2de Linieregiment

Situatie op 10 mei 1940

Reglementaire benaming 2de Linieregiment | 2ème Régiment de Ligne | 2Li
Type Infanterieregiment van het actieve leger
Ontdubbeld van n.v.t.
Taalstelsel Nederlandstalig
Onderdeel van 12de Infanteriedivisie
Bevelhebber Kolonel SBH P. Devloo
Standplaats Versterkte Positie Antwerpen
Sector Kanaal van Turnhout – Massenhoven
Commandopost te Schilde
Samenstelling I Bataljon (Majoor M. Lardinois) 1ste Compagnie Fuseliers (OLt A. Van Petegem)
2de Compagnie Fuseliers (Cdt G. Van Hulse)
3de Compagnie Fuseliers (Cdt A. Van Den Driessche)
4de Compagnie Mitrailleurs (Kapt A. Willems)
II Bataljon (Majoor M. Milcamps) 5de Compagnie Fuseliers (OLt E. Blomme)
6de Compagnie Fuseliers (Lt R. Bertin)
7de Compagnie Fuseliers (Cdt R. Rullaert)
8ste Compagnie Mitrailleurs (Cdt G. De Groote)
III Bataljon (Majoor A. Haus) 9de Compagnie Fuseliers (Cdt Ch. ‘t Sjoen)
10de Compagnie Fuseliers (Lt Ch. Baetse)
11de Compagnie Fuseliers (Kapt A. Papillon)
12de Compagnie Mitrailleurs (OLt C. Gob)
IV Bataljon (Luitenant-kolonel R. Timperman) 13de Compagnie Mitrailleurs (Cdt Cesar Ernalsteen)
14de Compagnie Anti-Tankkanonnen C47 (Cdt F. Brunain)
15de Compagnie Mortieren M76 (Lt M. Scheire)
Stafcompagnie (Luitenant A. Destanberge)
Geneeskundige Compagnie (Geneesheer Luitenant A. Feron)
Peloton Verkenners (Onderluitenant H. Hermans)

Tijdens de mobilisatie

De 12de infanteriedivisie maakt deel uit van de Versterkte Positie Antwerpen en bemant de oostelijke sector tussen de oude pantserforten en de nieuw aangelegde anti-tankgracht in de Voorkempen.

Het divisiehoofdkwartier staat opgesteld in het oude Fort 2 te Wommelgem.

Kort na middernacht alarmeert het Generaal Hoofdkwartier alle eenheden.

Ook bij het 2Li wordt tegen de ochtend iedereen op de gevechtsstellingen geplaatst. Het eskadron wielrijders van de divisie vertrekt naar haar alarmstellingen op de noordelijke oever van het Albertkanaal te Schilde en Oedelem.

Het 2Li neemt de centrale ondersector voor haar rekening en bemant posities tussen ‘s-Gravenwezel in het noorden en Schilde in het zuiden. De eerste twee bataljons liggen in eerste lijn met het IIde bataljon in het noorden en het Iste bataljon in het zuiden. Het IIIde bataljon bezet de tweede linie.

De bataljons van het eerste echelon krijgen het tactisch bevel over de Speciale Vestingseenheden die zich binnen hun kwartieren bevinden. Zo zal Majoor Milcamps van het IIde bataljon ook de 10de compagnie van het fort van ‘s-Gravenwezel bevelen, en krijgt Majoor Lardinois het bevel over de 11de compagnie van de schans van Schilde. Deze beide compagnies van de vestingstroepen bemannen in de beide bolwerken een aantal mitrailleurstellingen die als infanteriesteunpunt dienen te fungeren.

Vanaf de ochtend stromen Franse colonnes door de sector van de 12de infanteriedivisie. De eenheden behoren tot het Franse 7de Leger en zijn onderweg naar Nederland om er zoals afgesproken onze noorderburen bij te staan.

Het IVde legerkorps meldt aan de 12de infanteriedivisie dat de eerste troepen van de 18de divisie zich door hun sector zullen terugtrekken van hun afstoppingsopdracht aan het Verbindingskanaal Maas-Schelde.

