19de Regiment Artillerie

Situatie op 10 mei 1940

Reglementaire benaming 19de Regiment Artillerie | 19ème Régiment d’Artillerie | 19A
Type Artillerieregiment van het actieve leger
Ontdubbeld van Regiment Artillerie Cavaleriekorps
Taalstelsel Nederlandstalig
Onderdeel van Cavaleriekorps
Bevelhebber Kolonel baron Raymond Snoy
Standplaats Vooruitgeschoven Stelling – Verbindingskanaal Maas-Schelde, As en Gruitrode
Vooruitgeschoven Stelling – Ardennen, Comblain-au-Pont
Dekkingsstelling – Sector Hasselt
Samenstelling I Groep
(Kapitein-Commandant J. Van Nerom)
1ste Batterij van 4 x C75GPIII kanonnen (Lt W. Halewyck de Heusch)
2de Batterij van 4 x C75GPIII kanonnen (Lt R. Smits)
3de Batterij van 4 x C75GPIII kanonnen (Lt H. Debacker)
II Groep
(Majoor L. Verhaegen)
4de Batterij van 4 x C75GPIII kanonnen (Kapt J. Marsily)
5de Batterij van 4 x C75GPIII kanonnen (Lt P. Cesar)
6de Batterij van 4 x C75GPIII kanonnen (Lt P. Domaige)
III Groep
(Majoor J. Maindiaux)
7de Batterij van 4 x Ob105GP houwitsers (Lt J. Simonet)
8ste Batterij van 4 x Ob105GP houwitsers (Lt P. De Stobbeleir)
9de Batterij van 4 x Ob105GP houwitsers (Lt C. Faveriau)
IV Groep
(Majoor H. Coulon)
10de Batterij van 4 x Ob105GP houwitsers (OLt M. De Grave)
11de Batterij van 4 x Ob105GP houwitsers (Cdt G. De Burlet)
12de Batterij van 4 x Ob105GP houwitsers (Kapt T. Fallon)
Stafbatterij
(Luitenant F. Paquot)

Tijdens de mobilisatie

Staf/19A
In volle vredestijd beschikte het Cavaleriekorps (CK) over een eigen volledig gemotoriseerd artillerieregiment, het Regiment Artillerie Cavaleriekorps (RACC), dat gevestigd was in de Sint-Maartenskazerne te Leuven. Dit regiment zal op 26 augustus 1939, tijdens Fase A van het mobilisatieplan, opgesplitst worden in drie gemotoriseerde artillerieregimenten namelijk het 17de, het 18de en het 19de Regiment Artillerie. Het 19de Regiment Artillerie (19A) wordt opgebouwd rond de IIIde en de IVde Groep van het RACC. 19A zal de opdracht van het RACC voortzetten en vormt de legerkorpsartillerie van het Cavaleriekorps (CK).  De Staf/19A en de IVde Groep mobiliseren in de Sint-Maartenskazerne te Leuven, de Iste Groep te Heverlee, de IIde Groep te Blanden en de IIIde Groep te Bertem.

Aan de vooravond van de oorlog staat het regiment verspreid opgesteld en zijn de groepen aangehecht bij verschillende formaties van het CK. Tijdens de ganse campagne zullen de groepen in hoofdzaak onafhankelijk van elkaar optreden. De staf van het regiment heeft zijn commandopost opgesteld nabij het kasteel Mellaerts op de baan van Sint-Truiden naar Tienen. Hier bevindt zich ook het hoofdkwartier (HK) van het CK. 

Ingang van de Sint-Maartenskazerne aan de J.P. Minckelersstraat te Leuven

I/19A
De Iste Groep (I/19A), bevolen door Kapitein-Commandant Van Nerom, staat op schootsstellingen aan de Belgisch-Nederlandse grens achter de Zuid-Willemsvaart (ook wel het Verbindingskanaal Schelde-Maas genoemd). De commandopost van de groep is ontplooid te As. De 1ste en 3de Batterij staan in de buurt van Opoeteren. De 2de Batterij heeft haar stellingen nabij het kasteel van Lanklaar (oftewel Château de Litzberg) [4] gelegen ten westen van Lanklaar en Eisden. De groep is aangehecht bij het 1ste Regiment Jagers te Paard (1JP) dat de Ondersector As bezet en dat deel uitmaakt van de Groepering Ninitte. Het 1JP bezet de Vooruitgeschoven Stelling achter de Zuid-Willemsvaart van Neeroeteren tot Vucht nabij Maasmechelen. De jagers bemannen ook twee alarmposten langs de Maas tegenover de Nederlandse dorpen Berg en Grevenbicht.

II/19A
De IIde Groep (II/19A) bevindt zich ten zuiden van Hasselt en heeft zijn commandopost te Trekschuren nabij Rapertingen. De 4de Batterij staat opgesteld te Trekschuren. De 5de en 6de Batterij zijn ontplooid rond Rapertingen. De groep levert vuursteun aan de 1ste Infanteriedivisie (1Div) en staat onder het bevel van het 1ste Regiment Artillerie (1A).

III/19A
De IIIde Groep ligt eveneens aan de Belgisch-Nederlandse grens, achter het Limburgse deel van het Kempisch Kanaal, en staat eveneens onder het bevel van de Groepering Ninitte. De groep heeft zijn commandopost te Gruitrode. De 7de Batterij ondersteunt het 2de Regiment Gidsen (2G) vanop de Gerkenberg te Bree. De 8ste en 9de Batterij leveren vuursteun aan het 1ste Regiment Karabiniers-Wielrijders (1Cy) van op hun stellingen respectievelijk te Linden en Kleine-Brogel.

