32ste Linieregiment

Situatie op 10 mei 1940

Type Infanterieregiment van de tweede reserve
Ontdubbeld van 2de Linieregiment
Taalstelsel Nederlandstalig
Onderdeel van 13de Infanteriedivisie
Bevelhebber Luitenant-kolonel M. Desmet
Standplaats Versterkte Positie Antwerpen
Commandopost te Sint-Mariaburg, Brasschaat
Samenstelling I Bataljon (Majoor F. Gerling) 1ste Compagnie Fuseliers (Cdt M. Vermeire)
2de Compagnie Fuseliers (Lt R. De Leeuw)
3de Compagnie Fuseliers (Cdt H. Gauthier)
4de Compagnie Mitrailleurs (Cdt A. Caluwe)
II Bataljon (Majoor G. Van Besien) 5de Compagnie Fuseliers (Kapt X. Verbrugghen)
6de Compagnie Fuseliers (Kapt S. Aercke)
7de Compagnie Fuseliers (Lt R. Vande Wiele)
8ste Compagnie Mitrailleurs (Lt G. Latoir)
III Bataljon (Majoor E. Van Den Plas) 9de Compagnie Fuseliers (Lt T. Dervaux)
10de Compagnie Fuseliers (Lt J. Van De Velde)
11de Compagnie Fuseliers (Cdt A. Beuselinck)
12de Compagnie Mitrailleurs (Lt N. Urbain)
Stafcompagnie (Kapitein-commandant A. Goeyers)
Geneeskundige Compagnie (Geneesheer 1ste Kapitein J. Van Passen)
Peloton Verkenners (Onderluitenant Jozef Rogiers)

Tijdens de mobilisatie

Staf/32Li
Het 32ste Linieregiment (32Li) wordt op 21 oktober 1939 gemobiliseerd te Berlare bij Dendermonde als ontdubbelingsregiment van het 2Li. Het 1ste Legerdepot (1LD) gekazerneerd in Dendermonde staat in voor het leveren van alle uitrusting en materieel. Het 32Li wordt toegevoegd aan de 13de Infanteriedivisie (13Div), een divisie van tweede reserve. De tweede reserve was in hoofdzaak samengesteld uit miliciens van de oudere klassen ’28, ’29, ’30 en ’31. In de infanterieregimenten van de tweede reserve ontbreekt, in tegenstelling tot de actieve infanterieregimenten, het vierde bataljon met de zware mitrailleurs en de anti-tankkanonnen C47mm. De fuseliers kregen in hoofdzaak oude Belgische Mauser geweren uit 1889 en Franse Chauchat lichte mitrailleurs die in 1915 aangekocht werden. Bovendien ontbrak het aan DBT granaatwerpers en moesten de mannen het stellen met Vivien Bessières tromblons die op de loop van hun geweer gevezen kunnen worden en een dracht van nauwelijks 150m hadden.

De twee andere infanterieregimenten van de 13Div zijn 33Li en 34Li. Na initieel te zijn opgesteld in het Bruggenhoofd Gent verhuist het 32Li in april 1940 naar de Versterkte Positie Antwerpen (VPA). De staf van het regiment stelt zich op in de wijk Sint-Mariaburg ten westen van Brasschaat.

Aan de vooravond van de oorlog staat de 13de Infanteriedivisie opgesteld in de Versterkte Positie Antwerpen en beveiligt er de noordoostelijke sector tussen Kapellen en het Kanaal van Turnhout. In tegenstelling tot Luik en Namen werden de oude forten te Antwerpen niet herbewapend, maar ingericht als infanteriesteunpunten. Vanaf het midden van de jaren ’30 wordt in elk fort een aantal stellingen voor mitrailleurs en klein antitankgeschut gebouwd. Aan elk fort is een compagnie van het 1ste Regiment Speciale Vestingseenheden Antwerpen (1/SVE) toegewezen. Deze compagnieën bestaan uit een honderdtal militairen en zijn uitgerust met een dozijn zware en lichte mitrailleurs. De oude forten en schansen zijn verbonden door een nieuw aangelegde anti-tankgracht. Vanuit de forten en de schansen kan scherend vuur afgegeven worden over de anti-tankgracht. Geïntegreerd in de stelling van het 32Li bevinden zich enkele verouderde forten van de VPA, het betreft de Schans van Kapellen en het Fort van Brasschaat.