Kolonel Devloo.

Het Franse 7de leger beslist om Nederland opnieuw te verlaten en de eerste hun troepen trekken opnieuw door de sector van de 12de divisie, maar dan wel in zuidelijke richting. Rond het middaguur wordt gemeld dat de Duitse voorhoeden te Sint-Lenaarts het Verbindingskanaal Maas-Schelde bereikt hebben.

Het gros van de 18de infanteriedivisie trekt nu door de Versterkte Positie Antwerpen en begeeft zich richting Deurne.

De Duitse opmars nadert langzaam maar zeker de vesting Antwerpen. De Belgische genie vernielt de bruggen op het eerste gedeelte van Verbindingskanaal Maas-Schelde en voert wegvernielingen uit op de invalswegen uit Turnhout. Als een der laatste geallieerde eenheden sukkelen de Franse 4de Dragons Portés over de vernielde kruispunten na hun terugtocht uit Oostmalle.

Het Groot Hoofdkwartier besluit tot het verlaten van Antwerpen en de K.W. Stelling. Het veldleger moet in drie nachtelijke etappes naar een nieuwe linie tussen Terneuzen, Gent en Oudenaarde. De 12de infanteriedivisie zal zich tijdens de tweede nacht terugtrekken.

Er wordt die middag een luchtlanding gevreesd en het regiment krijgt het 3de peloton van het eskadron wielrijders van de divisie in versterking voor het uitvoeren van anti-parachutistenacties.

Een infanterist legt aan met een FM30 licht machinegeweer.

Op het middaguur maken de troepen van het nabije 23Li contact met de vijand. Er breken vuurgevechten uit maar de vijand dringt niet aan om tot het Albertkanaal door te stoten, wetende dat een oversteek over de Nete zal plaatsvinden.

In voorbereiding van de aftocht, worden de Speciale Vestingseenheden van het fort van ‘s Gravenwezel en de schans van Schilde toegevoegd aan het 22Li. De Maxims van de vestingstroepen zullen de mitrailleurscompagnies van het Iste en het IIde bataljon versterken.

In de avond van 17 mei trekt het 2Li zich samen met de rest van de divisie terug naar Vlaanderen. Via Wommelgem, Borsbeek, Mortsel en Oude God marcheren de colonnes naar de Schelde. De stroom wordt hier via de door de Genie aangelegde noodbrug overgestoken.

De regimenten van de divisie komen aan in hun rustgebied op de linkeroever tussen Hoboken en de samenvloeiing van de Durme en de Schelde. Ook het 2Li bereikt haar nieuwe bestemming te Temse na een mars via Hemiksem en Bazel en Steendorp.

Om aan de aandacht van de Luftwaffe te ontsnappen wordt getracht om overdag zoveel mogelijk manschappen binnenshuis te laten blijven. De beschikbare zware mitrailleurs worden uitgezet langsheen de oever van de Schelde.

De 12de infanteriedivisie krijgt nog tijdens de nacht van 18 op 19 mei nieuwe orders: de divisie zal in reserve geplaatst worden achter het Afleidingskanaal van de Leie en zal er een sector rond Zomergem gaan bezetten. Het gros van de infanterie zal per trein in een ruk tot achter het kanaal gebracht. De overige eenheden moeten zich te voet verplaatsen.

Het 2Li marcheert tijdens de ochtend van Temse naar Lokeren om aldaar aan boord te gaan van enkele klaarstaande treinen. Het station wordt echter nog tijdens de inscheping gebombardeerd en de manschappen van het 2Li stuiven in alle richtingen uit elkaar om dekking te zoeken. Slechts later op de dag worden de eenheden zo goed mogelijk gehergroepeerd en te voet op weg gezet richting Gent. De meeste detachementen van het 2Li overnachten in en om het kasteel van Evergem.

Het 2Li marcheert van Evergem en de buurt van Gent naar haar nieuwe kantonnementen achter het Afleidingskanaal. De verschillende regimenten van de 12de divisie zullen kantonneren het gebied Zomergem-Hansbeke-Bellem-Ursel. Het 2Li concentreert zich rond Hansbeke en komt tijdens de loop van de namiddag aan. Talrijke manschappen hebben tijdens de verplaatsing echter het contact met hun regiment verloren.

