Passieve Luchtbescherming

Situatie op 10 mei 1940

Reglementaire benaming Passieve Luchtbescherming | Défense Aérienne Passive | DAP
Type Staf
Ontdubbeld van n.v.t.
Onderdeel van
Commissaris-Generaal Luitenant-generaal Louis Termonia
Standplaats Brussel
Samenstelling Algemeen Commissariaat van de Passieve Luchtbescherming

Territoriale Burgerlijke Wacht voor Luchtverdediging

Bond voor Luchtbescherming

Tijdens de mobilisatie

De Territoriale Burgerlijke Wacht van Roeselare aan het werk tijdens een reddingsoefening (foto: stadsarchief Roeselare).

Algemeen Commissariaat van de Passieve Luchtbescherming
De Passieve Luchtbescherming is een organisatie met een zowel militair als civiel aspect en heeft als commissaris-generaal de uit pensioen teruggeroepen Luitenant-generaal Termonia. De taak van de organisatie bestaat er in om het land en de bevolking te beschermen tegen de gevolgen van luchtaanvallen via preventieadvies en een breed gamma aan niet-gewapende interventiemiddelen.

Het commissariaat-generaal van Termonia omvat een aantal militaire en civiele experts die in drie diensten tewerkgesteld worden:

  • een administratieve dienst die het beheer van de Passieve Luchtverdediging op nationaal niveau waarneemt
  • een technische dienst die onder meer operationele richtlijnen en procedures opstelt en technische specificaties voor luchtdoelmaterieel goedkeurt
  • een 50-tal locale scholen voor passieve luchtverdediging

In 1938 gaf het Algemeen Commissariaat van de Passieve Luchtbescherming de opdracht om naast een Nationaal Centrum voor Inlichtingen en Alarmering (CNRA) in elke provincie een Centre Provincial du Renseignement et d’Alerte (CPRA) op te richten. In de provinciehoofdsteden werd in het geheim een provinciale commandopost in een onderaardse bunker gebouwd, de zogenaamde CPRA-bunker. Vanuit de CPRA-bunkers kon de overheid bij bombardementen of andere rampsituaties de bevolking alarmeren door middel van een sirenenet. Voorts kon de overheid op die manier hulp organiseren en opdrachten doorgeven aan interventie-eenheden.

Het Nationaal Centrum voor Inlichtingen en Alarmering is geïnstalleerd in een  bunker onder het Warandepark te Brussel (oftewel Parc Royal de Bruxelles) en deed tevens dienst als CPRA-bunker voor de Provincie Brabant.  Deze bunker was via ondergrondse tunnels verbonden met het koninklijk paleis en met het parlement. In Gent werd de CPRA-bunker in het Citadelpark gebouwd [2]. Voor Antwerpen dacht de overheid aanvankelijk aan de Oude Arsenaalplaats, maar uiteindelijk werd deze opgericht in de voormalige manege, garage en reparatieatelier van de Prekerskazerne [3]. In Brugge werd de bunker gebouwd in de stadsomwalling aan de Gentpoortvest [1].

De geheime nota nr 1291/294 van 8 april 1940 opgesteld door het 1ste bureau van de Generale Staf van het Leger (EMGA) legt vast hoe het luchtruim beheerd moet worden teneinde het neerhalen van bevriende vliegtuigen te vermijden. De militaire en burgervliegvelden hadden de plicht het CNRA, de nationale permanentie van de loerdienst, evenals de negen CPRA te verwittigen van alle geplande vluchten. Deze vluchten moesten uitgevoerd worden onder de 1000 meter. Het CNRA legt een lijst aan van geplande vluchten die verstuurd wordt aan de CPRA en de eenheden van de DTCA om elk misverstand te vermijden. Elke niet geregistreerde vlucht van Duitse, Britse en Franse vliegtuigen moet beschouwd worden als een schending van ons luchtruim.

Territoriale Burgerlijke Wacht voor Luchtverdediging
Deze centrale diensten ondersteunen een louter civiele structuur die op provinciaal en gemeentelijk vlak de passieve luchtverdediging waarneemt. De Territoriale Burgerlijke Wacht voor Luchtverdediging (Garde Civile Territoriale oftewel GCT) vormt het fundament van deze structuur en groepeert de diverse reddingsdiensten binnen de gemeentes, aangevuld met vrijwilligers van de militieklassen 16 tot en met 25 die in ruil voor vrijstelling van oproeping een dienstverbintenis als agent van de burgerlijke wacht kunnen aangaan.

Bond voor Luchtbescherming
De Bond voor Luchtbescherming (Ligue de Protection Aérienne oftewel LPA) vervolledigt dit alles en heeft een dubbele taak. Enerzijds is de bond verantwoordelijk voor het verwerven van fondsen die gebruikt moeten worden voor de aankoop van materieel en anderzijds staat zij in voor de voorlichting van de bevolking in zake passieve luchtverdediging.


De commandopost van het 2de Regiment Grondverdediging tegen Luchtdoelen (2DTCA) overgebracht naar de het CNRA. Dit regiment is niet alleen verantwoordelijk voor de luchtverdediging van Brussel maar is eveneens administratief verantwoordelijk voor de zogenaamde Loerdienst. Deze operationeel onafhankelijke organisatie bestaat uit negen batterijen en bemant in elke provincie het CPRA en een twintigtal Loerposten. Deze observatieposten worden elk bemand door vijftal militairen van de territoriale troepen die in de buurt van de loerpost wonen, aangevuld met drie gespecialiseerde loerders van de DTCA. Hun taak bestaat er in vijandelijke vliegtuigen waar te nemen en gebruik makend van het burgertelefoonnet deze inlichtingen door te spelen aan het provinciale inlichtingencentrum.

Bibliografie en Bronnen

  1. Meer informatie over de CPRA-bunker van de Provincie West-Vlaanderen kan gevonden worden op de website Inventaris Onroerend Erfgoed. [On Line beschikbaar]: https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/217127 [Laatst geraadpleegd 10 juni 2018].
  2. Meer informatie over de CPRA-bunker van de Provincie Oost-Vlaanderen kan gevonden worden op de website Bunkergordel [On Line beschikbaar] https://www.bunkergordel.be/14.028k%20Bouw%20Belgische%20Commandobunker%201938.html [Laatst geraadpleegd 10 juni 2018].
  3. Meer informatie over de CPRA-bunker van de Provincie Antwerpen kan gevonden worden op de website De wereld morgen. [On line beschikbaar] http://www.dewereldmorgen.be/artikels/2011/07/19/commandobunker-sint-andrieskwartier-opengesteld-voor-publiek [Laatst geraadpleegd 10 jun 2018]