De drie infanterieregimenten staan opgesteld in lijn achter de tijdens het interbellum aangelegde anti-tankgracht. Het 32Li neemt de linker ondersector ten noorden van Kapellen voor zijn rekening . Het 33Li ligt in het centrum van de divisie rond Brasschaat en het 34Li bemant stellingen op de rechterflank tot aan het Kempisch Kanaal (ook Kanaal van Turnhout of nog Verbindingskanaal Maas-Schelde). Het regiment kan rekenen op artilleriesteun van de Iste Groep van het 21A (I/21A) en de 2de Sectie loopgraafmortieren van de 10de Batterij van IVde groep van het 3LA (10/IV/3LA) uitgerust met 12 MVD58L. I/21A heeft zijn kanonnen ontplooid nabij Sint-Mariaburg.

Forten van Antwerpen waarvan een gedeelte opnieuw gebruikt werd voor de verdediging van VPA.

Staf/32Li
Na ontvangst van het alarm tijdens de nacht van 9 op 10 mei neemt het regiment zijn stellingen in. Onmiddellijk na de afkondiging van het alarm wordt alarmstadium II van kracht voor de VPA. Voor de eenheden opgesteld in de VPA gelden immers specifieke alarmmaatregelen die gaan van alarmstadium I tot V, de hoogste graad van alarm. De Staf/32Li wordt in zijn commandopost iets na 06u00 verwittigd van de afkondiging van de algemene mobilisatie naar aanleiding van de Duitse inval.

Tijdens de voormiddag beveelt de 13Div om over te gaan naar alarmstadium III. Dit betekent dat de wegen die de anti-tankgracht kruisen richting Nederland en Kempen nog wel open blijven, maar dat alle verkeer voortaan gecontroleerd wordt. Het schootsveld voor de anti-tankgracht (het eerste echelon) wordt vrijgemaakt door ondermeer het kappen van struiken en maaien van gewassen. Het regiment werkt hard om zijn stellingen te verbeteren, maar mag het schootsveld nog niet vrijmaken op het tweede echelon en op de dwarsstellingen. Op de voorste linie worden struiken en gewassen uit de weg geruimd om de militairen een goed zicht te geven en de vijand dekkingen te ontzeggen. Overvliegende vijandelijke vliegtuigen zorgen ervoor dat de werken meermaals dienen gestaakt te worden.

I/32Li
Het Iste Bataljon (I/32Li) bevolen door Majoor Gerling neemt de linkerflank in en staat opgesteld langsheen de anti-tankgracht ten noorden van Kapellen in de buurt van Kasteel Wolvenbos. De 1ste Compagnie ligt op links, de 3de Compagnie op rechts tot aan de westzijde van het Fort van Brasschaat en de 2de Compagnie in tweede lijn. De spoorlijn Essen – Kalmthout – Kapellen vormt de limiet met de 17Div.

II/32Li
Het IIde Bataljon (II/32Li) onder leiding van Majoor Van Besien bezet het front op de rechter flank, eveneens aan de anti-tankgracht, net tot aan de oostzijde van het Fort van Brasschaat. De 6de Compagnie bevindt zich links van het fort, de 5de Compagnie heeft rechts van het fort postgevat en de 7de Compagnie bezet de tweede lijn.

