Vde Groep (Battice)

Situatie op 10 mei 1940

Type Fortenartillerie
Ontdubbeld van n.v.t.
Taalstelsel Franstalig
Onderdeel van Vestingsregiment van Luik
Bevelhebber Majoor A. Bovy
Standplaats Commandopost op het Fort van Battice
Samenstelling 1ste Batterij Fort van Battice (Kapitein-commandant Fichefet) Koepel A Noord met 2 X C75mm
Koepel B Noord met 2 X C120mm
Koepel B Zuid met 2 X C120mm
Blok IV met 2 X C75mm
Blok VI met 2 X C75mm
2de Batterij Fort van Battice (Kapitein Vanderkam) Blok I met 1 X C60mm ATk, 1 X zware Mi, 1 X FN Coax
Blok II met 2 X C60mm ATk, 2 X zware Mi
Blok III met 3 X MG koepel, 2 X zware Mi
Blok IV met 2 X MG koepel,
Blok IV-CE (Contre Escarpe) 1 X zware Mi
Blok V met 1 X MG koepel, 1 X zware Mi, 1 X FN Coax,
Blok VII met 3 X MG koepel, 2 X zware Mi
Blok NE met 1 X MG koepel
Blok BE met FN Coax
Fortin Jonckay met 1 X MG koepel en een telescopische luchtinlaat
Fortin Waucomont met 1 X koepel FN, 1 X koepel MG, 2 X FN Coax en een telescopische luchtinlaat
Detachement Liaison en Observatie Bunker MM12
Bunker MN29
Bunker MM305
Bunker VM23

Tijdens de mobilisatie

Staf/Vde Groep
De Vde Groep bemant het fort van Battice en maakt deel uit van het Vestingsregiment van Luik (oftewel Régiment de Forteresse de Liège – RFL). Het Vestingsregiment van Luik werd tijdens de jaren 30 opgericht met als doel de bemanningen te leveren voor de forten van de Versterkte Positie Luik (Position Fortifiée de Liège oftewel PFL). De Versterkte Positie Luik bestaat uit vier verdedigingslinies. Het verst buiten de stad ligt de PFLI-linie over een lengte van ongeveer 50Km tussen Visé en Comblain-au-Pont met de drie nieuwe forten Aubin-Neufchâteau, Battice en Tancrémont. Het fort van Battice werd gebouwd tussen 1934 en 1939 en ligt ten oosten van Luik. Het fort ligt binnen schootsbereik van de forten Aubel-Neufchâteau, Tancrémont, Evegnée, Fléron en Barchon. Het bolwerk is gebouwd op een heuvelrug tussen Verviers en Aubel en bevindt zich op 15 km van de Duitse grens.

Tussen de forten van de PFLI-linie werden 179 betonnen bunkers gebouwd. De bunkers zijn ingedeeld in zeven sectoren die worden aangeduid met twee letters, de beginletters van de gemeentes die de sector begrenzen. Het fort van Battice ligt in de sector Manaihant – Les Margarins (MM) ten zuiden van de sector Les Margarins – Neufchâteau (MN). De lettercode wordt ook gebruikt bij de nummering van de bunkers tussen de forten. Enkele van deze bunkers zijn uitgerust met een stalen observatiekoepel van waaruit voorwaartse waarnemers vijandelijke troepenverplaatsingen kunnen observeren en doorgegeven aan de schootsburelen van de forten. De observatieposten van het fort van Battice zijn met het schootsbureel verbonden via ondergrondse telefoonlijnen [5]. De meeste andere bunkers die zich tussen de forten bevinden worden niet bezet door het veldleger waardoor het fort enigszins geïsoleerd buiten de feitelijke verdedigingslinie ligt. Tussen het fort en de Belgisch-Duitse grens bevinden zich enkel het 1ste Regiment Grenswielrijders (1CyF) en het 1ste Regiment Lansiers (1L) die er alarmposten en een Vooruitgeschoven stelling bezetten. Het IIde Bataljon van 1CyF heeft trouwens zijn commandopost ondergebracht in Battice en staat in verbinding met het fort.

Situering van de Vde Groep van het RFL op de PFLI-linie.

Het centrale gedeelte van het fort is een vijfhoek die langs vier zijden omgeven is door een anti-tankgracht. Langs de zijde van spoorlijn 38 was geen gracht voorzien. Het fort heeft een bezetting van ongeveer 911 manschappen (20 officieren, 102 onderofficieren en 789 brigadiers en soldaten). Het fort van Battice beschikt over twee ingangen, de vredestijd ingang via Blok E (BE) en de oorlogstijd ingang via Waucomont, een 1000-tal meter verwijderd van het centrale gedeelte van het fort [3]. Het grootste gedeelte van het fort ligt 30 meter onder grond. Alle 15 bunkers zijn via een ondergronds gangenstelsel (oftewel galerijen) met elkaar verbonden evenals met een ondergrondse kazerne. De gemobiliseerde artilleristen worden tijdens de mobilisatie hoofdzakelijk gebruikt voor werkzaamheden ter versteviging van de buitenperimeter. Zij werden hierbij geholpen door een klein detachement van het 3de Bataljon Genie (3Gn) bestaande uit een tiental manschappen bevolen door Sgt Maréchal. Het detachement van 3Gn is verantwoordelijk voor het uitvoeren van diverse geniewerken in de onmiddellijke omgeving van het fort. Het fort is ook verantwoordelijk voor het bewaken en indien nodig het laten springen van enkele voorbereidde vernielingen (op het hindernissenplan aangeduid met BAT gevolgd door een nummer). De medische dienst heeft eveneens een detachement van 17 dokters en verplegers aan het fort toegewezen.

Het fort beschikt over vier observatieposten in betonnen bunkers en één observatiepost in het fort zelf die bemand worden door het Detachement Liaison en Observatie (DLO):

  • MM12 in een veld op ongeveer een kilometer ten noorden van het fort [7];
  • MN29 nabij het Croix de Charneux, de OP wordt bevolen door WM Servais;
  • MM305 nabij een hoeve langs de weg Hautregard te Chaineux, bevolen door WM Xhonneux;
  • VM23 aan het einde van Rue des Snacs te Grand-Rechain, bevolen door WM Van Reye
  • Koepel Blok V op het fort.

Daarnaast worden nog OP’s ingericht op ad hoc locaties door mobiele DLO ploegen

  • OP “Maison Grise”
  • twee mobiele DLO ploegen
  • ploeg DLO in steun van II/1CyF

Verschillende sectoren van de PFLI-linie ten oosten van Luik.

Op 09 mei brengt Kolonel Modard, commandant van het Vestingsregiment Luik, tesamen met Cdt Gobert, zijn Adjudant-majoor, nog een blitsbezoek aan het fort tussen 21u45 en 23u00. De commandovoering van het fort is slechts gedeeltelijk verzekerd. De Groepcommandant, Majoor Bovy bevindt zich met ziekenverlof in het militair hospitaal van Luik en de tweede in bevel, Cdt Guéry, is op schietkamp in Helchteren. Het fort wordt tijdelijk bevolen door Cdt Fichefet.

1Bij/Vde Groep
De 1ste Batterij (1Bij/Vde Groep) bemant de artilleriestukken en is dan ook belast met de hoofdopdracht van het fort. De belangrijkste vuurkracht van het fort wordt geleverd door twee koepels (Koepel B Noord en Koepel B Zuid) uitgerust met twee kanonnen 120mm die een reikwijdte hebben van 17,5 kilometer en tot 2 kilometer ver in Duitsland kunnen vuren. De koepels zijn draaibaar en kunnen een volledige cirkelomtrek beslaan. Vervolgens bezet de batterij drie kleinere koepels (Koepel A Noord, Blok IV en Blok VI) telkens uitgerust met twee 75mm snelvuurkanonnen die 11 kilometer ver schieten. Deze geschutskoepels, een ontwerp van de Fonderie Royale des Canons (FRC), kunnen niet alleen 360° draaien maar kunnen ook verticaal bewegen en worden enkel uitgeschoven indien gevuurd moet worden. De 75mm kanonnen kunnen ook geladen worden met kartetsen (obussen gevuld met schroot) waarmee ze de volledige superstructuur van het fort kunnen bestrijken. De 1ste Batterij wordt bevolen door Cdt Fichefet.