IV/19A
De IVde Groep (IV/19A) bevindt zich in het centrale deel van de Ardennen en is gedetacheerd bij de Groepering K aan de oevers van de Ourthe. De groep ondersteunt er het 2de Regiment Jagers te Paard (2JP) die de ondersector van Petit-Han tot Comblain-au-Pont van ontvangststelling Hoyoux-Ourthe bemannen. De 10de Batterij staat opgesteld te Longueville. De 11de Batterij staat meer naar het noorden nabij Ouffet en 12de Batterij is ontplooid rond het dorp Houmart. De stukken van deze laatste batterij bewaken Barvaux.

Kolonel baron Raymond Snoy (vooroorlogse foto).

Staf/19A
De staf verplaatst zich samen met het HK van het Cavaleriekorps naar een nieuwe commandopost in kasteel De Menten de Horne op de baan van Sint-Truiden naar Herk-de-Stad en stelt zich in verbinding met het Cavaleriekorps dat een vooruitgeschoven commandopost te Hasselt geopend heeft. Kolonel Snoy is op dat ogenblik met permissie en vervoegt het regiment rond 06u30.

I/19A
De groep wordt rond middernacht op de hoogte gebracht van het alarm. De Staf/I/19A volgt de commandopost van 1JP die als voorzorgsmaatregel verplaatst wordt naar een huis op de baan As-Opglabbeek op een 300-tal meter van Opglabbeek. De batterijen maken rond 04u30 melding van talrijke overvliegende Duitse toestellen en laten weten dat Eisden gebombardeerd werd. Om 05u15 steken de Duitsers de Maas over en vallen de grensbunker van Berg aan. Het 1JP stuurt een patrouille naar de grens om de situatie te onderzoeken. Wanneer bevestigd wordt dat de grens effectief geschonden werd door Duitse eenheden beslist de regimentscommandant van 1JP om het geplande interdictievuur op Berg te ontketenen. De 2de Batterij van Lt Smits opent als eerste het vuur op Nederlands grondgebied en op de omgeving van de bunker van Berg [5]. Ook de 3de Batterij komt tussenbeide. De observatieploeg van de 1ste Batterij kan de gevechten op Nederlands grondgebied waarnemen en regelt de vuren.

Voorwaartse waarnemers van I/19A, die hun observatiepost in de kerktoren van Eisden hadden geïnstalleerd, melden om 09u00 troepenbewegingen in Leut, een gehucht tegenover de bruggen van Eisden en Vucht. De 2de Batterij voert hierop  interdictievuren uit op markante punten van de toegangswegen tussen de Maas en de Zuid-Willemsvaart. De doeltreffendheid van de vuren stoorde blijkbaar de vijandelijke opmars want de observatiepost wordt ontdekt en onder vuur genomen door de vijandelijk artillerie. De observatiepost zet zijn opdracht onverstoord verder.

De Duitse troepen bereiken rond 10u30 de Belgische linies in de Ondersector van het 1JP aan de Zuid-Willemsvaart. Meerdere afsluitingsvuren worden ontketend op de toegangswegen naar de bruggen van Lanklaar en Eisden. I/19A die tot hiertoe zonder ophouden de verdediging van het kanaal gesteund heeft dreigt zonder munitie te vallen. Om 10u30 had de groep al 686 obussen verbruikt. De regimentscommandant van het 1JP vraagt aan Kolonel baron Snoy, om de batterijen van de 1/19A met nieuwe munitie te voorzien. Deze reageerde hierop positief en stuurt de nodige munitie naar voor door deze weg te nemen uit stocks van de batterijen opgesteld achter het Albertkanaal. Om 14u00 krijgt I/19A het bevel tot de aftocht, 1JP zal de strijd moeten verderzetten zonder artilleriesteun. De groep verlaat om 15u00 zijn stellingen en trekt via As en Genk terug naar de vaste brug over het Albertkanaal te Diepenbeek en de Algrain brug van onze genie te Hasselt. Rond 20u00 is de groep opnieuw ontplooid te Sint-Lambrechts-Herk.

II/19A
De groep komt niet in actie en bemant zijn stellingen.

III/19A
Ook de IIIde Groep raakt al snel bij de gevechten betrokken. Tijdens de voormiddag worden de kanaalbruggen op het Verbindingskanaal Maas-Schelde in de ondersectoren van het 2G en 1Cy vernield. Het 2G maakt contact met de vijand rond 15u15. Rond die tijd verlaat de III/19A zijn stellingen en keert via Helchteren, Houthalen, Zolder terug naar het Albertkanaal dat overgestoken wordt via de brug van Stokrooie. De groep neemt nieuwe schootsstellingen in te Stevoort. De Iste en de IIIde Groep worden vervolgens onder het bevel geplaatst van de 1ste Infanteriedivisie die na de Duitse doorbraak rond Maastricht een dwarsstelling zal uitbouwen tussen Diepenbeek, Kortessem en Wellen. Er wordt front gemaakt naar het oosten.

IV/19A
De groep maakt melding van overvliegende Duitse toestellen, maar komt verder niet in actie.

Staf/19A
Tijdens de nacht worden de bruggen over het Albertkanaal in de zone van het Cavaleriekorps vernield. Sint-Truiden wordt door de vijand gebombardeerd en de Duitsers nemen Tongeren in. De staf van het Cavaleriekorps verlaat zijn vooruitgeschoven commandopost te Hasselt en verhuist naar het gehucht Blanklaar nabij Lummen.

Latil M2TL6 met een aanhangwagen type Stevens. Elke batterij beschikte over zo’n aanhangwagen voor het schootsbureel.

I/19A en III/19A
De beide groepen worden ingezet bij de verdediging van de dwarsstelling op het Albertkanaal van Diepenbeek over Kortessem tot Wellen. Kapitein-commandant van Nerom krijgt het bevel over de tijdelijke Groepering Noord die met de 1ste, 2de, 7de en 8ste Batterijen vanuit Crijt nabij Diepenbeek zal vuren. Majoor Maindiaux beveelt de Groepering Zuid met de 3de Batterij te Kortessem en de 9de Batterij te Wimmertingen. Rond het middaguur worden Duitse pantsers gesignaleerd te Bilzen, Tongeren en Vliermaal. Kort na de middag breken de eerste gevechten uit op de dwarsstelling. Ook het 8ste Artillerieregiment (8A) ontplooit twee groepen op de dwarsstelling. De groepen komen in actie en verlaten de dwarsstelling aan het eind van de dag om zich naar de westelijke oever van de Gete terug te trekken. De groepen worden naar Kersbeek-Miskom en Meensel-Kiezegem gezonden.