III/32Li
Het IIIde Bataljon (III/32Li) bemant het tweede echelon, vanaf de Schans van Kapellen, over Hoogboom tot aan het gehucht Hoge Kaart aan de rand van Brasschaat

Pl Vknr/32Li
Het Peloton Verkenners van 32Li (Pl Vknr/32Li), onder bevel van OLt Rogiers, vertrekt rond 07u00 naar het gehucht Achterbroek tussen Kalmthout en Wuustwezel om er een voorpost in te richten. De verkenners op de voorpost moeten de komst van de vijand signaleren zodat de eenheden in lijn niet bij verrassing aangevallen kunnen worden.

Achterbroek, kruispunt steenweg naar Brasschaat en baan Kalmthout-Wuustwezel.

Staf/32Li
Zelfde toestand als de dag voordien. Burgers en militairen signaleren parachutisten in de streek, maar uitgestuurde patrouilles vinden niks. De Belgische artillerie voert een regelingsvuur uit voor de stellingen van het I/32 en II/32. Het Franse “121e Régiment d’Infanterie Motorisé” komt rond 16u00 aan te Brasschaat als onderdeel van de opmars van het Franse 7de Leger naar Breda in Noord-Brabant (Nederland) en doorschrijdt als eerste de linies van de het 32Li. De verkeersstroom naar het noordoosten blijft de ganse avond aanhouden.

Pl Vknr/32Li
Rond 14u00 vindt een bijzonder hevige luchtaanval plaats op de militaire installaties van het kamp van Brasschaat. Een formatie van 32 Stuka duikbommenwerpers bestookt het Polygoon in een reeks aanvalsgolven die tot ongeveer 17u00 aanhoudt. Onder meer het Remontedepot van het Leger,de Artillerieschool, de Cavalerieschool (oftewel Ruiterijschool) en het Fort van Brasschaat worden geraakt.

Naast de kazernes van het Polygoon worden ook de Franse troepen die zich richting Breda begeven bestookt. De commandant van het Peloton Verkenners, OLt Rogiers, verklaart: “Bombardement van het kruispunt van Achterbroek. Een tiental Franse auto’s en kanonnen worden vernield, huizen staan in brand, telefoonlijnen zijn verbroken. Mijn commandopost is vernield: duiven, telefoonapparaat en vier fietsen. Geen gekwetsten bij ons, doden en gekwetsten bij de Fransen.”

Opstelling 32Li achter de anti-tankgracht op 13 mei 1940.

Staf/32Li
Om 13u00 wordt overgegaan naar alarmstadium IV waarbij de meeste overgangen over de anti-tankgracht gesloten worden. Per regiment wordt nog één doorgang opengehouden en bewaakt. De markeringen rond de aangelegde mijnenvelden blijven voorlopig nog staan, maar zullen verwijderd worden zodra duidelijk wordt dat de vijand dichterbij komt.

Staf/32Li
Om 09u30 wordt overgegaan naar alarmstadium V, de hoogste staat van paraatheid van de VPA.

Staf/32Li
De verdedigingswerken op de stellingen worden versneld verdergezet.

Pl Vknr/32Li
Om 14u55 komt het bericht dat het kruispunt Achterbroek bezet is door de Duitsers. Het peloton verkenners heeft het gehucht veilig kunnen verlaten en vervoegt opnieuw het regiment.

Opstelling van de 13Div langs de anti-tankgracht op 10 mei 1940 (projectie op recente kaart).

Staf/32Li
Bij een volledige telling van de effectieven blijkt die dag dat het 32Li bestaat uit: 1 kolonel, 3 majoors, 9 kapitein-commandanten (waarvan 1 geneesheer), 63 luitenanten en onderluitenanten (waarvan 4 geneesheren & 3 aalmoezeniers), 243 onderofficieren en 2.573 korporaals en soldaten. Het regiment krijgt versterking van enkele zware wapens en ontvangt drie C47 anti-tankkanonnen en vier T13 tankjagers. In de namiddag worden opnieuw verschillende patrouilles uitgestuurd, onder meer opnieuw richting Franse Heide. De leden van de patrouilles mogen geen bezwarende documenten bij zich dragen en hebben strikte instructies om geen inlichtingen geven wanneer ze zouden worden gevangen genomen. De ganse dag door wordt het 32Li sporadisch overvlogen en onder vuur genomen door de Luftwaffe.