2Bij/Vde Groep
De 2de Batterij (2Bij/Vde Groep) bestaat uit een 200 tal manschappen en levert het ondersteunend personeel (nabije verdediging, koks, administrateurs, medisch personeel en herstellers). Sommige diensten zoals onder meer de administratie zijn, omwille van de slechte werkomstandigheden in het fort, ondergebracht in drie houten barakken net ten zuiden van het fort. Bij alarm verplaatsen zij zich telkens naar het fort en maken hierbij gebruik van een soort ondergrondse tunnel met aan de ene kant een glijbaan en aan de andere kant een trap (naar het geheel werd verwezen als de ‘Tobogan’). Om de vijand buiten het centrale gedeelte van het fort te houden is het fort omgeven door een 15 meter brede anti-tankgracht die langs de buitenzijde is afgeboord met een muur (ook Contre Escarpe (CE) genoemd). De 2Bij levert de bemanningen voor de Blok I, Blok II, Blok III, de Blok IV, de Blok IV CE, de Blok V en de Blok VII die zijn uitgerust met machinegeweren die de volledige gracht onder vuur kunnen nemen. Deze blokken zijn bovendien voorzien van schijnwerpers om ook bij nacht vijandelijke infiltraties tegen te houden. Het glacis kan onder vuur gehouden worden door machinegeweren vanuit stalen klokken die op het dak van de blokken staan. Blok I en II zijn ieder uitgerust met 60mm anti-tankkanonnen om tanks te kunnen stoppen die langs de spoorweg proberen te infiltreren. De Sectie MiAA (Sectie Mitrailleurs Anti-Aircraft oftewel Section Mitrailleurs Contre-Avion – Mi CA) van de 2Bij bestaat uit twee ploegen, één ploeg staat opgesteld tussen Blok E en Blok II, de tweede ploeg staat opgesteld te Waucomont nabij de oorlogsingang van het fort. De 2de Batterij wordt met ijzeren hand bevolen door Kapitein Vanderkam.

Detachement Guéry/Vde Groep
Cdt Guéry, tweede in bevel van het fort, is aan de vooravond van de oorlog met een detachement van het fort op schietkamp in Helchteren. Bij het detachement bevinden zich ook Kapitein Vanderkam, batterijcommandant van de 2de Batterij, Luitenant Barthélemy samen met nog vijf andere officieren, een groot aantal onderofficieren, enkele observatieploegen en het nodige verbindingspersoneel. Het detachement Guéry maakt deel uit van een groter detachement van het Vestingsregiment van Luik onder de leiding van Luitenant-kolonel Scohy.

Elementaire schets met de ligging van de blokken van Fort van Battice.

Staf/Vde Groep
Om 00u35 wordt het fort telefonisch op de hoogte gebracht van het alarm. Adjudant KROLt Duvivier die tijdens de nacht van 9 op 10 mei van permanentie is op de CP van het fort brengt het fort even na middernacht in staat van alarm. Slechts enkele officieren zijn op dat ogenblik in het fort aanwezig onder hen Cdt Fichefet, de Luitenanten Tiquet, Leclercq en Renaux en de Adjudanten KROLt Duvivier en Doultrepont.
De manschappen nemen de ondergrondse stellingen in en tegen 01u00 zijn alle koepels bemand en klaar tot vuren. Majoor Bovy vervoegt het fort rondom 04u30vanuit het Militair Hospitaal van Luik waar hij eerder was opgenomen met hartklachten. Op hetzelfde ogenblik trekken de eerste detachementen van het 1CyF in georganiseerde slagorde voorbij het fort.

Om 05u00 geeft de Staf van het RFL bevel om de voorbereide vernielingen BAT te laten springen, Lt Renaux begeeft zich per moto ter plaatse om de correcte uitvoering van de vernielingen te inspecteren. Eveneens om 05u00 komen de kanonnen van het fort een eerste keer in actie. Omstreeks 06u00 wordt Maj Bovy getroffen door een hartaanval en overlijdt in de commandopost van het fort. Cdt Fichefet neemt opnieuw het commando van het fort over tot Cdt Guéry rond 06u45de CP vervoegt. Om 08u00 geeft de staf het bevel om de schootssectoren te ruimen waarna patrouilles worden uitgestuurd om meerdere hoeves en huizen in de onmiddellijke omgeving van het fort in brand te steken. Omstreeks 10u30 worden alle niet strikt noodzakelijke manschappen gegroepeerd en naar het rustkantonnement te Vaux-sous-Chèvremont gestuurd waar zich het reservegarnizoen bevindt. Het detachement moet er een derde aflossingsploeg vormen. Rondom 11u00 worden de eerste vijandelijke verkenners opgemerkt rond het fort. Wanneer zich in de namiddag enkele mankementen voordoen in de koepels 75mm wordt beroep gedaan op specialisten van de FRC om het euvel te verhelpen, maar die moeten rond 16u00 onverrichter zake terugkeren. Even na 17u00 zit de dekkingsopdracht van het 1CyF erop en Majoor Hermand, commandant van II/1CyF, laat het fort weten dat zijn commandopost naar de westelijke Maasoever verplaatst wordt.

Naar aanleiding van de vijandelijke doorbraak bij Vroenhoven en Veldwezelt in de sector van de 7de Infanteriedivisie ten noorden van Luik, wil het Groot Hoofdkwartier (GHK) de omsingeling van de Versterkte Positie Luik voorkomen en geeft om 20u00 het bevel om de oostelijke oever van de Maas versneld te ontruimen, met uitzondering van de forten. Nog voor middernacht brengt Kolonel Modard zijn groepscommandanten op de hoogte van de beslissing dat de Versterkte Positie Luik tijdens de nacht van 10 op 11 mei ontruimd zal worden door het veldleger, maar dat de forten en hun bemanningen zullen achterblijven. De forten moeten de vijand zo veel mogelijk trachten af te remmen. Het gevolg van de beslissing is dat de Duitse infanterie vrij spel krijgt om tot aan de perimeter van het fort op te rukken en vervolgens de superstructuur van het fort aan te vallen. Kolonel Modard neemt tevens de beslissing om de reservebemanningen van de forten (ook wel reservegarnizoen genoemd) op 11 mei naar Mechelen te evacueren. Het fort van Battice krijgt bijgevolg de opdracht om het reservegarnizoen van het fort door te sturen naar het fort van Liers op de westelijke Maasoever waar ze de 11de mei tegen 06u00 moeten toekomen. De tweede en de pas gevormde derde aflossingsploeg zullen nooit gebruikt worden.

Galerijcomplex van het fort van Battice dat zich op ongeveer 30 m onder het oppervlak bevindt.

Gedurende de nacht wordt het fort voor de eerste keer rechtstreeks aangevallen. De koepel van Blok IV wordt onder vuur genomen door klein kaliber anti-tankgeschut (vermoedelijk een Panzer Abwehr Kanone – PAK 36mm) vanuit de omgeving van Chaineux. De opstelplaats van deze stukken wordt ontdekt en beschoten door de kanonnen 75mm van het fort.

1Bij/Vde Groep
Rondom 05u00, wanneer de Duitse grondtroepen de grens oversteken, opent het fort voor de eerste keer het vuur richting Belgisch-Duitse grens met de kanonnen 120mm. Het betreft een interdictievuur dat vijandelijke geniewerken in de buurt van reeds gesprongen vernielingen moet verhinderen. Even na 07u00, wanneer de vijand binnen dracht van de kanonnen 75mm gekomen is, komen ook deze kanonnen in actie en vuren richting Welkenraedt. Het fort blijft aanhoudend vuren en wordt vanaf 15u00 ondersteund door de kanonnen van Fléron.