II/19A
De groep blijft nog de ganse dag op post en krijgt om 18u30 een route voor de aftocht toegewezen: via Sint-Lambrechts-Hert, Stevoort, Herk-de-Stad, Halen en Loksbergen wordt de II/19A naar kantonnementen in Waanrode gestuurd. De colonne vertrekt een uur later.

IV/19A
Bij de IVde Groep komt de 1ste Divisie Ardeense Jagers (1DivChA) aan op de ontvangststelling aan de Ourthe en de Hoyoux. Tijdens de namiddag worden de bruggen over de Ourthe opgeblazen door de Belgische genie. De 11de Batterij voert enkele vuuropdrachten uit. Net voor het vallen van de avond vertrekt de groep via Jenneret, Ouffet, Warzée en Barsé naar de Maas. Via de brug van Engis rijdt de colonne de rivier over. De bruggen over de Maas worden bij de doortocht van de groep vernield en enkele vrachtwagens blijven achter op de rechteroever zonder enige uitweg. De groep komt aan te Anthée nabij Hoei waar de stukken zonder camouflage opgesteld worden.

Muziekensemble van het Regiment Artillerie van het Cavaleriekorps (RACC) net voor de mobilisatie van augustus 1939.

Staf/19A
Nu het veldleger zich terugtrekt van het Albertkanaal naar de K.W. Stelling zal het CK gebruikt worden om langsheen de Demer en de Gete een tijdelijke verdedigingslinie op te werpen om de aftocht in goede orde te laten verlopen. De Staf/CK vertrekt tijdens de vroege ochtend naar Sint-Joris-Winge. Het commando van het 19A installeert zich te Lubbeek. De drie eerste groepen van het 19A worden de Demer en de Gete overgestuurd en houden vervolgens halt om ingezet te worden bij de afstoppingsactie van de cavalerie langsheen deze beide rivieren.

I/19A
De Iste Groep heeft rond 07u00 te Kersbeek-Miskom nieuwe kantonnementen ingenomen. Samen met de Iste Groep van het 18de Regiment Artillerie (I/18A) wordt een tijdelijke groepering gevormd die vuursteun zal leveren aan de 2de Cavaleriedivisie (2CavDiv). De kanonnen van de groep worden rond 19u00 te Neerlinter opgesteld.

II/19A
De groep kantonneert te Waanrode en wordt even na de middag aangehecht bij de Groepering Ninitte die aan de dwarsstelling van de Winterbeek slag zal leveren. De 4de Batterij wordt te Engsbergen opgesteld. De 5de en 6de Batterijen ontplooien te Klein-Vorst.

III/19A
De groep meldt om 09u30 dat nieuwe kantonnementen te Molenbeek-Wersbeek ingenomen werden. Rond 19u00 vertrekken de batterijen via de Tiensesteenweg naar Boeslinter. Vervolgens wordt oostwaarts verder gereden via Dries tot op de Gelberg waar de kanonnen een tweetal uur laten worden ontplooid.

IV/19A
De IVde Groep reist verder richting Namen. Te Bierwart wordt de colonne door de Luftwaffe aangevallen. De colonne arriveert rond 08u30 te Temploux en houdt hier enkele uren halt. Tenslotte wordt rond 17u15 een wachtpositie ingenomen in een stuk bos nabij Beuzet. Omstreeks 20u00 krijgt de 12de Batterij de opdracht om zich te ontplooien en vuursteun te leveren aan het nabije 2de Regiment Ardeense Jagers (2ChA). Een uur later is de batterij klaar tot vuren.

Staf/19A
Kolonel Snoy en zijn staf brengen de dag door op de commandopost van de cavaleriedivisie te Lubbeek.

Auguste Dupaix (tweede van links) met zijn makkers uit Leuven bij een C75GPIII kanon.

I/19A en III/19A
De staf van de 2de cavaleriedivisie heeft tijdens de nacht zijn vuurplan voor de komende afstoppingsactie aan de Demer/Gete-Stelling afgewerkt. 18A, de divisieartillerie van de 2CavDiv zal versterkt worden met de IIde,  IIIde en IVde Groep van het 1ste Regiment Artillerie (1A) en de Iste en IIIde Groep van het 19A. Het beschikbare geschut zal als volgt opgesteld worden:

  • de I/18A en III/1A komen onder het bevel te staan van de III/1A en zullen vuursteun leveren aan de Ondersector Zuid tussen Tienen en Drieslinter van op posities rond Sint-Margriete-Houtem
  • de II/18A krijgt de II/1A onder haar bevel en dekt de Ondersector Noord die van Drieslinter tot Halen loopt van op stellingen te Loksbergen (5de en 6de batterij 18A), Blekkom (II/1A) en Ransbergen (4de batterij 18A)
  • de I/19A, III/19A en IV/1A vormden de algemene steungroepering van de divisie onder bevel van de III/19A en staan respectievelijk te Neerlinter, Gelsberg en Kortenaken

Halen wordt die ochtend een eerste keer aangevallen en ook te Tienen komt het al snel tot treffens met de vijand. Hoewel de cavaleristen met behulp van de vliegende kanonniers te vijand aanvankelijk kunnen afhouden, neemt de Duitse druk gestaag toe. Halen wordt na 15u00 opnieuw aangevallen en in het zuiden tracht de vijand rond Tienen naar Hoegaarden door te stoten en alzo de Demer/Gete-Stelling te omsingelen. In loop van de vooravond volgt dan ook het bevel tot de terugtocht. Het met paarden uitgeruste 1A zal het eerst wegtrekken. Na het vallen van de duisternis zullen ook het gemotoriseerde regimenten 18A en 19A hun stellingen opbreken en richting Leuven wegtrekken.