I/32Li en II/32Li
Rond 19u20 worden voor de posities van het Iste en het IIde Bataljon de eerste contacten met Duitse verkenningsgroepen gemeld die het dispositief achter de anti-tankgracht aftasten.

Pl Vknr/32Li
Het peloton verkenners stuurt een patrouille naar het militaire oefenplein te Kapellen.

Staf/32Li
Op 16 mei komt onverwachts het bevel van het geallieerd opperbevel (via de Franse generaal Bilotte) om naar het westen terug te trekken. Zonder dat men de K.W. Stelling ten volle verdedigd heeft moet de stelling worden prijsgegeven. In het zuiden wist het Duitse leger immers een doorbraak te forceren over de Maas in de streek van Sedan en in het noorden heeft Nederland zich overgegeven. Deze beslissing zal ook gevolgen hebben voor de verdedigers van de VPA. De Belgische legerleiding besluit om het veldleger terug te trekken op een nieuwe defensieve lijn langs de as Terneuzen-Gent-Oudenaarde. Voorlopig moeten de eenheden van de VPA nog ter plaatse blijven.

I/32Li en II/32Li
Tijdens de nacht en in de loop van de ochtend van 16 mei worden opnieuw meerdere patrouilles uitgestuurd. Rond 06u10 wordt een vliegtuig neergehaald op het vliegveld van Brasschaat. Het blijkt een Duits vliegtuig te zijn. Het wrak ligt echter op zo’n 1.200 meter voor het fort van Brasschaat en de Belgische artillerie komt tussenbeide om het te vernietigen. De Duitsers vorderen intussen naar het schietveld van het Kamp van Brasschaat ten noordoosten van de anti-tankgracht en worden daar om 14u00 gesignaleerd. Een 20-tal Duitsers bewegen zich van de stallen naar de bakkerij van het kamp van Brasschaat en bezetten deze gebouwen een half uur later. De Belgische artillerie vuurt op het zuidwesten van het vliegveld van Brasschaat vanaf 15u00. Na het vallen van de duisternis wordt omstreeks 22u45 de Redoute van Kapellen door de vijandelijke artillerie gebombardeerd. De Duitse kanonnen hebben zich opgesteld op de Polygoon van Brasschaat en vuren vanaf 23u15 op de linies van het 32Li.

Het Fort van Brasschaat gaat even later in tactisch alarm. Waarnemers melden er troepenbewegingen langs de spoorweg en langs de hangars van de Polygoon. De 7de Compagnie en de schuilplaatsen A12 en A12bis komen net voor middernacht onder vuur te liggen. De zenuwen van de manschappen zijn extreem gespannen en de vermoeidheid is zichtbaar, temeer daar de aanvallen van de Luftwaffe blijven verder duren.

Frontlijn voor de 13Div op 17 mei omstreeks 21u30 (projectie op recente kaart).

Staf/32Li
Later op de dag besluit de Belgische legerleiding om Antwerpen niet langer te verdedigen en de troepen te laten terugtrekken tot de lijn Terneuzen-Gent-Oudenaarde. Om 17u00 roept Kolonel Desmet dan ook de bataljonscommandanten op de commandopost van het regiment. Ze ontvangen er een terugtrekkingsorder. Materieel, munitie, gevechtswagens en bepaalde zware wapens (die van het fort Brasschaat inbegrepen) worden naar achter teruggetrokken.