2Bij/Vde Groep
De manschappen van de 2Bij starten onmiddellijk na het ontketenen van het alarm met het leegmaken van de houten barakken naast het fort zoals dit voorzien is in de alarmprocedures. Tegen 03u00 is de klus geklaard waarna de barakken voorbereid worden om in brand te worden gestoken teneinde het schootsveld te ruimen. Wanneer rond 04u30 enkele Duitse verkenningsvliegtuigen het fort laag overvliegen en onder vuur worden genomen door de Sectie Mi AA wordt het bevel gegeven om alle personeel dat nog buiten het fort tewerkgesteld is naar binnen te halen. Om 05u00 komt het bevel binnen om de houten barakken evenals de tijdelijke houten brug die over de anti-tankgracht loopt, in brand te steken. De vernieling wordt uitgevoerd door het detachement van het 3Gn. Om 08u00 geeft de staf het bevel om de schootssectoren te ruimen waarna een patrouille vertrekt om de hoeve Donéa, gelegen vlakbij het fort, in brand te steken. Om 09u00 wordt de toegang tot de tobogan tot ontploffing gebracht. De deels vernielde koker wordt door de genie volgestort met puin waarna een muur wordt gegoten in beton om de toegang af te dekken. Vanaf de afkondiging van het algemeen alarm had het geniedetachement zijn opdracht in Battice moeten stopzetten maar in tegenstelling tot de gekregen orders keert het detachement niet terug naar het 3Gn maar blijft het in het fort. Tussen 11 en 12u00 worden twee patrouilles, telkens van twee man, uitgestuurd naar Chaineux en Clermont om de positie van de vijand te bepalen. De aanwezigheid van de vijand in beide locaties wordt bevestigd. Om 19u00 neemt de Sectie MVD (Mortier Van Deuren) de boerderij Marnette onder vuur, nadat daar verdachte bewegingen werden waargenomen. Allicht behoorde deze sectie tot één van de onafhankelijke batterijen MVD van het RFL en werd ze bij het Fort van Battice afgedeeld.

Bunker MN29 waar de observatiepost van WM Servais in geïnstalleerd was (recente foto).

De ploeg van de Sectie Mi AA die zich te Waucomont bevindt en onder bevel staat van WM Fischer wordt binnengeroepen en vervoegt tegen de avond het fort. Zij moeten zich van dan af klaar houden om patrouilles buiten het fort uit te voeren. Zij zullen later op de dag al in actie moeten treden wanneer Soldaat Kaivers, één van de koks van het fort die zich buiten het fort bevond op het ogenblik van het alarm, probeert om op eigen initiatief naar het fort terug te keren. Hij wordt hierbij door de Duitsers onder vuur genomen en loopt enkele verwondingen op. Hij slaagt erin om zich nog tot aan Blok II te slepen en de aandacht van de wacht te trekken. Om 22u00 wordt onder leiding van WM Fischer een patrouille, samengesteld uit de mannen van de Sec Mi AA en uitgestuurd om de man terug binnen de linies te brengen. Onder vijandelijk vuur wordt Soldaat Kaivers via Blok I het fort binnengebracht maar overlijdt kort daarop in de infirmerie van het fort. [2]

DLO/Vde Groep

  • MN29. Om 03u00 ontvangt de observatiepost MN29 het alarm. Op dat ogenblik bevinden zich de postcommandant WM Servais en de Sdt Mertens zich in de bunker. De rest van de ploeg, de Soldaten Burton, Schene en Canon, verblijven in de nabijgelegen hoeve Brouwers. De observatieploeg reageert lauw op het zoveelste alarm maar organiseert toch de OP, hun ingesteldheid wijzigt echter snel wanneer ze bij het aanbreken van de dag grote aantallen Duitse vliegtuigen zien overvliegen. Rond 05u00 trekken de eerste vluchtelingen voorbij de OP, onder hen een grenswielrijder die de observatieploeg op de hoogte brengt van het feit dat de Duitsers de grens overgestoken zijn. De ploeg stelt vast dat bunker MN28, die zich op een honderdtal meter van hun OP bevindt langs de weg Champiomont, niet wordt ingenomen [4]. Kort na de middag neemt de OP Duitse troepen waar op het kruispunt van de Rue de Merckhof en de N608. Ze worden onmiddellijk onder vuur genomen door de kanonnen van het fort. Gedurende de rest van de dag blijven ze troepenbewegingen rapporteren waarop het Fort van Battice sporadisch het vuur opent.
  • MM12. Observatiepost MM12 start de dag rustig maar wordt gedurende de nacht van 10 op 11 mei beschoten door de vijandelijk infanterie, die vanuit de afgebrande hoeve Donéa de observatiespleten van de koepel viseert. Hierop bestookt het fort de ruïne van de boerderij met een barragevuur.
  • Mobiele OP’s. Om 11u00 worden de mobiele DLO ploegen en de OP “Maison Grise” naar het fort teruggeroepen nadat de eerste vijandelijke verkenners opdagen. Wanneer een DLO ploeg zich om 12u00 terug naar de OP “Maison Grise” wil begeven botsen ze halfweg op een Duitse patrouille waarna wordt afgezien van verdere pogingen om deze OP te bemannen. De ploeg DLO in steun van II/1CyF keert om 17u00 terug naar het fort wanneer dit bataljon zich terugtrekt op de rechter Maasoever.

De spoorlijn 38 van Tongeren naar Aken passeert ten noorden van het fort van Battice.

Detachement Guéry/Vde Groep
Om 00u20 worden ook de kamperende troepen te Helchteren op de hoogte gebracht van het alarm. Cdt Guéry geeft de manschappen het bevel zich voor te bereiden om het kamp zo snel mogelijk te ontruimen en naar het Fort van Battice terug te keren. Het bevel om het materieel op te laden en het personeel in de voertuigen te laten stijgen wordt gegeven om 01u30 en ongeveer een uur later verlaat de colonne al het kamp. Op de terugweg naar Battice passeert de colonne omstreeks 03u30 het fort van Eben-Emael om er transmissiematerieel af te laden dat aan het fort werd ontleend voor het schietkamp in Helchteren.

De colonne steekt de Maas over te Visé maar wanneer ze de stad willen verlaten richting Julémont botsen ze op wegversperringen die de doortocht verhinderen. Cdt Guéry neemt telefonisch contact op met de regimentsstaf om na te vragen langs welke weg hij nog in Battice kan geraken. Hij krijgt van de permanentieofficier regiment, Lt Walbers, te horen dat hij zich naar de CP RFL te Luik dient te begeven om er orders in ontvangst te nemen. Wanneer ze terug over de brug van Visé willen is deze reeds afgesloten door middel van Cointet-elementen. De Cointet-elementen werden door de Grenswielrijders van 2CyF die de brug beveiligen, over het wegdek geschoven en vergrendeld. De colonne volgt dan maar de oostelijke Maasoever tot aan de brug van Hermalle-sous-Argenteau waar ze de Maas oversteken om hun tocht vervolgens op de westelijke oever verder te zetten.

Aangekomen op het CP van het RFL wordt Cdt Guéry op de hoogte gebracht van de situatie en van de aanval op het fort van Eben-Emael. Hij krijgt ook opdracht om het fort van Battice zo dicht mogelijk te naderen met de vrachtwagens en indien nodig het laatste stuk te voet af te leggen. De colonne vertrekt richting Battice langs het Bois-de-Breux, Beyne, Heusay en Fléron om tot staan gebracht te worden voor de versperde toegangsweg tot het fort. De nodige contacten worden gelegd om de toegang tot het fort te verlenen en wanneer de weg om 06u25 wordt vrijgemaakt komt een motorrijder met zijspan de colonne tegemoet. Cdt Guéry wordt op de hoogte gebracht dat Majoor Bovy is overleden en dat hij het commando van het fort moet overnemen. Hij springt in de zijspan en laat zich onmiddellijk naar het fort brengen terwijl hij Kapt Vanderkam belast met de verdere begeleiding van de colonne naar het fort [1]. Rond 07u00 is het laatste voertuig van het detachement Guéry terug in het fort.