De I/19A verlaat Neerlinter rond 22u00 en rijdt via Bunsbeek, Bekkevoort en Sint-Joris-Winge richting Kessel-Lo. De route van de III/19A loopt via Dries, Ransberg, Waanrode naar Bekkevoort.

II/19A
De IIde groep levert vuursteun aan het 2de Gidsen en het 1ste Carabiniers bij hun afstoppingsactie aan de dwarsstelling van de Winterbeek. Deze stelling moet de Demer/Gete-stelling met het Albertkanaal verbinden. De Duitsers moeten er dringend afgeremd worden nadat dezen op diverse plaatsen over het Albertkanaal raakten en de veilige terugtrekking naar de K.W. Stelling bedreigen. De kanonnen van de 4de en 5de batterij worden nabij Engsberg opgesteld. De 6de batterij heeft zijn schootposities te Klein-Vorst. Vanaf 13u00 wordt er gevuurd. Aan het eind van de dag vertrekt ook deze groep naar de K.W. Stelling.

IV/19A
De IV/19A wordt doorgestuurd naar het westen worden en trekt verder richting zuidrand van Brussel. Verschillende detachementen die de colonne hebben moeten verlaten door panne of navigatiefouten kunnen de groep opnieuw inhalen. De tocht loopt over Meux, Grand-Leez, Chastre en Villeroux tot in het dorpje Bousval in Waals-Brabant.

Staf/19A
Samen met de staf van het cavaleriekorps verplaatst het commando van het 19A zich tijdens de nacht van 13 op 14 mei van Lubbeek naar Eppegem. De marsroute loopt over Leuven, Herent, Buken, Boortmeerbeek, Mechelen en Zemst. De stafgroep komt omstreeks 02u00 op zijn bestemming aan. De eerste drie groepen trekken zich terug van de Demer/Gete-stelling en stellen zich in veiligheid achter de K.W. Stelling.

De Brugberg te Kessel-Lo met achter de prikkeldraadversperring de uitgebrande Latil trekker van 19A.

I/19A
Omstreeks 02u00 rijdt een konvooi van de I/19A de helling af nabij de spoorwegbrug over de Dietsesteenweg in het gehucht Blauwput op de grens van Kessel-Lo en Leuven. De spoorwegbrug wordt op dat ogenblik bewaakt door een detachement van de A compagnie van het Britse 2nd Royal Ulster Rifles. De brug is ondermijnd en de Diestesteenweg wordt gedeeltelijk afgesloten door Friese ruiters en een versperring met landmijnen.

Een van de eerste voertuigen van de colonne van het 19A, een Latil artillerietrekker met een munitiecaisson en het tweede stuk van de 1ste Batterij, rijdt bij het kruisen van een Britse wegversperring over een klaarliggende mijn. Een verschrikkelijke ontploffing volgt en het voertuig vat onmiddellijk vuur. In de daarop volgende brand explodeert de volledige munitielading in de caisson. Wm Gregoire en de Soldaten Aerts, Broos, Brugghemans, Van Hoof, Verbiest en Verryt komen om bij dit incident.

De Dieststesteenweg is onderbroken en de rest van de colonne moet via de Tiensepoort omrijden. De groep zal na een tocht via Leuven en Kortenberg het dorp Perk bereiken. Hier wordt halt gehouden tot 15u00 waarna de groep via Vilvoorde, Grimbergen en Meisse het dorp Sint-Brixius-Rode bereikt. De groep brengt hier de nacht door.

II/19A
De marsroute naar de K.W. Stelling loopt over Averbode en Begijnendijk tot Nekkerspoel. Na een halte van enkele uren wordt ook deze groep het Kanaal van Willebroek overgestuurd. Via Hombeek en Kapelle-op-den-Bos trekt de groep tijdens de namiddag naar Ipsvoorde. De manschappen worden rond middernacht uiteindelijk ingekwartierd te Steenhuffel.

III/19A
De groep passeert Bekkervoort en zet zijn tocht verder naar Wezemaal, Rotselaar, Mechelen, Eppegem en Grimbergen om in Humbeek halt te houden. Rondom 15u00 wordt ook deze groep verder gestuurd. De rest van de etappe gaat via Wolvertem en Nieuwenrode tot in Impde. De manschappen worden verdeeld over deze drie gemeenten.

IV/19A
De groep rijdt rondom 05u00 het dorp Baisy-Thy binnen. Aan het eind van de dag wordt de mars hervat: via Loupoigne, Fontenay en Bois-Seigneur wordt Kasteelbrakel bereikt.

De Latil trekker zou tot augustus 1940 blijven staan. Foto van 29 mei 1940.

Staf/19A
Het cavaleriekorps hergroepeert in het ruime gebied ten noorden van de hoofdstad. Tijdens de nacht van 15 op 16 mei zal de korpsstaf naar Aalst afreizen via een route die over Wolvertem, Merchtem en Erembodegem zal lopen. De eerste drie groepen van het regiment zullen nu samen optreden. De staf van het 19A vertrekt bij valavond naar Lokeren.

I/19A, II/19A en III/19A
De drie groepen vertrekken vanaf 19u00 naar het westen en bereiken Schoonaarde aan de Schelde na een tocht via Aalst.

IV/19A
De groep rijdt rondom 04u00 de gemeente Kasteelbrakel binnen en houdt hier halt voor de rest van de dag. Om 18u00 gaan de artilleurs weer op weg. De nieuwe bestemming wordt Steenhuize. Deze etappe zal over Clabecq, Tubize, Mussain, Heikruis, Ter Linden, Tollembeek, Galmaarden, Grimminge en Idegem lopen.

Auguste Dupaix (derde van links) bij een Latil M2TL6 trekker.