Tijdens de conferentie van Ieper besluiten de geallieerden dat de Belgen zich zullen terugtrekken van de lijn Terneuzen-Gent-Oudenaarde. Er zal een nieuwe linie uitgebouwd worden over het Leopoldkanaal, het Afleidingskanaal van de Leie en de Leie zelf. Deze linie zal op 23 mei volledig moeten zijn. Het IIde legerkorps wordt met de 11de en 12de infanteriedivisies toegewezen aan het Afleidingskanaal van de Leie.

De manschappen van het 2Li krijgen een dag rust.

De 12de divisie vertrekt om haar nieuwe posities aan de oevers van het Afleidingskanaal in te nemen. Het 2Li verlaat tijdens de vroege ochtend haar kantonnementen en zet koers naar Ronsele. De rest van de dag wordt besteedt aan het aanleggen van veldversterkingen.

Het regiment bevindt zich nog steeds binnen de zone van ons IIde legerkorps dat verantwoordelijk wordt voor de verdediging van het gedeelte van het Afleidingskanaal van de Leie dat zich uitstrekt van de omgeving van Langestraat in het noorden tot het Kanaal Gent-Brugge in het zuiden. Deze zone is verdeeld in twee sectoren: de 12de infanteriedivisie verdedigt de noordelijke sector en de 11de infanteriedivisie de zuidelijke sector. Bij de 12de divisie worden het 23Li en het 2Li langsheen de kanaaloever geplaatst en krijgt het 22Li het tweede echelon toegewezen.
Het 2Li wordt verplaatst naar het nabije Zomergem. Na een korte mars van een tweetal Km graven de manschappen zich opnieuw in. De 12de infanteriedivisie heeft nu de sector van Veldekens tot Zomergem ingenomen. Ten noorden van Veldekens begint de zone van het Vde legerkorps. Ten zuiden van Zomergem sluit de 11de infanteriedivisie aan. Het 2Li bezet de volgende stellingen:

  • de commandopost van Kolonel Devloo staat opgesteld te Rijvers, op enkele honderden meters van Ronsele
  • het Iste bataljon heeft de linkerflank van het eerste echelon ingenomen en heeft zijn commandopost in de hoeve Sierens nabij Ronsele
  • het IIde batajon vormt het IIde echelon
  • het IIIde bataljon neemt de rechterflank van het eerste echelon voor zijn rekening rond Daalmen
  • de II/7A levert rechtstreekse vuursteun aan het regiment

De 12de Infanteriedivisie van Luitenant-generaal De Wulf bevindt zich nu aan het Afleidingskanaal tussen Veldekens en Ronsele. Het 2Li ligt op rechts, het 23Li op links. Van elk bataljon bevinden zich twee bataljons in de voorste vuurlinie. Het 22Li bezet het tweede echelon. De manschappen hebben zich de voorbije 36 uur op de nieuwe stellingen moeten ingraven en zijn bijzonder vermoeid.

Het 23Li wacht de Duitse aanval op het Afwateringskanaal af. Een eerste schuchtere poging van de vijand komt er in de vroege ochtend en al snel vallen de infanteristen onder vuur wanneer de vijandelijke infanterie een plaatselijke doorbraak proberen te forceren. De Duitsers maken echter geen aanstalten om het kanaal over te steken en trekken zich terug.

Het 2de Bataljon Genie bouwt daarop vier loopbruggen over het kanaal om elk bataljon in eerste lijn toe te laten om een uitkijkpost op de vijandelijke oever te bemannen. Ook voor het I/23Li en het III/23Li worden twee loopbruggen geworpen. Bij het IIIde bataljon is de 10de compagnie verantwoordelijk voor de uitkijkpost op de oostelijke oever.

Even na 10u00 opent de Belgische artillerie het vuur en anderhalf uur laten de IV/6A en de I/13A een dicht storingsvuur neerkomen op de uitvalswegen uit Eeklo. Het bombardement houdt de ganse dag aan.