De door het FRC geproduceerde intrekbare koepel met twee C75mm van Blok IV.

Staf/Vde Groep
Gedurende de nacht van 10 op 11 mei naderen de Duitsers het fort uit alle richtingen en bevuren constant de waarnemingsgleuven van de observatiekoepels van de verschillende blokken van het fort. Doordat de schildwachten ‘s nachts niet veel kunnen waarnemen wordt geschoten bij het minste alarm. Gedurende de eerste oorlogsnacht worden 20.000 patronen klein kaliber afgevuurd.

1Bij/Vde Groep
In de ochtend neemt OP MM305 een grote concentratie vijand waar in het centrum van Chaineux. Alle koepels C75mm bevuren het centrum en de wegen die er naartoe leiden. De vijand wordt uiteengeslagen. Rond de middag wordt het fort beschoten door vijandelijke artillerie met gemiddeld kaliber. Vooral de Koepel B Noord en Blok II worden geviseerd. Wanneer een grote concentratie vijand in Aubel wordt waargenomen roept Cdt Guéry de steun in van de forten van Evegnée en Fléron. Alles samen wordt door de drie forten een 200-tal obussen op Aubel afgevuurd. De commandant van het fort van Neufchâteau vraagt een vuur aan op een vijandelijke batterij die zich heeft opgesteld in de rand van het Bois de Los langs de Rue de Merckhof. Het fort van Battice reageert onmiddellijk met een tegenbatterijvuur afgeleverd door de koepels 120mm. Eén vijandelijk artilleriestuk wordt beschadigd en de stuksbemanningen vluchten het bos in. Prompt wordt het vuur verlegd naar het bos. Kort daarop meld de OP in Blok V dat een batterij zware artillerie zich installeert in het bos van Fawes te noorden van het Croix de Charneux . Een tegenbatterijvuur wordt ontketend. Op vraag van het fort van Battice worden enkele vijandelijke colonnes, die langs de weg ten noorden van het fort passeren (Stockis), door het fort van Fléron onder vuur genomen. De schoten vallen in de buurt van de kapel Sainte-Odile op het kruispunt van Stockis en de Rue Margensault. De prioriteit wordt nu gegeven aan gelegenheidsdoelen en niet langer aan het uitvoeren van onderdrukkingsvuur op gekende verplichte doorgangen en vernielingen aangezien deze vuren meestal niet worden waargenomen. Ondanks de tijdelijke neutralisatie van vijandelijke artilleriebatterijen openen de Duitsers nu het vuur op het fort met hun zonet aangevoerde artillerie. Op het eind van de dag wordt een kanon 120mm van Koepel B Zuid beschadigd en kan niet meer gebruikt worden. Het ander kanon van Koepel B Zuid kan enkel nog met de hand geladen worden.

2Bij/Vde Groep
Bij het aanbreken van de dag overvliegen talrijke vliegtuigen het fort. De ploeg van Sectie Mi AA die tussen Blok II en Blok E opgesteld staat laat zich niet onbetuigd en vuurt tijdens het ochtendgloren een 6.000 tal spoorkogels af in de richting van de overvliegende vijand. De sectie blijft actief tot wanneer ze rond 13u00 onder hevig vijandelijk vuur vallen. Terwijl ze bestookt worden door de vijandelijke artillerie worden ze vastgepind op hun stelling door mitrailleurvuur vanuit twee richtingen. Pas later kunnen ze hun stelling evacueren en slagen er nog in om wapens en munitie mee te nemen.

DLO/Vde Groep

  • MN29. Bij het aanbreken van de dag weet de ploeg niet of de Duitsers al in de buurt van de bunker opgedoken zijn. Om die reden beslist de postcommandant om met drie soldaten de onmiddellijke omgeving van de bunker te verkennen terwijl een vierde achterblijft in de koepel om indien nodig dekkingsvuur af te geven. Initieel lijkt de kust veilig maar wanneer de verkenningsploeg naar de bunker terugkeert merkt de waarnemer in de observatieklok de eerste vijandelijke militair op en opent prompt het vuur. De reactie blijft niet uit, van alle kanten wordt de bunker onder vuur genomen en de vijand nadert onverschrokken het bolwerk. De verkenningsploeg snelt naar binnen en laat de gepantserde deur achter zich in het slot vallen. Voor de eerste keer ziet de OP zich genoodzaakt om de steun van het fort aan te vragen en enkele seconden later slaat een bommenregen in rond de bunker. De vijand breekt zijn aanval onmiddellijk af. Alles blijft onder controle tot het Fort van Evegnée vraagt om een vuur te justeren dat buiten het bereikt van de OP’s van Evegnée ligt. Het doel dat dient bevuurd te worden, een verzameling Duitse militairen in een boomgaard ten noordoosten van het ‘Croix de Charneux’ (vermoedelijk ging het om de verkenning en voorbereiding van een batterijstelling voor zware artillerie die later op de dag werd ingenomen), kan enkel worden waargenomen vanaf het kruis dat enkele tientallen meters van MN29 verwijderd ligt. Soldaat Mertens meld zich als vrijwilliger om tot bij het kruis te sluipen en de nodige vuurbevelen met handgebaren naar de rest van de observatieploeg door te geven. Sdt Mertens sluipt weg en wordt gedekt door drie ploegleden die schootsstellingen innemen vlakbij de uitgang van de bunker. De vijand ziet dat er iets gaande is rond de bunker en gaat in de aanval. De Belgische militairen duiken hun bunker in en opnieuw moet de steun van het fort aangevraagd worden om de vijandelijke aanval af te slaan. Soldaat Mertens, die niet werd opgemerkt door de Duitsers en die niet geraakt werd door het eigen artillerievuur, wacht het einde van het artillerievuur af om terug te keren naar zijn OP. Hij wordt door de bemanning van de bunker echter voor een vijand aanzien en onder vuur genomen. Zwaar gewond valt hij neer nabij de ingang van de bunker. WM Servais beslist dat ze een uitval zullen wagen om Sdt Mertens te gaan halen. Terwijl de postcommandant dekking geeft slepen de Soldaten Burton en Schene hun gewonde makker de bunker in. Sdt Mertens is ernstig gewond en bloedt hevig. De ploeg neemt telefonisch contact op met het fort en krijgt Luitenant Geneesheer Bragard aan de lijn die de nodige richtlijnen geeft voor de verzorging van Sdt Mertens. Lang kan er niet worden stilgestaan bij de recente ontwikkelingen, de observatieploeg moet opnieuw aan het werk en geeft gestaag doelen door die worden bestookt door het fort. De nacht van 11 op 12 mei brengt geen nieuwe feiten en de bemanning van MN29 kan genieten van een relatief korte nachtrust.
  • MM305. De OP neemt in de ochtend een colonne voertuigen en militairen te voet waar in het centrum van Chaineux. Zij vragen een vuur aan dat correct wordt afgeleverd door het fort. De vijand wordt verspreid.
  • VM23. De bemanning van de OP ziet een groepje vijandelijke infanteristen die, gebruikmakend van een holle weg, naderen in de richting van hun OP. WM Van Reye besluit om niet in de bunker op hun komst te wachten maar stuurt de ploeg naar buiten om een hinderlaag te spannen. Het plan slaagt en de vijand wordt uit de holle weg verdreven.

Reservegarnizoen/Vde Groep
Het reservegarnizoen van het Fort van Battice verlaat zijn rustkantonnement te Vaux-sur-Chèvre in de vroege ochtend en verzamelt samen met de reservegarnizoenen van de andere forten om 06u00 in het Fort van Liers op de westelijke Maasoever. Het detachement van de reservegarnizoenen komt er onder bevel te staan van Luitenant-kolonel Scohy van de Staf/RFL. Het detachement wordt opgesplitst in twee colonnes, de voertuigen zullen over de weg naar Mechelen reizen, de rest moet per trein naar Mechelen vertrekken vanuit het station van Liers. De eerste luchtaanvallen op het fort en het station van Liers zetten LtKol Scohy er toe aan om de aftocht vroeger dan gepland aan te vatten. Hij kan bekomen dat de eerste trein even na 12u30 kan vertrekken in plaats van het voorziene vertrek om 20u30. De omgeving van Liers wordt de ganse voormiddag regelmatig gebombardeerd. Ook de in het station klaarstaande goederentrein, die gebruikt moet worden voor de evacuatie van de munitie, krijgt er van langs. Bij één van de bombardementen komt Soldaat Olivier van het Fort van Battice om het leven.