I/32Li en II/32Li
Wat later tijdens de nacht van 16 op 17 mei wordt vanaf 03u30 het Fort van Brasschaat nu ook gebombardeerd door obussen van groot kaliber. Om 09u30 installeren Duitsers mitrailleurposten zich voor het Fort van Brasschaat en verschansen zich in de omliggende huizen. De compagniecommandant van de 6de Compagnie wordt aangeduid als commandant van de achterhoede van het regiment: elke compagnie in eerste lijn zal twee gevechtsgroepen achterlaten om de terugtocht van de rest van het regiment te dekken. Volgens plan moet het gros om 23u00 vertrekken, de achterhoede om 24u00.

Om 19u00, nog voordat de troepen kunnen vertrekken, ontketent de vijand artillerievuur op de stellingen van het eerste echelon. Het artillerievuur wordt met luchtbombardementen verlengd in de diepte. Verschillende dennenbossen vatten vuur. Na de vuurvoorbereiding die ongeveer een uur duurde volgt er rond 20u00 een infanterieaanval. De vijand slaagt erin voet te zetten op de westelijke oever van het anti-tankkanaal ter hoogte van de rechterflank van de 6de Compagnie. De Duitsers worden er in bedwang gehouden. Het achterste peloton van de 5de Compagnie wordt in de flank aangevallen door Duitsers die door de linies van de rechterbuur (het 33Li) zijn gedrongen. Om 21u38 wordt gemeld dat de 1ste Compagnie aangevallen wordt langs de spoorweg, maar weerstaat. Het bos tussen de spoorweg en Siberia vat vuur. Ook het bos achter de 2de Compagnie schiet in brand door het gebruik van brandbommen.

Rondom 22u00 wordt de situatie snel ernstiger. In de middenondersector van 33Li wordt het gehucht Driehoek bezet door de Duitsers. Alle telefoonlijnen gebruikt door het 32Li worden verbroken. Een zeer verwarde situatie ontstaat door een gebrek aan inlichtingen, ondanks het sturen van lopers en estafetten. Om 23u00 begint zoals gepland de terugtocht onder dekking van de gevechtsgroepen die op post blijven tot 24u00. De mars zal verlopen via de Schijnbrug, Onderwijsstraat en Handelsstraat tot aan de Singel. Vervolgens zal via de Brederodestraat naar Hoboken verder getrokken worden om hier via de militaire bootbrug de Schelde over te steken.

Er volgt een lange en pijnlijke mars naar Haasdonk. Verschillende mannen kunnen niet meer volgen door oververmoeidheid na de lange en zware eerste oorlogsweek. Er zijn ondertussen reeds verschillende bruggen opgeblazen. De vijand wordt door de achterhoede in bedwang gehouden en de achterwacht kan zonder grote moeilijkheden afhaken. De vijand opent het vuur en lanceert ook vuurpijlen, maar achtervolgt niet. Ze stellen zich tevreden met artillerievuur op de kruispunten.

Staf/32Li
Naast Haasdonk betrekt het regiment diverse kantonnementen rond de gehuchten Luiseek, Ster, Krekel en Vossekot.

Achterwacht/32Li
Tussen 07u00 en 08u00 bereikt de achterhoede dezelfde brug te Hoboken. Deze achterhoede is ondertussen aangedikt door meegetrokken achterblijvers. Na hun overtocht wordt de brug opgeblazen. De achterhoede vervoegt eveneens Haasdonk.

Staf/32Li
De 13de Infanteriedivisie trekt tijdens de nacht van 18 op 19 mei verder door het Waasland. Het 32Li bereikt het dorp Wippelgem en wordt hier overdag ingekwartierd. Het paardengerij wordt te Wachtebeke ondergebracht. Het Belgische verdedigingsplan voor het Kanaal Gent-Terneuzen neemt zijn definitieve vorm aan. In het noorden bewaakt de 1ste Cavaleriedivisie de sector rond Terneuzen. In het centrum zal worden bemand door het Vde Legerkorps met de 17de en 6de Infanteriedivisies. Het zuidelijke deel van het kanaal is voor rekening van het IIde Legerkorps met de 13de en 11de Infanteriedivisies.

