2de Bataljon Transmissietroepen

Situatie op 10 mei 1940

Reglementaire benaming 2de Bataljon Transmissietroepen | 2ème Bataillon de Troupes de Transmissions | 2TTr
Type Verbindingseenheid
Ontdubbeld van Regiment Transmissietroepen
Onderdeel van 2de Infanteriedivisie
Bevelhebber Majoor G. Ogez
Standplaats Luik
Samenstelling Staf
Compagnie Telegrafisten (Luitenant R. Vandijcke)
Compagnie Radiotelegrafisten (Luitenant M. Rousseau)

Tijdens de mobilisatie

Het 2de Bataljon Transmissietroepen (2TTr) wordt gevormd te Antwerpen op 1 september 1939 bij afkondiging van Fase C van het mobilisatieplan als ontdubbelingsbataljon van het Vilvoords transmissieregiment. 2TTr wordt het organiek transmissiebataljon van de 2de Infanteriedivisie (2Div). Na een eerste maand in de Brusselse rand bereikt het bataljon Wiekevorst op 2 obtober 1939 en brengt hier de winter door. Op 29 maart 1940 vertrekt de eenheid voor een kampperiode van twee weken naar Beverlo om vervolgens op 11 april naar Beersel terug te keren.

De 2Div wordt op 24 april 40 naar Luik gestuurd om de 11de Infanteriedivisie (11Div) af te lossen en komt onder bevel te staan van het IIIde Legerkorps (III/CA). Het III/CA speelt een sleutelrol in de verdediging van de Versterkte Positie Luik (Position Fortifiée de Liège oftewel PFL) bij een mogelijke aanval van Duitsland.

Het 2TTr volgt de 2Div en is vanaf 24 april te Luik gestationeerd. De Versterkte Positie Luik bestaat uit vier linies waarvan de tweede linie PFLII ongeveer 28Km lang is en loopt van Barchon tot Boncelles. De linie omvat de vernieuwde forten van Barchon, Evegnée, Fléron, Chaudfontaine, Embourg en Boncelles aangevuld met 61 betonnen bunkers in twee echelons. Aan de vooravond van de oorlog houdt de 2Div zich klaar om de PFLII te bezetten tussen Chaudfontaine en Engis ten zuiden van Luik.

Ten gevolge van de Duitse overval op het Albertkanaal te Vroenhoven en Veldwezelt besluit de legerleiding reeds tijdens de avond van 10 mei dat de posities van de PFLII linie ten oosten van de stad niet kunnen behouden worden door de infanterie van het III/CA. Het korps maakt bijgevolg plannen om zijn intervaltroepen terug te trekken uit de PFLII linie. De eenheden zullen verplaatst worden om een nieuwe defensieve positie in te nemen op de linkeroever van de Maas, vanaf Lixhe, over de stad Luik heen, tot nabij de eerste de posities van de Groepering K aan de Ourthe. De ganse 2de infanteriedivisie zal na dit manoeuvre naar de K.W. Stelling geëvacueerd worden. De manschappen zullen met autobussen en vrachtwagens vervoerd worden. De paardengespannen zullen op de trein geplaatst worden en de artillerie van de divisies zal in vier etappes langs de baan naar het westen reizen.

Ook het 2TTr wordt opgedeeld voor deze verplaatsing:

  • de autocolonne verlaat Luik via Bierset, Hannuit, Geldenaken en Leuven
  • de manschappen zullen per trein reizen en worden tijdens de nacht van 10 op 11 mei naar de westrand van Luik gebracht om daar ingescheept te worden

De autocolonne bereikt Kortenberg omstreeks 07u00 en krijgt om 11u30 de opdracht om naar Hever verder te rijden. Twee uur later komen de vrachtwagens aan. Inmiddels is het detachement dat per trein Luik verliet vast te komen zitten na een luchtaanval op de spoorlijn Luik-Brussel tussen Tienen en Leuven. De manschappen stijgen uit en trekken te voet naar Kortenberg. Majoor Ogez laat enkele vrachtwagens achter te Kortenberg in de hoop dat deze het met de trein reizende detachement zullen kunnen oppikken.

Staf/2TTr
De 2de Infanteriedivisie installeert zich op de K.W. Stelling tussen Rijmenam en Haacht. De K.W. Stelling, ook wel Weerstandsstelling genoemd, bestond uit één of twee rijen gevechtsbunkers en waar mogelijk werden kanalen, spoorwegbermen en overstromingsgebieden geïntegreerd in de stelling. Waar een sterke hindernis voor handen was volstond één rij bunkers, in open terrein waar men geen gebruik kon maken van hindernissen werd een tweede lijn bunkers aangelegd. Belangrijke plaatsen werden met bijkomende gevechtsbunkers beschermd en uitgebouwd tot anti-tankcentra. Een honderdtal meter voor de bunkers werden talrijke hindernissen zoals prikkeldraadversperringen, anti-tankgrachten en Cointot-elementen aangebracht. De constructiewerken op de K.W. Stelling werden voor de oorlog uitgevoerd. Een paar kilometer ten westen van de verdedigingslijn bouwde men een ondergronds telefoonnetwerk uit. Dat bestond uit twee parallelle lijnen telefoonkabels en dwarsverbindingen. Op de verbindingen werden commandobunkers gebouwd die dienst deden als commandopost en waren uitgerust met een telefooncentrale. Op de lijnen zelf stonden kleine verbindingsbunkersbunkers waar de hoofdkabels doorgeschakeld werden en veldlijnen toekwamen.