Gedetailleerd relaas van de gebeurtenissen bij het detachement met de reservebemanningen: zie pagina Regiment Vestingsartillerie Luik 

Observatiekoepel van de Blok Waucomont met de inslagen van PAK36mm patronen.

Staf/Vde Groep
De vijand heeft het fort niet alleen omsingeld maar waagt zich nu ook op het glacis om dichter bij de koepels te komen. De Duitsers hebben gedurende de nacht van 11 op 12 mei zware 305mm mortieren aangevoerd die het fort vanaf 05u30 beginnen te beschieten. De granaatinslagen doen de blokken daveren op hun grondvesten maar de bemanning in het moderne fort is relatief veilig voor de gevolgen van de artilleriebeschieting. De Duitsers kunnen niet beletten dat het fort artillerievuren blijft afgeven op passerende colonnes. Wanneer de nacht invalt is opnieuw grote waakzaamheid nodig omdat alle waarnemingssleuven en schietopeningen constant onder geweer- en mitrailleurvuur worden gehouden door de Duitse infanterie.

1Bij/Vde Groep
In de loop van de nacht van 11 op 12 mei meldt Blok VII dat de loopgrachten van de Sectie Mi AA door de vijand zijn ingenomen die van daaruit constant de Koepel B Noord onder vuur neemt. Cdt Guéry vraagt aan het fort van Fléron om een tijdvuur af te geven op de superstructuur van het fort om de Duitsers te verjagen. Meerdere projectielen landen in de onmiddellijke omgeving van Blok VII. Tijdens de voormiddag signaleren waarnemers de aanwezigheid van een vijandelijke commandopost in de woning van de burgemeester van Herve waarna het fort de opdracht krijgt om het doel te bestoken. Om 12u00 wordt een salvo van 60 schoten op de woning afgevuurd. Om 13u00 wordt een colonne voertuigen van de Duitse genie met brugslagmaterieel opgemerkt op de weg van Henri-Chapelle naar Battice ter hoogte van de kapel Saint-Roche op het kruispunt van de Chaussée Charlemagne en de Rue Cavalier Fonck. De colonne wordt beschoten door de koepels 75mm van het fort. De vijand verspreidt zich in de dekkingen ten zuiden van de weg en zet vervolgens zijn weg verder naar zuidwesten. De rest van de dag wordt het vuur nog geopend op voorbijrijdende colonnes in Froidthier, Merckhof en Clermont.

DLO/Vde Groep

  • MN29. De observatie van de vuren wordt voortgezet en op enkele korte schermutselingen met de vijandelijk infanterie rond de bunker na, verloopt de dag incidentloos. Bij het invallen van de nacht beslist de postcommandant om de deur van de bunker te openen om frisse lucht binnen te laten in de bunker. Er worden stellingen ingenomen in de nabije omgeving van de toegangsdeur maar het manoeuvre wordt opgemerkt door de Duitsers die onmiddellijk naar de bunker snellen in een poging de deur te blokkeren. Opnieuw is de observatieploeg de vijand te snel af maar die lanceert enkele rookgranaten naar de toegangsdeur van de bunker. De verstikkende rook dringt de bunker in en treft vooral de gewonde Mertens. De vijand wordt voor de derde keer uiteengejaagd door een reeks granaten die vanuit de bunker in de omgeving worden afgevuurd.

Staf/Vde Groep
De nacht van 12 op 13 mei verloopt relatief rustig op één enkele schermutseling rond Blok I na. Vanaf de eerste klaarte speuren de waarnemers het terrein rond het fort af maar kunnen niets abnormaal waarnemen. Vanaf 07u00 is het fort onderhevig aan beschietingen door kanonnen met groot kaliber die met trage maar regelmatige cadans granaten op het dak van het fort laten neerkomen. Terwijl de kanonnen van het fort troepenbewegingen blijven bestoken wordt in de namiddag een aanval ingezet ditmaal op BlokII. De vijand kan succesvol afgeslagen worden.

1Bij/Vde Groep
Om 07u00 signaleren waarnemers opnieuw vijandelijke troepen op de Chaussée Charlemagne die zich vanuit Henri-Chapelle richting Battice begeven. De troepenconcentratie wordt onder vuur genomen. Iets later wordt een komen en gaan van auto’s en moto’s waargenomen nabij de hoeve César langs de Chaussée Charlemagne. Het vermoeden rijst dat zich hier een CP bevindt. De hoeve wordt beschoten. Om 10u00 meldt WM Noël, postcommandant van de Koepel B Zuid, dat een afdichtingsdoek klem geraakt is tussen de pantsering van de koepel en de koepelring. Lt Barthélemy komt zich ter plaatse van de toestand vergewissen en geeft WM Noël de nodige richtlijnen om het doek te verwijderen. Het fort ondersteunt nu onder meer de belegerde forten van Tancrémont, Neufchâteau, Fléron en Evegnée. Op vraag van de commandant van het fort van Neufchâteau worden de ruïnes van de logementsbarakken onder vuur genomen omdat de Duitsers er een mitrailleursnest hadden in geïnstalleerd. Kort daarop vraagt de commandant van het fort van Tancrémont om één van zijn OP’s langs de weg Pepinster-Tancrémont te ontzetten. De post werd aangevallen door enkele pantservoertuigen. Ook de forten van Boncelle en Flémalle vragen vuursteun om de vijand uit de buurt van hun forten te verjagen maar beide forten liggen buiten dracht van Battice en de opdracht kan niet uitgevoerd worden. Vanaf de observatiepost van de bunker Jonckay worden tegen valavond twee vrachtwagens waargenomen die uit de richting van Aubel komen. De voertuigen worden onder vuur genomen waarop ze achtergelaten worden door hun bemanning die het op een lopen zet.

2Bij/Vde Groep
Rond 02u30 meldt de postcommandant van Blok I dat van zeer dichtbij gevuurd wordt in de waarnemingsgleuven van zijn bunker en dat de vijand aanstalten maakt zich in de buurt van de blok te installeren. De kanonnen 60mm van Blok I openen het vuur hierbij ondersteund door de mitrailleurs van Blok II en Blok VII. De vijand trekt zich terug naar de stelling van de Sectie MVD waar ze blijkbaar goed beschut zijn tegen de vuren van het fort. Vanuit Blok I worden dan maar granaten gelanceerd naar de stelling van de Sectie MVD, niet zonder succes want bij het aanbreken van de dag evacueren de Duitsers hun gewonden. Voorlopig is de aanval afgeweerd maar de Duitsers hebben ontdekt dat zij via de stelling van de MVD en de aangrenzende loopgrachten ongezien tot bij Blok I kunnen komen. OP MN12 (of MN11 zie [7]) vraagt om herbevoorrading in levensmiddelen. Een patrouille onder leiding van WM Fischer wordt uitgestuurd en verlaat het fort via Blok I. Bij hun terugkeer worden zij onder vuur genomen door Duitsers die hebben postgevat in goederenwagons gestationeerd in het station van Battice. De goederenwagons worden onder vuur genomen door het kanon 60mm van Blok I. De patrouille kan in het fort terugkeren zonder verliezen. De patrouille van WM Fischer wordt vermeld op de DO van het fort voor deze opdracht (TBC).