Staf/19A
Zowel de staf van het 19A als van het cavaleriekorps bevinden zich nu te Lokeren. Ook de staf van het 17A komt aan in deze stad. De cavaleristen zullen de terugtocht van het veldleger van de K.W. Stelling naar de lijn Terneuzen-Gent-Oudenaarde te dekken door zich in het Waasland te ontplooien. Aan het eind van de dag trekt het hoofdkwartier van het cavaleriekorps zich met de staf van het 19A terug naar kasteel Crabbegracht te Destelbergen.

I/19A
De groep wacht af te Schoonaarde en wordt aangehecht bij het 1G dat langs de Durme en de Moervaart zal opgesteld worden. De batterijen worden rond Eksaarde in stelling gebracht.

II/19A
De IIde groep wordt in steun geplaatst van de 1ste Divisie Ardeense Jagers die op de Dender tussen Aalst en Dendermonde zullen ontplooien om de aftocht van het veldleger te dekken. De groep verlaat Schoonaarde om 22u00 en komt twee uur later aan te Serskamp.

III/19A
Om 23u00 vertrekt de groep naar Zaffelare om het 3L te gaan ondersteunen op de Moervaart. Tijdens de nacht stelt de 7de batterij zich op de Lochristi. De 8ste ontplooit te Ruilare. De staf en de 9de batterij nemen positie in te Zaffelare.

IV/19A
De groep is om 04u30 aangekomen te Steenhuize en krijgt om 13u00 het bevel om naar Melle verder te rijden. Deze opdracht wordt evenwel geannuleerd. Om 23u00 tenslotte vetrekt ook de IVde groep naar Serskamp. De marsroute loopt over Leeuwergem, Oombergen en Westrem.

Ook het 19A gebruikte verschillende opgeëiste burgervoertuigen, waaronder deze stafauto.

Staf/19A
De staf blijft gestationeerd te Destelbergen. Het cavaleriekorps zal zich aan het eind van de dag naar Zeeland begeven om er de Franse 21ème Division d’Infanterie af te lossen. Rond 21u00 vertrekt de staf naar Maldegem.

I/19A
De eerste groep heeft zich ontplooid te Eksaarde in de ondersector van het 3L. Aan het eind van de dag trekken de lansiers weg uit het Waasland. Het 3L gaat naar Axel. De I/19A maakt zich klaar voor een verplaatsing naar de ondersector Ossenisse-Walsoorden die door het 1Cy zal bezet worden.

II/19A
Samen met de II/17A is de IIde groep in steun geplaatst van de 1ste Divisie Ardeense Jagers. De groep wordt om 21u00 aan het 3ChA toegewezen en verhuist zijn stellingen naar Hofstade bij Aalst.

III/19A
De groep werkt nog steeds ten voordele van het 1G en staat opgesteld te Zaffelare. Ook deze opdracht eindigt tijdens de avond. De groep zal het 3Cy te Terneuzen gaan ondersteunen en vertrekt naar Axel en Koewacht in Nederland.

IV/19A
De groep neemt kantonnementen in te Serskamp voor een rustperiode. Een aantal vrachtwagens worden in ontvangst genomen om het verloren materieel te vervangen.

Staf/19A
De aftocht uit Antwerpen is voltooid en de Scheldebruggen worden opgeblazen door de genie. Het cavaleriekorps voert die dag verdere acties uit in het Waasland en trekt vervolgens Zeeland binnen. De bagagecolonne van de staf wordt doorgestuurd naar Maldegem.

I/19A
De Iste groep verlaat Eksaarde en trekt naar het Nederlandse Scheldedorpje Groenenijk. De groep zal steun leveren aan het 1Cy dat te Ossenisse en Walsoorden in stelling is gegaan. Om 18u00 wordt de groep, met uitzondering van de 3de batterij, naar Beveren-Waas gestuurd om een tijdelijke groepering te vormen met de IV/19A en het 4L te steunen bij de gevechten rond Zwijdrecht.

II/19A
Van op zijn nieuwe stellingen te Hofstade vuurt de groep ten voordele van het 3ChA dat de Duitsers rond Aalst tracht tegen te houden.

III/19A
Om 10u00 verlaat de groep Zaffelare om naar het Nederlandse Axel te rijden. De groep wordt aangehecht bij het 3Cy dat tussen Terneuzen en Ossenisse ontplooid wordt. De 7de batterij gaat ten zuiden van Terneuzen in stelling, de 8ste batterij te Othene en de 9de batterij te Zaamslag.

IV/19A
De groep verlaat Serskamp om 16u00 en neemt een nieuwe schootsstelling in te Beveren-Waas. De batterijen komen rond middernacht aan. De Duitsers bereiken die dag de stad Antwerpen en maken aanstalten om bij Zwijndrecht de Schelde over te steken. Onder dreiging van het Duitse luchtoverwicht wordt nabij elke batterij een ondergrondse schuilplaats gegraven.

Staf/19A
Het commando van het cavaleriekorps vertrekt rond 19u30 naar Zuiddorpe in Nederland. Na een oponthoud van enkele uren verlaat de staf rond 23u00 de provincie Zeeland om zich in Maldegem te gaan vestigen.

I/19A en IV/19A
De 2de en 3de batterij van de I/19A en de ganse IV/19A leveren vuursteun aan de Lansiers bij de afstoppingsactie van onze cavalerie te Zwijndrecht. De beide groepen van het 19A verschieten bijzonder veel munitie en richten zich daarbij eveneens op de Duitse genisten die trachten een brug te bouwen over de Schelde. De Belgische artillerieposities worden die dag ettelijke keren vanuit de Lucht gemitrailleerd en gebombardeerd. Hierbij vallen enkele slachtoffers. Na de gevechten trekken beide groepen zich samen met de cavalerie terug doorheen Zeeland naar het westen.

De 1ste batterij blijft de ganse dag op post aan de Scheldeoever achter de linies van het 1Cy.

