39ste Linieregiment

Situatie op 10 mei 1940

Type Infanterieregiment van de tweede reserve
Ontdubbeld van 9de Linieregiment
Taalstelsel Nederlandstalig
Onderdeel van 18de Infanteriedivisie
Bevelhebber Luitenant-kolonel L. Coeckelbergh
Standplaats Versterke Positie Antwerpen
Samenstelling I Bataljon (Majoor G. Bruynseels) 1ste Compagnie Fuseliers (Luitenant P. Eygenraam)
2de Compagnie Fuseliers (Commandant J. Heyman)
3de Compagnie Fuseliers (Luitenant G. Dirickx)
4de Compagnie Mitrailleurs (Luitenant G. Pinnoy)
II Bataljon (Majoor Marcel Sclavons) 5de Compagnie Fuseliers (Luitenant M. Robberechts)
6de Compagnie Fuseliers (Commandant P. Jadoul)
7de Compagnie Fuseliers (Luitenant P. Trekels)
8ste Compagnie Mitrailleurs (Luitenant M. Depaepe)
III Bataljon (Majoor Norbert Stroobants) 9de Compagnie Fuseliers (Luitenant ridder L. de Wouters d’Oplinter)
10de Compagnie Fuseliers (Kapitein F. Deroover)
11de Compagnie Fuseliers (Kapitein G. De Meyer)
12de Compagnie Mitrailleurs (Luitenant Robert Rémy)
Stafcompagnie (Kapitein-commandant N. Kicq)
Geneeskundige Compagnie (Geneesheer 1ste Kapitein G. Mattlet)
Peloton Verkenners (Luitenant P. Vanhagendoren)

Tijdens de mobilisatie

Het 39ste Linieregiment (39Li) wordt in oktober 1939 gemobiliseerd als ontdubbelingsregiment van het 9Li, bij afkondiging van Fase D van het mobilisatieplan. Het 39Li wordt toegevoegd aan de 18de Infanteriedivisie (18Div) een divisie van tweede reserve. De twee andere infanterieregimenten van de 18Div zijn het 3de Regiment Carabiniers (3C) en het 3de Regiment Grenadiers (3Gr).

De tweede reserve was in hoofdzaak samengesteld uit miliciens van de oudere klassen 28, 29, 30 en 31. In de infanterieregimenten van de tweede reserve ontbreekt het vierde bataljon met de zware mitrailleurs, de mortieren en de anti-tankkanonnen C47mm. De fuseliers kregen in hoofdzaak oude Belgische Mauser geweren uit 1889 en Franse Chauchat lichte mitrailleurs die in 1915 aangekocht werden. Bovendien ontbrak het aan DBT granaatwerpers en moesten de mannen het stellen met Vivien Bessières tromblons die op de loop van hun geweer gevezen kunnen worden en een dracht van nauwelijks 150m hadden.

Het 39Li bevindt zich aan de vooravond van de oorlog in kantonnementen binnen de Versterkte Positie Antwerpen (VPA) rond Merksem en Deurne. Het regiment is in Antwerpen aangekomen op 9 mei 1940 nadat het door het 3C werd afgelost op zijn stellingen langsheen het Verbindingskanaal Maas-Schelde in de Kempen tussen Beerse en Ardendonk. Het 39Li zal worden ingezet als algemene reserve van het IVde Legerkorps (IV/CA), en compagnie van 39Li wordt trouwens aangeduid om het HK van dit korps.

Luitenant-kolonel L. Coeckelbergh.

De 18de Infanteriedivisie staat nog steeds opgesteld langsheen het Verbindingskanaal Maas-Schelde in de Kempen om er de zogenaamde Vooruitgeschoven Positie te bemannen. De divisie moet bij een vijandelijke inval de bruggen over het Verbindingskanaal vernielen om de Duitse invallers trachten af te remmen. Daarna dienen de troepen zich terug te trekken achter het Albertkanaal. De divisie is door het vertrek van het 39Li verre van volledig. Bovendien heeft het 3Gr twee bataljons moeten afstaan aan de Maritieme Basis voor de verdediging van kust. Ook 26A wordt elders ingezet.