Gedurende de namiddag onderneemt de vijand een aanvalspoging op Blok II. Een vijandelijke infanterist waagt zich in de anti-tankgracht tot op 20 meter van de bunker om de schietopeningen onder vuur te kunnen nemen. Blok II wordt ontzet door mitrailleurvuur vanaf de Blok IV CE (ingewerkt in de Contre-Escarpe). De vijandelijke aanval wordt ondersteund door een PAK 36mm en enkele mitrailleurnesten opgesteld rond de hoeve Querette. Alle waargenomen stellingen worden door het kanon 60mm van Blok I onder vuur genomen. De vijand geeft niet op en vanaf het invallen van de duisternis ondernemen ze graafwerken in de buurt van Blok II. WM Jorissen, postcommandant van Blok II, slaat alarm waarop de kanonnen van één van de koepels 75mm worden ingesteld op minimum inclinatie. Enkele granaten met tijdbuizen worden richting Blok II afgevuurd.

DLO/Vde Groep

  • MN29. Kort na middernacht overlijdt Sdt Mertens aan zijn verwondingen waarop de CP van het fort op de hoogte wordt gebracht van de feiten. Het fort geeft opdracht om de gesneuvelde te begraven in de buurt van de bunker. Tegen het aanbreken van de dag trekt de postcommandant met twee soldaten naar buiten om Sdt Mertens te begraven. Wanneer het karwei geklaard is krijgen de Duitsers in de gaten dat de bemanning opnieuw buiten de bunker aan het werk is en bestormen voor een vierde keer de heuvel. Weer is de bemanning eerst weg en slaagt erin de deur sluiten vlak voor de neus van de vijand. Ditmaal valt de deur niet in het slot en de aanvallers die het opgemerkt hebben blijven granaten lanceren langs de trap die naar de deur leidt. Met vier man moet de deur worden tegengehouden die uiteindelijk kan worden gesloten. Van zodra de deur dicht is grijpt de postcommandant naar de telefoon en lanceert een nieuwe vuuraanvraag op zijn OP. Een nieuwe regen van artilleriegranaten drijft de vijand terug, dit voor de vierde keer. Gedurende de dag worden nieuwe doelen gesignaleerd aan het fort. Tussendoor wordt een vuur aangevraagd op de OP om de Duitsers te onderdrukken en de voorbereiding van nieuwe aanvallen te ontmoedigen.

Staf/Vde Groep
Cdt Guéry maakt zich zorgen om de verslechterende situatie bij de OP’s, de ganse nacht worden ze van nabij onder vuur gehouden door de vijand. De posten ondergaan enkele vijandelijke aanvallen en moeten telkens beroep doen op vuursteun van het fort om hun OP te ontzetten. Het fort raakt echter stilaan zonder munitie te zitten en het schootsbureel gaat voor een eerste keer niet in op een vuuraanvraag van OP MN29. De post kan de aanval nog net afslaan met eigen middelen. Gezien het belang van de voorwaartse waarnemers komt Cdt Guéry persoonlijk tussen. Hij neemt persoonlijk contact op met de OP om de fout recht te zetten en hen gerust te stellen dat van nu af aan vuuraanvragen ter bescherming van de OP niet meer geweigerd zullen worden en in prioriteit zullen worden uitgevoerd. De nodige munitie wordt opzij gehouden om de OP’s te ondersteunen. Via de radio komt slecht nieuws binnen; Nederland capituleert en de Duitsers zijn erin geslaagd de Maas over te steken te Sedan. Tegen valavond wordt het fort overvlogen door talrijke Duitse vliegtuigen die op lage hoogte over het dak van het fort scheren. Aangezien de sectie Mi-AA niet meer ontplooid is op het dak van het fort beschikt het fort niet meer over middelen om de Duitse vliegtuigen op afstand te houden. Cdt Guéry vraagt dan maar aan de Staf/RFL om een tijdvuur op het dak van het fort af te geven teneinde de vliegtuigen te verjagen. De forten van Evegnée en Fléron voeren het tijdvuur uit maar de uitwerking valt te kort en vindt plaats boven de dorpskern van Battice dat onder een witte wolk verdwijnt. Gedurende de nacht van 14 op 15 mei verliest het fort zijn telefoonverbindingen met de forten op PFLII. Het fort staat nu enkel nog in contact met de forten van Tancrémont en Neufchâteau en de externe observatieposten

1Bij/Vde Groep
Bij het ochtendgloren neemt een vijandelijke batterij stelling nabij het kerkhof van Battice, zij krijgen onmiddellijk een tegenbatterijvuur te verwerken van de koepels 75mm van de Blokken IV en VI. Wanneer de schietsleuven van Blok VII opnieuw onder vuur genomen worden lijken deze beschietingen te komen vanaf de stelling van de Sectie Mi AA. Een tijdvuur wordt afgegeven op deze stelling maar heeft geen effect, de beschieting met kleine wapens duurt voort. Bij nadere analyse lijken de schoten niet te komen vanaf de stelling van de Sectie Mi AA maar vanuit de ruïnes van de hoeve Donéa en van het de vernielde woning Closset.

2Bij/Vde Groep
De observatiepost MN12 (vermoedelijk MN11) vraagt om bevoorraadt te worden. Lt Poncelet die verantwoordelijk is voor de buitenposten en die in permanente verbinding staat met de OP’s laat nagaan hoe de situatie bij de andere posten is maar blijkbaar is de situatie alleen kritiek bij MN12. De nodige orders worden gegeven om een patrouille uit te sturen naar MN12. Profiterende van een relatief kalme periode beslist Cdt Guéry om een poging te ondernemen om OP MN12 te bevoorraden. Een patrouille onder bevel van Lt Renaux en voorts bestaande uit Brig Delhougne en de Soldaten Dandrifosse, Gillard, Bouchat en Collis, allen vrijwilliger voor deze opdracht, wordt uitgestuurd om OP MN12 te bevoorraden. Nauwelijks heeft de patrouille Blok I verlaten of zij vallen onder zwaar mitrailleurvuur vanuit de richting van het station van Battice. De patrouille zoekt dekking in de loopgrachten van de Sectie MVD waar zij beschut zijn tegen zowel het vijandelijk vuur als tegen de uitwerking van van de kanonnen 75mm die de vijand bestookt. Lt Renaux beslist de opdracht stop te zetten en keert terug naar het fort mits het achterlaten van wapens, levensmiddelen en munitie. Onder dekking van het anti-tank kanon van Blok I en de vuren van koepel A Noord kunnen ze via Blok I terugkeren naar het fort.

Ook de patrouille van WM Fischer wordt op 14 mei twee keer uitgestuurd. Overdag meldt een waarnemer verdachte bewegingen bij de ingang van de tobogan die door het 3Gn werd dichtgemaakt. WM Fischer en Sdt Delhougne verelaten het fort en naderen de ingang van de tobogan zonder problemen. Ze stellen vast dat de ingang nog steeds goed dicht is maar dat er op die plek een groot aantal lege hulzen afkomstig van Duitse wapens ligt wat erop wijst dat de vijand hier meermaals stelling nam. Op de terugweg naar de ingang te Waucomont wordt de patrouille nog beschoten maar kan toch heelhuids het fort bereiken. Tijdens de nacht van 14 op 15 mei wordt een nieuwe patrouille uitgestuurd richting Blok II waar vermoed wordt dat de Duitsers geniewerken aan het uitvoeren zijn nabij de fundamenten van de blok. WM Fischer, de Soldaten Horsch en Bouchat van het fort en de Soldaat Van Begin van het 3Gn verlaten het fort rond 22u00 en sluipen over het dak van het fort naar Blok II toe. Ze kunnen kunnen niets abnormaal vaststellen en om de bemanning van de blok gerust te stellen worden enkele granaten naar beneden gegooid waarna de patrouille veilig terugkeert. Het kat en muis spel tussen de belagers en de verdedigers gaat verders; zolang de Duitser uit de schootssectoren van de kanonnen en de mitrailleurs blijven en zolang de bemanning in het fort blijft zitten blijft de patstelling voortbestaan.