Aan het eind van de dag wordt de ganse Iste groep verenigd op de westelijke oever van het Kanaal Gent-Terneuzen te Phillipine. De IVde groep volgt een gelijkaarige route en kantonneert te Watervliet.

II/19A
De groep blijft tot 11u00 te Hofstade en rijdt vervolgens via Erpe, Zonnegem en Sint-Lievens-Houtem naar Bavegem. Achter de artilleristen trekken de Ardeense Jagers zich stapsgewijs terug naar het Bruggenhoofd Gent. Rond 16u00 gaan de kanonnen in stelling te Schoot om de laatste fase van deze aftocht te dekken. Vier uur later is de terugtocht van de Ardeense Jagers met succes voltooid en gaat de II/19A via Westrem, Kwatrecht en Melle richting Gontrode.

III/19A
De batterijen blijven op hun posities. Tijdens de late namiddag worden nieuwe posities verkend op de westelijke oever van het Kanaal Gent-Terneuzen te Boerengat, even ten westen van Terneuzen. De groep vertrekt naar deze nieuwe stellingen rond 22u00. De 7de batterij ontplooit te De Knol. De 8ste en 9de batterij in Hoek. De groep ondersteunt het 3Cy.

Staf/1A
Het cavaleriekorps heeft zich geïnstalleerd te Maldegem, in kasteel Rotsaer op de baan naar Brugge.

Het 19A verneemt dat er twee instructiebatterijen van het 34A overgeheveld zullen worden naar het regiment. Het 34A maakt deel uit van het Versterkings- en Opleidingscentrum van de Artillerie. Met uitzondering van twee batterijen werden de meeste formaties van dit organisme naar Franrkijk. De beide batterijen die in ons land gebleven zijn, worden naar het 19A overgeplaatst en zullen er de 13de en 14de batterij vormen van dit regiment. Kolonel Bégault, bevelhebber van het 34A, wordt adjunct van het 19A.

I/19A
De Iste groep is onderweg naar Beveren-Waas. De groep wordt vervolgens naar Hoek en Mauritsfort gestuurd om een schootsstellingen in de nemen ten behoeve van het 1Cy.

II/19A
Na de aftocht uit de actiezone van de Ardeense Jagers ten westen van de Dender, arriveert de IIde groep rond 04u00 in De Pinte. De groep gaat in rust.

III/19A
De groep blijft op post om het 3Cy te ondersteunen. De 7de batterij wordt naar Het Paradijs verplaatst.

IV/19A
De IVde groep trekt naar Watervliet en wordt na de middag te Ijzendijke ingekwartierd.

Staf/19A
De posities blijven ongewijzigd te Maldegem.

I/19A
Het geschut is ontplooid te Hoek en Mauritsfort en de groep staat in verbinding met het 1Cy.

II/19A
De manschappen rusten uit. Tijdens de dag worden nieuwe schootsstellingen te De Pinte verkend. De groep wordt hier samen met de I/4LA en de II/17A in steun geplaatst van de 1ste Divisie Ardeense Jagers die de aftocht uit Gent zullen helpen dekken.

III/19A
De 7de batterij wordt ontdekt en krijgt rond 06u00 een reeks Duitse obussen van zwaar kaliber op zijn stellingen. Ook nabij de 8ste batterij komen enkele granaten neer. De commandopost van de IIIde groep wordt tijdens de avond verschoven een nieuwe standplaats op zo’n halve kilometer ten noorden van het dorp Boerengat.

IV/19A
De groep kantonneert te Ijzendijke. Dit dorp wordt omstreeks 11u00 verlaten met bestemming Philippine. De IVde groep neemt stellingen in ten noorden van dit dorp om er Duitse posities in Walcheren te bestoken.

Staf/19A
Tijdens de nacht van 21 op 22 mei zoekt het hoofdkwartier van de cavaleriedivisie een nieuwe standplaats op in de zusterschool van het dorpje Bentille.

I/19A
Tijdens de nacht van 21 op 22 mei verlaat de Iste groep de ondersector van het 1Cy om zich ter beschikking te stellen van de 2de cavaleriedivisie. De kanonnen zullen ontplooid worden in de ondersector van het 1JP, 2JP en 1L die de Scheldeoever bewaken van Breskens tot Hoofdplaat tegen een Duitse inval van op de noordelijke Scheldeoever. Er volgt echter even later een tegenbevel: de groep moet zo snel mogelijk naar het zuiden van Vlaanderen rijden om het front aan de Leie te vervoegen. De bestemming van deze lange verplaatsing wordt Sint-Eloois-Winkel. De kanonnen worden uiteindelijk in Moorsele ontplooid ter ondersteuning van het 4Li dat nog maar net aan de oever van de Leie heeft post gevat. De 19A moet vuursteun leveren in afwachting van de komst van de artillerie van de 1ste infanteriedivisie.

II/19A
De kanonnen zijn rond 03u00 klaar tot vuren op de nieuwe stellingen te De Pinte. Bij de gevechten die dag vallen drie doden en vier gewonden.

III/19A
De batterijen blijven te Hoek. Er wordt onder meer op Zaamslag en Othene gevuurd. De posities worden rond het middaguur verlaten met als nieuwe bestemming Gullegem. De lange tocht loopt over Boekhoute, Basseveld, Kaprijke, Lembeke, Eeklo, Ursel, Aalter, Tielt, Meulebeke, Ingelmunster en Izegem. De kolonne komt aan rond 21u00. Drie uur later zijn de batterijen klaar tot vuren.

IV/19A
Ook de IVde groep wordt naar het Leie-front gestuurd. De eenheid verlaat Philippine op het middaguur en komt na een tocht van ettelijke uren aan te Heule nabij Kortrijk. Het geschut wordt in steun gegeven van het 24Li dat te Kortrijk ontplooit. De batterijen zijn rond middernacht klaar tot vuren.

Militairen van 19A op een zijspan.