Initiële opstelling voor de verdediging van de lijn Terneuzen-Gent-Oudenaarde.

Staf/32Li
De 13de Infanteriedivisie wordt doorgestuurd naar de hen toegewezen posities aan het Kanaal Gent-Terneuzen en zal de sector tussen Zelzate en Terdonk innemen. De divisiecommandant, Generaal Duthoy, verdeelt de eenheden in zijn sector. Langsheen de kanaaloever wordt de noordelijke ondersector bezet door het 33Li die er het eerste en het tweede echelon van de divisie bemannen. De zuidelijke ondersector is voor rekening van het 32Li. Op het derde echelon van de divisie worden initieel twee bataljons van het 34Li opgesteld op de as langsheen de Rostenbeek, Wachtebeek, Avrijevaart en de Burggravenstroom. De divisiestaf installeert zich aan de Singel te Evergem.

De posities worden later op de dag herschikt en de drie infanterieregimenten worden op één lijn opgesteld. Het 32Li en 34Li plaatsen twee van de drie bataljons op het eerste echelon. Het nog uit twee bataljons bestaande 32Li kan slechts de helft van zijn overgebleven troepen aan de kanaaloever opstellen. De divisie krijgt nu het IVde Bataljon zware wapens van het 14Li in steun. De regimenten ontvangen ook een aantal C47 anti-tankkanonnen en T13 tankjagers van andere divisies.

Staf/32Li
Tot de late middag blijft alles rustig aan het kanaal. Andere Belgische eenheden voeren patrouilles uit aan de oostelijke oever van het kanaal, maar het 32Li werkt zo snel mogelijk verder aan haar stellingen. Rond 18u00 trachten de Duitsers in Terdonk in rubberbootjes het kanaal over te steken, maar de aanval loopt op een sisser uit en de Duitsers druipen af. Ook bij Zelzate bereikt een aanvalspoging geen resultaat. De vijand beslist een pauze in te lassen van 48 uur om bijkomende eenheden de tijd te gunnen om naar het kanaal op te trekken teneinde met een methodische aanval de Belgische linies te doorbreken.

Ondanks het Belgische succes, breekt er toch paniek uit in de rangen van de 13de Infanteriedivisie. Bij de Duitse poging om in Terdonk het kanaal over te steken, gaan heel wat soldaten van het 33Li en 34Li er van door, alhoewel er voor hun eigen loopgrachten niks gebeurt en er geen vijand te zien is. Kolonel De Waele van het 34Li tracht de vluchtelingen te laten tegen houden, maar al spoedig blijven in de meeste stellingen slechts een handvol militairen over. Ook bij het 33Li kan men de vlucht niet stoppen en blijven van enkele compagnies slechts een 50-tal militairen over.

Die avond verkrijgt de 13de Infanteriedivisie versterking van het 37Li, maar deze troepen liggen nog aan onze kust en zullen pas tijdens de nacht van 21 op 22 mei arriveren. Na de aankomst van het 37Li worden de linies opnieuw bemand. De sector wordt verdeeld onder het 32Li en het 37Li, terwijl de restanten van het 33Li en 34Li samengevoegd worden tot een enkel regiment dat veiligheidshalve in reserve wordt geplaatst. Vanaf die nacht verloopt de verdere geschiedenis van beide eenheden op identieke wijze.

Staf/32Li
Langs de ganse lengte van het Kanaal Gent-Terneuzen is er slechts sporadisch contact met de Duitsers. In de noordelijke sector hebben Belgische patrouilles vijandelijke troepen gespot in de regio van Axel. In de zuidelijke sector bereikt een verkenningspatrouille van het 29Li het dorp Desteldonk. Helemaal in het zuiden drijft de 10e Infanteriedivisie van de Jagers te Voet de Duitse infanterie zonder veel moeite. Het 32Li werkt zo snel mogelijk aan het verstevigen van de stellingen.