DLO/Vde Groep

  • MN29. De postcommandant gelast de bemanning om niet meer te reageren op vijandelijke bewegingen rond de bunker en zich schijndood te houden. Dit leidt tot een groepje vijanden die het waagt om gewapend met hamers en beitels de trap naar de toegangsdeur af te dalen en de deur te bewerken. Prompt lanceren de verdedigers enkele granaten in de trappenhal. De Duitsers beginnen er genoeg van te krijgen en installeren nu een mitrailleur in de leegstaande observatiebunker MN28. MN29 wordt vanaf nu gestaag onder vuur gehouden. Intussen worden de levensomstandigheden in de bunker penibel. Zij geraken stilaan door hun mondvoorraad en ook water wordt schaars. De brandstof voor de kachel was al helemaal op. Wanneer bij een nieuwe aanval op de post, de vijfde sinds het begin van de vijandelijkheden, een barragevuur wordt aangevraagd krijgen ze van het schootsbureel te horen dat het fort nagenoeg zonder munitie zit en dat aan de aanvraag geen gehoor zal worden gegeven. De aanval kan worden afgeslagen met de granaatwerper van het bolwerk. Even later neemt Cdt Guéry persoonlijk contact op met de OP om hen te melden dat van nu af aan de vuuraanvragen van de OP niet meer geweigerd zullen worden en in prioriteit zullen worden uitgevoerd. Hij laat ook weten dat bevoorradingspatrouilles worden uitgestuurd naar de OP’s die nog weerstand bieden.
  • MM305. Tot nu toe is de post nog niet direct belaagd geweest maar om 16u00 wordt Duits een anti-tank kanon opgesteld nabij een huis in de Rue de Gelée te Chaineux. Het doel wordt doorgegeven aan het fort die het bestookt met met één van de koepels 75mm. Iets later neemt de OP een voorbijrijdende motorfiets onder vuur maar voor de rest blijft het kalm. De observatieploeg slaagt er zelfs nog in om beurtelings te gaan eten in een nabijgelegen hoeve.

1Bij/Vde Groep
Het fort blijft verschillende verstoringsopdrachten uitvoeren en bestookt talrijke wegen en kruispunten. Enkele Duitse colonnes worden door de observatieploegen waargenomen en door het fort beschoten. Het fort voert ook op aanvraag van de commandant van het fort van Tancrémont enkele beschietingen uit met tijdgranaten die ingesteld worden op 100m om de activiteiten van de Luftwaffe boven het fort van Tancrémont te verstoren. Ook op 15 mei wordt het fort van Battice gedurende de ganse dag onder vuur genomen door de vijandelijke artillerie die erin slaagt met steeds grotere precisie de vuren te concentreren op de geschutskoepels. Er zijn aanwijzingen dat een Duitse voorwaartse waarnemer de vuren justeert vanaf de kerktoren van Battice. De klokkentoren van de kerk wordt met enkele voltreffers vernield en de beschieting door de Duitse artillerie houdt voor een tijdje op. Later op de dag komt een nieuwe vuuraanvraag van het fort van Tancrémont. De schoorsteen van de verluchtingsinstallatie wordt van kortbij (500m) onder vuur genomen door vijandelijke geschut. De doorgegeven coördinaten worden beschoten en het stuk wordt vernield waarbij twee Duitsers sneuvelen. Een derde wordt door de bemanning van het fort van Tancrémont gevangen genomen. Heel even ontstaat paniek wanneer de gevangen genomen Duitser verklaart dat zijn ploeg als opdracht had gasgranaten op de luchtschacht af te vuren. Uit voorzorgsmaatregel wordt het fort van Battice onder druk gezet. Via de radio verneemt de bemanning van het fort dat de regering Brussel verlaten heeft en dat ook de troepen opgesteld langs de K.W. Stelling terugtrekken naar aanleiding van Duitse successen in de buurt van Sedan.

2Bij/Vde Groep
WM Fischer wordt met enkele vrijwilligers uitgestuurd om de door de patrouille van Lt Renaux achtergelaten wapens, munitie en levensmiddelen op te halen bij de MVD loopgracht. Hij kan veilig met het materieel terugkeren naar het fort.

Staf/Vde Groep
De dag start rustig en er zijn geen aanwijzingen van een op touw zijnde aanval. In de loop van de voormiddag ontvangt Battice diverse SOS berichten van de forten van Evegnée, Embourg Barchon en Fléron op de PFLII lijn die het op 16 mei bijzonder zwaar te verduren krijgen. In de namiddag vragen ook de forten van Neufchâteau en Tancrémont ondersteuning om de vijand op en rond hun fort te kunnen afslaan. Rond 21u00 wordt het contact met OP MN29 verbroken. Vanaf OP MN12 (vermoedelijk MN11) wordt een ontploffing waargenomen ter hoogte van MN29. Tevergeefs wordt door het fort gepoogd de verbinding met de OP te herstellen maar de OP werd door de Duitsers geneutraliseerd

1Bij/Vde Groep
Rond 10u00 wordt een vuur afgegeven op het dak van het fort van Evegnée, gevolgd door een vuur op het fort van Fléron. De forten van Embourg en Barchon kunnen niet geholpen worden opdat de kanonnen andere vuuropdrachten aan het uitvoeren zijn. In de namiddag blijft Battice onverstoord verder vuren op doelen aangegeven door OP VM23 en MM305. Om 12u30 komt een noodoproep van het fort van Neufchâteau om de omgeving van het fort te zuiveren. Omstreeks 18u00 wordt de door de Duitsers bezette kazerne van de Grenswielrijders te Henri-Chapelle wordt geviseerd omdat volgens inlichtingen van een patrouille daar een nieuwe aanval op het fort wordt voorbereid. De kazerne wordt bestookt door de 75mm kanonnen waarna een brand uitbreekt.

2Bij/Vde Groep
OP MN12 (vermoedelijk MN11) wacht nog steeds op bevoorrading. WM Fischer die er al gepasseerd was op 13 mei neemt nu de leiding van de patrouille en vertrekt tijdens de nacht van 15 op 16 mei. De herbevoorrading slaagt en op de terugweg vernielt de patrouille de twee Duitse vrachtwagens die op de baan Aubel-Charneux waren achtergebleven. Bij hun terugkeer blijkt de patrouille in het bezit te zijn van enkele Duitse wapens, kaarten en boorddocument. Ook hebben ze inlichtingen ingewonnen over de Duitse intenties die blijkbaar in de voormalige kazerne van de Grenswielrijders in Henri-Chapelle een aanval op het fort aan het voorbereiden zijn. De patrouille wordt hiervoor een tweede keer vermeld op de DO van het fort (TBC).

DLO/Vde Groep

  • MN29. De bemanning van MN29 wist gedurende de laatste dagen meerdere aanvallen af te slaan. Om 19u00 merken ze dat een nieuwe aanval wordt opgezet en ditmaal weten de Duitsers te naderen via de dode hoeken van de observatiekoepel die ze in tussentijd geïdentificeerd hebben. Duitse genisten brengen op die manier een springlading aan tegen de toegangsdeur van de bunker. De postcommandant vraagt om 21u00 een artillerievuur aan maar die komt te laat, de deur wordt met een hevige knal de bunker ingeslagen en doodt WM Servais en Sdt Burton, de beide andere soldaten raken ernstig gewond. Observatiebunker MN29 wordt door de Duitsers ingenomen op het ogenblik dat het aangevraagde artillerievuur losbreekt. De Duitsers laten de bunker voor dood en uitgeschakeld achter. De twee overlevende soldaten brengen de nacht van 16 op 17 mei nog in de bunker door.

Staf/Vde Groep
Battice verliest rond 19u40 het telefooncontact met het fort van Aubin-Neufchâteau. Afgezien van deze technische tegenslag, blijft het fort in actie.

DLO/Vde Groep

  • MN29. In vroege morgen draagt Soldaat Schene de in het aangezicht verwonde Soldaat Canon naar buiten en laat hem achter op een boerderij. Zelf probeert hij nog het fort van Battice te bereiken maar wordt onderweg naar het fort krijgsgevangen genomen.

Vernielde observatiekoepel van OP MM305.