I/19A
Wanneer het 1ste Regiment Artillerie de Leie bereikt om zijn 1ste infanteriedivisie opnieuw te vervoegen, wordt het 19A afgelost. De colonne van de I/19A verlaat Moorsele en rijdt via Izegem, Knesselare en Maldegem naar Aardenburg om er zich bij de 1ste cavaleriedivisie te voegen. Na een tweede tocht dwars door Vlaanderen worden de vuurmonden uiteindelijk te Biervliet in stelling gebracht. De commandopost trekt naar de staf van het 1JP te Maagd van Gent.

II/19A
In de sector van de 1ste Divisie Ardeense Jagers worden de 4de en 5de batterijen ontdekt door de vijandelijke artillerie. Bovendien krijgen de kanonniers ook enkele luchtaanvallen te verwerken. De Ardeense Jagers zijn de vorige dag in stelling gegaan langsheen de Schelde-oever tussen Zwijnaarde en Eke om de aftocht van de laatste troepen uit het Bruggenhoofd Gent te dekken. Van noord naar zuid zijn het 1ChA, 2ChA en 3ChA opgesteld. Op 23 mei wordt deze sector aangesloten op de stellingen van het 44Li te Gent en ook naar het zuiden toe vervolledigd door de dwarsstelling tussen de Schelde en de Leie bemand door de 5de infanteriedivisie. Er wordt vrij snel contact gemaakt met de vijand, maar het komt niet tot een echt gevecht. De aftocht naar de Leie kan veilig gerealiseerd worden.

De 1ste Divisie Ardeense Jagers verlaat de Schelde vanaf 21u00 en richt zich op Vinkt, Bellem en Lotenhulle waar de divisie in reserve wordt geplaatst. De manschappen van de II/19A rijden naar Poesele via Landegem, Hansbeke, Bellem, Aalter, Lotenhulle, Vinkt en Nevele. De voertuigen van de staf worden tijdens de tocht korttijdig gemitrailleerd door de Luftwaffe.

III/19A
Ook de IIIde groep wordt afgelost door het 1A en keert terug naar Zeeland. Via Maldegem wordt noordwaarts gereden. De colonne bereikt Aardenburg.

IV/19A
De IVde groep wacht af te Heule en vertrekt na de aankomst van het 1A, het organieke artillerieregiment van de 1ste divisie. Na aankomst van deze eenheid verlaat de IV/19A het Leiefront om via Izegem, Knesselare en Maldegem terug tot in Aardenburg te rijden.

I/19A
Van uit Bierviet wordt gevuurd ten voordele van het 1JP. Eén vuurmond van de groep wordt naar het oosten gekeerd en neemt Sas-van-Gent onder vuur.

II/19A
De IIde groep rust uit in zijn kantonnementen te Poesele. Om 21u00 gaat de eenheid in stand-by voor een mogelijke nieuwe verplaatsing.

III/19A
Te Aardenburg worden de verdere gebeurtenissen afgewacht. Rond 02u00 vertrekt de groep naar Retranchement. Drie uur later komt de kolonne aan. In afwachting van de komst van het 4L worden de kanonnen te Hazegras opgesteld. Omstreeks 11u00 voert de groep een stellingswissel uit en stelt zich op ten noorden van Het Zoute. De commandopost blijft te Hazegras.

IV/19A
De kanonnen worden ontplooid op de noordelijke oever van het Leopoldkanaal. De groepsstaf instaleert zich op de commandopost van het 1Cy te Sint-Jan-in-Eremo. De 10de en 11de batterijen ontplooien te Sint-Margriete om steun te leveren aan dit zelfde regiment. De 12de batterij stelt zich op in het Nederlandse dorpje Sint-Kruis en zal vuren ten voordele van het 3Cy. Er wordt onder meer op doelen de Bassevelde en Kaprijke gevuurd. Tijdens de nacht van 24 op 25 mei wordt het vuur verlegd naar de zuidrand van Sint-Jan-in-Eremo.

Staf/19A
De staf staat nog steeds te Sint-Anna-ter-Muiden, samen met het hoofdkwartier van het Cavaleriekorps.

I/19A
De eerste groep bevindt zich in steun bij het 2G die stelling ingenomen hebben tussen Sluis en Sint-Pietersdijk in Zeeuws Vlaanderen.

II/19A
Te Poesele wordt rond 11u00 wordt alarm gegeven. De 4de infanteriedivisie werd aangevallen ter hoogte van Meigem op het Afleidingskanaal van de Leie en het Belgische front is er ingestort door de massale overgave van het 15Li. De vijand tracht zijn bruggenhoofd te vergroten met een opmars richting Vinkt en de 1ste Divisie Ardeense Jagers is in de bres geworpen. Tijdens de nacht van 24 op 25 mei zal een tegenaanval ondernomen worden die ondersteund moet worden door het 8A, de II/19A, twee groepen van het 12A en 24A. De II/19A wordt naar Lotenhulle bevolen.

III/19A
Het geschut waakt nabij Het Zoute. Er wordt niet gevuurd. Tijdens de nacht van 24 op 25 mei wordt Knokke gebombardeerd door de Luftwaffe.

IV/19A
De IVde groep laat zijn 12de batterij op Sint-Laureins vuren. Ook de 10de en de 11de batterijen zijn voortdurend in actie en bestoken de Duitse troepen die parallel met het Leopoldskanaal oprukken naar de Belgische stellingen aan het Afleidingskanaal van de Leie rond Eeklo. De posities van de 12de batterij worden rond de middag ontdekt en onder vuur genomen door vijandelijke vliegtuigen. Er valt een dode. Aan het eind van de dag wordt de groep teruggetrokken. Via Aardenburg wordt er opnieuw ons land ingereden. De colonne komt aan te Hoorn.

I/19A
De groep blijft aanvangkelijk nog opgegesteld in de ondersector Sluis.