Staf/32Li
Tijdens de voormiddag sturen de Belgen een tiental patrouilles over het kanaal. Elementen van het 1Cy en 3Cy stoten op de Duitsers te Terneuzen.

Om 10u30 opent de Duitse artillerie het vuur en vrijwel onmiddellijk beginnen de Belgen slachtoffers te incasseren.

Omstreeks 13u00 begint de infanterieaanval met rubberbootjes. Er wordt op twee punten een oversteekpoging ondernomen. In de noordelijke aanvalssector worden de troepen van de Duitse 256ste infanteriedivisie na een oversteek te Zelzate tot staan gebracht door het 2Cy en het 2G. De Duitsers kunnen er evenwel toch enkele kleine bruggenhoofden in handen houden.

In de zuidelijke sector wordt de spits van de Duitse 208ste divisie na een oversteek ter hoogte van Rieme aanvankelijk tot staan gebracht. De vijand slaagt er later op de middag toch in om de posities van het 37Li verder binnen te dringen en het regiment zonder al te veel moeite onder zware druk te zetten. Rond 14u30 reeds wordt het regiment van de kanaaloever weggedrukt. Hierdoor worden de noordflank van het 32Li en de zuidflank van het 2G bedreigd. Het I/32Li krijgt het héél moeilijk. Majoor Gerling wordt er gedood en hun 1ste Compagnie gaat verloren. De 2de Compagnie kan de opmars vertragen en met hulp van II/32 Li wordt de aanval gestopt.
Het 2G beschikt niet over een reservemacht en dreigt eveneens de kanaaloever te verliezen.

Staf/32Li
Tijdens de nacht verlaat het 32Li samen met de rest van de 13de infanteriedivisie het kanaal en begeeft zich over het Afleidingskanaal van de Leie. De 13de Infanteriedivisie gaat in reserve en wordt in de buurt van Beernem naar nieuwe kantonnementen gestuurd. De artillerie van de divisie wordt doorgestuurd naar eenheden aan het front. De gevechtswaarde van de divisie is zodanig afgebrokkeld dat de eenheden niet meer aan het front zullen ingezet worden. Het 32Li zal aanvankelijk te Sint-Joris Distel ingekwartierd worden.

Staf/32Li
Het 32Li dient na de nederlaag aan het Kanaal Gent-Terneuzen gereorganiseerd te worden. De compagnies en bataljons worden herschikt ter compensatie van de aan het kanaal geleden verliezen.

Rondom 14u00 ontvangt het regiment het bevel zich klaar te houden voor een nieuwe verplaatsing. Het 32Li zal naar Veldegem gestuurd worden. De eenheden zetten zich op weg vanaf 17u30.

Het 32Li komt aan te Veldegem vanaf 00u30. De laatste detachementen komen twee uur later toe. De rest van de dag wordt gerust.

Even na middernacht wordt het 32Li doorgestuurd naar Westkerke.

De overblijvende eenheden bevinden zich tijdens de ochtend rondom Westkerke ten oosten van Gistel en vernemen daar het nieuws van de capitulatie.

Na de capitulatie

Slachtoffers

 

Bibliografie en Bronnen

  1. Achtergrondinformatie betreffende Soldaat Guillaume Maes verwond op 23 mei en later overleden aan zijn verwondingen. [On Line beschikbaar]: https://denbelgischepiot.jimdo.com/een-eerbetoon/ [Laatst geraadpleegd 14 november 2017]
  2. En 1940 le 121e régiment d’infanterie fait partie de la 25e Division d’infanterie motorisée est rattachée au 1er Corps d’Armée qui est intégré à la VIIe armée du général Giraud. Région Militaire, Centre Mobilisateur d’infanterie, CMI 133 Montluçon.