Er resten de 18de Infanteriedivisie nog 4 infanteriebataljons aan de kanaaloever, samen met de eigen wielrijdersgroep en die van de 15de Infanteriedivisie. De divisie heeft wel de I/17A toegewezen gekregen om vuursteun te leveren bij een inval uit de richting Eindhoven. Deze kleine formatie moet een een bijzonder lang front van 40 Km bemannen.

Het 39Li, afgedeeld bij het IVde Legerkorps, zal die dag niet in actie komen.

Het regiment blijft binnen de Versterkte Positie Antwerpen.

Het regiment blijft binnen de Versterkte Positie Antwerpen.

Het regiment blijft binnen de Versterkte Positie Antwerpen.

Het regiment blijft binnen de Versterkte Positie Antwerpen.

De 18de Infanteriedivisie bereikt bij het begin van de dag de Versterkte Positie Antwerpen en gaat in kantonnement te Ranst, Broechem en Emblem. Het 39Li wordt opnieuw aangehecht bij de rest van de divisie en zal samen met de andere formaties de rest van de veldtocht meemaken.

Tijdens de nacht van 15 op 16 mei verplaatsen de eenheden van de 18Div zich tot aan de oude fortengordel rondom Antwerpen. Er wordt gekantonneerd rondom Borsbeek en Boechout. Die dag beslist het Groot Hoofdkwartier om het leger terug te trekken naar de lijn Terneuzen-Gent-Oudenaarde.

Het 39Li steekt tijdens de nacht van 16 op 17 mei samen met de andere eenheden van de 18de Infanteriedivisie de Rupel over te Boom. Vervolgens gaat het westwaarts en wordt de Schelde overgestoken via de brug van Temse. Aangekomen in het Waasland zet de divisie koers naar Lokeren. In de stad en en de gemeenten net ten noorden worden nieuwe logementen opgezocht.

De infanteriedivisies van de tweede reserve beschikten in mei 40 over de verouderde Colt mitrailleur.

De 18de divisie wordt doorgestuurd naar de stad Gent. De nachtelijke etappe van 17 op 18 mei gaat van Lokeren tot de oostrand van het Bruggenhoofd Gent. Het 39Li zoekt Sint-Amandsberg op en kan zich daar reorganiseren en kortstondig uitrusten. De mannen zijn nu onderweg sinds 15 mei en de lange nachtelijke verplaatsingen hebben duidelijk hun tol geëist.

De 18de infanteriedivisie bezet nu de sector Oostakker-Destelbergen. Het 3C ontplooit zich rond Destelbergen terwijl het het 39Li de ondersector Oostakker toegewezen krijgt.

Het 39Li krijgt de 25ste Compagnie van het Vde bataljon van het Regiment Speciale Vestingstroepen Antwerpen toegewezen. Deze eenheid bevond zich tot de aftocht uit Antwerpen bij de geniebruggen van Hemiksem en Hoboken en beschikt over zware mitrailleurs. De eenheid vormt een nieuwe compagnie luchtafweermitrailleurs binnen de schoot van het 39Li.

De 18de divisie bewaakt de noordoostelijke sector van het Bruggenhoofd Gent tussen Oostakker en Destelbergen. In deze sector bevinden zich geen bunkers zoals dit langsheen de zuidrand van het bruggenhoofd wel het geval is. De troepen graven zich in en blijven op post. De vooruitgeschoven bewaking van de sector wordt verzekerd door de Wielrijdersgroep van de 18de divisie met ondersteuning van de 5de en 6de compagnies van het Bataljon Grenswielrijders Limburg.

Het 39Li blijft in stelling in de ondersector Oostakker.

Ook voor een laaste dag blijft de 18de infanteriedivisie aan de noordoostrand van Gent. Het 39Li ligt nog steeds rondom Oostakker.