Staf/Vde Groep
Het fort ondergaat een beschieting met rookgranaten. Vermoedelijk willen de Duitsers enkele kanonnen in stelling brengen onder dekking van een rookgordijn.

2Bij/Vde Groep
Het fort zit door zijn voorraad vers vlees. De 2Bij stuurt die dag de patrouille van WM Fischer uit om in de omliggende weiden op zoek te gaan naar varkens of koeien die gebruikt kunnen worden om de vleesvoorraad aan te vullen. Tot tweemaal toe slagen ze erin onder de ogen van de vijand een dier te vangen en levend naar het fort te brengen.

DLO/Vde Groep

  • MM305. Observatiebunker MM305 wordt ingenomen door de vijand. De vijandelijke genie slaagt erin explosieven aan te brengen op de observatiekoepel van de OP en deze te laten springen. Bij de explosie sneuvelen de Brig Bonvoisin en de Soldaat Deltour. De postcommandant WM Xhonneux en de Soldaat Libert raken gewond en worden door de Duitsers krijgsgevangen genomen.
  • MM12. Battice heeft met bunker MM12 maar één externe observatiebunker meer over.

Staf/Vde Groep
Verschillende Duitse observatievliegtuigen scheren op lage hoogte over het fort. De artilleristen blijven actief met het bestoken van doelen in de omgeving. Rond 19u00 hervat ook de Duitse beschieting op het fort.

DLO/Vde Groep

  • MM12. Bunker MM12 wordt nu onder vuur genomen door vijandelijke infanteristen en kan geen inlichtingen meer doorspelen aan het fort.

Staf/Vde Groep
De Duitsers blijven het fort bestoken, maar kunnen de Belgen niet dwingen om het vuren te onderbreken.

2Bij/Vde Groep
Aangezien al twee dagen niets meer is gehoord van OP MM305 wordt een patrouille uitgestuurd om even poolshoogte te nemen. De patrouille verlaat het fort via de uitgang Waucomont en vertrekt richting Chaineux. Ter hoogte van de hoeve Beau Buis loopt de patrouille in een hinderlaag en wordt krijgsgevangen genomen.

DLO/Vde Groep

  • MM12. Het fort verliest ook observatiebunker MM12 en kan nu alleen beroep doen op de interne observatieposten.

Duitse opmars van 16 tot 21 mei waarop Abbeville aan de Somme bereikt wordt.

Staf/Vde Groep
In de nacht van 20 op 21 mei bereiken de Duitsers Noyelle-sur-Mer aan de monding van de Somme, op een 350-tal kilometer van Luik. Het fort is zich niet bewust van de omsingeling van de geallieerde legers door de Duitsers aangezien elke verbinding met het Belgisch veldleger verbroken is. Terwijl de Fransen de Duitse opmars aan de Somme proberen te stuiten en het Belgisch veldleger zich terugtrekt achter de Leie, is het Fort van Battice nog steeds in hevige gevechten verwikkeld met de Duitse achterhoede.

2Bij/Vde Groep
Battice wordt alweer gebombardeerd. Een vliegtuigbom slaat in op de ingang van het fort in Blok I en treft bij toeval een munitieopslagplaats. Een zware ontploffing volgt waarbij onder de Belgen 30 doden en 4 gewonden vallen. De Belgen vragen een staak-het-vuren aan om de slachtoffers uit het puin te halen. Tijdens de negen uur durende pauze in de gevechten worden de meeste lijken eborgen.

Duitse luchtfoto van de superstructuur van het fort van Battice genomen eind mei 1940.

Staf/Vde Groep
Het fort van Battice staakt de strijd. Na een geheime stemming van de overgebleven officieren wordt tot de overgave besloten met 16 stemmen voor en 3 stemmen tegen. De commandant geeft het bevel om alle overgebleven kanonnen en bewapening te vernielen en laat vervolgens de witte vlag hijsen. De bemanning van het fort wordt krijgsgevangen genomen door het 385ste Duitse Infanterieregiment (TBC).

Slachtoffers

Zie Vestingsregiment van Luik

Bibliografie en Bronnen

  1. Verslag gebeurtenissen in het fort, [On Line beschikbaar] deel 1: http://www.maisondusouvenir.be/caporal_mai_2012.php , deel 2: http://www.maisondusouvenir.be/caporal_juillet_2012.php , deel 3:
    http://www.maisondusouvenir.be/caporal_novembre_2012.php , deel 4: http://www.maisondusouvenir.be/caporal_mai_2013.php , deel 5: http://www.maisondusouvenir.be/caporal_juillet_2013.php [Laatst geraadpleegd 17 augustus 2017].
  2. Relaas Wachtmeester Raymond Fischer, Sectiecommandant van de sectie Mi AA van Waucomont, [On Line beschikbaar] http://www.freebelgians.be/articles/articles-1-111+les-patrouilleurs-du-fort-de-battice-en-mai-1.php [Laatst geraadpleegd 28 mei 2017].
  3. Beschrijving fort van Battice. [On Line beschikbaar]: http://www.fort-battice.net/index_nl.htm [Laats geraadpleegd 13 mei 2017].
  4. Relaas van de Soldaten Schene en Canon leden van de DLO/Vde Groep die de bunker MN29 bemannen. [On Line beschikbaar]: http://www.bel-memorial.org/books/charneux_histoire_poste_mn29.pdf [Laatst geraadpleegd 26 mei 2017]. Het relaas van de bemanning van bunker MN29 kan dienen als illustratie voor de gevechten die zich afspeelden op en rond de observatieposten van de forten.
  5. Om enige klaarheid te brengen in de beschrijving van de observatieposten (OP) in verschillende historische documenten is een extra uitleg vereist. Elke OP heeft zijn eigen OP-nummer en een oproepteken (oftewel callsign) bestaande uit drie letters (oftewel tri-gram). Deze nummers en tri-grammen zijn toegekend door de Commandant van de Artillerie van het IIIde Legerkorps (CA Corps) en de locatie van deze OP’s is gekend door alle artillerie-eenheden die kunnen tussenkomen ten voordele van het IIIde Legerkorps. Alle OP’s kunnen via de verschillende vuurnetten van de artillerie per telefoon of radio doelsaanduidingen doorgeven aan de verschillende artillerie-eenheden. Sommige OP’s van het fort van Battice zijn opgesteld in één van de bunkers van de PFLI-linie en worden ook aangeduid met een bunkernummer van de PFLI-linie. Andere OP’s bevinden zich in boerderijen, kerktorens of fabrieksgebouwen en worden enkel aangeduid met hun OP nummer. Om een OP éénduidig te identificeren beschikt men best over het OP-nummer, het oproepteken (tri-gram), de naam van de onderofficier postcommandant (meestal een wachtmeester) en indien geïnstalleerd in een bunker ook het bunkernummer.
  6. Positionering van de verschillende bunkers van de Versterkte Positie Luik met foto’s [On Line beschikbaar]: https://www.39-45.org/blog.php?u=9761&b=1268 [Laatst geraadpleegd 26 mei 2017].
  7. Er bestaat enige verwarring over de OP MM12. In de verslagen van enkele ooggetuigen wordt gesproken van bunker MN12 die zich bevindt langs de Rue Macra te Aubel. Deze Bunker ligt echter vlak naast de bunker MN11 waarin het fort van Aubin-Neufchâteau een OP had en bevindt zich op een behoorlijke afstand van het fort. Naast het feit dat het geen zin heeft om twee OP’s op 100 meter van elkaar te bezetten bezit de bunker MN12 ook geen observatiekoepel. Het betreft een simpele bunker voor het installeren van een mitrailleur die de junctie van de Rue Macra de de weg Bois d’Ansy onder vuur kon nemen. Het is vrijwel zeker dat deze bunker niet bezet is geweest tijdens meidagen van 1940 (zie ook [6]). OP MM12 daarentegen is een bunker uitgerust met een observatiekoepel op ongeveer 1 kilometer ten noorden van het fort van Battice. Verder onderzoek moet deze verwarring ophelderen.