Om 15u00 vetrekt bij het I/2Li een patrouille onder leiding van Korporaal Antoine Wancour en een viertal soldaten van de 3de compagnie over een van de loopbruggen in het kwartier van het bataljon. De patrouille wordt even later versterkt door een tweede detachement tot een goed dozijn militairen die nu samen de vijandelijke oever op het grondgebied van Waarschoot gaan verkennen. De patrouille wordt echter overvallen en slaagt er niet meer in het regiment op de hoogte te brengen van de hernieuwde Duitse opmars naar de kanaaloever. Korporaal Wancour wordt bij de schermutselingen getroffen en zal via Sleidinge en Kluizen uiteindelijk naar een hospitaal in Antwerpen afgevoerd worden.

Rond 17u00 steken te Ronsele soldaten van de Duitse 208ste infanteriedivisie via het loopbruggetje ten westen van Waarschoot de waterloop over. Ze overmeesteren de ploeg geniesoldaten die nabij hun vrachtwagens rondkuieren en hun wapens in de laadbak gedeponeerd hebben. Er vallen enkele schoten terwijl de vijand in steeds grotere getale het kanaal oversteekt.

Zowel de Duitse en Belgische infanteristen worden op de kanaaloever onder vuur genomen door de mitrailleurs van de 4de compagnie van het 2Li en er ontstaat enige paniek in eigen rangen. Na een korte strijd nemen de overvallers zonder veel moeite de sector van het I/2Li in.

Meer naar het zuiden toe slaagt het II/2Li slaagt er in de vijandelijke infanteristen tijdelijk tegen te houden.

De Duitse aanvallers zwenken richting noorden en bezetten al vrij vlug een strook grond van ongeveer 600 meter breed op de oude posities van het I/2Li en de rechterflank van het III/23Li. De 11de compagnie van Luitenant Van Besien is zwaar aangeslagen en dreigt het te begeven. Talrijke manschappen geven zich over en anderen vluchten weg.

Kolonel Dendal laat door het IIde bataljon van zijn regiment een nieuwe dwarsstelling opwerpen om de aanval in te dijken. Wanneer Dendal ontdekt dat een nu zo’n goeie kilometer van de kanaaldijk onbezet is, laat hij de 6de compagnie in de sector van het 2Li binnendringen om zoveel mogelijk terrein terug in Belgische handen te krijgen. De Duitsers klampen zich vast aan elke vierkante meter en de gevechten zullen de ganse nacht aanhouden.

Rond 18u30 wordt ook het eskadron wielrijders van de 12de divisie ingezet. De cyclisten hebben tijdens hun tocht naar het kanaal een achtergelaten T13 tankjager aan de praat gekregen en dit voertuig komt bij de gevechten goed van pas. Het eskadron zuivert de omgeving van de commandopost van het I/2Li.

Een goed uur later versterkt de divisie de tegenactie met het III/2Li. Dit bataljon slaagt er in om het gat te dichten tussen de commandopost van het I/2Li en de 3de compagnie van dit regiment dat nog steeds aan de kanaaloever standhoudt.

Omstreeks 04u15 wordt ook het I/22Li bij de tegenaanval gevoegd. De 9de compagnie van het 2Li ondersteunt dit bataljon. Pas tegen de morgen slagen de Belgen erin de kanaaloever te bereiken. De T13 neutraliseert verschillende Duitse mitrailleursnesten en vernietigt de voetbrug met zijn 47mm-kanon. De Duitsers zitten gevangen. Van de vijand geven 235 man, waaronder 5 officieren zich over en worden door de Belgen afgevoerd. De overwinningsroes verdwijnt snel wanneer de Duitsers later op de dag voldoende troepen aangevoerd hebben om een brede aanval langsheen het ganse kanaal te lanceren.