Op de Conferentie van Ieper tussen de Belgen, Fransen en Britten is beslist dat het front achteruit moet. Het Belgische leger zal de aftocht naar de Leie aanvatten en rondom Gent worden de Belgische posities herschikt en wordt het Bruggenhoofd Gent opgegeven. De 16de en de 18de infanteriedivisies zullen de stad verdedigen. De 1ste infanteriedivisie zal de stad verlaten en naar de streek van Kortrijk verhuizen. De 2de en de 4de infanteriedivisie zullen het Bruggenhoofd Gent verlaten, terwijl ten zuiden van de stad de 1ste Divisie Ardeense Jagers en de 5de infanteriedivisie nog achter de Schelde moeten blijven tot de nacht van 23 op 24 mei en zich vervolgens ook achter de Leie moeten terugtrekken.

Het Groot Hoofdkwartier werkt samen met de andere staven een nieuwe samenstelling uit voor de gevechtsgroep rond het 39Li. Het regiment zal versterkt worden met de volgende eenheden:

  • 2 anti-tankkanonnen C47 van het 2de Licht Regiment
  • 8 mitrailleurs van de 25ste compagnie Speciale Vestingseenheden
  • 4 T13 tankjagers van de compagnie C47/T13 van de 2de Infanteriedivisie
  • 12 mortieren Van Deuren van de 12de batterij van het 3de Regiment Legerartillerie; 6 gericht op de Antwerpse Steenweg en 6 op de baan naar Oostakker

Het 39Li maakt zich klaar om via Sint-Amandsberg Oostakker verlaten en vertrekt na het vallen van de duisternis langsheen de Antwerpse Steenweg naar de stad. Een peloton per compagnie zal tot middernacht achterblijven om de achterhoede te vormen. Onderweg raakt het regiment vast te zitten in de lange sliert vluchtelingen en wordt vertraging opgelopen.

Staf/39Li
Tegen middernacht is de georganiseerde aftocht van het Belgische leger rondom Gent naar de richting van de Leie en het Afleidingskanaal in volle gang. De Belgen troepen vernietigen na de overtocht van het kanaal Gent-Brugge, de bruggen van Vinderhoute, Lovendegem en Merendree. Ook de bruggen te Drongen en Mariakerke over de Verbindingsvaart ondergaan hetzelfde lot.

Het 39Li neemt nog tijdens de nacht zijn posities in ten noorden van het stadscentrum. Het I/39Li neemt het noordelijk deel van de Coupure op het grondgebied van de deelgemeente Rooigem voor haar rekening, naast het II/3C dat de linies naar het zuiden toe verlengt. Het II/39Li trekt naar de Verbindingsvaart waar Majoor Sclavons zijn commandopost opstelt in fabriek Madou op de Nieuwe Vaart. Het bataljon wordt later op de voormiddag aangevuld door het III/39Li en twee detachementen van het Bataljon Grenswielrijders Limburg zodat de ganse Verbindingsvaart en haar bruggen gedekt kunnen worden. De commandopost van het regiment wordt geïnstalleerd in het huis aan de Brugsesteenweg 97.

Lt Rémy die betrokken was bij de incidenten op het Gentse stadhuis.

I/39Li
Rondom 16u00 krijgt de 1ste Compagnie van het I/39Li aan de Coupure contact met de vijand. De mannen van Luitenant Eygenraam verdrijven de Duitse verkenners en het ganse bataljon blijft op post tot aan de aftocht uit de stad.

II/39Li
Bij het II/39Li komen Duitse onderhandelaars met een witte vlag toe nabij de Tolhuisbrug. Terwijl Kapitein-commandant Jadoul hen uitlegt dat hij van geen overgave wil weten, moet hij met lede ogen toezien hoe enkele groepjes soldaten van zijn 6de Compagnie de wapens weggooien en met de armen in de lucht naar de vijand lopen. Ook Majoor Sclavons wordt benadert door Duitse verkenners en moet toekijken hoe nog meer van zijn manschappen de strijd staken. Hij beveelt de Wondelgembrug te versterken en slaagt er in de leegloop te stuiten.