Die dag bereiken de gevechten ook de centrale sector van het Afleidingskanaal van de Leie. De vijand steekt rond 16u00 de waterweg over op twee punten nabij Balgerhoeke en Ronse. Rond 19u30 stort de stelling van het 23Li in. Ook het 7J wordt aan het kanaal verdreven. Terwijl alle Belgische eenheden teruggetrokken worden van het Afleidingskanaal en zich opnieuw proberen te organiseren op de lijn Stroburg-Maldegem-Oostwinkel, wordt een allerlaatste reserve samengesteld. Ze wordt nog steeds bevolen door Kolonel Morel de Westgaver. Deze groepering bestaat uit:

  • het 1Cy met een compagnie T13A tankjagers
  • het 4Cy
  • het 1JP, waarvan nog twee pelotons motorwielrijders en een klein eskadron met drie T13’s en één T15 overblijven
  • de I groep van 19A, met drie batterijen, elk met vier kanonnen C75GP (grote dracht van 11 km).

De eerste groep verlaat dan ook Zeeuws-Vlaanderen. De groepering zal in reserve worden gehouden te Maria-Aalter om zo tussenbeide te kunnen komen in de sector van de 18de infanteriedivisie of van de 12de infanteriedivisie.

II/19A
Het geschut is te Lotenhulle in stelling gebracht. Rond 04u00 lanceert het 3ChA een tegenaanval in de richting van de Poekebeek die Vinkt en Nevele van de vijand moet zuiveren, Het dorp Vinkt wordt terug volledig ingenomen door de Belgen. De II/19A ondersteunt de gevechten rond Vinkt tot ongeveer 22u30 en verlaat vervolgens het actiegebied om zich naar Ruiselede te verplaatsen.

III/19A
De groep ondersteunt het 1G in de ondersector Retranchement van de ontvangststelling die ingericht wordt bij de terugtocht van de Carabiniers-Cyclisten van het Leopoldkanaal.

IV/19A
Aanvankelijk wordt de groep ingezet ten voordele van het 3Cy die bij de aftocht van het Leopoldkanaal de ondersector Middelburg bewaken. De IVde groep verplaatst zich aan het eind van de dag naar Brugge.

I/19A
De Iste groep ontplooit zich nabij Knesselare en voert vuuropdrachten uit ten behoeve van de Cyclisten en de Jagers te Paard van de tijdelijk samengestelde Groepering Morel die aldaar een Duitse doorbraak weet af te remmen en er een plaatselijk succes kan behalen. Zo’n 150 Duitsers worden gevangen genomen en hun opmars wordt even gestopt.

II/19A
De 4de en 5de batterijen zijn ontplooit te Schuifferskapelle. De 6de batterij staat nu te Ruiselede. Het bagageechelon wordt opgesteld aan de Veldkapellestraat op het grondgebied van Wingene. De vrachtwagens worden hier ontdekt en beschoten door Duitse vliegtuigen. Er vallen een zestal gewonden. Aan het eind van de dag vertrekt de groep naar Veldegem nabij Torhout. De manschappen worden ingekwartierd.

IV/19A
De IVde groep bevindt zich die dag te Sint-Andries nabij Brugge.

Staf/19A
De regimentstaf verplaatst zich na de overgave samen met het hoofdkwartier van het cavaleriekorps naar De Haan. Hier wordt opnieuw contact gezocht met de groepen van het 19A. Alle vertrouwelijke documenten worden verbrand in afwachting van de komst van de vijand De eerste Duitse troepen komen pas aan het eind van de dag aan in het kuststadje en beveelt aan alle Belgische troepen om opnieuw het binnenland in te trekken. De staf verhuist ‘s anderendaags samen met de III/19A, IV/19A en I/34A naar Eeklo. De 3de batterij van het 17A vervoegt deze groepering. De bewapening wordt afgeleverd te Lembeke. Op 31 mei wordt Hamme bereikt. De manschappen bereiken het verzamelkamp van Brasschaat op 2 juni. Hier worden troep en officieren gescheiden. De officieren worden te Kalmthout in goederenwagons geladen richting Duitsland.

Na de capitulatie

Slachtoffers

 

Bibliografie en Bronnen

  1. Verslag Kapitein-commandant Massart, Dossier 19de Regiment Artillerie, Centrum voor Historische Documentatie Defensie
  2. Lothaire Roger, 2013, L’artillerie lourde de campagne belge 1914-1918, Verviers: Editions du Patrimoine Militaire
  3. Foto’s Jos Rondas van de mobilisatietijd van Soldaat Auguste Dupaix, milicien van de Klas 36, en wederopgeroepen bij 19A.
  4. Achtergrondinformatie bij Kasteel Litzberg te Lanklaar  – Agentschap Onroerend Erfgoed 2017Parkrelicten Villa Litzberg [On Line beschikbaar]:   https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/301164 [Laatst geraadpleegd op ].
  5. Opvallend hierbij is dat noch Kapitein-commandant Van Nerom noch Kolonel de Jonghe d’Ardoye op de hoogte waren van het order dat op 14 april 1940 door het Groot Hoofdkwartier (GHK) werd overgemaakt aan de Legerkorpscommandanten en dat verbood beschietingen  op Nederlands grondgebied uit te voeren zonder toelating van het GHK. “L’entrée de troupes étrangères en Hollande n’entrainerait pas Ipso Facto pour nos troupes, l’autorisation de pénétrer en territoire hollandais, de la survoler, ou d’y agir par les feux, même si cette invasion menaçait directement nos frontières, et même si notre intervention était demandée par les hollandais. De telles actions sont subordonnées à l’autorisation préalable du Commandant en Chef”.  Het verbod om op Nederlands grondgebied tussenbeide te komen kon niet onmiddellijk worden opgegeven omdat op dat ogenblik het GHK aan het verhuizen was van Brussel naar het fort van Breendonk. Pas in de namiddag wordt het verbod om artilleriebeschietingen op Nederlands grondgebied uit te voeren opgeheven.