24ste Bataljon Genie

Situatie op 10 mei 1940

Type Geniebataljon
Ontdubbeld van 2de Regiment Genie
Onderdeel van IIde Legerkorps
Bevelhebber Majoor A. De Ridder
Standplaats
Samenstelling 1ste Compagnie (Luitenant SBH J. De Waet) Begijnendijk
2de Compagnie (Luitenant P. Lelubre) Begijnendijk
3de Compagnie (Luitenant W. Brou) Heist-Goor
Compagnie Park (Luitenant P. Baetsle)

Tijdens de mobilisatie

1ste Compagnie
De 1ste compagnie kantonneert te Begijnendijk en wordt op de eerste oorlogsdag naar Leuven gestuurd voor het uitvoeren van terreininnundaties in de sector van de 10de Infanteriedivisie.

3de Compagnie
De 3de compagnie verblijft te Heist-Goor. Bij het alarm vertrekt een eerste detachement onder leiding van Luitenant Schodts naar een reeks voorbereide vernielingen op de noordelijke oever van het Albertkanaal rond Geel. Dit detachement wordt even later gevolgd door een tweede peloton onder Luitenant Boudewijn dat tot taak heeft om de nodige openingen in de aangelegde mijnenvelden te gaan maken voor de operaties van het leger en eveneens een aantal voorbereide vernielingen te gaan bemannen.

1ste Compagnie
De compagnie is aangekomen te Leuven. Er wordt gewerkt aan het blokkeren van duikers en sluizen op de Dijle en zijn bijriviertjes.

3de Compagnie
Het peloton van Luitenant Boudewijn werd teruggeroepen naar Rillaar en uitgestuurd naar Aarschot voor het aanleggen van vernielingen.

1ste Compagnie
De compagnie blijft aan het werk rond Leuven.

1ste Compagnie
De compagnie blijft aan het werk rond Leuven. De sector Leuven wordt overgedragen aan de Britse 3rd Division en de Belgische genie staakt zijn werkzaamheden.

3de Compagnie
Het peloton van Luitenant Boudewijn keer terug naar Heist-Goor.

1ste Compagnie
De compagnie blijft in zijn kantonnementen te Leuven en wacht verdere instructies af. Die komen er niet.

3de Compagnie
De compagnie voert een hele reeks aangelegde vernielingen uit. Het peloton Boudewijn is actief bij het opblazen van talrijke springladingen in de streek van Westerlo.

1ste Compagnie
Luitenant De Waet krijgt het bevel om zijn manschappen naar Kapelle-op-den-Bos over te brengen. De eerste etappe te voet brengt de compagnie tot in Vilvoorde waar de militairen overnachten.

3de Compagnie
De compagnie verlaat Heist-Goor en marcheert via Mechelen naar Kapelle-op-den-Bos.

1ste Compagnie
De compagnie bereikt Kapelle-op-den-Bos. Luitenant SBH De Waet wordt aangeduid voor een nieuw commando en wordt vervangen door Luitenant Marot van het 1ste peloton.

1ste Compagnie
De compagnie begeeft zich naar Ruisbroek op bevel van Luitenant-generaal Michelet, chef van de Directie der Genie en Fortificatieën. De compagnie dient er het Bataljon Pontonniers bij de staan bij het afwerken van de noodbrug over de Rupel. Deze brug zal niet tijdig relealiseerd worden.

3de Compagnie
De compagnie wordt aangeduid voor het vernielen van de bruggen over de Dijle rond Battel en Mechelen bij de terugtocht van het veldleger van de K.W. Stelling naar het westen. De opdracht is niet zonder risico omdat de eerste Duitse troepen zich reeds in de omgeving bevinden.

1ste Compagnie
De compagnie wordt teruggetrokken uit Ruisbroek en dient te Dendermonde de Schelde over te steken. De brug is hier echter reeds vernield door de genie en de manschappen moeten een omweg maken via de nog intacte brug van Temse. Luitenant Marot heeft geen enkele idee over de nieuwe standplaats van zijn bataljon en zal in de komende tien dagen samen met zijn manschappen doelloos rondtrekken in Oost- en West-Vlaanderen op zoek naar het 24Gn.

De compagnie belandt uitendelijk in Poperinge en wordt van hier uit doorgestuurd naar Cassel in Noord-Frankrijk. De tocht loopt dan verder naar Saint-Omer en Rouen. Uiteindelijk kantonneren de manschappen te Conches.

1ste Compagnie
De 1ste compagnie bevindt zich nog steeds te Conches nabij Rouen. Op de dag van de overgave worden de ongeveer 300 manschappen doorgestuurd naar Bouchemanie nabij Angers.

2de Compagnie
De 2de compagnie maakt op 29 mei een inventaris van de overgebleven manschappen en uitrusting op:

  • er zijn nog 2 officieren, 3 onderofficieren, 2 korporaals en 3 soldaten aanwezig
  • de compagnie beschikt nog over 76 Mauser geweren en 1,900 patronen
  • het wagenpark bestaat uit
    • een personenwagen merk Imperia met nummerplaat Z07878 en opgevorderd bij de boerderij van de heer M. Karels
    • een Chevrolet vrachtwagen met nummerplaat Z08587 met veldkeuken
    • een Ford V8 vrachtwagen met nummerplaat R2543 met magazijnaanhangwagen
  • telkens één zender-ontvanger type E.R.M model 36, type E.R.M model 24 en E.R.P. model 36
  • een elektrogeengroep voor het laden van batterijen
  • 32 accu’s van 40 volt, 81 accu’s van 4 volt en 43 accu’s van 6 volt
  • één enkele telefoontoestel

Na de capitulatie

Slachtoffers

 

Bibliografie en Bronnen