Na de succesvolle tegenaanval is de westelijke oever van het Afleidingskanaal van de Leie volledig gezuiverd van vijandelijke elementen en opnieuw in Belgische handen. De invaller wil echter al snel een tweede poging wagen en lanceert vanaf 10u30 een reeks intense luchtaanvallen op de Belgische linies. De Duitse artillerie begint een nieuw voorbereidend bombardement rondom 13u00. Het bombardement neemt om 16u30 sterkt toe en drie kwartier later volgt een nieuwe infanterieaanval.

Belgische krijgsgevangenen worden verzameld en afgeleid.

Met een dubbele oversteekpoging in de ondersectoren van het 23Li en het 2Li kan de Duitse infanterie al snel twee kleine bruggenhoofden uitbouwen. Daarbij worden enerzijds het II/23Li en de staf van het 23Li al snel met overrompeling bedreigd. Via de oversteek te Stoktevijver maken de Duitsers anderzijds contact met de 5de, 6de en 7de compagnie van het II/2Li.

De compagnies van het II/2Li worden al snel ingedeukt en moeten even voor 18u00 terrein prijs geven. Ook het III/2Li raakt betrokken bij de gevechten.

De 12de divisie werkt intussen aan een tegenaanval in de hoop de vijand terug over het kanaal te drijven. Het II/22Li krijgt het bevel een tegenaanval te ondernemen naar de stellingen van het 23Li via de as Most-Leischoot. Het III/22Li moet het 2Li gaan ontzetten met een tegenactie richting Ronsele en Soktevijver.

Rond 20u00 is de situatie bij het 23Li bijzonder verward: het is niet duidelijk of de tegenactie de vijand kan terugdringen en het 23Li wankelt op zijn stellingen. Ook het II/2Li is onder zware druk komen te staan. Het zuidelijke bataljon van het 2Li is daarentegen nog steeds meester van de meeste delen van de kanaaloever. Het 2Li bezet nog steeds zijn tweede echelon langsheen een bosrand zo’n kilometer ten oosten van Ronsele.

Het 2Li moet zich enigszins terugtrekken maar slaagt er toch in een deel van de kanaaloever te behouden.

Rond 10u00 vaardigt het IIde legerkorps nieuwe bevelen uit voor de terugtocht. De 12de divisie zal naar het gebied rond Den Hoorn ten westen van Knesselare gestuurd worden. De divisie zal voorlopig nier meer ingezet worden.

De 12de divisie is al snel in volle aftocht van het Afleidingskanaal. Het 2Li bezet nog enige tijd zijn ondersector tussen Ronsele en Zomergem. Alleen het III/2Li klampt zich nog vast aan zijn stellingen langsheen de kanaaloever. De andere infanterie-eenheden werden teruggedreven en bevinden zich op enige afstand van het kanaal.

Na de middag zet het regiment koers naar Straden en bereikt deze gemeente rond 17u00. Het III/22Li bevindt zich op gelijke hoogte.

Talrijke eenheden van de 12de divisie zijn echter volledig uiteengeslagen zijn uiteengeslagen en vluchten weg in kleine groepjes. Enkele detachementen van het 2Li komen terecht in de sector van de 11de Infanteriedivisie waar ook al allerlei eenheden door elkaar lopen.

Het 2Li bereikt tijdens de nacht van 27 op 28 mei de westrand van de baan van Ruddervoorde naar Torhout. De troepen houden hier halt en worden tijdens de ochtend op de hoogte gebracht van de Belgische overgave.

De overblijvers worden eveneens gevangen genomen en in de komende dagen en weken afgevoerd. Het regiment bestaat hoofdzakelijk uit Vlamingen die allen rond het jaareinde weer vrijkomen en gedemobiliseerd worden.

Na de capitulatie

Slachtoffers

 

Bibliografie en Bronnen

  1. Kapitein-commandant Cesar Ernalsteen, compagniecommandant van de 13Cie Mitrailleurs overleed op 01 juni aan eerder opgelopen verwondingen in het Militair Reserve Hospitaal Nr 33 dat zich in de Abdij van Zevenkerken te Sint-Andries (nabij Brugge) bevond. Hij ligt nog steeds begraven op het militair ereperk vlakbij de Abdij.