

4Esk/DRA
Het 4Esk is nog steeds te Brasschaat wanneer op 11 mei rond 14u00 een bijzonder hevige luchtaanval start op de militaire installaties. Een formatie van 32 Stuka duikbommenwerpers bestookt het Polygoon in een reeks aanvalsgolven die tot ongeveer 17u00 aanhoudt. Luitenant Wintmolders laat de manschappen en paarden verspreiden in de bossen rondom Brasschaat, maar moet toch toekijken hoe de vijandelijke toestellen 2 soldaten verwonden en 42 paarden doden.

De manschappen raken in paniek en dringen er bij Wintmolders op aan om onmiddellijk langs de baan naar Brugge te vertrekken en de plannen om per trein af te reizen op te geven. De eskadronscommandant staat er echter op om de instructies van Luitenant-kolonel Cuvelier nauwkeurig uit te voeren en stelt de inscheping uit tot 12 mei.

4Esk/DRA
Na de zware luchtaanval van 11 mei hervat het 4Esk de inscheping van zijn manschappen en paarden. Een treinstel van 42 wagons wordt geladen op de militaire aansluiting van het Polygoon.

De werkzaamheden houden de ganse dag aan en worden tijdens de namiddag aanhoudend onderbroken door een flight van 6 Stuka’s die de Belgen gedurende een tweetal uur aanhoudend verstoren met bommen en machinegeweervuur. Het treinstel kan pas rond 17u00 uit Brasschaat vertrekken.

Staf/DRA
Wanneer op 13 mei het Groot Hoofdkwartier beslist om de Versterkings- en Opleidingscentra naar Frankrijk te evacueren, wordt het Remontedepot uit dit commando gehaald. Het depot dient immers in België te blijven om de verliezen van ons veldleger aan te vullen. Cuverliers eenheid blijft tot bij de capitulatie in ons land.

4Esk/DRA
Het 4de eskadron bereikt Brugge rond 15u00.

Staf/DRA
Het Remontedepot ontvangt het bevel uit te wijken van Brugge naar Beveren aan de IJzer (Beveren-Ijzer).

Staf/DRA
Het Remontedepot komt aan te Beveren-IJzer en start met de installatie van zijn eskadrons. De paarden worden in de omliggende weiden ondergebracht.

Staf/DRA
Steeds meer Britse troepen komen aan te Beveren-IJzer. De Belgen weten op dat ogenblik nog niet dat het Remontedepot in minder dan één week middenin de vuurline zal komen te liggen wanneer de Britten rond Duinkerken een sterke perimeter zullen opwerpen om hun evacuatie te beveiligen en daarbij ook van de IJzer gebruik zullen maken.

Staf/DRA
LtKol Cuvelier laat schuilplaatsen en loopgrachten aanleggen op de boerderijen waar de manschappen verblijven om enige beveiliging te bieden bij mogelijke luchtaanvallen.

Staf/DRA
Bij een nieuwe luchtaanval op de kantonnementen te Beveren-IJzer vallen enkele gewonden wanneer de woning getroffen wordt waar Kapitein-commandant Heldeweirt en Dierengeneesheer Luitenant Piraut verblijven. Het huis stort gedeeltelijk in beide officieren lopen verwondingen op. Cdt Helderweirt wordt afgevoerd via de medische keten. Ook buiten de woning vallen er slachtoffers. Soldaat Verhulst van het 4de Eskadron wordt dodelijk gewond en overlijdt enkele dagen later aan zijn verwondingen in het hospitaal van Ieper. Verschillende paarden worden gedood. Het keukenpersoneel van het 1ste Eskadron komt er met de schrik van af wanneer een blindganger middenin de veldkeuken neerploft. Ook tussen de talrijke Britse militairen die te Beveren-IJzer verblijven vallen er enkele doden. De vijandelijke vliegtuigen viseren het wagenpark van de Britten en vernielen verschillende vrachtwagens.

Staf/DRA
LtKol Cuvelier verneemt het nieuws van de overgave via een bericht bestemd voor Kolonel De Reul van het 3de Regiment Hulptroepen die enkele dagen voordien eveneens te Beveren en Stavele is aangekomen. Dit bericht zal de laatste mededeling zijn die Cuvelier van het militaire commando zal ontvangen. De kolonel laat alle schuilplaatsen en loopgrachten nog eens nakijken en waar nodig verstevigen nu duidelijk geworden is dat de Belgen op de Britse frontlinie gevangen zitten en de kans groot is dat ze onrechtstreeks bij de gevechten rond Duinkerken betrokken zullen worden. De Britse militairen nemen heel wat woningen over als steunpunten en maken de laatste voorbereidingen voor het komende treffen met de Duitsers.

Na de capitulatie

De Britse en Duitse artillerie vuren aanhoudend. Bij een voltreffer op de infirmerie van het Remontedepot wordt een verpleger gedood en Dierengeneesheer Luitenant Duhaux zwaar gewond. In de infirmerie verblijven op dat ogenblik enkele gewonde Franse militairen. De Britten zullen op 30 mei Beveren-IJzer tijdens de vroege ochtend verlaten. De eerste Duitse troepen rijden rond 09u00 het dorp binnen. Het Remontedepot kan nu vaststellen dat er sinds 28 mei zo’n 600 paarden gedood of vermist zijn bij de gevechten tussen de Britten en de Duitsers. Kolonel Cuvelier neemt contact op met de staf van de Duitse 22ste Infanteriedivisie te Roesbrugge en krijgt het bevel om zich uit de gevechtszone te verwijderen. De aftocht zal verlopen via Wormhout, Zegerskapelle, Saint-Omer, Hazebrouck, Lillers, Doulens en Cambrai.

Slachtoffers

"Bibli</p

  1. Fotocollectie Jean Lummerzheim.
  2. DRA (Dépot de Remonte de L’Armée) [on lin beschikbaar]: http://www.het-kamp-van-brasschaat.be/MilSit_KampBrasschaat.html [laatst geraadpleegd 2 juni 2016]