III/39Li
Tijdens de ochtend dringen de Duitsers via de Keizerspoort de stad binnen en kunnen al snel naar het stadhuis oprukken. Daar laten ze net voor de middag de Nazi oorlogsvlag aan het Belfort hijsen. Omstreeks 13u30 komt een Gentse politieagent bij de commandopost van het III/39Li melden dat de vijand in de stad staat. De mannen worden erg onrustig. Majoor Stroobants reageert onmiddellijk en zendt Luitenant Rémy van de 12de Compagnie met een detachement vrijwilligers de stad in om de vlag te gaan laten weghalen. Rémy stuit bij het binnenvallen van het stadhuis op Majoor Imschoot van het I/3C en de beide officieren beginnen ruzie te maken over het feit of de Duitse onderhandelaars nu al dan niet gevangen genomen moeten worden. Imschoot en Rémy druipen af en laten de vijand alleen achter aan het Belfort. De Duitsers sturen onmiddellijk bijkomende troepen naar het stadhuis om er hun positie te versterken. Lt Rémy keert daarop terug naar zijn bataljon en laat Luitenant-kolonel Coeckelbergh op de hoogte brengen.

Majoor Stroobants beveelt Sergeant Tercelin, Korporaal Claes en Sergeant Lahout om een tweede keer te proberen de vlag van het Belfort te halen. De mannen fietsen naar het stadhuis, waar Claes en Lahout overmeesterd worden en Tercelin nog maar net in volle vaart kan wegraken van de vijand. In het stadhuis wordt die middag druk onderhandeld tussen de staf van het 3C, het stadsbestuur en de vijand over het lot van de stad. Tezelfdertijd worden steeds meer manschappen van het I/3C en III/3C gevangen genomen.

Omstreeks 18u30 rijdt alweer een Duitse onderhandelaar het Fratersplein op om de Belgen aan te zetten zich over te geven. De medische sectie van het bataljon beantwoordt prompt de oproep en wordt afgeleid. De Duitsers werpen daarop een granaat in een van de huizen waarop de hel losbarst en een hevig vuurgevecht uitbreekt. De vijand trekt zich terug naar de binnenstad en de plaatselijke bewoners dringen er bij Majoor Stroobants op aan om niet verder te vechten. Het bataljon heeft geen verder contact met de vijand meer.

Intussen gaat het verderop in de binnenstad van kwaad naar erger. Tegen 19u00 is de tegenstand in de binnenstad weggesmolten. Het 39Li bezet nog steeds haar stellingen langsheen deze twee waterwegen wanneer tijdens de avond het bevel tot de evacuatie van Gent gegeven wordt.

Net na middernacht vertrekken de troepen van het 39Li via de brug van Mariakerke naar Merendree. Tijdens deze mars worden de colonnes aangevallen vanuit de lucht en sneuvelen twee soldaten.

De 18de Infanteriedivisie zal de reserve van het Vde Legerkorps uitmaken. Dit legerkorps bemant aan het Afleidingskanaal van de Leie de noordelijke sector tussen Strobrug en Oostwinkel. Na een vermoeiende nachtmars komt het relatief intacte 39Li aan in het achtergebied van deze sector en wordt op zo’n 20 Km van het Afleidingskanaal rondom Hertsberge gekantonneerd.

Aan het Afleidingskanaal van de Leie voeren de Belgen een omvangrijke positiewissel uit. De 6de infanteriedivisie heeft in de nacht van 24 op 25 mei het 9Li naar het zuidelijk front aan de Leie moeten sturen om er de Duitse doorbraak rond Kortrijk trachten te keren. In de ochtend krijgen ook de divisiestaf en het 1Gr het bevel om naar de Leie te vertrekken. De 6de divisie zal afgelost worden door de 18de infanteriedivisie.