Het detachement manschappen dat zijn tocht naar het westen te voet diende verder te zetten komt aan te Kortenberg rondom 03u00 en wordt door de wachtende vrachtwagens naar Hever gebracht. Het bataljon is nu herenigd en kantonneert te Hever.

Cie Telegrafisten/2TTr
De telegrafisten van het 2TTr vertrekken naar de K.W. Stelling om er de telefooncentrales in de sector te bemannen. Tot en met het echelon bataljon zou gebruik gemaakt worden van het speciale ondergrondse telefoonnet van de K.W. Stelling maar het ondergrondse militaire telefoonnet van de K.W. Stelling nabij Rijmenam kan op 12 mei nog niet in gebruik genomen. Majoor Ogez laat gewone bovengrondse veldlijnen aanleggen. Een detachement wordt uitgestuurd naar de burgerlijke telefooncentrale van Rijmenam om deze te bemannen.

Cie Radio/2TTr
Tussen de bataljons en de hogere echelons wordt eveneens van zender-ontvangers gebruik gemaakt. De ERM, ERP en ERTP zender-ontvangers worden opgesteld en het radionet wordt ontplooid. Het bataljon legt daarnaast ook loopgrachten aan rondom zijn kantonnement.

Cie Telegrafisten/2TTr
Het 2TTr legt een bovengronds telefoonnet aan ten behoeve van het op het tweede echelon geplaatste 28Li. Er worden ook manschappen uitgestuurd naar alle duivenhokken in de streek: alle reisduiven moeten afgemaakt worden om te voorkomen dat ze voor spionagedoeleinden gebruikt worden.

Cie Telegrafisten/2TTr
De militairen starten met het aansluiten van de verbindingen op het ondergrondse militaire telefoonnet van de K.W. Stelling. De bunkers met de telefooncentrale en aansluitingspunten worden bemand. Alle overtollige voertuigen worden naar de linkeroever van het Kanaal Leuven-Mechelen gestuurd.

Cie Telegrafisten/2TTr
Alle telefooncentrales van de K.W Stelling in de sector van de 2de Infanteriedivisie zijn nu operationeel en het ondergrondse militaire net functioneert naar behoren. De bovengrondse lijnen worden niet opgebroken maar blijven ontrold als back-up. De soldaten worden ook ingezet bij het evacueren van de burgerbevolking.

Staf/2TTr
Op 16 mei komt onverwachts het bevel van het geallieerd opperbevel (via de Franse generaal Bilotte) om naar het westen terug te trekken. Zonder dat men de K.W. Stelling ten volle verdedigd heeft moet de stelling worden prijsgegeven. In het zuiden wist het Duitse leger immers een doorbraak te forceren over de Maas in de streek van Sedan en in het noorden heeft Nederland zich overgegeven. Het veldleger zal aan het eind van de dag de K.W. Stelling ontruimen en in drie nachtelijke etappes terugtrekken naar de lijn Terneuzen-Gent-Oudenaarde. De 2Div wordt naar het Bruggenhoofd Gent gestuurd.

Het bataljon vernielt rondom 15u00 het ondergrondse civiele telefoonnet ten westen van Rijmenam. Om 20u00 krijgt Majoor Ogez het bevel om zich klaar te maken voor de evacuatie van de K.W. Stelling. Omdat het bataljon reeds om 21u30 moet starten met de aftocht, kunnen niet alle veldtelefoonlijnen opgerold worden en moet heel wat transmissiematerieel ter plekke achtergelaten worden. Luitenant Vandycke wordt aangeduid voor de achterwacht. Er worden twee vrachtwagens opgevorderd om de tekorten van het bataljon aan te vullen. De marsroute loopt over Hofstade, Zemst, Laar, Humbeek, Nieuwenrode, Merchtem, Opwijk en Aalst naar Lede.

Staf/2TTr
Het 2TTr bereikt Lede rond het middaguur. Inmiddels heeft ook het detachement van Luitenant Vandycke de K.W. Stelling verlaten. De manschappen begonnen reeds om 02u00 aan hun terugtocht en zullen het bataljon in de namiddag vervoegen. Het 2TTr wordt vervolgens verplaatst naar Smetlede omdat te Lede reeds een detachement van de Ardeense Jagers is aangekomen.

Staf/2TTr
De 2Div wordt opgesteld in het Bruggenhoofd Gent. Het Bruggenhoofd Gent (in 1940 beter bekend onder zijn Franse naam TPG – Tête de Pont Gand) werd gevormd door een bunkerlinie ten zuiden van Gent. De verdedigingslinie bestond uit 228 betonnen bunkers. Vier bunkers hadden nog een verdieping en 35 waren uitgerust met een stalen waarnemingskoepel. Van de te verdedigen stelling is voor de oorlog een volledig dossier met de opstelling en bezetting opgemaakt. Dit dossier evenals de sleutels van de abri’s zijn evenwel verloren gegaan en de eenheden van de 2Div moeten zelf uitzoeken waar zich de bunkers bevinden. De eenheden van de 2Div die de stelling zullen bemannen moeten de bunkers zelf inrichten en ook de verbindingsloopgraven terug in orde brengen.

Na de capitulatie

Slachtoffers

 

Bibliografie en Bronnen