De 18de divisie zal voor de nakende actie aan het Afleidingskanaal samengesteld worden uit de volgende eenheden:

  • IIde Bataljon van het 3Gr
  • IIde Bataljon van het 3C
  • Iste Bataljon van het 39Li
  • IVde Bataljon van het Regiment Speciale Vestingstroepen Antwerpen
  • 7de Jagers te Voet
  • 1ste Carabiniers
  • Groep Cyclisten van de 18de Infanteriedivisie

Dit geheel zal artilleriesteun ontvangen van de vier groepen van het 6A. De Iste en IIIde Groep van het 13A leveren bijkomende vuurkracht van op hun nieuwe posities te Kleit, Kampel en Prinsenveld. Drie secties C40 Bofors kanonnen van de IXde Groep van het 1DTCA staan in voor de luchtafweer.

Het IIde en het IIIde Bataljon van het 39Li worden opgesteld achter de linies van het 8J en het 9J. Het IIde Bataljon bezet daarbij Maldegem. Het IIIde Bataljon bevindt zich ten westen van deze gemeente, nabij Butswerve langs de baan van Maldegem naar Knokke.

Tijdens de ochtend slaat de vijand er in het Afleidingskanaal over te steken nabij Raverschoot ten zuiden van Balgerhoeke. Het 7J komt onder zware druk te staan. Na de middag vuurt de Duitse artillerie een hevig bombardement uit aan de noordkant van Balgerhoeke en slaagt er ook hier in het kanaal over te komen, maar wordt daar geblokkeerd door de rechterflank van het 8J.

Aan het eind van de dag staan de Duitsers echter aan de rand van Maldegem. Het Vde legerkorps wil deze gemeente kost wat kost behouden omwille van het enige nog functionerende spoorwegstation dat essentieel is voor de aanvoer van munitie en bevoorrading.

Terwijl bijkomende troepen Maldegem ingestuurd worden, zet het legerkorps even na 16u00 ook een tegenaanval op poten. Het II/39Li en het III/39Li moeten vorderen naar Adegem en Moerwege om de vijand terug te drijven naar de kanaaloever. Beide bataljons bezetten op dat ogenblik nog steeds op het derde echelon van de 17de divisie en werden eerder op de dag meerdere keren vanuit de lucht aangevallen.

De staf van de 18de divisie die met de uitvoering van de tegenaanval is belast, wordt ongeduldig en stuurt nog voor de aankomst van het III/39Li even na 18u00 het II/39Li alleen ten aanval. Majoor Sclavons verplaatst zijn commandopost voor de komende aanval naar een huisje op de baan van Maldegem naar Adegem. Twee T13 pantserwagens rukken voorzichtig op naar Adegem.

Terwijl de Belgen wachten op de voorbereidende artilleriebeschieting, slagen de Duitsers er in te vorderen tot aan de spoorwegovergang op de staatsbaan. Het II/39Li slaagt er toch nog in om zich in te graven aan de oostrand van Maldegem. Tot een tegenaanval kan het echter niet meer komen. De Belgische opmars wordt gestuit en de ganse avond lang woeden hevige gevechten tussen het 39Li en 8J en de vijand.

Het 39Li trekt zich samen met de 18de divisie terug naar de westrand van de baan van Maldegem naar Kleit vanaf 22u30. Het regiment laat 24 gesneuvelde regimenten achter bij de poging om de opmars naar Maldegem te blokkeren.

Via Burkel en Oedelem trekken sommige detachementen van de 18de divisie tijdens de nacht van 26 op 27 mei naar Oostkamp.

Te Maldegem worden de overgebleven eenheden van het 39Li en het 3Gr die nog niet zijn weggevlucht naar Oedelem samengevoegd met de restanten van het 8J en het 9J tot een geïmproviseerde gevechtsgroepering.

Hier wordt nog de ganse dag stand gehouden op een geïmproviseerde linie van Strobrugge tot Kleit. Rondom 20u00 wordt deze lijn opgegeven en vervolgens trekken de Belgen zich terug naar Brugge.

De weinige georganiseerde restanten van het 39Li bevinden zich nog steeds in het gebied tussen Oostkamp en Brugge wanneer het nieuws van de capitulatie binnenloopt.

Na de capitulatie

Slachtoffers

 

Bibliografie en Bronnen